VADEMECUM

Gids van de reglementen van het schaakspel

Bedoeld voor alle wedstrijdleiders, toernooileiders, bestuurders en clubverantwoordelijken

Nederlandstalige versie voor België & Vlaanderen

Derde Editie (v3.13), 30 Juni 2024,

Verantwoordelijke uitgever: K.B.S.B. vzw

Auteur: Bernard Malfliet, Kattenbroekstraat 1, 9310 Aalst, 0471/983.387, bernard_malfliet@hotmail.com

Inhoud

FIDE Regels voor het Schaakspel

Basis spelregels

Wedstrijdregels

A. Rapidschaak

B. Snelschaak

C. De notatie van schaakpartijen

D. Regels voor het schaken met blinden en visueel gehandicapte spelers

Richtlijn III: Versneld beëindigen

Gebruikte woordenschat

Doorgeefschaak reglement

Ethische Code van de FIDE

FIDE Toernooiregels

FIDE Toernooi Organisator

Internationale Organisatoren

Lijst van wereldkampioenen

Wereldkampioenen bij de vrouwen

Het toernooireglement

De rol van de wedstrijdleider

Informatie voor de schaakkring

Schaakstukken

Tijdschema’s en het gebruik van diverse klokken

2 Klokken

2.2 Digitale klokken

Aanvraag FIDE of Internationaal arbiter

Lijst van arbiters

Paringssystemen

Gesloten toernooien

Zwitsers op Rating

FIDE Regels Zwitsers

FIDE reglement Zwitsers Systeem

Versnelde paringen

Amsterdams Systeem

Keizer-Systeem

Amerikaans systeem

Het Scheveningen Systeem

Hutton Systeem

FIDE Regels voor scheidingssystemen

FIDE Normen

Lijst van meesters

Organogram schaken in België

Geschiedenis van de K.B.S.B.

Statuten van de KBSB vzw

Intern Reglement van de KBSB

KBSB bestuur

Wedstrijdreglement van de KBSB

HET BELGISCH KAMPIOENSCHAP

NATIONALE INTERCLUBKAMPIOENSCHAPPEN

INTERNATIONALE TOERNOOIEN

NATIONALE JEUGDKAMPIOENSCHAPPEN

Belgische Kampioenen

Belgische Jeugdkampioenen

Kampioen Interclubs KBSB

Het ELO-systeem

FIDE Rating Regels

WERKING VAN DE NATIONALE ELO-VERWERKING.

Toegestane tempo’s

Verwerking van toernooiresultaten voor FIDE ELO

Geschiedenis van de VSF

Statuten van de VSF

Intern reglement VSF

Bestuursorgaan VSF

Reglementen Toernooien VSF

REGLEMENT VSF – JEUGDKAMPIOENSCHAP

REGLEMENT VSF-SCHOOLSCHAAKKAMPIOENSCHAP / LAGER ONDERWIJS

Draaiboeken schoolschaak

Vlaamse Schoolschaakkampioenschappen Secundair Onderwijs

Vlaamse Schoolschaakkampioenschappen Lager Onderwijs

VZW Wetgeving

Ledenadministratie

Schaakleraars

FIDE Trainers

Belgische FIDE trainers

Ligabesturen

1. Schaakverbond Vlaams-Brabant en Vlaams-Brussel

2. Liga Antwerpen

3. Liga West-Vlaanderen vzw

4. Liga Oost-Vlaanderen vzw

5. Liga Limburg vzw

Inleiding

Dit vademecum heeft de ambitie een volledige handleiding te zijn voor de clubverantwoordelijken, de scheidsrechters en de organisatoren van toernooien in Vlaanderen en België.

Het vademecum bevat naast de reglementen ook een reeks voetnoten die nuttig kunnen zijn voor het beter begrijpen van de regels. Let wel, de voetnoten zijn niet bindend en geven enkel de opinie en de ervaring van de auteur van het vademecum weer. Toch is het een goede richtlijn die vaak gevolgd kan worden.

Gelieve eventuele fouten door te geven aan de auteur, Bernard Malfliet, bernard_malfliet@hotmail.com

FIDE Regels voor het Schaakspel

Geschiedenis

Voor de schaakgeschiedenis is het jaar 1929 een historisch jaar. Voor 1929 had elk land zijn eigen spelregels en reglementen zodat bij de inrichting van een internationaal toernooi de inrichters verplicht waren omstandig uit te leggen volgens welke regels en regelingen zou gespeeld worden. Het zal U duidelijk zijn dat in die omstandigheden de incidenten tussen inrichters en spelers en de spelers onderling dagelijkse kost waren.

Iedereen was het erover eens dat een overkoepelend orgaan diende opgericht te worden wiens taak erin zou bestaan spelregels te ontwerpen welke erkend zouden moeten worden door de gehele schaakwereld en dat tevens toezicht zou moeten houden op de naleving van deze regels in toernooien en matchen. Dat toezicht diende te geschieden door speciaal voor dat doel opgeleide mensen, nl. de arbiters (wedstrijdleiders).

Bij de 1e schaakolympiade te Parijs was het grootste deel van de deelnemende landen akkoord dat een internationale schaakorganisatie diende opgericht te worden. leder land verbond zich ertoe lid te zullen worden.

Op 20 juli 1924 werd de Wereldschaakbond (Federation Internationale des Echecs – F.I.D.E.) opgericht. Onder de oprichters bevond zich naast de Nederlander Rueb die voorzitter werd ook een Belg, namelijk Leon Weltjens

FIDE telt vandaag 162 federaties als lid en kende tot nu toe 7 voorzitters:

Alexander Rueb (NED), 1924-1949

Folke Rogard (ZWE), 1949-1970

Machgielis (Max) Euwe (NED), 1970-1978

Fridrik Olafson (ICE), 1978-1982

Florencio Campomanes (PHI), 1982-1995

Kirsan Ilyumzhinov (RUS), 1995-2018

Arkadi Dvorkovitsj (RUS), 2018 – heden

Dankzij het bestaan van de FIDE was de mogelijkheid tot opstelling van internationaal geldende regels aanwezig en de 1e uitgave ervan werd aangenomen op het FIDE-congres te Venetië in 1929. Daar in die tijd de voertaal van de FIDE het Frans was, was deze uitgave dan ook in het Frans. Elke bond werd echter verzocht deze regels in zijn landstaal te vertalen.

Er waren (en er zijn helaas) nog landelijke en regionale bonden met hun eigen op bepaalde punten afwijkende en aanvullende bepalingen. Vandaar dat in landelijke en/of regionale competities soms een artikel ingelast wordt, luidend ongeveer als volgt: “De regels van de FIDE worden toegepast voor zover niet anders is bepaald”.

Het zal U ook duidelijk zijn dat na verloop van tijd bleek dat het reglement van 1929 allesbehalve volmaakt was. Pas bij de reorganisatie van de FIDE onder leiding van Folke ROGAARD (intussen was in 1947 de Sovjet-Unie tot de FIDE toegetreden) kwam er een algemene herziening van de spelregels. Zo kwam de 2e editie tot stand, goedgekeurd op het FIDE-congres te STOCKHOLM in 1952.

Deze bleef gedurende ruim 30 jaar in voege. Vele ervaren spelers van vandaag zullen deze regels nog in hun genen hebben. Het is deze editie die de grondslag is van de huidige spelregels, natuurlijk aangepest en gewijzigd volgens de evolutie, o.a. het noteren van de zetten, het opvorderen van remise, het aanraken van meer dan een stuk, enz…

In de schoot van de FIDE werd dan een permanente commissie (nl. de “PERMANENTE FIDE-SPELREGELCOMMISSIE) opgericht met als taak

a.     eventueel noodzakelijk geachte wijzigingen in de regels hetzij op eigen initiatief, hetzij op aanduiding van de aangesloten bonden, hetzij door een bepaalde beslissing van een wedstrijdleider, voor te bereiden en deze voor te stellen aan het congres;

b.     interpretaties te geven – indien nodig – bij bepaalde artikels.

In 1984 werd op het congres van Graz werd een herwerkte versie van de regels goedgekeurd, opgesteld door de spelregelcommissie van de FIDE; Nadien werden deze regels nog aangepast op 1 juli 1997, 1 juli 2001, 1 juli 2005, 1 juli 2009, 1 juli 2014 en 1 Juli 2017.

Huidige versie

De Engelse tekst is de authentieke versie van de Regels voor het Schaakspel, aangenomen op het 88e FIDE-Congres in Goynuk, Turkije, en geldt vanaf 1 januari 2018[1].

In deze tekst wordt het woord « arbiter » gebruikt voor de meer gebruikelijke term « wedstrijdleider » of « scheidsrechter »

Waar in de tekst gerefereerd wordt naar “hij”, “hem” of “zijn”, wordt eveneens bedoeld “zij” of “haar”

De FIDE Regels bestaan uit drie gedeelten:

1.       Basisspelregels – Deze zou je in een speelgoeddoos met een schaakspel kunnen aantreffen, artikels 1 tot en met 5

2.       Wedstrijdregels – Voor het schaken in georganiseerd verband, artikels 6 tot en met 14.

3.       Aanhangsels – Met als meest interessante onderdelen: De notatie en regels voor rapid- en snelschaak.

Voorwoord[2]

De Regels voor het Schaakspel kunnen niet alle mogelijke situaties, die tijdens een partij voorkomen, dekken. Evenmin kunnen ze alle administratieve kwesties regelen. In situaties die niet nauwkeurig door een artikel van de Regels worden geregeld moet het mogelijk zijn om tot een juiste beslissing te komen door analoge situaties in overweging te nemen, die wel in de Regels voor het Schaakspel zijn behandeld. In de Regels wordt ervan uit gegaan dat arbiters over de vereiste bekwaamheid beschikken, een goed beoordelingsvermogen hebben en volstrekt objectief zijn[3]. Een te gedetailleerde beschrijving van een regel kan ertoe leiden dat de arbiter niet in volle vrijheid kan beslissen en zou hem daardoor kunnen beletten de oplossing van een probleem te vinden, gebaseerd op billijkheid, logica en bijzondere omstandigheden.[4]

De FIDE doet een beroep op alle schakers en schaakbonden deze opvatting te aanvaarden[5].

Het is een noodzakelijke voorwaarde indien een partij wil meetellen voor FIDE-ratings, dat deze partij gespeeld werd volgens de FIDE-regels voor het schaakspel.

Het is eveneens aanbevolen dat competitieve partijen die niet gespeeld worden voor FIDE-rating ook deze regels volgen

Aangesloten federaties mogen FIDE[6] vragen om een officiële uitspraak te doen over aangelegenheden betreffende de Regels voor het Schaakspel.[7]

Basis spelregels

Artikel 1: Aard en doel van het schaakspel[8]

1.1     De schaakpartij wordt gespeeld tussen twee tegenstanders die hun stukken verplaatsen op een vierkant bord, “schaakbord” genoemd.

1.2     De speler met de licht gekleurde stukken (Wit) begint de partij, de speler met de donker gekleurde stukken (Zwart) doet de volgende zet, waarna de spelers elk om beurt spelen[9].

1.3     Men zegt dat een speler “aan zet is”,[10] wanneer de zet van zijn tegenstander is “gedaan”[11].

1.4     Het doel van elke speler is om de koning van de tegenstander zodanig “aan te vallen”, dat de tegenstander geen reglementaire zet meer kan doen.

1.4.1. Men zegt dat een speler die dit doel bereikt, de koning van de tegenstander heeft “matgezet” en dat hij de partij heeft gewonnen. Het is niet toegestaan de eigen koning aangevallen te laten staan of een zet te doen waardoor de eigen koning aangevallen wordt. Ook is het niet toegestaan de koning van de tegenstander te “slaan”[12].

1.4.2. De tegenstander, wiens koning is matgezet, heeft de partij verloren.

1.5    Als de stelling zodanig is dat geen der spelers nog mat kan zetten, dan is de partij remise (zie artikel 5.2.2)[13].

Artikel 2: De beginopstelling van de stukken op het schaakbord

2.1    Het schaakbord bestaat uit 64 gelijke vierkante velden, in een 8 bij 8 patroon, die afwisselend licht (de “witte” velden) en donker (de “zwarte” velden) zijn gekleurd[14].

Het schaakbord wordt zodanig tussen de spelers geplaatst, dat het hoekveld dat het dichtst bij de rechterzijde van de speler ligt, wit is[15].

2.2        Bij het begin van de partij heeft de ene speler (“Wit”) 16 lichtgekleurde stukken (de “witte” stukken); de ander (“Zwart”) heeft 16 donkergekleurde stukken (de “zwarte” stukken). Deze stukken zijn de volgende:

                                   Wit     Zwart                   Symbool

een koningeen dametwee torenstwee loperstwee paardenacht pionnen

Staunton stukken:

                                       p        D        K          L        P          T

2.3     De beginopstelling van de stukken op het schaakbord is als volgt[16]:

2.4    De acht verticale kolommen van velden noemt men “lijnen”. De acht horizontale reeksen van velden noemt men “rijen”. Een rechte lijn van velden van dezelfde kleur waarvan hoekpunten elkaar raken, wordt een “diagonaal” genoemd.

Artikel 3: De loop van de stukken

3.1   Het is niet toegestaan een stuk te verplaatsen naar een veld waarop een stuk van dezelfde kleur staat.

3.1.1. Als een stuk naar een veld gaat waarop een stuk van de tegenstander staat, dan wordt dit geslagen en, als deel van deze zet, verwijderd van het schaakbord.

3.1.2. Een stuk valt een stuk van de tegenstander aan, als het eerstgenoemde stuk op dat veld iets kan slaan in overeenstemming met de artikelen 3.2 tot en met 3.8.

3.1.3. Een stuk valt een veld aan, zelfs als het stuk niet naar het veld verplaatst mag worden omdat het dan de eigen koning aangevallen laat staan of deze daardoor aangevallen wordt[17].

3.2   De loper kan worden verplaatst naar elk veld van een diagonaal waarop hij staat[18].

3.3   De toren kan worden verplaatst naar elk veld van de lijn of rij waarop hij staat.

3.4    De dame kan worden verplaatst naar elk veld van de lijn, de rij of een diagonaal waarop zij staat.

3.5    Bij deze zetten kan de loper, toren of dame niet over een stuk heen worden verplaatst.

3.6    Het paard kan worden verplaatst naar een van de dichtstbijzijnde velden die niet op dezelfde lijn, rij of diagonaal liggen als waarop het staat.[19]

3.7.1 De pion kan voorwaarts worden verplaatst naar het onbezette veld direct vóór hem op dezelfde lijn, of

3.7.2 bij zijn eerste zet[20] mag de pion worden verplaatst als in 3.7.1., of als alternatief mag hij twee velden op dezelfde lijn naar voren worden verplaatst onder voorwaarde dat beide velden onbezet zijn[21], of

3.7.3 de pion kan worden verplaatst naar een door een stuk van de tegenstander bezet veld schuin voor hem op een aangrenzende lijn. Hierbij wordt dit stuk geslagen.

3.7.4.1 Een pion die een veld aanvalt dat is overschreden door een pion van de tegenstander die vanaf zijn oorspronkelijke veld twee velden in één zet naar voren is gegaan, mag[22] die pion van de tegenstander slaan alsof deze slechts één veld naar voren is gegaan.

3.7.4.2 Dit slaan is alleen toegestaan bij de eerstvolgende zet en wordt “en passant” slaan genoemd.

3.7.5.1 Als een aan zet zijnde speler een pion speelt naar de rij die het verst van zijn beginpositie is verwijderd[23], dan moet hij, als deel van dezelfde zet, de pion vervangen door een nieuwe dame, toren, loper of paard van dezelfde kleur[24] op het bedoelde aankomstveld[25].

3.7.5.2 De keuze van de speler is niet beperkt tot stukken die eerder zijn geslagen[26].

3.7.5.3 Deze vervanging van een pion door een ander stuk wordt “promotie” genoemd[27]. Het nieuwe stuk functioneert onmiddellijk.

3.8   Er zijn twee verschillende manieren waarop de koning kan worden verplaatst, namelijk

3.8.1   naar een aangrenzend veld dat niet door een of meer stukken van de tegenstander wordt aangevallen.

3.8.2 “rokeren”. Dit is een zet van de koning en een toren van dezelfde kleur op dezelfde rij, geldend als een enkele koningszet, en wordt uitgevoerd door de koning van zijn oorspronkelijke veld twee velden naar de toren te verplaatsen die ook op haar beginpositie staat en daarna de toren over de koning heen te verplaatsen op het door de koning overschreden veld.


Vóór wits korte rokade, zwarts lange rokade

Ná wits korte rokade, zwarts lange rokade

3.8.2.1      Het recht op rokeren is verloren:

3.8.2.1.1         als met de koning al een zet is gedaan, of

3.8.2.1.2         met een toren waarmee al is gezet.

3.8.2.2      Rokeren is tijdelijk niet toegestaan zolang:

3.8.2.2.1 het veld waarop de koning staat, het veld dat hij overschrijdt[28] of het veld dat hij moet gaan bezetten, wordt aangevallen door een of meer stukken van de tegenstander;

3.8.2.2.2 als er een stuk staat tussen de koning en de toren waarmee wordt beoogd te gerokeren.

3.9.1 Men zegt[29] dat de koning “schaak” staat, als hij wordt aangevallen door een of meer stukken van de tegenstander, zelfs als deze stukken niet naar het veld van de koning verplaatst zouden mogen worden omdat ze dan de eigen koning in schaak zetten of laten staan[30].

3.9.2 Een stuk mag niet worden verplaatst als daardoor de eigen koning schaak komt te staan of schaak blijft staan.[31]

3.10  Legale en illegale zetten[32]

a. Een zet is “legaal” of “reglementair” als aan alle vereisten van artikels 3.1 tot 3.9 voldaan is.

b. een zet is “illegaal” of “onreglementair” als hij niet voldoet aan alle veresiten van regels van 3.1 tot 3.9.

c. een positie is “onreglementair” indien deze positie niet bereikt kon worden door het uitvoeren van enkel reglementaire zetten[33]

Artikel 4: Het uitvoeren van een zet.[34]

4.1    Bij het doen van een zet mag slechts één hand[35] worden gebruikt.

4.2.1 Onder voorwaarde dat hij eerst zijn bedoeling daartoe kenbaar maakt (bijvoorbeeld[36] door “j’adoube” of “ik zet recht” te zeggen), mag de aan zet zijnde[37] speler een of meer stukken op hun velden rechtzetten.

4.2.2 Elk ander physiek contact met eens stuk, met uitzondering van een duidelijk toevallig contact, zal beschouwd worden als intentioneel[38]

4.3     Als de aan zet zijnde[39] speler, behoudens het in artikel 4.2 vermelde, met de bedoeling te spelen of te nemen[40], op het schaakbord:

4.3.1 een of meer van zijn eigen stukken aanraakt[41], dan moet hij spelen met het eerst aangeraakte stuk dat kan worden verplaatst[42], of

4.3.2 een of meer van de stukken van zijn tegenstander aanraakt, dan moet hij het eerst aangeraakte stuk dat kan worden geslagen, slaan, of

4.3.3 één stuk van elke kleur aanraakt, dan moet hij het stuk van zijn tegenstander met zijn eigen stuk slaan. Indien dit onreglementair is, dan moet hij het eerst aangeraakte stuk verplaatsen of slaan dat kan worden verplaatst of geslagen. Als het onduidelijk is, of het eigen stuk van de speler of dat van zijn tegenstander het eerst was aangeraakt, wordt het eigen stuk van de speler beschouwd als te zijn aangeraakt vóór dat van zijn tegenstander.

4.4       bijzondere situaties van aanraken van stukken

4.4.1 Als een speler opzettelijk zijn koning en een toren aanraakt, dan moet hij aan die kant rokeren, indien dit reglementair is toegestaan.

4.4.2 Als een speler opzettelijk[43] een toren aanraakt en daarna zijn koning, dan mag hij bij die zet niet aan die zijde rokeren en is artikel 4.3.1 op de situatie van toepassing[44].

4.4.3 Als een speler met de bedoeling om te rokeren de koning aanraakt, of tegelijkertijd koning en toren, maar rokeren aan die zijde niet is toegestaan, dan moet de speler een andere reglementaire zet met zijn koning doen[45], waarbij rokeren aan de andere zijde niet is uitgesloten. Als er geen reglementaire zet met de koning mogelijk is, dan is elke andere reglementaire zet toegestaan.

4.4.4 Als een speler een pion laat promoveren, dan is de keuze voor een stuk definitief als het stuk het promotieveld heeft aangeraakt[46].

4.5    Als geen van de aangeraakte stukken volgens artikels 4.3 en 4.4 kan worden verplaatst of geslagen, dan is elke andere reglementaire zet toegestaan[47].

4.6[48]  De promotie mag op verschillende wijzen worden uitgevoerd

4.6.1 de pion hoeft niet op het veld van aankomst te worden geplaatst

4.6.2 de pion wegnemen en vervangen door een nieuw stuk op het promotieveld mag geschieden in willekeurige orde

4.6.3 Indien een stuk van de tegenstander op het promotieveld staat wordt dit geslagen

4.7     Als een stuk op een veld is losgelaten en het een reglementaire zet of een deel van een reglementaire zet betreft, dan mag het niet meer op een ander veld worden geplaatst[49]. De zet wordt beschouwd als te zijn uitgevoerd indien:

4.7.1 bij het slaan: zodra het geslagen stuk van het bord is verwijderd en de hand van de speler, nadat deze zijn eigen stuk op het nieuwe veld heeft gezet, laatstgenoemd stuk heeft losgelaten;

4.7.2 bij de rokade: zodra de hand van de speler de toren op het veld van bestemming heeft losgelaten. Wanneer de hand van de speler de koning heeft losgelaten, is de zet nog niet gedaan, maar de speler heeft dan niet meer het recht een andere zet uit te voeren dan de rokade, mits deze rokade reglementair is; Indien de rokade illegaal is mag de speler een andere legale zet uitvoeren met de koning (inclusief rokeren aan de andere zijde). Als er geen legale zet mogelijk is met de koning kan de speler vrij een andere zet spelen.

4.7.3 bij de promotie van een pion[50]: zodra de pion van het bord is verwijderd en de hand van de speler het nieuwe stuk op het promotieveld heeft losgelaten.

4.8    Een speler verspeelt zijn recht op een claim tegen een overtreding door zijn tegenstander van artikel 4.1 tot 4.7, als hij een stuk aanraakt[51] met de bedoeling te spelen of te slaan.

4.9. Indien een speler niet in staat is de stukken te bewegen, mag een assistent aangeduid worden door de speler, indien deze aanvaard wordt door de arbiter, om deze acties uit te voeren[52].

Artikel 5: Het einde van de partij

5.1.1  De partij is gewonnen door de speler die de koning van zijn tegenstander heeft matgezet[53]. Dit beëindigt de partij onmiddellijk[54], vooropgesteld dat de zet waarmee de matpositie werd bereikt, reglementair was[55], in overeenstemming met artikels 3 en artikels 4.2 tot 4.7.

5.1.2 De partij is gewonnen door de speler wiens tegenstander zegt[56] dat hij opgeeft. Dit beëindigt de partij onmiddellijk.

5.2.1  De partij is remise[57] als de aan zet zijnde speler geen reglementaire zet kan doen en zijn koning niet schaak staat. Men zegt dat de partij in “pat” eindigt. Dit beëindigt de partij onmiddellijk[58], vooropgesteld dat de zet waarmee de patpositie werd bereikt, reglementair was in overeenstemming met artikels 3 en artikels 4.2 tot 4.7.

5.2.2 De partij is remise als een stelling is ontstaan waarin geen van beide spelers de koning van zijn tegenstander mat kan zetten met een reeks reglementaire zetten[59]. Men zegt dat de partij in “een dode stelling” eindigt[60]. Dit beëindigt de partij onmiddellijk, vooropgesteld dat de zet waarmee de dode stelling werd bereikt, reglementair was in overeenstemming met artikels 3 en artikels 4.2 tot 4.7.

5.2.3 De partij is remise als beide spelers dit tijdens de partij overeenkomen, op voorwaarde dat beide spelers minstens één zet hebben uitgevoerd[61]. Dit beëindigt de partij onmiddellijk[62].

Wedstrijdregels

Artikel 6: De schaakklok

6.1   Een “schaakklok” is een klok met twee tijdsaanduidingen[63], zo met elkaar verbonden dat er op elk moment slechts één kan lopen.

“Klok” in de Regels voor het Schaakspel betekent een van de twee tijdsaanduidingen.

Elke tijdsaanduiding beschikt over een “vlag” [64].

Het “vallen van een vlag” betekent het verlopen zijn van de aan een speler toegewezen bedenktijd.

6.2    Gebruik van de schaakklok

6.2.1 Tijdens de partij moet elke speler die zijn zet op het schaakbord heeft gedaan, zijn eigen klok stilzetten (of met andere woorden indrukken) en de klok van zijn tegenstander aanzetten. Dit voltooit de zet. Zijn zet is eveneens voltooid als

6.2.1.1      de gedane zet de partij beëindigt (zie artikelen 5.1.1, 5.2.1, 5.2.2, 9.6.1 en 9.6.2)[65].

6.2.1.2      de speler een volgende zet heeft gedaan, in geval zijn vorige zet niet voltooid was[66]

6.2.2 Een speler moet altijd de kans krijgen zijn klok stil te zetten[67] na het doen van een zet, zelfs als de tegenstander zijn volgende zet al heeft gedaan[68]. De tijd tussen enerzijds het doen van de zet op het schaakbord en anderzijds het stilzetten van de eigen klok en het aanzetten van de klok van de tegenstander wordt beschouwd als deel van de bedenktijd die de speler is toegewezen[69].

6.2.3 Een speler moet zijn klok indrukken met dezelfde hand als waarmee hij zijn zet deed. Het is een speler verboden een vinger op of boven de knop te houden.

6.2.4 De spelers dienen de schaakklok juist te behandelen. Het is verboden er op te slaan[70], hem op te tillen of om te gooien. Onjuiste behandeling van de klok wordt bestraft overeenkomstig artikel 12.9[71].

6.2.5   Enkel de speler die aan zet is mag de stukken rechtzetten[72]

6.2.6 Als een speler niet in staat is de klok te bedienen, mag de speler gebruik maken van een door hem voorgestelde assistent om de bediening uit te voeren. Deze assistent moet voor de arbiter aanvaardbaar zijn[73]. Zijn klok zal door de arbiter op een redelijke wijze worden bijgesteld. Deze aanpassing is niet van toepassing op de klok van een speler met een onbekwaamheid.[74]

6.3.1 Bij gebruik van een schaakklok moet elke speler een minimum aantal zetten of alle zetten doen in een toegewezen tijdsperiode en/of er kan hem na elke zet extra tijd worden toegewezen[75]. Dit alles moet vooraf worden bepaald.

6.3.2 De tijd die een speler uit de ene periode over heeft, wordt toegevoegd aan de tijd die beschikbaar is voor de volgende periode, indien van toepassing.

Bij een niet-opsparende tijdsinstelling[76] krijgen beide spelers een “basisbedenktijd” en een vastgestelde tijd per zet. Vermindering van basisbedenktijd gebeurt pas nadat de tijd-per-zet is verbruikt. Drukt de speler zijn klok in vóór het verstrijken van die tijd, dan verandert de basisbedenktijd niet, ongeacht hoeveel tijd-per-zet is verbruikt.

6.4   Onmiddellijk nadat een vlag valt[77], moet worden gecontroleerd[78] of aan de voorwaarden van artikel 6.3.1 is voldaan.[79]

6.5   Vóór het begin van de partij bepaalt de arbiter waar de schaakklok wordt geplaatst[80].

6.6   Op het moment dat bepaald werd voor de start van de partij[81], moet de klok van Wit worden gestart[82].

6.7   Verlies door afwezigheid

6.7.1 De regels van de competitie bepalen op voorhand het laatste moment dat een speler mag aankomen, de “default time”. Als er geen default time wordt gespecifieerd, is dit gelijk aan nul.[83] Een speler verliest de partij als hij na de default time aan het schaakbord verschijnt[84], tenzij de arbiters anders beslist[85].

6.7.2. Als de toernooiregels een default time voorzien die verschillend is van nul, en geen van beide spelers bij het begin aanwezig is, dan verliest de speler die met de witte stukken speelt alle tijd die verloopt tot hij arriveert, tenzij de toernooiregels anders bepalen of de arbiter anders beslist.

6.8   Een vlag wordt beschouwd te zijn gevallen als de arbiter het feit waarneemt[86] of als een der spelers dit terecht claimt.

6.9   Als een speler het voorgeschreven aantal zetten niet heeft voltooid in de toegewezen bedenktijd, dan is de partij voor hem verloren, tenzij één van de artikels 5.1.1, 5.1.2, 5.2.1, 5.2.2 of 5.2.3 van toepassing is[87]. Als de stelling echter zodanig is dat de tegenstander de koning van de speler nooit mat kan zetten, door welke reeks reglementaire zetten dan ook[88], dan is de partij remise[89].

6.10 Fouten op de klok

6.10.1 Elke aanduiding van de klokken is beslissend tenzij er sprake is van een kennelijk gebrek[90]. Een schaakklok met een kennelijk gebrek moet worden vervangen. De arbiter moet de klok vervangen en met uiterste nauwkeurigheid bepalen welke tijden op de nieuwe schaakklok moeten worden aangebracht[91].

6.10.2 Indien tijdens de partij ontdekt wordt dat de instelling van één of beide zijden van de klok foutief was, mag één der spelers of de arbiter de klok stoppen. De arbiter zal vervolgens de fout corrigeren en eventueel de zettenteller aanpassen[92]. Hij zal de correctie doen naar best vermogen[93].

6.11.1 Als de partij moet worden onderbroken, dan moet de arbiter de klokken stilzetten.

6.11.2 Een speler mag de klokken slechts stilzetten om de hulp van de arbiter in te roepen, bijvoorbeeld bij promotie en het vereiste stuk is niet beschikbaar.

6.11.3 De arbiter beslist wanneer de partij wordt hervat.

6.11.4 Als een speler de klokken stilzet om de hulp van de arbiter in te roepen, bepaalt de arbiter of de speler daar een geldige reden voor had[94]. Als het duidelijk is dat de speler geen geldige reden had om de klokken stil te zetten, moet hij worden bestraft overeenkomstig artikel 12.9.

6.13.1 Schermen, monitoren en demonstratieborden die de bereikte stelling, de zetten en het aantal zetten tonen, alsmede klokken die ook het aantal zetten weergeven, zijn toegestaan in de speelzaal[95].

6.13.2 De speler mag een claim echter niet enkel baseren op iets dat op deze wijze wordt getoond.

Artikel 7: Onregelmatigheden

7.1   Als er zich een onregelmatigheid voordoet en/of de stelling moet worden teruggebracht naar een vorige, dan moet de arbiter met uiterste nauwkeurigheid bepalen welke tijden op de klokken moeten worden aangebracht. Hij heeft ook het recht de tijd niet aan te passen.[96] Zo nodig zal hij ook de zettenteller van de klok bijstellen.

7.2.1 Als tijdens een partij[97] geconstateerd wordt dat de beginopstelling onjuist was, dan wordt de partij ongeldig verklaard en wordt er een nieuwe partij gespeeld[98].

7.2.2 Als tijdens een partij geconstateerd wordt dat alleen het schaakbord anders lag dan artikel 2.1 voorschrijft, dan wordt de partij vervolgd maar de bereikte stelling wordt overgebracht op een juist geplaatst schaakbord[99].

7.3    Als een partij begonnen is met verwisselde kleuren, en er minder dan 10 zetten gespeeld zijn door beide spelers, wordt de partij gestopt en herbegonnen met de juiste kleuren[100]. Na 10 zetten of meer wordt er doorgespeeld[101].

7.4.1 Als een speler een of meer stukken niet goed op het schaakbord heeft geplaatst, dan moet hij de stelling in zijn eigen tijd herstellen.

7.4.2 Indien noodzakelijk kan zowel de speler als zijn tegenstander de klokken stilzetten en om de assistentie van de arbiter vragen.

7.4.3 De arbiter kan de speler die de stukken verkeerd plaatste, bestraffen[102].

7.5.1  Een onreglementaire zet is voltooid als de speler zijn klok heeft ingedrukt[103]. Als tijdens een partij[104] blijkt dat er een onreglementaire zet[105] is voltooid, wordt de stelling teruggebracht naar de stelling onmiddellijk voorafgaand aan de onregelmatigheid. Wanneer deze stelling niet kan worden bepaald, wordt de partij voortgezet vanuit de laatste vast te stellen stelling voor de onregelmatigheid[106]. Artikel 4.3 en 4.7 zijn van toepassing op de zet die de onreglementaire zet vervangt[107]. De partij wordt dan voortgezet vanuit deze herstelde stelling.

7.5.2 Als de speler een pion heeft gespeeld naar de rij die het verst van zijn beginpositie is verwijderd, de klok heeft ingedrukt, maar de pion niet heeft vervangen door een nieuw stuk, dan is de zet onreglementair. De pion zal dan vervangen worden door een dame van dezelfde kleur als de pion.[108]

7.5.3[109] Als een speler de klok indrukt zonder een zet uit te voeren, zal dit beschouwd en bestraft worden als een onregelmatige zet.[110]

7.5.4[111] Als een speler beide handen gebruikt om een zet uit te voeren (in geval van rokade, nemen of promotie), en zijn klok heeft ingedrukt, zal dit beschouwd en bestraft worden als een onregelmatige zet.[112]

7.5.5 Na de handeling, beschreven in artikel 7.5.1, 7.5.2, 7.5.3 of 7.5.4, geeft de arbiter, bij de eerste onreglementaire zet van een speler, twee minuten extra tijd aan zijn tegenstander; bij een tweede[113] onreglementaire zet van dezelfde speler wordt de partij voor hem verloren verklaard door de arbiter.[114] Als de stelling echter zodanig is dat de tegenstander de koning van de speler nooit mat kan zetten, door welke reeks reglementaire zetten dan ook (zelfs bij het slechtst mogelijke tegenspel), dan is de partij remise[115]

7.6    Wanneer gedurende een partij blijkt dat de stukken niet meer op hun juiste velden staan, wordt de stelling teruggebracht tot de stelling voor de onregelmatigheid. Als de stelling onmiddellijk voor de onregelmatigheid niet met zekerheid kan worden vastgesteld, zal de partij worden voortgezet vanuit de laatste vast te stellen stelling voor de onregelmatigheid[116]. De partij wordt dan voortgezet vanuit deze herstelde stelling.

Artikel 8: Het noteren van de zetten

8.1.1 Tijdens de partij is elke speler verplicht zijn eigen zetten en die van zijn tegenstander op de juiste wijze[117] te noteren, zet na zet, zo duidelijk en leesbaar mogelijk[118], in de algebraïsche notatie (aanhangsel C), op het notatieformulier dat voor de wedstrijd is voorgeschreven[119].

8.1.2 Het is niet toegestaan zetten vooraf te noteren[120], tenzij de speler remise claimt op grond van artikel 9.2 of 9.3[121] of bij het afbreken van de partij volgens richtlijn I.1.a.

8.1.3 Een speler mag een zet van zijn tegenstander beantwoorden alvorens die te noteren, als hij dit wenst. Hij moet zijn vorige zet opschrijven voordat hij een nieuwe doet[122].

8.1.4 Het notatieformulier mag alleen worden gebruikt om de zetten, de tijd op de klokken, de remiseaanbiedingen, zaken betreffende een claim en andere relevante gegevens te noteren[123].

8.1.5 Het aanbieden van remise moet door beide spelers worden genoteerd met het teken “(=)”[124].

8.1.6 Als een speler niet in staat is te noteren, mag de speler gebruik maken van een door hem voorgestelde assistent om de zetten te noteren. Deze assistent moet voor de arbiter aanvaardbaar zijn. De hem toegewezen bedenktijd wordt zoveel verminderd als de arbiter juist acht. Dit laatste is niet van toepassing voor een speler met een erkende beperking.

8.2    Het notatieformulier moet tijdens de hele partij zichtbaar zijn voor de arbiter.[125]

8.3    De notatieformulieren zijn eigendom van de organisator van de wedstrijd[126].

8.4    Als een speler minder dan 5 minuten[127] over heeft op zijn klok en er niet minstens 30 seconden per zet wordt toegevoegd[128], dan is hij niet verplicht zich aan de vereisten van artikel 8.1.1 te houden.

8.5    Afwezigheid van notatie

8.5.1 Als beide spelers op basis van artikel 8.4 niet meer noteren, dan moet de arbiter of een assistent proberen[129] aanwezig te zijn en te noteren[130]. In dit geval moet de arbiter de klokken, onmiddellijk na het vallen van een vlag, stilzetten[131]. Beide spelers moeten dan hun notatieformulier bijwerken, gebruik makend van het formulier van de arbiter of van de tegenstander.

8.5.2 Als slechts één speler op basis van artikel 8.4 niet genoteerd heeft, dan moet hij zijn notatieformulier volledig bijwerken zodra een vlag is gevallen alvorens een zet op het schaakbord te doen[132]. Indien hij zelf aan zet is, mag hij het formulier van zijn tegenstander gebruiken, maar hij dient dit terug te geven alvorens een zet te doen.

8.5.3 Als er geen volledig notatieformulier beschikbaar is, dan moeten de spelers de partij reconstrueren op een tweede schaakbord onder toezicht van de arbiter of een assistent[133]. Hij dient eerst de bereikte stelling in de partij, de kloktijden en het aantal gedane zetten, als deze informatie beschikbaar is, te noteren, alvorens de reconstructie plaatsvindt[134].

8.6    Als niet kan worden aangetoond dat een speler het vereiste aantal zetten heeft gedaan, omdat de notatieformulieren niet kunnen worden bijgewerkt[135], dan wordt de eerstvolgende zet beschouwd als de eerste van de volgende periode[136], tenzij het duidelijk is dat er meer zetten zijn gedaan[137].

8.7    Aan het eind van de partij dienen beide spelers beide notatieformulieren te ondertekenen, waarbij de uitslag van de partij wordt aangegeven[138]. Zelfs als dit incorrect is, blijft deze uitslag gehandhaafd[139] tenzij de arbiter anders beslist[140].

Artikel 9: Remise

9.1.      Remiseaanbod

9.1.1 De toernooiregels kunnen aangeven dat spelers geen remise mogen overeenkomen in minder dan een vooraf bepaald aantal zetten, of dat een remiseovereenkomst in het geheel verboden is zonder instemming van de arbiter.[141]

9.1.2 Indien de toernooiregels een remiseovereenkomst toestaan geldt het volgende:

9.1.2.1 Een speler, die remise wil aanbieden, dient dit te doen nadat hij zijn zet op het schaakbord heeft gedaan en voordat hij zijn klok indrukt[142]. Een remiseaanbod op elk ander moment tijdens de partij is wel geldig, doch moet worden getoetst aan artikel 11.5[143]. Aan het aanbod kunnen geen voorwaarden worden verbonden[144]. In beide gevallen kan het aanbod niet worden ingetrokken en blijft het van kracht totdat de tegenstander het aanneemt, het mondeling afwijst, het afwijst door een stuk aan te raken met de bedoeling er een zet mee te doen of het te slaan, of de partij op andere wijze wordt beëindigd.

9.1.2.2 Een remiseaanbod dient door elke speler op zijn notatieformulier te worden aangegeven met een teken (=)[145].

9.1.2.3 Een remiseclaim overeenkomstig de artikelen 9.2, of 9.3 wordt als een remiseaanbod beschouwd[146].

9.2.1  De partij is remise, als een aan zet zijnde speler terecht claimt dat dezelfde stelling[147] voor minstens[148] de derde keer (niet noodzakelijkerwijs door opeenvolgende herhaling van zetten)

9.2.1.1 tot stand gaat komen[149], als hij eerst zijn zet, dewelke hij nadien niet mag veranderen, op zijn notatieformulier[150] noteert en de arbiter meedeelt dat hij deze zet gaat spelen, of

9.2.1.2 zojuist tot stand is gekomen, en de speler die remise claimt aan zet is[151].

9.2.2 Stellingen worden geacht dezelfde te zijn, als dezelfde speler aan zet is[152], stukken van dezelfde soort en kleur dezelfde velden bezetten, en de zetmogelijkheden van alle stukken van beide spelers dezelfde zijn.[153]

Stellingen zijn niet dezelfde[154] als

9.2.2.1 bij de start van de herhaling, een pion en passant kon geslagen worden

9.2.2.2 een koning of toren kon rokeren maar dit recht verloor door een zet uit te voeren. Het recht om te rokeren gaat pas verloren nadat de koning of de toren gespeeld is.

9.3        De partij is remise, als een aan zet zijnde speler terecht claimt[155] dat

9.3.1 er met de door hem op het notatieformulier genoteerde, en dewelke niet gewijzigd mag worden, en aan de arbiter meegedeelde zet[156] de situatie is bereikt, dat er met de laatste 50 opeenvolgende zetten[157] van beide spelers geen pion is verzet en niets is geslagen, of

9.3.2 er met de laatste 50 opeenvolgende zetten van beide spelers geen pion is verzet en niets is geslagen.

9.4    Als een speler een stuk aanraakt zoals voorzien in artikel 4.3[158] zonder remise te hebben geclaimd, dan verliest hij bij deze zet het recht om op grond van artikel 9.2 of 9.3 te claimen[159].

9.5.1  Als een speler remise claimt op grond van artikel 9.2 of 9.3, dan zet hij of de arbiter onmiddellijk beide klokken stil (zie artikels 6.12a en 6.12b)[160]. Hij mag zijn claim niet intrekken.

9.5.2   Als blijkt dat de claim terecht is, dan is de partij onmiddellijk remise.

9.5.3 Als blijkt dat de claim onterecht is[161], dan moet de arbiter twee minuten toevoegen aan de bedenktijd van de tegenstander[162]. Daarna gaat de partij verder en moet indien de claim gebaseerd was op een meegedeelde zet deze worden gedaan, in overeenstemming met artikels 3 en 4[163].

9.6     De partij is remise[164] als een of beide van de volgende voorkomt:

9.6.1 dezelfde stelling, zoals in 9.2b, is bereikt na ten minste vijf opeenvolgende alternerende zetten van beide spelers.[165]

9.6.2 in een reeks van 75 opeenvolgende voltooide zetten van beide spelers is er geen pion verzet en er is niets geslagen[166]. Als de laatste zet mat tot gevolg heeft, gaat mat voor.

Artikel 10: De score

10.1    Tenzij de regels van de competitie anders voorzien[167], krijgt een speler die zijn partij wint, of wint met forfait, één punt (1), een speler die zijn partij verliest of verliest met forfait krijgt geen punten (0), en een speler die remise speelt krijgt een half punt (½).

10.2 De totale score van een partij mag nooit hoger zijn dan de score die normaal van toepassing is voor een partij. Scores gegeven aan een speler moeten overeenstemmen met scores die normaal in een partij gegeven worden, bijvoorbeeld een score ¾ – ¼ is niet toegestaan.[168]

Artikel 11: Het gedrag van de spelers[169]

11.1    De spelers dienen zich te onthouden van handelingen waardoor het schaakspel in diskrediet wordt gebracht[170].

11.2.1 Onder spelersgebied wordt verstaan: de speelruimte, rustplaatsen[171], toiletten, spelersbar, rookruimte en andere door de arbiter aangewezen ruimten[172].

11.2.2 De speelruimte is de plaats waar de partijen van het toernooi gespeeld worden.

11.2.3  Enkel met toestemming van de arbiter mag:

11.2.3.1  Een speler het spelersgebied verlaten[173]

11.2.3.2  Een speler die aan zet is de speelruimte[174] verlaten[175]

11.2.3.3 Een persoon die niet een speler of arbiter is de speelruimte betreden[176].

11.2.4 De toernooiregels kunnen voorzien dat de speler die niet aan zet is de arbiter moet waarschuwen indien hij de speelruimte wenst te verlaten[177]

11.3.1 Tijdens het spelen is het spelers verboden gebruik te maken van enigerlei aantekening, informatiebron of advies[178] of op een ander schaakbord te analyseren[179].

11.3.2.1 Tijdens de partij is het verboden om enig elektronisch toestel dat niet expliciet werd goedgekeurd door de arbiter[180] mee te brengen in het spelersgebied.

Echter, de regels van een toernooi kunnen toelaten dat een toestel meegenomen wordt in een spelerszak, op voorwaarde dat het toestel uit staat. Deze spelerszak moet worden op een plaats overeengekomen met de arbiter. Beide spelers mogen deze spelerszak niet gebruiken zonder akkoord van de arbiter.[181]

11.3.2.2 Indien het duidelijk is dat een dergelijk middel werd meegenomen door een speler in het spelersgebied verliest die speler de partij. De tegenstander wint[182]. De regels van een toernooi mogen een minder strenge penaliteit voorstelen[183]

11.3.3 De arbiter mag de speler verzoeken dat hij zijn kleren, tassen en andere zaken op discrete wijze laat doorzoeken[184]. De arbiter, of een door de arbiter aangewezen persoon die het onderzoek bij de speler uitvoert, moet van hetzelfde geslacht zijn als de speler. Als een speler weigert mee te werken aan dit onderzoek, dan moet de arbiter een straf opleggen overeenkomstig artikel 12.9

11.3.4 Roken (inclusief het gebruik van e-sigaretten) is enkel toegestaan in dat deel van het spelersgebied dat hiertoe voorzien is door de arbiter.

11.4    Spelers die hun partij hebben beëindigd, worden als toeschouwers beschouwd[185].

11.5    Het is verboden de tegenstander, op welke wijze dan ook, af te leiden of te hinderen[186]. Hieronder vallen ook onredelijke claims of onredelijke remiseaanbiedingen of het binnenbrengen van een geluidsbron in de speelruimte[187].

11.6    Overtreding van enig deel uit de artikelen 11.1 tot en met 11.5 moet leiden tot straffen[188] overeenkomstig artikel 12.9.

11.7    Wanneer een speler herhaaldelijk weigert zich aan de Regels voor het Schaakspel te houden, wordt hij bestraft met het verlies van de partij[189]. De score van de tegenstander moet door de arbiter worden vastgesteld[190].

11.8    Als beide spelers schuldig zijn volgens artikel 11.7, dan moet de partij voor beide spelers verloren worden verklaard[191].

11.9    Een speler heeft het recht om van de arbiter uitleg te krijgen over bepaalde punten uit de Regels voor het Schaakspel.[192]

11.10 Een speler kan tegen elke beslissing van de arbiter in beroep gaan, zelfs indien hij het notatieformulier heeft ondertekend (zie artikel 8.7), tenzij de regels van het toernooi anders vermelden[193]

11.11 Beide spelers zijn verplicht om de arbiter bij te staan in elke situatie waar een partij gereconstructeerd moet worden, bijvoorbeeld bij een remiseclaim.[194]

11.12 Het controleren of een stelling driemaal heeft plaatsgevonden, of de controle van de 50 zetten regel is een taak van de spelers, onder toezicht van de arbiter.[195]

Artikel 12: De taak van de arbiter

12.1    De arbiter moet erop toezien[196] dat de Regels voor het Schaakspel strikt worden nageleefd[197].

12.2 [198]De arbiter moet

12.2.1 ervoor zorgen dat er sportief gespeeld wordt.[199]

12.2.2 zodanig optreden dat de wedstrijd optimaal verloopt.[200]

12.2.3 ervoor zorgen dat goede speelomstandigheden worden gehandhaafd[201].

12.2.4 ervoor zorgen dat de spelers niet worden gehinderd[202].

12.2.5 toezien op het verloop van het toernooi.

12.2.6 handelen in het belang van spelers met een fysieke of geestelijke beperking[203] en degenen die medische hulp nodig hebben.

12.2.7 de anti-valsspelen regels of richtlijnen opvolgen.

12.3    De arbiter houdt de partijen in het oog, zeker als de spelers weinig tijd hebben. Hij moet erop toezien dat door hem genomen beslissingen worden uitgevoerd[204], en de spelers zonodig bestraffen.

12.4 De arbiter mag assistenten aanwijzen om partijen in het oog te houden, bijvoorbeeld als verscheidene spelers weinig tijd over hebben[205].

12.5    De arbiter mag een of beide spelers extra bedenktijd toekennen bij van buiten komende verstoring van de partij[206].

12.6    De arbiter mag niet ingrijpen in een partij tenzij in gevallen, beschreven in de Regels voor het Schaakspel[207]. De arbiter mag niet meedelen hoeveel zetten er zijn gedaan, behalve zoals vermeld in artikel 8.5 als tenminste één vlag is gevallen. De arbiter mag een speler niet informeren dat zijn tegenstander een zet heeft voltooid of dat de speler zijn klok niet heeft ingedrukt.

12.7   Indien iemand een onregelmatigheid opmerkt mag hij de arbiter hiervan inlichten[208]. Spelers van andere partijen mogen niet praten over of zich bemoeien met een partij[209]. Toeschouwers mogen zich niet bemoeien met een partij[210]. De arbiter kan overtreders hiervan, zo nodig, uit het spelersgebied verwijderen.

12.8   Tenzij toegestaan door de arbiter, is het verboden een mobiele telefoon of enig communicatiemiddel in het spelersgebied en andere door de arbiter aangegeven ruimtes te gebruiken[211].

12.9     De arbiter kan een of meer van de volgende straffen opleggen[212].

12.9.1 een waarschuwing,

12.9.2 vermeerdering van de bedenktijd van de tegenstander,

12.9.3 vermindering van de bedenktijd van de in overtreding zijnde speler,

12.9.4 vermeerdering van de punten in een partij, gescoord door de tegenstander van de in overtreding zijnde speler tot het maximum beschikbare aantal punten in deze partij, [213]

12.9.5   vermindering van de punten in een partij, gescoord door de in overtreding zijnde speler,

12.9.6   de partij verloren verklaren voor de speler in overtreding (hierbij moet de arbiter wel de score van de tegenstander bepalen)[214],

12.9.7 een bepaalde boete geven die vooraf werd aangekondigd

12.9.8 uitsluiting van de speler voor één of meerdere ronden[215]

12.9.9 een speler uitsluiten van het toernooi.

Aanhangsels

A. Rapidschaak[216]

A1    Bij “rapidschaak” moeten alle zetten worden gedaan binnen een vastgestelde tijd van minimaal 10 en maximaal 60 minuten per speler; of de toegekende tijd + 60 maal de toegevoegde tijd per zet is minimaal 10 en maximaal 60 minuten per speler[217].

A2    Spelers behoeven hun zetten niet op te schrijven[218], maar behouden het recht om claims uit te voeren op basis van een notatieformulier[219]. De speler kan ten allen tijde aan de arbiter vragen een notatieformulier te ontvangen om de zetten te noteren.

A3.1 De FIDE Regels voor het Schaakspel zijn van toepassing als

A3.1.1 één arbiter maximaal drie partijen superviseert

A3.1.2 elke partij genoteerd wordt ofwel door de arbiter of zijn assistent en, indien mogelijk, een elektronisch middel[220]

A3.2 Een speler mag op elk moment, als hij aan zet is, de arbiter of assistent vragen het notatieformulier te bekijken. Dit mag maximaal vijfmaal in een partij gevraagd worden. Meer dan vijfmaal is beschouwd als hinderen van de tegenstander.

A4    Indien A3 niet toepasbaar is, is het volgende van toepassing:

A4.1 Zodra beide spelers vanuit de beginopstelling tien zetten hebben voltooid:

A4.1.1 is geen wijziging meer toegestaan op de instelling van de schaakklok, tenzij dit een nadelig effect heeft op het toernooischema[221].

A4.1.2 kan er geen claim meer ingediend worden met betrekking tot een onjuiste beginopstelling, of een verkeerd geplaatst schaakbord. In het geval van verkeerde plaatsing van de koning is rokeren met deze koning niet toegestaan.[222] In het geval van verkeerde plaatsing van de toren is rokeren met deze toren niet toegestaan

A4.2[223] Als de arbiter een overtreding waarneemt zoals beschreven in de artikelen 7.5.1, 7.5.2, 7.5.3 of 7.5.4, moet hij handelen volgens artikel 7.5.5[224], vooropgesteld dat de tegenstander nog niet zijn volgende zet gedaan heeft. Als de arbiter niet ingrijpt, mag[225] de tegenstander de overtreding[226] claimen, vooropgesteld dat de hij nog niet zijn volgende zet gedaan heeft.

Als de tegenstander de overtreding niet claimt en de arbiter niet ingrijpt, blijft de onreglementaire zet gehandhaafd en de partij wordt voortgezet. Als de tegenstander een onreglementaire zet heeft beantwoord kan deze niet meer worden hersteld, tenzij de spelers dit besluiten zonder tussenkomst van de arbiter[227].

A4.3 Om de winst na tijdsoverschrijding te claimen mag[228] betrokkene de schaakklok stilzetten[229] en de arbiter hiervan in kennis stellen. Echter, de partij is remise als de stelling zodanig is dat de speler de koning van de tegenstander nooit mat kan zetten, door welke reeks van reglementaire zetten dan ook.

A4.4 Als de arbiter waarneemt dat beide koningen schaak staan of dat er een pion op de verste rij van zijn uitgangspositie staat[230], dan moet de arbiter wachten tot de volgende zet is voltooid. Daarna, als de onreglementaire stelling nog steeds op het bord staat, moet hij de partij remise verklaren.

A4.5 De arbiter moet[231] het vallen van de vlag melden indien hij dit ziet[232].

A5. Het Toernooireglement moet omschrijven of artikel A3 of artikel A4 geldt voor het toernooi.

B. Snelschaak[233]

B1    Bij “snelschaak” moeten alle zetten worden gedaan binnen een vastgestelde tijd, minder[234] dan 10 minuten per speler; of de toegekende tijd + 60 maal de toegevoegde tijd per zet is minder dan 10 minuten per speler.

B2 Voor de straffen genoemd in de artikelen 7 en 9 van de regels van het Schaakspelzal één minuut straftijd in plaats van twee minuten worden toegepast.

B3.1 De FIDE Regels voor het Schaakspel zijn van toepassing als:

B3.1.1 één arbiter toezicht heeft op één partij[235] en

B3.1.2 elke partij genoteerd wordt door de arbiter of zijn assistent en, zo mogelijk, met behulp van elektronische hulpmiddelen wordt vastgelegd.

B3.2 Een speler mag op elk moment, als hij aan zet is, de arbiter of assistent vragen het notatieformulier te bekijken. Dit mag maximaal vijfmaal in een partij gevraagd worden. Meer dan vijfmaal is beschouwd als hinderen van de tegenstander.

B4 Als B3 niet van toepassing is dan worden de partijen gespeeld volgens de Regels voor Rapidschaak zoals vermeld in artikel A4, mede met inachtneming van A2.

B5. Het Toernooireglement moet omschrijven of artikel B3 of artikel B4 geldt voor het toernooi.

C. De notatie van schaakpartijen

FIDE erkent voor haar eigen toernooien en matches slechts één systeem van noteren, het algebraïsch systeem, en beveelt het gebruik van deze uniforme schaaknotatie ook aan voor boeken en tijdschriften. Notatieformulieren met een andere notatie mogen niet worden gebruikt als bewijs in gevallen waarin normaal het notatieformulier van een speler daartoe wordt gebruikt. Een arbiter die ziet dat een speler een andere notatie gebruikt[236], moet hem wijzen op wat vereist is.

Beschrijving van het Algebraïsch Systeem

C1    In deze beschrijving wordt met “stuk” een stuk ongelijk aan een pion bedoeld.

C2    Elk stuk wordt aangeduid door een afkorting. In het Nederland is dit de beginletter in hoofdletter van zijn naam: K = koning, D = dame, T = toren, L = loper en P = paard.

C3    Een speler mag als eerste letter de letter gebruiken van de naam die gemeengoed is in zijn land[237]. In gedrukte publicaties wordt het gebruik van figurines aanbevolen.

C4    Pionnen worden niet aangeduid door een beginletter; ze zijn herkenbaar door het ontbreken van zo’n letter. Voorbeelden: e5, d4, a5.

C5    De acht lijnen zijn (voor wit van links naar rechts, voor zwart van rechts naar links) aangeduid door de kleine letters a, b, c, d, e, f, g en h.

C6    De acht rijen zijn (voor wit van onder naar boven, voor zwart van boven naar onder) genummerd met 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7 en 8. In de beginopstelling staan de witte stukken en pionnen dus op de 1ste en 2de rij, de zwarte op de 8ste en 7de rij.

C7    Uit het voorgaande volgt dat elk veld onveranderlijk wordt aangeduid door de combinatie van een letter en een cijfer.

8a8b8c8d8e8f8g8h8
7a7b7c7d7e7f7g7h7
6a6b6c6d6e6f6g6h6
5a5b5c5d5e5f5g5h5
4a4b4c4d4e4f4g4h4
3a3b3c3d3e3f3g3h3
2a2b2c2d2e2f2g2h2
1a1b1c1d1e1f1g1h1
 abcdefgh

C8    Elke zet wordt aangeduid door: (a) de beginletter van het stuk dat verplaatst wordt, en (b) het veld van aankomst. Tussen (a) en (b) wordt geen koppelteken geplaatst.
Voorbeelden: Le5, Pf3, Td1.

Bij pionzetten wordt alleen het aankomstveld genoteerd. Voorbeelden: e5, d4, a5.

De lange notatie waarbij zowel het vertrekveld als het aankomstveld wordt genoteerd is toegestaan.

C9    Wanneer een stuk slaat, mag een x geplaatst worden tussen (a) de beginletter van het stuk, en (b) het veld van aankomst. Voorbeelden: Lxe5, Pxf3, Txd1.
Wanneer een pion slaat, wordt niet alleen het aankomstveld opgeschreven, maar ook de lijn van vertrek. Voorbeelden: dxe5, gxf3, axb5. Als een pion “en passant” slaat, dan is het aankomstveld het veld waar de pion na deze zet staat en wordt “e.p.” aan de notatie toegevoegd. Voorbeeld exd6 e.p.

C10  Wanneer twee identieke stukken naar hetzelfde veld kunnen worden verplaatst, wordt de zet als volgt genoteerd:

C10.1 indien beide stukken op dezelfde rij staan door (a) de beginletter van het stuk, (b) de lijn van vertrek en (c) het veld van aankomst;

C10.2 indien beide stukken op dezelfde lijn staan door (a) de beginletter van het stuk, (b) het nummer van het veld van vertrek en (c) het veld van aankomst;

C10.3 indien de stukken op verschillende lijnen en rijen staan, dan heeft methode (1) de voorkeur. Indien er sprake is van slaan, wordt een x ingevoegd tussen (b) en (c).

Voorbeelden:

1.       er zijn twee paarden, op g1 en e1, een ervan gaat naar f3: Pgf3 resp. Pef3;

2.       er zijn twee paarden, op g5 en g1, een ervan gaat naar f3: P5f3 resp. P1f3;

3.       er zijn twee paarden, op h2 en d4, een ervan gaat naar f3: Phf3 resp.Pdf3..

Als er op f3 iets wordt geslagen, dan veranderen bovenstaande notaties door invoeging van een x: (1) Pgxf3 resp. Pexf3; (2) P5xf3 resp. P1xf3; (3) Phxf3 resp. Pdxf3.

C11  In geval van promotie van een pion wordt de feitelijke pionzet genoteerd, onmiddellijk gevolgd door de beginletter van het nieuwe stuk.
Voorbeelden: d8D, exf8P, b1L, g1T.

C12  Een remiseaanbod wordt genoteerd als (=).[238]

Gebruikte afkortingen:

0-0=rokade met toren h1 of toren h8 (korte rokade)
0-0-0=rokade met toren a1 of toren a8 (lange rokade)
x=slaan
+=schaak
++ of #=mat
e.p.=“en passant” slaan

De laatste vier afkortingen zijn optioneel (niet verplicht)

D. Regels voor het schaken met blinden en visueel gehandicapte spelers

D1      De Toernooiorganisator heeft, in overleg met de arbiter, de bevoegdheid om de volgende regels aan te passen overeenkomstig de plaatselijke omstandigheden. Bij wedstrijdschaak tussen ziende en visueel gehandicapte spelers (juridisch blind) mag iedere speler om het gebruik van twee schaakborden verzoeken, de ziende speler gebruikt dan een normaal schaakbord, de visueel gehandicapte speler een speciaal geconstrueerd bord. Het speciaal geconstrueerde schaakbord dient aan de volgende eisen te voldoen:

D1.1 tenminste 20 bij 20 centimeter;

D1.2 de zwarte velden iets verhoogd;

D1.3 een opening in ieder veld;

D1.4.1 ieder stuk voorzien van een pen die in de openingen in de velden past;

D1.4.2 stukken van het Staunton model, waarbij de zwarte stukken van een speciaal merkteken[239] zijn voorzien.

D2      De volgende regels zijn van toepassing op het spel:

D2.1 De zetten worden duidelijk aangekondigd, door de tegenstander herhaald en op zijn bord uitgevoerd. Bij een promotie van een pion moet de speler aankondigen welk stuk in de plaats komt. Om de aankondiging zo duidelijk mogelijk te maken wordt het gebruik van de volgende namen in plaats van de corresponderende letters aanbevolen. Voor de lijnen:

A – Anna ; B – Bella ; C – Cesar ; D – David
E – Eva ; F – Felix ; G – Gustav ; H – Hector[240]

De rijen van wit naar zwart krijgen de Duitse getallen, tenzij de arbiter hier anders over beslist[241]:

1 – eins ; 2 – zwei ; 3 – drei ; 4 – vier
5 – fünf ; 6 – sechs ; 7 – sieben ; 8 – acht[242]

Rokeren wordt aangekondigd als “Lange Rochade” of “Kurze Rochade”.
De stukken dragen de namen: König, Dame, Turm, Läufer, Springer[243] en Bauer.

D2.2 Op het schaakbord van de visueel gehandicapte speler wordt een stuk als “aangeraakt” beschouwd als het uit de opening[244] is genomen.

D2.3 Een zet wordt als gedaan beschouwd wanneer:

D2.3.1 ingeval van slaan, het geslagen stuk verwijderd is van het schaakbord van de aan zet zijnde speler;

D2.3.2 een stuk in een andere opening is geplaatst;

D2.3.3 de zet is aangekondigd.

D2.4 Pas dan mag de klok van de tegenstander in gang worden gezet.

D2.5 Voor wat betreft punten D2.2 en D2.3, zijn de normale regels van kracht voor de ziende speler.

D2.6.1 Een speciaal voor visueel gehandicapten geconstrueerde schaakklok is toegestaan. Deze klok is in staat om de tijd en het aantal zetten aan te kondigen aan de visueel gehandicapte.

D2.6.2 Er mag ook gebruik worden gemaakt van een analoge klok. Deze moet voldoen aan de volgende kenmerken:

D2.6.2.1 Een wijzerplaat met verstevigde wijzers, waar iedere vijf minuten zijn gemarkeerd met een stip, en iedere 15 minuten met twee verhoogde stippen.

D2.6.2.2 Een vlag die gemakkelijk kan worden gevoeld. Er dient voor te worden gezorgd dat de vlag zo geconstrueerd is dat de speler de minutenwijzer kan voelen gedurende de laatste vijf minuten van het hele uur.

D2.7 De visueel gehandicapte speler dient de notatie van de partij bij te houden in braille of gewoon schrift, of de zetten vast te leggen op een bandrecorder.

D2.8 Een verspreking bij het aankondigen van een zet moet onmiddellijk worden gecorrigeerd voordat de klok van de tegenstander in gang wordt gezet.

D2.9 Als er gedurende een partij twee verschillende stellingen ontstaan op de twee schaakborden, moet dit worden gecorrigeerd met hulp van een arbiter en door het raadplegen van de partijnotaties van beide spelers. Als de twee partijnotaties overeenkomen, moet de speler die de juiste zet heeft opgeschreven maar de verkeerde heeft gedaan, zijn stelling corrigeren met de zet van de partijnotaties.

Wanneer dergelijke verschillen voorkomen en de twee partijnotaties blijken te verschillen, worden de zetten teruggenomen tot op het punt waar de twee notaties overeenkomen en een arbiter zal de klok dienovereenkomstig bijstellen.

D2.10 De visueel gehandicapte speler heeft het recht om gebruik te maken van een assistent die een of meer van de volgende taken heeft:

D2.10.1 Het uitvoeren van de zetten van beide spelers op het schaakbord van de tegenstander.

D2.10.2 Het aankondigen van de zetten van beide spelers.

D2.10.3 Het bijhouden van de notatie van de visueel gehandicapte speler en de klok van zijn tegenstander in gang zetten.

D2.10.4 Het informeren van de visueel gehandicapte speler over het aantal gedane zetten en de tijd die door beide spelers is verbruikt, enkel op diens verzoek.

D2.10.5 Het opeisen van de partij in gevallen waarin de tijdslimiet is overschreden en het informeren van een arbiter wanneer de ziende speler een van zijn stukken heeft aangeraakt.

D2.10.6 Het verrichten van de nodige formaliteiten wanneer de partij wordt afgebroken.

D2.11 Wanneer de visueel gehandicapte speler geen gebruik maakt van een assistent, mag de ziende speler gebruik maken van een assistent[245] voor het uitvoeren van de taken vermeld onder punt D2.10.1 en D2.10.2. Een assistent is noodzakelijk indien een visueel gehandicapte speler speelt tegen een gehoorgestoorde speler.[246]

Richtlijn I. Afgebroken partijen[247]

I.1.1 Als een partij niet is beëindigd na het verstrijken van de voorgeschreven speeltijd, dan moet de arbiter de aan zet zijnde speler vragen zijn zet “af te geven”. De speler moet zijn zet op zijn notatieformulier schrijven in een niet voor tweeërlei uitleg vatbare notatie[248], het notatieformulier en dat van zijn tegenstander in een envelop doen, deze sluiten en pas dan zijn klok stilzetten zonder die van zijn tegenstander aan te zetten.

Totdat hij de klokken heeft stilgezet, heeft de speler het recht zijn afgegeven zet te wijzigen. Als de speler een zet op het schaakbord doet nadat de arbiter hem heeft gezegd een zet af te geven, dan moet hij dezelfde zet noteren als zijn afgegeven zet.

I.1.2 Een aan zet zijnde speler die afbreekt voor het verstrijken van de voorgeschreven speeltijd, wordt geacht te hebben afgegeven op het tijdstip waarop de zitting officieel eindigt, en zijn dan resterende tijd dient te worden geregistreerd.

I.2   Op de envelop moeten worden vermeld:

I.2.1 de namen van de spelers

I.2.2 de stand van de stukken waarin werd afgebroken

I.2.3 de door elke speler verbruikte bedenktijd

I.2.4 de naam van de speler die de zet heeft afgegeven

I.2.5 het nummer van de afgegeven zet

I.2.6 het remiseaanbod als het voorstel nog van kracht is

I.2.7 de datum, tijd en locatie van hervatting van de partij.

I.3   De arbiter moet de juistheid van de gegevens op de envelop controleren en is verantwoordelijk voor het bewaren ervan.

I.4   Als een speler remise aanbiedt nadat zijn tegenstander een zet heeft afgegeven, dan is dit aanbod geldig totdat zijn tegenstander het heeft aangenomen of afgewezen zoals in artikel 9.1.

I.5   Voor de hervatting van de partij moet de stelling waarin werd afgebroken, op het schaakbord worden opgezet, en de door elk der spelers verbruikte bedenktijd op de klok worden ingesteld.

I.6   Als vóór de hervatting remise is overeengekomen of een van de spelers de arbiter heeft laten weten dat hij opgeeft, dan is de partij beëindigd.

I.7   De envelop wordt pas geopend als de speler die moet antwoorden op de afgegeven zet, aanwezig is.

I.8   Behalve in de gevallen genoemd in de artikelen 6.9 en 9.6 is de partij verloren voor de speler wiens afgegeven zet:

I.8.1 voor meer dan een uitleg vatbaar is, of

I.8.2 zodanig is genoteerd dat het onmogelijk is vast te stellen wat is bedoeld, of

I.8.3 onreglementair is.

I.9   Als op het afgesproken aanvangstijdstip van de hervatting

I.9.1 de speler die moet antwoorden op de afgegeven zet aanwezig is, dan wordt de envelop geopend, de afgegeven zet op het schaakbord uitgevoerd en zijn klok aangezet.

I.9.2 de speler die moet antwoorden op de afgegeven zet afwezig is, dan wordt zijn klok aangezet. Bij zijn aankomst mag hij zijn klok stilzetten en de arbiter roepen. Dan wordt de envelop geopend en de afgegeven zet op het schaakbord uitgevoerd. Zijn klok wordt weer aan de gang gebracht.

I.9.3 de speler die de zet heeft afgegeven afwezig is, dan behoeft zijn tegenstander zijn antwoordzet niet op het schaakbord uit te voeren, maar mag hij deze zet op zijn notatieformulier schrijven, zijn notatieformulier in een nieuwe envelop insluiten, zijn klok stil- en die van zijn tegenstander aanzetten. In dat geval moet de envelop aan de arbiter in bewaring worden gegeven en worden geopend als de afwezige speler arriveert.

I.10 De speler verliest de partij als hij na de default tijd aan het schaakbord verschijnt voor de hervatting van een afgebroken partij, tenzij de arbiter anders beslist. Echter als de afgegeven zet de partij beslist[249], is deze alsnog van toepassing[250].

I.11 Indien het wedstrijdreglement aangeeft dat de default tijd voor het te laat komenniet 0 is, geldt het volgende: indien beide spelers afwezig zijn dan verliest de speler die moet reageren op de afgegeven zet alle tijd die verloopt tot hij arriveert; tenzij in het wedstrijdreglement iets anders is omschreven of de arbiter anders beslist

I.12.1 Als de envelop met de afgegeven zet zoek is, dan wordt de partij hervat vanuit de stelling waarin werd afgebroken, met de kloktijden van dat moment. Als de verbruikte bedenktijd van elke speler niet kan worden vastgesteld, dan beslist de arbiter hierover. De speler die zijn zet heeft afgegeven, doet de zet waarvan hij verklaart die te hebben afgegeven, op het schaakbord.

I.12.2 Als het onmogelijk is de stelling te achterhalen, dan wordt de partij ongeldig verklaard en een nieuwe partij gespeeld.

I.13 Als een speler, voordat hij bij de hervatting zijn eerste zet doet, erop wijst dat de verbruikte bedenktijd onjuist op een klok is ingesteld, dan moet dit worden gecorrigeerd. Als deze fout dan niet wordt geconstateerd, gaat de partij verder zonder correctie, tenzij de arbiter de consequenties te ernstig vindt.

I.14 De duur van elke zitting met afgebroken partijen wordt bepaald aan de hand van de klok van de arbiter. Begin- en eindtijd worden van tevoren bekend gemaakt.

Richtlijn II. Regels voor Chess960[251]

II.1. Voor de aanvang van een Chess960 partij wordt een startpositie van de stukken willekeurig opgesteld volgens bepaalde regels. Nadien wordt de partij volgens de normale regels betwist. De stukken spelen zoals normaal en het doel is de tegenstander mat te zetten.

II.2. Regels voor de startpositie

De startpositie voor Chess960 moet beantwoorden aan bepaalde regels. Witte pionnen moeten op de tweede lijn staan zoals in normaal spel. Alle andere witte stukken worden willekeurig op de eerste rij geplaatst met volgende beperkingen.

II.2.1 De koning moet tussen de twee torens staan

II.2.2 de lopers moeten op tegenovergestelde kleuren te staan (dus ieder moet zowel een witveldige als zwartveldige loper hebben)

II.2.3 de stelling van de witte en zwarte stukken moet symmetrisch zijn

De startpositie wordt voor de aanvang van de partij aangemaakt ofwel via computer of door het gebruik van speelkaarten of een dobbelsteen.

In totaal zijn er dus 16 X 20 X 3 X 1 = 960 legale mogelijke beginopstellingen in Fischer Random Chess.

II.3. Chess960 rokaderegels:

II.3.1 Chess960 laat elke speler toe om éénmaal per partij te rokeren. Enige interpretatie is nodig ten opzichte van de standaardregels omdat de positie van de koning en de toren niet dezelfde is als in normaal schaken.

II.3.2 Hoe de rokade uitvoeren. In Chess960 zijn er afhankelijk van de positie van koning en toren vier mogelijkheden om een rokade uit te voeren.

II.3.2.1 Dubbele zet rokade : in één zet een zet met de koning en één met de toren uitvoeren

II.3.2.2. Transpositie rokade : door de koning en toren van plaats te verwisselen

II.3.2.3. Koning rokade : enkel een zet met de koning

II.3.2.4. Toren rokade: enkel een zet met de toren[252]

II.3.2.5 Aanbeveling

II.3.2.5.1 Voor een rokade op een echt bord als mensen tegenover elkaar is het aangewezen om eerst de koning uit het bord te nemen, de toren te verplaatsen en pas dan de koning op het uiteindelijke veld te plaatsen.

II.3.2.5.2 Na de rokade moeten koning en toren exact op dezelfde plaats staan als ze zouden staan na een klassieke rokade

II.3.2.6 Verduidelijking

Na rokeren aan de kant van de c-lijn (genoteerd als 0-0-0 en bekend als rokeren op de damevleugel in het klassieke schaak) staat de koning op de c-lijn (c1 bij wit en c8 bij zwart) en de toren op de d-lijn (d1 bij wit en d8 bij zwart). Na rokeren aan de kant van de g-lijn (genoteerd als 0-0 en bekend als rokeren op de koningsvleugel in het klassieke schaak) staat de koning op de g-lijn (g1 bij wit en g8 bij zwart) en de toren op de f-lijn (f1 bij wit en f8 bij zwart).

II.3.2.7 Nota’s

II.3.2.7.1 Om misverstanden te vermijden is het best de rokade mondeling aan te kondigen

II.3.2.7.2 In sommige beginopstellingen zal de koning of de toren niet bewegen door een rokade

II.3.2.7.3 In sommige beginopstellingen zal de rokade al vanaf de eerste zet mogelijk zijn

II.3.2.7.4 alle velden tussen de start en eindpositie van de koning en van de toren moeten leeg zijn om te kunnen rokeren (met uitzondering van de betrokken toren en koning).

II.3.2.7.5 Vanuit sommige beginopstellingen kunnen velden gevuld zijn die bij normaal schaak onbezet moeten zijn tijdens rokeren. Bijvoorbeeld, na rokeren aan de kant van de c-lijn (0-0-0) is het mogelijk dat de velden a, b en/of e bezet zijn, en na rokeren aan de kant van de g-lijn (0-0) is het mogelijk dat de velden e en/of h bezet zijn..

Richtlijn III: Versneld beëindigen[253]

III.1    “Versneld beëindigen” betreft de periode van een partij waarin alle resterende zetten moeten worden gedaan in een begrensde bedenktijd[254].

III.2.1 De richtlijnen hieronder hebben betrekking op het laatste deel van een partij, inclusief het versneld beëindigen, en zullen enkel gebruikt worden indien dit op voorhand werd aangekondigd in het toernooi.

III.2.2 Deze bijlage kan alleen van kracht zijn op partijen die vallen onder de normale regels of onder de Regels voor Rapidschaak zonder toegevoegde tijd per zet en niet op partijen onder de Regels voor Snelschaak.

III.3.1 Als beide vlaggen zijn gevallen[255] en het onmogelijk is vast te stellen welke vlag het eerst viel[256], dan

III.3.1.1 moet de partij worden voortgezet als het gebeurt in een periode die niet de laatste is.

III.3.1.2 is de partij remise als het gebeurt in een periode waarbinnen alle resterende zetten moeten worden gedaan.

III.4 Als de aan zet zijnde speler minder dan twee minuten op zijn klok over heeft, dan mag hij, zo mogelijk, verzoeken om over te gaan op een niet-opsparende of wel-opsparende tijdsinstelling met 5 extra seconden per zet voor beide spelers. Dit is ook een remiseaanbod/-voorstel. Als dit remisevoorstel wordt afgewezen en de arbiter gaat akkoord met het eerdergenoemde verzoek dan moet die extra tijd op de schaakklok worden ingesteld. De tegenstander krijgt 2 minuten extra tijd en de partij wordt voortgezet.

III.5 Als artikel III.4 niet van kracht is en de aan zet zijnde speler minder dan twee minuten op zijn klok over heeft[257], dan mag hij remise claimen voor zijn vlag valt[258]. Hij moet de arbiter waarschuwen en mag de schaakklok stilzetten[259] (zie artikel 6.12b). Hij mag claimen dat het niet mogelijk is dat zijn tegenstander op een normale manier kan winnen en/of dat zijn tegenstander geen poging doet de partij op een normale manier te winnen.

III.5.1 Als de arbiter er mee instemt dat de tegenstander geen poging doet de partij op een normale manier te winnen[260], of dat het niet mogelijk is om op een normale manier te winnen[261], dan moet hij de partij remise verklaren. Anders moet hij zijn beslissing uitstellen[262] of de claim afwijzen.

III.5.2 Als de arbiter zijn beslissing uitstelt, dan kan aan de tegenstander twee minuten extra bedenktijd worden toegekend[263] en moet de partij worden voortgezet, indien mogelijk in aanwezigheid van een arbiter. De arbiter moet de definitieve uitslag later in de partij meedelen of zo snel mogelijk nadat er een vlag is gevallen[264]. Hij moet de partij remise verklaren als hij ermee instemt dat het niet mogelijk is de slotstelling op een normale manier te winnen, of dat de tegenstander niet voldoende geprobeerd heeft op een normale manier te winnen[265].

III.5.3 Als de arbiter de claim heeft afgewezen dan moet aan de tegenstander twee minuten extra bedenktijd toegekend worden.

III.6 Het volgende is van kracht voor een wedstrijd buiten aanwezigheid van een arbiter[266]

III.6.1 Een speler mag remise claimen als hij minder dan twee minuten op zijn klok over heeft en voordat zijn vlag is gevallen. Dit beëindigt de partij. Hij mag claimen op basis van het feit

III.6.1.1 dat zijn tegenstander niet op een normale wijze kan winnen, en/of

In III.6.1.1 moet de speler de eindstelling opschrijven en zijn tegenstander moet dit verifiëren.

III.6.1.2 dat zijn tegenstander geen poging doet om op een normale wijze te winnen.

In III.6.1.2 moet de speler de eindstelling opschrijven en een volledig bijgewerkt notatieformulier overleggen. De tegenstander moet het notatieformulier en de eindstelling verifiëren.

III.6.2 De claim moet worden voorgelegd aan de toegewezen arbiter.

Gebruikte woordenschat[267]

Het getal achter het onderwerp verwijst naar het artikel van de Regels waarin het voor het eerst genoemd wordt.

50-zettenregel: 9.3.2 Een speler mag remise claimen als de laatste 50 zetten door beide spelers zijn voltooid zonder dat er een pion is verplaatst of iets is geslagen.

75-zettenregel: 9.6.2. De partij is remise als de laatste 75 zetten door beide spelers zijn voltooid zonder dat er een pion is verplaatst of iets is geslagen.

aanraken-regel: 4.3. Als een speler een stuk aanraakt met de intentie het te verplaatsen, is deze verplicht het te verplaatsen.

aanval: 3.1. Men zegt dat een stuk wordt aangevallen door een stuk van de tegenstander als die het stuk kan slaan op dat veld.

afbreken: 8.1. In plaats van het spelen van de partij in één sessie, wordt de partij tijdelijk stopgezet en op een later tijdstip voortgezet.

afgegeven zet: I. Wanneer een partij wordt afgebroken, geeft de speler zijn volgende zet af in een envelop.

algebraïsche notatie: 8.1. Het vastleggen van de zetten gebruikmakend van a-h en 1-8 op het 8×8 bord.

analyse: 11.3. Als een of meer spelers zetten doen op een bord met het doel de beste voortzetting te vinden.

arbiter: Voorwoord. De persoon (personen) die verantwoordelijk is (zijn) ervoor te zorgen dat het wedstrijdreglement wordt nageleefd.

assistent: 8.1. Iemand die op verscheidene manieren kan helpen om de wedstrijd soepel te laten verlopen.

beeldscherm: 6.12.1. Een elektronische weergave van de stelling op het bord.

beoordeling door de arbiter: Er zijn ongeveer 39 gevallen in de Regels waar de arbiter zijn oordeel moet gebruiken.

beroep: 11.10. Normaal gesproken heeft een speler het recht in beroep te gaan tegen een beslissing van de arbiter of de organisator.

bord: 2.4. Kort woord voor schaakbord.

bordschaak: Inleiding. De Regels hebben alleen betrekking op deze vorm van schaken, geen internet, noch correspondentie, enzovoort.

Bronstein-tijdsinstelling: 6.3.2. Zie niet-opsparende tijdsinstelling.

Chess960: II. Een variant van schaken waar de stukken op de achterste rij in een van de 960 mogelijke te onderscheiden posities staan opgesteld.

claim: 6.8. De speler kan bij verschillende omstandigheden een claim indienen bij de arbiter.

damevleugel: 3.8.2. De verticale helft van het bord waarop de dame staat bij het begin van de partij.

demonstratiebord: 6.12. Een weergave van de stelling op het bord waarvan de stukken met de hand worden verplaatst.

diagonaal: 2.4. Een van een bordrand naar een aanliggende rand lopende rechte lijn van velden van dezelfde kleur.

dode stelling: 5.2.2. Waar beide spelers onmogelijk de koning van de tegenstander kunnen matzetten met welke reeks van reglementaire zetten dan ook.

e-sigaret: 11.3.4. apparaat met een vloeistof die wordt verdampt en mondeling geïnhaleerd om de daad van tabak roken te simuleren.

en passant: 3.7.4.1 Zie het betreffende artikel voor een uitleg. Genoteerd als e.p..

Fischer-modus: Zie opsparende tijdsinstelling.

forfait krijgen: 10.1. Een partij verliezen omwille van een inbreuk op de Regels. (Zie ook tweede puntje van ‘forfait’.)

gedaan: 1.3. Een zet wordt gezegd te zijn ‘gedaan’, wanneer het stuk is verplaatst naar zijn nieuwe veld, de hand het stuk heeft losgelaten en het geslagen stuk, indien er één is, is verwijderd van het bord.

gehandicapt: 6.2.6. Een situatie, zoals een fysieke of psychische beperking, die leidt tot een gedeeltelijk of volledig verlies van de mogelijkheid om schaakhandelingen uit te voeren.

gsm: zie mobiele telefoon

handicap: Zie gehandicapt.

ik zet recht: Zie j’adoube.

increment: 6.3. Een hoeveelheid tijd (van 1 tot 60 seconden) die vanaf de start toegevoegd wordt voor het doen van een zet van een speler. Dit kan toegepast worden bij een niet-opsparende tijdsinstelling of een opsparende tijdsinstelling.

indrukken van de klok: 6.2.1. De handeling van het indrukken van de knop of hendel op een schaakklok die de klok van de speler stopt en die van zijn tegenstander aan de gang brengt.

ingrijpen: 12.7. Zich mee bemoeien in iets wat aan de gang is om het resultaat te beïnvloeden.

j’adoube: 4.2. Kenbaar maken dat de speler een stuk recht wil zetten, maar zonder noodzakelijk de intentie het te bewegen.

klok: 6.1. Een van de twee displays.

koningsvleugel: 3.8.2. De verticale helft van het bord waarop de koning staat bij het begin van de partij.

kwaliteit: Wanneer de ene speler een toren is kwijtgeraakt en de ander een loper of paard is kwijtgeraakt. (Is 3de puntje bij ‘exchange’.)

licht stuk: Loper of paard.

lijn: 2.4. Een verticale kolom van acht velden op het schaakbord.

mat: Afkorting van schaakmat.

mobiele telefoon: 11.3.2.

monitor: 6.12.1. Een elektronische weergave van de stelling op het bord.

niet-goed geplaatst: 7.4.1. Stukken plaatsen of verzetten van hun gebruikelijke plaats. Bijvoorbeeld. Een pion van a2 naar a4.5; een toren deels tussen d1 en e1; een stuk dat op zijn zijde ligt; een stuk dat op de grond is gevallen.

niet-opsparende (Bronstein) tijdsinstelling: 6.3.2. Iedere speler krijgt een ‘basisbedenktijd’ toegewezen en krijgt ook bij elke zet een ‘vooraf afgesproken hoeveelheid extra tijd’. Van de basisbedenktijd gaat pas tijd af nadat deze extra tijd verstreken is. Als de speler zijn klok indrukt voordat de extra tijd verstreken is, zal zijn basisbedenktijd niet wijzigen onafhankelijk van de hoeveelheid extra tijd gebruikt werd.

normale manier: III.5. Op een positieve manier spelen met het doel te winnen; of een stelling hebben waarin er een reële kans is op winnen op een andere manier dan door vlagval.

notatieformulier: 8.1. Een vel papier met ruimte voor het noteren van de zetten. Dit kan ook elektronisch gebeuren.

nultolerantie: 6.7.1. Waar de speler aan het schaakbord moet toekomen voor het begin van de partij.

onreglementair: 3.10.2. Een stelling of zet die onmogelijk is door de Regels voor het Schaakspel.

opgeven: 5.1.2. Waar een speler opgeeft eerder dan door te spelen tot hij matgezet wordt.

opsparende (Fischer) tijdsinstelling: Waar een speler voor elke zet extra tijd krijgt (vaak 30 seconden).

organisator: 8.3. De persoon verantwoordelijk voor de locatie, data, prijzengeld, uitnodigingen, toernooivorm, enzovoort.

pat: 5.2.1. Waar de aan zet zijnde speler geen reglementaire zet heeft en zijn koning niet schaak staat.

promotie: 3.7.5.3. Wanneer een pion de achtste rij bereikt en wordt vervangen door een nieuwe dame, toren, loper of paard van dezelfde kleur. (Zie ook eerste puntje van ‘exchange’.)

promotieveld: 3.7.5.1. Het veld waar een pion op komt wanneer die de achtste rij bereikt.

promoveren tot dame: zoals een pion promoveert tot dame, wat betekent dat de pion promotie doet tot dame.

punten: 10. Normaal behaalt een speler 1 punt voor een overwinning, een ½ punt voor remise en 0 punten voor verlies. Een alternatief is 3 punten voor een overwinning, 1 punt voor remise en 0 punten voor verlies.

rapidschaak: A. Een partij waarbij de bedenktijd van iedere speler meer dan 10 minuten is, maar minder dan 60.

reglementaire zet: Zie artikel 3.10.1.

remise: 5.2. Als de partij beëindigd is zonder een winnaar.

remiseaanbod: 9.1.2. Als een speler remise aanbiedt aan zijn tegenstander. Dit wordt op het notatieformulier genoteerd met het teken (=).

rij: 2.4. Een horizontale reeks van acht velden op het schaakbord.

rokeren: 3.8.2. Een koningszet in de richting van een toren. Zie het artikel. Genoteerd als 0-0 voor rokeren aan de koningszijde en 0-0-0 voor rokeren aan de damezijde.

ruil: Wanneer een speler een stuk slaat van dezelfde waarde als het stuk dat van hem teruggeslagen wordt.

ruimte grenzend aan het speelgebied: 12.8. Een aan het spelersgebied grenzende ruimte wat niet tot het spelersgebied behoort. Bijvoorbeeld de ruimte voor toeschouwers.

rustplaatsen: 11.2.1. Toiletten, alsook de kamer ter beschikking gesteld in Wereldkampioenschappen waar spelers kunnen relaxen.

schaak: 3.9. Als een koning door één of meer stukken van de tegenstander wordt aangevallen. Genoteerd als +.

schaakbord: 1.1. Het rooster van 8×8, zoals in 2.1.

schaakklok: 6.1. Een klok met twee displays die met elkaar verbonden zijn.

schaakmat: 1.4.1. Als de koning wordt aangevallen en de aanval kan niet afgeslagen worden. Genoteerd als ++ of #.

schaakset: De 32 stukken op het schaakbord.

scherm: 6.12. Een elektronische weergave van de positie op het bord.

slaan: 3.1. Waar een stuk verplaatst wordt van zijn veld naar een veld dat bezet is door een stuk van de tegenstander, wordt het laatste stuk van het bord gehaald. Zie ook artikel 3.7.4.1 en 3.7.4.2. Genoteerd als x.

snelschaken: B. Een partij waarin elke speler in totaal 10 minuten of minder bedenktijd heeft.

speelruimte: 11.2. De plaats waar de partijen van een wedstrijd worden gespeeld.

spelersgebied: 11.2. De enige ruimtes waar de spelers toegang hebben tijdens een wedstrijd.

sportief spel: 12.2.1. Of er rechtvaardigheid is geweest, moet soms in overweging genomen worden, als de arbiter vindt dat de Regels onvoldoende zijn.

standaardschaak: III. Een partij waar de bedenktijd van iedere speler minstens 60 minuten is.

straffen: 12.3. De arbiter kan straffen uitdelen zoals in oplopende volgorde van zwaarte vermeld in artikel 12.9.

stuk: 2. 1. Een van de 32 figuren op het bord. Of: 2. Een dame, toren, loper of paard.

superviseren: 12.2.5. Inspecteren of controleren.

tijdcontrole: 6.4. 1. De beschrijving van de tijd die aan de speler is toegewezen. Bijvoorbeeld: 40 zetten in 90 minuten gevolgd door alle overige zetten in 30 minuten, plus 30 seconden increment vanaf zet 1. Of 2. Een speler heeft ‘de tijdcontrole gehaald’, als hij bijvoorbeeld 40 zetten heeft voltooid in minder dan 90 minuten.

tijdsperiode: 8.6. Een gedeelte van de partij waarin de spelers een aantal zetten of alle zetten binnen een bepaalde tijd moeten voltooien.

toeschouwers: 11.4. Mensen, anderen dan arbiters of spelers, die de partijen bekijken. Dit geldt ook voor spelers die hun partijen hebben beëindigd.

uitleg: 11.9. Een speler heeft het recht om uitleg te krijgen over een artikel.

uitslag: 8.7. Gewoonlijk is de uitslag 1-0, 0-1 of ½-½. In uitzonderlijke omstandigheden kunnen beide spelers verliezen (artikel 11.8), of de een scoort ½ en de ander 0. Voor niet gespeelde partijen worden de scores aangegeven met +/- (Wit wint forfaitair), -/+ (Zwart wint forfaitair), -/- (beide spelers verliezen forfaitair).

versneld beëindigen: III. De laatste periode van een partij waarin de speler een ongelimiteerd aantal zetten moet voltooien in een gelimiteerde tijd.

vertikaal: 2.4. Men denkt dikwijls dat de 8ste rij het hoogste gebied van een schaakbord is. Hierdoor wordt elke lijn verwezen als ‘vertikaal’.

verzuimtijd: 6.7. De gespecifieerde tijd die een speler te laat mag komen zonder hiervoor een forfait te krijgen.

vlag: 6.1. Het hulpmiddel dat laat zien wanneer een tijdsperiode verstreken is.

vlagval: 6.1. Wanneer de aan de speler toegekende bedenktijd is verstreken.

voltooide zet: 6.2.1. Als een speler zijn zet heeft gedaan en daarna zijn klok ingedrukt heeft.

wedstrijdreglement: 6.7.1. Op verschillende punten in de Regels zijn er keuzemogelijkheden. Het wedstrijdreglement moet aangeven welke keuzes zijn gemaakt.

wit: 2.2. 1. Er zijn 16 licht gekleurde stukken en 32 velden, genaamd witOf 2. Wanneer het met een hoofdletter staat verwijst het ook naar de speler met de witte stukken.

zet: 1.1. 1. 40 zetten in 90 minuten verwijst naar 40 zetten door elke speler. Of 2. aan zet zijn verwijst naar het recht van de speler om de volgende zet te doen. Of 3. Wits beste zet verwijst naar de enkele zet van Wit.

zetherhaling: 9.2.1. 1. Een speler mag remise claimen als dezelfde stelling drie keer voorkomt. 2. Een partij is remise als dezelfde stelling vijf keer voorkomt.

zettenteller: 6.10.2. Een hulpmiddel op een schaakklok dat kan worden gebruikt om het aantal keren te registreren dat de klok is ingedrukt door elke speler.

zitting: 6.7.1. de start van de partij, tenzij het wedstrijdreglement anders bepaalt.

zwart: 2.1. 1. Er zijn 16 donker gekleurde stukken en 32 zwarte velden. Of 2. Met een hoofdletter verwijst het ook naar de speler met de zwarte stukken.

Doorgeefschaak reglement[268]

1.     Elke wedstrijd wordt gespeeld tussen ploegen van twee spelers op twee naast elkaar liggende borden met verschillende kleur. Beide spelers van een ploeg dienen steeds in dezelfde opstelling te spelen als opgegeven bij de inschrijving.

2.     Elk team heeft een eerste-bordspeler en een tweede-bordspeler. Tijdens een wedstrijd spelen beide eerste-bordspelers tegen mekaar en ook de beide tweede-bordspelers. De paringen, gemaakt door de wedstrijdleiding, bepalen welk team wit heeft voor de eerste-bordspeler.

3.     Het FIDE-reglement voor het snelschaken is van toepassing voor zover hiervan in dit reglement niet wordt afgeweken. Het tempo bedraagt 5 minuten per speler per partij.

4.     De klokken zijn zo opgesteld dat ze zichtbaar zijn voor de beide spelers van beide teams.

5.     Reglement

a.     De beide spelers van eenzelfde ploeg spelen met stukken van verschillende kleur.

b.     Alle stukken die van de tegenstander worden genomen, mogen aan de ploegmaat doorgegeven worden na het induwen van de eigen klok.

c.     Telkens wanneer deze ploegmaat aan zet is mag hij, in plaats van een stuk op het bord te verplaatsen, één van de ontvangen stukken op zijn bord zetten. Dit mag bijvoorbeeld gebeuren om de vijandelijke koning schaak of mat te geven of om een eigen schaak te pareren.

        Er gelden echter volgende beperkingen:

–       een pion mag noch op de eerste, noch op de laatste rij geplaatst wor­den;

–       op het ogenblik dat een stuk op het bord geplaatst wordt mag dit geen stuk slaan; het kan dus enkel op een vrij veld geplaatst worden.

Indien men een nieuw stuk op bord wil plaatsen en het stuk raakt het bord, is men verplicht dit stuk te spelen, tenzij geen reglementaire zet mogelijk is

d.     Een ploeg wordt winnaar verklaard zodra ze op één van de borden de overwinning behaalt, wat ook de stand is van de andere nog lopende partij. Remise is enkel mogelijk wanneer beide spelers van een ploeg pat staan zonder dat ze nog stukken in reserve hebben of indien er diagonaal tijdsoverschrijding voorkomt of door onderlinge overeenkomst.

e.     Het is verboden informatie uit te wisselen met de ploegmaat zolang de partij bezig is. De twee schaakborden en -klokken moeten goed zichtbaar blijven voor de vier spelers, evenals de stukken die elke speler in reserve houdt. Overtreding wordt bestraft met het verlies van de partij en kan na herhaalde overtreding uitsluiting uit het toernooi tot gevolg hebben.

f.      Volgende dialoog is toegestaan tussen teamgenoten en wordt niet beschouwd als inbreuk op e)

·             het vragen naar een welbepaald soort stuk

·             het waarschuwen voor het niet verliezen van een soort stuk gebaseerd op de eigen stelling

·             te vragen tot welk specifiek stuk gepromoveerd moet worden

6.     Enkele verduidelijkingen bij het reglement:

a.     De gepromoveerde pion moet onmiddellijk vervangen worden door OFWEL een reglementair stuk “in bezit” van de speler die promoveert, OFWEL een reglementair stuk “in bezit” van de tegenstander op het andere bord, OFWEL een reglementair stuk aanwezig op het andere bord op voorwaarde dat geen speler op dit bord hierdoor schaak komt te staan.

b.     Vooraleer een geslagen stuk wordt doorgegeven, moet de eigen klok ingedrukt worden.

c.     Alle stukken en klokken moeten steeds goed zichtbaar blijven voor de vier spelers. Dit betekent dat de reservestukken moeten worden opgesteld tussen bord en speler en dat de klokken niet tussen de twee borden mogen worden geplaatst.

d.     Een koning staat nog niet mat wanneer het schaak kan worden gepareerd door het tussenplaatsen van een reservestuk, zelfs indien men op dat ogenblik nog niet over dat stuk beschikt.

e.     Eigen schaak moet worden gepareerd vóór men zijn tegenstander mat zet (of in dezelfde zet).

f.      Een partij is pas beëindigd wanneer het mat duidelijk is opgeëist door de rechtstreekse tegenstander.

g.     Het vallen van een vlag mag vastgesteld worden door beide tegenstanders

Ethische Code van de FIDE[269]

1. Inleiding

1.1 Het schaakspel is gebaseerd op het principe dat iedereen de bestaande regels en reglementen opvolgt en groot belang hecht aan fair-play en aan een gedrag als een goede sportbeoefenaar.

1.2 Het is onmogelijk om volledig en in alle omstandigheden te beschrijven welke gedragingen verwacht worden van alle partijen betrokken bij een FIDE-toernooi of organisatie, of af te lijnen welke gedragingen een overtreding betekenen van de ethische code en kunnen leiden tot disciplinaire sancties. In de meeste gevallen zal gezond verstand iedereen leiden welk gedrag vereist is. Indien een deelnemer in een FIDE-organisatie twijfel heeft over bepaalde gedragingen, kan een FIDE-official of de organisator gecontacteerd.

1.3 Elk geschil dat optreedt tijdens een schaakpartij zal opgelost worden in overeenstemming met de regels van het schaakspel en van het toernooi zoals ze op dat moment van toepassing zijn of waren.

1.4   De ethische code is van toepassing op:

        – officiëlen van de FIDE

        – federaties, gedelegeerden en bemiddelaars

        – verbonden organisaties

        – organisatoren, sponsors

        – alle deelnemers aan FIDE-competities

De code bepaalt welke acties genomen kunnen worden tegen personen of organisaties die moedwillig of door nalatigheid de regels van het spel overtreden en die de regels rond sportiviteit niet naleven.

2. Overtredingen tegen de Ethiek

De Ethische code wordt gebroken door :

2.1 elke persoon of organisatie die probeert om via (het aanbieden, poging tot aanbieden, of aanvaarden van) omkoperij het resultaat van een schaakpartij te beïnvloeden.

2.2.1. Fraude in de administratie van eender welk FIDE-bureau of administratie van een nationale federatie die impact heeft op andere federaties.

2.2.2 Een verantwoordelijke die door zijn gedrag niet langer voldoende vertrouwen uitstraalt of onbetrouwbaar geacht wordt.

2.2.3 Organisatoren, toernooileiders of arbiters die hun functie niet onpartijdig en verantwoordelijk uitoefenen.

2.2.4 Ieder die niet de gebruikelijke beleefdheid of schaaketiquette volgt. Elk wangedrag van persoonlijke aard dat algemeen sociaal onaanvaardbaar wordt geacht[270].

2.2.5 Vals spelen of een poging hiertoe ondernemen tijdens een partij of een toernooi. Gewelddadig, bedreigend gedrag in verband met een schaaktoernooi.

2.2.6 Spelers die zich terugtrekken van een toernooi zonder afdoende reden of zonder de arbiter te waarschuwen.

2.2.7 Flagrante of herhaalde overtredingen tegen de regels van het schaakspel of andere toernooiregels.

2.2.9 Ongegronde beschuldigingen uiten tegenover de tegenstander of de verantwoordelijken. Elk protest moet gericht zijn aan de arbiter of toernooileider van het toernooi in kwestie.

2.2.10 Elke actie die schade brengt aan het imago van het schaakspel, de FIDE of de schaakfederaties.

2.2.11 Elke actie die schade brengt aan de reputatie van FIDE, haar organisaties, organisatoren, deelnemers of sponsors.

3. Straffen bij Overtreding van de ethiek

3.2 Elke overtreding van de ethische code kan leiden tot één of meer van de volgende sancties:

Ø  Waarschuwing

Ø  Berisping

Ø  Boetes tot 25000 US-dollar

Ø  Verbeurd klaren van titels, resultaten of prijzen

Ø  Uitvoeren van sociaal werk

Ø  Uitsluiting tot maximaal 15 jaar van deelname aan schaakkompetities, als speler, arbiter, organisator of vertegenwoordiger van een federatie

Ø  Tijdelijke uitsluiting van lidmaatschap of bestuur

3.3 Wanneer een sanctie uitgesproken wordt, kan de ethische commissie van FIDE onderzoeken of er redenen zijn om deze sanctie totaal of gedeeltelijk voorwaardelijk te maken. Hierbij wordt de voorgeschiedenis van de gesanctioneerde in rekening gebracht. De voorwaardelijke periode kan 6 maanden tot 2 jaar duren. Indien de gesanctioneerde een nieuwe inbreuk begaat zal de oorspronkelijke sanctie voor de eerdere inbreuk (ook) uitgevoerd worden

3.5 De ethische commissie bepaalt de aard en tijdsduur van elke sanctie

3.6 sancties kunnen beperkt worden tot een bepaalde regio of tot een type kompetities

3.7 sancties kunnen verhoogd worden als een inbreuk van de code zich herhaalt

4. Administratieve Procedure

4.1 Elke overtreding van de ethische code door een federatie of een FIDE-official moet gemeld worden aan het FIDE-secretariaat.

4.2 Elke overtreding door personen zal gemeld worden aan en beslist worden dor de ethische commissie van de FIDE.

4.4 Beroep tegen elke beslissing door een FIDE-official kan ingediend worden bij de ethische commissie van de FIDE, met een waarborg van 250 $. Deze waarborg wordt teruggegeven als het beroep in zijn intentie gegrond blijkt.

4.5 Tegen elke beslissing van de ethische commissie kan beroep aan getekend worden overeenkomstig de arbitrageregels van het gerecht voor sportarbitrage in Lausanne, Zwitserland.

4.6 Het beroep moet binnen de 21 dagen worden ingediend. Alle beroep bij gewone rechtbank is uitgesloten.

Bijlage : Gedragsregels voor spelers in schaaktoernooien

De FIDE Presidential Board heeft de laatste tijd enkele recente gevallen in verschillende schaaktoernooien moeten bespreken waar het gedrag van de spelers tegenover hun tegenstanders of personen uit de organisatie of journalisten onaanvaardbaar was volgens conventioneel sociaal gedrag. Op aanraden van President Ilyumzhinov heeft deze Board beslist om strikte regels uit te vaardigen omtrent zulk gedrag.

Elke speler die geen hand geeft aan zijn tegenstander (of hem niet groet op een normaal sociale manier in overeenstemming met de conventionele regels van hun leefwereld) voor het begin van een partij in een FIDE-toernooi of tijdens een FIDE-match (en hij blijft hem geen hand geven als hij door de arbiter hierom gevraagd wordt), of elke speler die opzettelijk zijn tegenstander of een persoon uit de organisatie beledigt, zal onmiddellijk en zonder enige mogelijkheid van beroep zijn partij verliezen.

FIDE Toernooiregels[271]

Het toernooi moet gespeeld worden volgens de FIDE-regels voor het schaakspel. De FIDE-toernooiregels worden gebruikt in combinatie met de regels voor het schaakspel die op geen enkele wijze door deze regels worden tegengesproken[272]. Deze regels zijn volledig van toepassing voor alle officiële FIDE-competities en voor alle toernooien die gespeeld worden voor FIDE-ratings[273], eventueel geamendeerd waar nodig. De organisatoren, deelnemers en arbiters in elk toernooi worden verondersteld vertrouwd te zijn met deze regels voor de start van het toernooi[274].

Nationale wetten staan boven de FIDE-regels.

1. Algemeen

1.1 Indien een toernooi een bepaald probleem niet heeft behandeld in de lokale regels worden deze FIDE-toernooiregels verondersteld als zijnde van toepassing[275].

1.2 Deze regels zijn van toepassing of volgende competities:

L1: Officiële FIDE-organisaties zoals bepaald door de FIDE Event Commissie (D.IV.01.1) of de FIDE Wereldkampioenschap en Olympiade Commissie (D.I, D.II)

L2: Competities waar FIDE-titels en normen kunnen behaald worden

L3: Competities die gelden voor FIDE-rating

L4: alle overige competities

Regels die enkel gelden voor specifieke types competities zullen dit vermelden (L1, L2, L3 en/of L4). In alle andere gevallen gelden deze regels voor alle competities

2. De Hoofd-Organisator (CO[276])

De federatie of administratief orgaan die verantwoordelijk is voor de organisatie van een competitie kan de technische organisatie toevertrouwen aan een Organisator. Deze zal, in samenspraak met de federatie, en waar nodig de FIDE, een organisatiecomité aanduiden, dat verantwoordelijk is voor alle financiële, technische en organisatorische zaken.

De volgende artikels hieronder kunnen ook van toepassing zijn op de CO. Hij en de CA zullen goed samenwerken[277] om het toernooi vlot te laten verlopen.

3. De Hoofdwedstrijdleider (CA[278])

3.1 De verantwoordelijkheden van de CA zijn opgenoemd in de Regels voor het Schaakspel, de reglementen van de competitie en andere FIDE-regels. Tijdens het toernooi is hij ook verantwoordelijk voor het bijhouden van de resultaten in elke ronde, voor het opvolgen van het goede verloop van de competitie, de orde in de toernooizaal, het comfort van de spelers tijdens de schaakpartijen, en het werk van de technische staf.

3.2 Voor de start van de competitie

(1) kan de CA, in overleg met de CO bijkomende reglementen opstellen voor de competitie ;

(2) hij zal de speelcondities controleren inclusief de verlichting, de verwarming, de air conditioning, de ventilatie, de bronnen van lawaai, etc in de toernooizaal ;

(3) hij zal via de CO de beschikbaarheid van het nodige materiaal verzekeren ; hij zal ervoor zorgen dat voldoende arbiters (deputy) en voldoende staf aangesteld worden. Hij zal zorgen voor redelijke condities voor de arbiters. Het is de beslissing van de CA of de uiteindelijke speelomstandigheden voldoen voor aan de FIDE-regels.

3.3 Aan het einde van he toernooi zal de CA zijn verslag naar behoren opstellen.

4. Voorbereiding van de speelzaal

(a) De verlichting moet beantwoorden aan de standaard gebruikt voor examenruimtes. De verlichting moet ook zodanig zijn dat de stukken geen schaduw of reflexies veroorzaken. Maatregelen zijn vereist om direct zonlicht naar de spelers te vermijden.

(b) Indien mogelijk is de zaal voorzien van tapijt. Indien het onmogelijk is kan gevraagd worden aan de spelers om harde zolen te vermijden.

(c) Alle zones waartoe de spelers toegang hebben tijdens de partij moeten regelmatig en zorgvuldig gecontroleerd worden.

(d) Elke speler dient te beschikken over 4.5 vierkante meter ruimte in een « high level » toernooi. Voor normale toernooien is 2 vierkante meter per speler voldoende. De borden mogen niet te dicht bij de deur geplaatst worden. Er moet minstens 2,5 meter voorzien worden tussen opeenvolgende rijen van spelers. Het is aangewezen om geen lange rijen van borden te maken. Best heeft elke partij een individuele tafel.

(e) De tafel waarop geschaakt wordt moet minstens tweemaal zo lang zijn als de breedte van het bord, en een breedte van 15 tot 20 centimeter meer dan de breedte van het bord. De aanbevolen afmeting van de tafel is (100 cm tot 120 cm) x (80 cm tot 83 cm). De hoogte van de tafel moet 74 cm zijn. De stoelen dienen comfortabel te zijn voor de spelers. Speciale afmetingen moeten voorzien worden voor toernooien met kinderen. De stoelen mogen geen geluid maken als ze verplaatst of verschoven worden.

(f) De condities moeten voor beide spelers van eenzelfde partij identiek zijn[279]. Indien mogelijk moet dit het geval zijn voor alle spelers in een toernooi.

5. Schaakmateriaal

(a) Voor de Wereld- en Continentale kampioenschappen moeten, waar mogelijk, houten borden gebruikt worden. Voor andere FIDE geregistreerde toernooien, zijn borden gemaakt van hout, karton of plastiek aanbevolen. In elk geval moet een bord hard zijn. Het bord mag ook van steen of marmer gemaakt zijn op een gebruikelijke manier ingekleurd, op voorwaarde dat de Hoofdarbiter de goedkeuring verleent. Natuurlijk hout van voldoende verschillende kleur mag ook gebruikt worden om de velden te onderscheiden, bijvoorbeeld berk, esdoorn of Europese es tegenover walnoot, teak, of beuk, op voorwaarde dat ze neutraal of mat afgewerkt zijn, en zeker niet glimmend. Combinaties van kleuren zoals bruin, groen, of zeer lichte kleuren zoals wit, crème, ivoor, bleekgeel mogen gebruikt worden voor schaakvelden naast de natuurlijke kleuren. De grootte van één veld moet tweemaal de diameter van de pion bedragen. Meer in het bijzonder, de grootte van een veld moet ongeveer 5,5 centimeter zijn. Een comfortabele tafel van juiste hoogte mag een ingebouwd bord hebben. Als het bord niet ingebouwd is, moet het vastgemaakt worden aan de tafel om te vermijden dat het verschuift tijdens de partij.

(b) Indien mechanische schaakklokken worden gebruikt, moeten zij een apparaat (een “vlag”) bezitten dat precies signaleert wanneer de uurwijzer een vol uur aangeeft. De vlag moet worden geregeld, zodat de val duidelijk te zien is, en de scheidsrechters en spelers toestaat om tijd te controleren. De klok mag niet reflecteren, omdat dit de controle van de tijd bemoeilijkt. De klok moet zo geruisloos mogelijk lopen zodat de spelers niet gestoord worden tijdens de partij.

(c) Indien elektronische schaakklokken worden gebruikt, moeten ze functioneren in volledige overeenstemming met de FIDE Regels.

(1) Het scherm moet steeds de beschikbare tijd voor de volgende zet van een speler tonen.

(2) De weergave moet leesbaar zijn vanop een afstand van ten minste 3 meter.

(3) van ten minste 10 meter afstand moet een speler een duidelijk zichtbare indicatie hebben van welke klok loopt.

(4) In het geval van een tijdcontrole bereikt is, moet een teken op het display duidelijk aangeven welke speler eerst de tijd de controle heeft gepasseerd.

(5) Voor de batterij-aangedreven klokken, is een indicatie van lage batterij vereist.

(6) In het geval van een lage batterij moet de klok feilloos blijven functioneren gedurende ten minste 10 uur.

(7) Bijzondere aandacht moet worden besteed aan de juiste aankondiging van het passeren van de tijdcontroles.

(8) In het geval van cumulatieve- of tijdsvertragings-systemen, mag de klok geen extra tijd toevoegen als een speler de laatste tijdscontrole is gepasseerd.

(9) In het geval van tijdstraffen moet het mogelijk zijn voor een scheidsrechter deze uit te voeren binnen 60 seconden.

(10) Het moet onmogelijk zijn om de gegevens de wissen of wijzigen in het display op eenvoudige wijze.

(11) Klokken moet een korte handleiding hebben. Elektronische schaakklokken gebruikt voor FIDE-evenementen moeten worden goedgekeurd door de FIDE Technische Commissie.

(d) Hetzelfde soort klokken moeten worden gebruikt tijdens het gehele toernooi.

6. Het verloop van het toernooi

6.1   Alle partijen moeten gespeeld worden in de toernooizaal op de tijdstippen voorzien door de organisatoren, tenzij anders beslist wordt door de CA.

6.2   Indien mogelijk[280], zal afzonderlijke zone buiten de speelzone (toernooizaal) voorzien worden waar kan gerookt worden[281]. Deze zone moet gemakkelijk toegankelijk zijn vanuit de toernooizaal. Indien lokale wetten of regels roken verbieden in de gebouwen, moet er een eenvoudige manier zijn om buiten te gaan roken voor de spelers en de officials.

6.3   Indien mechanische klokken gebruikt worden, moeten deze zodanig ingesteld zijn dat de eerste tijdscontrole om 6 uur plaatsvindt[282].

6.4   Voor FIDE-organisaties van niveau L1 met minstens 30 spelers, zal een grote digitale klok in de speelzaal geplaatst worden die aangeeft wanneer de partijen starten. Voor L1 toernooien met minder dan 30 deelnemers wordt de start aangekondigd 5 minuten en 1 minuut voor de aanvang van de partij.

6.5   Na het einde van de partij worden de notatieformulieren ondertekend. Vervolgens plaatst de wedstrijdleider of de spelers de koningen in het midden van het bord om het resultaat aan te geven. Voor een winst van Wit plaatst men de koningen op e4 en d5 (de witte velden), voor een winst van Zwart op d4 en e5 (de zwarte velden) en voor een remise op d4 en d5 of e4 en e5 (tegenover elkaar)

        Bij elektronische borden dient men eerst een onregelmatige zet uit te voeren alvorens de koningen zo te plaatsten[283]

6.6   Indien het duidelijk is dat partijen op voorhand zijn afgesproken[284] zal de CA een straf moeten uitspreken zoals voorzien in FIDE-schaakregels, artikel 12.9

6.7   Een lijst van relevante schaaktermen in de verschillende talen van het toernooi en de deelnemers moet ter beschikking zijn van de arbiter.

7. Paringen

7.1 De verantwoordelijkheid voor de paringen inclusief de toewijzing van de rangnummers ligt bij de CA

7.2   De loting van de rangnummers[285] voor de eerste ronde van een round-robin toernooi zal georganiseerd worden door de CO, en is open voor de spelers.

7.3   Voor L1 en L2 toernooien, geschiedt de loting van de rangnummers minstens 12 uur (één nacht) voor de start van de eerste ronde[286]. In L1 toernooien zullen alle deelnemers de ceremonie van de loting bijwonen. Een speler die niet tijdig aanwezig is voor de loting kan toegevoegd worden als de CA dit toestaat[287]. De paringen van de eerste ronde worden zo snel mogelijk hierna aangekondigd.

7.4   Indien een speler zich terugtrekt uit het toernooi, of uitgesloten wordt, na de loting van de paringsnummers maar voor de start van de eerste ronde, of indien er bijkomende deelnemers toegevoegd worden, blijven de aangekondigde paringen voor de eerste ronde ongewijzigd[288]. Bijkomende paringen of wijzigingen kunnen toch gebeuren op initiatief van de CA in overleg met de betrokken spelers[289], maar enkel indien dit de reeds aangekondigde paringen minimaal beïnvloedt.[290]

7.5   De paringen voor een round-robin[291] toernooi gebruiken de Berger tabellen[292], eventueel aangepast voor dubbele ronden[293].

7.6   Indien er bepaalde beperkingen voorzien zijn in de paringen, bijvoorbeeld dat spelers van éénzelfde federatie elkaar indien mogelijk niet ontmoeten in de laatste 3 ronden[294], dan zal dit ten spoedigste aan de deelnemers gemeld worden[295].

7.7   In round-robin toernooien kan deze loting van rangnummers onder beperkingen[296] gebeuren met de Varma tabellen[297], hierna toegevoegd, die kunnen aangepast worden voor toernooien met 10 tot 24 spelers

7.8   De paringen voor een Zwitsers systeem gebruiken een vooraf aangekondigd paringssysteem.[298]

Aanwijzingen voor loting van rangnummers onder beperkingen:

1. De arbiter bereidt op voorhand niet gemarkeerde enveloppen voor die elk één van de lotingnummers bevatten. De enveloppen die één groep[299] van nummers bevatten worden in een niet-gemarkeerde grotere envelop gestopt.

2. De volgorde waarin spelers hun rangnummer loten is bepaald, op voorhand, als volgt: De spelers van een federatie met het grootst aantal deelnemers loten eerst. Bij gelijk aantal deelnemers is de volgorde alfabetisch volgens de FIDE-landcode. Tussen spelers van éénzelfde federatie de volgorde is alfabetisch op naam.

3. Bijvoorbeeld, de eerste speler van de grootste deelnemende federatie loot één van de grote enveloppen, die minstens voldoende nummers bevat voor alle deelnemers van deze federatie, en loot vervolgens één kleine envelop voor zijn rangnummer. De overige spelers van deze federatie loten vervolgens hun rangnummers uit dezelfde grote envelop. De kleine enveloppen die overblijven blijven beschikbaar voor andere spelers.

4. De spelers van de volgende federaties vervolgen dezelfde procedure totdat alle rangnummers zijn geloot.

5. De volgende Varma Tabellen kunnen gebruikt worden voor 10 tot 24 spelers.

• 9/10 spelers A: (3, 4, 8); B: (5, 7, 9); C: (1, 6); D: (2, 10)

• 11/12 spelers A: (4, 5, 9, 10); B: (1, 2, 7); C: (6, 8, 12); D: (3, 11)

• 13/14 spelers A: (4, 5, 6, 11, 12); B: (1, 2, 8, 9); C: (7, 10, 13); D: (3, 14)

• 15/16 spelers A: (5, 6, 7, 12, 13, 14); B: (1, 2, 3, 9, 10); C: (8, 11, 15); D: (4, 16)

• 17/18 spelers A: (5, 6, 7, 8, 14, 15, 16); B: (1, 2, 3, 10, 11, 12); C: (9, 13, 17); D: (4, 18)

• 19/20 spelers A: (6, 7, 8, 9, 15, 16, 17, 18); B: (1, 2, 3, 11, 12, 13, 14); C: (5, 10, 19); D: (4, 20)

• 21/22 spelers A: (6, 7, 8, 9, 10, 17, 18, 19, 20); B: (1, 2, 3, 4, 12, 13, 14, 15); C: (11, 16, 21); D: (5, 22)

• 23/24 spelers A: (6, 7, 8, 9, 10, 11, 19, 20, 21, 22); B: (1, 2, 3, 4, 13, 14, 15, 16, 17); C: (12, 18, 23); D: (5, 24)

8. Als niet alle partijen gespeeld worden

8.1   Indien een speler een partij verliest door ongerechtvaardigde[300] afwezigheid, dan wordt de speler uitgesloten uit het toernooi na de eerste overtreding, tenzij de CA anders beslist[301].

8.2   Round-Robin toernooien

8.2.1 Elke speler van een round-robin toernooi heeft een engagement aangegaan om het hele toernooi te spelen.

8.2.2 Indien een speler zich terugtrekt, of uitgesloten wordt zal dit volgend effect hebben op de resultaten:

8.2.2.1 Indien een speler minder dan 50% van zijn partijen gespeeld heeft blijft zijn score in de toernooitabel (voor ELO-rating en historische doeleinden), maar de punten die gescoord zijn door of tegen hem tellen niet mee voor het eindklassement. De niet gespeelde partijen worden aangeduid in de tabel als (-) voor de speler in kwestie en (+) voor de tegenstander. Indien beide spelers afwezig waren wordt voor beide (-) aangeduid.

8.2.2.2 Als een speler minstens 50% van zijn partijen gespeeld heeft zal zijn score in de toernooitabel blijven en in rekening gebracht worden voor het eindklassement. De niet gespeelde partijen worden aangeduid in de tabel zoals hierboven.

8.3   Zwitserse toernooien

8.3.1  Indien een speler zich terugtrekt van een toernooi volgens Zwitsers systeem, zullen de punten gescoord door hem en zijn tegenstanders in de tabellen blijven voor de rangschikking. Enkel de gespeelde partijen zullen tellen voor FIDE-rating.

8.3.2 Indien een speler een bepaalde ronde niet kan deelnemen moet hij dit melden aan de CA en de verantwoordelijke voor de paringen, voordat de paringen gemaakt worden voor deze ronde.

8.3.3 In L2, L3 en L4 toernooien kunnen twee spelers die geen tegenstander hebben tegen elkaar gepaard worden. Dit mag enkel als zowel de wedstrijdleider als beide spelers hiermee akkoord gaan en ze nog niet tegen elkaar gespeeld hebben in het toernooi. De wedstrijdleider zal de tijd op de klokken op een redelijke manier instellen.[302]

8.3.4 In L2, L3 en L4 toernooien mogen de regels bepalen dat een speler een half punt kan krijgen voor een bye in een bepaalde ronde. Dit mag enkel als dit voordien werd gemeld en de wedstrijdleider akkoord gaat. Deze regel is echter niet van toepassing op spelers die bepaalde speciale voorwaarden gekregen hebben zoals een gratis deelname[303]. Het is ook niet toegestaan in de laatste ronde.

9. Het gedrag van de spelers

9.1 Zodra een speler een uitnodiging heeft aanvaard, behoort hij het toernooi te spelen tenzij een geval van heirkracht (force majeure), zoals ziekte of invaliditeit. Aanvaarding van een andere uitnodiging zal niet gezien worden als een aanvaardbare reden om zich terug te trekken[304].

9.2 Alle deelnemers moeten correct gekleed zijn.

9.3 Een speler die een partij niet wenst verder te spelen en de tafel verlaat zonder op te geven of de arbiter te waarschuwen is in overtreding. Hij mag voor dit gebrek aan sportiviteit naar behoren volgens het oordeel van de CA gestraft worden.

9.4 Een speler zal enkel praten in gevallen voorzien in de Regels van het schaakspel en de toernooireglementen.

9.5 Tijdens een ploegentoernooi mag een speler niet achter de ploeg van de tegenpartij gaan staan[305]

9.6 Alle klachten betreffende het gedrag van de spelers of ploegkapiteins moeten ingediend worden bij de arbiter. Een speler zal zijn klacht niet indienen bij zijn tegenstander.

10. Straffen, Beroep

10.1 Bij een klacht, zullen de CA of de CO al naargelang het geval, alle inspanningen doen om de zaak in der minne op te lossen. Indien dit niet lukt en de klacht houdt verband met mogelijke straffen, zal de CA of CO zelf een straf kunnen opleggen tenzij een specifieke straf voorzien is in de regels van het schaakspel of de reglementen. Hij zal in elk geval de discipline moeten handhaven, maar kan alternatieve oplossingen voorstellen om de klagende partijen te verzoenen.

10.2 In alle toernooien moet er een Beroepscommissie zijn. De CO[306] zal ervoor zorgen dat de leden ervan gekozen of aangeduid zijn voor de start van de eerste ronde, naar gewoonte gebeurt dit tijdens de loting van rangnummers. Het is aanbevolen dat de commissie bestaat uit een Voorzitter, en ten minste twee bijkomende leden en twee reserve leden. Bij voorkeur komen geen twee leden van de commissie uit dezelfde federatie[307]. Geen betrokken partij in het geschil zal deel uitmaken van de beroepscommissie die over het geschil moet oordelen. De commissie moet een oneven aantal stemgerechtigde leden hebben, en deze leden zouden niet jonger dan 21 jaar mogen zijn.

10.3 Een speler of een geregistreerde vertegenwoordiger van de speler of ploeg kan beroep aantekenen tegen elke beslissing[308] van de CA of de CO of een van hun assistenten. De vertegenwoordiger kan de ploegkapitein, het delegatiehoofd of een andere persoon voorzien in de toernooiregels zijn.

10.4 Het beroep moet vergezeld zijn van een waarborg en schriftelijk ingediend is voor de deadline. De waarborg en deadline worden voor de aanvang van het toernooi vastgesteld. De beslissing van de beroepscommissie is finaal[309]. De waarborg kan worden teruggegeven indien het beroep succesvol is of ook indien het verzoek voldoende redelijk was maar toch werd afgewezen.

11. TV, filmen, foto’s

11.1 Televisiecamera’s zijn toegestaan in de speelruimte en aangrenzende ruimtes mits toestemming van de CO en CA maar enkel indien ze zonder geluid en zonder hinder werken. De CA zal erop toezien dat de spelers niet gestoord worden of afgeleid zijn door de aanwezigheid van TV, video, camera’s of andere apparaten.

11.2 Enkel geautoriseerde fotografen mogen foto’s nemen in de speelruimte. Deze toelating is in elk geval beperkt tot de eerste 10 minuten van de eerste ronde, en tot de eerste 5 minuten van de volgende ronden, tenzij de CA hier anders over beslist.

De regels van het toernooi mogen andere specifieke regels toevoegen. De geautoriseerde fotografen mogen mits instemming van de CA foto’s nemen gedurende de rest van de partijen zonder flash.

12. De rol van de ploegkapitein in ploegcompetities

Ploegcompetities zijn deze waarbij de resultaten van individuele partijen op gelijke wijze bijdragen tot een ploegresultaat.

De rol van de ploegkapitein is in principe van administratieve aard tijdens het spel.

12.1 Afhankelijk van specifieke regels van de competitie, zal de kapitein op een bepaald moment een schriftelijke lijst van de spelers moeten afleveren die voor een bepaalde ronde zullen spelen. Hij zal de paringen meedelen aan de spelers van zijn ploeg, en hij zal het protocol ondertekenen dat de resultaten bevat van zijn ploeg na elke ronde, etc.

12.2 De ploegkapitein mag de speelzaal verlaten en terugkeren mits de instemming van de wedstrijdleider

12.3 De ploegkapitein mag niet achter de borden van de tegenpartij gaan staan.

12.4 Als een ploegkapitein met één van zijn spelers wenst te spreken zal hij eerst de wedstrijdleider verwittigen. Alle gesprekken tussen speler en kapitein zullen bovendien plaatsvinden voor de ogen van een wedstrijdleider die kan meeluisteren met het gesprek, in een taal die de wedstrijdleider begrijpt. Dezelfde procedure geldt wanneer een speler met zijn ploegkapitein wil spreken.

12.5 Een ploegkapitein mag de spelers van zijn ploeg adviseren[310] om een remise aan te bieden of te aanvaarden, tenzij de reglementen van het toernooi dit verbieden. De kapitein zal op geen enkel ander moment tussenkomen in de aan de gang zijnde partijen. Hij zal geen informatie geven aan een speler over de positie op het bord.

12.6   De ploegkapitein mag zijn taak delegeren naar een andere persoon op voorwaarde dat hij dit op voorhand schriftelijk meldt aan de CA.

13. Uitnodigingen, Registratie en Functies

13.1 Alle uitnodigingen voor een FIDE-competitie worden zo snel mogelijk verzonden.

13.2 De CO zal, via de betreffende nationale federaties, de uitnodigingen versturen aan alle gekwalificeerde spelers voor de betreffende competitie. De uitnodiging zal eerst goedgekeurd worden door de FIDE-president voor wereldkampioenschappen en door de continentale president voor continentale kampioenschappen.

13.3 De uitnodiging moet zo volledig mogelijk zijn voor wat betreft de verwachte condities en alle details die van nut kunnen zijn voor de deelnemers. De volgende punten[311] moeten opgenomen zijn in de uitnodiging of de brochure die (voor zover van toepassing) ook beschikbaar moeten zijn via de FIDE-website:

(1)   Data en plaats van het toernooi.

(2)   De FIDE-regels die van toepassing zijn

(2)   Het hotel waar de spelers zullen worden ondergebracht (inclusief e-mail, fax en telefoonnummers)

(3)   Het tijdschema van het toernooi : data, tijdstip, en plaats van aankomst, openingsceremonie, loting van volgnummers, speelronden, speciale activiteiten, eindceremonie, vertrek.

(4)   Het speeltempo en de soort klokken die gebruikt worden in het toernooi.

(5)   Het paringssysteem dat gebruikt wordt en de scheidingssystemen.

(6)   De default tijd die van toepassing is, dit is het laatste moment dat een speler nog mag arriveren voor een ronde. (voor toernooien georganiseerd door FIDE is dit de start van de ronde)

(7)   Specifieke regels rond remise aanvragen indien van toepassing

(8)   Voor rapid- en snelschaaktoernooien, de bepaling welk artikel van A3 of A4 en B3 of B4 van toepassing is

(9)   Voor partijen zonder incrementele tijd of Guideline III van toepassing is

(10) De financiële voorzieningen: reisonkosten; accommodatie, periode gedurende dewelke hotel en maaltijden voorzien worden, of de kostprijs van dergelijke accommodatie, inclusief voor begeleiders; voorzieningen voor maaltijden; startgeld, zakgeld, inschrijvingsrecht, volledige details van het prijzengeld, inclusief speciale prijzen, prijs per behaald punt, de monetaire eenheid waarin het geld zal worden betaald; belastingplicht; noodzaak van een visa en hoe deze te verkrijgen.

(11) Het toernooi telt voor FIDE-rating of niet

(12) Wijze om de toernooizaal te bereiken en de transport voorzieningen.

(13) Het verwacht aantal deelnemers, de namen van de uitgenodigde spelers en naam van de hoofdwedstrijdleider (CA = Chief Arbiter, zie lager).

(14) De website van het toernooi, contactgegevens van de organisatoren, en meer bepaald de naam van de CO.

(15) De verantwoordelijkheid van de spelers ten opzichte van de media, het publiek, de sponsors, de vertegenwoordigers van de regering(en) en andere consideraties.

(16) Kledingvoorschriften

(17) Beperkingen inzake roken

(18) Veiligheidsmaatregelen.

(19) Speciale medische informatie zoals aanbevolen en verplichte vaccinaties en voorzorgsmaatregelen.

(20) Voorzieningen in verband met toerisme, speciale activiteiten, toegang tot internet, etc…

(21) De ultieme datum waarop een speler moet bevestigen of hij al dan niet ingaat op de uitnodiging en wanneer hij zijn aankomsttijd zal melden.

(22) In zijn antwoord kan de speler reeds specifieke medische condities opgeven, evenals speciale noden inzake voedsel of religie.

(23) Indien de organisator specifieke maatregelen moet nemen voor de handicap van de speler zal de speler dit melden aan de organisator in ditzelfde antwoord

13.4 Van zodra een uitnodiging verstuurd is naar een speler kan deze niet worden ingetrokken, op voorwaarde dat de speler tijdig de uitnodiging aanvaardt[312]. Indien een toernooi geannuleerd of uitgesteld wordt zullen de organisatoren een compensatie voorzien[313].

13.5 De CO staat in voor medische verzorging en geneesmiddelen voor alle deelnemers, officiële assistenten (secondanten) ; arbiters en FIDE-officials in een FIDE-competitie. Hij voorziet voor deze personen ook een verzekering tegen ongevallen en medische verzorging (inclusief geneesmiddelen en chirurgische ingrepen, etc…), maar zal geen verantwoordelijkheid dragen voor chronische aandoeningen. Een officiële dokter wordt aangeduid voor de duur van de competitie.

13.6 De regels hierboven kunnen geamendeerd worden in de lokale regels voor L2, L3 en L4 toernooien.

14. Aanstellingen

14.1 De CA van een wereldkampioenschap wordt benoemd door de FIDE President[314] en van een continentaal kampioenschap door de continentale President, telkens in overleg met de CO.

14.2 Hij zal de titel van Internationaal Arbiter hebben met klasse A of B en adequate ervaring in FIDE-competities, en voldoende kennis van FIDE officiële talen en de relevante FIDE-regels. FIDE en/of het organisatiecomité kunnen ook eventueel de andere arbiters en de staf benoemen.

FIDE Toernooi Organisator

Seminaries

1. Vanaf 2012 moeten alle kandidaten een Seminarie voor Organisatoren bijwonen en slagen voor een examen. De toekenning van de titel zal ook gecombineerd worden met een minimum aan ervaring.

2. Het Seminarie neemt 3 dagen in beslag met een minimum van 15 uren onderricht en 3 uur voor het examen en een debriefing.

3. De lessen en het examen behandelen volgende onderwerpen:

  1. Alle reglementen van de Toernooicommissie.
  2. Regels in verband met ELO en Titels.
  3. Beheren van Toernooien

4. De lijst van FIDE Lesgevers: De initiële lijst wordt samengesteld door de FIDE Toernooicommissie rekening houdend met geografische noden in elk continent.

5. Inschrijvingsrecht – Reiskosten

Inschrijving in het Seminarie: tot maximum 250 Euro’s (bepaald door de organisator)

De reis- en verblijfskosten worden gedekt door de federatie die instaat voor het registreren van de deelnemers.

FIDE Internationaal Organisator (FIO)

6. Doel / Missie: Een licentie krijgen van FIDE voor het organiseren van FIDE, Continentale e Internationale toernooien.

7. Kwalificaties / Vereisten inzake professionele vaardigheden:

  1. Norm van EVE-seminarie.
  2. Bewijs van ervaring (3 titeltoernooien met deelnemers van minstens drie federaties).
  3. Ten minste 2 talen.

De toernooien moeten georganiseerd zijn voor of na het Seminarie. De titel wordt toegekend van zodra voldoende toernooien zijn georganiseerd.

Toekenning van de Titel

8. Na succesvol af te studeren van het Seminarie, krijgt elke deelnemer een certificaat van deelname getekend door de lesgever / Seminarie leider.

9. Na het indienen van het gedetailleerd rapport door de lesgevers / Seminarie leiders bij EVE, zullen de nationale federaties titelaanvragen of –voorstellen indienen bij FIDE voor goedkeuring door een officieel orgaan (PB, EB of GA).

10. Na de goedkeuring, zal de Internationale Organisator een officieel diploma en badge (de badge zal een foto van de organisator bevatten en de validiteit van de licentie) ontvangen van FIDE, indien de voorwaarden van artikel 8 voldaan zijn en de FIDE titel- en licentiebijdrage betaald is:

Toekenning van de titel (eenmalig) = 100 euro’s

Licentiebijdrage (geldig voor 4 jaar) = 100 euro’s

11. Een deelnemer mag op voorhand de titelbijdrage betalen aan de federatie die het Seminarie organiseert of aan FIDE. Hij zal FIDE hiervan schriftelijk op de hoogte brengen.

12. Een Organisator met de titel zal een licentiebijdrage betalen vanaf twee jaar nadat de titel werd toegekend. Elke licentie is geldig voor vier jaar. Indien de verplichtingen niet vervuld worden, zal de titel van de organisator opgeschort worden (en verwijderd van de lijst).

13. Engels is de officiële taal voor communicatie en aanvragen tussen EVE en Organisatoren.

Internationale Organisatoren

Beeckmans Peter                               232599                            2000

Cornet Luc                                         205494                            2012

De Vet Sylvin                                     214787                            2012

Piceu Tom                                         201953                            2022

Valcke Rudi                                        221490                            2012

Vanhercke Jan                                   232017                            2012

Vokujevic Philippe                              264059                            2018

Lijst van wereldkampioenen

Periode            Kampioen                             Land                       Nr                            Jaren

1821 – 1840       Louis de la Bourdonnais         Frankrijk

1840 – 1843      Pierre Fournier de Saint-Amant, Frankrijk

1843 – 1851       Howard Staunton                   Engeland

1851 – 1858       Adolf Anderssen                     Duitsland

1858 – 1862       Paul Morphy                           USA

1862 – 1866       Adolf Anderssen                     Duitsland

1866 – 1894       Wilhelm Steinitz                     Oostenrijk                1                            8 j

1894 – 1921       Emanuel Lasker                     Duitsland                  2                            27 j

1921 – 1927       José Capablanca                    Cuba                        3                            6 j

1927 – 1935       Alexander Aljechin                 Rusland                    4                            17 j

1935 – 1937       Max Euwe                              Nederland                5                            2 j

1937 – 1946       Alexander Aljechin                 Rusland

1948 – 1957       Mikhail Botwinnik                   USSR(Rusland)         6                            13 j

1957 – 1958       Vassily Smyslov                     USSR(Rusland)         7                            1 j

1958 – 1960       Mikhail Botwinnik                   USSR(Rusland)

1960 – 1961       Mikhail Tal                             USSR(Letland)          8                            1 j

1961 – 1963       Mikhail Botwinnik                   USSR(Rusland)

1963 – 1969       Tigran Petrosjan                    USSR(Armenië)        9                            6 j

1969 – 1972       Boris Spasski                         USSR(Rusland)         10                            3 j

1972 – 1975       Bobby Fischer                        USA                         11                            3 j

1975 – 1985       Anatoli Karpov                       USSR(Rusland)         12                            10 j

1985 – 2000       Gary Kasparov                       Azerbeijan                13                            15 j

2000 – 2007       Vladimir Kramnik                   Rusland                    14                            7 j

2007 – 2013       Viswanathan Anand               India                        15                            6 j

2013 – nu          Magnus Carlsen                     Noorwegen              16                            5 j

1993-2006 FIDE – kampioenen tijdens de breuk

1993 – 1998       Anatoli Karpov                       Rusland

1999 – 1999       Alexander Khalifman              Rusland

2000 – 2001       Viswanathan Anand               India

2002 – 2003       Ruslan Ponomariov                Oekraïne

2004 – 2005       Rustam Kasimdzjanov            Oezbekistan

2005 – 2006       Veselin Topalov                      Bulgarije

Wereldkampioenen bij de vrouwen

Periode            Kampioen                             Land                      

1927–1944         Vera Menchik                 Rusland /  Czechoslovakia /  Engeland

1950–1953         Lyudmila Rudenko         SovietUnie (Ukraine)

1953–1956         Elisabeth Bykova           SovietUnie (Rusland)

1956–1958         Olga Rubtsova               SovietUnie (Rusland)

1958–1962         Elisabeth Bykova           SovietUnie (Rusland)

1962–1978         Nona Gaprindashvili       SovietUnie / Georgie

1978–1991         Maia Chiburdanidze        SovietUnie / Georgie

1991–1996         Xie Jun                           China

1996–1999         Susan Polgar                 Hongarije /  Verenigde Staten

1999–2001         Xie Jun                           China

2001–2004         Zhu Chen                       China

2004–2006         Antoaneta Stefanova     Bulgarije

2006–2008         Xu Yuhua                       China

2008–2010         Alexandra Kosteniuk      Rusland

2010–2012         Yifan Hou                       China

2012–2013         Anna Ushenina               Ukraine

2013–2015         Yifan Hou                       China

2015-2016          Mariya Muzychuk           Ukraine

2016-2017          Yifan Hou                       China

2017-2018          Tan Zhongyi                   China

2018-heden        Ju Wenjun                      China

Het toernooireglement

Inleiding

Een toernooiorganisatie heeft in principe volledige vrijheid bij het vaststellen van het reglement. Wie echter erkend wil worden door de schaakbond (KBSB, respectievelijk FIDE) om opgenomen te worden in de kalender of in aanmerking te komen voor ratingverwerking en titelresultaten, zal zich aan de bondsreglementen moeten conformeren. Organisatoren die hier geen belang aan hechten kunnen regels vaststellen zoals zij willen. Dit gebeurt ook wel:

·        Blindschaak

·        Doorgeefschaak

·        Fischer random chess

Wie wel graag erkend wordt, houdt zich aan de regels gesteld door de bond.

Internationale toernooien melden zich aan bij de FIDE. Rapportage gebeurt ook bij de FIDE. Een internationaal toernooi wordt meestal georganiseerd onder auspiciën van de nationale bond, die de schakel tussen FIDE en toernooiorganisatie vormt bij registratie en rapportage.

De FIDE hanteert oplopende eisen en criteria voor:

·        Alle internationale toernooien

·        Evenementen die in aanmerking komen voor FIDE-ratingverwerking

·        Evenementen waar titelnormen te behalen zijn

·        Toptoernooien (categorie 10 en hoger)

·        FIDE-evenementen zoals de wereldkampioenschapswedstrijden, en wedstrijden voor landenteams.

Alle FIDE-regels en reglementen zijn vastgelegd in het “FIDE-handboek”, dat periodiek wordt bijgewerkt. Bovendien zijn zij te raadplegen via internet op www.FIDE.com (de pdf-bestanden zijn het beste geüpdatet).

De overige toernooien worden uitsluitend onder auspiciën van een nationale bond gespeeld. De eisen en criteria van nationale bonden lopen uiteen van land tot land. Sommige landen, zoals de VS, hebben een uitgebreid wetboek. In Nederland zijn de regels beperkt en voornamelijk administratief of zelfs informeel van aard.

Wat staat er in een toernooireglement?

Het toernooireglement bevat in elk geval de volgende onderdelen:

1. Verwijzing naar de gehanteerde schaakregels

2. Deelnamerecht, loting, indelingsregels

3. Speelschema en -tempo

4. Administratieve bepalingen

5. Overtreding, geschil en beroep

6. Prijzenschema en regels voor de eindrangschikking

1. De gehanteerde schaakregels

Sinds de herformulering van de FIDE-regels midden jaren tachtig, worden in vrijwel alle internationale en Nederlandse toernooien de “FIDE-regels voor het schaakspel” gehanteerd. Hoewel de bewoording ­– ongetwijfeld om politieke­ redenen­ – niet erg duidelijk is, schrijft de FIDE dit ook voor in de inleiding bij de regels. Aanvullingen zijn hierbij wel toegelaten.

Ondanks het feit dat de FIDE-regels geschreven zijn voor de situatie van een WK-match (twee arbiters en één bord), voldoen zij in de praktijk heel aardig. Dat was tot voor kort (voor 1997) niet het geval met de aparte reglementen voor rapidschaak, snelschaak en guillotine-finish (versneld beëindigen). Veel bonden en organisaties maakten hiervoor hun eigen regels. In de huidige regels voor het schaakspel zijn ook deze onderdelen op een behoorlijke manier opgenomen.

Hiermee vervalt vrijwel de noodzaak om nog “eigen” regels op te stellen. In een enkel competitiereglement zijn zij nog wel aanwezig. De vorm is dan steeds iets anders en daarbij is het dus oppassen geboden.

Het hanteren van de FIDE-regels is in de praktijk een verplichting voor alle serieuze evenementen.

2. Deelnamerecht, loting en indelingsregels

Er zijn veel verschillende systemen voor plaatsing, indeling en paring in toernooien. Zij zijn meestal geheel toegespitst op de aard en vorm van het evenement.

Indien de Zwitserse paringen met een computerprogramma gebeuren, bijvoorbeeld met Pairtwo, is het best om dit als zodanig ‘paringen Zwitsers met Pairtwo” te vermelden. Dit voorkomt elke discussie over de paringen.

3. Speelschema en -tempo

Het speeltempo bepaalt de aard van de wedstrijd. Hierbij worden rapid- en snelschaak als aparte spelvormen gezien. Vandaar dat zij niet voor (gewone) ratingverwerking in aanmerking komen. Zowel KBSB als FIDE hebben een ratingreglement, waarin zij voor hun ratingsystemen minimale bedenktijden voorschrijven. Het speelschema wordt in de praktijk grotendeels bepaald door het indelingssysteem en de randvoorwaarden.

4. Administratieve bepalingen

Vooral bij teamwedstrijden zijn er voorschriften voor aanmelding, registratie, opstelling, resultaatmelding, betaling etc. Aangezien deze per evenement verschillend zijn, moeten zij duidelijk zijn geformuleerd.

5. Overtreding, geschil en beroep

In ieder evenement is er een voorziening voor de afhandeling van geschillen. In tegenstelling tot wat veel mensen denken – en in tegenstelling tot veel andere sporten – is het behandelen van overtredingen en geschillen slechts een zeer klein onderdeel van de taak van de schaakarbiter.

6. Prijzenschema en regels voor de eindrangschikking en prijsverdeling

De voor het bepalen van de eindrangschikking en prijsverdeling gehanteerde criteria hangen sterk samen met het indelingssysteem; een onderwerp van de cursus Indelingsdeskundige dus.

In veel gevallen zitten er hiaten in het toernooireglement. Er blijft dan niets anders over dan voorkomende gevallen te beoordelen naar wat gebruikelijk is. Dat dit aanleiding tot discussie kan zijn, behoeft geen betoog. Het behoort tot de taken van de arbiter om het toernooireglement mee te helpen opstellen, te controleren of in elk geval goed te kennen. De taken van de arbiter vormen een apart onderdeel van de cursus Scheidsrechter.

Kort en goed

Een laatste opmerking over toernooireglementen: “Spelers zijn geen lezers.” Een goed toernooireglement voor individuele schakers mag niet langer zijn dan één A4-pagina. Het heeft weinig zin dingen op te schrijven die door de deelnemers toch niet gelezen worden. Bovendien kan het toernooireglement het best zo veel mogelijk overeenkomen met dat van andere gelijksoortige evenementen.

De rol van de wedstrijdleider

In de schaakwereld wordt een scheidsrechter ook wel aangeduid als “wedstrijdleider” of “arbiter”.

De aanduiding scheidsrechter is niet zo gebruikelijk in de schaakwereld en behoeft daarom nadere uitleg. Een schaakevenement is in handen van een organisatie. Bij toernooien is dit meestal een toernooicommissie of vereniging en bij een teamcompetitie de betreffende schaakbond. De organisatie stelt een wedstrijdleider of hoofdwedstrijdleider aan, die verantwoordelijk is voor de wedstrijdtechnische gang van zaken rond het evenement. Afhankelijk van de grootte van de organisatie en het evenement werkt de wedstrijdleider alleen, of verschillende functies worden door een team van wedstrijdleiders ingenomen.

Deze functies zijn onder andere:

·             Het registreren van de inschrijvingen

·             Het samenstellen van de indelingen

·             Verwerking van de resultaten

·             Het begeleiden van de eigenlijke partijen

Het is deze laatste functie die wordt aangeduid met “Scheidsrechter”.

Voor het succesvol optreden als scheidsrechter zijn twee vaardigheden van belang:

·             Een goede kennis van de regels

·             Een onopvallend en kalm doch beslist optreden.

De Verantwoordelijkheid van de Scheidsrechter[315]

Voor aanvang van een toernooi wordt het vereiste aantal scheidsrechters aangeduid, één daarvan geldt als hoofdscheidsrechter, de andere(n) zijn assistenten.

De hoofdscheidsrechter is de persoon die verantwoordelijk is voor alle tijdens het toernooi gerezen betwistingen. In afwezigheid van de hoofdscheidsrechter, zal een van de assistenten in zijn plaats optreden.

Het vereiste aantal scheidsrechters is in de eerste plaats afhankelijk van de aard van het toernooi, de belangrijkheid, het gebruikte systeem in het toernooi en het aantal deelnemers. Voor toernooien betwist volgens het BERGER-systeem (volledig toernooi) met 20 deelnemers worden 2 scheidsrechters voldoende geacht.

In ploegentoernooien is het wenselijk dat benevens de hoofdscheidsrechter er een scheidsrechter is per 2 à 3 borden.

De verplichtingen van de scheidsrechter tijdens het toernooi zijn in algemene lijnen bepaald door de “Regels voor het Schaakspel”. Het is wenselijk dat de scheidsrechter ook inspraak heeft in de voorbereiding van het toernooi, de opstelling van het toernooireglement, het zoeken naar de beste speelvoorwaarden, e.d..

Ter verduidelijking geven we hierna de verantwoordelijkheid van de scheidsrechter tijdens de drie stadia van een toernooi : voor, tijdens en na het toernooi.

De arbiter heeft om te beginnen de volgende dingen nodig:

·        Het FIDE-reglement.

·        Het competitiereglement.

A. Voor de aanvang

1. De verantwoordelijkheid van de scheidsrechter bestaat erin om aan de hand van onderrichtingen verstrekt door de inrichter en het voorziene systeem van het toernooi het toernooireglement op te stellen. Dit toernooireglement wordt voor de aanvang van het toernooi ter inzage voorgelegd en opgehangen in de toernooizaal. Indien mogelijk wordt het aan alle deelnemers overhandigd. Het is aangewezen een exemplaar zelf te ondertekenen en te laten ondertekenen door de inrichter of zijn afgevaardigde.

Er wordt steeds aangenomen dat een deelnemer door zijn deelname aan het toernooi akkoord gaat met het reglement.

Na aanvang van het toernooi mogen geen wijzigingen meer worden aangebracht aan het reglement.

2. De scheidsrechter moet eveneens de spelaccommodatie nagaan, ervoor zorgen dat het nodige materiaal ter beschikking is gesteld en gebeurlijk erover waken dat een voldoende aantal assistenten en andere helpers (personen voor de demonstratieborden, moniteurs, controleurs, e.d.) voorhanden zijn.

a) Vooraf moet de scheidsrechter niet alleen zorgen dat de speelzaal klaar is, de verlichting en verluchting nagaan – zo nodig de verwarming of koeling – maar ook of de andere voorziene zalen in orde zijn : rustzaal, perszaal, analysezaal, demonstratiezaal, enz… Is er in de toernooizaal een podium met voldoende accommodatie dan wordt dit gebruikt als speelruimte. In het andere geval wordt een gedeelte van de zaal afgesloten (met koorden, tafels, e.d.) dat voorbehouden blijft aan de deelnemers, en de scheidsrechter(s) ; ieder ander persoon wordt slechts in die afgesloten ruimte toegelaten mits toestemming van de scheidsrechter.

b) De scheidsrechter gaat na, samen met de inrichter, of het nodige materiaal ter beschikking is, zoals tafels, stoelen, schaaksets en borden, klokken, demonstratieborden (wanneer de partijen op demonstratieborden worden weergegeven in de toernooizaal). Hij controleert tevens of het materiaal in orde is en van de gebruikelijke afmetingen. Ook dienen diverse sets en klokken als reserve aanwezig te zijn. Ten slotte ziet hij erop toe dat het bijkomstige er ook is : notatiebriefjes, omslagen voor de af te breken partijen, enz..

c) Voor de aanvang van elke ronde controleert de scheidsrechter de borden en de stukken, de stand van de klokken, de paringen, de notatiebriefjes, de demonstratieborden, enz..

Alle tafels dienen zo te zijn opgesteld dat de witspelers dezelfde kant uitkijken, wanneer ze op een podium spelen, links van de toeschouwers.

De klokken dienen zo te worden gesteld dat de eerste tijdscontrole dient te geschieden wanneer ze 6.00 uur aanduiden. De klokken worden steeds zo geplaatst dat de scheidsrechter ze kan gadeslaan vanaf zijn plaats.

Omdat bij het opzetten van de borden soms een foutje wordt gemaakt – het omdraaien van de dame en de koning is de bekendste, maar soms worden bijvoorbeeld een paard en een loper verwisseld – is het handig om met een snelle blik op de borden te controleren of alle stukken in de juiste beginstelling staan. Het is tevens verstandig om bij het gebruik van borden mét erop aangegeven de letters en cijfers van de coördinaten te kijken of wit/zwart aan de goede kant staan; spelers zouden anders – met name in tijdnood – behoorlijk in de war kunnen raken bij het noteren.

de arbiter stelt de klokken in en controleert de klokken

Dit is een uiterst belangrijke handeling. Niet alleen dienen de klokken correct te worden ingesteld, ook moeten de klokken grondig op hun werking worden gecontroleerd (ook reserveklokken!). Niets is namelijk zo vervelend – voor zowel arbiter als spelers – om een klok te moeten vervangen tijdens een wedstrijd. Bij het schaken worden er twee typen klokken gebruikt: analoge klokken en digitale klokken. Waar moet bij beide typen op gelet worden?

Analoge klokken:

·        Lopen beide klokken regelmatig? Staat een klok niet na enkele seconden weer stil?

·        Loopt de wijzer niet voor de vlag langs?

·        Blijft de vlag niet hangen?

·        Kunnen de knoppen soepel worden ingedrukt?

·        Digitale klokken:

·        Geeft de klok geen indicatie dat de batterijen bijna leeg zijn?

·        Hebben de hendels geen speling?

·        Doen alle streepjes op het display het?

Bij digitale klokken kunnen de hendels het meest problemen geven. Doordat met digitale klokken veel gesnelschaakt wordt, krijgen de hendels speling, wat leidt tot meerdere mogelijke “standen” van de hendel. Wanneer een speler zo’n hendel zachtjes indrukt, kan zijn klok vervolgens toch blijven lopen, wat natuurlijk ongewenst is en tot problemen in de tijdnoodfase kan leiden. Zie voor een uitgebreide lijst van de mogelijke problemen bij analoge en digitale klokken onder tijdschema’s.

d) Worden de partijen nagespeeld op demonstratieborden in de speelzaal, dan controleert de scheidsrechter hun opstelling, de zichtbaarheid ervan op alle plaatsen in de toeschouwer ruimte en tevens of het verloop van de partijen regelmatig wordt opgevolgd. Het is immers dikwijls zo dat de rust en de stilte in de toernooizaal samengaat met een goede berichtgeving via de demonstratieborden.

Hij gaat ook over tot de loting van de nummers voor de toernooitabel. De nummers worden liefst in omslagen weggeborgen en de deelnemers worden in alfabetische volgorde opgeroepen om hun nummer te trekken. Ook is een andere volgorde mogelijk.

In belangrijke toernooien gebeurt de loting minstens één dag op voorhand.

Indien een speler zich terugtrekt uit het toernooi na de loting maar voor aanvang van de eerste ronde, dan gebeurt er een nieuwe loting behalve in twee gevallen :

1. de speler die zich terugtrekt had het hoogste nummer in de toernooitabel bij een even aantal spelers

2. de speler wordt vervangen door een reserve.

Er moet niet opnieuw geloot worden wanneer 2 spelers in het toernooi worden opgenomen nadat de loting is gebeurd maar voor aanvang van de eerste ronde. In dat geval krijgen deze de middelste 2 nummers en de nummers van de tweede helft worden met twee vermeerderd.

Ook moet er niet opnieuw geloot worden wanneer aanvankelijk een oneven aantal deelnemers ingeschreven was en er slechts een speler bijkomt. Deze laatste krijgt dan het hoogste nummer uit het deelnemersveld.

Nadat het toernooi voor geopend is verklaard door de inrichter of zijn afgevaardigde, geeft de scheidsrechter lezing van

·        het speeltempo.

·        de plaats van de toiletten, de rookruimte, de analyseruimte, de bar.

·        het feit dat mobiele telefoons uit dienen te staan; wanneer blijkt dat een mobiele telefoon van een speler overgaat, dan wordt de partij voor de betreffende speler verloren verklaard.

·        de belangrijkste aandachtspunten van het toernooireglement

B. Tijdens het toernooi

De verplichtingen van de scheidsrechter tijdens het toernooi bestaan in uit :

1.       Bijhouden van de uitslagen per ronde

2.       Nagaan of de klokken juist lopen

3.       Nagaan of het toernooi regelmatig verloopt

4.       Behouden van de rust en stilte in de speelzaal zodat de spelers niet gestoord worden

5.       Opmaken van het schema voor de afgebroken partijen

6.       Toezien op het werk van de technische staf van het toernooi

7.       Oplossen van alle betwistingen

8.       Voorzorgen nemen dat er zo weinig mogelijk betwistingen of discussies voorkomen

9.       Bestraffen van om het even welk gebrek aan discipline van de deelnemers

Het is natuurlijk voor een arbiter belangrijk om zeer tijdig aanwezig te zijn bij een te leiden wedstrijd. Hij moet namelijk het sein geven van de aanvang van de partijen door de klokken in gang te brengen en het einde aanduiden van de zitting.

Tijdens de competitie moet de scheidsrechter nauwgezet het gedrag van de spelers nagaan en zo nodig tijdig optreden. Tezelfdertijd moet hij de verhouding tussen de spelers in het oog houden en erover waken dat ze correct en sportief zijn. Wat meer is, een goed scheidsrechter voorkomt of tracht te voorkomen dat er discussies en betwistingen optreden die het normale verloop van het toernooi zouden kunnen storen. Elke onregelmatigheid moet objectief en geëigend beoordeeld worden door de scheidsrechter met een beslissing in overeenstemming met de feiten en omstandigheden en gebaseerd op de FIDE-regels en gebeurlijk andere regels van toepassing.

Om het werk van de scheidsrechters gemakkelijker te maken in deze materie, volgt hierna een opsomming van zaken die kunnen gebeuren tijdens een toernooi en tevens een richtlijn ter oplossing ervan. Het spreekt vanzelf dat deze richtlijn geen evangelie is. Wij kunnen deze gevallen delen in drie groepen:

1.       daden strijdig met de FIDE-spelregels

2.       daden strijdig met de “fair-play” maar niet strijdig met de FIDE-regels

3.       daden die deel uitmaken van de speltactiek maar niet gebaseerd zijn op zuivere schaakelementen.

1. Daden strijdig met de FIDE-spelregels

Deze daden die rechtstreeks strijdig zijn met de FIDE-regels en andere reglementen geven aanleiding tot overeenstemmende sancties en straffen. Hierna volgen de meest voorkomende, alhoewel de opsomming verre van volledig is :

a.       zich terugtrekken uit het toernooi

b.       niet komen opdagen voor een partij

c.       partijen analyseren in de toernooizaal

d.       de toernooizaal of speelruimte verlaten        

e.       als aan-zet-zijnde speler zijn bord verlaten

f.        praten met andere deelnemers 

g.       hulp zoeken bij derden of door gebruik van boeken

h.       de tegenstrever hinderen op om het even welke manier  

i.        op voorhand de uitslag van een partij overeenkomen

j.        opzettelijk een zet noteren en dan een andere doen

k.       opzettelijk het aantal zetten verkeerd noteren (er bijvoegen of er niet noteren) teneinde uw tegenstrever te misleiden

Zich terugtrekken uit het toernooi, tenzij mits gegronde redenen, is    een ernstige fout die strenge sancties verdient. De terugtrekking is unfair tegenover de andere medespelers. Mits naleving van het scoreverloop in een toernooi betwist volgens de BERGER-tabellen, moet de scheidsrechter wanneer zulks gebeurt handelen in overeenstemming met de FIDE-regels.

Het verzuim om te komen opdagen voor een partij of meer dan een uur te laat komen brengt het verlies van de partij met zich. Het hoeft niet gezegd dat niet alleen het zich terugtrekken uit het toernooi maar ook het opgeven van een partij zonder spelen een blijk is van onsportiviteit. Gelet op de weerslag van zulke handeling op het verloop van het toernooi is het gebruikelijk dat een speler na een dergelijke opgave zonder uitzonderlijke reden wordt uitgesloten uit het toernooi en een verslag wordt opgesteld aan de organisator.

Geen enkele deelnemer mag de speelruimte verlaten gedurende de partij tenzij met toestemming van de scheidsrechter. Dit is begrijpelijk daar hij anders in de gelegenheid gesteld wordt anderen te ontmoeten voor advies, zonder uit het oog te verliezen dat hij buiten de controle valt van de scheidsrechter en in de mogelijkheid verkeert boeken, nota’s en dergelijke te raadplegen.

De scheidsrechter geeft normaal gezien nooit toelating aan de aan-zet-zijnde speler om zijn bord te verlaten, tenzij bij uitzondering[316]. Het verlaten van zijn bord op dit ogenblik kan aanleiding geven bij zijn tegenstrever tot allerlei veronderstellingen, bvb. raad gaan zoeken bij derden. Zelfs indien dit niet zo is, kan deze handelwijze een psychologische weerslag hebben op de tegenpartij. Vermijd dus zoiets.

De scheidsrechter mag, in principe, ook niet dulden dat de spelers met elkaar discussiëren, oorzaak van talrijke betwistingen. De aan-zet-zijnde speler wiens tegenspeler zulks doet kan altijd veronderstellen dat deze laatste over zijn partij spreekt, ook al is dit niet zo. Zulks leidt tot spanningen en mogelijke discussie. Men moet streng de hand houden in dit alles en elke discussie tussen spelers vermijden, vooral bij ploegenontmoetingen.

Helaas neemt alles wat wij aanklagen regelmatig plaats in de moderne schaakwereld en de strijd tegen deze misbruiken is hard en moeilijk omdat men zelden bewijzen vindt van zulke overtredingen. Een ondervindingrijke scheidsrechter zal soms, daar hij de omstandigheden kent, ervan overtuigd zijn dat een partij weggegeven werd maar hij kan slechts handelen wanneer hij in het bezit is van onweerlegbare bewijzen[317]. Een op voorhand overeengekomen remise is minder erg en de motieven daartoe zijn meestal verschillend van aard van de weggegeven partij. Daar dit minder erg is zijn de gebeurlijke sancties ook minder

De overtredingen in verband met notatie staan in vroegere cursussen nog onder fair-play overtredingen. De regels zijn intussen zo veranderd dat ook een zet noteren alvorens hem uit te voeren of fouten maken in de notatie in strijd zijn met de regels.

Er zijn spelers die opzettelijk nalaten te noteren om hun tegenstrever die in tijdnood zit en zelf niet meer noteert te misleiden. Deze laatste vertrouwend op het notatieformulier van zijn tegenstrever, doet snel meer zetten dan het voorziene aantal en maakt aldus meer kans een flater te begaan.

Onder dezelfde omstandigheden kan ook het volgende gebeuren : De speler noteert opzettelijk tweemaal dezelfde zetten. Zijn tegenstrever, wanneer hij vertrouwt op dit aantal zetten, zal natuurlijk niet het voorgeschreven aantal zetten bereiken bij de tijdscontrole.

In deze situaties als ze vastgesteld worden door de scheidsrechter moet hij ingrijpen. Indien het bedrog niet werd vastgesteld kan enkel het verlies van de partij uitgesproken worden, zelfs als de arbiter vermoedt dat de winst niet eerlijk gebeurde.

2. Daden strijdig met de fair-play

Deze daden zijn niet strijdig met de FIDE-regels maar wel met de “fair-play”. Zij vinden alle hun oorsprong in de wil om te winnen ondanks alles niet alleen op basis van de gedane zetten of door gebruik te maken van de fouten van de tegenstrever maar op basis van bedriegerijen. Al deze daden, alhoewel ze in principe niet vatbaar zijn voor sancties, zijn af te keuren.

Ziehier de meest voorkomende :

a.       een handdruk weigeren bij het begin of het einde van de partij

b.       opzettelijk te laat komen op de sessie

c.       blijk geven van misprijzen tegenover uw winnaar

d.       een valletje opzetten en dan doen alsof het een blunder is

e.       doen alsof U een zet overweegt op de damevleugel en dan plots een weloverwogen zet doen op de koningsvleugel

f.        verder spelen in hopeloos verloren of duidelijke remisestellingen

g.       remise voorstellen in een verloren stelling

h.       “gentlemen’s” remises aanvaarden

i.        verder spelen zonder interesse wanneer men zijn kans op succes verloren heeft

Te laat komen wordt de laatste tijd steeds strenger aangepakt. De FIDE overweegt zelfs om de verplichting in te voeren tijdig aanwezig te zijn.

Er zijn spelers die weigeren op te geven zelfs in hopeloos verloren stellingen, onder voorwendsel dat zij zich willen “revancheren” voor het verlies van de partij. Hetzelfde kan gebeuren ingeval van duidelijke remisestellingen. Natuurlijk kan ook hier de scheidsrechter geen sancties treffen maar hij kan wel luide verklaren dat dergelijke handelwijze onfair is tegenover de tegenstrever, de inrichter en zelfs tegenover het publiek. Wat remise “zonder spelen” betreft, dit is, in uitzonderlijke gevallen te begrijpen, bvb. wanneer een speler zich op dat ogenblik niet helemaal fit voelt of oververmoeid is door vorige langdurige partijen. Al die specifieke omstandigheden zijn zeer moeilijk te omlijnen en moeten overgelaten worden aan het oordeel van de scheidsrechter. Maar wanneer een speler daar een gewoonte van maakt, is dit zeker niet te wijten aan dergelijke uitzonderlijke omstandigheden.

3. Daden die behoren tot de speltactiek

Wij zullen nu de daden bespreken die hoewel ze niet gebaseerd zijn op zuivere schaakelementen, toch niet te veroordelen zijn daar ze hun oorsprong vinden in tekortkomingen van hun tegenstrever zoals vergetelheid, zorgeloosheid, verkeerde verdeling van zijn tijd, enz.. Bestaan hier vele voorbeelden van, toch geven we hier enkel diegene die meest voorkomen in de praktijk.

Gebruik maken van de tijdnood van de tegenstrever is zeer belangrijk in de partij. De enen spelen in zulke fasen snel, hoewel zij zelf niet in tijdnood verkeren, om hun tegenstrever niet toe te laten op hun tijd na te denken. Hier geen sprake van enige overtreding van de schaakethiek. Tijd is immers een onderdeel van de schaakpartij. Deze tactiek kan een goed wapen zijn bij een slechte stand en wanneer men weet dat zijn tegenstrever panikeert in tijdnoodsituaties. Bij een betere stand echter kan een dergelijke handelwijze soms werken als een boemerang.

Deze methodes zijn toegelaten, een schaakpartij is immers een volledige strijd tussen twee personen en alle middelen om van de zwakke kanten van zijn tegenstrever te profiteren zijn toegelaten, niet alleen van zijn zwakke zetten maar ook van zijn psychologische zwakheden en andere objectieve omstandigheden. Het belangrijkste is dat de aangewende middelen fair en eerlijk zijn.

Vergetelheid kan een zware handicap vormen voor een speler. Zijn klok vergeten indrukken bvb. kan door zijn tegenstrever op een unfaire manier worden uitgebuit, bvb. niettegenstaande hij beslist over zijn te spelen zet, kan hij nog wachten om deze te doen ; hij doet alsof hij nog eens over nadenkt omdat het toch niet op zijn tijd is. Aldus kan het gebeuren dat zijn vlag valt zonder dat hij aan zet is.

De eerste drie uur van de wedstrijd

In deze fase heeft een arbiter relatief weinig te doen. Wat is dit weinige dan?

– bijhouden van de resultaten

De arbiter zal regelmatig de tabel met de resultaten van de reeds beëindigde partijen bijwerken in zijn eigen boekhouding en ook op een openbare plaats zodat de spelers kunnen controleren dat de resultaten correct zijn geboekt.

– controle klokken

Het is uitermate verstandig om alle klokken regelmatig te controleren. Bij analoge klokken betekent dit vooral verifiëren of de klokken op een regelmatige wijze lopen, waarbij de totaal verbruikte tijd op de twee klokken tezamen moet overeenkomen met de werkelijk verbruikte tijd. Het kan namelijk zijn dat er tijd ontbreekt of dat er te veel tijd is verbruikt. Dit kan liggen aan een verkeerde afstelling van de veer of bijvoorbeeld het soms stilstaan van een klok. In ieder geval dient zo’n klok vervangen te worden op een zodanige wijze dat de spelers er het minste last van hebben. Bij digitale klokken heb je niet zozeer met voornoemde problemen te maken. Echter, bij het uitvallen van een digitale klok kun je, in tegenstelling tot bij een analoge klok, meestal niet meer zien wat de verbruikte tijden waren. Het is daarom handig enkele malen in een wedstrijd van alle digitale klokken op te schrijven wat de tijden zijn, wie er op dat moment aan zet is, en waar de spelers zich bevinden in de partij. Een voorbeeld van zo’n overzicht is hierna weergegeven.

– het verloop van de partijen

Als arbiter is het handig het verloop van de diverse partijen in de gaten te houden. Zo kan bijvoorbeeld ingeschat worden welke partijen waarschijnlijk in hevige tijdnood zullen komen. Ook kan het zijn dat de ene speler veel meer tijd heeft verbruikt dan de andere speler. Houd dan goed in de gaten dat, wanneer de eerstgenoemde speler minder van vijf minuten heeft, de tegenstander in ieder geval netjes blijft noteren en niet gaat meevluggeren. Tevens moet een eventueel vallen van de vlag in de gaten gehouden worden. Een ander punt dat aandacht behoeft is de notatie van de spelers. Controleer regelmatig of beide notaties hetzelfde laten zien. Soms vergeten spelers namelijk één of meerdere zetten op te schrijven, waardoor de notatie van de beide spelers uit de pas gaat lopen. Wanneer er een partij afgelopen is, ruim dan de klok op. Dit voorkomt voor de arbiter verwarring wanneer de volgende fase van de wedstrijd aanbreekt.

Het vierde uur van de wedstrijd

Deze fase is de meest hectische fase van de wedstrijd. Waar moet zoal op gelet worden?

– voorkom onnodig storen van spelers

Wanneer beide spelers de eerste tijdcontrole hebben gehaald, beiden hebben keurig tot en met de veertigste zet genoteerd en er is geen vlag gevallen, grijp dan niet in om te melden dat de spelers de tijdcontrole gehaald hebben. Onthoud alleen dat alles bij dat bord OK is.

– handel de tijdnoodfase af

Meestal zijn er meerdere borden in tijdnood. Probeer als arbiter in te schatten welke partij waarschijnlijk de meeste problemen zou kunnen opleveren. Hou het dan ook bij dat ene bord, omdat dat dermate veel aandacht vergt, dat het in de gaten houden van andere partijen ondoenlijk is. Benoem daarom verder assistenten die de andere borden kunnen afhandelen. Je wilt namelijk zo veel mogelijk voorkomen dat er gereconstrueerd moet gaan worden.

Welke bevoegdheden heeft zo’n door de arbiter aangewezen assistent?

·          De assistent noteert de gespeelde zetten. Let erop dat dit gebeurt buiten het gezichtsveld van de spelers. De notatie mag immers niet zichtbaar zijn voor die spelers.

·          De assistent legt de partij stil zodra er een vlag valt, tenzij beide spelers alle zetten hebben genoteerd en duidelijk is dat de tijdcontrole door beide spelers is gehaald. Indien nodig helpt hij de spelers met het eventueel bijwerken van de notatie. De arbiter moet vervolgens controleren of de tijdcontrole is gehaald of niet. Let wel: alle te nemen beslissingen dienen door de arbiter zelf te worden genomen!

Let erop dat de assistent duidelijk wordt gezegd dat hij alleen deze twee bevoegdheden heeft.

Zorg ervoor dat wanneer de arbiter of een assistent de partij op een apart notatieformulier gaat noteren, dat dan gewoon bovenaan bij zet 1 wordt begonnen. Indien dit niet gebeurt, kan het gebeuren dat spelers iets kunnen afleiden aan bijvoorbeeld de stand van de pen waar de arbiter aan het noteren is of aan het omdraaien van het notatieformulier (wanneer aan de voorkant exact veertig zetten kunnen worden genoteerd) en dus of ze de tijdcontrole hebben gehaald of niet. Dat is immers ongeoorloofde informatievoorziening voor de spelers.

– meevluggeren

Het wil wel eens voorkomen dat een speler met meer dan vijf minuten gaat meevluggeren met zijn tegenstander die minder dan vijf minuten heeft. De eerstgenoemde speler is echter verplicht om te blijven noteren zolang hij meer dan vijf minuten over heeft. Geef zonodig een waarschuwing.

Het laatste uur van de wedstrijd

In deze fase zijn er meestal niet meer zo veel partijen aan de gang. Het is vooral zaak om de zaal stil te houden, omdat in deze fase het vaak wat rumoeriger wordt omdat er veel spelers klaar zijn. Doe dit wel op een rustige manier; speel geen strenge politieagent. Aan het einde van deze fase moet er natuurlijk gelet worden op de tweede tijdcontrole.

Ook in deze fase dient er gelet te worden op het geluidsniveau in de speelzaal. Verder dient de arbiter bedacht te zijn op remiseclaims (artikel 10.2, 50-zettenregel, herhaling van de stelling). Wanneer beide spelers minder dan vijf minuten over hebben, zal de arbiter, voor zover mogelijk, ervoor te zorgen dat hij of een assistent de partij volgt, voor het behandelen van eventuele claims.

C. Na het einde van het toernooi

Bij het einde van het toernooi kondigt de scheidsrechter de resultaten aan en bezorgt de inrichter alle documentatie van het toernooi, gewoonlijk binnen de vijf dagen. Deze documentatie bestaat gewoonlijk uit :

1.       het reglement

2.       de tabellen

3.       de voortschrijdingtabel

4.       het speelrooster

5.       het verslag van de ronden

6.       de notatieformulieren

7.       gebeurlijk andere verslagen (beroepen van de spelers tegen zijn beslissingen, verslagen van de toernooicommissie, enz.)

8.       het eindverslag

Dit laatste bevat de algemene beoordeling over het toernooi, zijn belangrijkheid, gebeurlijke kritiek op de inrichting, publicitair belang, karakteristieken van het toernooi met speciale vermelding over het spel van de winnaar, creatieve elementen, theoretische nieuwigheden, de discipline tijdens het toernooi, de bereikte normen voor bepaalde titels.

De scheidsrechter moet blijk geven van een grondige kennis van de spelregels. en het toernooireglement. Hij moet zijn werk gewetensvol en objectief verrichten, streng de hand houden aan de discipline in het toernooi en kalm en betrouwbaar alle betwistingen die oprijzen beslechten. Reeds van bij de aanvang van het toernooi is het handhaven van de discipline zeer belangrijk. Hij moet beletten dat reeds van bij de aanvang spelers te laat komen aan hun bord, dat partijen verdaagd worden tenzij gegronde redenen daartoe bestaan, een oog houden op het verloop van de partijen, op het gedrag van de spelers en een correcte houding eisen tegenover elkaar.

De ondervinding heeft bewezen dat de meeste betwistingen voorkomen in de tweede helft van een toernooi. Dit is waarschijnlijk te wijten aan het feit dat fysieke en psychische vermoeidheid leiden tot grotere prikkelbaarheid naar het einde van het toernooi. Dit betekent dat de scheidsrechter stappen moet ondernemen om de kans op betwistingen of conflicten te verkleinen. Hij moet er zeker voor zorgen bij die borden te zijn waar mogelijk tijdnood kan optreden.

Bij het regelen van een betwisting moet de scheidsrechter zich laten voorlichten over alle feiten en gebeurtenissen die tot deze betwisting hebben geleid en zijn objectieve beslissing baseren op de spelregels en het toernooireglement .

Tijdnood en tijdcontrole

Onthoud de volgende punten goed:

·             Houd ieder bord waar tijdnood dreigt in de gaten.

·             Als het erop lijkt dat beide spelers gaan stoppen met noteren, of als de ene speler die wel schrijft geen goede notatie heeft, zorg dan dat er iemand bij het bord komt staan.

·             Degene die aan het bord staat, is op dat moment (hulp-)arbiter. Hij zegt niets (vooral niet het aantal zetten), maar ziet alles.

·             Meeschrijven tot er een vlag valt. Op dat moment meldt de arbiter: “vlag” en zet de klokken stil voor het uitvoeren van de tijdcontrole.

Denk eraan: Wie meeschrijft met een tijdnood mag niet weglopen zodra hij ziet dat zet 40 of 35 is gedaan. Dit is een teken voor de spelers dat zij rustig aan kunnen doen. Blijf staan en schrijven tot er een vlag valt.

·             Als het goed is, weet de arbiter precies hoeveel zetten er gedaan zijn. Zo niet, dan moet er worden gereconstrueerd.

·             Is de situatie eenmaal duidelijk, dan moeten de notaties worden bijgewerkt. Dit gaat natuurlijk het makkelijkst met een goede notatie van de arbiter erbij. Moeten beide spelers hun notatie bijwerken, dan mag de klok stil blijven staan tot ze klaar zijn. Hoeft maar één speler zijn notatie bij te werken, dan wordt de klok weer aan de gang gebracht, na zonodig te zijn bijgesteld voor de volgende periode. De schrijvende speler mag niet zetten voor zijn notatie is bijgewerkt.

Remiseclaim wegens stellingherhaling of 50-zetten

Volg de volgende procedure zo nauwgezet mogelijk.

·             Bepaal of de speler het recht heeft om te claimen. Is hij bijvoorbeeld niet aan zet, dan valt er niets te claimen en is de zaak daarmee afgedaan. Dit komt relatief vaak voor als de speler de zet die hij aankondigt (als in 9.2a en 9.3a) niet alleen noteert, maar ook op het bord uitvoert. Of hij de klok heeft ingedrukt of niet, is hier niet van belang.

·             Als de claim dient te worden behandeld, zet dan de klok stil.

·             Stel de claimstelling vast. Op aangeven van de speler die claimt is dit óf de huidige stelling óf de stelling na de zet die hij aankondigt.

·             Als een speler een zet aankondigt en zegt dat hij de stelling na het uitvoeren van die zet claimt (9.2a en 9.3a): controleren of hij de zet heeft genoteerd. Zo niet, dan moet hij dat alsnog doen.

·             Claimstelling en kloktijden noteren.

·             Op een ander bord de partij naspelen en de claim controleren.

– Bij een driemaal-dezelfde-stelling-claim steeds de partijstelling met de claimstelling vergelijken. Zijn ze hetzelfde, dan duidelijk tellen: Eén maal, tweemaal en de claim-stelling (eindstelling van de notatie) is driemaal.

– Bij een vijftig-zetten-claim het moment van de laatste pion- of slagzet bepalen en vergelijken met het zetnummer van de claim-stelling. Denk eraan: Vijftig zetten van beide spelers zonder pion- of slagzet.

Speel in elk geval de hele partij door om te controleren dat de claimstelling inderdaad aan het eind wordt bereikt.

·             Let op dat het oorspronkelijke bord met de stelling niet onbewaakt blijft. Het is al gebeurd dat een overijverige hulparbiter het bord opruimt omdat er niemand meer is en de klokken stilstaan.

·             Is de claim correct: remise. Is de claim niet correct: de speler die de claim indiende verliest drie minuten op zijn klok, maar maximaal de helft van zijn tijd.

Bij lage tijden wordt het leed verzacht: de claimer die minder dan 2 minuten had wordt gekort tot 1 minuut. Had hij al minder dan 1 minuut, dan gebeurt er niets.

·             Wordt er doorgespeeld: hervat dan de partij door de klok van de speler die claimde aan de gang te brengen.

·             Had de speler die claimde een zet aangekondigd en genoteerd: zie erop toe dat hij die zet ook uitvoert.

Het leiden van een rapid- of snelschaaktoernooi

Het leiden van een rapid- of snelschaaktoernooi vraagt enige andere vaardigheden van de arbiter ten opzichte van het leiden van een competitiewedstrijd. De rol van de arbiter is vaak een meer administratieve. Enkele aandachtspunten die spelen bij het leiden van zo’n toernooi zijn:

– het praatje vooraf

Voorafgaand aan het toernooi houdt de arbiter een korte toespraak. Dit heeft meteen als voordeel dat het voor de spelers duidelijk is bij wie ze moeten zijn wanneer er zich problemen voordoen tijdens hun partij. Maak dan ook duidelijk kenbaar dat de spelers problemen bij twijfel niet zelf moeten proberen op te lossen, maar dat het je taak als arbiter is om dat te doen. Meld verder in ieder geval het speeltempo en het aantal te spelen ronden.

– het begin van het toernooi

Het kan zijn dat er aan het begin van het toernooi nog spelers ontbreken, afhankelijk van hoe vroeg de indeling van de eerste ronde bekend is gemaakt. Zorg ervoor dat spelers zonder tegenstander tegen elkaar worden gezet. Geef natuurlijk die wijzigingen door aan degene die de indelingen verzorgt.

– tijdverloop

Als arbiter moet je zo veel mogelijk proberen het toernooi volgens het vastgestelde tijdschema te laten verlopen. Meld voor aanvang van elke ronde dat de indeling hangt en dat de spelers weer achter de tafels moeten gaan zitten. Wanneer er op een gegeven moment nog spelers ontbreken, brengt de arbiter op de betreffende borden de klok van de witspeler aan de gang. Zorg er ook voor dat spelers na afloop van hun partij de uitslag zo spoedig mogelijk doorgeven. Niets is zo vervelend als het achter een ontbrekende uitslag aan moeten gaan.

– partijverloop

Bij rapid is het van belang het partijverloop aan met name de hogere borden in de gaten te houden. Bij stellingen die ongeveer gelijk lijken te zijn kan de arbiter eventuele claims (met name op basis van artikel 10.2) verwachten. Wanneer de arbiter al wat van het partijverloop heeft meegekregen, kan hij beter tot een oordeel komen.

– verplicht ingrijpen

Tegenwoordig staat er in enkele artikelen van de FIDE-regels (bijvoorbeeld B6) dat de arbiter verplicht moet ingrijpen.

Ethiek van de arbiter

Voor een schaakarbiter zijn enkele ethische uitgangspunten van belang voor het correct functioneren. Alhoewel ethiek sterk gerelateerd is aan de opvattingen van een maatschappij en dus per definitie nooit universeel kan zijn vormt “de schaakwereld” een zodanig beperkte “submaatschappij” dat een aantal uitgangspunten toch wel vrij algemene geldigheid heeft. Hieronder zal geprobeerd worden deze uitgangspunten en hun gevolgen voor de schaakarbiter te formuleren.

Objectiviteit

Schaken is een strijd tussen twee partijen. Waar er twee partijen zijn kunnen er ook twee ongelijke opvattingen zijn. Er is zodoende een arbiter nodig om uitspraak te doen in die gevallen waar dit nodig is. Hieruit volgt een belangrijk uitgangspunt, namelijk dat een arbiter niet alleen objectief moet zijn, maar dit ook moet zijn in de ogen van de beide partijen. Een arbiter die bijvoorbeeld een wedstrijd leidt tussen twee verenigingen en tevens lid is van één van deze verenigingen is mogelijk zeer objectief, doch nauwelijks acceptabel voor de andere vereniging.

Arbiters staan nimmer geheel buiten de schaakwereld en zullen altijd met een deel hiervan nauwere binding hebben dan met andere delen. Bij een wedstrijd waar meerdere arbiters aanwezig zijn doet een arbiter er meestal wijs aan het arbitreren van partijen van clubgenoten zo mogelijk aan een collega over te laten.

Arbiters moeten ook proberen tijdens de wedstrijd hun objectiviteit in de ogen van beide partijen te behouden. Naarmate het niveau hoger is en er (doorgaans) meer op het spel staat wordt het minder acceptabel geacht als de arbiter zich met één van beide partijen frequent onderhoudt. Indien het nodig is met een deelnemer te overleggen kan het verstandig zijn de tegenstander in te lichten wat het onderwerp van de besprekingen was. In internationale wedstrijden waar taalbarrières bestaan valt dit extra aan te raden.

Indien er een beslissing moet worden genomen waarbij enige twijfel bestaat over de exacte gang van zaken dient de arbiter immer beide partijen aan het woord te laten. Er dient voor gezorgd te worden dat beide partijen kunnen uitspreken en niet door de ander in de rede gevallen worden. Partijen kunnen eventueel reageren op datgene wat door de andere partij naar voren is gebracht, doch pas indien de arbiter hiertoe gelegenheid geeft. De arbiter hoort beide partijen net zolang aan totdat er geen nieuwe informatie meer naar voren komt.

Indien een arbiter een beslissing neemt op grond van bepaalde reglementsartikelen is het verstandig om (met name aan de partij wiens standpunt de arbiter niet onderschrijft) mede te delen op welke gronden de arbiter tot de betreffende beslissing gekomen is. Het is ook aan te raden hierna aan beide partijen te vragen of deze uitleg begrepen en geaccepteerd is. Indien de uitleg uiteindelijk voor één van beide partijen niet acceptabel is doet de arbiter er goed aan deze partij te informeren welke mogelijkheden er zijn tot het indienen van een protest.

Noodzakelijkheid

Een arbiter doet er goed aan te beseffen dat zijn aanwezigheid noodzakelijk voortvloeit uit de schaakwedstrijd, en geenszins omgekeerd. Dat betekent dat de rol van de arbiter er zeer op gericht moet zijn de spelers te beschermen tegen eventuele onreglementaire handelingen van hun tegenstanders, maar uitsluitend indien mag worden aangenomen dat een dergelijke bescherming inderdaad gewenst is in de ogen van de mogelijk benadeelde partij. De arbiter moet zich, met andere woorden, niet opdringen om de reglementen koste wat kost te handhaven, doch zich alleen met een partij bemoeien indien redelijkerwijs zeker is dat er een benadeelde partij bestaat. Verder moet een overweging zijn of aangenomen mag worden dat het nadeel op een zinnige wijze gecorrigeerd kan worden.

Voorbeeld 1: een speler biedt zijn tegenstander na drie zetten een kop koffie aan. Hoewel dit formeel valt onder hinderen van de tegenstander is het onwaarschijnlijk dat dit in dit geval ook zo zal worden opgevat. Ingrijpen is normaal gesproken niet aan de orde.

Voorbeeld 2: een speler gooit in tijdnood tijdens het zetten een stuk om, drukt de klok in, en zet pas daarna het stuk weer recht. Alhoewel dit onjuist is, en de tegenstander benadeelt, is het veelal niet opportuun om bij een eenmalig vergrijp als dit in te grijpen tenzij de tegenstander expliciet hierom verzoekt. Indien de arbiter de klok stilzet is het waarschijnlijk dat de benadeelde partij hierdoor sterker uit de concentratie wordt gehaald dan door het verlies van de enkele seconde op zich. Een arbiter moet zich realiseren dat het uitdelen van een (lichte) straf de partij onderbreekt en in het nadeel kan werken van de niet-bestrafte partij. Er is uiteraard niets mis mee de overtreder na de partij attent te maken op de juiste handelwijze.

Voorbeeld 3: in een pupillenwedstrijd ziet u een jeugdige deelnemer incorrect rokeren (met de toren eerst). De FIDE-regel zegt dat men eerst met de koning moet spelen, doch deze regel is op laag niveau vaak weinig bekend. De tegenpartij (die overigens niet reageert op de overtreding) is door het incorrect uitvoeren van de rokade niet wezenlijk benadeeld (in vergelijking met de situatie waarin de rokade wel correct zou zijn uitgevoerd). Indien u ingrijpt in deze partij drukt u mogelijk een zware stempel op de afloop. U bewijst de schaakwereld in het algemeen geen dienst als u de jeugdspeler het bevel geeft een torenzet te doen. Wel kunt u de begeleider van de betreffende speler op deze regel wijzen.

Strafbaarheid

In de meeste samenlevingen (doch niet in alle!) geldt dat men onschuldig is tenzij anders wordt aangetoond. Een arbiter doet er goed aan dit standpunt te huldigen en daar waar nodig in de praktijk te brengen. Dit betekent dat bij “welles/nietes” gevallen (waarin bijvoorbeeld één partij claimt dat de tegenstander een stuk heeft aangeraakt en de ander dit ontkent) de arbiter er in principe van uit moet gaan dat er geen overtreding is gemaakt. De arbiter moet zich nimmer laten leiden door eventuele reputaties van een speler, doch altijd uit gaan van de feiten voor zover die bekend zijn. De arbiter kan uiteraard proberen objectieve getuigen te vinden die een bepaalde lezing kunnen bevestigen dan wel ontkrachten, doch indien dit niet mogelijk blijkt doet de arbiter er goed aan slechts die overtredingen te bestraffen waarvan ondubbelzinnig vaststaat dat deze inderdaad gemaakt zijn. Bij twijfel kan de arbiter doorgaans niet verder gaan dan aan beide spelers duidelijk maken welke reglementen van toepassing zijn en waarom in dit geval geen sanctie kan worden opgelegd.

Sportiviteit

Er zijn vele manieren denkbaar waarop spelers formeel niet in strijd met de reglementen handelen doch dit wel in de geest doen. Voorbeelden zijn het maken van geluiden, stukken scheef neerzetten, harder op de klok slaan dan nodig en dergelijke. Een arbiter doet er goed aan in dergelijke gevallen aan beide spelers te laten merken dat deze gedragingen hem niet ontgaan. Zo kan aan de zich misdragende speler het artikel over het gedrag van de speler kenbaar gemaakt worden, en wel op zodanige wijze dat de tegenstander dit bemerkt. Het optreden als arbiter behelst niet alleen het ingrijpen bij conflicten doch zeker ook het voorkomen ervan. Kleine ergernissen kunnen in de loop van de partij (en zeker tijdens tijdnood!) uitgroeien tot grote ergernissen. Een arbiter heeft de plicht toe te zien op een correct verloop van de partij, ook indien er in formele zin geen reglement overtreden wordt. Indien een speler zich beklaagt over een tegenstander doet de arbiter er goed aan de klacht serieus te nemen en deze onder de aandacht van de tegenpartij te brengen, eventueel met het verzoek rekening te houden met de tegenstander.

Conflicten

Als arbiter/scheidsrechter is het belangrijk te beschikken over voldoende kennis van de regels en de toepassing ervan. Hiermee kan vaak worden voorkomen dat verschillende ideeën over de juiste handelswijze in een bepaalde situatie te lang “in de lucht blijven hangen”. Vaak zijn het namelijk verschillende opvattingen die een conflict doen ontstaan of escaleren.

Niet altijd laten conflicten zich echter voorkomen of onmiddellijk oplossen. Vaak ontstaan conflicten ook na een voorafgaande fout van de wedstrijdleiding en de FIDE-regels zijn in dergelijke situaties niet eenduidig.

Enkele aanwijzingen:

·             Voorkom discussie tussen de spelers.

·             Blijf zelf onder alle omstandigheden kalm en rustig. Onderbreek bij luidruchtige discussie zonodig de partij, totdat de gemoederen bedaard zijn.

·             Elimineer zo veel mogelijk deelnemers uit het conflict. U heeft te maken met twee spelers en eventueel twee teamleiders. Maak alle andere deelnemers aan de conversatie duidelijk dat hun bijdrage niet op prijs gesteld wordt en zij (fysiek) op afstand moeten blijven.

·             U heeft nu de juiste mensen bij elkaar. Ga niet in discussie. U geeft uw beslissing en de ondersteunende regels. U doet dit uitsluitend nadat ieder die het horen moet ook daadwerkelijk luistert.

·             Het is essentieel dat u in één keer juist beslist en niet gaat twijfelen. Denk liever even na, of overleg met iemand van buiten.

·             Het is vrijwel onvermijdelijk dat uw beslissing één van beide partijen ontevreden maakt. Neem de tijd om u te overtuigen van het feit dat vooral deze partij begrijpt wat uw beslissing is en waarom u hem neemt. De andere partij is blij en vormt verder geen probleem. Bedenk dat u al één ding gewonnen hebt: Het “conflict” dat begon, of zich had kunnen ontwikkelen tot, een verhitte discussie tussen vijf of meer personen is nu een gesprek tussen twee of drie personen (speler, teamleider, arbiter), waarvan u er één bent.

·             In een enkel geval zal het u niet lukken te overtuigen. Maak duidelijk dat u dit jammer vindt, “maar helaas”. Houdt de conversatie zakelijk en voorkom dat het tot een persoonlijk treffen komt. Alle toernooien en competities hebben een beroepsmogelijkheid die de speler en/of teamleider de mogelijkheid geeft te protesteren tegen beslissingen van de scheidsrechter. Wijs op deze mogelijkheid. Maak duidelijk dat er twee mogelijkheden zijn:

1. Uw beslissing accepteren

2. In beroep gaan

Maak ook duidelijk dat, zeker als de ontevreden partij van u de toekenning van een heel of half punt verwacht, het “wedden op twee paarden” geen reële mogelijkheid is. Hoewel de meeste reglementen hier technisch wel de mogelijkheid toe bieden, zal eerst doorspelen op aanwijzen van de scheidsrechter (en proberen te winnen) de kansen op het winnen van een beroep enorm verlagen.

·             Hiermee zijn uw mogelijkheden uitgeput. Laat u daarom niet verleiden tot een verder gesprek. Reageer niet op nieuwe argumenten. Verwijs steeds naar de reeds aangedragen argumenten, uw beslissing en de mogelijkheid van beroep. Zorg ook dat de orde weer in acht genomen wordt en verwijder recidivisten uit de zaal.

Beroepsmogelijkheden

In de praktijk zijn er twee typen beroepsprocedure:

Bij toernooien: beroepscommissie van spelers

Bij toernooien is de tijdsduur waarbinnen een uitslag moet worden vastgesteld en een beroep moet zijn afgehandeld beperkt. Daarom is er meestal een beroepscommissie samengesteld uit deelnemers, soms aangevuld met een expert, die direct bindend uitspraak doet. De toernooicommissie bestaat gewoonlijk uit drie of vijf leden, gekozenuit de spelers en de inrichters.

Is een speler niet akkoord met een beslissing van de scheidsrechter dan heeft hij het recht – gewoonlijk binnen het uur na de sessie waarin de betwisting is ontstaan – een schriftelijk beroep in te dienen bij de commissie die binnen een voorziene tijd uitspraak zal doen.

Meestal moet een beroep bij een dergelijke commissie schriftelijk worden ingediend, maar soms kan dit mondeling en komt de commissie zo snel mogelijk ad-hoc bij elkaar. De commissie hoort gewoonlijk de klager en de arbiter en soms getuigen (tegenstander). Na een kort onderzoek en overleg volgt dan uitspraak. Soms is dit binnen een uur, maar vrijwel altijd nog dezelfde dag. Zeker in een Zwitsers toernooi is dit nodig om de volgende dag een nieuwe ronde te kunnen spelen.

Zolang de commissie geen uitspraak gedaan heeft, blijft de beslissing van de scheidsrechter geldig en het beroep werkt niet schorsend. De commissie beslist natuurlijk mits naleving van de spelregels en het toernooireglement. De beslissingen van de commissie zijn zonder verhaal.

Informatie voor de schaakkring

In principe bestaat een schaakkring uit een verzameling van volwassenen en jeugd (jonger dan 20 jaar op 1 januari van het lopende jaar) die minstens éénmaal per week samenkomen in een clublokaal om te schaken.

Voor vele kringen is de vrijdagavond de gebruikelijke clubavond, maar ook op andere avonden komen sommige kringen bij elkaar.

Administratief

Een kring kan een feitelijke vereniging zijn of een vzw. In het eerste geval zijn de verantwoordelijken inderdaad verantwoordelijk voor alles wat gebeurt in verband met de club. Het voordeel van een vzw is dat dit de individuele verantwoordelijkheid van het bestuur beperkt ten opzichte van derden, maar vereist wel dat er statuten opgesteld worden overeenkomstig de wetten op de vzw’s, en dat deze neergelegd worden in een dossier bij de griffie van de rechtbank en voor publicatie in het staatsblad. Het dossier bevat de statuten en de samenstelling van het bestuur.

De verantwoordelijken van een kring zijn minstens 18 jaar en voeren minstens volgende functies uit, al dan niet gecumuleerd : voorzitter (leidt de kring), secretaris (maakt verslagen van vergaderingen en houdt de archieven bij) , penningmeester (verzorgt de financiële huishouding van de kring), toernooileider (richt de clubkampioenschappen in) en verantwoordelijke nationale interclubs (indien de club deelneemt hieraan).

Daarnaast kunnen ook volgende functies bestaan : ondervoorzitter (plaatsvervanger), jeugdleider (voor de opvang en opleiding van de jonge en beginnende schakers), materiaalverantwoordelijke (waakt over de kwaliteit van de klokken en de sets), redacteur (opsteller van het clubblad als dit bestaat), bibliothecaris (sommige clubs bezitten een kleine bibliotheek met schaakboeken), …

Accommodatie[318]

Elke club wil natuurlijk een fraaie ruimte voor haar schaakactiviteiten, maar de praktijk leert dat weinig clubs helemaal tevreden zijn over hun accommodatie. Wat zijn zoal de aspecten waar je aan moet denken bij het zoeken naar een goede of betere accommodatie?

BEREIKBAARHEID

Bereikbaarheid is een voornaam aspect! Niet alleen is het wenselijk om een centraal gelegen accommodatie te hebben, zodat het makkelijk per openbaar vervoer, auto, fiets of lopend te bereiken is. Voor auto’s is goede parkeergelegenheid dan een punt van aandacht. Indien bij het clubgebouw betaald parkeren geldt, bevordert dat de aanwas van leden niet. Daarnaast moet je ook weten of de omgeving ‘veilig’ is voor de auto’s, fietsen, jeugdige en oudere clubleden.

FINANCIEN

Financieel is van belang dat de club de lasten van de accommodatie kan dragen. Hier is geen ‘gouden regel’ voor te geven, al bedraagt bij veel clubs de uitgaven voor de accommodatie ongeveer 35% van hun begroting. Indien de huur erg drukt op de begroting is het verstandig om de contributie iets te verhogen of bij de gemeente informeren naar ondersteunende financiering (subsidie). Normaal gesproken krijgt een club reductie als die een ruimte het hele seizoen of jaar huurt. Tenslotte kan het (hoge) consumptiegebruik van de leden een ‘troef’ zijn bij de onderhandeling met de verhuurder.

AANDACHTPUNTEN BIJ KEUZE ACCOMMODATIE

Als je naar een accommodatie gaat kijken, dan moet je diverse (logistieke) punten in je overweging meenemen:

ð   is er voldoende licht en warmte.

ð   is de zaal voldoende afgeschermd van voorkomend extern lawaai.

ð   Aantal leden (hoe groot moet de ruimte(s) zijn?). Het is gebruikelijk om minstens 1,5 m2 te voorzien per schaakbord.

ð   Kans dat het aantal leden (snel) zal stijgen (voldoende ruimte?).

ð   Mogelijkheid voor een aparte zaal voor externe teams gewenst?

ð   Aparte zaal voor trainingen/lessen nodig?

ð   Is er een geschikte plek om – zonder de nog spelende leden te storen – te kunnen analyseren en/of te vluggeren?

ð   Is er behoefte aan apart rookgedeelte of zaaltje? (of is roken aan de bar een idee?!)

ð   Is er een aparte zaal (zalen?) voor de jeugdafdeling nodig?

ð   Is er voldoende opbergruimte voor het materiaal?

ð   Is er plaats voor een bibliotheek?

ð   Mag je er een prijzenkast en of resultatenbord ophangen?

ð   Zijn er andere huurders in het pand op hetzelfde moment waar je last van kan hebben? (koor, band)

ð   Is er een mogelijkheid om de ruimte vaker te gebruiken/huren? (voor nationale interclubs op zondag, voor aparte avonden, trainingen, etc.)

ð   Is de accommodatie ook geschikt voor toernooien die de club organiseert?

Vele vragen en wensen, die allemaal in overweging moet nemen.

SCHAAKMATERIAAL

Voor de aanbevolen klokken en stukken zie het specifiek hoofdstuk hierover.

De notatieformulieren zijn bij voorkeur standaard voorzien door de kring en bevatten eventueel een doorslagexemplaar, zodat de speler één exemplaar kan houden en het andere exemplaar voor de verslaggever of toernooileider is. Liefst is het ogenblik van tijdscontrole (gebruikelijk de 40ste zet) duidelijk aangegeven op het formulier.

Standaard notatieformulieren hebben van verschillende kolommen met 20 zetten per kolom.

PROMOTIE

Een kring dient promotie te voeren om aan ledenwerving te doen. Een club die geen nieuwe leden ziet zal na verloop van tijd onherroepelijk (figuurlijk) uitsterven.

Volgende middelen kunnen hiertoe aangesproken worden :

– Pers : regelmatige berichtgeving van de activiteiten in de lokale pers maakt de club bekent bij mogelijke geïnteresseerden.

– Lokale radio en televisie

– Affiches : zeker in het lokaal maar ook op andere publieke plaatsen de activiteiten van de kring kenbaar maken.

– Open activiteiten : op een publieke plaats een schaakactiviteit organiseren bijvoorbeeld tijdens dorpsfeesten is de meest efficiënte manier voor een kring om nieuwe leden te vinden.

In sommige gemeenten is het mogelijk subsidie te krijgen als sport. Het is aangewezen zich hierover te informeren, omdat subsidie een aanzienlijk deel kan uitmaken van de inkomsten van een kring op lokaal vlak.

ACTIVITEITEN

Het is gebruikelijk dat een kring minstens éénmaal per jaar een clubkampioenschap organiseert voor haar leden.

Daarnaast kan de kring een intern snelschaakkampioenschap organiseren, een open toernooi waar ook niet leden kunnen deelnemen, een laddertoernooi, en zo verder.

De kring kan deelnemen aan de nationale interclubs (voor meer uitleg, zie het hoofdstuk hierover), aan regionale of provinciale interclubs en aan vriendschappelijke ontmoetingen met andere clubs.

De leden kunnen deelnemen, als ze lid zijn via de kring van de VSF en KBSB, aan om het even welk toernooi dat in België of daarbuiten georganiseerd wordt. Het internet kent verschillende sites (bijvoorbeeld “schaakfabriek.be” waarop aankondigingen van toernooien kunnen gevonden worden)

BAR

De bar is bij veel clubs het centrum voor de ‘après-schaak’. De gezelligheid wordt door veel leden steeds meer als belangrijke reden gezien om naar de schaakclub te gaan (‘thuis kunnen we ook – op de PC of internet – schaken’ hoort men nogal eens), vandaar dat de gezelligheid rond de bar niet vergeten moet worden. Blijft wel zaak om te zorgen dat die gezelligheid niet botst met de belangen van – nog – spelende leden. Het beste lijkt een aparte bar in de gang of in een aparte ruimte, zodat men in het schaakgedeelte geen last van heeft van het gebruikelijke rumoer aan de bar.

Kan je de bar in eigen beheer nemen, dan kan de nodige financiën voor de club opleveren, al vergt dat uiteraard wel extra inspanningen van enkele clubleden.

WAAR ZOEKEN?

De meeste clubs zitten in buurthuizen, wijkcentra, scholen, denksportcentra, (sport-)kantines, cafés, kerkgebouwen of professioneel verhuurde accommodatie. Bemiddeling door de gemeente is een mogelijkheid (via afdeling sport of onderwijs), maar de meeste clubs vinden hun accommodatie middels contacten van hun leden of ‘via-via’.

Schaakstukken

Voor de stukken is het model “Staunton” aanbevolen (zie figuren hieronder) of stukken die een grote gelijkenis hiermee vertonen zodat vergissingen uitgesloten zijn.

Het materiaal van de stukken is hout, plastiek of een imitatie hiervan.

De Koning is tussen 8.5 en 10.5 cm hoog. De voet van de Koning bedraagt 40 tot 50 % van de hoogte. De afmetingen van de andere stukken zijn proportioneel hieraan aangepast.

Indien een andere vorm dan Staunton wordt gebruikt moet in elk geval de top van de Koning duidelijk verschillen van de top van de Dame. De loper zal een speciale markering hebben bovenaan om vergissing met de pion te voorkomen.

De stukken van Zwart moeten zwart of bruin zijn en de stukken van Wit moeten Wit, Crème, Beige of een andere zeer lichte kleur zijn. De natuurlijke kleur van hout is eveneens toegestaan. De stukken mogen niet glimmen en moeten esthetisch verantwoord zijn.

Het gewicht van de stukken moet een aangenaam gebruik garanderen.

De borden zijn vierkant en hebben bij voorkeur velden van minimaal 5.0 tot maximaal 6.5 cm zijde (dus een bord met een zijde van ongeveer 45 tot 60 cm). Ze zijn gemaakt van hout, plastiek, karton of stof. Stenen orden kunnen mits instemming van de arbiter eveneens toegelaten worden. Houten borden mogen niet blinkend afgewerkt zijn.

Tijdschema’s en het gebruik van diverse klokken

De traditionele tijdschema’s zijn snelschaak, rapidschaak en gewoon partijschaak. Dat waren de enige schema’s die mogelijk waren met de mechanische, analoge klokken, omdat die klokken slechts vooruit kunnen lopen of stilstaan. Sinds de introductie van digitale klokken zijn er meer mogelijkheden met betrekking tot tijdschema’s. Voorbeelden hiervan zijn de Fischer- en Bronsteinmethodes.

1 Tijdschema’s

In dit gedeelte zullen diverse tijdschema’s welke bij schaakpartijen gebruikt worden, de revue passeren.

1.1 Alle zetten in één periode

Dit tijdschema wordt vooral gebruikt bij snelschaak en rapidschaak. De periode bedraagt bij snelschaak 15 minuten of minder en bij rapidschaak tussen de 15 en 60 minuten. Wegens het hoge tempo hebben snelschaak en rapidschaak eigen regels.

Een speciale vorm van snelschaak is het zogenaamde “lightning chess”, waarbij een speler alle zetten in twee minuten of minder moet doen. Gezien de nauwkeurigheid waarmee de tijd moeten worden ingesteld, kan dit alleen gespeeld worden met digitale klokken.

De laatste jaren wordt dit tijdschema ook steeds meer bij gewone partijen gebruikt. Een voordeel van dit schema is dat er maar één tijdcontrole is, namelijk alleen aan het einde van de partij. Nadelig is het feit dat sommige partijen al na weinig zetten (bijvoorbeeld 15 zetten) beslist moeten gaan worden met voor beide spelers minder dan 5 minuten op de klok voor de rest van de partij, wat de kwaliteit van de partijen niet altijd ten goede komt. Overigens gelden voor deze gewone partijen de normale FIDE-regels, inclusief het artikel ten aanzien van versneld beëindigen.

Voorbeelden:

·             snelschaak: 5 minuten per persoon per partij

·             rapidschaak: 20 minuten per persoon per partij

·             gewoon schaak: 2 uur per persoon per partij

1.2 X aantal zetten in A minuten, vervolgens steeds Y aantal zetten in B minuten tot aan het einde van de partij

Dit is het speeltempo dat voor de invoering van het versneld beëindigen het meest gebruikelijk was bij gewone partijen. Het tempo bedraagt bijvoorbeeld 40 zetten in 2 uur, gevolgd door periodes van 20 zetten per uur, tot het einde van de partij. Aan het eind van elke periode, als er één klok op nul staat, wordt gecontroleerd of de spelers voldoende zetten hebben gedaan (de tijdcontrole). Aangezien de spelers vrij zijn om de tijd binnen een periode in te delen, hebben zij voor de laatste zetten voor de tijdcontrole vaak weinig tijd over; de beruchte tijdnood. Het spreekt voor zich dat dit tempo aanleiding gaf tot veel afgebroken partijen.

1.3 X aantal zetten in A minuten, B minuten voor de rest van de partij

Bij dit speelschema is er eerst een periode waarin een vast aantal zetten moet worden gespeeld, alvorens de partij in de tweede periode versneld wordt beëindigd. Dit schema wordt nu veel gebruikt bij gewone partijen, omdat het als groot voordeel heeft dat een partij op één avond wordt uitgespeeld. Een nadeel is wel dat in de laatste fase de klok een te grote invloed krijgt op de kwaliteit van de partij. Dit versneld beëindigen wordt ook wel aangeduid als “guillotine finish” of “uitvluggeren”.

Voorbeelden:

·             Nationale interclubs: 2 uur voor 40 zetten, vervolgens 1 uur voor de rest van de partij

·             Kampioenschap: 2 uur voor 40 zetten, vervolgens 1 uur voor de rest van de partij

·             Sommige toernooien: 2 uur voor 40 zetten, vervolgens 15 minuten voor de rest van de partij

1.4 X aantal zetten in A minuten, Y aantal zetten in B minuten, C minuten voor de rest van de partij

Dit speelschema is een mengvorm van de schema’s genoemd bij 1.2 en 1.3. Bij dit speeltempo zijn er twee periodes waarin een vast aantal zetten moet worden uitgevoerd, alvorens de partij versneld wordt beëindigd.

Voorbeeld:

·             2 uur voor 40 zetten, vervolgens 1 uur voor 20 zetten, vervolgens 15 minuten voor de rest van de partij

1.5 Bronstein-methode

Internationaal Grootmeester David Bronstein was de eerste die een alternatief speeltempo voorstelde om het probleem van de beperkte (vaste) bedenktijd op te lossen. Zijn methode werkt als volgt: na het aan de gang brengen door de tegenstander gaat van een speler de klok met vertraging lopen. Deze vertraging bedraagt enkele seconden. Met andere woorden, wanneer de tegenstander de klok heeft ingedrukt, gaat de eigen klok pas na enkele seconden lopen. Wanneer deze “vrije tijd” niet in zijn geheel wordt gebruikt, is de speler die tijd gewoon kwijt; de verbruikte tijd op de klok is echter niet verminderd. Een nadeel van deze methode (net als bij de Fischer-methode, zie 1.6) is dat de totale bedenktijd voor de partij niet vast staat. Het moge duidelijk zijn dat deze methode pas geïmplementeerd kon worden met de komst van digitale klokken.

Voorbeelden:

·             Snelschaak: 5 minuten + 3 seconden “vrije tijd”

·             Rapid: 25 minuten + 10 seconden “vrije tijd”

·             Gewone partij: 115 minuten + 5 seconden “vrije tijd”

1.6 Fischer-methode

Oud-wereldkampioen Bobby Fischer liet voor zijn beruchte match tegen Boris Spasski in 1992 een elektronische klok bouwen waarin de naar hem vernoemde methode was geïmplementeerd. Zijn methode gaat uit van het toekennen van een vast aantal extra seconden aan een speler vóór het spelen van zijn zet. Snel spelen kan de bedenktijd van een speler laten toenemen doordat de betreffende speler minder seconden verbruikt dan die speler als bonus erbij krijgt. Vliegende tijdnood wordt dan ook door deze methode uitgebannen.

De meest elegante vorm van de Fischer-methode gaat uit van één totale bedenktijd waar dan vóór elke zet bijvoorbeeld 30 bonusseconden erbij worden gegeven.

Voorbeelden:

·             Snelschaak: 3 minuten + 2 seconden bonus per zet

·             Rapid: 25 minuten + 10 seconden bonus per zet

·             Gewone partij: 90 minuten + 30 seconden bonus per zet

Bij de minder elegante vorm van de Fischer-methode zijn er één of meerdere tussentijdse tijdcontroles. Doordat het in theorie mogelijk is dat een speler op de klok voor zijn hele partij minder tijd gebruikt dan welke staat voor de eerste tijdcontrole, is er een zettenteller nodig om te bepalen of een speler de tijdcontrole heeft gehaald of niet. Aan een zettenteller kleven behoorlijk wat nadelen. De voornaamste is dat een zettenteller snel in de war kan raken, bijvoorbeeld omdat de klok weer wordt ingedrukt na een onreglementaire zet, zodat het werkelijk aantal gespeelde zetten niet overeenkomt met het aantal zetten dat door de zettenteller is geregistreerd.

Voorbeelden:

·             100 minuten voor 40 zetten, 50 minuten voor 20 zetten, 10 minuten voor de rest van de partij, waarbij vanaf zet 1 de speler 30 seconden bonus krijgt.

·             90 minuten voor 40 zetten, 15 minuten voor de rest van de partij, waarbij vanaf zet 1 de speler 30 seconden bonus krijgt.

1.7 X aantal zetten in A minuten, Y aantal zetten in B minuten, C minuten + D seconden per zet voor de rest van de partij

Dit speelschema is een mengvorm van 9.1.4 en 9.1.6. Alleen in de laatste periode krijgen de spelers bijvoorbeeld 30 seconden per zet erbij. In tegenstelling tot de minder elegante vorm van de Fischer-methode is een zettenteller – met alle nadelen die hieraan kleven – niet nodig om dit schema goed te implementeren. Pas wanneer één van beide spelers voor het eerst de tweede tijdcontrole heeft bereikt (d.w.z. wanneer die speler in totaal A+B minuten heeft verbruikt) krijgen beide spelers er C minuten bij en wordt vervolgens na elke zet D seconden bonus gegeven.

Voorbeeld:

·             120 minuten voor 40 zetten, 60 minuten voor 20 zetten, vervolgens 15 minuten erbij met bij elke zet 30 seconden bonus.

1.8 Gongschaak

Bij gongschaak moeten de spelers verplicht zetten na een bepaalde tijd, meestal 10 à 30 seconden. Deze cadans geldt dan voor alle partijen tegelijk en wordt aangegeven met een bel of gong. De spelers hebben geen enkele vrijheid om hun tijd in te delen.

2 Klokken

Binnen de schaakwereld worden tegenwoordig twee soorten klokken gebruikt: analoge klokken en digitale klokken. Sinds de introductie van digitale klokken zijn er variaties mogelijk met speelschema’s (zie bijvoorbeeld de Bronstein- en Fischer-methodes). In dit gedeelte komen de meest gebruikte klokken aan bod.

2.1 Analoge klokken

Het kenmerk van analoge klokken is het feit dat ze óf vooruit lopen óf stilstaan. Ze hebben ook allemaal een mechanische vlag, die valt wanneer de grote wijzer door de verticaal heengaat. Doordat analoge klokken mechanisch zijn, kunnen er zich uiteenlopende problemen voordoen. In Nederland worden de Garde-klokken en de Koopman-klokken het meest gebruikt.

De bediening van een analoge klok is gemakkelijk. Beide spelers hebben een aparte wijzerplaat die de minuten aangeeft. In die wijzerplaat zit er meestal ook een radertje om aan te geven welke klok aan het lopen is. De mechanische vlag gaat in de laatste vijf minuten omhoog door de grote wijzer, totdat de verticaal is bereikt, waarna de vlag naar beneden valt.

Er zijn een aantal problemen zijn die kunnen optreden met een analoge klok. Voor aanvang van een partij moet de scheidsrechter dan ook de klok op deze onderdelen controleren. Als er iets niet goed is, dan de klok vervangen!! Overigens, Koopman-klokken moet je alleen vooruitdraaien (zie ook bij de problemen hieronder).

Algemene problemen:

·             De klok blijft stil staan. Dit is meestal een mechanisch probleem, maar soms komt het gewoon door het feit dat de klok niet is opgewonden. Let bij het opwinden echter wel op dat de veer niet te strak wordt opgewonden. Ook kan de klok na even te hebben gelopen spontaan stil staan. Let bij controleren dan ook op dat je beide uurwerken een aantal seconden laat lopen voordat de klok wordt goedgekeurd op dit onderdeel.

·             De klok loopt onregelmatig. Dit is typisch een mechanisch probleem waar weinig aan gedaan kan worden.

·             Beide uurwerken lopen tegelijkertijd. De oorzaak hiervan is het feit dat de lipjes die aan de drukknoppen zitten niet goed zijn afgesteld.

·             Het uurwerk loopt te snel of te langzaam. Dit is pas goed te constateren wanneer de klok enige tijd gelopen heeft. Wanneer je als scheidsrechter een grote discrepantie ziet tussen de door de klok aangegeven verbruikte tijd en de werkelijke verbruikte tijd, dan weet je dat er iets niet goed is aan de klok.

·             De vlag komt niet naar beneden (“de vlag hangt”). Bij Garde-klokken kun je hier weinig aan doen, bij Koopman-klokken kan het nog wel eens voorkomen dat het uitsteeksel aan de vlag komt vast te zitten. Dat laatste kan meestal verholpen worden door met de onderkant van de klok op je been te slaan, waardoor de vlag weer loskomt.

·             De grote wijzer loopt voor de vlag langs. De grote wijzer is dan naar voren gebogen, meestal doordat het uurwerk na reparatie onhandig is teruggeplaatst.

·             De grote wijzer is verbogen. Dit ontstaat meestal bij het terugdraaien van een Koopman-klok, waarbij de grote wijzer met kracht tegen de vlag wordt aangeduwd. Hoewel de klok in principe nog gebruikt kan worden, kan die beter vervangen worden.

·             De knop drukt niet soepel in. Wanneer er kracht gebruikt moet worden om een knop in te drukken, kan de klok beter vervangen worden, omdat dit zeer irritant is voor met name spelers in tijdnood.

·             Een of meerdere wijzers zitten los. Net als bij de verbogen wijzer ontstaat dit probleem meestal bij Koopman-klokken die geforceerd zijn teruggedraaid.

·             De wijzerplaat zit scheef / staat niet recht. Dit is zeer irritant voor spelers. Het uurwerk is na reparatie niet recht teruggezet. Dit heeft natuurlijk ook invloed op de vlag.

2.2 Digitale klokken

Het kenmerk van digitale klokken is het digitale display en het feit dat er diverse standaardspeelschema’s naast vrij te programmeren speelschema’s voorhanden zijn. De bediening is in zijn totaliteit echter wel wat ingewikkelder dan bij analoge klokken, maar de nauwkeurigheid is natuurlijk veel groter – tot op de seconde. In tegenstelling tot analoge klokken tellen digitale klokken terug, d.w.z. een speler ziet hoeveel tijd hij nog heeft. De vlag wordt op elektronische wijze op het display getoond wanneer één van beide spelers al zijn bedenktijd voor een periode heeft verbruikt. Digitale klokken hebben verder één zeer groot nadeel: wanneer een digitale klok uitvalt, is op de klok niet meer te achterhalen wat de verbruikte tijden zijn.

Omdat de klokken elektronisch zijn, doen er zich relatief veel minder problemen voor ten opzichte van analoge klokken. Dit betekent echter niet dat er zich geen mechanische problemen kunnen voordoen; immers, ook een elektronische klok heeft voor een deel een mechanische bediening.

Algemene problemen:

·             De batterij-indicator geeft aan dat de batterij bijna leeg is. Als een scheidsrechter dit voorafgaand aan de partij constateert, dan natuurlijk de klok vervangen. Indien de indicator tijdens de partij aangaat, is er nog voldoende energie voorhanden om de partij uit te spelen, dus hoeft de klok niet tijdens de partij te worden vervangen.

·             Op het display ontbreken streepjes. Het display is elektronisch (normaal gesproken een LCD-schermpje). Bij beschadiging e.d. kunnen onderdelen van dit scherm niet meer functioneren, waardoor het display voor de spelers erg onduidelijk wordt.

·             De hendel heeft speling. Vaak is dit veroorzaakt door langdurig hard indrukken (het snelschaaksyndroom bij digitale klokken). Door die speling lijken er – wanneer de hendel zacht wordt ingedrukt – meerdere standen te zijn. Het kan voorkomen dat een speler de hendel aan zijn kant te zacht indrukt, waardoor die hendel in de eerste “tussen”stand komt te staan en zijn eigen klok blijft lopen. In de tijdnoodfase kan dit tot grote problemen leiden.

·             De hendel komt na indrukken weer omhoog. Dit is zeer irritant voor spelers omdat ze dan van een afstandje niet meer kunnen zien wie aan zet is. Dit terugveren kan zelfs tot gevolg hebben dat de eigen klok weer gaat lopen.

·             Beide klokken lopen. Dit komt uiterst zeldzaam voor, maar het kan wel. Het is duidelijk dat zo’n klok niet te gebruiken is.

·             De batterijhouder schiet los. Dit is vooral een probleem in de eerste generatie DGT-klokken. Als het tijdens een partij gebeurt, wordt alle informatie aangaande verbruikte tijden gewist.

Een aantal digitale klokken heeft de beschikking over een zettenteller. Wanneer er een partij gespeeld wordt met meerdere perioden, dan mag het niet zo zijn dat de tijd van de volgende periode via de zettenteller erbij wordt gegeven. De tijd mag er pas bijkomen wanneer één van beide spelers al zijn bedenktijd van de eerdere periode heeft verbruikt. Dit is de reden dat de digitale klok van Phileon niet is toegestaan bij gewone partijen met meerdere perioden. Spelers mogen overigens absoluut geen gebruik maken van de zettenteller om te kijken of ze een tijdcontrole hebben gehaald.

In Nederland is de meest gebruikte digitale klok de DGT-klok van DGT Projects. Een korte gebruiksaanwijzing volgt hieronder. DGT staat voor Digital Game Timer.

De DGT-klok

Op de onderkant van de DGT-klok staan de diverse opties voor speelschema’s en zit ook de aan/uit-knop. Een deel van die opties is standaard ingesteld, een ander deel vrij te programmeren. Wanneer de klok wordt aangezet, gaat er een nummer knipperen. Dit nummer is het nummer van de optie. Gebruik de “+1”-toets om het juiste nummer tevoorschijn te halen. Wanneer dit nummer er staat, op de “OK”-toets drukken om de optie te bevestigen.

Instellen

Wanneer een vrij te programmeren optie wordt gekozen, gaat in het linkerdisplay het eerste cijfer knipperen. Het display toont overigens eerst de uren en minuten die moeten worden ingesteld. Door gebruik te maken van de “+1”-knop kan het knipperende cijfer worden opgehoogd. Wanneer dit wordt gedaan bij het hoogst mogelijke cijfer, is het eerstvolgende cijfer weer de 0. Wanneer de juiste waarde is bereikt, dient die waarde bevestigd te worden door op de “OK”-knop de drukken. Vervolgens gaat het volgende cijfer knipperen. Wanneer de minuten zijn ingesteld, komen in het display de in te stellen seconden te staan.

Wanneer de juiste tijd is ingesteld, dient de hendel aan de kant van de witspeler omhoog te staan, zodat de klok van de witspeler het eerst gaat lopen wanneer de “Start/Stop”-knop wordt ingedrukt.

Het display tijdens de partij

Tijdens de partij worden eerst alleen de uren en minuten getoond. Deze worden gescheiden door een dubbelpunt ( : ). Deze dubbelpunt knippert bij de speler wiens klok loopt. Wanneer een speler minder dan 20 minuten bedenktijd over heeft, schakelt de klok automatisch over op het alleen tonen van de minuten en seconden, gescheiden door een punt ( . ).

1:34 1.34
1 uur en 34 minuten 1 minuut en 34 seconden

Wanneer de bedenktijd op is, wordt er als vlag een minnetje vóór de tijd getoond. Indien het niet de laatste periode betreft, wordt er op het moment dat het minnetje verschijnt bij beide klokken de bedenktijd van de volgende periode opgeteld. De vlag wordt overigens maar bij één van de twee spelers getoond. Dit minnetje blijft vijf minuten in het scherm staan. Indien het de laatste periode betreft, komt er -0.00 te staan bij de ene speler (met een knipperend minnetje), en als de andere speler ook zijn bedenktijd heeft verbruikt, staat er alleen 0.00. Let wel dat bij snelschaak, rapid en versneld beëindigen in zo’n situatie gewoon beide vlaggen worden beschouwd als zijn gevallen!

-0:59 -0.00
na het vallen van de vlag is de 1 uur bedenktijd van de volgende periode erbij opgeteld de vlag viel na de laatste periode

De klok stilzetten en tijdcorrecties aanbrengen

Wanneer de partij is afgelopen, tijdens de partij een speler de hulp van de arbiter inroept of de arbiter moet ingrijpen, kan de klok stilgezet worden door op de “Start/Stop”-toets te drukken. Wanneer de klok weer moet worden gestart, dan dient dezelfde toets weer te worden ingedrukt.

Indien er een tijdcorrectie moet plaatsvinden – bijvoorbeeld het erbij geven van twee minuten na een onreglementaire zet – dient eerst de klok stil gezet te worden door te drukken op de “Start/Stop”-toets. Vervolgens moet diezelfde toets minstens drie seconden te worden ingedrukt. Dan gaat het eerste cijfer in het linkerdisplay knipperen. Het display toont de exact verbruikte tijd. Met de “+1”-toets – met de “OK”-toets als bevestiging voor de keuze van het betreffende cijfer – kan dan vervolgens de tijd gecorrigeerd worden. Wanneer het laatste cijfer in het rechterdisplay is bevestigd, stopt het knipperen van de cijfers en kan middels de “Start/Stop”-toets de klok weer aan de gang worden gebracht. Let wel dat de hendel aan de kant van de aan zet zijnde speler omhoog staat!

Handigheidje

De DGT-klok onthoudt de gekozen handmatige instelling. Vooral bij rapid- en snelschaaktoernooien worden er meerdere partijen gespeeld, waarbij het natuurlijk vervelend zou zijn om de klok steeds helemaal opnieuw te moeten instellen. Zet na de eerst gespeelde partij de klok uit en dan weer aan. De eerder gekozen optie komt knipperend op het scherm. Druk op de “OK”-toets. Vervolgens begint het eerste cijfer van de al eerder ingestelde bedenktijd te knipperen. Aangezien er niets veranderd hoeft te worden, kan nu direct op de “Start/Stop”-toets worden gedrukt. Nu is de klok gereed voor gebruik (let wel op de positie van de hendels!).

Weetje

De DGT-klok rondt altijd af naar boven. Dus 0,21 (21 honderdste) seconde is 1 seconde op de DGT-klok.

HOE 90 MIN + 30 MIN + 30 SEC/ZET VANAF ZET 1 INSTELLEN?

DGT 2000AFGEKEURD
MEREX 500AFGEKEURD
LinkerschermRechterschermUitleg
25 Programma 25: “Fischer” tournament up to 4 periods – Manual set
(1)       1:30(2)       .00(3)       1 :30(4)       .00Stel de uren, minuten en secondes van periode 1 in volgorde van de nummers tussen haakjes: 1 uur, 30 minuten, 0 seconden.
0.300.30Stel het increment in: 0 minuten en 30 seconden.
100Stel de zettenteller van periode 1 in: 0 zetten.
220 :30.00Stel de uren, minuten en secondes van periode 2 in: 0 uren, 30 minuten, 0 seconden
200Stel de zettenteller van periode 2 in: 0 zetten.
330 :00.00Stel de uren, minuten en secondes van periode 3 in: 0 uren, 0 minuten, 0 seconden
300Stel de zettenteller van periode 3 in: 0 zetten.
440 :00.00Stel de uren, minuten en secondes van periode 4 in: 0 uren, 0 minuten, 0 seconden
400Stel de zettenteller van periode 4 in: 0 zetten.
DGT XLGOEDGEKEURD
Opgepast met de bug dat er 30 secondes worden toegevoegd als de vlag valt, daarom als toevoeging voor de tweede periode 29 min. 30 secondes instellen
LinkerschermRechterschermUitleg
00 Programma 00: Manual set to store max. 5 periods.
1FISCHStel de eerste periode als een Fischerperiode in.
1    1:30   (1)1   .00  (2)1:30   (3).00   (4)Stel de uren, minuten en secondes van periode 1 in volgorde van de nummers tussen haakjes: 1 uur, 30 minuten, 0 seconden
1   0:300.30Stel het increment in: 0 minuten en 30 seconden
100Stel de zettenteller van periode 1 in: 0 zetten
2FISCHStel de tweede periode als een Fischerperiode in.
220:29   (1).30   (2)Stel de uren, minuten en secondes van periode 2 in volgorde van de nummers tussen haakjes: 0 uren, 29 minuten, 30 seconden
20.30Stel het increment in: 0 minuten en 30 seconden
3ENDStel einde periode in
DGT 2010GOEDGEKEURD
Opgepast met de bug van 15 min. tijdstoevoeging i.p.v. 30 min. in bepaalde versies
MEREX 555GOEDGEKEURD
LinkerschermRechterschermUitleg
19 Programma 19: Bonus tournament – 1 hour 30 min f.b. 30 min (all + 30 sec/move)
Ofwel, volledige programmering:
21 Programma 21: Bonus tournament max 4 periods – manual set (with / without move counter)
1:30   (1).00   (2)1:30   (3).00   (4)Stel de uren, minuten en secondes van periode 1 in volgorde van de nummers tussen haakjes: 1 uur, 30 minuten, 0 seconden.
 0.30Stel het increment in: 0 minuten en 30 seconden.
100Stel de zettenteller van periode 1 in: 0 zetten.
220 :30.00Stel de uren, minuten en secondes van periode 2 in: 0 uren, 30 minuten, 0 seconden
200Stel de zettenteller van periode 2 in: 0 zetten.
330 :00.00Stel de uren, minuten en secondes van periode 3 in: 0 uren, 0 minuten, 0 seconden
300Stel de zettenteller van periode 3 in: 0 zetten.
440 :00.00Stel de uren, minuten en secondes van periode 4 in: 0 uren, 0 minuten, 0 seconden
400Stel de zettenteller van periode 4 in: 0 zetten.
DGT 2010 SGGOEDGEKEURD
DGT 2010 LEGOEDGEKEURD
MEREX 600GOEDGEKEURD
LinkerschermRechterschermUitleg
13 Programma 13: “Fischer (2)” : 1h30 m + 30 m + 30s/move bonus
DGT NAGOEDGEKEURD
LinkerschermRechterschermUitleg
16 Programma 16: Up to 4 Time Controls with Bonus time per move (“Fischer”) – Manual set
1:30   (1).00   (2)1:30   (3).00   (4)Stel de uren, minuten en secondes van periode 1 in volgorde van de nummers tussen haakjes: 1 uur, 30 minuten, 0 seconden.
 0.30Stel het increment in: 0 minuten en 30 seconden.
100Stel de zettenteller van periode 1 in: 0 zetten.
220 :30.00Stel de uren, minuten en secondes van periode 2 in: 0 uren, 30 minuten, 0 seconden
200Stel de zettenteller van periode 2 in: 0 zetten.
330 :00.00Stel de uren, minuten en secondes van periode 3 in: 0 uren, 0 minuten, 0 seconden
300Stel de zettenteller van periode 3 in: 0 zetten.
440 :00.00Stel de uren, minuten en secondes van periode 4 in: 0 uren, 0 minuten, 0 seconden
400Stel de zettenteller van periode 4 in: 0 zetten.
DGT 3000GOEDGEKEURD
LinkerschermRechterschermUitleg
13 Programma 13: “Fischer (2)” : 1h30 m + 30 m + 30s/move bonus
KAISSAGOEDGEKEURD

Speeltempo is niet voorgeprogrammeerd. Je dient die zelf te programmeren en je kan die opslaan onder modus 8-15.

Hoe je de klok dient te programmereren, is uitgelegd in

http://www.ibca-info.org/downloads/Digital-Chess-Clock-Manual.pdf.

Ziehier wel de instellingen die geprogrammeerd moeten worden (vb. in modus 15):

Time period = tijdsperiode

Bonus mode: 0 = increment after move; 1 = increment before move

Moves = 0: geen zettenteller

OPGEPAST

1) De increment wordt altijd VOORAF gegeven. M.a.w. de begintijd per speler is 1:30.30 (1 uur 30 minuten 30 secondes).

2) Er wordt GEEN gebruik gemaakt van de zettenteller. Dit wil zeggen dat:

o   de klok nooit bevriest bij de overgang naar de tweede tijdscontrole; de verantwoordelijkheid voor de controle van het halen van de 40 zetten ligt bij de arbiter en beide spelers

o   de 30 minuten voor de tweede tijdscontrole gegeven wordt van zodra een vlag valt (dus niet als exact 40 zetten gespeeld zijn)

Aanvraag FIDE of Internationaal arbiter

1. Inleiding

1.1.3 De titels die FIDE toekent zijn Internationaal Arbiter (IA) en FIDE Arbiter (FA).

1.1.4 De titels zijn geldig voor het leven vanaf de toekenning of de registratie ervan.

1.1.5 Het beslissingsorgaan is de FIDE Arbiters’ Commissie.

1.1.6 De Arbiters’ Commissie wordt door de General Assembly aangeduid voor eenzelfde periode als de FIDE President. De Commissie heeft een voorzitter aangeduid door de FIDE President, een Secretaris, aangeduid door de voorzitter in overleg met de FIDE President en maximaal 11 experten, die stemrecht hebben in de Commissie. Geen enkele Federatie heeft meer dan één lid in de Commissie.

1.1.8 De Commissie beslist gewoonlijk in de sessies die voorafgaan aan de opening van de General Assembly.

2. Algemene regels voor Arbiter normen

2.1.1 Certificaten : maximaal aantal uit te delen norm certificaten

Normen : aantal normen die bij een aanvraag kunnen gebruikt worden

    Formaat       Niveau                     Type                  Certificaten    Normen

    =                 Wereld                      =                       geen limiet          geen limiet

    =                 Continentaal             =                       geen limiet          geen limiet

    Zwitsers        Internationaal           =                       1 per 50 spelers   geen limiet

    Gesloten       Internationaal           =                       maximum 2         geen limiet               

    Zwitsers        Nationaal Kamp         Indiv/Ploeg         1 per 50 spelers    Maximum 2

    Gesloten       Nationaal Kamp         Indiv/Ploeg         Maximum 2    Maximum 2

    Rapid Chess  Wereld/Continentaal  =                       =    Maximum 1

2.1.2 Een arbiter norm kan behaald worden in de hoogste afdeling van het Nationale Interclub Kampioenschap als aan volgende voorwaarden is voldaan:

          1. Minimum vier borden per ploeg;

          2. Minimum 10 ploegen;

          3. Ten minste 60% van de spelers zijn FIDE rated.

4. Er zijn ten minste 5 ronden.

2.1.3. De aanvraag moet normen uit twee verschillende types toernooien bevatten zowel voor de FA als IA titel (bijvoorbeeld Zwitsers, of Gesloten of een Ploeg-toernooi). Het is toegestaan om enkel Zwitsers systeem toernooien in te dienen op voorwaarde dat ten minste één een internationaal FIDE geklasseerd toernooi is met minstens 100 deelnemers, waarvan minstens 30% een FIDE rating hebben, en met ten minste 7 ronden.

2.1.4 Elke aanvrager van de titel van IA of FA is ten minste 21 jaar oud.

2.1.5 Wedstrijdleiders op nationaal niveau zijn minstens 16 jaar oud.

3. Vereisten voor de titel van FIDE Arbiter (FA).

Alle volgende zijn vereist:

3.1 Grondige kennis van de Regels van het Schaakspel, de FIDE toernooiregels, en het Zwitsers Systeem.

3.2 Absolute objectiviteit, te allen tijde getoond tijdens het uitoefenen van het werk van arbiter.

3.3 Voldoende kennis van ten minste één officiële FIDE taal.

3.4 In staat zijn om elektronische klokken van verschillende types in te stellen, voor verschillende toernooisystemen en tempo’s.

3.5 Ervaring als hoofd- of hulparbiter in ten minste drie (3) FIDE Rated toernooien (nationaal of internationaal) en deelname aan ten minste één (1) FIDE Arbiters’ Seminarie en het slagen (met minstens 80%) in een examen opgesteld en afgenomen door de Arbiters’ Commissie.

Om geldig te zijn voor een norm moet een FIDE rated event ten minste 10 spelers tellen voor een Round-Robin systeem, minstens 6 spelers voor een dubbelrondig  Round-Robin systeem en minstens 20 spelers voor een Zwitsers Systeem.

3.6 De titel van FIDE Arbiter bij de federaties IBCA (slecht zienden), ICSC (doven), of IPCA (minder validen) staat gelijk met één FA norm.

3.7 Voor een aanvrager, is match-arbiter zijn in een Olympiade equivalent met één FA norm. Er mag maximaal één dergelijke norm gebruikt worden voor een titel-aanvraag.

3.8 Hoofd- of hulparbiter bij een officieel Wereld of Continentaal Rapid Kampioenschap is equivalent met één (1) FA norm. Er mag maximaal één dergelijke norm gebruikt worden voor een titel-aanvraag.

3.9 Bijwonen van een (1) FIDE Arbiters’ Seminarie en het slagen (met ten minste 80%) in een examen opgesteld en afgenomen door de Arbiters’ Commissie, is equivalent met één (1) FA norm. Er mag maximaal één dergelijke norm gebruikt worden voor een titel-aanvraag.

3.10 Aanvragers van federaties die niet in staat zijn om een toernooi te organiseren waarin een norm kan behaald worden, kunnen de titel eventueel verkrijgen na het slagen in een examen opgesteld en afgenomen door de Arbiters’ Commissie.

4. Vereisten voor de titel van Internationaal Arbiter (IA).

Alle volgende zijn vereist:

4.1 Grondige kennis van de Regels van het Schaakspel, de FIDE toernooiregels, het Zwitsers Systeem, de FIDE regels voor het behalen van normen en het FIDE rating-systeem.

4.2 Absolute objectiviteit, te allen tijde getoond tijdens het uitoefenen van het werk van arbiter.

4.3 Verplichte kennis van het Engels, ten minste voor conversatie-niveau, en kennis van de schaakterminologie in de andere officiële FIDE talen.

4.4 Minimum kennis om te werken met een PC. Kennis van paringsprogramma’s erkend door de FIDE, van Word, Excel en e-mail.

4.5 In staat zijn om elektronische klokken van verschillende types in te stellen, voor verschillende toernooisystemen en tempo’s.

4.6 Ervaring als hoofd- of hulparbiter bij ten minste vier (4) FIDE rated toernooien zoals de volgende:

a. De finale van een Nationaal Individueel (volwassenen) Kampioenschap (maximum twee normen).

b. Alle officiële FIDE toernooien en matchen.

c. Internationale toernooien en matchen waar FIDE titels/normen behaald kunnen worden.

d. Internationale FIDE rated schaaktoernooien met minstens 100 deelnemers, waarvan ten minste 30 % een FIDE rating hebben en ten minste 7 ronden tellen.

e. Alle officiële Wereld en Continentale Rapid en Snelschaakkampioenschappen (maximum één norm).

4.7 De titel van Internationaal Arbiter bij de federaties IBCA (slecht zienden), ICSC (doven), of IPCA (minder validen) staat gelijk met één IA norm.

4.8 Voor een aanvrager, is match-arbiter zijn in een Olympiade equivalent met één IA norm. Er mag maximaal één dergelijke norm gebruikt worden voor een titel-aanvraag.

4.9 De titel van Internationaal Arbiter kan enkel toegekend worden aan kandidaten die reeds de titel van FIDE arbiter bezitten.

4.10 Alle normen bij de aanvraag voor de IA titel moeten verschillen van de normen gebruikt bij de aanvraag voor de FA titel en moeten behaald zijn in de hoedanigheid van FIDE Arbiter.

4.11 Ten minste twee (2) normen zullen getekend zijn door verschillende Hoofdarbiters.

5. Aanvraagprocedure

5.1 De volgende aanvraag formulieren zijn beschikbaar bij de verantwoordelijke Internationale toernooien KBSB of op de site van FIDE:

Tournament Report Form met kruistabel en beslissingen bij beroep – IT3 (gebruik één formulier per norm)

Arbiter Norm Report Form – IA1 of FA1 (één per norm)

Arbiter Title Application Form – IA2 or FA2

5.2 Aanvragen moeten ingediend worden bij het FIDE Secretariaat door de federatie van de aanvrager. De nationale federatie is verantwoordelijk voor de financiële bijdrage.

Alle normen moeten ondertekend zijn door de hoofdarbiter van het toernooi en de federatie die verantwoordelijk is voor het toernooi. Indien de aanvrager de hoofdarbiter was, zal de norm ondertekend worden door de Organisator van het toernooi of een officiële vertegenwoordiger van de federatie.

5.3 Alle ingediende normen zijn behaald in een periode van maximaal zes (6) jaar. De aanvraag moet ingediend zijn ten laatste op het tweede FIDE congres volgend op het behalen van de laatste norm Normen uit Seminaries blijven geldig voor een periode van vier (4) jaar.

5.4. Indien de federatie van de aanvrager de aanvraag niet wil indienen, kan de aanvrager zijn zaak voorleggen aan de FIDE Arbiters’ Commissie, die de zaak zal onderzoeken. Indien blijkt dat de weigering tot indienen ongegrond is, kan de aanvrager op eigen initiatief de aanvraag indienen bij FIDE.

5.5. Alle aanvragen worden onderzoeken binnen een tijdsspanne van 60 dagen.

5.6 Alle titel aanvragen worden met volledige details gepubliceerd op de FIDE website gedurende minstens 60 dagen zodat eventueel protest kan genoteerd worden.

6. Arbiter Licentie

6.1       Elke actieve arbiter op FIDE niveau (Internationaal Arbiter of FIDE Arbiter) en arbiters op nationaal niveau die actief zijn in FIDE geregistreerde toernooien zijn onderworpen aan een bijdrage voor een licentie: “licence fee”.

6.2.1    De licentie voor IA of FA is geldig vanaf ontvangst van de “licence fee” en voor het leven, op voorwaarde dat de arbiter actief blijft.

6.2.2    De licentie voor arbiters op nationaal niveau is geldig voor het leven.

6.2.3    Elke arbiter die de titel “FIDE Arbiter” ontvangt is de licence fee verschuldigd aan FIDE.

6.2.4    Bij wijziging van categorie is enkel het verschil tussen de bijdrages verschuldigd.

6.2.5    Als een “FIDE Arbiter” promotie maakt tot “Internationaal Arbiter”, moet de bijdrage voor de nieuwe titel betaald worden aan FIDE.

6.3       De licence fee is:

a)  voor A’ Categorie Arbiters (enkel IAs):  300 €
b)  voor B’ Categorie Arbiters (enkel IAs): 200 €
c)  voor C’ Categorie Arbiters:IAs160 €
 FAs120 €
d)  voor D’ Categorie Arbiters:IAs100 €
 FAs80 €
e)  voor Arbiters op Nationaal Niveau (NA): 20 €

6.4       Het niet betalen van de licence fee leidt tot uitsluiting van de arbiter van de FIDE Arbiters’ list.

6.6. Alle wedstrijdleiders van een FIDE rated toernooi moeten een licentie hebben

6.7.1    Een arbiter op FIDE niveau die niet meer actief is, verliest zijn licentie.

6.7.2    Op opnieuw actief te worden moet de arbiter de licence fee betalen volgens 6.3.

6.8       Toernooien met arbiters zonder licentie zullen niet meegerekend worden voor FIDE rating.

Lijst van arbiters

Namen in vet hebben FIDE licentie (op de FIDE lijst)

Internationale Arbiters                                                            

Bailleul, Geert                     IA  1995   VSF         225185                                             15/11/1956

Beeckmans, Peter                  IA   1990     VSF          232599                                             9/05/1945

Bils, Marc                             IA  1993   VSF         232602                                             12/02/1962

Boutchon, Gaston                  IA   2000     VSF          208418                                             7/08/1968

Cornet, Luc                          IA  1991   VSF         205494                                             21/02/1967

De Vet, Sylvin                      IA  2001   VSF         214787                                             10/02/1947

De Vogelaere, Bart             IA  2016   VSF         214850                                             25/06/1958

Deleyn, Gunter                    IA  1989   VSF         200115                                             1/12/1955

Dondelinger Jean-Pierre         IA   1987     VSF          232769                                             26/11/1954

Ganci, Stefano                     IA              FEFB        835765                                             23/04/1974

Janssens, Marc                      IA   1986     FEFB         208752                                             17/06/1955

Kesteloot Eddy                       IA              VSF          232785                                             24/04/1961

Keustermans, Helmut            IA   1995     VSF          203599                                             12/12/1972

Malfliet, Bernard                 IA  1994   VSF         218758                                             25/08/1965

Pots, Jos                              IA              VSF         1036726                                             26/11/1955

Van Emmelo John                  IA              VSF          222038                                             11/07/1948

Van Roon, Ton                     IA  2014   VSF         1044028                                             30/10/1952

Verhulst John                         IA              VSF          205273                                             11/07/1948

FIDE – Arbiters

Barreau, Renaud                 FA  2008   FEFB        208060                                             20/04/1982

Vandervorst, Marc              FA  2009   FEFB        625531                                             28/07/1945

Wedstrijdleider cat A                                                               

Anciaux, Marc                     A    1988   FEFB        201596                                             26/06/1961

Andre, Damien                    B    2008   FEFB        203289                                             5/11/1970

Bastiaansen, Wim                  A    1993     VSF          210625                                             2/10/1939

Beghein, André                      A    1984     FEFB         —                                             7/10/1949

Bikady, Claude                    A    1988   FEFB        204293                                             29/04/1968

Bonne, Ronny                        A                VSF          208400                                             28/08/1954

Chirillo, Gioelle                      A                VSF          —                                             15/01/1949

Cogneau, Philippe                  A    1990     FEFB         —                                             19/04/1964

Cools, Wim                          A    2019   VSF         209414                                             16/11/1974

De Groote, Peter                    A                VSF          —                                             17/09/1949

De Meester, David                 A    1988     FEFB         —                                             06/07/1970

Gosseye, Christophe              A    1999     FEFB         —                                             07/09/1970

Halleux, Daniel                      A    1990     FEFB         208710                                             04/03/1952

Logie, Dimitri                       A    2014   VSF         231207                                             15/01/1980

Marmenout, Sylvain               A                VSF          211478                                             21/11/1949

Mauquoy, Alain                      A                VSF          201987                                             23/05/1960

Mollekens, Roeland                A                VSF          202746                                             19/08/1949

Osinga, Angelique                  A                VSF          1035347                                             17/03/1995

Penninck, Willem                A    1987   VSF         237159                                             19/06/1951

Piron, Jean-Marie                   A    1990     FEFB         260371                                             12/07/1962

Pletinckx, Eddy                      A                VSF          227846                                             3/02/1959

Rosskamp, Kurt                  A    2015   SvDB       220469                                             12/05/1956

Scaillet, Timothe                 A    2019   FEFB        220574                                             27/09/1986

Van De Perre, Patrick         A    2015   VSF         221732                                             15/03/1963

Van De Wynkele, Herman  A    2017   VSF         207144                                             9/03/1951

Van Dyck, Marc                   A    2013   VSF         207640                                             9/10/1960

Van Quickenborne, Kris         A                VSF          228591                                             28/06/1967

Van Tichelen, Bart              A    2013   VSF         263885                                             19/11/1976

Vanderhelstraete, Luc            A    2008     FEFB         222941                                             10/02/1977

Vanson, Marc                         A                VSF          209147                                             15/12/1963

Wuyts, Tom                         A    2017   VSF         207969                                             16/07/1990

Wedstrijdleider cat B                                                               

Ahn, Martin                            B                SvDB        200972                                             27/04/1972

Andries, Gommaar                 B                VSF          —                                             31/03/1936

Bergmans, Norbert                B                SvDB        203165                                             22/07/1959

Bonduelle, Christine               B                VSF          —                     

Bonjean, Marc                        B    1995     VSF          246301                                             20/01/1955

Cleuren, Freddy                     B    1991     VSF          262617                                             26/01/1967

De Bolster, Wim                    B                VSF          —                                             08/04/1964

De Cauter, Wolfgang              B    2014     VSF          4659562                                             2/10/1962

De Pauw, Damien                  B    1995     FEFB         224960                                             27/06/1959

De Smet, Karl                        B    1995     VSF          210161                                             12/09/1936

Defour, Rudy                         B                VSF          201928                                             12/08/1956

Deneyer, Frank                   B    2016   FEFB        243213                                             4/09/1969

D’Haijere, Arnaud               B    2015   FEFB        209880                                             23/05/1991

Dorr, Yannick                      B    2013   SvDB       205389                                             27/03/1995

Du Ry, Philippe                   B    1992   FEFB        240583                                             22/06/1955

Ducaert, Frederik                   B                VSF          215970                                             14/09/1965

El Osta, Eric                           B    1990     FEFB         —                                             14/01/1965

Fret, Louis                             B                VSF          —                                             03/08/1946

Genee, Maurice                      B    1990     FEFB         —                                             08/07/1930

Goethals, Philipe                    B                VSF          226840                                             16/06/1957

Gorts, Sven                          B    2013   VSF         216739                                             12/09/1977

Grobelny, Fabrice                   B    1995     FEFB         201804                                             30/03/1965

Haegeman, Jean-Pierre          B                VSF          —                                             13/02/1949

Hamblok, Roel                     B    2016   VSF         209317                                             6/07/1988

Henrotte, Christian             B    2019   FEFB        232521                                             15/07/1954

Heuvelmans, Laetitia         B    1980   FEFB        224561                                             02/02/1971

Huchon, Jean                         B    1990     FEFB         206881                                             12/04/1964

Jassem, Philippe                 B    2012   FEFB        206903                                             12/04/1956

Knudde, Francis                     B    1995     FEFB         263133                                             23/03/1964

Lanckriet, Chris                      B    2009     VSF          208787                                             22/03/1968

Ludwig, Daniel                       B                SVDB        —                                             03/04/1964

Maeckelbergh, Anne-Marie     B    1995     VSF          203963                                             19/02/1965

Maes, Valeer                          B    2011     SvDB        201634                                             5/01/1946

Marchal, Georges                B    2005   FEFB        200859                                             10/08/1944

Meijfroidt, Bart                   B    2017   VSF         218928                                             27/05/1957

Moors, Marc                         B    2011   VSF         263419                                             6/04/1956

Ooms, Andy                           B    2007     VSF          201367                                             31/01/1977

Op De Beeck, Lode                B                VSF          232289                                             12/01/1950

Petit, Emilien                         B                VSF          219746                                             28/11/1938

Piceu, Kurt                             B    2017     VSF          219843                                             06/12/1973

Rauta, Nicolas                     B    1998   FEFB        206873                                             15/05/1974

Roessler, Eckhard                  B    2013     SvDB        208949                                             16/04/1968

Roman, Hugo                         B                VSF          227986                                             7/01/1951

Ronck, Marcel Sr                    B    1984     FEFB         —                                             15/07/1928

Roose, Erik                            B                VSF          —                                             23/06/1937

Scheen, Pascal                       B    2013     SvDB        220590                                             12/09/1975

Schuurmans, Paul                  B    1994     VSF          —                                             21/08/1967

Scuflaire, Richard                   B    1984     FEFB         —                                             22/06/1947

Secelle, Hans                         B                VSF          208965                                             26/08/1959

Soetewey, Patrick                  B                VSF          —                                             06/111967

Sproten, Raphael                   B    2013     SvDB        221104                                             2/08/1966

Temmerman, Hans                B                VSF          210471                                             28/05/1961

Theys, Freddy                        B                VSF          —                                             30/06/1949

Van Baekel, Patrick                B    1994     VSF          —                                             23/02/1964

Van Bunderen, Gert            B               VSF         209023                                             26/01/1967

Vanbelleghem, Patrick           B                VSF          —                                             06/03/1965

Vanhaverbeke, Johan             B                VSF          263923                                             19/09/1964

Vanhercke, Jan                   B    2012   VSF         232017                                             15/11/1967

Vausort, Andre                       B    1984     FEFB         263940                                             24/09/1938

Verhulst, Tobias                  B    2013   VSF         205273                                             27/11/1985

Verspecht, Thierry                 B    1990     FEFB         202010                                             19/09/1961

Vertenten, Eduard              B               VSF         230014                                             25/05/1946

Zamparo, Sergio                 B    2002   VSF         201154                                             6/06/1960

Zimmermann, Christian         B                SvDB        224375                                             15/01/1978

Wedstrijdleider cat C                                                               

André, Henri-Jean                  C    1998     FEFB         —                                             25/05/1961

Avilov, Igor                            C    2012     FEFB         13500759                                             12/03/1971

Bair, Marc                              C    1992     FEFB         261408                                             09/10/1966               

Bartels, Klaas                        C    2018     VSF          —                                             24/09/1987

Bastien, Jörg                          C    2016     VSF          234877                                             1/01/1964

Bellens, Steven                   C    2013   VSF         225665                                             8/07/1986

Beukema, Henk-Jan               C    1997     VSF          203530                                             22/06/1967

Bex, Lennert                        C    2019   VSF         232254                                             29/11/1996           

Biot, Thomas                       C    2017   FEFB        237280                                             18/12/1988

Bockaert, Jan                         C                VSF          200638                                             19/02/1977

Bosschem, Eddy                    C                VSF          206768                                             28/12/1953

Brice, Bruno                           C    1995     FEFB         —                                             16/12/1950

Brion, Philippe                        C    1992     FEFB         206172                                             9/09/1958

Bruynseels, Roger                 C    2009     VSF          200522                                             19/02/1944

Bunkens, Rudi                       C                VSF          262536                                             7/01/1963

Burnel, Gerard                       C                VSF          210781                                             04/04/1943

Bustin, Jean-Louis                  C    2002     FEFB         213195                                             2/06/1943

Callant, Geert                        C                VSF          262552                                             19/06/1972

Cappon, John                         C                FEFB         608459                                             4/03/1974

Casse, Roland                        C    1992     FEFB         —                                             14/09/1944

Cauwenberghs, Kenneth    C    2009   VSF         203726                                             29/06/1982

Christiaens, Mark                   C                VSF          205761                                             15/02/1974

Claes, Johan                          C    1991     VSF          210846                                             25/02/1965

Coudron, Paul                        C    2010     VSF          229938                                             21/05/1963

Culot, Cédric                          C    1998     FEFB         213918                                             16/06/1977

Cuvelier, Annelies                  C    2016     VSF          213950                                             27/04/1994

Cuyx, Tomas                        C    2015   VSF         244619                                             15/09/1992

Dalle, Natasha                       C    2007     VSF          214000                                             27/01/1986

Danneel, Geert                      C    1995     VSF          214051                                             28/12/1970

De Baets, Dirk                       C                VSF          —                                             23/10/1950

De Brouwer, Philippe             C    1995     FEFB         226190                                             17/12/1965

De Ceukelaire, Gert               C    1990     VSF          265926                                             28/10/1965               

De Coninck, Rik                     C                VSF          214302                                             19/09/1968

De Geest, Jan                        C    2007     VSF          214345                                             30/07/1951

De Gendt, Eddy                     C    2012     VSF          214353                                             16/12/1946

De Herdt, Yasseen                 C    2012     VSF          209406                                             10/11/1992

De Mondt, Janik                     C                VSF          273171                                             03/04/1988

De Roo, Luc                           C                VSF          206792                                             08/08/1966

De Ruyck, Nick                      C    2012     VSF          230502                                             23/03/1985

De Scheemacker, Peter         C    2012     VSF          214728                                             9/02/1981

De Schepper, Bart                 C    2010     VSF          206440                                             19/08/1965

De Strycker, Johan                C    2015     VSF          241113                                             3/10/1965

De Strycker, Nathan           C    2015   VSF         226343                                             10/07/1996

De Visser, Stefaan                 C    2007     VSF          214795                                             28/01/1965

De Vriendt, Augustin              C                VSF          214892                                             14/01/1958

Debeus, Daniel                      C    1998     FEFB         262730                                             3/01/1964

Decharneux, Bauduin             C    1984     FEFB         —                                             01/10/1961

Declerck, Frank                      C    1995     VSF          —                                             26/05/1957

Decroos, Marc                        C                VSF          —                                             22/02/1962

Decrop, Ruben                       C                VSF          201308                                             21/04/1965

Degembe, Serge                    C    2005     FEFB         215180                                             4/10/1966

Delers, Alain                          C    1992     FEFB         —                                             20/12/1950

D‘Elia, Michele                    C    2019   FEFB        260193                                             31/03/1961

Delvaux, Guy                       C    2008   FEFB        215376                                             4/01/1958

Demoulin, Joachim                 C    1992     FEFB         201146                                             11/04/1977

Denduyver, Marcel                 C    1995     VSF          215481                                             20/01/1942

Deschepper Martin             C    2017   VSF         200670                                             13/06/1964

Deschuyteneer, Willy             C    2005     VSF          215619                                             27/03/1953

Dethier, Claude                      C    2005     FEFB         215678                                             05/09/1967

Dethier, Krista                       C    2018     VSF          233250                                             02/09/1967

Dewinter, Didier                    C    2005     FEFB         249122                                             26/05/1962

Dewitte, Didier                      C    1983     FEFB         260924                                             16/12/1961

Dhuyvetter, Frederik              C    2012     VSF          200824                                             18/07/1988

Doetjes, Rienk                       C                SvDB        205370                                             14/02/1942

Domb, Michel                      C    2012   FEFB        243019                                             12/05/1966

Dorr, Jose                              C    2013     SvDB        230693                                             25/08/1958

Dua, Wim                              C                VSF          —                                             17/05/1960

Dupont, Cédric                       C    2008     FEFB         —                                             02/02/1981

Dupuis, Cédric                       C    2008     FEFB         206580                                             02/07/1981

Duquesne, Claude                  C    1990     FEFB         —                                             07/12/1956

Dusart, Michel                        C    1983     FEFB         —                                             13/01/1948

Englicky, Pavel                      C    2018     VSF          211044                                             17/09/1954

Ertveldt, Pieter                   C    2019   VSF         262846                                             30/07/1976

Forizs, Louis                           C    1992     FEFB         —                                             22/01/1950

Geucquet, Luc                        C    2008     FEFB         216593                                             27/10/1956

Geuquet, Michael                   C    2008     FEFB         209589                                             14/02/1986

Giansante, Peppino                C    1983     FEFB         262935                                             4/09/1950

Gillain, Christophe              C    1998   FEFB        205320                                             12/11/1972

Gillain, Nicolas                       C    1998     FEFB         204285                                             17/09/1974               

Goethals, Kristof                    C                VSF          216682                                             11/05/1975

Gousset, Sebastien                C    1995     FEFB         —                                             16/04/1972

Gregorio, Santiago                 C    2007     FEFB         208051                                             7/08/1960

Grillmaier, Philippe                 C    1992     FEFB         216810                                             06/09/1953

Harutyunyan, Axel                 C    2015     VSF          235474                                             25/01/1995

Haverbeke, Jean-Pierre          C    2010     VSF          217107                                             22/02/1956

Henderyckx, Pieter                C    1995     VSF          —                                             02/04/1964

Herman, Jean-Claude             C    2018     FEFB         226980                                             25/10/1949

Hick, Robby                           C    2013     FEFB         236896                                             12/08/1998

Hiel, Lino                               C    2009     VSF          204110                                             29/09/1978

Hiltrop, Frank                        C    1995     VSF          —                                             30/10/1963

Hoogstijns, Raf                      C                VSF          266035                                             15/12/1973

Huysman, Robert                   C                VSF          200697                                             27/06/1946

Iannelli, Jean                         C    1983     FEFB         251496                                             10/02/1961

Indemans, Rudi                     C                VSF          211257                                             22/01/1958

Inghelbrecht, Veronique         C    2007     VSF          217395                                             14/09/1972

Jacques, Stephane                 C    2016     FEFB         233706                                             21/07/1983

Jamar, Marc                         C    2008   FEFB        217476                                             3/01/1956

Jans, Koen                             C                VSF          203734                                             23/04/1967

Jansen, Luc                            C    2018     VSF          257648                                             08/12/1956

Kocur, Johan                          C                VSF          202614                                             14/02/1972

Kocur, Marc                           C                VSF          205036                                             23/02/1965

Kosatka, Edward                    C                VSF          252433                                             5/05/1951

Lacroix, Didier                       C    1988     FEFB         20652496                                             4/10/1958

Lagasse, Jean-Claude            C    1983     FEFB         —                                             26/09/1954

Laurent, Michel                      C    2005     FEFB         204943                                             21/02/1961

Lavet, Theo                          C                VSF         263249                                             24/10/1945

Ledent, Philippe                     C    2012     FEFB         218227                                             17/05/1968

Lefebvre, Thomas                  C    2018     VSF          —                                             06/10/1988

Lemmens, Michel                   C    1990     FEFB         —                                             20/07/1967

Lenaerts, Willy                       C                VSF          211443                                             17/02/1938

Lequy, Cedric                         C    2017     VSF          252972                                             12/04/1970

Libbrecht, Peter                     C    1995     VSF          218545                                             29/06/1958

Logie, Bernard                       C                VSF          218626                                             12/12/1956

Lombard, Christian                C    1998     FEFB         229504                                             2/01/1968

Luyckx, Wim                          C                VSF          201570                                             9/01/1973

Maas, Eddy                            C    2009     VSF          232858                                             25/06/1946

Maes, Wim                             C                VSF          201073                                             1/06/1972

Martens, Ludo                     C                VSF         239828                                             3/12/1955

Martin, Daniel                        C    1990     FEFB         —                                             04/07/1963

Mechelynck, Antoine              C    1988     FEFB         218910                                             25/01/1951

Meekers, Geert                      C                VSF          208833                                             23/04/1975

Melet, Gilles                           C    1990     FEFB         208124                                             11/10/1965

Mersie, Monique                     C                VSF          —                                             26/12/1958

Mollica, Antonio                      C    1984     FEFB         227633                                             25/03/1960

Munster, Pierre                      C    1990     FEFB         204757                                             8/12/1966

Noiroux, Kevin                       C    2002     FEFB         204234                                             26/02/1986

Oste, Patrick                          C    2017     VSF          254746                                             19/12/1969

Pacolet, Fabrice                     C    2008     FEFB         209813                                             6/04/1975

Palstermans, Koen                 C                VSF          245810                                             02/05/1982

Papp, Arpad                           C    1983     FEFB         —                                             05/10/1934

Passchyn, Maarten                 C    2017     VSF          219576                                             08/05/1982

Peeren, Yen                           C    2007     VSF          204250                                             29/03/1976

Peeters, Bart                         C    2007     VSF          219614                                             16/10/1980

Penneman, Francis                 C    1990     FEFB         —                                             02/07/1949

Pepermans, Jelle                    C    2013     VSF          219690                                             20/08/1989

Persoons, Bart                    C    2013   VSF         219738                                             6/10/1975

Piacentini, Claudio                 C    2005     FEFB         201316                                             30/09/1961

Piceu, Tom                             C    2017     VSF          201952                                             20/10/1978

Piron, Pascal                          C    1984     FEFB         —                                             28/08/1963

Podevijn, Guido                      C    2017     VSF          233960                                             06/10/1952

Poelman, Geoffrey                 C    2012     VSF          209961                                             7/09/1992

Poth, Heribert                     C    2012   FEFB        219975                                             24/08/1955

Pouliart, Sander                     C                VSF          251062                                             24/10/1998

Pu, Linden                              C    2017     VSF          220019                                             15/10/1996

Puttemans, Patrick                 C                VSF          220051                                             10/10/1974

Raepsaet, Joannes                 C    2007     VSF          220094                                             24/12/1983

Remue, Jan                            C    2012     VSF          260746                                             7/07/1967

Rodriguez-Castro, Emilio       C    1998     FEFB         —                                             17/07/1957

Roger, Marc                           C    1990     FEFB         238970                                             27/10/1970

Roos, Adrian                          C    2012     VSF          263621                                             11/05/1990

Roos, David                           C    2012     VSF          210064                                             24/07/1992

Rosseel, Kimball                    C    2018     VSF          233331                                             07/09/1978

Rottier, Michel                        C                VSF          —                                             29/04/1958

Ruelens, Daniel                      C    1998     FEFB         —                                             17/07/1970               

Russo, Bruno                         C    2005     FEFB         207306                                             15/01/1982

Schaeken, Yordi                     C    2013     VSF          263664                                             13/01/1993

Schrickx, Frank                      C                VSF          208957                                             26/08/1950

Segers, Danny                       C                VSF          —                                             22/07/1962

Sohet, Cedric                       C    2012   FEFB        228206                                             17/08/1974

Steelandt, Andre                    C    1995     VSF          228222                                             16/04/1949

Steurs, August                       C    2007     VSF          239216                                             4/01/1954

Stockman, Xavier                  C    2009     VSF          221180                                             12/11/1976

Stoffelen, Edward                  C                VSF          —                                             16/11/1934

Strubbe, Paul                         C    2002     FEFB         263729                                             19/12/1960

Thierens, Christian             C    2012   FEFB        209007                                             31/03/1955

Thonet, Gérard                      C    1983     FEFB         279323                                             06/05/1949

Ticket, Glenn                         C    1995     VSF          —                                             19/09/1969

Tielens, Kris                           C    2007     VSF          221350                                             01/06/1972

Torreele, Rene                       C                VSF          —                                             06/09/1943

Tossens, Alain                        C    2008     FEFB         263770                                             13/10/1965

Troisi, Joseph                         C    1983     FEFB         —                                             17/01/1960

Truyens, Aime                       C                VSF          277851                                             2/05/1956

Uhoda, Philippe                      C    1984     FEFB         201340                                             8/12/1961

Ulenaers, Marc                       C                VSF          211869                                             10/07/1961

Van Aken, Kris                       C                VSF          —                                             09/05/1978

Van Bever, Roland                 C                VSF          204935                                             15/06/1955

Van De Geuchte, Sofie           C    2007     VSF          221716                                             17/01/1989

Van De Velde, Pierre              C    1988     FEFB         —                                             10/12/1934

Van De Wynkele, Rudy          C                VSF          203823                                             4/09/1949

Van der Avort, Bart                C    2018     VSF          266558                                             26/01/1973

Van Herp, Berten                   C    2015     VSF          242250                                             19/10/1989

Van Leeuwen, Etienne            C    2012     VSF          201014                                             11/08/1943

Van Loo, Peter                       C                VSF          —                                             03/12/1967

Van Peer, Cedric                    C    2015     VSF          205877                                             16/02/1986

Van Poucke, Simon                C    2017     VSF          207250                                             03/09/1987

Van Puyvelde, Stijn                C    2012     VSF          207764                                             14/11/1987

Van Rillaer, Dirk                    C                VSF          222496                                             24/03/1946

Van Soom, Herman               C                VSF          —                                             01/04/1944

Van Theemsche, Etienne        C                VSF          —                                             27/03/1941

Vanden Berghe, Philippe        C                VSF          207110                                             15/03/1960

Vandenbroucke, Tim          C    2012   VSF         207934                                             14/09/1989

Vandenbruaene, Andre          C    1995     FEFB         209830                                             17/01/1960

Vandenbruane, Carl               C    1992     FEFB         222844                                             11/09/1961

Vandergoten, Theo                C    2012     VSF          222933                                             23/07/1946

Vandevelde, Luc                    C    2017     VSF          222992                                             12/03/1973

Vandevoort, Pascal                C    1998     FEFB         200310                                             24/09/1971

Vanhoomissen, Bob               C    1995     VSF          —                                             18/05/1969

Vanlerberghe, Eddy               C                VSF          223069                                             10/12/1960

Vanmuylder, Dany              C    2008   FEFB        260436                                             7/10/1985

Verhaeren, Gertjan                C    2012     VSF          263982                                             11/11/1987

Verhelst, Joris                        C    2016     VSF          210579                                             13/12/1995

Verheyen, Quinten                 C    2013     VSF          223441                                             10/09/1979

Vermeir, Roger                      C    2009     VSF          205290                                             17/01/1959               

Versailles, Marc                      C    2005     FEFB         208221                                             25/10/1969

Verschraegen, Thomas          C    2012     VSF          223603                                             26/12/1986

Vertriest, Miguel                    C    1995     VSF          204897                                             24/03/1977

Viaene, Jan                            C    2007     VSF          209228                                             21/04/1952

Vincent, Ayla                         C    2016     VSF          223743                                             12/04/1997

Vincent, Gwijde                     C    2016     VSF          223751                                             15/03/1994

Vints, Heidi                            C    2008     VSF          207780                                             15/07/1987

Werner, Ivan                         C    2008     FEFB         204420                                             11/01/1971

Wery, Eric                              C    1992     FEFB         206334                                             19/07/1961

Wittevrouw, Tom                C                VSF         206334                                             26/02/1982

Ysabie, Tony                          C    2007     VSF          224332                                             21/06/1974

Paringssystemen

Gesloten toernooien

Voor gesloten toernooien waarbij iedereen tegen iedereen speelt, één of eventueel eerdere keren wordt gewoonlijk het Round-Robin systeem gebruikt met de zogenaamde « Berger » tabellen.

Deze tabellen zijn standaard indelingen waarbij alle partijen tussen X spelers plaatsvinden in X-1 ronden. Dit zijn de gangbare tabellen gebruikt in de Nationale interclubs en in de meeste meestertoernooien (zoals de normen-toernooien in België). Ook vele clubkampioenschappen worden op deze manier georganiseerd.

De paringsnummers worden steeds door lottrekking aangeduid.

Hierbij de tabellen voor 3 tot 8 spelers. Bij een oneven aantal spelers heeft de tegenstander van respectievelijk nummer 4, 6 of 8 (steeds in de eerste kolom) geen tegenstander voor die ronde.

Round-Robin 3 of 4 spelers

1-4          2-3

4-3          1-2

2-4          3-1

Round-Robin 5 of 6 spelers

1-6          2-5          3-4

6-4          5-3          1-2

2-6          3-1          4-5

6-5          1-4          2-3

3-6          4-2          5-1

Round-Robin 7 of 8 spelers

1-8          2-7          3-6        4-5

8-5          6-4          7-3        1-2

2-8          3-1          4-7        5-6

8-6          7-5          1-4        2-3

3-8          4-2          5-1        6-7

8-7          1-6          2-5        3-4 

4-8          5-3          6-2        7-1

Het samenstellen van een dergelijke tabel is eigenlijk vrij eenvoudig op een leeg blad papier. Als voorbeeld gebruiken we de tabel voor 8 (X) spelers

Stap 1 : het aanduiden van de paringen die in te vullen zijn door het plaatsten van X/2 (hier 8/2 = 4) streepjes op X-1 (hier 8-1=7) rijen

   –           –              –           –

   –           –              –           –

   –           –              –           –

   –           –              –           –

   –           –              –           –

   –           –              –           –

   –           –              –           –

Stap 2 : het aanduiden van speler X (hier 8) steeds in de eerste kolom en alternerend rechts en links van het eerste streepje

   -8         –              –           –

   8-         –              –           –

   -8         –              –           –

   8-         –              –           –

   -8         –              –           –

   8-         –              –           –

   -8         –              –           –

Stap 3 : bij ELK streepje op elke rij in normale leesvolgorde (van bovenaan links tot onderaan rechts), schrijf de cijfers 1 tot en met 7 (X-1) en dan opnieuw 1 tot en met 7 totdat tot beneden rechts de tabel ongeveer half ingevuld is. Waar reeds een 8 (X) staat, schrijf je het cijfer op de lege plaats, elders schrijf je het cijfer steeds rechts.

   1-8       2-            3-         4-

   8-5       6-            7-         –

   -8         –              –           –

   8-         –              –           –

   -8         –              –           –

   8-         –              –           –

   -8         –              –           –

VOLLEDIG

   1-8       2-            3-         4-

   8-5       6-            7-         1-

   2-8       3-            4-         5-

   8-6       7-            1-         2-

   3-8       4-            5-         6-

   8-7       1-            2-         3-

   4-8       5-            6-         7-

Stap 4 : bij elk streepje waar nog een plaats vrij is (dus niet in de eerste kolom) schrijf je nu in OMGEKEERDE leesvolgorde (van onderaan rechts tot bovenaan links), de cijfers 1 tot en met 7 (X-1) en dan opnieuw 1 tot en met 7 totdat tot boven links de tabel volledig ingevuld is. Nu schrijf je het cijfer op de lege plaats, dus links.

   1-8        2-            3-         4-

   8-5        6-            7-         1-

   2-8        3-            4-         5-

   8-6        7-            1-         2-

   3-8        4-            5-         6-7

   8-7        1-6          2-5       3-4

   4-8        5-3          6-2       7-1

VOLLEDIG

   1-8        2-7          3-6       4-5

   8-5        6-4          7-3       1-2

   2-8        3-1          4-7       5-6

   8-6        7-5          1-4       2-3

   3-8        4-2          5-1       6-7

   8-7        1-6          2-5       3-4

   4-8        5-3          6-2       7-1

Berger tabel voor 9 of 10 spelers

  1-10       2-9         3-8         4-7         5-6

  10-6       7-5         8-4         9-3         1-2

  2-10       3-1         4-9         5-8         6-7

  10-7       8-6         9-5         1-4         2-3

  3-10       4-2         5-1         6-9         7-8

  10-8       9-7         1-6         2-5         3-4

  4-10       5-3         6-2         7-1         8-9

  10-9       1-8         2-7         3-6         4-5

  5-10       6-4         7-3         8-2         9-1

Berger tabel voor 11 of 12 spelers

  1-12       2-11       3-10       4-9         5-8         6-7

  12-7       8-6         9-5         10-4       11-3       1-2

  2-12       3-1         4-11       5-10       6-9         7-8

  12-8       9-7         10-6       11-5       1-4         2-3

  3-12       4-2         5-1         6-11       7-10       8-9

  12-9       10-8       11-7       1-6         2-5         3-4

  4-12       5-3         6-2         7-1         8-11       9-10

  12-10     11-9       1-8         2-7         3-6         4-5

  5-12       6-4         7-3         8-2         9-1         10-11

  12-11     1-10       2-9         3-8         4-7         5-6

  6-12       7-5         8-4         9-3         10-2       11-1

Berger tabel voor 13 of 14 spelers

  1-14       2-13       3-12       4-11       5-10       6-9         7-8

  14-8       9-7         10-6       11-5       12-4       13-3       1-2

  2-14       3-1         4-13       5-12       6-11       7-10       8-9

  14-9       10-8       11-7       12-6       13-5       1-4         2-3

  3-14       4-2         5-1         6-13       7-12       8-11       9-10

  14-10     11-9       12-8       13-7       1-6         2-5         3-4

  4-14       5-3         6-2         7-1         8-13       9-12       10-11

  14-11     12-10     13-9       1-8         2-7         3-6         4-5

  5-14       6-4         7-3         8-2         9-1         10-13      11-12

  14-12     13-11     1-10       2-9         3-8         4-7         5-6

  6-14       7-5         8-4         9-3         10-2       11-1       12-13

  14-13     1-12       2-11       3-10       4-9         5-8         6-7

  7-14       8-6         9-5         10-4       11-3       12-2       13-1

Berger tabel voor 15 of 16 spelers

  1-16       2-15       3-14       4-13       5-12       6-11       7-10        8-9

  16-9       10-8       11-7       12-6       13-5       14-4       15-3        1-2

  2-16       3-1         4-15       5-14       6-13       7-12       8-11        9-10

  16-10     11-9       12-8       13-7       14-6       15-5       1-4          2-3

  3-16       4-2         5-1         6-15       7-14       8-13       9-12        10-11

  16-11     12-10     13-9       14-8       15-7       1-6         2-5          3-4

  4-16       5-3         6-2         7-1         8-15       9-14       10-13      11-12

  16-12     13-11     14-10     15-9       1-8         2-7         3-6          4-5

  5-16       6-4         7-3         8-2         9-1         10-15      11-14      12-13

  16-13     14-12     15-11     1-10       2-9         3-8         4-7          5-6

  6-16       7-5         8-4         9-3         10-2       11-1       12-15      13-14

  16-14     15-13     1-12       2-11       3-10       4-9         5-8          6-7

  7-16       8-6         9-5         10-4       11-3       12-2       13-1        14-15

  16-15     1-14       2-13       3-12       4-11       5-10       6-9          7-8

  8-16       9-7         10-6       11-5       12-4       13-3       14-2        15-1

Zwitsers op Rating

Het Zwitsers systeem is het meest verspreide en succesvolle systeem voor open toernooien in de schaakwereld. Geïntroduceerd in Zurich in 1895, is het pas echt in voege gekomen en overgenomen door de FIDE in de jaren 70.

De belangrijkste eigenschappen zijn :

·        Elke ronde spelen de spelers met een zelfde score (of toch zoveel mogelijk) tegen elkaar

·        Niemand speelt tweemaal tegen een zelfde tegenstander, dit geldt ook voor de “bye”

·        Iedereen speelt alle partijen

·        De kleur van elke speler wordt zoveel mogelijk gevarieerd

De grote voordelen zijn een snelle en duidelijke bepaling van een winnaar in een toernooi en vooral de gelegenheid voor alle deelnemers om evenveel partijen te spelen. Vooral dit laatste staat in contrast met het KO systeem (rechtstreekse uitschakeling) dat hoewel zeer veel gebruikt in andere sporten bij het schaken quasi nooit wordt gebruikt.

De snelheid staat tegenover het gesloten systeem dat veel meer partijen nodig heeft om een winnaar aan te duiden. In het Zwitsers systeem kan men in principe de kandidaat winnaars elke ronde halveren wat betekent dat :

·        4 ronden volstaan tot 15 deelnemers

·        5 ronden volstaan tot 30 deelnemers

·        6 ronden volstaan tot 50 deelnemers

·        7 ronden volstaan tot 100 deelnemers

·        8 ronden volstaan tot 200 deelnemers

·        9 ronden volstaan tot 400 deelnemers

Daarenboven hebben de knappe koppen van het schaken nog versnelde systemen bedacht die toelaten om het aantal ronden nog met 1 of 2 partijen te verminderen.

Het is anderzijds gebruikelijk om een oneven aantal ronden te spelen in open toernooien volgens Zwitsers systeem. De reden hiervoor is om de kans te maximaliseren dat iedereen ongeveer evenveel keer met Wit als met Zwart speelt (maximaal 1 verschil).

Dus de meest gebruikelijke aantal ronden zijn 7 en 9 voor gewone partijen.

Een ander nadeel van Zwitsers ten opzichte van een gesloten toernooi is dat het niet zo goed in staat is om ook de winnaars van de categorieprijzen (ELO-klasses of andere categorieën gebaseerd op leeftijd of geslacht) éénduidig te bepalen.

FIDE Regels Zwitsers

De volgende regels (C.04.1) zijn steeds van toepassing voor een toernooi volgens het Zwitsers systeem, tenzij expliciet anders vermeld

a.     Het aantal ronden van het toernooi wordt op voorhand vastgelegd

b.     Twee spelers spelen niet meer dan éénmaal tegen elkaar

c.     Als het aantal te paren spelers oneven is zal één speler geen tegenstander krijgen. Deze speler ontvangt een “bye”, geen kleur en zoveel punten als toegewezen voor een overwinning, tenzij de regels van het toernooi anders vermelden

d.     Een speler die reeds een bye ontvangen heeft, of reeds een forfait overwinning heeft doordat een tegenstander niet tijdig aankwam zal geen bye meer ontvangen

e.     In het algemeen zullen spelers met gelijke punten tegen elkaar gepaard worden

f.      Voor elke speler zal het verschil tussen het aantal partijen met wit en het aantal partijen met zwart nooit groter zijn dan +2 of -2. Elk systeem mag hierop uitzonderingen voorzien voor de laatste ronde van het toernooi.

g.     Geen speler zal driemaal opeenvolgend dezelfde kleur krijgen. Elk systeem mag hierop uitzonderingen voorzien voor de laatste ronde van het toernooi.

h.     In het algemeen krijgt een speler in elke ronde de kleur waarmee hij het minste speelde tot dan. Als hij evenveel maal met Wit en Zwart speelde krijgt hij bij voorkeur de kleur die verschillend is van de laatst gespeelde partij.

i.      De paringen moeten voldoende duidelijk zijn zodat ze eenvoudig uitgelegd kunnen worden door degene die de paringen uitvoert.

Volgende regels bepalen de behandeling van toernooien volgens het Zwitsers systeem (C.04.2)

A.     Paringssystemen

A1  Het paringssysteem dat gebruikt wordt voor een FIDE rated toernooi is ofwel een officieel door FIDE gepubliceerd systeem[319] ofwel zal een gedetailleerde beschrijving van het gebruikte systeem ter beschikking gesteld worden van de deelnemers

A2  Bij de rapportering van een toernooi aan FIDE zal de wedstrijdleider vermelden welk officieel paringssystem gebruikt werd. Indien een ander systeem werd gebruikt zal de wedstrijdleider de regels van dit systeem voorleggen aan de SPPC[320] commissie van FIDE

A3  Versneld paren is toegestaan als de regels hiervoor op voorhand werden meegedeeld door de organisatie en deze regels geen spelers bevoordeligen.

A4  De FIDE regels voor Zwitsers paren alle spelers op objectieve en onpartijdige wijze. Wedstrijdleiders en programma’s die de regels volgen dienen steeds tot hetzelfde resultaat te komen.

A5  Het is niet toegestaan om de paringen te wijzigen ten voordele van een speler. Al kan aangetoond worden dat paringen werden aangepast om een speler toe te staan een norm of titel te behalen, kan een rapport overgemaakt worden aan de FIDE kwalificatiecommissie om eventuele disciplinaire maatregelen te nemen via de ethische commissie van FIDE.

B.     Initiële volgorde van de spelers

B1  Voor de aanvang van het toernooi zal een waarde worden bepaald voor elke speler. Deze waarde is gewoonlijk de rating van de speler. Indien één rating lijst beschikbaar is voor alle spelers geniet deze lijst de voorkeur.

Het is aanbevolen om de ratings van alle spelers te controleren.[321] Als de speler geen rating heeft zullen de wedstrijdleider een inschatting maken van de sterkte van de speler.

B2  Voor de eerste ronde worden de spelers gerangschikt volgens

a.   Sterkte (rating)

b.   FIDE titel (GM – IM – WGM – FM – WIM – CM – WFM – WCM – geen)

c.    Alfabetisch, tenzij de regels van het toernooi iets anders voorzien[322]

B3  Deze volgorde wordt gebruikt om de paringsnummers toe te wijzen. De hoogst gerangschikte krijgt paringsnummer 1 en zo verder.

Indien voor een bepaalde reden de gegevens van de ratings niet juist waren kunnen deze op elk moment aangepast worden. De paringsnummers worden dan opnieuw toegekend rekening houdend met de verbetering, maar enkel tijdens de eerste drie ronden[323]. Nadien mogen de paringsnummers niet meer worden gewijzigd.

C.    Late aanmeldingen

C1  Volgens de FIDE toernooiregels dient elke speler die niet tijdig aankomt in de speelzaal voor een FIDE competitie uitgesloten te worden van het toernooi, tenzij hij tijdig aanwezig is voor de paring van een volgende ronde. Een uitzondering kan gemaakt worden voor een speler die schriftelijk laat weten niet tijdig aanwezig te kunnen zijn.

C2  Indien de hoofdwedstrijdleider beslist om een laatkomer toe te laten

–        Indien de speler aangeeft op tijd te zijn voor de eerste ronde, zal de speler een paringsnummer krijgen en gepaard worden voor de eerste ronde

–        Indien de speler aangeeft pas tijdig voor de tweede of derde ronde (Late aanmelding) aanwezig te kunnen zijn, wordt de speler niet gepaard voor de ronde(n) waarop hij afwezig zal zijn. Hij zal geen punten krijgen voor deze ronde(n), (tenzij de regels van het toernooi anders vermelden), en zal pas een paringsnummer en paring krijgen voor de ronde waarop hij aanwezig zal zijn.

C3  Als er late aanmeldingen zijn, zijn de paringsnummers bij aanvang van het toernooi voorlopig. De paringsnummers worden pas definitief als de lijst met deelnemers afgesloten is, en alle nodige verbeteringen in de lijst met paringsnummers zijn aangebracht.

D.    Paringen, kleuren en publicatie

D1  Afgebroken partijen worden beschouwd als remise voor de paringen[324]

D2  Een speler die afwezig is zonder de wedstrijdleider in te lichten zal uit het toernooi genomen worden, tenzij er zeer goede redenen zijn die de afwezigheid rechtvaardigen.

D3  Spelers die zich terugtrekken uit het toernooi of uit het toernooi genomen zijn, worden niet meer gepaard

D4 Spelers waarvan geweten is dat ze een bepaalde ronde niet meespelen worden niet gepaard voor die ronden en ontvangen geen punten (tenzij de toernooiregels dit anders vermelden)

D5  Enkel gespeelde partijen worden meegenomen om de kleurgeschiedenis te bepalen. Een speler heeft bijvoorbeeld ronde 4 niet gespeeld en een kleurgeschiedenis van ZWZ=W, dan wordt dit beschouwd als =ZWZW.

D6  Twee spelers die tegen elkaar gepaard aren maar niet speelden, kunnen in een latere ronde nog tegen elkaar gepaard worden.

D7  De resultaten van elke ronde dienen gepubliceerd te worden op de plaats die hiertoe werd aangeduid bij de aanvang van het toernooi.

D8  Indien

–        Ofwel een resultaat was verkeerd genoteerd

–        Ofwel een partij was gespeeld met de verkeerde kleuren

–        Ofwel de rating van een speler moet verbeterd worden (en misschien met wijziging van de paringsnummers)

en een speler deelt dit mee aan de wedstrijdleider binnen een gegeven termijn na de publicatie van de resultaten, dan zal de verbeterde informatie gebruikt worden voor de klassementen en voor de paringen van de volgende ronde. De gegeven termijn wordt vastgelegd in de toernooiregels in overeenstemming met de tijdsindeling van het toernooi.

Indien de fout wordt meegedeeld nadat de paring werd uitgevoerd, maar voor de start van de ronde, zal dit pas effect hebben op de volgende paring.

Indien de fout meegedeeld wordt na het einde van de volgende ronde, zal deze fout niet meer hersteld worden tijdens het toernooi[325], maar enkel voor het indienen van het rapport voor ratings

D9  Nadat de paring is uitgevoerd moeten deze nog gesorteerd worden alvorens gepubliceerd te worden. De criteria zijn in volgorde van belangrijkheid:

1)   De score van de hoogst gerangschikte speler

2)   De som van de scores van beide spelers

3)   Het paringsnummer van de speler met het kleinste paringsnummer[326]

D10    Na publicatie zullen de paringen niet meer gewijzigd worden, tenzij blijkt dat twee spelers foutief opnieuw tegen elkaar werden gepaard

FIDE reglement Zwitsers Systeem

C.04.3, in voege vanaf 1 Juli 2017

A. INLEIDENDE OPMERKINGEN EN DEFINITIES

A1: Initiële Ratinglijst

Zie de algemene regels C.04.2 hierboven

A2: Rangorde

Voor de indeling worden de spelers geordend achtereenvolgens op:

A.   score

B.   paringsnummers zoals bepaald in de algemene regels C.04.2 hierboven volgens de initiële ratinglijst en eventueel nadien nog aangepast indien nodig

A3: Puntengroep en paringsgroepen

Een puntengroep omvat alle spelers met hetzelfde aantal punten. De enige uitzondering is de procedure beschreven onder A9

Een paringsgroep is een groep van spelers die tegen elkaar gepaard dienen te worden. Deze bestaat uit spelers van één puntengroep en van spelers die nog niet gepaard waren uit de hogere paringsgroep

Een paringsgroep is homogeen als alle spelers hetzelfde aantal punten hebben; anders is de groep heterogeen. Het overschot is een onderdeel van een heterogene paringsgroep.

A4: Vlotters (float)

a) Een neervlotter (downfloater) is een speler die niet gepaard kan worden in een paringsgroep en naar de volgende paringsgroep wordt doorverwezen. In deze paringsgroep worden deze spelers aanzien als neervlotters

b) Als twee spelers met verschillend aantal punten tegen elkaar speler wordt de en speler met het hoogste aantal punten de neervlotter(¯) en de andere speler de opvlotter (­) (upfloater)

Een speler die niet speelt in een ronde wordt ook beschouwd als een opvlotter

A5: Bye

Zie punt c) van de algemene regels C.04.1

A6: Kleursaldo en kleurvoorkeur

Het kleursaldo van een speler is het aantal malen dat hij met wit speelde, verminderd met het aantal keren dat hij zwart had.

De kleurvoorkeur is de kleur dat de speler ideaal zou krijgen voor de volgende ronde. Deze kleurvoorkeur kan bepaald worden voor alle spelers die minstens één partij gespeeld hebben.

A.   van een absolute kleurvoorkeur is sprake als het kleursaldo groter is dan +1 of kleiner dan ‑1, of als iemand de laatste twee partijen dezelfde kleur had.

B.   van een sterke kleurvoorkeur is sprake als het kleursaldo ongelijk aan 0 is;

C.   is iemands kleursaldo 0, dan is er een lichte voorkeur voor alterneren ten opzichte van de vorige partij.

D.   Spelers die nog geen partij speelden hebben geen kleurvoorkeur, dus de kleurvoorkeur van de voorziene tegenstander wordt gevolgd.

A7: Topscorers

Topscorers zijn spelers die meer dan 50% van de maximaal te behalen punten hebben behaald voordat de laatste ronde wordt gepaard.

A8: Paring Punten Verschil (PPV)[327]

De paring van een paringsgroep bestaat out paren en neervlotters

Voor elk paar in een paring, het Puntenverschil (PV) is de absolute waarde van het verschil tussen het aantal punten van de twee spelers in het paar

Voor elke neervlotter de PV is het verschil tussen het aantal punten van de neervlotter en een artificiële waarde die één punt minder is dan het aantal punten van de laagst geklasseerde speler in de paringsgroep

Het Paring Punten Verschil is een lijst van Puntenverschillen (PV), gesorteerd van hoog naar laag.

PVV worden lexicografisch vergeleken (alle PV worden vergeleken van de eerste tot de laatste, waarbij de kleinste PV, de laagste PVV bepaalt)[328]

A9: Paringsvoorbereiding

De paring van een ronde (genoemd “Paring”) is afgewerkt als alle spelers (behalve maximaal één die de bye ontvangt) gepaard zijn en de absolute criteria C1-C3 voldaan zijn.

Als het niet mogelijk is om een Paring af te werken, zal de wedstrijdleider een beslissing moeten nemen. Zoniet start de Paring met de hoogste puntengroep, en vervolgt in afdalende richting, paringsgroep per paringsgroep totdat alle puntengroepen gebruikt zijn en de Paring afgewerkt is.

Echter, indien tijdens deze procedure, er onderaan een situatie ontstaat dat er geen Paring mogelijk is van de neervlotters samen met de overgebleven spelers, dient een alternatieve procedure gevolgd te worden. De laatste paringsgroep die succesvol gepaard werd wordt dan de Voorlaatste Paringsgroep (VPG) genoemd. De paring wordt nu hernomen maar alle spelers van deze VPG worden nu samen gepaard in één paringsgroep met alle spelers van de laatste paringsgroep waarvoor geen oplossing bestond.[329]

Sectie B beschrijft de paringsprocedure van een paringsgroep

Sectie C beschrijft de criteria waaraan een paring moet voldoen

Sectie E beschrijft de kleurtoekenningsregels die gebruikt moeten worden om te bepalen wie Wit krijgt toegewezen.

B. PARINGSPROCEDURE

B1: Definitie van Parameters

a) “M0” is het aantal neervlotters komende van de vorige paringsgroep. Dit aantal kan nul zijn

b) “MaxParingen” is het maximaal aantal paren dat kan gevormd worden in een paringsgroep. Meestal is dit het aantal spelers in de paringsgroep gedeeld door 2.

c) “M1” is het maximaal aantal neervlotters dat kan gepaard worden in de paringsgroep. Gewoonlijk is dit gelijk aan het aantal neervlotters, tenzij er meer neervlotters zijn dan oorspronkelijke spelers in de paringsgroep en dan is M1 gelijk aan het aantal oorspronkelijke spelers[330]

B2: Subgroepen (oorspronkelijke samenstelling)

Bij het indelen wordt de paringsgroep verdeeld in twee subgroepen, genoemd S1 en S2.

S1 bestaat uit de hoogst gerangschikte N1 spelers van de groep, waarbij N1 gelijk is aan M1 (in een heterogene groep) of MaxParingen

S2 bevat alle overige spelers

Als M1 kleiner is dan M0 zullen sommige neervlotters niet in S1 zitten. Deze neervlotters kunnen niet gepaard worden en zullen moeten doorvlotten naar een volgende paringsgroep.

B3: Bepalen van de kandidaat-paring

De spelers uit S1 worden in eerste instantie één voor één gepaard met de spelers uit S2 (de eerste van S1 met de eerste van S2, de tweede met de tweede en zo verder)

In een homogene paringsgroep vormen de spelers die zoals hierboven gepaard zijn en de overgebleven speler(s), die dus neervlotters zullen worden, een kandidaat-paring.

In een heterogene groep zijn de paringen gevormd met de M1 neervlotters de vlotterparing. De overige spelers vormen de restgroep en worden nadien gepaard volgens dezelfde regels als een homogene paringsgroep.

De kandidaat-paring van een heterogene groep bestaat uit de vlotterparing en de kandidaat-paring voor de restgroep. Alle niet gepaarde spelers worden neervlotters naar de volgende paringsgroep.

B4: Evaluatie van de kandidaat-paring

Als de kandidaat-paring zoals opgesteld in B3 voldoet aan alle absolute criteria C1-C4 en de kwaliteitscriteria C5-C19 dan os deze kandidaat-paring perfect en aanvaard. Zoniet moet B5 toegepast worden of indien geen kandidaat-paring kan gevonden worden, moet B8 toegepast worden.

B5: Acties indien de kandidaat-paring niet perfect is

De samenstelling van S1, doorvlotters en S2 moet aangepast worden om een andere kandidaat-paring te vinden.

De artikels B6 voor homogene paringsgroepen en de restgroep en B7 voor de heterogene paringsgroepen geven de precieze werkwijze om deze aanpassingen uit te voeren.

Na elke aanpassing wordt een nieuwe kandidaat-paring gemaakt (zie B3) en ge-evalueerd (zie B4)

B6: Aanpassingen in een homogene paringsgroep of restgroep

Wijzig de volgorde van de spelers in S2 met een transpositie (zie D1). Als geen transposities meer beschikbaar zijn in S2, wijzig de samenstelling van S1 en S2 (zie B2) door spelers te wisselen tussen S1 en S2 (zie D2) en sorteer de S1 en S2 groepen opnieuw volgens A2.

B7: Aanpassingen in een heterogene paringsgroep

Verwerk de restgroep met dezelfde regels als voor de homogene paringsgroep (zie B6).

De subgroepen die hiervoor gebruikt worden zijn deze die overblijven na het paren van de neervlotters en noemen we S1R en S2R.

Als er geen transposities of verwisselingen meer mogelijk zijn voor S1R en S2R, wijzig dan de volgorde van de spelers in S2 met een transpositie (zie D1) zodat een nieuwe paring van de neervlotters gemaakt wordt en een nieuwe restgroep die opnieuw behandeld wordt zoals hierboven

Als er geen transposities meer mogelijk zijn voor de huidige S1, wijzig dan de S1 en doorvlotters (zie B2) door neervlotters te wisselen tussen S1 en doorvlotters (zie D3). Sorteer de nieuwe S1 volgens A2 en plaats S2 terug in de originele toestand.

B8: Acties als er geen perfecte kandidaatparing bestaat

Kies de best mogelijke kandidaat-paring. Een kandidaat-paring is beter als hij aan betere kwaliteitscriteria C5-C19 beantwoordt van een hogere orde (dus volgens orde van belang van C5 tot C19). Als verschillende kandidaat-paringen exact dezelfde kwaliteit hebben geniet de eerder gemaakte paring de voorkeur (zie B6 of B7).

C. PARINGSCRITERIA

Absolute criteria

Geen enkele paring mag deze criteria overtreden:

C1 = C.04.1.b: Twee spelers zullen maximaal éénmaal tegen elkaar spelen

C2 = C.04.1.d: Een speler die reeds een bye heeft ontvangen of met forfait heeft gewonnen, zal geen bye meer krijgen

C3 = Niet-topscorers (zie A7) met dezelfde absolute kleurvoorkeur zullen niet tegen elkaar gepaard worden

Completeringscriterium

C4: indien de huidige paringsgroep de VPG is (zie A9), kies de set van neervlotters die toelaat de paring te vervolledigen

Kwaliteitscriteria

Teneinde de best mogelijke paring te vinden voor elke paringsgroep, volg zoveel mogelijk deze criteria in dalende volgorde van belang:

C5: Maximaliseer het aantal paren in een paringsgroep (dus minimaliseer het aantal neervlotters)

C6: Minimaliseer het PPV (Paring Punten Verschil, regel A8). Dit komt erop neer zoveel mogelijk neervlotters te paren en het liefst met de spelers met het hoogste aantal punten

C7: Als de huidige paringsgroep niet de VPG of de laatste paringsgroep is (volgens A9), kies dan de set van neervlotters om het aantal paren te maximaliseren[331] en vervolgens om de PPV van de volgende paringsgroep te minimaliseren[332].

C8: Minimaliseer het aantal topscorers of tegenstanders van topscorers die een kleurverschil hoger dan +2 of lager dan -2 ontvangen[333]

C9: Minimaliseer het aantal topscorers of tegenstanders van topscorers die driemaal opeenvolgend dezelfde kleur krijgen

C10: minimaliseer het aantal spelers die niet hun kleurvoorkeur krijgen

C11: minimaliseer het aantal spelers die niet hun sterke kleurvoorkeur krijgen

C12: minimaliseer het aantal spelers die neervlotten en de vorige ronde ook neervlotter waren

C13: minimaliseer het aantal spelers die opvlotten en de vorige ronde ook opvlotter waren

C14: minimaliseer het aantal spelers die neervlotten en twee ronden geleden ook neervlotter waren

C15: minimaliseer het aantal spelers die opvlotten en twee ronden geleden ook opvlotter waren

C16: minimaliseer het scoreverschil voor de spelers die neervlotten en de vorige ronde ook neervlotter waren

C17: minimaliseer het scoreverschil voor de spelers die opvlotten en de vorige ronde ook opvlotter waren

C18: minimaliseer het scoreverschil voor de spelers die neervlotten en twee ronden geleden ook neervlotter waren

C19: minimaliseer het scoreverschil voor de spelers die opvlotten en twee ronden geleden ook opvlotter waren

D. PROCEDURE VOR HET AANMAKEN VAN PARINGEN

Vooraleer transposities of verwisselingen uit te voeren worden de spelers in een paringsgroep genummerd volgens hun relatieve volgorde (zie A2) gaande van 1 tot het aantal spelers. Dit is hun Paringsgroep Volgorde Nummer (PVN)

D1. Transposities in S2

Een transpositie is een wijziging van de volgorde van de PVNs (allemaal spelers van de puntengroep) in S2.

Alle mogelijke transposities worden gesorteerd, afhankelijk van de lexicografische waarde van hun eerste N1 PVN(s), waarbij N1 het aantal PVN(s) in S1 is (de resterende PVN(s) van S2 worden in deze context genegeerd, omdat ze spelers vertegenwoordigen die de rest vormen in het geval van een heterogene paringsgroep, of zullen neervlotten in het geval van een homogene paringsgroep.

Bijvoorbeeld in een 11-speler homogene paringsgroep, is het 6-7-8-9-10, 6-7-8-9-11, 6-7-8-10-11, …, 6-11-10-9-8, 7-6-8-9-10, …, 11-10-9-8 -7 (720 transposities);

als de paringsgroep heterogeen is met twee neervlotters, is dit: 3-4, 3-5, 3-6, …, 3-11, 4-3, 4-5, … 11-10 (72 transposities).

D2. Verwisselingen in homogene paringsgroepen of restgroepen (tussen originele S1 en S2)

Een verwisseling in homogene paringsgroepen (ook wel een resident-verwisseling genoemd) is een verwisseling van twee even grote groepen van PVN(s) (allemaal spelers uit de puntengroep) tussen de originele S1 en de originele S2.

Teneinde alle mogelijke resident-verwisselingen te sorteren, moeten volgende vergelijkingsregels toegepast worden tussen twee resident-verwisselingen in de opgegeven volgorde (dus als een regel geen onderscheid maakt tussen twee verwisselingen, ga dan naar de volgende regel).

De voorkeur gaat naar de verwisseling met:

a.   het kleinste aantal uitgewisselde PVN(s) (het uitwisselen van slechts één PVN is beter dan het uitwisselen van twee daarvan).

b.   het kleinste verschil tussen de som van de PVN(s) verplaatst van de oorspronkelijke S2 ​​naar S1 en de som van de PVN(s) verplaatst van de originele S1 naar S2 (bijv. in een paringsgroep met elf spelers, is het verwisselen van 6 met 4 beter dan 8 verwisselen met 5, op dezelfde manier is het verwisselen van 8 + 6 met 4 + 3 beter dan het verwisselen van 9 + 8 met 5 + 4, enzovoort).

c.    de hoogste verschillende PVN onder degenen die van de originele S1 naar S2 zijn verplaatst (bijv. 5 verplaatsen van S1 naar S2 is beter dan 4 verplaatsen), op dezelfde manier is 5-2 beter dan 4-3, 5-4-1 is beter dan 5-3 -2; enzovoort).

d.   de laagste PVN onder die van de oorspronkelijke S2 ​​naar S1 zijn verplaatst (bijvoorbeeld 6 verplaatsen van S2 naar S1 is beter dan verplaatsen 7; 6-9 is ook beter dan 7-8; 6-7-10 is beter dan 6-8) -9; enzovoort).

D3. Verwisselingen in een heterogene paringsgroep (tussen S1 en doorvlotters)

Een verwisseling in een heterogene paringsgroep (ook wel een neervlotter-verwisseling genoemd) is een verwisseling van twee even grote groepen van PVN(s) (die allen neervlotters zijn) tussen de oorspronkelijke S1 en de oorspronkelijke groep doorvlotters.

Om alle mogelijke neervlotter-verwisselingen te sorteren, moeten volgende vergelijkingsregels tussen twee neervlotter-verwisselingen in de opgegeven volgorde toegepast worden (dat betekent, als een regel geen onderscheid maakt tussen twee verwisselingen, ga naar de volgende) naar de spelers die in de nieuwe S1 zitten na de verwisseling.

De prioriteit gaat naar de verwisseling die een S1 oplevert met:

a. de hoogste verschillende score van de spelers vertegenwoordigd door hun PVN (dit komt automatisch overeen met het C.6 criterium, dat vraagt om de PPV van een paringsgroep te minimaliseren).

b. de laagste lexicografische waarde van de PVN(s) (gesorteerd in oplopende volgorde).

Slotregel

Telkens wanneer een sortering is gemaakt, kiest elke toepassing van de overeenkomstige D.1-, D.2- of D.3-regel het volgende element in de sorteervolgorde.

E. KLEUR TOEWIJZINGSREGELS

De initiële kleur

Dit is de kleur die toegewezen wordt voor de paring van de eerste ronde door lottrekking

Voor elke paring geldt (met afnemende prioriteit):

E1. Honoreer beider kleurvoorkeur.

E2. Honoreer de sterkste kleurvoorkeur. Als beide spelers een absolute kleurvoorkeur hebben (in het geval van topscorers, zie A7), honoreer het grotere kleurverschil (zie A6)

E3. Rekening houdende enkel met gespeelde partijen, alterneer ten opzichte van die ronde, waarin beiden het laatst met verschillende kleuren speelden.

E4. Honoreer de kleurvoorkeur van de hoger geklasseerde speler.

E5. In de eerste ronde krijgen de oneven geklasseerde spelers van S1 de initiële kleur en de even geklasseerde de andere kleur.

Versnelde paringen

In grote (massa) toernooien kan het nodig zijn de paringen in de eerste ronden moeilijker te maken voor de beste spelers om sneller een schifting door te voeren en het eindklassement binnen een redelijk aantal ronden vast te kunnen leggen, bijvoorbeeld indien er meer dan 100 spelers zijn voor 7 ronden (open toernooi van Leuven bijvoorbeeld) of meer dan 400 spelers voor 9 ronden (open toernooi van Gent bijvoorbeeld).

Versnelde systemen kunnen ook een hulp zijn voor het behalen van FIDE normen in een open toernooi.

Haley-Systeem

Dit systeem werkt vooral goed als er een groot verschil is in sterkte tussen de deelnemers.

De groep wordt in het klassieke Haley systeem opgedeeld in twee helften. De sterkste helft krijgt 1 fictief punt extra toegewezen. De paringen worden nu uitgevoerd op basis van de reële + de fictieve punten en verder volgens een normaal Zwitsers systeem op rating. Dus in ronde één speelt het eerste kwart tegen het tweede kwart, en het derde kwart tegen het vierde kwart. In de tweede ronde is de paring op basis van de score in de eerste ronde + de fictieve punten. In de derde ronde worden de fictieve punten verwijderd en gaat de paring klassiek verder.

Een (verbeterd) alternatief is het opdelen van de volledige groep spelers in gelijke delen waarna aan het laatste deel 0 punten, aan het voorlaatste deel ½ punt, aan het deel daarboven 1 punt, en tekens ½ punt meer per deel tot boven, tijdelijk wordt toegekend. Bijvoorbeeld voor 500 spelers, kan men 5 groepen van 100 spelers maken. De eerste 100 krijgen 2 punten tijdelijk toegekend, de volgende 100 krijgen 1 ½ en zo verder, tot de laatste honderd die 0 krijgen toegekend.

De paringen worden gemaakt met inbegrip van deze virtuele score tot en met ronde 3 (voor 7 ronden in totaal) of ronde 4 (voor 9 ronden in totaal). Na deze versnelde paringen worden de tijdelijke punten van alle spelers verwijderd en speelt men verder een normaal Zwitsers toernooi.

Pairtwo-systeem

Sinds de invoering van paringen met computers is het mogelijk veel intelligentere systemen te ontwikkelen. Het systeem gebruikt in Pairtwo en reeds succesvol toegepast in het Open Toernooi van Leuven laat toe om versneld te paren en te vermijden dat er een hele reeks lager geklasseerde spelers een gemakkelijk parcours krijgen.

Het systeem werkt met gekruiste paringen, wat wil zeggen dat in de middengroep spelers in volgorde een sterkere of een zwakkere tegenstander krijgen en het lot beslist hierover. Statistisch gezien is het zo weinig waarschijnlijk dat een speler uit de middengroep via een gemakkelijk parcours bovenaan komt te staan, wat wel het geval is in de klassieke versnelde systemen.

Het principe is eigenlijk vrij eenvoudig. Het werkt door in een groep met gelijke punten de afstand tussen de spelers te verkleinen. In gewone paringen de afstand is het aantal spelers in de groep / 2. In versnelde paringen is de afstand genomen als het aantal spelers / 5. Een voorbeeld :

Stel 20 spelers in een groep : de normale afstand is dan 20 / 2 = 10, de versnelde afstand is 20 / 5 = 4. Normale paringen geven 1-11 ; 2-12 ; etc. Versnelde paringen geven als eerste paring 1-5, dan tussen de overgebleven spelers (2,3,4,6,7,…) nemen we opnieuw een afstand van 4 en de paring is dan 2-7, gevolgd door 3-9, 4-11, 6-13, 8-15, 10-17, 12-18, 14-19, 16-20. Een computer kan dit gemakkelijk aan, een mens zal het er iets lastiger mee hebben, vandaar dat versnelde paringen best worden overgelaten aan Pairtwo.

Versneld vertraagd systeem

Deze variant, uit Frankrijk, heeft tot doel het gehele toernooi spelers van gelijke sterkte aan elkaar te koppelen.

De groep wordt opgedeeld in drie subgroepen. Groep A met minstens ¼ en maximum de helft van de spelers bevat de sterkste spelers, typisch met meer dan 2000 ELO-punten. Deze krijgen 2 fictieve punten toegewezen. Groep B bevat de middenmoot die 1 fictief punt krijgen toegewezen, en groep C ook met minstens ¼ van de spelers bevat de minst sterke, typisch minder dan 1600 ELO, krijgen geen fictieve punten.

De paringen worden gemaakt op basis van een globale score (SG) die de som is van de reële score (SR) en de toegewezen fictieve punten (PF) :

SG = SR + PF.

Van zodra uit groep B of C een reële score SR van 1½ bereikt krijt hij een ½ punt bij de fictieve score PF toegevoegd. Bij een reële score SR van 3 wordt er nogmaals een ½ punt toegevoegd aan PF. De spelers van groep B hebben dan ook een PF van 2 net zoals groep A, groep C komt op een PF van 1. De spelers van groep C krijgen nog een ½ punt toegekend bij een reële score van 4½.

Tot slot, in het algemeen voor alle spelers, van zodra hij de helft van de te behalen punten (= aantal ronden / 2) bereikt komt zijn PF ook op 2.

Dit systeem wordt aangehouden tot voor de voorlaatste ronde. De laatste twee ronden worden gepaard zonder rekening te houden met de fictieve punten PF die voor iedereen verwijderd worden.

Splits-systeem

Een systeem dat vroeger nogal in gebruik was wegens zijn éénvoud was het toernooi gewoon opsplitsen in deeltoernooien gedurende een aantal ronden.

Het spelersveld wordt net zo gesplitst als onder het puntensysteem, maar nu speelt elke groep een afzonderlijk Zwitsers systeem gedurende 3 of 4 ronden. Daarna wordt alles samengevoegd en speelt men verder een normaal toernooi.

Het nadeel hiervan is dat men bij de samenvoeging een hele reeks spelers van lagere sterkte verzamelt in de top van het klassement en dat er na de samenvoeging opnieuw een schifting moet plaatsvinden. Dit maakt dit systeem duidelijk minderwaardig ten opzichte van de andere systemen hier vernoemd.

Amsterdams Systeem

Dit systeem is gedeeltelijk gebaseerd op het Zwitsers systeem en op de paringstabellen van gesloten toernooien. Het wordt gebruikt in massatoernooien waar de bedenktijd zeer beperkt is en het aantal partijen groot. Bijvoorbeeld in een snelschaakkampioenschap kan dit een efficiënt systeem zijn omdat het sneller is dan het Zwitsers systeem.

Per vier deelnemers worden groepen gevormd van vergelijkbare sterkte volgens de regels van het Zwitsers systeem. In iedere groep betwist men een volledig gesloten toernooi van drie partijen. Pas na de drie partijen wordt een nieuw tussenklassement gemaakt en worden de volgende groepen samengesteld op basis van dit tussenklassement. Er hoeven dus slechts om de drie ronden paringen worden gemaakt en plaatsen gezocht in plaats van elke ronde.

Dit betekent dat drie ronden nu slechts 40 minuten in beslag nemen (10 min voor de paringen en 10 min per partij) in plaats van 60 minuten in Zwitsers (10 min per paring en 10 min per partij).

In het Amsterdams is het gebruikelijk om tot 4 maal toe groepen van 4 spelers te vormen die 3 partijen spelen wat het totaal brengt op 12 partijen. Hiermee kan je tot 200 spelers op een goede manier klasseren.

Het nadeel is dat er meer partijen nodig zijn om het juiste eindklassement te realiseren. In Zwitsers volstaan 7 ronden voor 100 deelnemers (140 min), in Amsterdams zullen 4 ronden van 3 partijen nodig zijn (160 min).

Als er echter toch voorzien was om veel te spelen, bijvoorbeeld minstens 6 uur of zelfs 12 uur of 24 uur is Amsterdams zeker veel efficiënter dan Zwitsers.

In het laatste geval van uithoudingstoernooien van 12 of 24 uur kunnen de groepen zelfs groter gemaakt worden.

Keizer-Systeem

“Een goede clubgeest gaat gepaard met gezellige speelavonden. Nochtans zullen deze speelavonden aan vervlakking en gebrek aan interesse lijden als niet tegelijkertijd wordt getracht het spelpeil zo hoog mogelijk op te voeren”.

Zo begint het knusse artikel van Keizer (ergens aan het eind van de jaren ’50?).

“Wanneer het in een clubkampioenschap onmogelijk is om iedereen tegen iedereen te laten schaken, aldus Keizer, worden de spelers gewoonlijk over twee groepen verdeeld (een zwakke en een sterke) en worden er twee aparte competities georganiseerd met stijgers en dalers. Eén plaats verschil kan dan betekenen dat men een heel jaar lang tegen te sterke of te zwakke tegenstanders moet schaken en dit kan”, nog steeds volgens Keizer, “afhankelijk van het karakter van de betrokkene, zijn animo voor de wedstrijd beïnvloeden”.

Keizer prijst zichzelf dan ook heel gelukkig “een basismethode gevonden te hebben, welke het mogelijk maakt met ontwikkeling van alle opgesomde bezwaren tot een nauwkeurige, het rechtvaardigheidsgevoel bevredigende ranglijst te komen”. Dit klinkt bijna zoals Euwe, heel knap! Bovendien bevat het “een aantal attractieve elementen, welke een gezond verenigingsleven uitermate bevorderen”.

Overzicht van het keizersysteem

Het Keizersysteem wordt gebruikt wanneer niet elke speler elke ronde kan spelen (als dat wel het geval is, gebruikt men meestal het Zwitsers systeem). Omdat er soms verwarring bestaat over de precieze implementatie ervan, is een korte beschrijving op zijn plaats.

WAARDE – CIJFER

In afwijking van het klassieke competitiesysteem wordt volgens het systeem Keizer aan winstpartijen een ongelijke waardering toegekend[334]. Een winstpartij wordt des te hoger gehonoreerd naarmate de tegenspeler, van wie het is verkregen, hoger is geklasseerd. Voor dat doel wordt aan elke plaats op de ranglijst een aflopend aantal waardepunten toegekend. Deze rangwaardecijfers blijven gedurende de gehele kompetitie constant en zijn onafhankelijk van de speler, door welke een bepaalde plaats op de rangladder (tijdelijk) wordt ingenomen. (Zie fig. 1.)

PlaatsNaamWaardecijfer
1Janssens50
2Pietersen49
3Bakker48
4Slager47
5…..46
6…..45
7…..44

Figuur 1 : Het cijfer 50 voor plaats 1 is willekeurig gesteld. Op de keuze van de grenzen, waartussen deze cijfers worden gelegd, zal later nader worden ingegaan.

BELONING

Elke speler, die er in slaagt te winnen van de bezetter van plaats nr. 1 wordt nu volgens de tabel in fig.1 beloond met 50 punten overeenkomstig het waardecijfer 50. Dit onafhankelijk van de plaats, welke de winnaar op dat moment zelf op de ranglijst innam. Wint dus bv. nr. 7 van nr. 1, dan ontvangt hij hiervoor 50 punten. Hetzelfde geldt voor nrs. 12,17,28, enz.

Is de uitslag onbeslist (remise), dan ontvangt elke speler hiervoor de helft van het aantal punten, dat overeenstemt met het waarderingscijfer van zijn tegenstander.

Speelt dus nr. 2 gelijk tegen nr. 7, dan krijgt nog steeds volgens fig. 1 de nr 2 voor deze prestatie ½ x 44 = 22 punten. Nr. 7 ontvangt voor zijn prestatie ½ x 49 = 24½ punten.

Voor een verliespartij wordt altijd 0 punten geboekt, ongeacht van wie werd verloren.

PARING

De indeling (paring) geschiedt volgens ranglijst met als afwijking op het Zwitsers Systeem, dat in elke ronde nr. 1 speelt tegen nr. 2, nr. 3 tegen nr. 4, enz. Men kan daarbij de bepaling maken, dat hoogstens een keer tegen dezelfde speler wordt uitgekomen. Blijkt in dat geval, dat nr. 1 reeds tegen nr. 2 heeft gespeeld, dan wordt hij tegen nr. 3 opgesteld. Indien deze partij ook reeds heeft plaats gehad, dan nr. 1 tegen nr.4, enz. Het is dus de bedoeling, dat met inachtneming van de bijzondere bepalingen zo veel mogelijk die spelers tegen elkaar uitkomen, wier plaats op de ranglijst elkaar het meest benadert. Voor de keuze van de kleur wordt nagegaan welke van de beide tegenstanders de voorkeur voor “wit” heeft op grond van de door hen gedeeltelijk met wit en zwart gespeelde partijen. Vanzelfsprekend moet er naar gestreefd worden dit zo goed mogelijk in evenwicht te houden.[335]

Moet speler Janssens bv. spelen tegen speler Pietersen en heeft speler Janssens reeds 5 partijen met wit en 4 met zwart gespeeld, terwijl omgekeerd speler Pietersen 4 partijen met wit en 5 partijen met zwart speelde, dan is het duidelijk dat speler Pietersen tegen speler Janssens wit heeft.

Stel nu het geval dat de speler Bakker en Slager tegen elkaar moeten spelen. Bakker speelde 5 partijen wit en 4 zwart. Slager speelde eveneens 5 partijen wit en 4 zwart. In zo een geval moet gepoogd worden kleurwisseling toe te passen. Het is namelijk mogelijk dat Bakker zijn laatste partij met wit speelde en Slager zijn laatst gespeelde partij met zwart. In dat geval wordt de paring : Slager (wit) – Bakker (zwart).

Blijkt evenwel ook op deze grond geen voorkeur aanwezig, dan houdt men de regel aan dat de hoogst op de ranglijst geplaatste speler de witte kleur bekomt.[336]

Het is nodig ten behoeve van de juiste paring na elke speelronde de ranglijst te herzien op grond van de behaalde resultaten. Hoe dit geschiedt zal nader worden uitgelegd.

RANGLIJST

Voor de aanvang van de eerste ronde wordt de rangladder opgesteld volgens speelsterkte. Zo veel mogelijk aan de hand van bekende gegevens[337]. Indien deze ontbreken kan men met een schatting volstaan. Wanneer dit ook niet mogelijk is, bv. voor een toernooi, dient voor de beginvolgorde te worden geloot.

De bedoeling van deze bepaling is er voor te zorgen, dat enigszins gelijkwaardige spelers tegen elkaar in het veld treden.

Wanneer de uitslagen van de eerste ronde bekend zijn kan de ranglijst worden gecorrigeerd. Ranglijst nr. 2. ontstaat uit 2 factoren, nl. ranglijst nr.1 en de uitslagen 1ste ronde.

De nieuwe rangladder ontstaat uit de vergelijking van de verkregen totaalcijfers. Stel dat de beginranglijst er als volgt uitzag (fig 2)

Fig 2 : Beginranglijst

PlaatsNaamWaardecijfer
1Janssens50
2Pieterse49
3Bakker48
4Slager47
5De Vries46
6De Zeeuw45
7De Jonge44
8De Oude43
9De Wit42
10De Bruin41

De uitslagen luiden

Janssens – Pietersen 1-0

Bakker – Slager ½ – ½

De Vries – De Zeeuw 0-1

De Jonge – De Oude ½ – ½

De Wit – De Bruin 0-1

enz.

Nu wordt van elke speler het waardecijfer samengeteld met het resultaat van de gespeelde wedstrijden.

Fig 3 : opstelling van Ranglijst nr. 2

PlaatsNaamWaardecijferWaardering ronde 1Totaal
1Janssens504999
2Pieterse49049
3Bakker4823½71½
4Slager472471
5De Vries46046
6De Zeeuw454691
7De Jonge4421½65½
8De Oude432265
9De Wit42042
10De Bruin414283

Van de hier vermelde spelers ziet de nieuwe onderlinge volgorde er nu als volgt uit :

PlaatsNieuw CijferNaamTotaal
150Janssens99
249De Zeeuw91
348De Bruin83
447Bakker71½
546Slager71
645De Jonge65½
744De Oude65
843Pieterse49
942De Vries46
1041De Wit42

Hier op voortbouwend zou de paring voor de 2de ronde er als volgt uitzien (de vermelde uitslagen zullen we dan als uitgangspunt nemen voor het samenstellen van ranglijst nr. 3.

De Zeeuw – Janssens       1-0

De Bruin – Bakker  1-0

Slager – De Jonge  ½ -½

De Oude – Pietersen         0-1

De Vries – De Wit             ½ -½

Wij gaan nu de handeling van na de 1° ronde herhalen, doch vermeerderen nu het eigen rangwaardecijfer met de resultaten van de beide gespeelde ronden. Men let evenwel op de herwaardering van het spelresultaat uit de eerste ronde. De herwaardering van alle gespeelde partijen geschiedt steeds aan de hand van de waardecijfers van de laatst geldige ranglijst.

Fig 4 : Ranglijst na 2 ronden

PlaatsNaamWaardecijferWaardering ronde 1Waardering ronde 2Totaal
1Janssens5043093
2De Zeeuw494250141
3De Bruin484147136
4Bakker4723070
5Slager4623½22½92
6De Jonge45222390
7De Oude4422½066½
8Pieterse4304487
9De Vries42020½62½
10De Wit4102162

Op grond van deze cijfers is de volgorde van ranglijst nr. 3

PlaatsNieuw CijferNaamTotaal
150De Zeeuw141
249De Bruin136
348Janssens93
447Slager92
546De Jonge90
645Pieterse87
744Bakker70
843De Oude66½
942De Vries62½
1041De Wit62

Op deze wijze wordt telkens na elke speelronde een nieuwe telling gemaakt en de nieuwe rangladder vastgesteld.

Nu is om een duidelijk begrip te bevorderen gemakshalve aangenomen dat op de ranglijsten nr. 2 en 3 de plaatsen 1 tot en met 10 steeds door dezelfde spelers werden ingenomen. In werkelijkheid ligt dat natuurlijk anders. Uiteraard zou daardoor de paring voor de 2° ronde er ook reeds anders uit hebben gezien.

VERHINDERING

Wanneer een speler om onverschillig welke redenen verhinderd is een speelavond bij te wonen en hij geeft hiervan een tijdig bericht aan de wedstrijdleider, zo komt hij in aanmerking voor een schadeloosstelling.

Uiteraard dient de limiet voor het begrip “tijdig” van tevoren door de wedstrijdleiding te worden vastgesteld.

Het zou vanzelfsprekend niet juist zijn een verzuimde ronde als een winstpartij te belonen. Evenmin behoort deze als verliespartij te worden aangemerkt, daar er dan van compensatie in het geheel geen sprake zou zijn. Om de prikkel tot aanwezigheid zo levendig mogelijk te houden verdient het aanbeveling de vergoeding voor verzuim iets minder te doen dan de beloning voor een remise-uitslag.

We richten ons hiervoor naar het eigen rangwaardecijfer van de afwezige speler. Uit een oogpunt van eenvoudige berekening komen we er toe voor elke verzuimde partij een vergoeding te geven gelijk aan het 1/3 deel van het eigen rangwaardecijfer.[338] Met het stijgen en dalen van iemands rangwaardecijfer gaat ook automatisch de waardering van eventueel verzuimde partijen mede. Een en ander heeft ten gevolge dat een aaneengeschakelde serie verzuimdagen een langzame, doch zekere daling op de ranglijst veroorzaakt. Daarentegen is hiermede voorkomen, dat men bovenmatig in zijn kansen in de wedstrijd is gedupeerd.

Om de telling niet te ingewikkeld te maken is het raadzaam de 1/3 delen af te ronden op ½ punt. Heeft bv. iemand een rangwaardecijfer 55, zo wordt een verzuimvergoeding 1/3 x 55 = afgerond 18 ½. Daarnaast is 1/3 x 56 = 19.

Een groot nut van deze regeling is ook, dat iemand die pas later in de kompetitie start (bv. nieuw lid), zonder meer kan worden toegevoegd, door de gemiste ronden als “verzuim” aan te merken. Dezelfde regeling kan ook worden gevolgd indien een speler de deelname voortijdig beëindigt.

GEEN PARTIJ

De vergoeding voor het wel aanwezig zijn, doch ten gevolge van de indeling geen partij hebben, is vastgesteld op 2/3 x het eigen rangcijfer. De wedstrijdleider kan deze compensatie ook toepassen in andere zich daartoe lenende gevallen.

ADMINISTRATIE[339]

Nu rest nog de invoering van een overzichtelijk administratiesysteem. Het zal spoedig duidelijk zijn, dat een verwerking volgens fig.2 en 3 onoverzichtelijk en lastig bewerkbaar wordt. Daarom verdient het aanbeveling een soort kaartsysteem aan te leggen, hetwelk successievelijk alle resultaten van de respectievelijke deelnemers gaat vermelden. De afzonderlijke kaarten kunnen telkens het behaalde totaalcijfer vermelden. Door het eenvoudige op-volgorde-leggen komt de juiste rangschikking tevoorschijn.

Goede ervaringen werden verkregen met prestatielijsten op het bekende in de handel verkrijgbare geruite foliopapier.

De lijsten zijn dusdanig ingericht, dat zij behalve de resultaten, ook de rondenummers of data, de namen der tegenspelers en de gespeelde kleur bevatten. De definitieve inrichting en het formaat van de prestatielijsten moeten uiteraard op de behoefte worden ingesteld en van geval tot geval worden beoordeeld.

RONDENTAL

De opgedane ervaring leert, dat een aantal speelronden van ca. 60 % van het deelnemerstal voldoende is om een ranglijst te vormen, welke een bevredigde uitslag weergeeft. Meerdere ronden spelen kan uiteraard geen kwaad. De invloed op de ranglijst is dan echter nog maar gering.

EINDKORREKTIE

Voor het vaststellen van een zo nauwkeurig mogelijke uitslag op grond van de behaalde resultaten is het nuttig na de laatste ronde de waardering van de gespeelde partijen nog eenmaal extra te herzien aan de hand van de op de normale wijze verkregen ranglijst.

Wij hebben voorheen immers gezien, dat de rangorde telkens werd vastgesteld aan de hand van 2 factoren, te weten de ranglijst na de vorige ronde en de uitslagen van de laatste ronde. De gemaakte tussentijdse ranglijsten deden echter slechts dienst als hulpmiddel voor de juiste paring. Thans wordt iets meer verlangd en is het goed alle uitslagwaardering nog eens samen te tellen volgens de waardecijfers van de laatste ronde.

Men kan het gehele competitieverloop ook zien als een lap, die wordt gebreid. Eerst worden de steken opgezet (eerste ranglijst). Vervolgens wordt telkens een toer gebreid (speelronde). Is de lap voldoende lang geworden, dan moet de breinaald eruit worden gehaald en om geen losse lussen over te houden wordt het breiwerk “afgekant”. Aldus kan men ook de berekening zien van de uitslag na de laatste speelronde. Eerst worden dus de laatste uitslagen op de gebruikelijke wijze verwerkt en de rangorde opgesteld. Hierna worden alle waarderingscijfers herzien en samengeteld zonder dat hiervoor opnieuw werd gespeeld.

HOOGTE DER WAARDECIJFERS

Om de hoogte der in te voeren rangwaardecijfers te kiezen moeten wij trachten te beoordelen, wat de gevolgen van een eventuele keuze zijn.

Gesteld dat we deze uiterst laag houden, b.v. voor een ranglijst van 1 t/m 30, omgekeerd aflopend van 30 naar 1. De nummer 24 geplaatste speler zou hierbij als rangwaardecijfer 7 hebben en nummer 30 waardecijfer 1.

Zou het nu in het verloop der kompetitie voorkomen, dat nr. 24 tegen nr. 30 moet spelen, dan kan deze max. 1 punt scoren. Bij afwezigheid ontvangt hij echter 1/3 x 7 = 2 ½ punten. Uiteraard is dit niet juist en moet het puntenniveau zo hoog worden opgetrokken, dat de waarderingskansen bij spelen in ruime mate hoger liggen dan bij niet spelen.

Wordt het niveau daarentegen te hoog opgetrokken dan zullen de staartborden, welke in de regel de meeste nullen scoren, te zeer gebaat zijn met opzettelijke afwezigheid, welke immers per verzuimde partij 1/3 x eigen rangcijfer oplevert. Een modus voor het kiezen van een bruikbaar rangcijfer- niveau is om voor nr. 1 van de ranglijst een puntental te kiezen van ca. 1 ½ x het aantal deelnemers. Hierbij kan dan naar boven nog rekening worden gehouden met te verwachten toetreding van nieuwe spelers.[340]

VARIATIES

Naar ik hoop is in de voorgaande hoofdstukjes het principe van het Keizer-systeem duidelijk uiteengezet. Wellicht, dat de toegevoegde uitgewerkte voorbeelden ook nog verhelderend kunnen werken.

Op dit grondpatroon zijn vele variaties mogelijk, zoals bepalingen, dat men hoogstens een of twee keer gedurende het seizoen tegen dezelfde speler mag uitkomen, enz.

Op een belangrijke variatie wil ik hier speciaal de aandacht vestigen, omdat die in het bijzonder van belang is voor de grotere verenigingen.[341]

Wil het systeem goed gespeeld worden, dan moeten de resultaten worden gemeten van een voor alle spelers gelijk aantal speelavonden. Nu komt het regelmatig voor, dat een wisselend deel der deelnemers op een clubavond in teamverband moet uitkomen tegen een andere vereniging. Deze spelers kunnen dus op de bewuste datum niet uitkomen voor de onderlinge competitiewedstrijd. Voor verenigingen, welke met slechts een of twee ploegen in een kompetitie uitkomen, zal het geen bezwaar vormen, deze data van het eigen competitieschema uit te sluiten; daar er genoeg speelavonden beschikbaar blijven voor een voldoend aantal speelronden voor de interne wedstrijden. Evenwel verdient het daarbij aanbeveling met het oog op het eventueel uitspelen van afgebroken partijen voor elke interne wedstrijdronde bv. 2 speelavonden te reserveren[342]. Naarmate het ledental groter is en daarbij tevens met meerdere ploegen in andere wedstrijden moet worden uitgekomen, worden de mogelijkheden voor een dergelijk competitieschema kleiner. Immers is er enerzijds door een groter deelnemerstal aan de onderlinge kompetitie behoefte aan een groter aantal speelronden, terwijl anderzijds door het groter aantal spelende teams meer clubavonden gedeeltelijk door teamwedstrijden in beslag genomen zullen zijn.[343]

Keizer : Een alternatief scoresysteem[344]

Het ELO-puntensysteem dat wij hier kan beschouwd worden als een verfijning van het systeem Keizer, waarbij de waarde van een speler bepaald wordt door zijn (geschatte) ELO-rating, en niet door zijn plaats in de rangschikking. Dit systeem wordt sedert 1992 toegepast door de Geelse schaakkring en met succes.

Het systeem komt op het volgende neer: als speler X (met bijvoorbeeld 1500 ELO-punten) wint tegen speler Y (ELO-rating: 1945), krijgt X 19.45 punten. Als de partij remise wordt, krijgt speler X 19.45/2 punten en speler Y 15.00/2. (De ene krijgt dus ook hier minder dan de andere, ook al hebben zij remise gespeeld). Bij verlies van X krijgt X 0 punten, en speler Y 15.00.

Deze waarderingen kunnen evolueren tijdens het toernooi, op basis van de officiële K-factor (<= 32), die bepaalt hoeveel ELO-punten een speler per partij maximaal kan bijverdienen of kwijtspelen. Een speler die een fantastisch toernooi speelt en daarbij 100 ELO-punten wint, krijgt die winst bijgeteld in zijn waardering: hij is dan bijvoorbeeld 16.00 punten waard in plaats van 15.00.

Een ELO-rating is net zo min als de Keizer-waardering een meting op intervalniveau, maar ze is een veel nauwkeurigere (zij het enigszins vertraagde) weergave van iemands werkelijke speelsterkte.

Voordelen

Wanneer in het ELO-punten-systeem een zwakkere speler in het begin van de competitie een (zuurbevochten) overwinning behaalt tegen een sterke tegenstander, moet hij niet meer vrezen dat nog ooit afbreuk gedaan zal worden aan de waarde van zijn overwinning, want die ligt -in de vorm van de ELO-punten van de tegenstrever- zo goed als vast. Met andere woorden, iemand die te veel afwezig blijft, zal wel de kampioenstitel kunnen vergeten (zoals in het Keizersysteem), maar zijn tegenstanders worden er niet door benadeeld doordat hij wegzakt in de rangschikking.

Wanneer, in ons voorbeeld supra, het deelnemersveld voor een toernooi bestaat uit 2 grootmeesters plus een schare knoeiers, dan is de hoogst gequoteerde knoeier per definitie veel minder waard dan de tweede grootmeester (in tegenstelling tot het Keizersysteem). De grootmeesters zijn in het ELO-puntensysteem bijvoorbeeld 27.00 en 26.50 punten waard, en de knoeiers 14.00 of nog minder.

De meeste Keizerparameters blijven gelden: voor een afwezigheid krijgt men bijvoorbeeld 1/3 van de eigen ELO-punten, de oneven speler die afblijft krijgt 2/3 enzovoort.

De nieuwe rangschikking is gemakkelijker te berekenen dan in het Keizersysteem. Het heeft in het ELO-punten-systeem minder belang of er al dan niet geïtereerd wordt De punten in de rangschikking zijn gemakkelijker te interpreteren en te voorspellen, en de rangschikking zelf wordt minder scheefgetrokken door afwezigheden etc. .

Amerikaans systeem

Het Amerikaans systeem is afgeleid van het Zwitsers systeem aangezien eigenlijk enkel de puntentelling in principe verschilt met dit paringssysteem.

Puntentelling

Bij de aanvang van het toernooi krijgen alle spelers, en telkens een nieuwe speler wordt toegevoegd krijgt deze 1000 punten als startkapitaal. De punten wijzigen tijdens het toernooi volgens drie principes :

·        Voor winst of verlies komen er punten bij en gaan er punten weg

·        Een speler ontmoeten van verschillende sterkte wordt gecompenseerd in de score

·        Hoewel het toernooi specifiek geschikt is voor vrije deelname kan aanwezigheid aangemoedigd worden door aanwezigheidspunten

In elke partij ontvangt de winnaar 50 punten, de verliezer verliest 50 punten. Daarenboven krijgen beide speler het verschil in sterkte voor 10 % in plus of in min, al naargelang men minder of meer punten had voor de aanvang van de partij. Nog eens daarboven krijgt elke speler een premie voor aanwezigheid, een soort stimulans om toch aanwezig te zijn om een partij te spelen. Bijvoorbeeld als we het toernooi opsplitsen in drie delen kan dit zijn :

·        0 punten in het eerste deel,

·        5 punten in het tweede deel en

·        10 punten in het derde deel.

De formule is : Pn = Po + 100 x R – 50 + (Pt – Po) / 10 + A

Waarin         Pn = nieuwe puntentotaal of score van de speler

Po = oude puntentotaal van de speler

R = resultaat behaald (1, 0.5 of 0)

Pt = oude puntentotaal van de tegenstander

A = aanwezigheidspunten

Bijvoorbeeld : de partij Janssens – Pietersen in het derde deel eindigt in een overwinning voor Janssens. Voor de partij hadden de spelers respectievelijk 1150 en 1100 punten.

Janssens heeft als nieuwe score 1150 + 100 – 50 + (1100-1150) / 10 + 10 = 1205 punten en Pietersen 1100 – 50 + (1150 -1100) / 10 + 10 = 1065 punten

De paringen geschieden volgens de punten net zoals in het Zwitsers systeem

Gebruik

Dit systeem werd speciaal ontwikkeld voor toernooien waar niet iedereen elke ronde kan spelen, en is gekenmerkt door een inschrijving ronde per ronde gevolgd door een onderlinge paring van de aanwezige spelers.

Meer nog dan in het keizer, faciliteert het de occasionele deelnemer. Waar in het Keizer ervan uit wordt gegaan dat men vaak, maar niet altijd, speelt omdat het al eens kan voorvallen dat het niet lukt om vrijdagavond aanwezig te zijn, is het Amerikaans systeem zo opgesteld dat zelfs iemand die slechts zeldzaam komt onmiddellijk een redelijke tegenstander aangeboden krijgt.

De aanbeveling is dan ook om voor toernooien waar iedereen quasi altijd speelt het Zwitsers systeem te gebruiken, op in open toernooien waar de meeste spelers de meeste partijen spelen, maar toch niet altijd aanwezig zijn, het Keizer systeem te gebruiken, en in toernooien waar iedereen binnenvalt wanneer het hem of haar past, en vele afwezigheden te noteren vallen het Amerikaans systeem te gebruiken.

Typisch voor dit systeem is dat men zonder probleem na een aantal ronden nog kan invallen omdat men onmiddellijk met een redelijke score van 1000 punten kan starten. Behalve dat heeft het systeem als voordeel dat men niet steeds aanwezig hoeft te zijn om te winnen.

Een laatste voordeel is dat een verliespartij tegen een sterke speler minder zwaar is dan een verlies tegen een zwakkere speler. Dit voordeel vinden we niet terug in andere systemen.

Zie ook

sommige van deze parameters, meer bepaald de aanwezigheidspunten, zijn vrij in te stellen in Pairtwo, zie meer uitleg hierover in het hoofdstuk Pairtwo.

Het Scheveningen Systeem

Dit systeem beoogt de speler van een ploeg tegen alle spelers van een andere ploeg te laten spelen. Het wordt typisch gebruikt in een match tussen twee ploegen (clubs, liga’s, landen,…)

Hierbij worden zoveel mogelijk volgende voorwaarden vervuld :

·        Elke speler van de ene ploeg ontmoet elke speler van de andere ploeg exact éénmaal

·        Beide ploegen hebben in totaal evenveel keer wit als zwart

·        Elke speler heeft evenveel keer wit als zwart

·        Beide ploegen hebben in elke ronde evenveel keer wit als zwart

·        Elke ronde alterneert de kleur van elke speler voor zover mogelijk

Volgende tabellen beantwoorden het best aan deze voorwaarden

Match op 4 borden

Ronde 1Ronde 2Ronde 3Ronde 4
A1-B1B3-A1A1-B4B2-A1
B2-A2A2-B4B3-A2A2-B1
A3-B3B1-A3A3-B2B4-A3
B4-A4A4-B2B1-A4A4-B3

Match op 6 borden

Ronde 1Ronde 2Ronde 3Ronde 4Ronde 5Ronde 6
A1-B1B3-A1A1-B6B2-A1A1-B5B4-A1
A2-B2B5-A2B3-A2A2-B1A2-B4B6-A2
A3-B3B1-A3A3-B2B4-A3A3-B6B5-A3
B4-A4A4-B6B5-A4A4-B3B2-A4A4-B1
A5-B5B2-A5A5-B4B6-A5B1-A5A5-B3
B6-A6A6-B4B1-A6A6-B5B3-A6A6-B2

Match op 8 borden

Ronde1Ronde2Ronde3Ronde4Ronde5Ronde6Ronde7Ronde8
A1-B1B3-A1A1-B7B5-A1A1-B8B6-A1A1-B4B2-A1
B2-A2A2-B4B8-A2A2-B6B7-A2A2-B5B3-A2A2-B1
A3-B3B1-A3A3-B5B7-A3A3-B6B8-A3A3-B2B4-A3
B4-A4A4-B2B6-A4A4-B8B5-A4A4-B7B1-A4A4-B3
A5-B5B7-A5A5-B3B1-A5A5-B4B2-A5A5-B8B6-A5
B6-A6A6-B8B4-A6A6-B2B3-A6A6-B1B7-A6A6-B5
A7-B7B5-A7A7-B1B3-A7A7-B2B4-A7A7-B6B8-A7
B8-A8A8-B6B2-A8A8-B4B1-A8A8-B3B5-A8A8-B7

Hutton Systeem

Met dit systeem kan men een onbepaald aantal ploegen van 4, 6 of 8 spelers gedurende een aantal ronden zo eerlijk mogelijk tegen elkaar opstellen. Elke speler van de ploeg krijgt een tegenstander uit een verschillende ploeg, zodat de ploegen volledig onder elkaar gemengd zijn.

De tabellen zijn gemaakt voor één ronde.

Indien er meerdere ronden te spelen zijn kan het ongebruikte deel van de tabel hiervoor dienen. Bijvoorbeeld stel dat er gespeeld wordt met 6 spelers per ploeg. Dan dient de tabel voor bord 1-6 voor ronde 1; borden 7-12 voor ronde 2 en zo verder.

3 ploegen

B1-C1       C2-A1       A2-B2

B3-A3       A4-C3       C4-B4

4 ploegen

A1-B1       C1-D1      B2-C2       D2-A2

A3-C3       B3-D3      D4-B4       C4-A4

C5-B5       A5-D5      B6-A6       D6-C6

5 ploegen

B1-E1       D1-C1      E2-A1       A2-D2      C2-B2

A3-C3       E3-D3       D4-B3       B4-A4       C4-E4

B5-C5       D5-A5      A6-E5       C6-D6      E6-B6

A7-B7       E7-C7       B8-D7       C8-A8       D8-E8

6 ploegen

A1-E1       B1-D1      F1-C1       C2-B2       D2-A2       E2-F2

A3-C3       E3-D3       F3-B3       B4-A4       C4-E4       D4-F4

A5-F5       B5-E5       C5-D5      D6-C6      E6-B6       F6-A6

C7-F7       D7-B7      F7-A7       A8-D8      B8-C8       F8-E8

B9-F9       C9-A9       D9-E9       A10-B10   E10-C10   F10-D10

Tabellen voor meer ploegen zijn samen te stellen op basis van volgende principes (dit volgt niet helemaal de Hutton tabellen maar het resultaat is gelijkaardig):

·        Neem de Berger tabel voor het aantal spelers overeenkomstig het aantal ploegen in het toernooi

·        De paringen voor bord 1 zijn de paringen ronde 1 van de Berger tabel, voor bord 2 gebruik ronde 2 en zo verder.

·        Bij een oneven aantal ploegen speelt het bord dat tegen de laatste nummer speelt van de oneven ronde (1, 3, 5….) met Wit tegen het bord dat tegen het laatste nummer speelt van de even ronde die erop volgt (2, 4, 6,…)

Let op : voor het gebruik van de tabellen is het belangrijk dat de letters of de nummers aan de ploegen worden toegewezen via lottrekking en zeker niet volgens sterkte.

FIDE Regels voor scheidingssystemen

Keuze van het scheidingssysteem

De gebruikte scheidingssystemen in een toernooi moeten op voorhand vastgelegd zijn[345], en aangekondigd worden voor de start van het toernooi.

Als alle scheidingssystemen falen, zal de scheiding gebeuren door lottrekking. De testmatch wordt beschouwd als het beste scheidingssysteem, maar is niet altijd mogelijk. Het kan bijvoorbeeld zijn dat er onvoldoende tijd is hiervoor

1. Testmatchen.

(a) Er moet voldoende tijd voorzien worden in het schema voor het bereiken van een conclusie.

(b) Het paringssysteem en het speeltempo moeten voor de start van het toernooi vastgelegd zijn[346].

(c) Alle voorkomende gevallen moeten gedekt zijn door het reglement.

(d) Het is aanbevolen om testmatchen enkel te organiseren voor de eerste plaats in een toernooi, voor een kampioenstitel of voor een kwalificatieplaats.

(e) Indien de volgende plaatsen ook bepaald worden in de testmatchen, zal dit geschieden volgens de behaalde score van elke speler in de testmatchen.[347]

(f) Indien twee spelers gelijk eindigen voor de eerste plaats zal het prijzengeld voorzien voor de eerste twee plaatsen gelijk gedeeld worden tussen deze spelers. Indien bijvoorbeeld vier spelers gedeeld eerste eindigen wordt er een testmatch georganiseerd. Spelers 3 en 4 die de halve finale van de testmatch verliezen delen de derde en de vierde prijs.[348]

(g) Indien er slechts beperkte tijd rest tot de sluitingsceremonie van het toernooi, mogen de partijen van spelers die mogelijk gelijk gaan eindigen eerder starten dan de andere partijen.

(h) Indien er een testmatch is, moet deze starten ten minste 30 minuten na het einde van de laatste partij van één der betrokken spelers. Voor elke daaropvolgende testmatch zal er ook telkens een pauze van 10 minuten voorzien worden.

(i) Elke partij wordt gevolgd door een arbiter. In geval van betwisting zal dit behandeld worden door een commissie van nog drie arbiters. Hun beslissing is finaal.

(j) Kleuren worden bepaald door loting, tenzij de Berger tabellen gevolgd worden.

(k) Hierna voorbeelden van testmatchen met beperkte beschikbare tijd.

1. Indien twee spelers gelijk eindigen:

(a) Ze spelen een minimatch van twee partijen met een tempo 3 minuten voor de partij plus 2 seconden voor elke zet. Indien de match gelijk eindigt:

(b) Een nieuwe lottrekking vindt plaats voor de kleur. De winnaar is de eerste speler die een partij wint, na elke oneven partij[349] wisselen de kleuren.

2. Indien drie spelers gelijk eindigen:

(a) Ze spelen één volledige tabel round-robin met hetzelfde tempo als onder 1(a). Als ze opnieuw gelijk staan:

(b) Het volgende scheidingssysteem wordt gebruikt om één speler te elimineren. Vervolgens spelen ze een testmatch zoals voorzien voor twee spelers.

3. Indien vier spelers gelijk eindigen: ze spelen een halve finale testmatch.
De paringen zijn 1-4 en 2-3 bepaald door de scheidingspunten of loting.
Ze spelen twee partijen voor de eliminatie aan hetzelfde tempo als onder 1(a).

4. Indien vijf of meer spelers gelijk eindigen worden ze eerst gerangschikt volgens het volgende scheidingssysteem en enkel de beste vier behouden. Deze spelen een testmatch met vier zoals hierboven voorzien

5. Het is steeds mogelijk aanpassingen te doen aan het systeem van testmatchen indien dit absoluut nodig is.

6. Indien slechts twee spelers betrokken zijn bij de testmatch, en indien het tijdschema dit toelaat, kunnen ze mits het akkoord van de CA en de CO een trager tempo kiezen.

2. Overige gebruikelijke Scheidingssystemen

In alle toernooisystemen worden de spelers eerst gerangschikt volgens hun behaalde score volgens het gebruikte systeem. Volgende lijst is voor verdere scheiding van gelijk gerangschikte spelers, de lijst is niet gegeven in orde van voorkeur.

A.    De systemen

(a) Gemiddelde rating van de tegenstanders

De gemiddelde ELO-rating van de tegenstanders is de som van de ratings van de tegenstanders gedeeld door het aantal ronden in het toernooi.

(a1) De gemiddelde ELO-rating Cut is de gemiddelde rating van de tegenstanders, verminderd met één of meer ratings van de tegenstanders, startend met de laagste rating.

(b) Het Buchholz Systeem

Het Buchholz Systeem is de som van de scores van alle tegenstanders van een speler.

(b1) Median Buchholz is het Buchholz systeem verminderd met de hoogste en laagste score behaald door een tegenstander.

(b2) Median Buchholz 2 is het Buchholz systeem verminderd met de twee hoogste en twee laagste scores behaald door de tegenstanders.

(b3) Buchholz Cut 1 is het Buchholz systeem verminderd met de laagste score behaald door een tegenstander

(b4) Buchholz Cut 2 is het Buchholz systeem verminderd met de twee laagste scores behaald door de tegenstanders

(c) Rechtstreekse ontmoeting[350]

Als alle gelijk geëindigde spelers tegen elkaar gespeeld hebben, kan de som van de onderlinge scores gebruikt worden.

(d) Koya Systeem voor Round-Robin toernooien
De som van de punten behaald tegen alle tegenstanders die minstens 50 % van de punten hebben behaald[351].

(b1) Uitgebreid Koya Systeem.
Het Koya Systeem kan uitgebreid worden stap voor stap naar spelers die minder dan 50 % van de punten behaalden, of beperkt stap voor stap tot spelers met hogere scores.

(e) Aantal gespeelde[352] partijen met Zwart.

Het grootste aantal partijen gespeeld met zwart, waarbij niet gespeelde partij niet meetellen

(f) Het Sonneborn-Berger Systeem

(f1) Sonneborn-Berger voor individuele toernooien is de som van de scores van de tegenstanders waartegen is gewonnen plus de helft van de scores van de tegenstanders waartegen remise werd gespeeld[353].

(f2) Sonneborn-Berger voor ploegentoernooien is de score behaald door elke ploegtegenstander vermenigvuldigd met de score behaald tegen deze ploeg ; en vervolgens de som van al deze producten.

(g) Scheidingssystemen die de resultaten van de ploeg gebruiken.

(g1) De behaalde matchpunten in ploegcompetities die de individuele punten gebruiken voor het klassement, bijvoorbeeld :
2 punten voor elke gewonnen match : een match is gewonnen als de som van de individuele scores is hoger als van de tegenstander.
1 punt voor een gelijkspel
0 punten voor een verloren match

(g2) De som van de individuele punten in ploegcompetities die de matchpunten gebruiken voor het klassement.

B.    Scheidingssystemen die zowel het eigen resultaat als dat van de tegenstander gebruiken

(a)   Sonneborn-Berger

(b)   Koya Systeem voor Round-Robin Toernooien

(b1)  Uitgebreid Koya Systeem

(c)    Aantal gewonnen partijen

(d)   Rechtstreekse ontmoeting

C.     Scheidingssystemen die het eigen resultaat van de ploeg gebruiken

(a)   Matchpunten

(b)   Bordpunten (indien de rangschikking opgemaakt wordt volgens matchpunten).

(c)    Rechtstreekse ontmoeting

D.    Scheidingssystemen die enkel het resultaat van de tegenstander gebruiken[354]

Let op dat deze systemen bepaald worden na de toepassing van de regels inzake ongespeelde partijen.

(a)   Buchholz Systeem

(a1)  Median Buchholz

(a2) Median Buchholz 2

(a3)  Buchholz Cut 1

(a4)  Buchholz Cut 2

(a5)  Som van Buchholz: de som van de Buchholz scores van de tegenstanders

(b)   Sonneborn-Berger Systeem

(b1)  Sonneborn-Berger voor Individuele Toernooien

(b2)  Sonneborn-Berger voor Ploegentoernooien A: de som van het product van de matchpunten behaald door elke tegenstander en de matchpunten behaald tegen die ploeg, of

(b3)  Sonneborn-Berger voor Ploegentoernooien B: de som van het product van de matchpunten behaald door elke tegenstander en de bordpunten behaald tegen die ploeg, of

(b4)  Sonneborn-Berger voor Ploegentoernooien C: de som van het product van de bordpunten behaald door elke tegenstander en de matchpunten behaald tegen die ploeg, of

(b5)  Sonneborn-Berger voor Ploegentoernooien D: de som van het product van de bordpunten behaald door elke tegenstander en de bordpunten behaald tegen die ploeg

(b6)  Sonneborn-Berger voor Ploegentoernooien Cut 1 A: de som van het product van de matchpunten behaald door elke tegenstander en de matchpunten behaald tegen die ploeg, met uitsluiting van de ploeg met de laagste matchpunten, of

(b7)  Sonneborn-Berger voor Ploegentoernooien Cut 1 B: de som van het product van de matchpunten behaald door elke tegenstander en de bordpunten behaald tegen die ploeg, met uitsluiting van de ploeg met de laagste matchpunten, of

(b8)  Sonneborn-Berger voor Ploegentoernooien Cut 1 C: de som van het product van de bordpunten behaald door elke tegenstander en de matchpunten behaald tegen die ploeg, met uitsluiting van de ploeg met de laagste bordpunten, of

(b9)  Sonneborn-Berger voor Ploegentoernooien Cut 1 D: de som van het product van de bordpunten behaald door elke tegenstander en de bordpunten behaald tegen die ploeg, met uitsluiting van de ploeg met de laagste bordpunten.

E.     Scheidingssystemen die ELO-ratings[355] gebruiken in Individuele toernooien

Toepasbaar voor zover alle spelers een rating hebben

Een speler die slechts twee partijen gespeeld heeft in het toernooi krijgt de minimale score hier   

F.     Verrekening van niet gespeelde partijen bij Buchholz

(b)   Voor het berekenen van scheidingssystemen en enkel hiervoor, worden alle partijen die niet werden gespeeld (inclusief forfaits) beschouwd als een gelijkspel.

Een speler die geen tegenstander had wordt verondersteld te hebben gespeeld tegen een tegenstander met evenveel punten bij de aanvang van die ronde en die remise speelde in alle volgende ronden. Voor de ronde zelf zal het forfait resultaat als normaal resultaat worden doorgerekend.

        Dit geeft de formule:

        Svon = SPR + (1 – SfPR) + 0.5 * (n – R)

Voor speler P die niet speelde in ronde R en waarbij:
n = aantal gespeelde ronden
Svon = score van de speler na ronde n
SPR = score van P voor ronde R
SfPR = forfait score van P in ronde R

G. Keuze van het scheidingssysteem

Voor de verschillende types van toernooien zijn volgende scheidingssystemen aanbevolen[356] en in de aangegeven volgorde:

(a) Individuele Round Robin Toernooien :

1. Rechtstreekse ontmoeting

2. Aantal Gewonnen partijen

3. Sonneborn-Berger

4. Koya Systeem

(b) Ploegentoernooi Round Robin :

1. Matchpunten (indien de rangschikking opgemaakt wordt volgens bordpunten)

2. Bordpunten (indien de rangschikking opgemaakt wordt volgens matchpunten)

3. Rechtstreekse ontmoeting

4. Sonneborn-Berger

(c) Individueel Zwitsers Systeem (indien alle spelers representatieve ELO-ratings hebben):

1. Rechtstreekse ontmoeting

2. Aantal gewonnen partijen

3. Aantal gespeelde partijen met Zwart

4. Buchholz Cut 1

5. Buchholz

6. Sonneborn-Berger

(d) Individueel Zwitsers Systeem (met onbetrouwbare of geen ELO-rating voor sommige spelers):

1. Rechtstreekse ontmoeting

2. Aantal gewonnen partijen

3. Aantal gespeelde partijen met Zwart

4. Gemiddelde rating van de tegenstanders Cut

5. Buchholz Cut 1

6. Buchholz

7. Sonneborn-Berger

 (e) Ploegentoernooi Zwitsers Systeem:

1. Matchpunten (indien de rangschikking opgemaakt wordt volgens bordpunten)

2. Bordpunten (indien de rangschikking opgemaakt wordt volgens matchpunten)

3. Rechtstreekse ontmoeting

4. Buchholz Cut 1

5. Buchholz

6. Sonneborn-Berger

Pairtwo Classic

De meeste functies zijn intuitief of zoals in de oude PairTwo, maar er zijn veel verbeteringen.

Het Toernooi bestand is nu volledig leesbaar en editeerbaar als een csv tekst bestand.

Om een nieuw Toerooi te beginnen kan je alle Gegevens invoeren in een eenvoudig scherm via het menu ‘Toernooigegevens’.

vul zeker de naam van het toernooi (voor de bestanden), het juiste type en het aantal ronden in.

het aantal ronden is nadien nog aanpasbaar, behalve voor Gesloten toernooien.

Het menu ‘Bewaar Toernooi’ zal het Toernooi automatisch bewaren in een bestand met als naam, de naam van het toernooi, en extensie .p2_rX (ronde X).

Het menu ‘Bewaar Toernooi Als’ laat toe zelf een naam te kiezen voor het bestand.

De Datums van de Ronden kunnen ingegeven worden in een eenvoudig scherm dat dadelijk het juiste aantal ronden voorstelt.

Even tussendoor, datums moet je steeds ingeven als d(d)-m(m)-jjjj or d(d)/m(m)/jjjj. dag en maand mag 1 of 2 cijfers zijn.

Het invoeren van de spelers is nog nooit zo eenvoudig geweest.

Pairtwo gebruikt nu ook de sqlite files van KBSB en FIDE om de gegevens van spelers correct in te lezen.

Mijn favoriete nieuwe optie is om een bestand in te lezen dat enkel de stamnummers (of FIDE ID indien geen stamnr) van de deelnemers bevat.

Zo een bestand in makkelijk aangemaakt, 1 ID per lijn en de invoer gebeurt in een keer op enkele seconden in PairTwo.

Andere invoer mogelijkheden zijn het ingeven van een stamnummer of van een FIDE ID van een speler.

ook hier is een belangrijke verbetering dat het invoerscherm open blijft voor zoveel ID nummers als je wil.

Ofwel is er ook de functie om op een deel van de naam van de speler te zoeken, je kan dan een speler kiezen in de voorgestelde lijst.

tot slot, ‘nieuwe’ spelers kunnen manueel toegevoegd worden via het menu ‘Nieuwe Speler toevoegen’.

Data van Spelers kan aangepast worden in een dialoog scherm, hiervoor klik je eerst de naam van de speler aan en dan kies je ‘Wijzig’.

de naam van de speler aanklikken laat ook toe de speler te verwijderen of de speler afwezig of aanwezig of bye zetten.

De optie Update ELO laat toe on de ELO van alle spelers opnieuw in te lezen uit nieuwe sqlite bestanden.

Klikken met de rechter muisknop laat toe de spelerskaart te openen met alle paringen van de spelers (zoals ook vroeger in Pairtwo).

Tot slot, de spelers kunnen gesorterrd worden met de knoppen bovenaan. Voor een rangschikking volgens Scheding, kies de knop ‘Schd1’.

Paringen gebeuren nog steeds zoals voordien.

met ‘Volgende Ronde Paren’ maak je een nieuwe paring aan, als dit kan (eerst alle resultaten invoeren).

met ‘Herdoe Paring’ kan je een bestaande paring opnieuw maken, als dit kan (als nog geen resultaten ingevoerd zijn).

je kan ook de paringen manueel aanpassen op eigen risico via het menu ‘Manueel Aanpassen’.

twee spelers wisselen is super eenvoudig, je klikt gewoon op de twee namen en je bevestigt de wissel.

Voorlopig zijn enkel Zwitserse paring en Gesloten Toernooi (Round Robin) mogelijk, andere systemen volgen later.

Het invoeren van Resultaten is nog steeds zo eenvoudig als altijd met Pairtwo.

uitgevonden door uw onderdaan, kan je het toetsenbord gebruiken om snel resultaten in te voeren.

1 = wit wint, 2 = gelijkspel, 3 = zwart wint, en 0 = verwijder een resultaat.

Als je wil kan je ook de knoppen rechts op het scherm gebruiken als je geen toetsenbord fan bent.

En even tussendoor, om te wisselen van scherm tussen paringen en spelerslijst gebruik je de Menus ‘Toon Laatste Paring’ en ‘Toon Klassement’.

voor de paringen kan je ook de ronde kiezen die je wil zien via het menu ‘Ronde nr Kiezen’.

Volgende uitvoer mogelijkheden zijn voorzien.

Scherm Afdrukken maakt een bestand aan met de naam ‘pairtwo_screen’ dat het huidige scherm bevat en dadelijk afgedrukt kan worden.

Rapport Afdrukken maakt een bestand ‘tournament-name_report’ dat de rangschikking en alle beschikbare ronden bevat en dadelijk afgedrukt kan worden.

Paringstabel Drukken maakt een bestand aan met de naam ‘tournament-name pairings_table’. dat een lijst van alle paringen in tabelvorm bevat met telkens per speler en ronde (tegenstander, kleur, resultaat).

Deze drie afdrukmogelijkheden worden voor afdruk voorgesteld, maar je kan dit onderbreken en nadien het aangemaakte bestand gebruiken.

In de opties zal je zien dat je kiezen om een bestand te maken met spaties tussen de verlden ofwel tabulators, en dat je een PDF kan aanmaken.

Ook in de opties vind je de mogelijkheid om in Staande mode of in Liggende mode af te drukken als de informatie te breed is voor Staand.

FIDE ELO Bestand maakt een geformateerd bestand voor FIDE ELO met de juiste naam en het IT3 rapport.

KBSB ELO Bestand maakt een geformateerd bestand voor KBSB ELO verwerking met de juiste naam.

Pairtwo verstuurt dan het bestand met het gegeven e-mail adres, en met het in te geven paswoord (wordt niet bewaard om veiligheidsredenen).

En tot slot zijn er de opties. Niet te veel omdat gebruikers dit niet graag hebben.

Je kan kiezen om de FIDE ELO wel of niet te gebruiken en of je namen wil zoeken in fide.sql of niet.

kiezen voor gescheiden paring van kategorieen (bijvoorbeeld om spelers die te laat kwamen nog niet te voegen aan de eerste ronde).

en je kan de uitvoer kiezen: bestanden met tabs of spaties, PDF uitvoer, landscape printing.

Kies Kolommen laat toe te kiezen welke velden (kolommen) je wil tonen op scherm en printout.

Font laat toe om de scherm font aan te passen, of de PDF afdruk font aan te passen.

 Veel Plezier !.

FIDE Normen[357]

0.0. Inleiding

0.1 Enkel de titels vermeld onder 0.3 zijn erkend door FIDE.

0.3 De Internationale FIDE titels zijn beheerd door de Kwalificatie Commissie, en zijn de volgende:

0.31 Titels voor normaal bordschaak (zoals bepaald onder 1.14) worden toegekend door de FIDE Kwalificatie Commissie, die het finale beslissingsorgaan is:

Grootmeester (GM), Internationaal Meester (IM), FIDE Meester (FM), Kandidaat Meester (CM), Dames Grootmeester (WGM), Dames Internationaal Meester (WIM), Dames FIDE Meester (WFM), Dames Kandidaat Meester (WCM),

0.4 De titels zijn geldig voor het leven vanaf de datum dat ze toegekend of geregistreerd zijn.

0.41 Het gebruik van een FIDE titel of rating tegen de ethische principes van de regels kan leiden tot het afnemen van de titel op aanbeveling van de Kwalificatie- en ethische commissie en bevestiging door de Algemene Vergadering (General Assembly).

0.42 Een titel is officieel geldig van zodra aan alle voorwaarde is vervuld. Indien de titel gebaseerd is op een aanvraag wordt deze bevestigd door een publicatie op de FIDE website en andere relevante documenten van FIDE gedurende ten minste 60 dagen.

0.43 Een titel kan pas gebruikt worden voor resultaten van tegenstanders in toernooien die starten na deze bevestiging.

0.44 Een titel is verondersteld te zijn behaald van zodra de laatste norm is behaald en de rating voorwaarde is vervuld.

0.5 Definities. In de tekst worden specifieke termen gebruikt :

Performance Rating is gebaseerd op het resultaat van de speler en de gemiddelde rating van zijn tegenstanders. (zie 1.48)

Titelresultaat (bijvoorbeeld GM resultaat) is een resultaat dat een performance rating geeft zoals bepaald in 1.48 en 1.49 tegen een minimum gemiddelde sterkte van tegenstanders, met in acht name van artikel 1.46, voor deze titel.

Titelnorm is een titelresultaat dat aan bijkomende voorwaarden beantwoordt inzake de soort tegenstanders (qua titels, en nationaliteit) zoals aangegeven in artikels 1.42 tot 1.47.

Geregistreerde titel (automatische titel) is een titel die behaald wordt door een zekere plaats of resultaat te bereiken in een toernooi. Bij aanvraag door de federatie van de speler en bevestiging door de Kwalificatiecommissie worden dergelijke titels automatisch toegekend door FIDE.

0.6 Het toekennen van titels.

0.61 De titels vermeld onder 0.31 kunnen worden toegekend op basis van specifieke resultaten in specifieke kampioenschappen; of op basis van een behaalde rating (geregistreerd door de voorzitter van de Kwalificatiecommissie op voorstel van het FIDE bureau)

0.62 Voor het toekennen van een directe titel, moet de speler in kwestie ooit een bepaalde minimum rating gehaald hebben volgens onderstaande lijst

GM             2300            WGM            2100

IM              2200            WIM             2000

FM              2100            WFM             1900

CM              2000            WCM            1800

0.63 Titels kunnen ook toegekend worden op basis van normen met een voldoende aantal partijen. Deze titels worden toegekend door de General Assembly op aanbeveling van de Kwalificatiecommissie dat de kandidaat voldoet aan de voorwaarden.

1.0. Voorwaarden voor de titels vermeld in 0.31

1.1 Administratie

1.11 Het toernooi moet volgens de Regels van het Schaakspel en de FIDE Toernooiregels gespeeld zijn.

Indien de samenstelling van het toernooi gewijzigd wordt (zonder instemming van FIDE) of indien verschillende spelers verschillende condities krijgen wat betreft aantal ronden of paringen zijn dus ongeldig voor een norm.

Het toernooi moet minstens 30 dagen voor de aanvang geregistreerd zijn bij FIDE.

1.12 Er mogen niet meer dan 12 uur spel per dag zijn. Dit wordt gerekend op basis van partijen die 60 zetten duren (langere partijen met incrementele tijd mogen dus langer duren)

1.13 Er mogen niet meer dan twee ronden per dag gespeeld worden.

De minimum tijd voor een partij bedraagt, zonder incrementen, 2 uur voor 40 zetten gevolgd door 30 minuten voor de rest van de partij. Met increment is de minimum tijdsduur 90 minuten voor de partij met een minimale increment van 30 seconden per zet.

1.13a Voor het behalen van een GM titel op basis van normen, moet minstens één norm behaald zijn in een toernooi met slechts één ronde per dag gedurende minstens drie dagen.

1.13b Voor elk toernooi waarin normen behaald kunnen worden moeten de tijdscontroles en de klokinstellingen voor alle spelers dezelfde zijn (dus met dezelfde incrementen of dezelfde vertragingen, hetzelfde aantal zetten binnen een bepaalde tijd, en dezelfde tijd voor de partij).

1.14 Het toernooi moet normaal gezien gespeeld worden binnen 90 dagen. Een uitzondering hierop zijn ploegenkampioenschappen op nationaal niveau, en ploegenliga’s die langer dan 90 dagen nemen, maar niet meer dan één jaar. De voorzitter van de Kwalificatie Commissie kan eveneens uitzonderingen toestaan.

1.15 Voor een toernooi dat meer dan 90 dagen duurt wordt voor elke partij de rating gebruikt die geldig is op het moment van de partij

1.16 Het toernooi zal geleid worden door een Internationaal Arbiter, of een FIDE Arbiter. Hij mag een tijdelijke assistent (deputy) aanduiden. Er zal steeds minstens één IA of FA aanwezig zijn in de speelruimte.

1.17 Geen van de arbiters zal meespelen in het toernooi.

1.2 Titels behaald uit Internationale Kampioenschappen:

1.21 Zoals aangegeven in de tabel[358] kan een speler

(a) een titel behalen, of

(b) een titelnorm behalen. De voorwaarden van 1.42 tot 1.49 moeten toegepast worden. of

1.22 De minimale score voor alle titels is 35%. Het getoonde resultaat is een minimale voorwaarde.

1.3 De volgende titels worden behaald door een bepaalde FIDE rating te behalen op een bepaald moment:

1.31 FIDE Meester                                       >= 2300

1.32 Kandidaat Meester                               >= 2200

1.33 Dames FIDE Meester                            >= 2100

1.34 Dames Kandidaat Meester                   >= 2000

1.4 De titels GM, IM, WGM, WIM kunnen ook behaald worden door normen te behalen in internationale toernooien die voor rating tellen en die volgens de volgende reglementen gespeeld worden.

1.41 Aantal partijen.

1.41a Een speler moet minstens 9 partijen spelen, met uitzondering van:

1.41b Zeven partijen volstaan voor de Continentale en Wereldkampioenschappen die zeven ronden tellen.

Zeven partijen volstaan voor de Continentale en Wereldkampioenschappen die acht of negen ronden tellen.

Acht partijen volstaan voor het Wereldkampioenschap voor dames en het uitschakelingtoernooi bij de dames (Women`s Knockout).

1.41c Indien een speler in een toernooi met 9 ronden een forfait of een bye heeft gehad, maar hij heeft wel het juiste aantal tegenstanders gehad, dan zal een titelresultaat over de 8 partijen gelden als een norm over 8 partijen.

1.41d Indien een speler de normvereisten overschrijdt met minstens één punt, dan zal de lengte van het toernooi dat in rekening wordt gebracht verlengd worden met een aantal partijen overeenkomstig het aantal punten overschrijding.

1.42 Volgende partijen worden niet in rekening gebracht:

1.42a Tegen tegenstanders die niet behoren tot een federatie aangesloten bij FIDE.

1.42b Tegen computers.

1.42c Tegen niet geklasseerde[359] spelers die nul punten hebben behaald tegen geklasseerde spelers in een round-robin toernooi.

1.42d Beslist door forfait, arbitrage of enige andere manier dan op het bord. Partijen die forfait gegeven worden na de start van de partij zijn echter geldig. Een uitzondering hierop is als een partij forfait wordt gegeven in de laatste ronde en een verliespartij had volstaan voor de norm, zal de norm toch worden toegekend.

1.42e Een speler heeft het recht om alle partijen, volgend na het behalen van de nodige kwalificaties voor een norm en tegen de nodige tegenstand, te laten vallen. In een toernooi met vooraf vastgelegde paringen moet de norm mogelijk zijn voor de volledige tabel.

1.42f Een speler heeft het recht om gewonnen partijen te laten vallen bij het bepalen van de norm, op voorwaarde dat er minstens het aantal partijen zoals voorzien in artikel 1.41 overblijven tegen de nodige tegenstand. Ondanks dat zal de volledige tabel meegedeeld moeten worden. In een toernooi met vooraf vastgelegde paringen moeten alle voorwaarden, behalve de score, voldaan zijn voor de volledige tabel.

1.42g Toernooien die wijzigingen uitvoeren om bepaalde spelers te bevoordelen of te helpen, bijvoorbeeld het wijzigen van het aantal ronden of het aanbieden van welbepaalde tegenstanders, die anders niet zouden deelnemen, worden uitgesloten voor normen.

1.43 Federaties van de tegenstanders.

Ten minste twee federaties verschillend van deze van de aanvrager moeten aanwezig zijn in de lijst van tegenstanders.

Uitzondering wordt gemaakt voor toernooien 1.43a-1.43e, en met in acht name van 1.43f.

1.43a De finale (maar niet de voorronden) van een nationaal kampioenschap voor Mannen en/of Dames.

1.43b Nationaal ploegenkampioenschap.

1.43c Zonale en Subzonale toernooien.

1.43d Toernooien van andere types mits voorafgaande toestemming van de Voorzitter van de kwalificatiecommissie.

1.43e Zwitsers Systeem toernooien waarin ten minste 20 FIDE geklasseerde spelers deelnemen die niet tot dezelfde federatie als de organisator behoren, vanuit ten minste 3 federaties, en waarvan ten minste 10 de titel van GM, IM, WGM of WIM hebben. In alle andere gevallen is 1.44 van toepassing.

1.43f Titelaanvragen moeten wel minstens één toernooi bevatten dat niet valt onder 1.43a tot 1.43e.

1.44 Een maximum van 60% mag afkomstig zijn van dezelfde federatie als de aanvrager en een maximum van 66% uit één enkele federatie. Het aantal tegenstanders wordt geteld afgerond tot het eerstvolgend geheel getal[360]

1.45 Titels van de tegenstanders:

1.45a Ten minste 50% van de tegenstanders zal een titel hebben zoals in 0.31, met uitzondering van CM en WCM.

1.45b Voor een GM norm moeten ten minste 1/3 en ten minste 3 tegenstanders GMs zijn.

1.45c Voor een IM norm moeten ten minste 1/3 en ten minste 3 tegenstanders IMs of GMs zijn.

1.45d Voor een WGM norm, ten minste 1/3 en ten minste 3 WGMs, IMs of GMs.

1.45e Voor een WIM norm, ten minste 1/3 en ten minste 3 WIMs, WGMs, IMs of GMs.

1.45f In geval van toernooien met meerdere ontmoetingen en een minimum van zes spelers, zal de titel van elke speler slechts éénmaal geteld worden voor deze vereiste

1.46 Rating van de tegenstanders

1.46a Het is de Rating Lijst die geldig was bij de start van het toernooi die voor de gehele toernooi van toepassing blijft voor de bepaling van de titelvereisten, met uitzondering van 1.15. Voor spelers die behoren tot een federatie die tijdelijk uitgesloten is zal de rating bepaald worden door een aanvraag bij FIDE bureau.

1.46b Voor het behalen van normen is de minimale rating (aangepaste bodemrating) van de tegenstanders de volgende:

Grootmeester titel –                                2200

Internationaal Meester titel –                  2050

Dames Grootmeester titel –                    2000

Dames Internationaal Meester titel –       1850

1.46c Voor maximaal één tegenstanders kan de Rating herzien (naar boven) worden tot aan de aangepaste bodemrating. Indien dit voor meer dan één tegenstanders zou kunnen zal dit enkel gebeuren voor de laagst geklasseerde.

1.46d Niet geklasseerde spelers behalve deze onder 1.46b zullen een Rating toegewezen krijgen gelijk aan de laagst mogelijke rating, dus 1000. Maximaal 20% van de tegenstanders hebben geen FIDE rating

1.47 Gemiddelde Rating van de tegenstanders (Rt).

1.47a Dit is de som van de ratings van de tegenstanders gedeeld door het aantal tegenstanders. 1.46 zal hierbij worden toegepast.

1.47b De afronding van de gemiddelde rating is naar het dichtstbijzijnde geheel getal. Indien de fractie juist 0.5 is, wordt dit naar boven afgerond.

1.48 Performance Rating (Rp)

Voor het behalen van een norm moet een speler minstens op een ELO niveau spelen volgens de tabel hieronder:

     Min niveau voor           voor afronding             Na afronding

     GM                              2599.5                         2600

     IM                               2449.5                         2450

     WGM                           2399.5                         2400

     WIM                            2249.5                         2250

Berekening van een Performance Rating (Rp)

Rp = Rt + dp

Rt = gemiddelde rating van de tegenstanders

Het Rating verschil “dp” is afkomstig van de tabel 8.1 a uit de FIDE Rating Regels B.02, deze tabel wordt hieronder weergegeven.

p        dp         p        dp         p        dp      p        dp      p        dp         p           dp        

1.0     800       .83     273       .66     117    .49     -7       .32     -133     .15           -296    

.99     677       .82     262       .65     110    .48     -14     .31     -141     .14           -309    

.98     589       .81     251       .64     102    .47     -21     .30     -149     .13           -322    

.97     538       .80     240       .63     95      .46     -29     .29     -158     .12           -336    

.96     501       .79     230       .62     87      .45     -36     .28     -166     .11           -351    

.95     470       .78     220       .61     80      .44     -43     .27     -175     .10           -366    

.94     444       .77     211       .60     72      .43     -50     .26     -184     .09           -383    

.93     422       .76     202       .59     65      .42     -57     .25     -193     .08           -401    

.92     401       .75     193       .58     57      .41     -65     .24     -202     .07           -422    

.91     383       .74     184       .57     50      .40     -72     .23     -211     .06           -444    

.90     366       .73     175       .56     43      .39     -80     .22     -220     .05           -470    

.89     351       .72     166       .55     36      .38     -87     .21     -230     .04           -501    

.88     336       .71     158       .54     29      .37     -95     .20     -240     .03           -538    

.87     322       .70     149       .53     21      .36     -102   .19     -251     .02           -589    

.86     309       .69     141       .52     14      .35     -110   .18     -262     .01           -677    

.85     296       .68     133       .51     7        .34     -117   .17     -273     .00           -800    

.84     284       .67     125       .50     0        .33     -125   .16     -284                            

1.5 Voorwaarden voor het behalen van de titel na het behalen van de normen

1.51 Minstens twee normen behaald in toernooien waarin tenminste 27 partijen zijn gespeeld

1.52 Indien een bepaalde norm volstaat voor meer dan één titel, mag deze in beide aanvragen worden gebruikt.

1.53 Op een bepaald moment minstens de volgende rating hebben behaald:

           GM               >= 2500

           IM                >= 2400

           WGM            >= 2300

           WIM             >= 2200

1.53a Deze rating hoeft niet gepubliceerd te zijn. Ze kan behaald worden gedurende een rating periode of zelf tijdens een toernooi. De speler kan in dit geval alle volgende resultaten negeren voor de titelaanvraag. Het bewijs zal echter in dit geval wel geleverd moeten worden door de federatie van de aanvrager. Het is aanbevolen dat spelers een certificaat krijgen van de CA (hoofdarbiter) op het moment dat ze het vereiste ratingniveau bereikt hebben tijdens een toernooi. Titelaanvragen gebaseerd op niet gepubliceerde rating zullen enkel door FIDE aanvaard worden na akkoord van de Rating Administrator.

1.54 Een titel resultaat is geldig indien het behaald worden overeenkomstig de FIDE Titelregels in voege bij de aanvang van het toernooi waarin de norm behaald werd. 

1.6 Korte samenvatting van de voorwaarden voor Titeltoernooien

Niet meer dan twee partijen per dag : 1.13

Minimale bedenktijd per partij : 1.13

Periode van het toernooi kleiner dan 90 dagen, met uitzonderingen : 1.14

Geleid door een Internationale Arbiter of FIDE arbiter : 1.16

Minstens 9 partijen : 1.41b-c

Geen individuele matchen tussen twee spelers : 1.1

Niet meegetelde partijen : tegen computers; beslist buiten het bord; forfait voor aanvang van de partij; tegen spelers die niet tot een FIDE federatie behoren : 1.42

1.61 bijkomende voorwaarden

Voor een GM norm, minimum 1/3 en 3 GMs : 1.45b

Voor een IM norm, minimum 1/3 en 3 IMs, of equivalent : 1.45c

Voor een WGM norm, 1/3 en 3 WGMs, of equivalent: 1.45d

Voor een WIM norm, 1/3 en 3 WIMs, of equivalent: 1.45e

Minimum performance rating GM 2600, IM 2450, WGM 2400, WIM 2250 : 1.48

Minimum gemiddelde rating tegenstanders

        2380 voor GM, 2230 voor IM, 2180 voor WGM, 2030 voor WIM : 1.49a

Minimum score 35% : 1.49a

1.7 Bepaling of een resultaat volstaat voor het behalen van een norm in functie van de gemiddelde rating van de tegenstanders (Rt).

De volgende tabellen (1.49a) zijn gemaakt zodanig dat de minimale Rt voor het behalen van een norm is 2381 voor een GM norm, 2231 voor een IM norm, 2181 voor een WGM norm en 2031 voor een WIM norm, en dat de minimale score 35% moet zijn voor elke titel.

Samenvatting van de voorwaarden wat betreft tegenstanders

Aantal partijen                  9      10    11    12    13    14    15    16    17    18                                        19   

Aantal equivalente Titels  3      4      4      4      5      5      5      6      6      6                                        7

Titel houders                    5      5      6      6      7      7      8      8      9      9                                        10   

Met ELO-rating                 7      8      9      10    11    11    12    13    14    15                                        15   

Max uit eigen federatie     5      6      6      7      7      8      9      9      10    10                                        11   

Max uit één federatie        6      6      7      8      8      9      10    10    11    12                                        12   

score   GM                      IM                       WGM                   WIM

Gemiddelde rating van de tegenstanders

7 ronden Continentaal en Wereld Ploegen Kampioenschap

5½       2380-2441           2230-2291            2180-2241           2030-2091           

5          2442-2497           2292-2347            2242-2297           2092-2147           

4½        2498-2549              2348-2399              2298-2349              2148-2199

4          2550-2599           2400-2449            2350-2399           2200-2249           

3½       2600-2649           2450-2499            2400-2449           2250-2299           

3          2650-2701           2500-2551            2450-2501           2300-2351           

2½       ≥2702                  ≥2552                  ≥2502                  ≥2352   

8 of 9 ronden Continentaal en Wereld Ploegen Kampioenschap en de Knock-out fase van het Wereldkampioenschap

6½       2380-2406           2230-2256            2180-2206           2030-2056           

6          2407-2458           2257-2308            2207-2258           2057-2108           

5½       2459-2504           2309-2354            2259-2304           2109-2154           

5          2505-2556           2355-2406            2305-2356           2155-2206           

4½       2557-2599           2407-2449            2357-2399           2207-2249           

4          2600-2642           2450-2492            2400-2442           2250-2292           

3½       2643-2686           2493-2536            2443-2486           2293-2336           

3          ≥2687                  ≥2537                  ≥2487                  ≥2337   

9 ronden, waaronder 5 titelhouders, en minimum 7 geklasseerd

7          2380-2433           2230-2283            2180-2233           2030-2083           

6½       2434-2474           2284-2324            2234-2274           2084-2124           

6          2475-2519           2325-2369            2275-2319           2125-2169           

5½       2520-2556           2370-2406            2320-2356           2170-2206           

5          2557-2599           2407-2449            2357-2399           2207-2249           

4½       2600-2642           2450-2492            2400-2442           2250-2292           

4          2643-2679           2493-2529            2443-2479           2293-2329           

3½       ≥2680                  ≥2530                  ≥2480                  ≥2330   

10 ronden, waaronder 5 titelhouders, en minimum 8 geklasseerd

8          2380-2406           2230-2256            2180-2206           2030-2056           

7½       2407-2450           2257-2300            2207-2250           2057-2100           

7          2451-2489           2301-2339            2251-2289           2101-2139           

6½       2490-2527           2340-2377            2290-2327           2140-2177           

6          2528-2563           2378-2413            2328-2363           2178-2213           

5½       2564-2599           2414-2449            2364-2399           2214-2249           

5            2600-2635              2450-2485              2400-2435              2250-2285

4½       2636-2671           2486-2521            2436-2471           2286-2321           

4          2672-2709           2522-2559            2472-2509           2322-2359           

3½       ≥2710                  ≥2560                  ≥2510                  ≥2360   

11 ronden, waaronder 6 titelhouders, en minimum 9 geklasseerd

9          2380-2388           2230-2238            2180-2188           2030-2038           

8½       2389-2424           2239-2274            2189-2224           2039-2074           

8          2425-2466           2275-2316            2225-2266           2075-2116           

7½       2467-2497           2317-2347            2267-2297           2117-2147           

7          2498-2534           2348-2384            2298-2334           2148-2184           

6½       2535-2563           2385-2413            2335-2363           2185-2213           

6          2564-2599           2414-2449            2364-2399           2214-2249           

5½       2600-2635           2450-2485            2400-2435           2250-2285           

5          2636-2664           2486-2514            2436-2464           2286-2314           

4½       2665-2701           2515-2551            2465-2501           2315-2351           

4          ≥2702                  ≥2552                  ≥2502                  ≥2352   

12 ronden, waaronder 6 titelhouders, en minimum 10 geklasseerd

9½       2380-2406           2230-2256            2180-2206           2030-2056           

9          2407-2441           2257-2291            2207-2241           2057-2091           

8½       2442-2474           2292-2324            2242-2274           2092-2124           

8          2475-2504           2325-2354            2275-2304           2125-2154           

7½       2505-2542           2355-2392            2305-2342           2155-2192           

7          2543-2570           2393-2420            2343-2370           2193-2220           

6½       2571-2599           2421-2449            2371-2399           2221-2249           

6          2600-2628           2450-2478            2400-2428           2250-2278           

5½       2629-2656           2479-2506            2429-2456           2279-2306           

5          2657-2686           2507-2536            2457-2486           2307-2336           

4½       ≥2687                  ≥2537                  ≥2487                  ≥2337   

13 ronden, waaronder 7 titelhouders, en minimum 11 geklasseerd

10½     2380-2388           2230-2238            2180-2188           2030-2038           

10          2389-2424              2239-2274              2189-2224              2039-2074

9½       2425-2458           2275-2308            2225-2258           2075-2108           

9          2459-2489           2309-2339            2259-2289           2109-2139           

8½       2490-2512           2340-2362            2290-2312           2140-2162           

8          2513-2542           2363-2392            2313-2342           2163-2192           

7½       2543-2570           2393-2420            2343-2370           2193-2220           

7          2571-2599           2421-2449            2371-2399           2221-2249           

6½       2600-2628           2450-2478            2400-2428           2250-2278           

6          2629-2656           2479-2506            2429-2456           2279-2306           

5½       2657-2686           2507-2536            2457-2486           2307-2336           

5          ≥2687                  ≥2537                  ≥2487                  ≥2337   

14 ronden, waaronder 7 titelhouders, en minimum 11 geklasseerd

11        2380-2406           2230-2256            2180-2206           2030-2056           

10½     2407-2441           2257-2291            2207-2241           2057-2091           

10        2442-2466           2292-2316            2242-2266           2092-2116           

9½       2467-2497           2317-2347            2267-2297           2117-2147           

9          2498-2519           2348-2369            2298-2319           2148-2169           

8½       2520-2549           2370-2399            2320-2349           2170-2199           

8          2550-2570           2400-2420            2350-2370           2200-2220           

7½       2571-2599           2421-2449            2371-2399           2221-2249           

7          2600-2628           2450-2478            2400-2428           2250-2278           

6½       2629-2649           2479-2499            2429-2449           2279-2299           

6          2650-2679           2500-2529            2450-2479           2300-2329           

5½       2680-2701           2530-2551            2480-2501           2330-2351           

5          ≥2702                  ≥2552                  ≥2502                  ≥2352   

15 ronden, waaronder 8 titelhouders, en minimum 12 geklasseerd

12        2380-2388           2230-2238            2180-2188           2030-2038           

11½     2389-2424           2239-2274            2189-2224           2039-2074           

11        2425-2450           2275-2300            2225-2250           2075-2100           

10½     2451-2474           2301-2324            2251-2274           2101-2124           

10        2475-2504           2325-2354            2275-2304           2125-2154           

9½       2505-2527           2355-2377            2305-2327           2155-2177           

9          2528-2549           2378-2399            2328-2349           2178-2199           

8½        2550-2578              2400-2428              2350-2378              2200-2228

8          2579-2599           2429-2449            2379-2399           2229-2249           

7½       2600-2620           2450-2470            2400-2420           2250-2270           

7          2621-2649           2471-2499            2421-2449           2271-2299           

6½       2650-2671           2500-2521            2450-2471           2300-2321           

6          2672-2694           2522-2544            2472-2494           2322-2344           

5½       ≥2695                  ≥2545                  ≥2495                  ≥2345   

16 ronden, waaronder 8 titelhouders, en minimum 13 geklasseerd

12½     2380-2406           2230-2256            2180-2206           2030-2056           

12        2407-2433           2257-2283            2207-2233           2057-2083           

11½     2434-2458           2284-2308            2234-2258           2084-2108           

11        2459-2482           2309-2332            2259-2282           2109-2132           

10½     2483-2504           2333-2354            2283-2304           2133-2154           

10        2505-2534           2355-2384            2305-2334           2155-2184           

9½       2535-2556           2385-2406            2335-2356           2185-2206           

9          2557-2578           2407-2428            2357-2378           2207-2228           

8½       2579-2599           2429-2449            2379-2399           2229-2249           

8          2600-2620           2450-2470            2400-2420           2250-2270           

7½       2621-2642           2471-2492            2421-2442           2271-2292           

7          2643-2664           2493-2514            2443-2464           2293-2314           

6½       2665-2686           2515-2536            2465-2486           2315-2336           

6          ≥2687                  ≥2537                  ≥2487                  ≥2337   

17 ronden, waaronder 9 titelhouders, en minimum 14 geklasseerd

13½     2380-2397           2230-2247            2180-2197           2030-2047           

13        2398-2415           2248-2265            2198-2215           2048-2065           

12½     2416-2441           2266-2291            2216-2241           2066-2091           

12        2442-2466           2292-2316            2242-2266           2092-2116           

11½     2467-2489           2317-2339            2267-2289           2117-2139           

11        2490-2512           2340-2362            2290-2312           2140-2162           

10½     2513-2534           2363-2384            2313-2334           2163-2184           

10        2535-2556           2385-2406            2335-2356           2185-2206           

9½       2557-2578           2407-2428            2357-2378           2207-2228           

9          2579-2599           2429-2449            2379-2399           2229-2249           

8½        2600-2620              2450-2470              2400-2420              2250-2270

8          2621-2642           2471-2492            2421-2442           2271-2292           

7½       2643-2664           2493-2514            2443-2464           2293-2314           

7          2665-2686           2515-2536            2465-2486           2315-2336           

6½       ≥2687                  ≥2537                  ≥2487                  ≥2337   

18 ronden, waaronder 9 titelhouders, en minimum 15 geklasseerd

14        2380-2406           2230-2256            2180-2206           2030-2056           

13½     2407-2433           2257-2283            2207-2233           2057-2083           

13        2434-2458           2284-2308            2234-2258           2084-2108           

12½     2459-2474           2309-2324            2259-2274           2109-2124           

12        2475-2497           2325-2347            2275-2297           2125-2147           

11½     2498-2519           2348-2369            2298-2319           2148-2169           

11        2520-2542           2370-2392            2320-2342           2170-2192           

10½     2543-2556           2393-2406            2343-2356           2193-2206           

10        2557-2578           2407-2428            2357-2378           2207-2228           

9½       2579-2599           2429-2449            2379-2399           2229-2249           

9          2600-2620           2450-2470            2400-2420           2250-2270           

8½       2621-2642           2471-2492            2421-2442           2271-2292           

8          2643-2656           2493-2506            2443-2456           2293-2306           

7½       2657-2679           2507-2529            2457-2479           2307-2329           

7          2680-2701           2530-2551            2480-2501           2330-2351           

6½       ≥2702                  ≥2552                  ≥2502                  ≥2352   

19 ronden, waaronder 10 titelhouders, en minimum 15 geklasseerd

15        2380-2397           2230-2247            2180-2197           2030-2047           

14½     2398-2415           2248-2265            2198-2215           2048-2065           

14        2416-2441           2266-2291            2216-2241           2066-2091           

13½     2442-2466           2292-2316            2242-2266           2092-2116           

13        2467-2482           2317-2332            2267-2282           2117-2132           

12½     2483-2504           2333-2354            2283-2304           2133-2154           

12        2505-2519           2355-2369            2305-2319           2155-2169           

11½     2520-2542           2370-2392            2320-2342           2170-2192           

11        2543-2563           2393-2413            2343-2363           2193-2213           

10½     2564-2578           2414-2428            2364-2378           2214-2228           

10          2579-2599              2429-2449              2379-2399              2229-2249

9½       2600-2620           2450-2470            2400-2420           2250-2270           

9          2621-2635           2471-2485            2421-2435           2271-2285           

8½       2636-2656           2486-2506            2436-2456           2286-2306           

8          2657-2679           2507-2529            2457-2479           2307-2329           

7½       2680-2694           2530-2544            2480-2494           2330-2344           

7            ≥2695                     ≥2545                     ≥2495                     ≥2345

Tabellen voor toernooien met meer dan 19 ronden kunnen gemaakt worden op basis van de tabellen B.02, 10.1(a) en de regels van B.01

1.8 Titel Toernooi Certificaten

De CA (hoofdarbiter) bereidt de titelcertificaten voor de spelers in viervoud voor. Deze worden overhandigd aan de speler in kwestie, zijn federatie, de organiserende federatie en het FIDE bureau. Het is aangewezen dat de speler deze certificaten opvraagt bij de CA alvorens het toernooi te verlaten. De CA is verantwoordelijk voor het verzenden van het TRF bestand naar FIDE

1.9 Indienen van rapporten van Titel Toernooien

Deze toernooien moeten geregistreerd zijn zoals voorzien in 1.11.

1.91 Het einde van het toernooi is de dag van de laatste ronde en tijd voor het indienen begint te lopen vanaf dan.

1.92 De CA (hoofdarbiter) van een FIDE geregistreerd toernooi zal het rating (TRF) rapport van het toernooi versturen binnen 7 dagen naar de ELO verantwoordelijke van de federatie waar het toernooi plaatsvond. Deze is op zijn beurt verantwoordelijk om het naar de FIDE server te zenden waar het dient aan te komen ten laatste 30 dagen na het einde van het toernooi.

1.93. De rapporten bevatten een database met minstens de partijen gespeeld door spelers met een titelresultaat

2.0. Aanvraagprocedure

De aanvraagformulieren voor de titels genoemd in 0.31 zijn hier bijgevoegd:

Certificaat van Titel Resultaat (norm)          IT1

Titel Aanvraag Formulier                              IT2

Toernooirapport                                           IT3

2.1 Aanvragen voor de volgende titels moeten via deze formulieren geschieden en alle nodige informatie in bijlage toegevoegd zijnde :

GM, IM, WGM, WIM:      IT2, IT1s telkens met kruistabel

2.2 Aanvragen moeten ingediend worden door de federatie van de aanvrager bij de gepaste eenheid die erover moet oordelen. De federatie van de aanvrager zal de bijdrage (fee) betalen.

2.3 Er is een deadline van 30 dagen voor het behoorlijk behandelen van aanvragen. Indien er onvoldoende tijd is voor het Congres zal een 50% verhoogde bijdrage worden gevraagd en voor aanvragen die toekomen op het Congres zelf zal een dubbele bijdrage gevraagd worden.

2.4 Alle titelaanvragen met alle details moeten ten minste 60 dagen voor de finalisatie op de FIDE website getoond worden zodat eventuele bezwaren kunnen behandeld worden.

Lijst van meesters

Grootmeesters (GM)

Chuchelov, Vladimir               GM    201260         1969

Dardha, Daniel                      GM    240990         01/10/2005                                           VSF

Dgebuadze, Alexandre           GM    203882         21/05/1971                                           SvDB

Gurevich, Mikhail                   GM    200930         22/05/1959                                           FEFB

Hovhannisyan, Mher              IM     13300865     25/09/1978                                           FEFB

Malakhatko, Vadim                GM    14104202     22/03/1977                                           VSF

Michiels, Bart                        GM    202967         30/10/1986                                           VSF

Ringoir, Tanguy                     GM    208027         29/06/1994                                           SvDB

Todorov, Todor                     GM    2903237       1974

Winants, Luc                         GM    200018         1/01/1963                                           FEFB

Internationale Meesters (IM)

Abolianin, Arthur                   IM     202606         25/07/1966                                           SvDB

Beukema, Stefan                   IM     1024523       17/02/1996                                           VSF

Capone, Nicola                      IM     224715         1/02/1999                                           FEFB

Cekro, Ekrem                        IM     201855         29/06/1950                                           FEFB

Claesen, Pieter                      IM     200727         21/03/1971                                           FEFB

De Schampheleire, Glen         IM     208701         15/05/1992                                           VSF

Docx, Stefan                         IM     200778         12/01/1974                                           VSF

Dutreeuw, Marc                     IM     200042         21/02/1960                                           VSF

Geirnaert, Steven                  IM     203866         31/08/1984                                           VSF

Godart, Francois                    IM     208078         3/06/1994                                           FEFB

Hautot, Stephane                  IM     202282         11/04/1980                                           SvDB

Jadoul, Michel                       IM     200034         17/09/1957                                           FEFB

Laurent, Bruno                      IM     202169         29/12/1975                                           FEFB

Maenhout, Thibaut                IM     205044         24/05/1989                                           VSF

Piceu, Tom                            IM     201952         20/10/1978                                           VSF

Polaczek, Richard                  IM     200026         17/06/1965                                           SvDB

Rooze, Jan                            IM     200050         7/03/1947                                           VSF

Saiboulatov, Daniyal              IM     204145         2/04/1970                                           FEFB

Soors, Stef                           IM     209511         11/12/1992                                           FEFB

Van Beers, Eddy                    IM     200905         11/05/1973                                           VSF

Van Der Stricht, Geert           IM     201324         11/02/1972                                           VSF

Vandenbussche, Thibaut        IM     204412         17/07/1987                                           SvDB

Vandevoort, Pascal                IM     200310         24/09/1971                                           FEFB

Verstraeten, Rein                  IM     223654         22/07/1995                                           VSF

Weemaes, Ronny                  IM     200077         31/08/1955                                           VSF

Zozulia, Anna                        IM     14102110     10/03/1980                                           VSF

FIDE Meesters (FM)

Ahn, Martin                           FM     200972         27/04/1972                                           SvDB

Akhayan, Ruben                    FM     204439         26/08/1985                                           FEFB

Baert, Andy                          FM     200107         16/04/1962                                           VSF

Bauduin, Etienne                   FM     201707         10/08/1970                                           FEFB

Beeckmans, Felix                  FM     201812         1/03/1979                                           VSF

Beukema, Jasper                   FM     1032984       7/04/2001                                           VSF

Bolzoni, Victor-Angel             FM     200433         2/12/1962                                           FEFB

Bomans, Arno                       FM     206024         9/10/1990                                           VSF

Claesen, Jeroen                     FM     201278         4/09/1974                                           VSF

Cools, Gorik                          FM     200298         1/01/1964                                           VSF

Daels, Marc                           FM     201502         8/05/1959                                           VSF

Dardha, Arben                      FM     4700481       25/11/1972                                           VSF

De Jonghe, Bruno                  FM     202037         6/06/1956                                           VSF

De Jonghe, Peter                   FM     200140         6/09/1953                                           VSF

De Wachter, Mathias              FM     201839         26/03/1979                                           VSF

De Waele Warre                    FM     241156         13/05/2002                                           VSF

Decoster, Frederic                 FM     204269         6/10/1980                                           VSF

Deleyn, Gunter                     FM     200115         1/12/1955                                           VSF

Demarcke, Dirk                     FM     203025         8/01/1958                                           VSF

Denys, Alex                          FM     200182         21/09/1958                                           VSF

Draftian, Ashote                    FM     204552         21/08/1955                                           VSF

Driessens, Patrick                  FM     204552         20/03/1974                                           VSF

Fontaine, Quentin                  FM     230804         4/03/1996                                           FEFB

Froeyman, Helmut                 FM     203602         24/03/1976                                           VSF

Geenen, Marc                        FM     200085         8/11/1961                                           FEFB

Goormachtigh, Johan             FM     200280         30/07/1955                                           VSF

Goossens, Etienne                 FM     201006         3/10/1973                                           FEFB

Gregoir, Christophe               FM     204625         10/04/1984                                           VSF

Hamblok, Roel                       FM     209317         6/07/1988                                           VSF

Henris, Luc                           FM     200980         20/08/1959                                           FEFB

Huesmann, Thomas               FM     200441         2/01/1961                                           SvDB

Ismaili, Afrim                        FM     235555         13/05/1985                                           VSF

Lacrosse, Marc                      FM     200921         25/05/1958                                           VSF

Le Quang, Kim                      FM     200700         12/06/1971                                           FEFB

Lenaerts, Lennert                  FM     211435         24/08/1998                                           VSF

Maes, Wim                            FM     201073         1/06/1972                                           VSF

Marechal, Andy                     FM     202355         17/01/1978                                           FEFB

Meessen, Rudolf                    FM     202029         22/01/1968                                           SvDB

Nijs, Nils                               FM     209651         4/11/1993                                           VSF

Roofthoofd, Marcel                FM     200174         17/04/1952                                           VSF

Roos, Adrian                         FM     263621         11/05/1990                                           VSF

Sadkowski, Daniel                 FM     200255         7/09/1961                                           VSF

Sarrau, Jelle                          FM     207608         19/05/1988                                           VSF

Sterck, Arno                         FM     228249         15/04/1999                                           VSF

Tonoli, Walter                       FM     200204         25/04/1958                                           VSF

Van Hoolandt, Patrick            FM     200999         10/01/1958                                           FEFB

Van Mechelen, Jan                 FM     201863         31/07/1966                                           VSF

Vanderwaeren, Serge            FM     200069         22/01/1964                                           VSF

Verduyn, Frederic                  FM     203670         1/12/1976                                           VSF

Vermeulen, Bram                  FM     203254         12/07/1985                                           VSF

Wantiez, Fabrice                   FM     202274         14/12/1971                                           FEFB

Dames FIDE Meesters (WFM)

Goossens, Hanne                  WFM  200468         9/10/1992                                           VSF

Gorshkova, Irina                   WFM  203319         28/01/1977                                           VSF

Morozova, Iuliia                     WFM  14104946     18/11/1966                                           VSF

Vanhuyse, Nele                     WFM  228818         14/02/1991                                           VSF

Organogram schaken in België

KBSB (14 € / speler)

Nationale Interclubs : van September tot April op 11 zondagen. Dit is het grootste toernooi van het land met ruim 1500 spelers per zondag (30 % van alle aangesloten spelers in België)

Belgisch Kampioenschap : 1 week in Juli

Belgisch Jeugdkampioenschap : 1 week in de paasvakantie (April)

Interscholenkampioenschap lager en middelbaar onderwijs : Maart

Snelschaak en Rapidchaak: meestal telkens 1 dag in September

Publicatie van ELO-punten voor alle spelers: Januari, April, Juli en Oktober

Vertegenwoordiging van topschakers (volwassenen en jeugd) op internationale toernooien : WK, EK, Olympiades…

FIDE lidmaatschap en registratie van toernooien bij de FIDE

Website KBSB

Vademecum met alle reglementen

VSF (4 € / speler)

Vlaams kampioenschap : 4 dagen in Mei

Vlaams Jeugdkampioenschap : 4 dagen tijdens krokusvakantie

Interscholenkampioenschap lager en middelbaar onderwijs : Januari

Verzekering voor ongevallen tijdens alle toernooien in Vlaanderen

Ondersteuning van top-jeugdschaak en schaken op school in Vlaanderen

Opleiding van schaaktrainers en wedstrijdleiders

Vlaanderen Schaakt Digitaal : verspreid naar de clubs

Ligas (3 – 10 € / speler)

Ligakampioenschap : zeer verschillend per liga

Liga jeugdkampioenschap : 1 of 2 dagen in November

Provinciaal schoolschaak : November

Liga snelschaakkampioenschap : gebruikelijk in de zomer

Liga ploegenkampioenschap : op verschillende dagen gedurende het seizoen (September-Juni)

Jeugdcriterium

Verzameling van de meeste jeugdtoernooien (meestal 1 dag) in een jaar-klassement voor het bepalen van de beste jeugdspelers per categorie in ééndagstoernooien.

Geschiedenis van de K.B.S.B.

De graaf van Villegas, overleden in 1926, was de eerste die, tijdens een vergadering van het bestuur van de Brusselse schaakclub, het idee naar voren bracht om alle kringen van België te groeperen in een organisme.

De voorstel werd enthousiast onthaald en dit leidde tot de oprichting van de Belgische Schaakbond op 19 december 1920[361] door de kringen van Brussel, Antwerpen, Gent en Liège.

Het eerste bestuur bestond uit de voorzitters van de vier kringen en drie andere leden die gekozen werden door deze voorzitters. Er werd overeengekomen dat de voorzitters van de kringen in beurtrol het voorzitterschap van de BSB zouden waarnemen telkens voor één jaar.

het eerste bureau bestond uit :

Voorzitter : Jules De Lannoy, Brussel

Ondervoorzitters : Van Bladel, Antwerpen, Verschueren, Gent, Leruitte, Liège.

Penningmeester : Lancel, Brussel

Secretaris : Lenglez, Brussel

Promotie : de Villegas, Brussel

Sinds 1924 werd de voorzitter democratisch verkozen en waren de volgenden achtereenvolgens voorzitter. Helaas, gedurende korte periodes had de federatie geen voorzitter en nam de eerste ondervoorzitter de functie waar. Deze zijn ook hieronder aangegeven als (interim).

1920 – 1922           Jules De Lannoy

1922 – 1923           Georges Van Bladel

1923 – 1924           Edouard Verschueren

1924 – 1925           Henri Leruitte

1925 – 1928           Jules Tackels

1928 – 1934           Marcel Barzin

1934 – 1936           Edouard Verschueren

1936 – 1937           Louis Demey

1937 – 1945           Florent Van de Wouwer

1945 – 1949           Francis Peeters

1949 – 1957           Eduard Van Hoorde

1957 – 1967           Leon Weltjens

1967 – 1971           Gerard Heynen

1971 – 1977           Paul Mauquoy

1977 – 1994           Jacques Bossuyt

1994 – 1995           Jean Janssens (interim)

1995                       Bernard Lacrosse (interim)

1995 – 1998           Marc Bils

1998 – 2000           Daniel Oger (interim)

2000 – 2004           John Van Emmelo

2004 – 2006           Rudolf Meesen (interim)

2006 – 2007           Francois Van Damme

2007 – 2008           Chris Ghysels (interim)

2008                       Günter Delhaes

2009 – 2011           Chris Ghysels

2011 – 2020           Günter Delhaes

2020                       Martin De Schepper

2021 – 2023           Geert Bailleul

2023 – heden         Laurent Wéry

In 1970 ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan kreeg de federatie de titel van Koninklijk toebedeeld en heet sindsdien KBSB.

In 1979 werd op vraag van de Vlaamse kringen de federatie gefederaliseerd op gebied van taal en kent sindsdien drie leden : de VSF (Nederlandstaligen), de FEFB (Franstaligen) en de SVDB (Duitstaligen).

Het aantal leden schommelt tegenwoordig rond 5000, waar dit 25 jaar geleden ongeveer 3500 leden was.

Dankzij Albert Dethiou kreeg de KBSB toegang tot het BOIC en ontvangt langs deze weg subsidie voor deelname aan belangrijke internationale manifestaties.

In 2014 werd een belangrijke hervorming doorgevoerd door de kringen rechtstreeks lid te maken van de KBSB. Dit kwam de democratische besluitvorming zeker ten goede en loste het jarenlange getouwtrek tussen de Vlamingen (VSF) en de Walen (FEFB) binnen KBSB op. Dit gezegd zijnde, wijzigde er eigenlijk weinig, vermits langs Vlaamse zijde zowel voor als na de hervorming de stemmen voornamelijk door de liga’s worden uitgebracht, en langs Franstalige zijde nog steeds voornamelijk door de culturele federatie.

Statuten van de KBSB vzw

De Belgische Schaakbond werd opgericht als feitelijke vereniging op 19 december 1920 door de clubs van Brussel, Antwerpen, Gent en Liège.

De Belgische Schaakbond werd op 30 maart 1959 een vereniging zonder winstoogmerk opgericht door volgende personen:

Dierman P., Van de Wouwer Fl., Trépant S., Van Hoorde E., Weltjens L., Brion P., De Keyser E., Himpens J.

De Bond is nu een Koninklijke vereniging.

Deze versie van de statuten werd goedgekeurd op de algemene vergadering van 23 december 2023

Titel 1 – Algemeen

Artikel 1

De vereniging is een vzw die onder de naam “KONINKLIJKE BELGISCHE SCHAAKBOND”, afgekort KBSB, werd opgericht, hierna ook “vereniging” genoemd.

Artikel 2

De maatschappelijke zetel van de vereniging is in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gevestigd.

Artikel 3

Voor elke gerechtelijke procedure waarin de vereniging tegenover een of meerdere van haar effectieve leden, haar aangesloten leden, haar van rechtswege toegetreden leden, haar ereleden of tegenover een of meerdere aangesloten sportbeoefenaars staat, zijn alleen de rechtbanken van het gerechtelijke arrondissement Brussel bevoegd.

De taal van de rechtspleging is de taal van het effectieve lid, het aangesloten lid, het van rechtswege toegetreden lid, het erelid of van de aangesloten sportbeoefenaar, het Nederlands of het Frans.

De taal van de rechtspleging is het Nederlands of het Frans, naar keuze van het effectieve lid (de effectieve leden), het toegetreden lid (de toegetreden leden), het van rechtswege toegetreden lid (de van rechtswege toegetreden leden), het erelid (de ereleden) of de aangesloten sportbeoefenaar(s).

Bij uitzondering op wat hierboven is vermeld, zijn de rechtbanken van het gerechtelijke arrondissement Eupen bevoegd om een geschil in het Duits te beslechten, indien het effectieve lid (de effectieve leden), het toegetreden lid (de aangesloten leden), het van rechtswege toegetreden lid (de van rechtswege toegetreden leden), het erelid (de ereleden) of de aangesloten sportbeoefenaar(s) zijn (hun) woonplaats of maatschappelijke zetel in het genoemde arrondissement heeft (hebben).

Indien de rechtspleging betrekking heeft op meerdere effectieve leden, aangesloten leden, van rechtswege toegetreden leden, ereleden of op meerdere aangesloten sportbeoefenaars, waarvan sommigen hun woonplaats of hun maatschappelijke zetel in het gerechtelijke arrondissement Eupen hebben en anderen hun woonplaats of maatschappelijke zetel buiten dit arrondissement hebben,dan kunnen zij kiezen of de rechtbanken van het gerechtelijke arrondissement van Brussel dan wel die van Eupen bevoegd zijn.

Artikel 4

Het doel van de Koninklijke Belgische Schaakbond bestaat erin om de schaaksport in al haar facetten te verspreiden, te ontwikkelen en te bevorderen, en dit in samenwerking met de Gemeenschapsfederaties die in artikel 8 zijn omschreven. Hij kan noch rechtstreeks, noch onrechtstreeks een vermogensvoordeel aan zijn oprichters, zijn leden, zijn bestuurders of welke andere persoon ook opleveren of verschaffen, behalve als het gaat om een belangeloos doel dat in de statuten is bepaald. Elke daad die dit verbod schendt, is nietig.

Artikel 5

De voornaamste middelen die door de vereniging worden toegepast om het maatschappelijk doel te bereiken zijn:

·        de gemeenschappelijke belangen van zijn leden behartigen;

·        het geheel van de Belgische schaaksport op internationaal vlak vertegenwoordigen;

·        bij de internationaal overkoepelende schaakorganisaties aansluiten en de deelname aan hun evenementen aanmoedigen;

·        allerhande nationale competities, zoals de Belgische kampioenschappen senioren en jeugd, de interclubcompetitie[362], de schoolschaakkampioenschappen, open internationale toernooien…, organiseren of de organisatie ervan delegeren;

·        een klassement opstellen van de sportbeoefenaars die als leden bij de vereniging zijn aangesloten;

·        verschillende schaaktechnische en bestuurlijke opleidingen organiseren.

In die geest kan de vereniging, ten bijkomende titel, economische activiteiten uitvoeren op voorwaarde dat de opbrengst ervan volledig bestemd is voor het maatschappelijke doel van de vereniging.

Artikel 6

De vereniging is voor onbepaalde duur opgericht.

Titel 2 – Lidmaatschap

Artikel 7

De vereniging telt minstens 2 effectieve leden, aangesloten leden, van rechtswege toegetreden leden en ereleden[363].

Artikel 8

Kunnen effectief lid van de vereniging zijn: de schaakclubs, met of zonder rechtspersoonlijkheid, waarvan de zetel op het Belgische grondgebied is gevestigd, die lid zijn van een van de Gemeenschapsfederaties en die minstens vijf aangesloten sportbeoefenaars bij de betrokken Gemeenschapsfederatie tellen.

Kunnen aangesloten leden van de vereniging zijn: de schaakclubs die in alinea 1 zijn vermeld, maar die niet minstens vijf aangesloten sportbeoefenaars tellen.

Zijn van rechtswege toegetreden leden:

a.   De drie Gemeenschapsfederaties:

a.   de vzw 417.959.043 Vlaamse Schaakfederatie (afgekort: VSF);

b.   de vzw 419.166.296 Fédération Échiquéenne Francophone de Belgique (afgekort: FÉFB);

c.    de vzw 418.770.378 Schachverband der Deutschsprachigen Gemeinschaft Belgien (afgekort: SVDB).

b.   De provinciale liga’ s:

a.   de vzw 463.707.807 Schaakliga Antwerpen,

b.   de vzw 473.264.087 Schaakliga Limburg,

c.    de vzw 424.499.615 Liga Oost-Vlaanderen VSF,

d.   het Schaakverbond Vlaams-Brabant en vlaams-Brussel (SVB),

e.   de vzw 835.195.140 West-Vlaamse Schaakliga,.

Natuurlijke personen, die op een regelmatige wijze lid zijn van een schaakclub, die op zijn beurt hetzij effectief, hetzij toegetreden lid van de KBSB is, en die door die club in de gegevensbank van de sportbeoefenaars van de KBSB zijn ingeschreven en voor wie de club lidgeld betaalt, worden “aangesloten sportbeoefenaars” genoemd.

Voor iedere persoon die in de statuten, in het IR en in het TR “clublid” wordt genoemd, moet aan bovenstaande voorwaarden worden voldaan. De sportbeoefenaars zijn geen aangesloten lid van de vereniging.

Artikel 9.

Behoudens wat onder Titel 3 staat vermeld, genieten de effectieve leden, de aangesloten leden, de van rechtswege toegetreden leden en de ereleden over dezelfde rechten en zijn ze aan dezelfde verplichtingen onderhevig.

De effectieve leden, de aangesloten leden, de van rechtswege toegetreden leden, de ereleden en de aangesloten sportbeoefenaars verbinden er zich toe om de statuten, het interne reglement en het toernooireglement na te leven.

De schaakclubs, of ze nu effectief of aangesloten lid zijn, dienen voor het lopende maatschappelijke jaar lidgeld te betalen. Dat lidgeld is evenredig met het aantal aangesloten sportbeoefenaars die ze hebben geregistreerd. Het bedrag van het lidgeld wordt, vóór het begin van het boekjaar, door de algemene vergadering vastgelegd en mag de 15€ per jaar per aangesloten sportbeoefenaar niet overschrijden. De van rechtswege toegetreden leden en de ereleden zijn er niet toe gehouden lidgeld te betalen.

Alle effectieve leden, aangesloten leden, van rechtswege toegetreden leden, ereleden of aangesloten sportbeoefenaars verbinden er zich toe om de ethische code van de FIDE na te leven en geen enkele actie te ondernemen die de KBSB schade kan berokkenen.

De vereniging houdt een lijst met persoonlijke inlichtingen over de aangesloten sportbeoefenaar bij die voor het beheer van de vereniging noodzakelijk zijn. Wat die lijst betreft leeft de KBSB de huidige wetgeving over het privéleven na.

Door het lidgeld te betalen, aanvaardt elke sportbeoefenaar dat die lijst wordt opgesteld en de sportbeoefenaar verkrijgt meteen ook alle rechten die in de wetgeving over het privéleven zijn voorzien.

De communicatie van de vereniging verloopt via e-mail of via alle andere erkende communicatiemiddelen. Overal waar in de statuten, in het interne reglement of in het toernooireglement sprake is van “e-mail” worden de in de huidige alinea vermelde communicatiemiddelen bedoeld.

Artikel 10

Elke schaakclub – ongeacht of hij rechtspersoonlijkheid heeft of niet – die op het Belgische grondgebied is gevestigd, mag vragen om tot de vereniging toe te treden. Dit gebeurt door een verzoek via e-mail aan de voorzitter en de secretaris-generaal van de vereniging te richten.

Het bestuursorgaan beslist soeverein en zonder zijn beslissing te moeten motiveren over het verzoek tot toetreding.

Artikel 11.

Elk effectief lid, aangesloten lid, van rechtswege toegetreden lid of erelid van de vereniging is vrij om uit de vereniging te treden. Dit gebeurt door het ontslag schriftelijk aan het bestuursorgaan mee te delen. Het ontslag bevrijdt het lid niet om het bedrag dat het nog aan de vereniging is verschuldigd, te voldoen.

Artikel 12

De uitsluiting van een effectief lid, een aangesloten lid, een van rechtswege toegetreden lid, een erelid of een aangesloten sportbeoefenaar kan enkel door de algemene vergadering met een meerderheid van twee derden van de stemmen van de aanwezig of vertegenwoordigde leden worden uitgesproken. Een dergelijke uitsluiting kan bovendien alleen maar door de algemene vergadering worden uitgesproken als het punt op de agenda was opgenomen.

Een effectief lid, een aangesloten lid, een van rechtswege toegetreden lid, een erelid of een aangesloten sportbeoefenaar van de KBSB kan ook voor feiten die vreemd zijn aan de KBSB, worden uitgesloten, namelijk als hij het voorwerp vormt van een veroordeling die van aard is de goede naam van de KBSB te schaden.

Artikel 13

Een effectief lid, een aangesloten lid, een van rechtswege toegetreden lid of een erelid, dat ontslag neemt of uitgesloten wordt, kan geen recht doen gelden op het sociaal fonds van de vereniging en kan de betaalde lidmaatschapsbijdragen niet terugvorderen.

Artikel 14

Er kunnen sancties en ordemaatregelen worden opgelegd van zodra een aangesloten sportbeoefenaar, een al dan niet aangesloten begeleider, een ploeg of een club, een liga, een gemeenschapsfederatie of een instantie die momenteel niet gekend is bij de schaakorganisaties de regels van het schaakspel van de FIDE, de statuten, het toernooireglement of het interne reglement van de KBSB schendt, de faam van de KBSB in het gedrang brengt, de goede werking van de KBSB of de lichamelijke of geestelijke gezondheid van zijn leden in gevaar brengt.

a) De sancties en/of de ordemaatregelen die het bestuursorgaan mag treffen zijn de volgende:

·        de waarschuwing;

·        de blaam;

·        de wijziging van het resultaat van een individuele partij of van een match tussen ploegen;

·        een geldboete van maximum 200 euro (om die sanctie toe te passen, dient de persoon, de club, de liga of de federatie bij de vereniging te zijn aangesloten);

·        het verlies van het recht op eventuele prijzen, op de vergoeding van een waarborg of op de uitbetaling van kosten;

·        de schorsing van maximum twee jaar:

o   van het recht om deel te nemen aan en aanwezig te zijn bij een of meer competities die door of in naam van de vereniging worden georganiseerd;

o   van het recht om deel te nemen aan activiteiten die door of in naam van de vereniging worden georganiseerd;

o   van het recht om een of meerdere functies binnen de vereniging uit te oefenen.

De beslissing specificeert telkens of het om een sanctie of een ordemaatregel gaat.

b) Een ordemaatregel is een maatregel die noodzakelijk of op zijn minst nuttig is om de goede werking van de vereniging, het goede verloop van haar competities of de lichamelijke en mentale gezondheid van ieder die aangesloten is, te verzekeren. Ze houdt geen oordeel in over de grond van de zaak.

c) In alle gevallen worden de betrokken partijen uitgenodigd om hun mening over een voorstel tot sanctie kenbaar te maken. Indien het om een voorstel tot ordemaatregel gaat, dan is die uitnodiging niet verplicht, indien de dringendheid of de behoefte aan vertrouwelijkheid het niet mogelijk maken om de partijen te horen.

d) De sancties en de ordemaatregelen die een gemeenschapsfederatie tegen een van haar toegetreden sportbeoefenaars of tegen een van haar clubs neemt, zijn ook van toepassing voor alles wat onder de bevoegdheid van de KBSB valt, voor zover de gemeenschapsfederatie ze duidelijk heeft gespecificeerd. Het verzoek moet door de betrokken gemeenschapsfederatie aan het bestuursorgaan van de KBSB worden gericht. Indien het om een levenslange schorsing of een schorsing van meer dan twee jaar gaat, dan dient de sanctie door de eerstvolgende Algemene Vergadering te worden bevestigd.

e) Elke klacht tegen een beslissing van het bestuursorgaan die in het kader van dit artikel is genomen, zal door de geschillencommissie worden behandeld in overeenstemming met de statuten en het interne reglement.

Titel 3 – De algemene vergadering

Artikel 15

De algemene vergadering van de vereniging is samengesteld uit: de leden van het bestuursorgaan; de afgevaardigden van de clubs die effectief of aangesloten lid zijn, met een maximum van drie afgevaardigden per club; die afgevaardigden zijn verplicht aangesloten sportbeoefenaars bij een van de clubs die effectief of aangesloten lid van de vereniging zijn. de van rechtswege toegetreden leden en de ereleden. de rekeningtoezichter(s).

Haar bureau is samengesteld uit de leden van het bestuursorgaan en uit twee aangeduide stemopnemers. Elke sportbeoefenaar die buiten elk mandaat of machtiging handelt, heeft het recht om de vergadering met raadgevende stem bij te wonen, op voorwaarde dat hij de volle leeftijd van achttien jaar heeft bereikt

Artikel 16

Een effectief lid mag zich op de algemene vergadering laten vertegenwoordigen door een ander effectief lid, door een aangesloten lid, door een van rechtswege toegetreden lid of door een erelid, op voorwaarde dat het een gedateerde en ondertekende volmacht kan verschaffen.

De volmacht vermeldt het stamnummer en de naam van de verantwoordelijke van de club die effectief lid is en die zich wenst te laten vertegenwoordigen. Ze vermeldt eveneens de naam van het effectieve lid, van het aangesloten lid, van het van rechtswege toegetreden lid of van het erelid aan wie de volmacht wordt gegeven. Een volmacht in papieren vorm dient tijdens de registratie bij het begin van de algemene vergadering te worden afgegeven en een volmacht per e-mail moet ten laatste een uur voor het begin van de algemene vergadering naar de secretaris van de vereniging worden opgestuurd.

De volmacht is enkel geldig als het lid dat de volmacht verstrekt, niet op de algemene vergadering aanwezig is.

Artikel 17

De algemene vergadering wordt in de loop van de eerste vier maanden van het boekjaar bijeengeroepen[364]. De algemene vergadering wordt ook bijeengeroepen als het bestuursorgaan het nodig acht of als een vijfde van de effectieve leden er een getekend verzoek voor indient. Dat verzoek moet per e-mail aan de voorzitter en aan de secretaris van de vereniging worden gericht. In dat laatste geval moeten de uitnodigingen binnen de 12 dagen na ontvangst van het verzoek worden verstuurd.

Artikel 18

De uitnodigingen worden per e-mail naar de effectieve leden, de aangesloten leden, de van rechtswege toegetreden leden, de ereleden, de bestuurders, de eventuele commissarissen en de eventuele rekeningtoezichters verstuurd, ten minste vier weken voor de vergadering. Ze vermelden minstens de plaats en de datum, de voorlopige agenda, zoals die door het bestuursorgaan is opgesteld, alle voorgestelde wijzigingen aan de statuten, de verslagen van de bestuurders, het voorgestelde lidgeld, alsook het ontwerp van de jaarrekeningen en van de begroting van de vereniging.

Ten laatste vijftien dagen op voorhand worden de reglementswijzigingen (IR en WR), de agendapunten die bijkomend door de leden worden aangevraagd, de vragen van de leden of derden aan de bestuurders, de kandidaturen voor een bestuursfunctie en de verslagen van de rekeningtoezichters meegedeeld.De vragen voor deze alinea moeten ten laatste zestien dagen voor de algemene vergadering per e-mail bij de voorzitter en secretaris aankomen.

Artikel 19

De leden die een agendapunt willen toevoegen, moeten dit per e-mail naar de voorzitter en naar de secretaris sturen, ten laatste zestien dagen voor de algemene vergadering. Het agendapunt moet door ten minste 1/20 van de effectieve leden van de vereniging ondertekend worden.

Artikel 20

De algemene vergadering is als enige bevoegd voor:

1° de wijzigingen aan de statuten;

2° de benoeming en de afzetting van de leden van het bestuursorgaan, en desgevallend, de bepaling van het bedrag van hun vergoeding;

3° de benoeming en de afzetting van de commissarissen en de rekeningtoezichters die met de controle van de boekhouding van het boekjaar zijn belast en desgevallend, de bepaling van het bedrag van hun vergoeding;

4° de goedkeuring van de rekeningen van het afgelopen jaar en van de begroting;

5° de kwijting die aan de bestuurders en desgevallend ook aan de commissarissen of rekeningtoezichters;

6° de uitsluiting van een lid;

7° de goedkeuring en de bekrachtiging van de wijzigingen aan het interne reglement;

8° de goedkeuring en de bekrachtiging van de wijzigingen aan het toernooireglement;

9° de benoeming van ereleden, op voorstel van het bestuursorgaan;

10° de aanstelling van de ombudsman

11° de bepaling van de lidmaatschapsbijdrage die de leden voor het volgende boekjaar dienen te betalen;

12° de aanstelling van twee stemopnemers voor de algemene vergadering;

13° de omzetting van de vereniging in een vennootschap met sociaal oogmerk.

14° de vrijwillige ontbinding van de vereniging.

15° de omzetting van de vzw in een ivzw, in een coöperatieve vennootschap erkend als sociale onderneming of in een erkende coöperatieve vennootschap sociale onderneming, in een Europese politieke partij of in een Europese stichting

16° de inbreng van een algemeenheid uitvoeren of aanvaarden

17° in geval van een vrijwillige of gerechtelijke ontbinding de vereffenaars van de vzw aanwijzen.

18° in geval van vrijwillige ontbinding, kwijting geven aan de vereffenaars

19° in geval van vrijwillige ontbinding aan de vereffenaars de toelating geven om de daden en handelingen te stellen die door het wetboek van vennootschappen en verenigingen is voorzien

20° beslissen over de bestemming van de activa van de vzw.

21° een fusie of een splitsing met een vzw of een ivzw, een stichting, een algemeenheid of een publiekrechtelijke rechtspersoon uitvoeren.

22° een aansprakelijkheidsvordering namens de vereniging instellen tegen elk lid van de vereniging, elke bestuurder, elke commissaris, elke persoon die gemachtigd is de vereniging te vertegenwoordigen of elke mandataris die door de algemene vergadering is aangeduid;

23° en elke andere bevoegdheid die haar door de wet is toegekend

Artikel 21

Elk effectief lid beschikt over een stem per begonnen schijf van twintig aangesloten sportbeoefenaars die het vertegenwoordigt. Het aantal sportbeoefenaars waar rekening mee wordt gehouden om het aantal stemmen te bepalen, is gebaseerd op het aantal bij de KBSB aangesloten sportbeoefenaars op de eerste dag van de maand die de algemene vergadering voorafgaat.

In elk geval kan een lid dat over een of meerdere volmachten beschikt, slechts een beperkt aantal stemmen uitbrengen, namelijk ten hoogste 5% van het totale aantal stemmen dat op de algemene vergadering beschikbaar is.

Aangezien de aangesloten leden, de van rechtswege toegetreden leden, de ereleden niet geen volmacht hebben, beschikken ze maar over een raadgevende stem. Deze stemmen worden noch voor de berekening van de meerderheden, noch voor de berekening van eventuele aanwezigheidsquota in aanmerking genomen. Hetzelfde geldt voor de effectieve leden die op de vijfde werkdag voorafgaand aan de algemene vergadering, niet in regel zijn met de betaling van hun lidmaatschapsbijdrage.

Artikel 22

Behoudens andersluidende bepalingen in de wet of in de statuten, beraadslaagt de algemene vergadering geldig ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden. De beslissingen worden genomen bij gewone meerderheid van stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden. In geval van staking van stemmen wordt het voorstel verworpen.

Artikel 23

In afwijking van artikel 22 kan de algemene vergadering slechts geldig over wijzigingen aan de statuten beraadslagen als de wijzigingen uitdrukkelijk in de uitnodiging staan vermeld en ten minste twee derden van de leden op de vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

Een wijziging kan alleen worden aangenomen als een meerderheid van twee derden van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden ermee instemt.

Indien een wijziging betrekking heeft op het doel of de doelen waarvoor de vereniging is opgericht, dan dient een meerderheid van vier vijfden van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen ermee in te stemmen om het voorstel aan te nemen.

Ingeval op de eerste vergadering minder dan twee derden van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, dan kan een tweede vergadering met dezelfde agenda worden bijeengeroepen, die geldig kan beraadslagen, beslissen en de wijzigingen aannemen, welk ook het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden is, en de wijzigingen aannemen met de meerderheden die in bovenstaande alinea’s van dit artikel zijn voorzien in alinea 2 of in alinea 3 .

De tweede vergadering mag niet worden gehouden binnen de vijftien dagen na de eerste vergadering.

Artikel 24

In afwijking van het artikel 22 kan de ontbinding van de vereniging slechts worden uitgesproken onder dezelfde voorwaarden van aanwezigheid en stemming zoals vereist voor de wijziging van het doel of de doelen van de vereniging.

Ingeval op de eerste vergadering minder dan twee derden van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, dan kan een tweede vergadering met dezelfde agenda worden bijeengeroepen, die geldig kan beraadslagen, beslissen en de wijzigingen aannemen, welk ook het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden is, en de wijzigingen aannemen met de meerderheden die in bovenstaande alinea’s van dit artikel zijn voorzien in alinea 2 of in alinea 3 .

De tweede vergadering mag niet worden gehouden binnen de vijftien dagen na de eerste vergadering.

Artikel 25

In afwijking van het artikel 22, alinea 2,kan de omvorming van de vereniging alleen maar worden uitgesproken onder de vereiste voorwaarden voor de stemming, die afhankelijk van het geval in de alinea’s 2 of 3 van het artikel 23 staan vermeld.

Artikel 26

Voor de bepaling van de vereiste meerderheid worden de onthoudingen, de blanco en ongeldige stemmen niet beschouwd als stemmen van de leden, die op het moment van de stemming aanwezig of vertegenwoordigd zijn. In geval van staking van stemmen wordt het voorstel verworpen.

Artikel 27

Het proces-verbaal met de beslissingen die op de algemene vergadering zijn genomen, wordt binnen de dertig dagen opgestuurd naar wie op de datum van de algemene vergadering effectief lid van de vereniging was. Derden kunnen er kennis van nemen via de website van de vereniging.

Titel 4 – Het bestuursorgaan

Artikel 28

De vereniging wordt bestuurd door een bestuursorgaan dat uit ten minste zeven personen en ten hoogste zestien personen is samengesteld. Die personen zijn sportbeoefenaars die zijn aangesloten bij een van de clubs die lid zijn van de vereniging.

Ze worden voor een periode van drie jaar door de algemene vergadering benoemd, maar die laatste kan hen te allen tijde uit hun mandaat ontzetten.

De algemene vergadering verkiest de voorzitter van het bestuursorgaan rechtstreeks.

Elke bestuurder kan, te allen tijde en op eigen initiatief, ontslag nemen uit zijn functie door zijn ontslag via e-mail aan het bestuursorgaan mee te delen. Dat ontslag mag de vereniging niet in gevaar brengen. Op de eerstvolgende algemene vergadering wordt akte genomen van dat ontslag.

Indien de voorzitter ontslag neemt, dan wordt hij tot de eerstvolgende algemene vergadering door de vice-voorzitter vervangen.

De uittredende bestuurders zijn herverkiesbaar[365].

De leden van het bestuursorgaan ontvangen geen enkele bezoldiging voor de functies die hen worden toevertrouwd. Ze worden voor hun onkosten vergoed.

Artikel 29

De kandidaten voor een functie van bestuurder, evenals de bestuurders waarvan het mandaat eindigt en die hun kandidatuur willen hernieuwen, dienen hun kandidatuur ten minste 16 dagen voor de algemene vergadering per e-mail naar de voorzitter en naar de secretaris van de vereniging opsturen. De kandidaturen worden opgenomen in de uitnodiging voor de algemene vergadering of worden meegedeeld bij de bijkomende punten op de agenda, zoals voorzien in het artikel 18, 3e alinea. De algemene vergadering beslist bij geheime stemming.

Elke persoon die het voorwerp vormt van een verbod om een functie als leidinggevende van een club, een liga en/of een federatie uit te oefenen, zoals het door een van de gemeenschapsfederaties is uitgesproken, kan geen bestuurder van de KBSB zijn.

Voor elke kandidaat is er een afzonderlijke stemming. Men kan dus in het voordeel van meerdere kandidaten stemmen. Als er meer kandidaat bestuurders worden verkozen dan er beschikbare plaatsen zijn, dan worden de kandidaten die de meeste stemmen hebben behaald, aangesteld.

Als er bij het kiezen van de voorzitter geen enkele kandidaat de meerderheid haalt, dan vindt er een tweede stemronde plaats, waarbij enkel nog op de twee kandidaten met de meeste stemmen in de eerste ronde kan worden gestemd. Als er meerdere kandidaten ex-aequo op de tweede plaats zijn geëindigd, worden ze allemaal in de tweede ronde opgenomen. In die tweede stemronde wordt de kandidaat die het meeste stemmen haalt, verkozen.

Artikel 30

Het bestuursorgaan kan aan een lid van het bestuursorgaan of aan een derde, en onder zijn verantwoordelijkheid, machtigingen die het omschrijft, delegeren.

Artikel 31

Het bestuursorgaan geniet de meest uitgebreide rechten om daden van beschikking en bestuur in de vereniging te stellen. Het vertegenwoordigt de vereniging in alle gerechtelijke en buitengerechtelijke daden. Om in rechte op te treden, is een beslissing van de algemene vergadering vereist voor alle aansprakelijkheidsvorderingen die in het artikel 20, 22° zijn vermeld. De algemene vergadering kan evenwel een bestuurder aanduiden die met het uitvoeren van de beslissing is belast.

De bevoegdheid om over andere gerechtelijke vorderingen te beslissen, ligt bij het bestuursorgaan: tegen de effectieve leden, de aangesloten leden, de toegetreden leden, de ereleden en de aangesloten sportbeoefenaars, alsook tegen derden.

Alles wat de statuten of de wet niet uitdrukkelijk aan de algemene vergadering voorbehoudt, valt onder de bevoegdheid van het bestuursorgaan.

Het bestuursorgaan voldoet als college aan zijn verplichtingen.

Artikel 32

Het bestuursorgaan vergadert ten minste een keer per trimester, op initiatief van de voorzitter.

Het kan alleen maar rechtsgeldige beslissingen nemen als de meerderheid van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, met een geldige volmacht zoals in het interne reglement is voorzien.

Behoudens de omstandigheden die in de artikels 34 en 35 zijn voorzien, worden de beslissingen met een gewone meerderheid van geldig uitgebrachte stemmen genomen. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter van de zitting beslissend.

Indien nodig kan een online vergadering worden opgeroepen door de voorzitter, de vice-voorzitter, of ook de secretaris-generaal, elk afzonderlijk en dit na raadpleging van de verantwoordelijke bestuurder en/of de bestuurder die aan de basis ligt van de vergadering. Ze kan alleen geldig beraadslagen als de meerderheid van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, met een geldige volmacht zoals bepaald in de interne reglementen.

Het bestuursorgaan kan ook beslissingen per e-mail nemen. Om te worden goedgekeurd, dient de beslissing die per e-mail wordt genomen, unaniem te zijn. De beslissing zal worden geacteerd in het verslag van de volgende zitting van het bestuursorgaan. Een zaak over een persoon kan niet via e-mail worden behandeld.

Elk lid van het bestuursorgaan heeft het recht om over elk voorstel een geheime stemming aan te vragen. De stemming is altijd geheim als een beslissing over een persoon moet worden genomen. Bij staking van stemmen in een geheime stemming, wordt het voorstel verworpen.

Artikel 33

Om de vereniging rechtsgeldig te verbinden volstaat de handtekening van de voorzitter of, bij ontstentenis, deze van de ondervoorzitter, samen met die van een andere bestuurder zonder dat die zijn bevoegdheid dient te bewijzen.

Nochtans kan de penningmeester alleen handelen om betalingen uit te voeren en inkomsten te ontvangen.

Ook zijn de voorzitter, de secretaris, de secretaris-generaal en de penningmeester, elk individueel bevoegd, om in naam en voor rekening van de vereniging de briefwisseling die aan de maatschappelijke zetel is gericht, in ontvangst te nemen (aangetekende zendingen, telegrammen, gerechtelijke stukken, enz.).

Evenzo is elke bestuurder individueel bevoegd voor handelingen met betrekking tot het dagelijks bestuur van de vereniging.

Artikel 34

Op voorstel van een commissie ad hoc wijzigt het bestuursorgaan de punten in het toernooireglement die het nodig acht te wijzigen, op voorwaarde dat die punten in de agenda zijn opgenomen en dat het bestuursorgaan ze met een meerderheid van drie vierden van de geldig uitgebrachte stemmen aanneemt.

Dit reglement of zijn wijzigingen zijn onmiddellijk van kracht, maar kunnen niet van toepassing zijn op competities die al zijn begonnen, tenzij in geval van overmacht. De wijzigingen moeten op de eerstvolgende algemene vergadering ter bekrachtiging aan de leden worden voorgelegd[366].

Artikel 35

Op voorstel van een commissie ad hoc wijzigt het bestuursorgaan de punten van het interne reglement, waar het nodig is, op voorwaarde dat die punten in de agenda zijn opgenomen en dat het bestuursorgaan ze met een meerderheid van drie vierden van de geldig uitgebrachte stemmen aanneemt.

De laatste versie van het interne reglement staat op de website van de vereniging ter beschikking van leden of derden. Ze kan ook naar de leden of de derden worden opgestuurd, als die er in een e-mail die ze naar de secretaris-generaal versturen, om vragen.

Dit reglement of zijn wijzigingen zijn onmiddellijk van kracht, moeten op de eerstvolgende algemene vergadering ter bekrachtiging aan de leden worden voorgelegd.

Artikel 36

Het bestuursorgaan richt onder eigen verantwoordelijkheid alle commissie op die de huidige statuten opleggen of die noodzakelijk lijken voor de uitoefening van zijn opdrachten.

De rol van een dergelijke commissie is zuiver raadgevend; ze heeft als enig doel beslissingen voor te bereiden die binnen het bestuursorgaan moeten worden genomen.

Artikel 37

Op voorstel van het bestuursorgaan kan de algemene vergadering de titel van “erelid” op basis van speciale en belangrijke redenen, en met name bewezen diensten, bij gewone meerderheid toekennen.

Ereleden hebben geen andere rechten dan degene die de huidige statuten hen uitdrukkelijk toekennen.

Titel 5 – Andere organen

Artikel 38

De vereniging beschikt over twee interne juridische organen: de geschillencommissie en de beroepscommissie.

De commissieleden worden door de Gemeenschapsfederaties aangesteld: ze mogen geen enkele andere officiële functie binnen de vereniging uitoefenen.

De geschillencommissie behandelt klachten over beslissingen van de verantwoordelijke nationale toernooien en/of de nationale jeugdleider, met betrekking tot competities die door of onder de auspiciën van de vereniging worden ingericht. Ze behandelt ook klachten over de selectie (of niet selectie) voor een nationale of internationale competitie. Ze behandelt eveneens ook klachten over beslissingen van (een lid / leden van) het bestuursorgaan.

De beroepscommissie behandelt de beslissingen van de geschillencommissie in beroep. De beslissingen van de beroepscommissie zijn bindend: tegen die beslissingen is geen verder intern beroep mogelijk. Beide juridische commissies zijn onafhankelijke organen, die met name de statuten van de KBSB, de wetten, decreten en reglementen van de openbare overheden of van de internationale overkoepelende schaakorganisaties, waar de KBSB van afhangt, toepassen.

Het interne reglement van de vereniging verduidelijkt de bijkomende regels over de samenstelling, de bevoegdheden en de werking van die commissies.

Artikel 39

De effectieve leden, de aangesloten leden, de toegetreden leden, de ereleden en de bij de vereniging aangesloten sportbeoefenaars, verbinden er zich toe slechts tegen de vereniging in rechte op te treden als alle interne rechtsmiddelen uitgeput zijn.

Titel 6 – Jaarrekening en budget

Artikel 40

Het boekjaar begint op een september en eindigt op eenendertig augustus daarop volgend.

Artikel 41

De rekeningen van het voorbije boekjaar alsook de begroting van het volgende boekjaar worden jaarlijks ter goedkeuring aan de algemene vergadering voorgelegd[367].

Artikel 42

De algemene vergadering kan ervoor kiezen om een beroep te doen op een of meerdere commissarissen of om twee rekeningtoezichters aan te stellen. In dat laatste geval worden deze voor de duur van het lopende boekjaar benoemd. In hun verslag formuleren de rekeningtoezichters of de commissarissen eveneens suggesties die ze nuttig achten voor het financiële beheer van de vereniging.

Titel 7 – Ontbinding

Artikel 43

De algemene vergadering kan de ontbinding van de vereniging alleen maar beslissen onder de voorwaarden die in artikel 24 staan vermeld. De voorzitter is ertoe gehouden de vraag om ontbinding van de vereniging aan de algemene vergadering voor te leggen, indien gedurende zes opeenvolgende maanden elke sociale activiteit werd gestaakt.

Artikel 44

In geval van ontbinding duidt de algemene vergadering een of twee vereffenaars aan die belast worden tot de vereffening over te gaan. Met inachtneming van de rechten van de schuldeisers worden alle materiële of niet materiële activa met voorrang aan de leden van de ontbonden vereniging aangeboden, die ze voor een juiste prijs kunnen aankopen, ter gelegenheid van een verkoop per opbod, indien er meerdere kandidaat kopers zijn.

Het netto-actief zal, op beslissing van de algemene vergadering, aan één of meerdere rechtspersonen worden toegewezen die niet als oogmerk hebben winst te maken en die het schaken in het algemeen bevorderen.

Titel 8 – Eindbeschikking

Artikel 45

Alle gevallen die niet in de huidige statuten zijn voorzien, worden behandeld in overeenstemming met de wettelijke en reglementaire bepalingen die van kracht zijn.

Intern Reglement van de KBSB

Goedgekeurd door de algemene vergadering van 2 juni 2012, aangepast op 1 juni 2013, op 7 december 2013, op 4 oktober 2014, op 25 februari 2017, op 27 januari 2018, op 9 november 2019, op 29 augustus 2020 en op 27 november 2021.

Overal waar ‘hij’ of ‘zijn’ staat, wordt ook ‘zij’ of ‘haar’ bedoeld

1. Dwingend karakter van het interne reglement.

Het interne reglement is opgesteld volgens de regels die door de statuten van de Koninklijke Belgische Schaakbond zijn vastgelegd. Het vervolledigt die statuten en heeft voor de effectieve, de aangesloten, de toegetreden leden, de ereleden en de aangesloten sportbeoefenaars, hetzelfde dwingende karakter als de statuten[368].

2. Het lidgeld.

De registratie van een sportbeoefenaar is geldig voor het lopende jaar (1 september – 31 augustus). In geval van registratie tussen 1 juni en 31 augustus van een jaar, zal de licentie van die sportbeoefenaar tot 31 augustus van het daarop volgende jaar lopen.

3. Bescherming van het privéleven

3.1. De KBSB voldoet sinds 25 mei 2018 aan de wettelijke en reglementaire bepalingen, in het bijzonder aan de Europese verordening van 27 april 2016.

3.2. De KBSB houdt voor elk lid een aantal gegevens bij. Er zijn 5 categorieën van velden.

·        Veld publiekrechtelijke rechtspersoon: naam, voornaam, geslacht, geboortedatum, nationaliteit, taal, enz.

·        Veld Openbare schaakinformatie: stamnummer, nationale elo, fide-id, fide elo, details van de gespeelde wedstrijden, schaaktitels, gemeenschapsfederatie, liga, club

·        Veld gefilterde persoonsgegevens: volledig adres, geboorteplaats, logbestanden

·        Veld afgeschermde schaakinformatie: betaalstatus, lidmaatschapsgeld

·        Optionele velden: e-mailadres, vast telefoonnummer, mobiel telefoonnummer, foto

3.3. De optionele velden mogen enkel worden bewaard met de goedkeuring van de speler. De speler kan op elk ogenblik om de verwijdering van de optionele velden vragen. De optionele velden waar de speler zijn goedkeuring voor heeft gegeven, zullen worden behandeld alsof ze tot de volgende categorie behoren:

·        als veld afgeschermd persoon: e-mailadres, vast telefoonnummer, mobiel telefoonnummer

·        als veld publiekrechtelijk persoon: foto.

3.4. Het bestuursorgaan kan beslissen om velden toe te voegen, te schrappen of te wijzigen. De wijzigingen gaan in van zodra ze per e-mail of via de internetsite aan de leden zijn meegedeeld.

3.5. De KBSB heeft een aantal rollen omschreven, die de toegang tot de informatie over de leden regelen. De personen die niet de hieronder omschreven rol bekleden, hebben toegang tot lezing van de openbare velden. De onderstaande rollen krijgen bijkomende rechten toebedeeld.

·        De verantwoordelijke voor het klassement en aansluitingen, de verantwoordelijke informatica en de verantwoordelijke van de nationale toernooien van de KBSB: zij beschikken over de volledige lees- en schrijfrechten over alle velden.

·        De bestuurders van de KBSB. Dit zijn alle leden van het bestuursorgaan en de gemandateerde personen. Zij hebben leesrechten op alle velden.

·        De leden van het bestuursorgaan van de gemeenschapsfederaties. Zij hebben leesrechten op de beschermde velden van hun eigen leden.

·        De leden van het bestuursorgaan van de liga’s. Zij hebben leesrechten op de beschermde velden van hun eigen leden.

·        De clubverantwoordelijke. Hij heeft leesrechten op de beschermde velden van zijn eigen aangesloten sportbeoefenaars.

·        De sportbeoefenaar. Hij heeft leesrechten op zijn velden. Hij heeft schrijfrechten op al zijn persoonlijke velden.

3.6. Vertrouwelijkheid. Elke persoon, die met goedkeuring van de KBSB toegang heeft tot niet openbare informatie, zal die informatie op vertrouwelijke wijze behandelen. In geval van overtreding kan het bestuursorgaan maatregelen nemen, zoals voorzien door de reglementen..

3.7. Beschermingsmaatregelen. Het bestuursorgaan zal de gegevens van zijn leden op adequate wijze beschermen. Vanuit de huidige situatie zullen de volgende maatregelen geleidelijk worden uitgewerkt:

·        De website zal enkel toegankelijk zijn met https: //

·        De toegang tot niet openbare informatie van de leden wordt gereglementeerd via een systeem van registratie (zie hieronder).

·        De paswoorden worden behandeld in overeenstemming met de normen die op de markt gelden.Dat houdt in dat ze niet geregistreerd worden.

·        De informatie over de aangesloten sportbeoefenaars worden bewaard op de servers met de basisgegevens die niet direct via het internet toegankelijk zijn. Er moet minstens een server tussen de twee staan.

3.8. Website van het connectiesysteem

·        Momenteel is het registratiesysteem op een login en een paswoord gebaseerd..

·        Elke gebruiker kan op elk moment een nieuw paswoord aanvragen.

·        Het bestuursorgaan mag beslissen om het inschrijvingssysteem te wijzigen. Dat kan door de regels voor paswoorden scherper te stellen, door autorisatietokens, OAuth2,… te gebruiken. De wijzigingen worden aan alle geregistreerde gebruikers meegedeeld en treden 10 dagen na de aankondiging in werking.

3.9. Verklaring van instemming

·        De nieuw aangesloten sportbeoefenaars zullen een verklaring van instemming ondertekenen, die de rechten en plichten over het gebruik van de gegevens met een persoonlijk karakter binnen de KBSB regelt. De nieuw aangesloten sportbeoefenaars worden enkel als lid aanvaard, als ze de verklaring van instemming effectief ondertekenen.

·        Voor de huidige leden zal het bestuursorgaan een haalbare planning opstellen om de verklaring van instemming te laten ondertekenen. De huidig aangesloten sportbeoefenaars die de verklaring van instemming niet wensen te ondertekenen, zullen hun lidmaatschap op het einde van het lopende boekjaar niet meer kunnen verlengen.

3.10. Methode die de aangesloten sportbeoefenaar in staat stelt om zijn gegevens te wijzigen en de verklaring van instemming goed te keuren. Het bestuursorgaan overweegt om het volgende systeem operationeel te maken

·        De aangesloten sportbeoefenaar die een e-mailadres heeft geregistreerd, gebruikt het registratiesysteem op het internet. Eenmaal hij ingelogd is, zal hij de mogelijkheid hebben om het formulier voor wijziging of de verklaring van instemming aan te vullen en die aanvullingen elektronisch te bevestigen.

·        Voor de aangesloten sportbeoefenaar die geen e-mailadres heeft geregistreerd, zullen de clubverantwoordelijken het recht hebben om het formulier van wijziging of de verklaring van instemming via de website verder aan te vullen, op voorwaarde dat ze het overeenkomstige formulier afdrukken en het door de speler laten ondertekenen. Het getekende formulier wordt gescand en op de website van de KBSB geüpload. Zolang dit formulier niet wordt ontvangen, is het ook niet van kracht.

3.11. De wijzigingen die door de verantwoordelijke klassement en aansluitingen of door de verantwoordelijke informatica aan de persoonsgegevens worden aangebracht, worden meegedeeld

·        aan de aangesloten sportbeoefenaar als het e-mailadres is geregistreerd en actief is

·        aan de club, in de andere gevallen. De club dient er dan de aangesloten sportbeoefenaar over in te lichten.

3.12. Voor de sportbeoefenaars die geen lid meer van de KBSB zijn (stopzetting lidmaatschap, overlijden), schrapt de KBSB de persoonlijke details. De schaakgegevens worden evenwel bewaard, om de integriteit van de behandeling van de partijen en het klassement niet in het gedrang te brengen. Het is ook mogelijk dat door de integriteit van de back-ups sommige persoonlijke gegevens in de back-ups blijven staan. De KBSB zal deze persoonlijke gegevens verwijderen, zodra de back-ups in de actieve database zijn hersteld.

3.13. Overgangsmaatregelen. Het bestuursorgaan kan beslissen om specifieke overgangsmaatregelen te nemen. Die zullen op de website worden aangekondigd.

4. Organisatie en machten.

Elke bestuurder mag zich naar eigen keuze uitdrukken in een van de drie landstalen. Elke bestuurder heeft een passieve kennis van minstens twee van de drie landstalen.

5. Het bestuursorgaan.

De vereniging wordt door het bestuursorgaan bestuurd, dat uit een door de algemene vergadering verkozen voorzitter en bestuurders bestaat.

Het vergadert minstens een keer per trimester.

Het heeft de meest uitgebreide macht voor het leiden en besturen van de vereniging[369] met uitzondering van wat door de statuten of de wet expliciet voorbehouden is aan de algemene vergadering.

Het benoemt intern een ondervoorzitter, een secretaris, een penningmeester, een secretaris-generaal, een verantwoordelijke nationale toernooien, een jeugdverantwoordelijke, een verantwoordelijke klassement en aansluitingen, een verantwoordelijke informatica, een internationaal verantwoordelijke senioren, een verantwoordelijke internationale uitzendingen jeugd, een verantwoordelijke arbitrage, een verantwoordelijke communicatie en een verantwoordelijke FIDE en ECU. Die functies worden bij voorkeur niet gecumuleerd en dienen bij voorkeur door een door de algemene vergadering verkozen bestuurder te worden uitgeoefend.

De kandidaat vice-voorzitters worden door de gemeenschapsfederaties voorgedragen, een per federatie, uit de lijst van de bestuurders van de vereniging. De vice-voorzitter wordt verkozen uit de lijst van bestuurders die geen lid zijn van de gemeenschapsfederatie waar de voorzitter lid van is.

Het bestuursorgaan kan bepaalde specifieke taken die onder haar bevoegdheid vallen tijdelijk aan een gemachtigd persoon toevertrouwen. Die moet een overeenkomst tekenen waarin onder andere zijn activiteiten staan omschreven. Binnen het bestuursorgaan blijft evenwel de bevoegde bestuurder verantwoordelijk voor de taak die door de gemachtigde persoon wordt uitgeoefend.

Het bestuursorgaan kan een afgevaardigde bij het B.O.I.C., een jurist, een vertegenwoordiger van de getitelde sportbeoefenaars en een vertegenwoordiger van de vrouwen aanstellen. Die functies mogen hetzij door een bestuurder, hetzij door een door het bestuursorgaan gemachtigd persoon worden bekleed. Die functies mogen worden gecumuleerd, al gebeurt dit bij voorkeur niet.

De door het bestuursorgaan gemachtigde personen worden altijd op de vergaderingen uitgenodigd en hebben er een raadgevende stem.

Het bestuursorgaan kan, indien het dit nodig acht, andere functies creëren.

6. Werking van het bestuursorgaan.

a) Vergaderingen – Uitnodigingen.

De uitnodigingen worden ten minste acht dagen voor de voorziene datum per elektronische briefwisseling door de secretaris verstuurd. Ze bevat de agenda van de vergadering, het verslag van de bestuurders en de punten die door de bestuurders worden aangevraagd.

Elk lid van het bestuursorgaan stuurt een verslag en de voorstellen die hij wenst voor te leggen aan de vergadering, naar de secretaris.

De aanvragen die aankomen na het versturen van de dagorde worden in principe verschoven naar de volgende vergadering, behalve indien de aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders er bij gewone meerderheid anders over beslissen.

Elke punt dat op de agenda wordt geplaatst, valt onder de verantwoordelijkheid van de auteur. In geval van afwezigheid, zal het punt niet in overweging worden genomen.

Het verslag van een vergadering via elektronische weg, met de uitslag van de stemming, zal worden weergegeven in het verslag van de daaropvolgende gewone vergadering.

b) Besluiten.

De vergaderingen van het bestuursorgaan worden door de voorzitter van de vereniging geleid. In geval van afwezigheid door de voorzitter zijn de artikels 11 en 12 van het voorliggende reglement van toepassing.

Met uitzondering van de gevallen voorzien in de statuten worden alle beslissingen genomen bij gewone meerderheid van stemmen. Onthoudingen en blanco stemmen worden niet meegeteld bij bepaling van de meerderheid.

c) Verslag van de vergaderingen.

Van elke vergadering wordt een verslag opgemaakt. Het wordt binnen 7 dagen per elektronische briefwisseling naar de leden van het bestuursorgaan opgestuurd.

Elke opmerking op het verslag of over een beslissing van het bestuursorgaan moet binnen de week na ontvangst van het verslag worden ingediend, tenzij een bestuurder binnen die week om een uitstel heeft verzocht.

Vervolgens wordt een verslag per elektronische briefwisseling op de website van de vereniging gepubliceerd. De definitieve goedkeuring vindt plaats op de volgende vergadering van het bestuursorgaan. Elke bestuurder die tegen een gestemde beslissing is, mag vragen dat zijn verzet in het verslag wordt opgenomen.

d) Volmachten

Een bestuurder kan indien hij verhinderd is op de vergadering van het bestuursorgaan een volmacht geven aan een andere bestuurder. Een bestuurder kan maar over één volmacht beschikken per vergadering. Hij kan enkel stemmen over die punten die bij de uitnodiging op de agenda zijn geplaatst. De volmacht dient minstens een uur op voorhand schriftelijk of per elektronische briefwisseling aan de andere bestuurders kenbaar te worden gemaakt. Een dergelijke volmacht geldt als vertegenwoordiging van de bestuurder.

7. De commissie van internationale scheidsrechters.

De Commissie voor Internationale Scheidsrechters (CIS) is samengesteld uit de internationale arbiters en de FIDE-arbiters, die bij een van de clubs die lid zijn van de vereniging, zijn aangesloten, die een FIDE-licentie hebben en die in België actief zijn, voor zover ze niet te kennen hebben gegeven dat ze geen lid van de CIS wilden zijn. Om als actief in België te worden beschouwd, moet een arbiter gedurende de twee voorgaande jaren in België een activiteit hebben uitgeoefend, waarbij o.a. de documenten IT3 of “Arbiters Records” van het “FIDE Chess Profile” als basis dienen.

Haar voorzitter wordt door het bestuursorgaan aangeduid.

De taken van de Commissie bestaan erin: − een advies te geven aan de verantwoordelijke arbitrage, die beslist over:: de aanvragen om nationaal arbiter klasse A (NA) te worden; de aanvragen om FIDE (FA) of Internationaal Arbiter (IA) te worden. de aanvragen om bij de internationale arbiters in een hogere categorie te worden ingedeeld

·                  de kwaliteit van de arbiters te verbeteren en hun promotie te verzekeren. Het verslag van de CIS dat de nodige certificaten en het gemotiveerde advies bevat, wordt voor het begin van de volgende vergadering naar het bestuursorgaan doorgestuurd.

De vergaderingen van de CIS worden belegd door haar voorzitter. De voorzitter van de CIS duidt de wedstrijdleiders aan voor de nationale interclubkampioenschappen en roept regelmatig de Commissie bijeen. Hij woont de vergaderingen van het bestuursorgaan met raadgevende stem bij.

De vergaderingen van de commissies worden ten minste een keer per jaar door haars voorzitters belegd. Ten minste één van die jaarlijkse vergaderingen moet plenair zijn, de andere kunnen elektronisch worden afgehandeld. In het laatste geval mogen geen beslissingen worden genomen over personen. De datum van een vergadering wordt vastgesteld op basis van de behandeling van het advies van het bestuursorgaan en de uiterste datum waarop het besluit moet worden genomen. Het bestuursorgaan kan, indien zij dit nodig acht, de voorzitter van de Commissie opdragen om, indien nodig, extra plenaire vergaderingen of vergaderingen langs elektronische weg bijeen te roepen. Een afwezig lid kan zich op een plenaire vergadering laten vertegenwoordigen, indien hij de voorzitter van de Commissie hiervan vooraf schriftelijk op de hoogte stelt. Een lid dat aanwezig is op een plenaire vergadering mag niet meer dan één volmacht dragen. In een plenaire vergadering besluit de Commissie bij gewone meerderheid van stemmen; blanco of ongeldige stemmen worden niet in aanmerking genomen voor de berekening van de meerderheden; bij staking van stemmen wordt het voorstel verworpen. De Commissie kan in de plenaire vergadering geldige besluiten nemen indien alle leden zijn uitgenodigd en meer dan de helft van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Als er per e-mail moet worden gestemd, moet het verzoek om een stemming naar alle leden worden gestuurd met een specifieke termijn en is eenparigheid van stemmen vereist. Leden met een belangenconflict moeten dit van tevoren melden en mogen niet stemmen. De zaak over een persoon kan niet in een vergadering langs elektronische weg worden behandeld.

8. De geschillencommissie.

a. De samenstelling, de bevoegdheid en de werking van de geschillencommissie (GC) zijn door de statuten en het voorliggende interne reglement vastgelegd.

b. De GC is samengesteld uit twee leden die door elk van de Gemeenschapsfederaties zijn aangeduid. Elke Gemeenschapsfederatie duidt tevens een reservelid aan. De identiteit van de leden wordt door elke Gemeenschapsfederatie aan het bestuursorgaan meegedeeld, telkens zich een wijziging voordoet. De leden worden voor twee jaar aangesteld en hun mandaat is hernieuwbaar.

c. De leden van het bestuursorgaan van de vereniging kunnen geen deel uitmaken van de GC.

d. De Commissie wordt voorgezeten door het lid dat de hoogste titel van arbiter draagt en, bij gelijkheid van titel door de oudste in leeftijd. Nochtans kunnen de leden van de Commissie er voor kiezen het voorzitterschap toe te vertrouwen aan de oudste van de doctors in de rechten of licentiaten of masters in de rechten, die er lid van zouden zijn.

e. De Commissie behandelt de zaken die haar zijn voorgelegd en die gedekt zijn overeenkomstig de bevoegdheden haar toegekend zoals bepaald in artikel 38 van de statuten.

f. Wanneer een lid van de GC, lid is van een betrokken club of zelf betrokken is, dan zal het lid dat al als vervanger is door zijn Gemeenschapsfederatie is aangeduid, hem vervangen.

g. De verantwoordelijke nationale toernooien (in voorkomend geval, de nationale jeugdleider) of zijn vervanger, evenals de betrokken partijen zullen altijd worden uitgenodigd om door de GC te worden gehoord.

h. Elke klacht bij de GC moet, binnen de 15 kalenderdagen volgend op de bekendmaking of de publicatie van de betwiste beslissing, bij de secretaris- generaal van de vereniging worden ingediend en een duidelijke en gedetailleerde weerlegging van die betwiste beslissing inhouden.

i. Een waarborg, waarvan het bedrag elk jaar op voorhand door het bestuursorgaan wordt vastgelegd[370], dient binnen dezelfde termijnen als in h op de rekening van de vereniging te worden overgeschreven, behalve als de klager het bestuursorgaan zelf is. Deze waarborg wordt slechts terugbetaald wanneer de klacht geheel of gedeeltelijk ontvankelijk is[371].

j. Zodra zowel de klacht als de waarborg worden ontvangen, stuurt de secretaris-generaal de zaak naar de GC door.

k. De GC vergadert al naargelang de omstandigheden vereisen, op initiatief van hetzij haar voorzitter, hetzij de voorzitter van de vereniging, hetzij van de secretaris-generaal van de vereniging.

l. De GC behandelt de zaken die haar zijn voorgelegd met spoed. Als ze geen beslissing kan nemen dan zal ze de secretaris-generaal verwittigen.

m. Om geldig te besluiten moet minstens de helft van de leden van de GC aanwezig zijn.

n. Als de GC geen beslissing neemt binnen de drie maand nadat ze de klacht ontvangen heeft wordt de klacht als verworpen beschouwd, nochtans zal dan de waarborg worden terugbetaald.

o. De voorzitter van de GC zal ieder jaar aan de gewone Algemene Vergadering een verslag voorleggen van de behandelde zaken.

9. De beroepscommissie.

a. De samenstelling, de bevoegdheid en de werking van de Beroepscommissie (BC) zijn door de statuten en voorliggend intern reglement vastgelegd.

b. De BC is samengesteld uit twee leden die door elke gemeenschapsfederatie zijn aangeduid. Elke gemeenschapsfederatie duidt tevens een reservelid aan. De identiteit van de leden wordt door elke gemeenschapsfederatie medegedeeld aan het bestuursorgaan telkens zich een wijziging voordoet. De leden worden voor twee jaar aangesteld en hun mandaat is hernieuwbaar.

c. De leden van het bestuursorgaan van de vereniging kunnen geen deel uitmaken van de BC.

d. De Commissie wordt voorgezeten door het lid dat de hoogste titel van arbiter draagt en, bij gelijkheid van titel, door de oudste in leeftijd. Nochtans kunnen de leden van de Commissie er voor kiezen het voorzitterschap toe te vertrouwen aan de oudste van de doctors in de rechten of licentiaten of masters in de rechten, die er lid van zouden zijn.

e. De Commissie behandelt de zaken die haar zijn voorgelegd en die gedekt zijn overeenkomstig de bevoegdheden haar toegekend zoals bepaald de statuten[372].

f. Wanneer een lid van de BC, lid is van een betrokken club of zelf betrokken is, dan zal het lid dat al als vervanger is door zijn Gemeenschapsfederatie is aangeduid, hem vervangen.

g. Een betrokken lid van het bestuursorgaan of zijn vervanger, evenals de betrokken partijen worden altijd uitgenodigd om door de BC te worden gehoord.

h. Elke klacht bij de BC moet, binnen de 15 kalenderdagen volgend op de notificatie of de publicatie van de betwiste beslissing, te worden ingediend bij de secretaris- generaal van de vereniging en een duidelijke en gedetailleerde weerlegging in te houden van die betwiste beslissing.

i. Een waarborg, waarvan het bedrag elk jaar op voorhand door het bestuursorgaan wordt vastgelegd[373], dient binnen dezelfde termijnen als in h op de rekening van de vereniging te worden overgeschreven, behalve als de klager het bestuursorgaan zelf is. Deze waarborg wordt slechts terugbetaald wanneer de klacht geheel of gedeeltelijk ontvankelijk is.

j. Zodra zowel de klacht als de waarborg worden ontvangen, stuurt de secretaris-generaal de zaak naar de BC door.

k. De BC vergadert al naargelang de omstandigheden vereisen, op initiatief van hetzij haar voorzitter, hetzij de voorzitter van de vereniging, hetzij van de secretaris-generaal van de vereniging.

l. De BC behandelt de zaken die haar zijn voorgelegd met spoed. Als ze geen beslissing kan nemen dan zal ze de secretaris-generaal verwittigen.

m. Om geldig te besluiten moet minstens de helft van de leden van de BC aanwezig zijn.

n. Als de BC geen beslissing neemt binnen de drie maand nadat ze de klacht ontvangen heeft wordt de klacht als verworpen beschouwd, nochtans zal dan de waarborg worden terugbetaald.

o. De voorzitter van de BC zal ieder jaar aan de gewone Algemene Vergadering een verslag voorleggen van de behandelde zaken.

10. Bewaring van de documenten

Elke bestuurder en gemachtigde is verplicht om zijn documenten te bewaren op de opslagplaatsen van de vereniging. Elke bestuurder heeft toegang en leesrechten op de inhoud van alle mappen op de drive van de andere beheerders.

11. De voorzitter

a) De voorzitter zit het bestuursorgaan en de algemene vergaderingen voor.

b) Hij stelt de algemene politiek van de KBSB voor en heeft dienaangaande een overkoepelende bevoegdheid die hij uitoefent in samenspraak met zijn collega’s bestuurders die elkaar regelmatig dienen te informeren.

c) Hij ziet steeds en op alle manieren toe op het welzijn van de vereniging.

d) Hij roept de algemene vergaderingen samen.

e) Hij roept zo nodig de buitengewone algemene vergaderingen samen.

f) Hij vertegenwoordigt de vereniging bij alle manifestaties waar deze uitgenodigd is en wenst aanwezig te zijn.

g) De voorzitter kan een persoon mandateren om hem te vervangen in een specifiek geval. Enkel deze gemandateerde persoon mag spreken namens de vereniging.

12. De vice-voorzitter.

De ondervoorzitter vervangt automatisch de voorzitter bij diens afwezigheid of verlet en heeft alle bevoegdheid. Als zowel de voorzitter als de ondervoorzitter afwezig of belet zijn worden zij automatisch vervangen door de bestuurder met de hoogste anciënniteit. Bij gelijke anciënniteit wordt de voorkeur gegeven aan de oudste.

13. De secretaris-generaal

a) De secretaris-generaal is met het dagelijkse beheer en de correspondentie van de vereniging belast.

b)Hij ziet toe op de strikte naleving van de statuten en het interne reglement, en stelt, indien nodig, wijzigingen aan die reglementen voor.

c)Hij ziet toe op de goede onderlinge communicatie tussen de leden van het bestuursorgaan.

d)Hij ziet toe op de goede werking van de GC en de BC en richt zo nodig nieuwe commissies op indien de goede werking van de KBSB dit vereist.

e) Hij legt de samenstelling van het bestuursorgaan, de statuten en de jaarrekening bij griffie neer.

14. De secretaris

a) Le secretaris staat in voor de beschikbaarheid van de archieven van de vereniging op de drive van de vereniging en op de website.

b) Hij stelt de agenda en de uitnodiging van alle vergaderingen op en zorgt voor de tijdige verzending ervan.

c) Hij stelt de verslagen op van de vergaderingen van het bestuursorgaan en de algemene vergadering en bewaart ze. De verslagen van de vergaderingen zijn opgesteld in de moedertaal van de secretaris. Hij is verantwoordelijk voor de vertaling en de verspreiding ervan. De vertaling kan hij aan een andere bestuurder of aan een daartoe gemachtigd persoon uitbesteden.

d) Hij houdt een register bij van de aanwezigheden op de vergaderingen.

e) Hij houdt het ledenregister, het bestuurdersregister en het UBO-register bij en leeft daarbij de wettelijke voorschriften na.

15. De penningmeester

a) De penningmeester ontvangt de lidgelden en, in het algemeen, alle sommen die verschuldigd zijn of niet uit hoofde van welke titel ook aan de vereniging.

b) Hij voert alle regelmatige opgedragen betalingen uit, in overeenstemming met het budget dat door de algemene vergadering is goedgekeurd.

c) Hij stelt een project van budget op die na eerst aan het bestuursorgaan te zijn voorgelegd, aan de algemene vergadering wordt voorgelegd.

d) Hij stelt op het einde van elk boekjaar de winst- en verliesrekeningen en de balans van de vereniging op, en legt dit ter goedkeuring aan de algemene vergadering voor, na dit aan de rekeningtoezichters of rekeningcommissarissen te hebben voorgelegd .

e) Hij geeft aan elke bestuurder die hierom verzoekt, toegang en leesrechten op alle rekeningen van de vereniging en zorgt ervoor dat minstens één andere bestuurder (bij voorkeur de voorzitter of de secretaris-generaal) te allen tijde controle kan uitoefenen op de verrichtingen op alle rekeningen.

f) Hij is gehouden de financiële situatie en de verschuldigde sommen van de vereniging op elke vergadering van het bestuursorgaan voor te leggen.

g) hij houdt de boekhouding van de vereniging bij in overeenstemming met de regels die op vzw’s van toepassing is.

16. De Verantwoordelijke nationale toernooien (VNT)

a) De Verantwoordelijke Nationale Toernooien staat in voor de organisatie van de nationale interclubs, de individuele kampioenschappen voor volwassenen en elk ander toernooi of kampioenschap dat de vereniging inricht, met uitzondering van de toernooien specifiek bestemd voor jongeren.

b) Hij beheert, verwerkt en publiceert alle resultaten behaald tijdens voornoemde manifestaties.

c) Hij controleert de aansluiting van elke speler ingeschreven voor een competitie ingericht door de KBSB.

d) Hij stelt, indien nodig, wijzigingen aan het toernooireglement voor.

17. De verantwoordelijke klassement en aansluitingen.

a) De verantwoordelijke klassement en aansluitingen heeft de verantwoordelijkheid over alles wat betreft de klassering van de spelers. Hij waakt erover dat het klassement de juiste weergave geeft van de resultaten van de aangesloten spelers.

b) Hij beheert de aansluitingen van de clubs en van de aangesloten sportbeoefenaars.

c)Het technisch gedeelte van het klassement of de aansluitingen kan hij, onder zijn verantwoordelijkheid, delegeren aan een door het bestuursorgaan gemandateerd persoon

d) Hij beheert de gegevens voor het internationaal klassement, samen met de Verantwoordelijke FIDE en ECU.

18. De nationale jeugdleider.

a) De nationale jeugdleider heeft, voor alle jeugdactiviteiten, dezelfde bevoegdheden en verplichtingen zoals omschreven in artikel 16 voor de Verantwoordelijke nationale toernooien.

b) Het begrip jeugd is omschreven door de FIDE[374].

c) Hij coördineert de activiteiten van jeugdgroeperingen die aangesloten zijn bij de vereniging.

19. De internationale verantwoordelijke

a) Met uitzondering van de jeugd, coördineert en superviseert de internationaal verantwoordelijke alle internationale uitzendingen voor heren en dames.

b) Hij duidt, overeenkomstig het reglement, de vertegenwoordigers van de vereniging aan voor internationale individuele competities of voor manifestaties en hij stelt elke nationale ploeg samen.

20. De verantwoordelijke internationale uitzendingen jeugd.

a) De verantwoordelijke internationale uitzendingen jeugd is met de uitvoering en organisatie van de uitzendingen van de jeugd en eventuele begeleiders voor de internationale toernooien belast, overeenkomstig de wedstrijdreglementen.

b) Hij stelt tijdig het programma van de uitzendingen op.

c) Hij onderhoudt het contact met de toernooiorganisaties.

d) Hij onderhoudt het contact met de deelnemers en de ouders.

e) Hij organiseert de reizen en de verblijven ter plaatse.

f) Hij stelt de lijst van de geselecteerde spelers samen en, na oproep aan de kandidaten, de begeleiders voor de verschillende delegaties.

g) Hij stelt aan het bestuursorgaan de deelname aan internationale toernooien voor van jongeren die niet door het toernooireglement zijn weerhouden.

21. De verantwoordelijke informatica.

a) Hij beheert de websites, de domeinnamen en de adressen voor elektronische briefwisseling van de vereniging.

b) Hij coördineert de ontwikkelingen inzake informatica die door de vereniging zijn verwezenlijkt.

c) Hij evalueert het nodige aan informatica van de vereniging en brengt de nodige verbeteringen aan.

22. De verantwoordelijke communicatie.

a) De verantwoordelijke communicatie is met de verspreiding in de pers belast van de informatie over de activiteiten van de KBSB, en meer bepaald van de resultaten van de competities die door de KBSB worden georganiseerd.

b) De verantwoordelijke communicatie is met de relaties van de KBSB met de zakenwereld en de publieke autoriteiten belast.

23. Verantwoordelijke FIDE en ECU

a) De Verantwoordelijke FIDE en ECU volgt de betrekkingen van de vereniging met de FIDE en de ECU op.

b) Hij stelt het bestuursorgaan en de leden van de vereniging in kennis van de besluiten en activiteiten van de FIDE en van de ECU en wint het advies van het bestuursorgaan in over de besluiten die op het niveau van de FIDE en de ECU moeten worden genomen. Hij brengt verslag uit over de aangegane verbintenissen.

c) Hij vertegenwoordigt België op het FIDE-congres. Als hij niet in staat is het FIDE-congres persoonlijk bij te wonen, zal hij dit tijdig melden aan het bestuursorgaan, dat indien nodig voor zijn vervanging zal zorgen.

d) Hij wisselt informatie met de FIDE en met de ECU uit over leden, normen, titels en toernooien. Hij is de officiële contactpersoon voor coaches bij de FIDE.

e) Hij beheert de gegevens voor de internationale ranglijst met de Verantwoordelijke klassement en aansluitingen.

f) Hij stuurt de aanvragen voor internationale titels die door het bestuursorgaan zijn goedgekeurd, naar de FIDE door.

g) Hij bereidt de aanmeldingen voor voor alle toernooien die in samenwerking met de Verantwoordelijke klassement en aansluitingen dienen te worden georganiseerd.

24. De verantwoordelijke arbitrage

a) Hij is de voorzitter van de vergaderingen van de CIS.

b) Hij benoemt de scheidsrechters voor de wedstrijden in de eerste divisie van de nationale interclubs. Voor de start van de nationale interclubs doet hij jaarlijks een beroep op alle scheidsrechters (NA, FA, IA) die in het bezit zijn van een FIDE-licentie. Bij voldoende beschikbaarheid zal hij voorrang geven aan scheidsrechters die een norm wensen te halen, op voorwaarde dat ze hem voor het begin van het seizoen daarover op de hoogte hebben gebracht.

c) Hij kan ook een scheidsrechter voor de lagere divisies aanstellen als de clubs daarom vragen of als het verzoek afkomstig is van de Verantwoordelijk nationale toernooien.

d) Hij stelt opleidingen aan de scheidsrechters voor om hun niveau te verbeteren.

25. De BOIC-afgevaardigde

De BOIC-afgevaardigde is met het onderhouden van de relaties tussen de KBSB en het BOIC belast.

26. De jurist

a) Hij treedt op als raadgever van het bestuursorgaan voor alle problemen van juridische aard.

b) Op verzoek van het bestuursorgaan, controleert hij de juridische correctheid van de reglementen van de vereniging.

27. De ombudsman.

De ombudsman komt tussen als bemiddelaar in geschillen tussen de KBSB en de gemeenschapsfederaties, de liga’s of derden. De ombudsman onderzoekt klachten over de handelingen en de werking van de diensten van de KBSB en treedt daarbij bemiddelend op. Hij moet dus proberen “de standpunten van de klager en de KBSB te verzoenen” en heeft dus een buitengerechtelijke taak. Hij is onpartijdig en onafhankelijk.

Als er een klacht binnenkomt die hij niet kan behandelen, dan moet de ombudsman de klager doorverwijzen. In klachten kunnen structurele problemen zichtbaar worden die “dossier-overschrijdend” zijn. De ombudsman heeft als opdracht, op grond van dergelijke klachten, voorstellen en aanbevelingen te formuleren om de taken van het bestuursorgaan te verbeteren. Op basis van zijn bevindingen over de werking van de administratie brengt hij verslag uit aan het bestuursorgaan en doet hij aanbevelingen

Hij stelt jaarlijks een schriftelijk verslag op dat aan de jaarlijkse statutaire algemene vergadering van de vereniging wordt voorgelegd. Klachten kunnen bij schriftelijk of per elektronische briefwisseling worden meegedeeld. Als een klager op basis van dezelfde feiten een beroepsprocedure start, schort de ombudsman de behandeling van de klacht op.

De ombudsman is bereikbaar op het elektronische adres dat op de website van de KBSB staat vermeld.

28. De afgevaardigde van de getitelde sportbeoefenaars.

De afgevaardigde van de getitelde sportbeoefenaars wordt ten minste om de drie jaar door de sportbeoefenaars met een FIDE-titel (IGM, IM, FM, WGM, WIM, WFM) voorgedragen en hij behartigt hun belangen. Hij wordt door het bestuursorgaan aangesteld.

29. De vertegenwoordiger dames.

De vertegenwoordiger dames wordt ten minste om de drie jaar door de speelsters die bij de KBSB zijn aangesloten, voorgedragen en hij behartigt hun belangen.

30. Het vermogen.

De penningmeester laat in naam van de vereniging een of meerdere rekeningen laten openen waarvoor, tot een grensbedrag bepaald door het bestuursorgaan enkel zijn handtekening vereist is, en anders de gezamenlijke handtekening van twee der volgende bestuurders: de voorzitter, de secretaris en hij zelf.

31. Contact met de FIDE en de ECU

De KBSB is bij de FIDE (Fédération Internationale des Echecs = Wereldschaakbond).en de ECU (European Chess Union) aangesloten.

32. Het adres van de website en de e-mailadressen.

Het adres van de website is https://www.frbe-kbsb-ksb.be. Het e-mailadres van de bestuurders en gemachtigde personen is voornaam.naam@frbe-kbsb-ksb.be.

33. Zetel

Het adres van de zetel van de vereniging is F. Vekemansstraat 131, 1120 Neder-Over-Heembeek

KBSB bestuur

Bestuurders

Voorzitter, Verantwoordelijke Kadervorming, Voorzitter van de CIS,

BAILLEUL Geert, 059 506 535, 0478 233 183, geert.bailleul@frbe-kbsb-ksb.be , geertbailleul@skynet.be

Ondervoorzitter, Secretaris Generaal, Penningmeester a.i.

WERY Laurent, 0491 736871, laurent.wery@frbe-kbsb-ksb.be

Verantwoordelijke Nationale Toernooien, FIDE vertegenwoordiger, FIDE contactpersoon, Wedstrijdreglementen

CORNET Luc, 0474 995.274, luc.cornet@telenet.be

Verantwoordelijke Nationale Jeugd, Communicatie

VUKOJEVIC Philippe, 0497 166318, philippe.vukojevic@frbe-kbsb-ksb.be

Verantwoordelijke Internationale Jeugd

DARDHA Arben, 0472 92 08 82, Email: ben.dardha@telenet.be

Verantwoordelijke website en informatica

DECROP Ruben, 0477 571 313, ruben@decrop.net

Secretaris, Verantwoordelijke Vademecum

MALFLIET Bernard, Kattenbroekstraat 1, 9310 Moorsel, 0471 98.33.87,  bernard_malfliet@hotmail.com

Medewerkers

Software en administratie – VANHERCKE Jan – jan.vanhercke@frbe-kbsb-ksb.be

Ombudsman – OGER Daniel – daniel.oger@frbe-kbsb-ksb.be

Ereleden

GHYSELS Chris,

+ DE RIDDER Dirk

HALLEUX Daniel

+ DOUHA Henri

OGER Daniel

GOORMACHTIGH Marcel

+ BREDA André

+ VAN ACKER Noël

+ JANSSENS Jean.

Commissie voor Geschillen

voorzitter : DENEYER Frank (FEFB), frankdeneyer@hotmail.com

GOORIS Jan (VSF), Tel 015/336 784, GSM 0499/720 015, gooris.vandeyck@telenet.be

LENTZ Jozef (SVDB), 080/549 008 – joseph.lentz@skynet.be

BAERT Bart (VSF), 0471 680 275, bart.baert@gmail.com

ZILLES Paul (SVDB), paul.zilles@unitedtelecom.be

D’ELIA Michèle (FEFB), michele19delia61@gmail.com

Beroepscommissie

voorzitter : BILS Marc (VSF), 016/203014, marc.bils@telenet.be

TEMMERMAN Hans (VSF), 053/623.331, 0479/984.293, Hans.Temmerman@nbb.be

GROBELNY Fabrice (FEFB), 071/957.497, 0474/32.98.48, grobelny_fabrice@voo.be

LOO Bernd (SVDB), 087/74.33.85, 0495/21.27.28, bernd.loo@skynet.be

HEUVELMANS Laetitia (FEFB), 081/73.02.95, 0473/79.79.85, laetitia.heuvelmans@euphonynet.be

THIRY Jean-Christophe (FEFB), 04/252 03 72, 0472/26 42 14, jc.thiry@gmail.com

DE GENT Tom (VSF), 0498 885 822, tom.de.gent@telenet.be

MEESSEN Rudolf (SVDB), 0473 230 788, rudolf.meessen@skynet.be

Wedstrijdreglement van de KBSB

Goedgek. door de Bijzondere Algemene Vergadering (BAV) van 20 juni 2009. Goedgek. door de Algemene Vergadering (AV) van 20 maart 2010. Goedgek. door de BAV van 15 Januari 2011. Goedgek. door de BAV van 18 juni 2011. Goedgek. door de RvB van 4 september 2011. Goedgek. door de BAV van 26.11.2011. Goedgek. door de BAV van 2 juni 2012. Goedgek. door de BAV van 1 juni 2013. Goedgek. door de AV van 7 december 2013. Goedgek. door de BAV van 2 augustus 2014, verwerkt door de RvB van 23 augustus 2014. Goedgek. door de AV van 4 oktober 2014. Goedgek. door de BAV van 6 juni 2015.Goedgek. door de AV van 17 oktober 2015. Goedgek. door de AV van 22 oktober 2016. Goedgek. door de BAV van 25 februari 2017. Goedgek. door de RvB (eensluidendheid nl/fr teksten +ARTT. 35 en 38) op 1 juli en 2 september 2017. Goedgek. door de AV van 18 november 2017. Goedgek. door de AV van 20 oktober 2018, de AV van 9 November 2019, de AV van 29 augustus 2020, en de BAV van 13 februari 2021.

Huidige versie goedgekeurd op 27 november 2021 door de AV

Algemene schikkingen

Artikel 1 – Omschrijving van de bevoegdheden

a.     De nationale competities, evenals de vertegenwoordiging van België op alle internationale wedstrijden, behoren uitsluitend tot de bevoegdheid van de Koninklijke Belgische Schaakbond.

b.     Het bestuursorgaan is belast met de materiële organisatie van al deze competities. Het bestuursorgaan kan zijn bevoegdheden geheel of gedeeltelijk overdragen aan een culturele federatie, aan een fysiek of aan een moreel persoon.

c.     Voor spelers of speelsters die om een uitzondering verzoeken op de bepalingen van onderhavig reglement, kan het bestuursorgaan, op voorstel van de betrokken bestuurder eventueel een uitzondering toestaan en deze motiveren aan de eerstvolgende A.V. Daarbij zal het bestuursorgaan, in de mate van het mogelijke, in de eerste plaats de verdienste en inzet van de betrokken speler bij het schaakleven in België in aanmerking nemen. De speler of speelster die om deze uitzondering verzoekt, dient een duidelijke motivering te sturen aan de verantwoordelijke bestuurder, er zal ontvangst van gemeld worden

d.     Spelers of speelsters of begeleiders of officials (trainers, arbiters, organisators,…) die namens de KBSB afgevaardigd worden op een internationaal toernooi of die door de KBSB dienen ingeschreven te worden voor een internationaal toernooi of cursus, alsook de spelers of speelsters of officials die een norm wensen te registreren bij de FIDE of die een titel wensen aan te vragen bij de FIDE, dienen voorafgaand aan de behandeling van hun dossier door de bevoegde bestuurder of medewerker een recente foto te bezorgen aan de bevoegde bestuurder of medewerker in het door het BO bepaalde formaat[375]. Deze verplichting is niet nodig als er reeds een recente foto op de website van de FIDE en KBSB beschikbaar is.

e.     De verantwoordelijke Nationale Toernooien, de nationale jeugdleider, de verantwoordelijke Internationale Toernooien, de verantwoordelijke internationale jeugduitzendingen en de verantwoordelijke arbiters, ieder in hun gebied, zijn, in overleg met het BO, belast met de uitvoering en handhaving van dit reglement alsmede het beslissen in alle geschillen en onvoorziene gevallen welke zich ter zake mochten voordoen.

Artikel 2 – Spelregels en spelvoorwaarden

a.     De spelregels zijn deze van de F.I.D.E.

b.     Voor elke competitie worden de reglementen en voorwaarden duidelijk omschreven. In deze voorwaarden worden opgenomen het minimum prijzenfonds en de vereisten waaraan het speelmateriaal, de speelzaal en het verblijf van despelers moeten voldoen.

c.     In elke officiële competitie geldt rookverbod in de speelzaal.

d.     In gesloten (round-robin) kampioenschappen waar normen kunnen behaald worden, zal de organisatie een tafel op een veilige plaats voorzien waar alle deelnemers al hun mobiele telefoons of ander elektronisch communicatiemiddelen op eigen risico kunnen achterlaten. Indien wordt vastgesteld dat een speler tijdens zijn partij nog zo’n toestel in het spelersgebied (maar niet op die tafel) heeft, dan verliest hij de partij en zijn tegenstander wint.

In andere kampioenschappen mag een speler tijdens zijn partij een mobiele telefoon of ander elektronisch communicatiemiddel uitgeschakeld op eigen risico in de speelzaal meebrengen, maar hij mag deze niet op zich dragen. Mogelijke voorbeelden zijn langs het bord, in zijn jas (die aan de kapstok of aan zijn stoel hangt) of in een (hand)tas. Uiteraard mogen deze toestellen (al dan niet via de jas of (hand)tas) tijdens de partij niet meegenomen worden buiten de speelzaal. Indien wordt vastgesteld dat een speler tijdens zijn partij toch zo’n toestel op zich draagt zonder toestemming van de arbiter, dan verliest hij de partij en zijn tegenstander wint.

Indien vastgesteld wordt dat zo’n toestel niet uitgeschakeld in de speelzaal is, dan krijgt de spelende eigenaar 10 minuten in mindering bij de eerste keer en verliest deze de partij bij de volgende keer. Indien er hierdoor een tijdsoverschrijding voorkomt, dan verliest hij de partij en het resultaat van zijn tegenstander wordt door de arbiter bepaald. [376]

Indien in alle voorgaande gevallen een default-time is voorzien en een speler betreedt de speelzaal na het begin van de partij, dan mag hij zich nog in regel stellen met betrekking tot de mobiele telefoon of andere elektronische communicatiemiddel voordat hij zijn eerste zet doet.

e.     Indien er volgens het QPF-systeem gespeeld wordt, zijn Richtlijnen III.5 van de FIDE-Schaakregels van toepassing.

f.     Het woord “spelersgebied” of “playing venue” is gedefinieerd in de FIDE Regels voor het Schaakspel.

g.     De default-tijd voorzien in artikels 6.7.1 en 6.7.2 van de FIDE regels voor het schaakspel wordt voor standaard partijen vastgesteld op 60 minuten na het aangekondigde aanvangsuur voor alle KBSB competities; voor rapid- en blitzpartijen wordt de default-tijd vastgesteld op de volledige basistijd van de eerste (of enige) periode nadat het sein voor het begin van de partijen gegeven wordt.

h.     In Rapid- en Blitztoernooien georganiseerd door de KBSB zal gespeeld worden volgens de regels voor onvoldoende arbitrale supervisie (dus geen één arbiter per bord bij Rapid en geen één arbiter per drie borden bij blitz) (A4 in het Rapid en B4 in Blitz van de FIDE-Schaakregels).

Artikel 3 – Aansluitingen[377]

a.     Zolang een club niet voldaan heeft aan al zijn financiële verplichtingen tegenover de KBSB mag die club en zijn bestuursleden (voorzitter, ondervoorzitter, secretaris, penningmeester, toernooileider), in overeenstemming met de statuten, aan geen enkele nationale competitie deelnemen.

b.     Elk lid van een club moet, in overeenstemming met de statuten, in regel zijn met zijn KBSB-bijdrage op het ogenblik van inschrijving voor elke officiële competitie.

c.     Buitenlandse spelers, uitgenodigd op een wedstrijd ingericht met steun van de KBSB zijn van deze verplichting vrijgesteld.

e.     Wanneer een speler niet aangesloten blijkt te zijn, wordt zijn waarborg verbeurd verklaard en worden zijn uitslagen geannuleerd, met daar nog boven de sancties tegen zijn club zoals voorzien in het intern reglement.

f.     De nationale penningmeester en de Verantwoordelijke Nationale Toernooien (VNT) of hun vervangers worden belast met het toezicht op de strikte naleving van deze bepaling.

g.     Elke nieuw aangesloten speler die of een FIDE-quotering of een quotering van een buitenlandse federatie of een oude quotering heeft, moet deze bekendmaken. Zijn club is verantwoordelijk voor de mededeling van deze informatie.

h.     Een speler wordt als een actief speler beschouwd, als voor hem tijdens de jongste twee jaar minstens 10 partijen in de nationale en/of internationale ELO-klassering effectief verwerkt werden.

i.      Een speler die deelneemt aan een competitie of toernooi dat meetelt voor nationale elo dient aangesloten te zijn bij een Belgische of buitenlandse club. Zendt een organisatie toch resultaten door van een niet-aangesloten speler voor nationale eloverwerking, dan wordt die speler ter persoonlijke titel ingeschreven op kosten van de organiserende club of instantie. In geval van ploegencompetitie is het lidgeld verschuldigd door de club die de speler opstelt in de competitie.

Artikel 4 – Verantwoordelijkheid van de inrichter

De met een toernooi-inrichting belaste mandataris van het bestuursorgaan is tegenover de KBSB verantwoordelijk voor de toepassing van huidig reglement en voor het nakomen van de minimum voorwaarden voorzien door de KBSB.

Artikel 5 – Inschrijvingsgelden

In principe, en behoudens uitdrukkelijk toegestane afwijking, behoren de inschrijvingsgelden van door de KBSB ingerichte competities tot de bevoegdheid van de KBSB en moeten ze op de financiële rekening van deze laatste gestort worden, uiterlijk op de afsluitingsdatum der aanmeldingen. Alleen de nationale penningmeester is gemachtigd om terugbetalingen te doen, en zulks alleen voor de niet weerhouden reservespelers of voor de clubs wiens inschrijving werd geweigerd.

Artikel 6 – Spelers aangesloten bij meerdere clubs

a.     Elke speler heeft een hoofdclub en mag lid zijn van meer dan één club.

c.     Een speler mag in eenzelfde competitie niet worden opgesteld door twee verschillende clubs. Hij mag wel voor een andere club uitkomen, mits schriftelijke toestemming van zijn hoofdclub, behalve wanneer deze laatste niet deel neemt aan die competitie.

Artikel 7 – Transfer[378]

a.     Elk lid van een club kan tussen 1 juni en 31 juli vrij van hoofdclub veranderen.

c.     Elke transfer wordt van toepassing op 1 augustus.

Een transfer wordt gedaan in Players Manager. De nieuwe club dient het lid in te schrijven als nieuw lid (via methode opzoeken). Op het ledenoverzicht van de oude club zal bij dat lid de transferclub vermeld staan en als op de pagina van “Door te voeren transfers”.[379]

Op moment van de transferaanvraag zal ter kennisgeving een mail verstuurd worden naar de contactpersoon van de oude club, naar de contactpersoon van de club die de transfer heeft gedaan (voor bevestiging) en naar de betrokken verantwoordelijke van de KBSB.

Artikel 8 – Scheiding van gelijk gerangschikte spelers

Gelijk gerangschikte spelers worden gescheiden volgens de aanbevolen systemen van de FIDE[380].

Artikel 9 – Indeling van wedstrijdleiders

a.     De leiding van competities, ingericht door of in naam van de KBSB, kan aan wedstrijdleiders toevertrouwd worden. Deze worden in vijf klassen ingedeeld: klasse C, klasse B, klasse A, de FIDE- en de internationale wedstrijdleiders.

b.     De aanstelling tot wedstrijdleider van klasse C en B behoort tot de bevoegdheid van de leden van de KBSB (Gemeenschapsfederaties).

c.     Om tot wedstrijdleider klasse A benoemd te worden, moet men wedstrijdleider klasse B zijn, in die hoedanigheid vier maal – waarvan één maal als hoofdwedstrijdleider – aan de leiding van een representatief toernooi hebben deelgenomen, en gunstig beoordeeld worden door de commissie van internationale scheidsrechters.
Als representatief toernooi worden beschouwd de nationale jeugd- en seniorenkampioenschappen, evenals andere toernooien die voor ELO-verwerking in aanmerking komen met deelname van ofwel meer dan 50 deelnemers, ofwel tenminste 10 deelnemers met een gemiddelde FIDE ELO van 2200 of meer, evenals de internationale en nationale toernooien met meer dan 150 deelnemers. [381]

Om te kunnen promoveren van wedstrijdleider klasse B  tot wedstrijdleider klasse A, moet de wedstrijdleider van de 4 normen die nodig zijn, minstens 1 norm  “Leiden nationale kampioenschappen” kunnen voorleggen, met een maximum van 3 dergelijke normen.

Eén norm nationale kampioenschappen omvat het wedstrijdleiden van een meerdaags Belgisch Kampioenschap, het Belgisch Jeugdkampioenschap of het leiden van nationale interclubwedstrijden. Dit laatste houdt het probleemloos leiden van minstens 5 rondes in éénzelfde interclubseizoen in.

De commissie van internationale scheidsrechters (CIS) onderzoekt of de kandidaten aan de vereiste voorwaarden voldoen, of zij de reglementen genoegzaam kennen en of hun objectiviteit onbetwist is. Bij gunstig advies wordt de kandidatuur overgemaakt aan het BO die de uiteindelijke beslissing neemt.

Procedure van indienen

De arbiter zelf of zijn federatie kan een dossier indienen. Er staat wel:

o   voorgesteld zijn door de verantwoordelijke toernooien/kadervorming van zijn federatie;

o   voorgesteld zijn door zijn federatie;

Inhoud van in te dienen dossier

Tijdens de nabespreking van de 1ste vergadering van de commissie voor herziening van de KBSB-wedstrijdreglementen (Westerlo, 18/11/2006) is het volgende afgesproken:

·             gegevens van de arbiter (stamnr. – naam – adres – telefoon – GSM – e-mail)

·             datum van categorie B (eventueel kopie verslag bekrachtiging federatie)

·             lijst van minstens 4 representatieve toernooien met hierin de volgende gegevens

–        naam toernooi

–        datum en plaats

–        gegevens inrichter

–        hoedanigheid van arbiter (hoofdarbiter, hulparbiter)

–        speeltempo

–        ELO-verwerking en zo ja welke (nationaal, FIDE)

–        aantal deelnemers

–        winnaars (eventueel volledige uitslag)

–        informatie omtrent eventueel beroep tegen beslissing van u als wedstrijdleider

·             lijst van andere toernooien om globaal inzicht te krijgen van de arbitersactiviteiten met als gegevens

–        naam toernooi

–        datum en plaats

–        gegevens inrichter

–        hoedanigheid van arbiter

–        speeltempo

–        ELO-verwerking en zo ja welke

–        aantal deelnemers

Dit dossier dient opgestuurd te worden naar de voorzitter van de CIS (Commissie Internationale Scheidsrechters).

d.     De FIDE- en internationale wedstrijdleiders worden benoemd door de FIDE. De kandidaturen om FIDE- of internationale wedstrijdleider te worden dienen te worden gericht aan de voorzitter van de CIS, met afschrift voor de secretaris-generaal. De voorzitter van de CIS zal er ontvangst van geven. De commissie van internationale scheidsrechters gaat na of de dossiers van de kandidaten aan de FIDE-vereisten beantwoorden en maakt deze dossiers voor bevestiging over aan het BO die ze voor verdere doorverzending overmaakt aan de Internationale Verantwoordelijke. Opdat zijn kandidatuur als FIDE-arbiter door de CIS in aanmerking wordt genomen, dient de kandidaat nationaal arbiter A te zijn. FIDE-normen die nodig zijn om de promotie naar FA aan te vragen kunnen enkel gebruikt worden wanneer die normen als arbiter klasse A behaald werden.

e.     Wanneer het BO een voordracht van de commissie van internationale scheidsrechters niet wenst te bekrachtigen, wordt het dossier voor nieuw onderzoek terug aan de commissie overgemaakt, met motivatie van de afwijzing.

Artikel 10 – Klassering van de spelers

a.     Vier maal per jaar, op 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober, wordt er een puntenklassering voor alle aangesloten spelers opgesteld. Elke aangesloten speler die 20 partijen betwistte met geklasseerde spelers, krijgt een quotering en zijn uitslagen worden verwerkt volgens de formule (f).

b.     De spelers worden als volgt ingedeeld :

 Experten :          2200 punten en meer

 A -klasse :         2000 punten en meer

 B -klasse :         1800 punten en meer

 C -klasse :         1600 punten en meer

 D -klasse :         1400 punten en meer

 E -klasse :         minder dan 1400 punten

c.     Spelers die na een onderbreking terug actief worden, bekomen opnieuw hun laatst gekende quotering. Spelers die zich nieuw inschrijven of die na een onderbreking terug actief worden, bekomen hun laatst gekende quotering (in volgorde KBSB-rating, FIDE-rating, hun nationale rating).

d.     De quotering op 1 juli bepaalt de klasse van de speler voor de volgende twaalf maanden.

e.     Formule voor het berekenen van de voorlopige quotering :

Zij wordt uitgedrukt in de formule :

 R = Rc + D(P)

waarin

R = voorlopige quotering

Rc = gemiddelde waarde van de tegenstrevers

D(P) = ratingverschil van de behaalde score uitgedrukt in %[382]

Deze voorlopige quotering is van toepassing zolang een speler geen twintig partijen gespeeld heeft tegen gequoteerde tegenstrevers. Een eerste voorlopige quotering wordt berekend nadat een speler tien partijen gespeeld heeft tegen gequoteerde spelers.

f.     Formule voor de berekening van de quotering :

De gebruikelijke formule is :

Rn = Ro + K (W -We)

waarin

Rn = de te berekenen quotering

Ro = de vorige quotering

W = de behaalde score

We = de verwachte score volgens de tabel van de kansrekening op basis van de vorige quotering[383]

K = ontwikkelingscoëfficiënt van de speler

De ontwikkelingscoëfficiënt K =

32 van de 21ste tot de 100ste partij

24 van de 101ste tot en met de 300ste partij

Na de 300ste partij [384]

16 bij een quotering <= 2000

12 bij een quotering > 2000 & <= 2200

10 bij een quotering > 2200

Elke speler die na 20 partijen geen 1150 punten bereikt, krijgt automatisch een quotering van 1150 punten.

Bij een verschil van meer dan 400 punten tussen twee spelers, wordt dat verschil herleid tot 400.

Wanneer twee spelers een gelijk aantal punten hebben, wordt diegene die het hoogst aantal verrekende partijen speelde als eerste gerangschikt.

g.    Bemerking: wanneer een speler tussen twee klasseringen in meer dan 25 partijen gespeeld heeft en zijn quotering met meer dan 150 punten stijgt of daalt, wordt deze herberekend op basis van de formule (e).

h.    Elke speler die bij een andere federatie dan de KBSB is aangesloten en een nationale of FIDE-quotering bezit, dient deze bij zijn eerste aansluiting bij een Belgische club mee te delen. Zijn club is verantwoordelijk voor de verdere communicatie hiervan bij de KBSB. Als die quotering groter of gelijk is dan 2300, dan is de startwaarde van zijn aantal partijen 300; als die quotering kleiner is dan 2300 en groter of gelijk is dan 2000, dan is de startwaarde van zijn aantal partijen 200; in de andere gevallen is de startwaarde van zijn aantal partijen 50.

i.      ELO-quotering van spelers die een FIDE-stamnummer of klassement hebben.

*      Spelers die volgens de FIDE aangesloten zijn bij de KBSB en die in België verblijven: al hun resultaten die voor de FIDE-berekening verwerkt werden worden ook verwerkt voor het Belgische klassement als hun ELO-fiche op de website van de FIDE toegankelijk is.

*      Spelers die volgens de FIDE niet aangesloten zijn bij de KBSB of spelers die volgens de FIDE aangesloten zijn bij de KBSB maar niet in België verblijven: in tegenstelling met wat vermeld staat in de punten a tot h van het huidig artikel, wordt hun Belgische ELO-quotering gelijkgesteld aan hun FIDE-quotering. Echter de ELO-quotering van betrokken spelers zal dezelfde blijven als de Belgische ELO-quotering als, na een gemotiveerde aanvraag door de betrokken speler of zijn club, de nationale klassementsleider van oordeel is dat de Belgische ELO-quotering representatiever is wat de sterkte van de speler betreft als de FIDE-quotering.

In de klasseringlijst, zijnde op dit moment het elektronische bestand PLAYER.DBF, wordt bij deze spelers het veld “ADVERSAIRE” (vertaald tegenstander) leeggelaten en in het veld “PERFORMANCE” (vertaald prestatie) wordt de correctie ten opzichte van de initieel berekende Belgische ELO-quotering geplaatst.

Artikel 11 – Selectiecriterium op basis van ELO.

a)       Dit selectiecriterium wordt gebruikt voor alle doeleinden tenzij anders expliciet vermeld, zoals selectie expertengroep BK, selectie voor afvaardiging KBSB op een IM- of GM-normentoernooi, of nog voor afvaarding KBSB op internationale toernooien.

b)       Behoudens andersluidende bepaling neemt men de volgorde op de FIDE-ratinglijst die gangbaar is op de sluitingsdatum van de kandidatuurstelling. Bij gelijkheid van FIDE ELO is de volgorde:

–        de speler met de hoogste titel

–        de speler met de meeste vooruitgang in FIDE-rating t.o.v. de FIDE-ratinglijst ervoor (opmerking: beide spelers dienen ook hier geklasseerd te zijn)

–        loting

c)       Indien er onvoldoende speelsters kunnen geselecteerd worden volgens de FIDE-ratinglijst, dan dient niet de FIDE-ratinglijst genomen te worden, maar wel de nationale ratinglijst die gangbaar was 3 maanden voorafgaand op de begindag van het evenement.

Artikel 12 – Welke competities en welke partijen tellen voor de quotering?

a.     Tempo

Om in aanmerking te komen voor ELO-verwerking, moet elke speler minimaal één van de volgende speeltijden hebben om al zijn zetten te spelen, beschreven in de thans geldende FIDE-regels (punt B.02 punt 1.0 van het FIDE-handboek, “Rate of play” binnen “FIDE Rating Regulations”)

(in de veronderstelling dat een partij 60 zetten duurt)

Alle partijen waarbij alle zetten vlugger dienen gespeeld te worden dan de bovenvermelde opsomming, worden uitgesloten voor ELO-verwerking.

Indien een aantal zetten binnen de eerste tijdscontrole dient gespecificeerd te worden, wordt aangeraden dat het 40 worde. Zo genieten de spelers van uniformiteit.

De maximale speeltijd per dag staat beschreven in het FIDE-handboek.[385]

Indien men partijen wil laten verwerken voor het bekomen van FIDE-normen, dan dienen de thans geldende FIDE-regels (punt B.01 punt 1.0 van het FIDE-handboek, “Requirements for the titles” binnen “International Title Regulations of FIDE”) nageleefd te worden.

b.     Verzending van de resultaten:

De resultaten dienen toe te komen bij de KBSB-klassementsleider elektronisch via e-mail of op een elektronische drager per post binnen de 30 dagen na het einde van het toernooi, en ten laatste drie dagen voor de berekening van het nieuwe klassement[386], dus ten laatste op 28/03, 27/06, 27/09 en 28/12, met hierin ALLE betrokken resultaten: open toernooien, gesloten groepen (enkelrondig of dubbelrondig), individuele partijen (de zogenaamde 24-lijnen), resultaten van de nationale interclubs, enz.

De verzendingen op een niet elektronische manier of drager worden dus niet meer aanvaard behoudens voor de resultaten van toernooien gespeeld in het buitenland. Er wordt ten zeerste aangeraden om een bevestiging van goede ontvangst te vragen bij het opsturen van resultaten en/of om te verifiëren op de pagina van ontvangen toernooien op de website van de KBSB of op de door haar gemachtigde website of het opgestuurde bestand met resultaten er wel vermeld staat. Als het geval zich voordoet, dient men zich eveneens te schikken naar voorschriften over communicatie van resultaten opgelegd door de VSF, FEFB of SVDB op voorwaarde dat deze niet strijdig zijn met het huidig reglement.

Gegevens over het toernooi:

De volgende gegevens zijn verplicht: de toernooinaam, de begin- en einddatum, de naam van de toernooiverantwoordelijke (en van de wedstrijdleider), het speeltempo alsook de data van de verschillende rondes.

Gegevens over de spelers:

De volgende gegevens zijn verplicht: de stamnummers van de spelers en de andere gebruikelijke inlichtingen zoals speeldatum, zijn naam, voornaam, club, gespeeld resultaat, enz. Indien de resultaten van het toernooi ook bestemd zijn voor FIDE-ELO-verwerking, dan dient ook de FIDE-IDs van de spelers vermeld te worden.

c.     De klassementsleider is niet verplicht rekening te houden met uitslagen die hem met meer dan 6 maanden vertraging bereiken.

d.     De mededeling van deze volledige uitslagen en het bijhouden van de fiches is verplicht. De organisator van het toernooi is verantwoordelijk voor de verzending van de resultaten aan de klassementsleiding van de KBSB. Bij ernstige nalatigheid of bij herhaalde onregelmatigheden zijn er sancties voorzien (cf. Kampioenschap van België, Nationale Interclubs, Internationale wedstrijden, enz).

e.     Alle resultaten die in de voorbije 3 klassementsperiodes niet verwerkt konden worden omdat een of beide spelers niet over een quotering beschikten worden opnieuw opgenomen voor verwerking.[387]

g.     Het bestuursorgaan beslist over de aanvaarde programma’s voor de verzending van resultaten. [388] Het is de verantwoordelijkheid van een club om de programma’s die ze gebruiken, te updaten door die updates die op de website van de KBSB of op een door de KBSB gemachtigde website staan, af te halen.

h.     Elke klacht dient zo snel mogelijk gericht te worden aan de nationale klassementsleider door exacte vermelding van de betwiste resultaten, gestaafd door de toernooileider. Elke klacht op feiten die zich hebben voorgedaan vóór het laatste klassement kan door de klassementsleider verworpen worden.

Artikel 13 – Titels

a)       Dit artikel geldt voor het Belgisch Kampioenschap (Experten, Dames en Open), de Nationale Snelschaakkampioenschappen (elke reeks), de Nationale Rapidkampioenschappen (elke reeks), de Nationale Jeugdkampioenschappen bij jongens en meisjes (elke reeks), de Nationale Snelschaak- en rapidkampioenschappen voor de Jeugd bij jongens en meisjes (elke reeks).

b)       De titel van nationaal kampioen wordt toegekend aan de eerst eindigende speler:

·        die door de FIDE als Belg beschouwd wordt of

·        die niet geregistreerd staat bij de FIDE maar die bij aanvang van het kampioenschap als Belg kan geregistreerd worden volgens de voorwaarden vermeld in het FIDE handboek[389].

Met andere woorden, spelers met de Belgische nationaliteit die door de FIDE niet als Belgen beschouwd worden, kunnen geen titels winnen.

Deze spelers dienen ook in orde te zijn met hun aansluiting bij een club van de KBSB tijdens het ganse kampioenschap.

c)       De spelers die aan geen van die twee voorwaarden voldoen, of niet aangesloten zijn, kunnen geen aanspraak maken op de titels of de rechten alsook niet op de daarmee gerelateerde trofeeën voor de 1ste, 2de of 3de plaats. Ze kunnen wel aanspraak maken op alle andere prijzen en kunnen wel als winnaar van het toernooi uitgeroepen worden.

Artikel 14 – Sancties[390]

De inrichter van elk toernooi of competitie in naam of voor rekening van de KBSB moet binnen de vijftien dagen na het einde ervan, aan de betrokken nationale toernooileider (de Verantwoordelijke Nationale Toernooien of de Nationale jeugdleider) een omstandig verslag bezorgen over het verloop van het toernooi.

Elke klacht of bezwaar betreffende een competitie of een toernooi moet aan de betrokken nationale toernooileider gericht worden, binnen de vijftien dagen na de feiten, behalve voor het bepaalde in artikel 38 j. Als deze nationale toernooileider als speler of arbiter zelf betrokken zou zijn, dan dient de klacht of bezwaar te worden gericht naar de voorzitter van de CIS.

Sancties zijn mogelijk telkens een speler, een ploeg of een club de FIDE-spelregels, de statuten, de toernooireglementen of het intern reglement van de KBSB niet eerbiedigt of de goede faam van de KBSB in gevaar brengt. Bijvoorbeeld in de volgende gevallen:

a.     Een club die een niet-aangesloten speler opstelt in een officieel bondstoernooi

b.     Een speler die tijdens een nationaal toernooi opgeeft of forfait geeft.

c.     Een speler of een club die strafrechtelijk veroordeeld is.

d.     Een club, een speler, een trainer of een verantwoordelijke die de uitslag van een partij door bedrieglijke middelen beïnvloeden of proberen te beïnvloeden.

Mogelijke sancties die door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien of de Nationale Jeugdleider kunnen genomen worden, zijn.:

–      waarschuwing;

–      blaam;

–      wijziging van het resultaat van een individuele partij of van een ploegwedstrijd;

–      geldboete tot maximum 200 EUR, tenzij het reglement van een desbetreffende competitie een ander maximumbedrag voorziet;

–      verlies van het recht op eventuele prijzen of op terugbetaling van waarborgen of op terugbetaling van onkosten;

 –     schorsing of uitsluiting van de betreffende competitie

De Verantwoordelijke Nationale Toernooien (of in voorkomend geval de Nationale jeugdleider) kan sancties opleggen tot vijfenveertig dagen na het einde van elke competitie.

De Verantwoordelijke Nationale Toernooien en de Nationale Jeugdleider kunnen ook alle sportmaatregelen nemen die nodig zijn voor het goede verloop van een competitie.

Mogelijke sancties die door het bestuursorgaan van de KBSB kunnen genomen worden, zijn:

–      waarschuwing;

–      blaam;

–      wijziging van het resultaat van een individuele partij of van een ploegwedstrijd;

–      geldboete tot maximum 200 EUR, tenzij het reglement van een desbetreffende competitie een ander maximumbedrag voorziet;

–      verlies van het recht op eventuele prijzen of op terugbetaling van waarborgen of op terugbetaling van onkosten;

–      schorsing van maximum twee jaar:

–      in de betreffende competitie;

–      in een nationale competitie;

–      in een bondsfunctie.

Mogelijke sancties die door de Algemene vergadering kunnen genomen worden, zijn:

–      waarschuwing;

–      blaam;

–      gedeeltelijke of volledige schorsing voor een bepaalde duur;

–      levenslange uitsluiting.

In alle geval worden de betrokken partijen uitgenodigd om hun mening te uiten over een voorstel van sanctie.

Deze uitnodiging is niet verplicht

–      wanneer het gaat om een voorstel van een dienst- of sportmaatregel.

–      wanneer de Verantwoordelijke Nationale Toernooien of de Nationale jeugdleider in een individuele partij of in een ploegwedstrijd als aangeduide scheidsrechter van de partij of van de wedstrijd tussenkomt.

De sancties beslist door een federatie tegen één van haar aangesloten spelers of clubs, zijn eveneens van toepassing op alle domeinen waar de KBSB bevoegd is. De vraag moet door de betrokken federatie aan het bestuursorgaan van de KBSB gericht worden. De uitbreiding van de sanctie moet door de eerstvolgende Algemene Vergadering bevestigd worden telkens het gaat om een schorsing van meer dan twee jaar of om een levenslange uitsluiting.

Artikel 15 – Betwistingen

Elke klacht tegen een beslissing van de Verantwoordelijke Nationale Toernooien, de nationale jeugdleider en het bestuursorgaan van de KBSB zal beslecht worden door de Commissie Geschillen, overeenkomstig de statuten, het intern reglement en dit reglement.

Elke klacht moet schriftelijk, overeenkomstig de procedure beschreven in het Intern Reglement ingediend worden.

Artikel 18 – Wijzigingen van de reglementen

Elke wijziging van onderhavig reglement wordt van kracht op de datum, bepaald door de algemene vergadering of door het bestuursorgaan.

HET BELGISCH KAMPIOENSCHAP[391]

Artikel 19 – DEELNAME.

De nationale kampioenschappen experten en dames staan open voor spelers die aangesloten zijn bij een club die lid is van KBSB en voldoen aan tenminste één van de volgende voorwaardes:

1.     Belg zijn of voorkomen op de FIDE ELO-lijst van 1 januari onder België;

2.     gedomicilieerd zijn in België vanaf 1 januari;

EXPERTENKAMPIOENSCHAP.

10 deelnemers; gesloten groep (dus 9 rondes).

Het deelnemersveld omvat :

a.     de kampioen van het vorig expertenkampioenschap

b.     de kampioen van de open groep van het vorig kampioenschap

c.     de kampioen/kampioene met de hoogste gebruikte elo uit alle jeugdcategorieën op het allerlaatste BJK (en bij gelijkheid in gebruikte elo de oudste speler), voor zover dit minimum 2250[392] is en de kandidaat nog jeugdspeler is.

d.     twee spelers van de federatie met de meest aangesloten sportbeoefenaars op 1 januari, één speler van elke andere federatie.

e.     de best gerangschikte spelers op FIDE-rating volgens art. 11 zodat een aantal van 10 spelers bereikt wordt.

Bijkomende criteria voor het bepalen van de gerechtigden uit de Expertengroep.

1.       Bij afzeggingen in de punten a-b-c mag geen beroep gedaan worden op de volgende(n) in de eindrangschikking.

2.       Er is een minimum FIDE-rating van 2300 vereist voor alle deelnemers, behalve voor de Belgische Jeugdkampioen.

3.       De spelers dienen actief te staan in de FIDE-ratinglijst (met uitzondering van de Belgische Jeugdkampioen).

NATIONAAL DAMESKAMPIOENSCHAP.

10 deelneemsters; gesloten groep (dus 9 rondes).

Het deelneemsterveld omvat:

a.     de kampioene van het vorig kampioenschap (ingeval van afzegging, mag geen beroep gedaan worden op de volgende(n) in de eindrangschikking).

b.     de best gerangschikte speelsters op FIDE-rating en vervolgens op nationale rating volgens art. 11 zodat een aantal van 10 speelsters bereikt wordt.

OPEN TOERNOOI.

9 rondes; Zwitsers.

Staat open voor elke speler aangesloten bij een club die lid is van KBSB en die niet gerechtigd is tot deelname aan de Expertengroep of Dameskampioenschap.

OPMERKINGEN.

a.       De Verantwoordelijke Nationale Toernooien kan in speciale gevallen of in onvoorziene omstandigheden afwijken van hoger vermelde toernooivormen.

b.       In geval er geen afzonderlijk nationaal dameskampioenschap plaats vindt, dan zal de titel voor dameskampioen gaan naar de hoogst eindigende speelster in het open toernooi. Indien er daar geen speelster is, dan zal de titel niet uitgereikt worden.

c.     Zoals voorzien in de FIDE-regels van het Schaakspel (art. 9.1) kan de organisatie in samenspraak met de VNT Sofia-regels bepalen. Deze Sofia-regels bepalen dat een remise-aanbod in een bepaald (of volledig) deel van de partij of onder bepaalde omstandigheid verboden is. Bij het opstellen van die Sofia-regels dient rekening gehouden te worden met drie zaken:

– aantal zetten (altijd wit en zwart) waarbinnen geen remise mag voorgesteld worden

– duur in tijd vanaf het reële aanvangsuur (wit en zwart samen) waarbinnen geen remise mag voorgesteld worden

– met of zonder de toestemming van de arbiter

Een voorbeeld van de Sofia-regels: zonder goedkeuring van de wedstrijdleider kan een speler geen remise voorstellen aan zijn tegenstander vooraleer dat er minstens 20 zetten per speler uitgevoerd zijn én er minstens één uur in totaal is gespeeld.

Artikel 20 -INSCHRIJVING.

a.        De deelnemers die niet rechtstreeks geplaatst zijn, dienen zich in te schrijven voor verstrijking van de inschrijvingsdatum bepaald door het bestuursorgaan bij diegene die door het bestuursorgaan daartoe is aangeduid.

b.        De federaties dienen zelf minstens vier weken voor het begin van het toernooi hun gerechtigden voor de Expertengroep aan de Verantwoordelijke Nationale Toernooien door te geven (enige uitzondering: als hun federaal kampioenschap wat als basis dient voor de afvaardiging, eindigt op minder dan vier weken voor het begin van het toernooi, dan dienen ze ten laatste op de dag dat het federaal kampioenschap eindigt, hun gerechtigden door te geven).

c.         Alle gerechtigde spelers worden door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien minstens vier weken voor het begin van het toernooi uitgenodigd (indien via mail met ontvangstbevestiging).

d.        Alle gerechtigden onder punten b en c dienen hun deelname minstens 4 weken voor aanvang van het toernooi schriftelijk te bevestigen bij de Verantwoordelijke Nationale Toernooien.

e.        Spelers die zich willen plaatsen op basis van rating, hetzij voor de Expertengroep, hetzij voor het Dameskampioenschap, dienen zelf hun kandidatuur ten laatste 6 weken voor aanvang van het toernooi bij de Verantwoordelijke Nationale Toernooien in te dienen.

f.          Aan de hand van de lijst van spelers die hun kandidatuur ingediend hebben om via rating geselecteerd te worden voor de Expertengroep of het Dameskampioenschap, zal de Verantwoordelijke Nationale Toernooien het aantal spelers die hun deelname bevestigd hebben, aanvullen. Daarna worden de lijsten gepubliceerd op de website van de organisatie.

g.        Spelers uit de Expertengroep of het Dameskampioenschap die na het bevestigen van hun deelname en vóór aanvang van het toernooi zich nog zouden afmelden zonder bewezen reden van overmacht, zullen gesanctioneerd worden volgens art. 14.

h.        De loting van paringsnummers waarna ook de kalender zal bekend zijn, dient liefst te gebeuren in een openingsceremonie die minimaal 2u voorafgaandelijk aan het begin van de eerste ronde plaats vindt. Indien de organisatie geen openingsceremonie kan inrichten, dan zal de loting maximaal 24u voor aanvang van de eerste ronde gehouden worden.

i.          De exacte inschrijvingsdatum voor zowel de punten b-c-d-e als de termijn voor punt f zal jaarlijks bepaald worden door het bestuursorgaan.

j.          Ook het bedrag van het inschrijvingsgeld voor alle deelnemers uit de open reeks wordt door het bestuursorgaan bepaald. Eveneens kan zij een verminderd inschrijvingsgeld bepalen voor bepaalde categorieën (vb. jeugd, titelhouders)[393]. De organisatie kan een verhoogd inschrijvingsgeld toepassen voor inschrijvingen die later dan één week voor aanvang van het toernooi gebeuren en voor betalingen ter plaatse, mits dit aangekondigd staat op de uitnodigingen.

Artikel 21 -ONKOSTEN VAN DE DEELNEMERS.

Behoudens andersluidende beslissing van het bestuursorgaan zijn de kosten voor verplaatsing, logement en maaltijden ten laste van de deelnemers.[394] Indien er toch kosten worden terugbetaald, dan dient dit te gebeuren op de laatste speeldag.

Artikel 22 -TEMPO.

Alle partijen worden gespeeld volgens het Fischer-tempo van 40 zetten in 1u30 gevolgd door 30 minuten voor het einde van de partij met een increment van 30 seconden vanaf zet één.

Artikel 23 -PRIJZEN.

Aan de kampioenschappen[395] wordt door de KBSB een subsidie toegekend waarmee een gedeelte aan geldprijzen uitgekeerd moet worden. Deze bedragen worden bepaald door het bondsbudget.[396] De bepaling van het aantal prijzen, evenals de verdeling ervan, valt onder de bevoegdheid van het bestuursorgaan. Ten minste 80% van de inschrijvingsgelden moeten ook als geldprijzen uitgekeerd worden, waarvan eveneens het aantal en de verdeling door het bestuursorgaan bepaald worden.

NATIONALE SNELSCHAAKKAMPIOENSCHAPPEN

Artikel 24 – Deelname

Mogen er aan deelnemen : allen

Artikel 25 – Inrichting

a.     Het nationaal snelschaakkampioenschap wordt betwist op één dag.

b.     Volgens het aantal deelnemers wordt er gespeeld in een of meer reeksen, een volledig toernooi of volgens Zwitsers systeem.

Artikel 26 – Onkosten en inschrijving

a.     De verplaatsingskosten zijn ten laste van de deelnemers.

b.     Het inschrijvingsrecht wordt vastgesteld door de raad van  bestuur en komt toe aan de inrichters. Hij kan eveneens een verminderd inschrijvingsgeld bepalen voor bepaalde categorieën (vb. jeugd, titelhouders). De inrichters kunnen een verhoogd inschrijvingsgeld toepassen voor inschrijvingen die later dan één week voor aanvang van het toernooi gebeuren en voor betalingen ter plaatse, mits dit aangekondigd staat op de uitnodigingen.

Artikel 27 – Tempo

Het speeltempo bedraagt 3 minuten plus 2 secondes increment per zet vanaf zet 1. De Verantwoordelijke Nationale Toernooien kan een ander tempo goedkeuren.[397]

Artikel 28 –Titels en prijzen

b.     De bepaling van het aantal prijzen, evenals de verdeling ervan, valt onder de bevoegdheid van het bestuursorgaan.

c.     Minstens 80% van de inschrijvingsgelden moeten in geldprijzen uitgekeerd worden.

NATIONALE RAPIDKAMPIOENSCHAPPEN

Artikel 28 bis

a.     Deelname

        De voorwaarden tot deelname zijn dezelfde als deze bepaald onder artikel 24 voor de nationale snelschaakkampioenschappen. [398]

b.    Inrichting

        De nationale rapidkampioenschappen worden gespeeld op één dag.

Volgens het aantal deelnemers worden ze betwist in één of meer reeksen, in een volledig toernooi of volgens het Zwitsers systeem.

c.     Onkosten en inschrijving

a.   De verplaatsingskosten zijn ten laste van de deelnemers.

b.   Het inschrijvingsrecht wordt bepaald door het bestuursorgaan en komt toe aan de inrichters.

c.    Het bestuursorgaan kan eveneens een verminderd inschrijvingsgeld bepalen voor bepaalde categorieën (vb. jeugd, titelhouders). De inrichters kunnen een verhoogd inschrijvingsgeld toepassen voor inschrijvingen die later dan één week voor aanvang van het toernooi gebeuren en voor betalingen ter plaatse, mits dit aangekondigd staat op de uitnodigingen.

d.    Tempo

        Het speeltempo bedraagt 10 minuten plus 5 secondes increment per zet vanaf zet 1. De Verantwoordelijke Nationale Toernooien kan een ander tempo goedkeuren.

e.     Prijzen

        b. De bepaling van het aantal prijzen, evenals de verdeling ervan, valt onder de bevoegdheid van het bestuursorgaan.

        c. Minstens 80% van de inschrijvingsgelden moeten in geldprijzen uitgekeerd worden.

Nationale Fischerrandomkampioenschappen (Chess960)

Art. 28ter

1. Reglement

De FIDE-regels voor Fischerrandom partijen zijn van toepassing.[399]

2. Het speeltempo van of snelschaakpartijen of rapidpartijen en het aantal rondes worden op voorhand vermeld.

a. Indien het speeltempo dat van snelschaakpartijen is, dan zijn de artikels van 24 tot en met 28 van toepassing.

b. Indien het speeltempo dat van rapidpartijen is, dan is het artikel 28bis van toepassing.

3. De wijze waarop de loting voor de beginpositie van de stukken voor een ronde zal gebeuren en hoe deze beginpositie van de stukken aan de deelnemers zal worden meegedeeld, moet in de uitnodiging worden vermeld.

NATIONALE INTERCLUBKAMPIOENSCHAPPEN

De clubs kunnen alle officiële mededelingen met betrekking tot de Nationale Interclubs vinden op de website www.frbe-kbsb-ksb.be. Het is via deze site dat ze hun gegevens dienen mede te delen (inschrijving van de ploegen, resultaten van de ontmoetingen,…) en kunnen kennis nemen van de samenstelling van de series, de spelerslijsten, de officiële resultaten, de boetes en van de eventuele wijzigingen van de datums of de plaats van de ontmoetingen in de loop van het seizoen.

Artikel 29 – Algemene bepalingen

De K.B.S.B. richt elk jaar een ploegenkampioenschap in.

a.     Volgens het aantal ingeschreven ploegen kunnen er meerdere afdelingen voorzien worden.

b.     Het BO bepaalt op voorstel van de Verantwoordelijke Nationale Toernooien minstens één seizoen op voorhand de data van elke ronde, de reservedata en de datum voor eventuele testwedstrijden. Later bepaalt zij eveneens de datum van afsluiting van de inschrijvingen. De ronden grijpen plaats tussen 1 september en 30 april.

c.     Het bestuursorgaan beslist over de indeling der reeksen, op voorstel van de Verantwoordelijke Nationale Toernooien, en vermijdt zoveel mogelijk dat twee ploegen van eenzelfde club in dezelfde reeks worden ondergebracht. Hij voert de lottrekking uit. Wanneer toch twee ploegen van eenzelfde club in dezelfde reeks spelen, ontmoeten zij elkaar in of voor de eerste ronde.

d.     Clubs hebben de mogelijkheid om, mits onderling akkoord, de datum en/of het uur van hun ontmoeting te vervroegen of de plaats ervan te wijzigen. Dit akkoord is geldig mits het schriftelijk (of per fax of per mail) met ontvangstbevestiging aan de Verantwoordelijke Nationale Toernooien werd gemeld zeven dagen voor de nieuw voorziene datum en behoudens verzet van laatstgenoemde drie dagen voor de nieuw voorziene datum. Alle partijen van een ontmoeting moeten op dezelfde plaats, dag en uur plaatsgrijpen. Enkel in geval van bewezen overmacht kan de Verantwoordelijke Nationale Toernooien anders beslissen.

e.     Een club kan een aanvraag indienen bij de VNT om een wedstrijd van haar eerste ploeg[400] te verplaatsen indien zij minstens twee spelers in die ploeg dient te missen wegens afvaardiging van de KBSB in een internationaal toernooi. Deze aanvraag dient gebeurd te zijn uiterlijk één week na de inschrijving door de club / spelers voor dat internationaal toernooi (bij de KBSB). De VNT zal zo vlug mogelijk de betrokken clubs meedelen naar welke reservedatum die datum verschoven wordt.

f.      De prijzen toegekend aan de winnaars van elke reeks worden vastgesteld door het bestuursorgaan.[401]

g.     De KBSB kan voorzien om alle ontmoetingen van een ronde van eerste en/of tweede afdeling op 1 plaats te organiseren.

h.     De volgende definities zijn van toepassing op het reglement van de nationale interclubs:

        – Titularis: een speler die op de spelerslijst gekoppeld wordt aan een ploeg.

        – Effectieve speler: een speler die in een bepaalde ronde in een ploeg speelt.

Artikel 30 – Inschrijvingen

a.     De inschrijvingen dienen te gebeuren bij de Verantwoordelijke Nationale Toernooien.

b.     Het inschrijvingsrecht per ploeg, dat gelijktijdig[402] aan de nationale penningmeester moet gestort worden, wordt bepaald door het bestuursorgaan [403].

c.     Elke club die Artikel 12d niet naleeft, zal geweigerd worden.

Artikel 31 – Samenstelling van de ploegen

a.     De ploegen bestaan uit acht spelers in afdeling I en II, uit zes spelers in afdeling III en uit vier spelers in afdeling IV en V.

b.     Elke deelnemende club moet aan de Verantwoordelijke Nationale Toernooien, binnen de door hem bepaalde termijn en in het door het BO bepaald formaat en via het door het BO bepaald medium, een spelerslijst bezorgen.[404] De spelers zullen opgesteld worden op basis van de laatst verschenen nationale of FIDE-klassering. Voor deze opstelling mag echter de quotering van elke speler met 100[405] punten verhoogd of verlaagd worden (=aangepaste ELO). Om informaticaredenen mag geen enkele speler van een zelfde club dezelfde aangepaste ELO hebben op de spelerslijst. Indien een club meerdere ploegen in eenzelfde afdeling opstelt, moet hij de titularissen voor elke ploeg aanduiden. Deze titularissen worden gekozen tussen de eerst geklasseerden, zoals in de volgende voorbeelden verduidelijkt wordt:

1e voorbeeld: een club heeft als 2 hoogste ploegen 2 ploegen in afdeling III: Van de 12 best gerangschikten spelen er 6 in ploeg 1, de andere 6 in ploeg 2.

2e voorbeeld: de drie (eerste) ploegen van een club spelen in afdeling V:
Van de 12 best gerangschikte spelen er 4 in ploeg 1, 4 in ploeg 2 en 4 in ploeg 3.

3e voorbeeld:  1 ploeg in afdeling I, 2 ploegen in afdeling II en 1 ploeg in afdeling III: In ploeg 1 de acht best gerangschikten; acht spelers van de gerangschikten tussen de 9de tot de 24ste plaats in ploeg 2 en de overigen in ploeg 3. De spelers met de 25ste tot 30ste plaats in ploeg 4.

c.     Wanneer op de lijst spelers van een andere hoofdclub voorkomen, moet het nummer van die club achter de spelersnaam vermeld worden.
Elke deelnemende club kent op zijn spelerslijst een aangepaste ELO aan de niet-geklasseerde spelers[406] toe. Dit ELO-cijfer, gebaseerd op de geschatte sterkte van de speler, kan minimaal 1000 en maximaal 1600 zijn. Deze aangepaste ELO is geldig voor de ganse interclubcompetitie.

Spelers met een voorlopige quotering worden niet beschouwd als niet-gequoteerde. Echter spelers met een quotering lager dan 1150 krijgen een aangepaste elo van 1150 waarop dan ook de 50-puntenregeling mag toegepast worden. In België niet-gequoteerde buitenlanders, wel gequoteerd in hun land, worden op de lijst ingelast op de plaats die overeenstemt met hun FIDE-quotering of indien onbestaand met de quotering in hun land.

De visueel gehandicapte spelers die eventueel op de lijst staan moeten door een overeengekomen teken worden aangeduid. Dit geldt ook voor de motorische mindervaliden zoals rolstoelpatiënten. De manier waarop deze spelers in de lijsten worden aangeduid moet door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien bepaald worden ter gelegenheid van de jaarlijkse aankondiging van de nationale interclubs die de data en de inschrijvingsmodaliteiten aan de clubs vermeldt.

d.     Om te mogen opgesteld worden, moet een speler aangesloten zijn bij een club die lid is van KBSB.

e.     De Verantwoordelijke Nationale Toernooien controleert de hem toegezonden spelerslijsten en verbetert ze. De verbeterde spelerslijsten worden voor aanvang van de competitie aan alle clubs ter beschikking gesteld via het door het bestuursorgaan bepaald medium.

f.     Voor de ontmoeting wordt de opstelling van de ploegen door de kapiteins uitgewisseld (iedere ploegkapitein kan bij wijze van controle de identiteitskaarten van de tegenstrevers vragen.). Spelers van een ploeg waarvan de opstelling niet volledig wordt bekendgemaakt, mogen hun partij niet aanvangen, terwijl hun klokken wel in gang gebracht worden. Indien de opstelling van beide ploegen niet bekend gemaakt zijn, worden de klokken van de witspelers in gang gebracht. Eenmaal een partij begonnen is, kan de opstelling van de ploegen niet meer veranderd worden. Om een gemakkelijke toepassing van dit punt toe te laten, dienen de borden genummerd te zijn.

g.     Elk jaar kan op 3 november[407] en 3 januari de spelerslijst in fine vervolledigd worden met Belgische spelers die nog geen ELO-quotering hebben en die zich voor de eerste maal aansloten bij een club van de KBSB na 15 september voorafgaand.

        Hiertoe dient elke club die van deze mogelijkheid gebruik wil maken ten laatste op 2 november of 2 januari een nieuwe lijst, bepaald volgens voorgaande paragraaf bij de Verantwoordelijke Nationale Toernooien te doen toekomen.

        De aangepaste spelerslijsten dienen opgestuurd te worden naar de Verantwoordelijke Nationale Toernooien in het formaat en op de wijze zoals door hem bepaald. Van zodra de spelerslijsten door hem gepubliceerd zijn via het door het bestuursorgaan bepaald medium, zijn deze spelers speelgerechtigd.

Artikel 32 – Indeling der reeksen

a.     Afdeling I : Het aantal ploegen bedraagt twaalf. De laatste twee gerangschikten dalen naar afdeling II.

b.    Afdeling II : Het aantal ploegen bedraagt vierentwintig. Zij worden in twee gelijke reeksen ingedeeld. De winnaar van elke reeks stijgt naar afdeling I. De laatste twee gerangschikten van elke reeks dalen naar afdeling III.

c.     Afdeling III : Het aantal ploegen bedraagt achtenveertig. Zij worden in vier gelijke reeksen ingedeeld. De winnaar van elke reeks stijgt naar afdeling II. De laatste twee gerangschikten van elke reeks dalen naar afdeling IV.

d.    Afdeling IV : Het aantal ploegen bedraagt zesennegentig. Zij worden in acht gelijke reeksen ingedeeld. De winnaar van elke reeks stijgt naar afdeling III. De laatste twee gerangschikten van elke reeks dalen naar afdeling V.

e.     Afdeling V : Volgens het aantal ingeschreven ploegen worden verschillende reeksen van maximum twaalf ploegen gevormd. De eerste van elke reeks stijgt naar afdeling IV. De juiste modaliteiten van stijgen worden door het bestuursorgaan bepaald vóór aanvang van de competitie in functie van het aantal reeksen in afdeling V.

f.     Iedere ploeg die zich nieuw inschrijft of die zich na één of meerdere jaren onderbreking opnieuw inschrijft, zal in afdeling V moeten starten. Elke club waarvan een ploeg het voorgaande seizoen forfait heeft gegeven, zal bij de inschrijvingen van het daaropvolgende seizoen het aantal ploegen met één moeten verminderen, tenzij de Verantwoordelijke Nationale Toernooien anders zou beslissen op basis van een ingediend dossier.

g.     Wanneer in een afdeling één of meer plaatsen vrij zijn, worden die ingenomen door de best gerangschikte tweeden uit de onmiddellijk lagere afdeling van de eindstand uit de vorige competitie. Men beschouwt als best gerangschikte tweede de ploeg met het beste coëfficiënt matchpunten. Dit coëfficiënt wordt berekend door het aantal behaalde matchpunten te delen door het aantal ontmoetingen verrekend in de eindstand. Wanneer dan nog gelijkheid bestaat, wordt hetzelfde principe toegepast op de bordpunten. Bij nieuwe gelijkheid gebeurt er door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien een lottrekking tussen de betrokken ploegen. Indien er meer plaatsen vrij zijn dan dat er tweedes zijn, dan wordt verder gegaan met de best gerangschikte derden enz.

h.     Een club mag niet meer dan één ploeg hebben in eerste afdeling. Indien een ploeg van een club kampioen wordt in tweede afdeling en deze club heeft reeds een ploeg in eerste afdeling, dan mag deze ploeg niet promoveren. Haar plaats zal ingenomen worden door de beste eindigende ploeg uit dezelfde reeks die hiervoor in aanmerking komt

 i.     Een club mag één van zijn ploegen vrijwillig laten degraderen. Maar dan komt deze ploeg gedurende de twee daaropvolgende seizoenen niet in aanmerking voor een promotie of voor om het even welk prijzengeld.

j.     Het BO beslist in alle niet voorziene gevallen.

Artikel 33 – Opstelling van de spelers

a.     De spelers moeten verplicht opgesteld worden volgens de volgorde op de op voorhand ingediende spelerslijst (zie art. 31.b) (of eventuele aanvullingen (zie art. 31.g)). Wanneer ploegen uitkomen in verschillende afdelingen, mogen de titularissen van ploeg I in geen andere ploeg spelen; de titularissen van ploeg II mogen slechts in ploegen I en II spelen, en zo verder. Wanneer meer ploegen van een zelfde club in een zelfde afdeling spelen, mogen de titularissen van één ploeg niet spelen in een andere ploeg uit dezelfde afdeling.

b.     Wanneer meerdere ploegen van een zelfde club in een zelfde reeks spelen, mogen de reserven gedurende de ganse competitie maar voor één van die ploegen uitkomen. Elke inbreuk op deze regel betekent voor de onregelmatig opgestelde speler verlies van de partij door forfait.

c.     Bij een fout in de rangorde van opstelling van de spelers, verliest de te laag opgestelde speler de partij met forfait.

d.     Bij opstelling van een niet-gerechtigde speler verliest de speler die partij door forfait. Bij herhaling tijdens eenzelfde competitie verliest de betrokken ploeg de wedstrijd met forfait en de bij artikel 35c voorziene sancties zijn van toepassing. Als niet-gerechtigde speler wordt beschouwd hetzij een speler die niet voorkomt op de door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien goedgekeurde spelerslijst, hetzij een speler die niet meer aangesloten is op het ogenblik van zijn opstelling, hetzij een door de KBSB geschorste speler.

e.     Geen speler mag opgesteld worden in twee ontmoetingen die aanvankelijk op dezelfde datum voorzien waren.

f.     Wanneer meerdere ploegen van eenzelfde club deelnemen, mag bij elke ontmoeting de gemiddelde ELO van een ploeg in een hogere afdeling niet lager zijn dan de gemiddelde ELO van de ploeg(en) van dezelfde club in een lagere afdeling(en). Deze regel geldt niet tussen de 4de en de 5de afdeling. De berekening van het ELO-gemiddelde van de ploegen van een club gebeurt op basis van de aangepaste ELO’s van elk van de spelers, zoals vermeld op de spelerslijst die voor de aanvang van de competitie door de club werd ingediend[408]. Een nieuw ELO-klassement heeft met andere woorden geen invloed op de berekening van het gemiddelde.

        Een eerste overtreding wordt bestraft voor de betrokken ronde met een forfait voor alle borden van de ploegen van dezelfde club die een hogere ELO-gemiddelde hebben dan één van hun ploegen uit een hogere afdeling.[409] Zulk een forfait is echter niet onderhevig aan de voorziene sancties in artikel 35. Een volgende overtreding in hetzelfde seizoen voor ploegen die wederom een hoger ELO-gemiddelde hebben dan ploeg(en) uit hogere afdelingen heeft wel de automatische uitsluiting voor dat seizoen tot gevolg.

g.     Wanneer tijdens de competitie blijkt dat een speler die als niet-gequoteerde werd aangesloten toch een quotering had op het ogenblik van opstelling van de spelerslijst, verliest hij alle door hem tot dan toe gespeelde partijen door forfait. Bovendien kan hij van dan af worden uitgesloten van de competitie. Indien niet wordt de speler op die plaats op de spelerslijst geplaatst die overeenstemt met zijn elo, tenzij als de VNT er anders over beslist.

Artikel 34 – Tempo

Het fischertempo voor alle partijen bedraagt 90 min. voor 40 zetten gevolgd door 30 min. voor de rest van de partij met toevoeging van 30 sec. per zet vanaf zet 1.[410]

Indien in een partij een slechtziende speler aantreedt, wordt op zijn vraag een traditionele klok gebruikt. Het aangepast tempo is dan 40 zetten in 2u gevolgd door 30 min QPF (Quick Play Finish).

Artikel 35 – Forfaits

a.     Onder forfait verstaat men elke, om welke reden ook, niet gespeelde partij of gespeeld in onregelmatige omstandigheden (artikel 33. b, c en d) behalve bij officieel uitstel door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien of bij verschuiving wegens niet te voorziene omstandigheden, aanvaard door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien (zie artikel 35. c, 4de alinea).

b.     Voor elke forfait op een bord krijgt de club een boete waarvan het bedrag bepaald wordt door het bestuursorgaan [411]. Voor een ploeg die zich aanbiedt met minder dan de helft van de vereiste spelers wordt forfait toegepast, in dat geval gaat het om een ploegforfait.

c.     Op elk ploegenforfait in een ronde staat een boete, waarvan het bedrag bepaald wordt door het bestuursorgaan.

Behalve voor de laatste ronde, brengt elk ploegenforfait de uitsluiting uit de competitie mee voor die ploeg, de vernietiging van al haar uitslagen en die van al haar tegenstanders, en de afdaling naar de lagere afdeling.

Elke ploegenforfait tijdens de laatste ronde brengt de uitsluiting uit de competitie mee en de afdaling naar de lagere afdeling, al haar uitslagen (zowel matchpunten als bordpunten)[412] worden vernietigd, maar de behaalde uitslagen van al haar tegenstanders worden niet vernietigd.

Elke ploegenforfait brengt de toepassing van artikel 32.f met zich mee.

Uitzonderlijk kan worden afgeweken van de maatregelen, voorzien in de voorgaande alinea’s, wanneer de betrokken speler of ploeg kan bewijzen dat dit forfait te wijten is aan uitzonderlijke omstandigheden, onafhankelijk van haar wil (bijv. onverwachte wagenpech, verkeersongeval, enz.). In dit geval moet het verzoek tot niet-toepassing van voormelde maatregelen door de club gericht worden aan de Verantwoordelijke Nationale Toernooien, binnen de acht dagen volgend op de ontmoeting.

In geval bij een ploegenforfait het verzoek aanvaard wordt en behalve voor de laatste ronde (waar de forfaitscore behouden wordt), kan de ontmoeting gespeeld worden op een nieuwe datum die door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien zal bepaald worden.

d.     Indien een ploeg uit afdeling I, II of III forfait geeft, terwijl volgens de rangschikking het mathematisch niet meer mogelijk is de degradatie naar een lagere afdeling te ontlopen, zal deze ploeg naar twee afdelingen lager degraderen. De vrijgekomen plaats in de lagergelegen afdeling wordt ingenomen door de beste tweede van de daarop lagere afdeling.

Artikel 36 – Uitslagen

a.     De thuisploeg dient de individuele uitslagen tegen middernacht van de dag van die ronde via de module Resultaten binnen InterclubsManager op de website www.frbe-kbsb-ksb.be in te geven en te bevestigen. De uitploeg dient deze uitslagen te ondertekenen tegen 12u ‘s anderendaags. In geval van correcties dient de uitploeg deze ook door te voeren tegen 12u. De verantwoordelijke van de thuisclub zal hiervan een mail krijgen en dient dan zelf deze correcties te bevestigen tegen 20u.

Opdat de pers over deze resultaten zou kunnen berichten in de maandagkrant, is er bijkomend de verplichting voor de thuisploegen uit eerste afdeling om de ploeguitslagen vóór 21u op de dag van de ronde te sms-en naar de VNT. Deze zal de ploeguitslagen en de stand naar de pers doorsturen rond 21u.

b.     De Verantwoordelijke Nationale Toernooien of zijn vertegenwoordiger stelt de uitslagen binnen de dag na die ronde beschikbaar op het door het bestuursorgaan bepaald medium.[413]

c.     Elke vertraging bij het doorzenden van de uitslagen en elke zending van onjuist ingevulde gegevens wordt beboet met een bedrag bepaald door het bestuursorgaan.

Artikel 37 – Rangschikking

a.     De rangschikking wordt opgemaakt volgens het behaald aantal matchpunten; bij gelijkheid tussen twee of meerdere ploegen[414] beslist het aantal bordpunten. Bij nieuwe gelijkheid tussen twee of meerdere ploegen worden testwedstrijden op de door het BO vastgelegde datum gespeeld wanneer een titel, promotie, degradatie of afvaardiging ervan afhangen (waarbij de VNT de verdere modaliteiten zoals speelvorm (een gewone ontmoeting bij twee ploegen, een Hutton-toernooi bij meerdere ploegen), lottrekking voor de kleur, neutrale locatie, eventueel gereduceerd speeltempo, … bepaalt), zo niet wordt het Sonnenborn-Berger systeem voor ploegen toegepast op de matchpunten en vervolgens, indien nodig, op de bordpunten.

b.     Voor de matchpunten geldt volgend systeem : winst = 2 punten, gelijkspel = 1 punt, verlies = 0 punten. Voor de bordpunten geldt volgend systeem: winst = 1 punt, remise = 1/2 punt, verlies = 0 punten. Winst/gelijkspel/verlies voor de matchpunten wordt bepaald door de bordpunten per ploeg (na controle door de VNT) op te tellen en het totaal met elkaar te vergelijken.

c.     Bij volledige ploegforfait wordt de uitslag vastgesteld op 2-0 voor de matchpunten, en voor de bordpunten op 8-0 voor een ploeg van 8 spelers, op 6‑0 voor een ploeg van 6 spelers en op 4-0 voor een ploeg van 4 spelers.

d.     Voor elke testwedstrijd bepaalt de Verantwoordelijke Nationale Toernooien de modaliteiten. Hij bepaalt het lokaal (neutraal terrein) waar die wedstrijd dient gespeeld te worden. Hij doet de lottrekking om te bepalen welke ploeg wit heeft op het eerste bord. Hij zorgt zelf dat er een wedstrijdleider wordt aangeduid door de voorzitter van de CIS.

        Indien de testwedstrijd op een gelijkheid eindigt, dan dient via lottrekking een scheiding gemaakt te worden.

        Enkel de spelers die op een spelerslijst staan en die minstens drie maal gespeeld hebben voor deze ploeg, zijn gerechtigd om in deze testwedstrijd te spelen.

        De volgorde van de opstelling van de spelers wordt bepaald door dezelfde spelerslijst die het hele seizoen van kracht was.

Artikel 38 – Lokaal en speelvoorwaarden, wedstrijdvereisten en voorbehoud

a.     De thuisploeg dient te zorgen voor een lokaal met normale speelvoorwaarden. Zij zorgt er voor dat spellen, borden, klokken en notatieformulieren klaar staan op het voorziene aanvangsuur van de partijen. Bij de inschrijving voor de competitie wordt elke club verplicht een aantal inlichtingen over de toegankelijkheid van zijn lokaal in te dienen. Er zal o.a. vermeld worden of het speellokaal voor motorisch mindervaliden zoals rolstoelpatiënten gemakkelijk toegankelijk is. De precieze inlichtingen die dienen ingediend te worden, zullen door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien bepaald worden in de jaarlijkse aankondiging van de nationale interclubs die aan de clubs de data en de inschrijvingsmodaliteiten vermeldt.

b.     Het aanvangsuur van de ontmoeting moet strikt nageleefd worden.[415]

c.     Elke thuisploeg waarvan het materiaal niet tijdig klaar staat zal de vertraging ten laste moeten nemen. Deze tijd zal afgetrokken worden van de bedenktijd van alle spelers van de thuisploeg.

d.     De gebruikte klokken moeten van een door de FIDE erkend model zijn.

e.     De thuisploeg moet een lid beschikbaar stellen voor het noteren van de partijen bij wederzijdse tijdnood. Dit lid mag deze functie evenwel niet inroepen voor tussenkomsten die behoren tot de bevoegdheid van een wedstrijdleider (vb. hij heeft niet het recht te wijzen op het vallen van een vlag).

f.     De ploegkapitein mag slechts tussenkomen om een voorstel van remise vanwege zijn speler goed te keuren of af te wijzen[416]. Hij heeft niet recht om vb. op het vallen van een vlag te wijzen[417].

g.     De thuisploeg dient voldoende notatieformulieren ter beschikking te stellen voor alle spelers. Voor partijen uit eerste afdeling worden doorslag-notatieformulieren ter beschikking gesteld (aan te vragen bij de voorzitter van de Commissie van Internationale Scheidsrechters (CIS)). Hierbij geldt, in de eerste afdeling, de verplichting om het origineel notatieformulier af te geven aan de thuisclub. Deze dient de partijen in te geven en elektronisch door te sturen. Zowel de persoon naar wie als het formaat waarin als het tijdsbestek waarbinnen deze partijen dienen opgestuurd te worden, worden door het bestuursorgaan bepaald. De aangeduide persoon verzamelt alle ingezonden partijen en plaatst deze op een website.

h.     De thuisclub dient de laatste versie van de Engelstalige, Nederlandstalige, Franstalige en Duitstalige FIDE-reglementen aanwezig te hebben in het clublokaal, alsook de laatste versie van de KBSB-wedstrijdreglementen.

i       De thuisclub dient ook de borden te nummeren (zie art. 31.f). Daarnaast dient zij ook op een centrale plaats (vb. informatiebord, schoolbord, grote affiche, …) een overzicht te hebben van de namen van de spelers van alle partijen uit alle ontmoetingen; de uitslagen van de gespeelde partijen dienen hierop eveneens bijgehouden te worden.

j .    Ieder voorbehoud vanwege de bezoekers omtrent het lokaal, de speelvoorwaarden, de wedstrijdvereisten en andere moet voor aanvang van de wedstrijd schriftelijk geformuleerd worden en door de kapitein van de thuisploeg mede ondertekend worden voor kennisname. Voorbehoud nopens feiten die zich voordoen tijdens de wedstrijd dienen zo vlug mogelijk op dezelfde wijze te worden behandeld. Dit document dient binnen de drie werkdagen bij de Verantwoordelijke Nationale Toernooien toe te komen. Het ondertekenen is puur voor kennisname en houdt geen schuldbekentenis of dergelijke in. Daarom mag dit nooit geweigerd worden. Indien volgens de ondertekenaar de neergeschreven versie niet strookt met zijn versie, dan dient hij zijn versie eveneens op te schrijven, die te laten ondertekenen door de tegenpartij voor kennisname en die in dezelfde termijn op te sturen naar de Verantwoordelijke Nationale Toernooien.

Artikel 38 bis – Arbitrage

Per ontmoeting dient er steeds een verantwoordelijke van de ontmoeting te zijn. Eenzelfde persoon kan ook verantwoordelijk zijn voor meerdere ontmoetingen.

Officieel aangeduide scheidsrechters

a.     Voor elke ontmoeting uit 1ste afdeling wordt door de voorzitter van de Commissie van Internationale Scheidsrechters (CIS) een scheidsrechter aangeduid. Indien de Verantwoordelijke Nationale Toernooien het nodig acht wegens het belang van de wedstrijd, dan kan hij eveneens een scheidsrechter aanvragen bij de voorzitter van de CIS voor ontmoetingen uit andere afdelingen. De lijst van de ontmoetingen met aangeduide arbiters wordt via een door het bestuursorgaan bepaald medium gepubliceerd.

b.     Elke scheidsrechter ontvangt een vergoeding voor zijn reiskosten en een dagvergoeding. Deze bedragen worden jaarlijks vastgelegd door het bestuursorgaan.

c.     De scheidsrechter heeft de volgende taken :

1.     toe te zien op het verloop van de ontmoeting zoals voorzien in het FIDE-reglement.

2.     na te gaan of de speelomstandigheden aanvaardbaar zijn.

3.     de opstelling en uitslagen noteren, een rapport op te stellen over speelomstandigheden en getroffen beslissingen en dit alles over te maken aan de Verantwoordelijke Nationale Toernooien en aan de voorzitter van de Commissie van Internationale Scheidsrechters (CIS).

d.     Indien een club niet akkoord gaat met een beslissing van de scheidsrechter, kan hij, binnen de 5 werkdagen, in beroep gaan bij de Verantwoordelijke Nationale Toernooien.

e.     De thuisploegen verbinden er zich toe om, tenminste een uur[418] voor de aanvang van de ontmoeting, de scheidsrechters toegang te verschaffen tot de speelzaal.

f.     De scheidsrechter is eveneens verantwoordelijk voor alle ontmoetingen die in hetzelfde lokaal en op hetzelfde uur plaats vinden.

Verantwoordelijke van de ontmoeting

Wanneer een aangeduide scheidsrechter afwezig is (1ste afdeling) of wanneer er geen scheidsrechter is aangeduid (andere afdelingen), dan dienen de ploegkapiteins voor aanvang van de wedstrijden in onderling overleg met gezond verstand te bepalen wie in hun wedstrijd de taak van wedstrijdleider op zich neemt.

Het liefst dienen deze taken overgenomen te worden (in die volgorde) door een persoon die niet dient te spelen of door een erkende wedstrijdleider. Indien er geen bereidwillige wedstrijdleider of andere persoon gevonden wordt, dan dient één van de twee ploegkapiteins deze taak op zich te nemen. Indien de ploegkapitein van de uitploeg bij aanvang van de wedstrijd aanwezig is, dan is hij de verantwoordelijke van de ontmoeting; indien afwezig, dan neemt de ploegkapitein van de thuisploeg deze taak op zich.

De verantwoordelijke van de ontmoeting mag echter enkel ingrijpen om een normaal spelverloop mogelijk te maken of in gevallen waar hij gevraagd wordt. (Dus niet zelf ingrijpen bij het vallen van een vlag of bij een onreglementaire zet of …).

In geval de verantwoordelijke van de ontmoeting een speler is, dan mag in geval hij dient in te grijpen, zijn klok stilgezet worden.

Indien een club niet akkoord gaat met een beslissing van de verantwoordelijke van de ontmoeting, kan hij, binnen de 5 werkdagen, in beroep gaan bij de Verantwoordelijke Nationale Toernooien[419].

Volgende praktische schikkingen zijn ook van toepassing :

·      De scheidsrechter of de verantwoordelijke van de ontmoeting moet alles doen om het theoretische beginuur van de partijen, dat door de Verantwoordelijke Nationale Toernooien voor de competitie wordt vastgesteld, te respecteren. Indien, voor redenen onafhankelijk van zijn wil, dit theoretisch beginuur niet gerespecteerd kan worden, beslist de scheidsrechter of de verantwoordelijke van de ontmoeting over het effectieve beginuur van de partijen en over het verminderen van de tijden op de klok. Met in acht name van artikel 31.f wordt, indien de witspeler afwezig is, zijn klok in werking gesteld, ook al is de zwartspeler niet aanwezig; indien de witspeler aanwezig is en de zwartspeler afwezig, dan wordt de klok van de zwartspeler in werking gesteld, nadat de witspeler zijn zet heeft uitgevoerd.

·      Wat het roken in de speelzaal betreft is het KBSB reglement van toepassing. Het is ook geldig voor andere ontmoetingen in dezelfde zaal.

·      Een scheidsrechter of verantwoordelijke van de ontmoeting kan een wedstrijd vanwege onaanvaardbare spelcondities niet laten doorgaan. Hij dient dan per ontmoeting, een rapport op te stellen, ondertekend door de twee ploegkapiteins en op te sturen naar de Verantwoordelijke Nationale Toernooien. Deze zal dan een beslissing nemen omtrent het herspelen of het verloren verklaren van de ontmoeting of hij zal eender ander passende beslissing nemen.

INTERNATIONALE TOERNOOIEN

(Online / Over the Board)

(Per ploeg / Individueel)

De artikels 39 tot 42bis hebben geen betrekking op de internationale toernooien die voorbehouden zijn voor spelers jonger dan 20 jaar.

39. Algemene schikkingen.

1.       De zending van één speler, één ploeg, meerdere spelers, en/of meerdere ploegen als vertegenwoordiging van de KBSB naar een internationale competitie hangt af van de volgende voorwaarden.

a.    Van de selectiecriteria gespecificeerd voor elke competitie in artikels 40 tot 42bis.

b.    Van de reglementen van de FIDE, van de ECU of van de organisatoren.

c.     Van de reglementen en het budget van de KBSB of externe financieringen.

d.    De KBSB (Bestuursorgaan) behoudt het recht om niet deel te nemen aan een competitie indien bijvoorbeeld blijkt dat:

1.   de plaats van de competitie zich bevindt in oorlogsgebied (ook burgeroorlog)

2.   de beschikbare vervoersmogelijkheden niet beantwoorden aan gepaste veiligheidsnormen

3.   geschrapt

4.   er te weinig financiële middelen beschikbaar zijn.

2.     De beslissing om deel te nemen aan een competitie komt toe aan het bestuursorgaan van de KBSB na voordracht van de Verantwoordelijke van de Internationale Toernooien. Deze laatst bewerkstelligt de beslissing van het BO.

3.     a) De selectie van de spelers die op de Belgische lijst van de FIDE-ratinglijst staan, gebeurt volgens art. 11 b. en 11 c.

b) De opstelling van de spelers wordt bepaald in onderling overleg via de ploegkapitein. Indien er geen consensus is, beslist de Verantwoordelijke Internationale Toernooien (conform art. 41.c).

4.     Een persoon met de Belgische nationaliteit moet voorkomen op de lijst FIDE ELO BEL.

5.      Een persoon met een andere dan de Belgische nationaliteit kan niet geselecteerd worden als speler van de delegatie van de KBSB, tenzij deze op de FIDE ELO-lijst als Belg staat en gedomicilieerd is in België vanaf tenminste 1 januari van het jaar voorafgaand aan dat waarin de competitie plaats vindt.

6.     Daarenboven om verkiesbaar te zijn moet een speler tijdens de vijf jaar die voorafgaan aan de limietdatum van het selectiejaar bepaald in art. 39.3:[420]

·        ten minste 30 partijen gespeeld te hebben die verwerkt werden voor standaard FIDE-ELO, en

·        minstens eenmaal deel genomen hebben aan het Belgisch kampioenschap (Jeugd, Experts, Dames of Open).

Indien één van deze twee voorwaarden niet is vervuld, maar indien de speler wel de  andere voorwaarde twee maal heeft vervuld (dus minstens 60 partijen die verwerkt werden voor standaard FIDE-ELO of twee maal deelname aan een BK), dan staat dit gelijk aan het vervuld zijn van beide voorwaarden.

Wegens de vele annulaties van toernooien en competities, worden de coronajaren 2020 en 2021 buiten beschouwing gelaten. Dit betekent dat voor de uitzendingen van 2022 de jaren 2015, 2016, 2017, 2018 en 2019 meetellen. Voor de uitzendingen van 2023 de jaren 2016, 2017, 2018, 2019 en 2022 meetellen. Voor de uitzendingen van 2024 de jaren 2017, 2018, 2019, 2022 en 2023 meetellen. Etc…

7.     Voor de open competities is een minimum FIDE ELO van 2250 vereist om geselecteerd te worden (zie art. 11.b).

8.     Voor de competities uitsluitend voorbehouden aan de dames is een minimum FIDE ELO van 1800 (zie art. 11.b) vereist om geselecteerd te worden.

9.     Telkens wanneer beroep gedaan wordt op de kampioen of de kampioene van België, gaat het om de titelvoerend kampioen of kampioene. Echter deze selectie kan maar éénmaal gebruikt worden voor jaarlijkse toernooien.

10.   Om kapitein of begeleider te zijn van de delegatie is op het vlak van nationaliteit en voorkomen op de lijst FIDE ELO BEL geen enkele voorwaarde vereist.

11.  De Verantwoordelijke van de Internationale Toernooien legt in functie van voorgaande criteria en de beslissingen van het bestuursorgaan van de KBSB de voorziene modaliteiten vast voor de verplaatsing, het verblijf, de organisatie van de delegatie van de KBSB en de terugbetaling van de kosten van de leden van deze delegatie. De Verantwoordelijke van de Internationale Toernooien communiceert de modaliteiten via de website en/of per e-mail aan elk lid van de delegatie van de KBSB (spelers, eventuele kapitein, eventuele begeleider). Deze leden zijn verplicht de modaliteiten schriftelijk of via e-mail te aanvaarden. De Verantwoordelijke van de Internationale Toernooien kan een speler die deze modaliteiten weigert te aanvaarden, niet selecteren, tenzij hij met deze persoon een andere regeling kan treffen die de KBSB in niets benadeelt.

12.  De Commissie voor Geschillen kan in het bezit gesteld worden van een beroep tegen de beslissingen van de Internationale Verantwoordelijke en van het bestuursorgaan, in dezelfde mate en op dezelfde manier als deze in bezit gesteld kan worden van een beroep tegen beslissingen van de Verantwoordelijke van de Nationale Toernooien en het bestuursorgaan aangaande toernooien georganiseerd in België door de KBSB.

13.  Het bestuursorgaan bepaalt de procedure van inschrijving van de kandidaturen van de spelers, kapiteins of de eventuele begeleiders. De einddatum van de inschrijving van de kandidaturen ligt op 3 maanden van de eerste ronde van het evenement. Indien dit niet mogelijk is (bijvoorbeeld, de aankondiging van het evenement gebeurt op minder dan 3 maanden van de eerste ronde), bepaalt het BO de einddatum van de inschrijving van de kandidaturen.

14.  Aan spelers die hun deelname na de bevestiging alsnog annuleren, zullen (behalve in geval van overmacht) de kosten als gevolg van deze annulering verhaald worden.

40. FIDE of ECU Internationale Individuele toernooien

De Internationale Verantwoordelijke zorgt voor de inschrijving van alle geïnteresseerde spelers. De inschrijvingsbedragen zijn ten laste van de spelers tenzij een andersluidende beslissing van het bestuursorgaan van de KBSB genomen wordt. Bovendien moeten de betrokken spelers zich ertoe verbinden om de reglementen van de ECU en de FIDE te respecteren en om de KBSB schadeloos te stellen o.a. in geval ze zich na inschrijving zouden terugtrekken.

Indien een kandidaat aan één van de voorwaarden van artikel 39 niet beantwoordt, heeft hij/zij geen voorrang op de kandidaten die wel aan alle voorwaarden beantwoorden. In geval er meerdere zulke kandidaten zouden zijn, wordt de volgorde van hen bepaald door FIDE-elo volgens art. 11 b) en c).

Selectievolgorde: ELO in dalende volgorde volgens artikel 11.b en 11.c.

41. FIDE of ECU Internationale ploegentoernooien.

a)    Om een openploeg te kunnen afvaardigen, moet er voldaan zijn aan de volgende voorwaarde : er dient een complete ploeg van spelers te zijn die beantwoorden aan de condities bepaald in artikel 39.

b)    Om een vrouwenploeg te kunnen afvaardigen, moet er voldaan zijn aan de volgende voorwaarde : er dient een complete ploeg van speelsters te zijn die beantwoorden aan de condities bepaald in artikel 39.

c)     De volgorde van opstelling van de spelers is vastgelegd volgens de ELO-rangschikking bepaald in artikel 39. De ploegkapitein kan afwijken van deze volgorde van opstelling na alle spelers van een ploeg hiervoor geraadpleegd te hebben.

d)    Het bestuursorgaan duidt de ploegkapitein aan. Dit kan één van de spelers zijn of niet. Het bestuursorgaan kan daarenboven ook een begeleider aanduiden.

e)     De definitie van een minimale complete ploeg is een ploeg met als aantal spelers de spelers die elke ronde moeten spelen. Dus een ploeg zonder reservespelers en zonder coach.

f)      Indien een kandidaat aan één van de voorwaarden van artikel 39 niet beantwoordt, heeft hij/zij geen voorrang op de kandidaten die wel aan alle voorwaarden beantwoorden. In geval er meerdere zulke kandidaten zouden zijn, wordt de volgorde van hen bepaald door FIDE-elo volgens art. 11 b) en c).

g)     Selectievolgorde voor jaarlijkse internationale ploegentoernooien

1.        De huidige kampioen/e van België. 

2.        ELO in dalende volgorde volgens artikel 11.b en 11.c

h)     Selectievolgorde voor tweejaarlijkse internationale Ploegentornooien

1.        Kampioenen van België van de twee voorafgaande jaren in dalende volgorde van FIDE ELO volgens artikel 11.b en 11.c

2.        ELO in dalende volgorde volgens artikel 11.b en 11.c

42. Andere internationale toernooien.

Het bestuursorgaan van de KBSB kan beslissen dat zij zal deelnemen aan andere internationale competities, die niet FIDE of ECU toernooien zijn, op voorstel van de Internationale Verantwoordelijke. De samenstelling van de delegatie van de KBSB (spelers, speelsters, eventuele kapitein, eventuele begeleider) volgt de regels van artikel 39 en laat zich leiden door de vastgelegde artikels 40 en 41.

a.           Indien een kandidaat aan één van de voorwaarden van artikel 39 niet beantwoordt, heeft hij/zij geen voorrang op de kandidaten die wel aan alle voorwaarden beantwoorden. In geval er meerdere zulke kandidaten zouden zijn, wordt de volgorde van hen bepaald door FIDE-elo volgens art. 11 b) en c).

b.           Als in de bepalingen van de organisator het aantal uitgenodigde spelers beperkt is, zal de selectie gebeuren in dalende volgorde van ELO volgens artikel 11.b en 11.c

42bis. Europabeker van clubs.

Artikel 39 is niet van toepassing op deze competitie.

De winnende club van het laatste Belgische Interclubkampioenschap voor de sluiting van de inschrijvingen, is geplaatst voor de Europabeker van Clubs, georganiseerd door de « European Chess Union » (ECU).

Andere clubs kunnen ook geplaatst zijn voor deze competitie overeenkomstig de reglementen van de ECU.

Ingeval dat één of meerdere geplaatste clubs afstand doen van dit recht, kunnen ze slechts vervangen worden door clubs die binnen de zes eersten eindigden op het laatste Belgisch Interclubkampioenschap.

Op hun vraag schrijft de Internationale Verantwoordelijke de geplaatste clubs in voor deze competitie. De inschrijvingsbedragen zijn ten laste van de clubs tenzij een andersluidende beslissing van het bestuursorgaan van de KBSB. De ingeschreven clubs verbinden zich ertoe om de reglementen van de FIDE, de ECU of de organisatie te respecteren en om de KBSB schadeloos te stellen o.a. in geval ze zich na inschrijving zouden terugtrekken.

42ter

Indien er nieuwe formats uitkomen of afwijkingen komen zowel op FIDE/ECU als op andere internationale toernooien die niet besproken zijn in dit hoofdstuk, dan beslist het BO. Echter de logica van de selectievolgorde van individuele of ploegentoernooien enerzijds en jaarlijks of tweejaarlijks anderzijds zal zoveel mogelijk gevolgd worden.

JEUGDREGLEMENT VAN DE KBSB

Hoofdstuk 1: Algemene regels

Artikel 43 – Functie nationaal jeugdleider

De nationale jeugdleider is verantwoordelijk voor het Belgisch Jeugdkampioenschap.

Afhankelijk van het budget voor de jeugd, wordt een Belgisch Jeugdkampioenschap Rapid en Blitz georganiseerd

Artikel 44 – Voorwaarden deelname

Alle jeugdkampioenschappen zijn voorbehouden aan de leden aangesloten bij een club die lid is van KBSB, die de leeftijd van 20 jaar niet bereikt hebben op 1 januari van het kalenderjaar.

Artikel 46 – Definitie Elo

Indien er vermelding wordt gemaakt van een eloquotering, wordt de hoogste van de nationale rating en de Fide-rating genomen, tenzij het expliciet anders vermeld wordt.

Hoofdstuk 2: Nationale jeugdkampioenschappen

Artikel 47 – Inrichting

De nationale jeugdleider kan, mits goedkeuring door het bestuursorgaan, een der culturele federaties, een liga, een club, een organisatiecomité of een privé-persoon als inrichter aanwijzen.

De nationale jeugdkampioenschappen worden ingericht tijdens de paasvakantie. Wanneer de vakantieperiodes in de drie landsgedeeltes niet samenvallen, kan de nationale jeugdleider een wisseloplossing uitwerken voor 1 januari van het jaar der kampioenschappen.

Artikel 48 – Inrichters

De inrichters zijn verantwoordelijk voor:

  • aanduiding van de wedstrijdleiders
  • de voorwaarden voor verblijf van de jeugdspelers + begeleiders
  • de inschrijvingen
  • het bepalen van het deelnamerecht
  • het wedstrijdreglement

De inrichters overleggen alle genomen beslissingen met de nationale jeugdleider.

Artikel 49 – Aanmelding

Elke speler dient zich ten laatste één uur voor de aanvang van het kampioenschap persoonlijk aan te melden.

Artikel 50 – Categorieën

Voor jongens en meisjes gelden de leeftijdscategorieën zoals bepaald door de FIDE. Jongens en meisjes spelen in principe een afzonderlijk toernooi voor zover dit geen problemen geeft voor de paringen. Anders spelen ze in een gemeenschappelijk toernooi maar dan worden prijzen en titels volledig gescheiden. In geval van onvoldoende deelnemers in één of meerdere categorieën, worden sommige categorieën samengevoegd.

Voor alle leeftijdscategorieën bevatten de nationale jeugdkampioenschappen negen partijen gespeeld in zeven dagen. In elke categorie wordt een open kampioenschap georganiseerd.

Het aantal deelnemers is onbeperkt.

De open kampioenschappen worden betwist volgens een Zwitsers systeem toegelaten door de FIDE of volgens de Bergertabellen indien het aantal deelnemers dit toelaat.

Artikel 51 – Elite jeugdkampioenschap – afgeschaft

Artikel 52 – Inschrijvingen

De inschrijvingen, samen met de betalingen van het inschrijvingsrecht en de verblijfskosten dienen te gebeuren ten laatste één maand voor de aanvang van het toernooi . De inschrijvingsformulieren dienen gezonden te worden naar de organisatie. Het inschrijvingsrecht en de eventuele verblijfskosten dienen overgemaakt te worden aan de organisatoren.

Bij de inschrijving moet de speler vermelden: naam, voornaam, stamnummer, geslacht, geboortedatum, nationaliteit, adres, telefoonnummer, e-mail adres ouders, e-mail adres clubverantwoordelijke, naam van zijn club, stamnummer en de reeks waarin hij wenst deel te nemen.

Jongere deelnemers mogen desgewenst in een hogere reeks deelnemen mits vermelding bij de inschrijving. Zonder aanduiding van voorkeur wordt elke speler geacht in zijn leeftijdscategorie te spelen.

De organisatie stuurt de voltallige deelnemerslijst door naar de Nationale Jeugdleider ten laatste 2 weken voor het begin van het kampioenschap

Artikel 53 – Besteding inschrijvingsrecht

Het inschrijvingsrecht dient als volgt besteed te worden :

  • minimum 80 % is bestemd voor prijzen.
  • maximum 20 % is bestemd voor het dekken van administratiekosten.

De organisatie stelt haar boekhouding van het toernooi ter beschikking aan de nationale jeugdleider tercontrole.

Artikel 54 – Subsidie

De KBSB stelt een subsidie ter beschikking aan de organisatoren van de nationale jeugdkampioenschappen. Deze dient als volgt aangewend te worden :

  • verblijf en forfaitaire kostenvergoeding voor wedstrijdleiders
  • verblijf en forfaitaire kostenvergoeding voor organisatoren en de nationale jeugdleider
  • administratiekosten
  • nevenactiviteiten

Artikel 55 – Tempo

Het tempo van de partijen van de Belgische Jeugdkampioenschappen voor alle leeftijdscategorieën moet een tempo zijn dat aanvaard wordt voor de Belgische Elo verwerking en voor de FIDE Elo verwerking. De nationale jeugdleider legt het tempo vast in lijn met de tempo op het WK en/of EK voor de jeugd.

Artikel 56 – Klachten

Elke klacht tegen beslissingen van de hoofdwedstrijdleider of van de wedstrijdleiders, moet schriftelijk worden ingediend binnen één uur na het einde van de voorziene speelduur, bij de hoofdwedstrijdleider. Deze laatste roept zo snel mogelijk een vergadering van de beroepscommissie samen.

Artikel 57 – Beroepscommissie

De beroepscommissie moet voor aanvang van de 1ste ronde als volgt samengesteld worden: een vertegenwoordiger van elke culturele federatie, een speler van elke culturele federatie en de nationale jeugdleider, die als voorzitter zal optreden.

Na gebeurlijk de partijen gehoord te hebben beslist de commissie, met gewone meerder­heid. In geval van gelijkheid van stemmen wordt de beslissing van de hoofdwedstrijdleider bevestigd. Deze beslissing van de commissie is zonder verhaal.

Artikel 58 – Toernooizaal

In de toernooizaal moet een ruimte worden voorbehouden die uitsluitend door de spelers, de wedstrijdleiders, de inrichters, de nationale jeugdleider en de jeugdleiders van de culturele federaties.

Artikel 59 – Eloverwerking

De partijen van alle leeftijdscategorieën worden door de hoofdwed­strijdleider binnen de week na het kampioenschap voor verwerking overgemaakt aan de nationale klassementsleider.

Hoofdstuk 3: Internationale Jeugduitzendingen

Artikel 60 – Internationale toernooien

De beste Belgische jeugdspelers nemen deel aan internationale jeugdtoernooien.  De lijst van die toernooien wordt opgemaakt door de verantwoordelijke internationale jeugduitzendingen en goedgekeurd door het BO en gepubliceerd voor aanvang van het Belgisch Jeugdkampioenschap. Sommige details zullen gekend zijn (zoals plaats en datum); andere details misschien nog niet (zoals prijs, deadline van inschrijving, andere modaliteiten). Deze zullen van zodra ze bekend zijn, aangevuld worden in de publicaties.

Artikel 61 – Rechtstreekse selectie

De jeugdspelers die door FIDE als belg beschouwd worden, en die aan de selectienorm voldoen, hebben automatisch het recht deel te nemen aan de internationale toernooien.

Elke rechtstreekse geselecteerde mag deelnemen aan een toernooi naar keuze. Indien een rechtstreeks geselecteerde deelneemt aan meer dan één toernooi, wordt dit voor alle bijkomende toernooien als een bijkomende deelname aanzien (artikel 65).

Artikel 62 – Selectienorm: prestatie op het BJK

De volgende spelers zijn geselecteerd:

  • de eerste 2 spelers van een open categorie per geslacht

Indien een speler niet wenst deel te nemen aan een internationaal toernooi, gaat het recht niet over naar lager geklasseerde spelers.

Iedere geselecteerde speler die wenst deel te nemen aan een internationaal toernooi moet bij de verantwoordelijke internationale jeugduitzendingen zijn/haar kandidatuur indienen uiterlijk 14 dagen na het einde van het BJK.

Artikel 65 – Bijkomende Deelnemers

Iedere jeugdspeler die door de FIDE als Belg beschouwd wordt, kan bij de verantwoordelijke internationale jeugduitzendingen een aanvraag tot selectie indienen uiterlijk 14 dagen na het einde van het BJK.

De kandidatuur omvat

  • aan welk toernooi de speler wenst deel te nemen

De spelers die niet geselecteerd zijn op basis van de criteria opgenomen in het artikel 62 worden enkel ingeschreven voor de competitie indien daardoor de inschrijving van de geselecteerde spelers niet in het gedrang komt. Ze worden ingeschreven op hun eigen risico. Zij stellen de K.B.S.B. vrij van elke aansprakelijkheid. De K.B.S.B. kan bovendien eisen dat zij voor hun burgerlijke aansprakelijkheid verzekerd zijn en, zo ze minderjarig zijn, dat ze op hun kosten begeleid worden door een meerderjarige die zal instaan voor het toezicht en begeleiding.

Artikel 67 – Inschrijving

Alle geselecteerde spelers ontvangen een uitnodiging tot inschrijving. Deze uitnodiging bevat een schatting van de kosten voor de spelers en begeleidende ouders. De spelers hebben 14 dagen om hun selectie te bevestigen.

De bevestiging is slechts definitief door het voorschot te betalen ten bedrage van 100% van de geschatte kost.

Spelers die hun deelname na de bevestiging alsnog annuleren, zullen (behalve in geval van overmacht) de kosten als gevolg van deze annulatie verhaald worden

Artikel 68 – Officiële begeleiding

Van zodra 3 geselecteerden deelnemen aan één toernooi, voorziet de KBSB dat een officiële begeleider wordt meegestuurd. 

De bijkomende deelnemers (artikel 65) betalen alle bijkomende kosten die veroorzaakt worden voor de begeleiding van de bijkomende spelers.

De KBSB zal de kosten voorzien in dit artikel dekken voor zover een budget voorzien werd door de AV.

De KBSB behoudt het recht om niet deel te nemen aan een competitie indien blijkt dat er te weinig financiële middelen beschikbaar zijn.

Artikel 69 Financiële regeling

Hieronder volgt een tabel met de verschillende kosten voor de uitzendingen. Voor elke groep wordt aangeduid wie er de kosten draagt.

  SelectienormBijkomende deelnemers (art 65)
vliegtuigticketspelerspeler
Lokaal transportspelerspeler
verblijfskostenspelerspeler
Logistieke kosten organisatiespelerspeler
Inschrijvingsgeld organisatieKBSBspeler
Registratie FIDEKBSBspeler
Officiële begeleidingKBSBspeler

De administratiekosten dienen om de meerkosten op te vangen bij een zeer groot aantal selecties.  De nationale jeugdleider legt het bedrag van de administratiekosten vast samen met de schatbewaarder.

De KBSB behoudt het recht om niet deel te nemen aan een competitie indien blijkt dat er te weinig financiële middelen beschikbaar zijn.

Artikel 70 Korting Logement

Op de meeste toernooien is er een (bijna) gratis logement voor 1 of meerdere spelers per leeftijdscategorie. Dit voorrecht wordt aan de beste speler(s) gegeven volgens deze rangschikking:

·   eerst volgens de stand op het laatste BJK voor de spelers van de selectienorm van dezelfde categorie

·   daarna volgens de stand op het laatste BJK voor de speler op de 3de plaats van dezelfde categorie

·   daarna volgens hoogste gebruikte elo op moment van het BJK voor alle bijkomende selecties (enkel spelers die aan het BJK meededen)

·   tenslotte voor alle andere spelers volgens hoogste te gebruiken elo op het moment van het BJK

Hoofdstuk 4 : Nationale rapid- en snelschaakkampioenschappen voor de jeugd.

Artikel 71 – Omschrijving.– Het voorliggende reglement is van toepassing op de jaarlijkse nationale snel- en rapidkampioenschappen voor de jeugd van de K.B.S.B.

Artikel 72 – Organisatie en deelnemers.– De artikels 43 tot en met 50 van de nationale jeugdkampioenschappen zijn van toepassing.

Artikel 73 – Categorieën.– Zowel voor de meisjes als voor de jongens wordt er een kampioenschap ingericht in de volgende leeftijdscategorieën: <20, <18, <16, <14, <12, <10, <8 jaar, leeftijd op 1 januari van het lopende jaar. Het is toegestaan om in een hogere categorie deel te nemen. De nationale jeugdleider kan er ook toe beslissen om meerdere categorieën samen te brengen. Het aantal deelnemers is onbeperkt, tenzij andersluidende beslissing van de nationale jeugdleider. Deze beslissing dient te worden genomen voor 1 januari van het jaar waarin de kampioenschappen plaatsvinden.

Artikel 74 – Systeem en speelformule, tempo.

A.    Rapidkampioenschappen : de rapidkampioenschappen worden in de verschillende categorieën op één dag afgewerkt. Het toernooi telt in principe 7 ronden en het speeltempo is 25 minuten per speler en per partij.

B.    Snelschaakkampioenschappen : de blitzkampioenschappen worden in de verschillende categorieën op één dag afgewerkt. Het toernooi telt in principe 11 ronden en het speeltempo is 5 minuten per speler, per partij.

C.    Algemeen : Afhankelijk van het aantal deelnemers spelen ze een gesloten toernooi of volgens de regels van het « Zwitsers » systeem, die door de F.I.D.E. zijn goedgekeurd. Bij een beperkt aantal ronden wordt de scheidsrechter verzocht een Zwitsers systeem met versnelde paringen te gebruiken. Om de eindrangschikking te bepalen in geval van gelijkheid van punten, worden de door de F.I.D.E. voorziene scheidingssystemen toegepast. De gebruikte systemen moeten voor aanvang van het toernooi aan de deelnemers worden meegedeeld.

Artikel 75 – In de toernooizaal wordt een ruimte voorbehouden voor spelers en scheidsrechters. Het publiek en de begeleiders van de spelers krijgen geen toegang tot die ruimte.

Artikel 76 – Inschrijvingsgeld – Het bedrag van het inschrijvingsgeld wordt elk jaar door de nationale jeugdleider vastgelegd.

Artikel 78 – Prijzen – De inschrijvingsgelden moeten als volgt worden aangewend (te bewijzen door de organisator): 80 % dient voor de aankoop van prijzen in natura, souvenirs en trofeeën; 20 % is bestemd om de organisatiekosten te dekken.

Artikel 79 – Internationale toernooien –

A. Rapidpartijen: De rapidkampioenschappen dienen als selectiecriterium voor internationale rapidtoernooien.

B. Snelschaakpartijen: De blitzkampioenschappen dienen als selectiecriterium voor internationale blitztoernooien.

Hoofdstuk 5 : Nationaal interscholenkampioenschap

Artikel 80

De KBSB interscholenfinale wordt betwist door minimaal 25 (lager, middelbaar) ploegen die als volgt gekozen worden:

·      1 plaats voor de school van de uittredende kampioen;

·      1 plaats aangeduid door de organiserende school;

·      minimaal 10 ploegen aangeduid door de VSF;

·      minimaal 10 ploegen aangeduid door de FEFB;

·      minimaal 3 ploegen aangeduid door de SVDB.

Indien de organisatie meer ploegen kan ontvangen, mag ze de selectie van het aantal ploegen uitbreiden.

De nationaal jeugdleider kan aan de organisatie een extra ploeg toekennen teneinde met een even aantal ploegen per reeks te spelen.

Vanaf het nationaal interscholenkampioenschap 2019 worden volgende categorieën gehanteerd:

A1.lager onderwijs mini (leerlingen uit het 1ste tot en met 3de leerjaar);

A2.lager onderwijs (leerlingen uit het 1ste tot en met 6de leerjaar);

B. middelbaar onderwijs.

met volgend aantal ploegen :

A1.lager onderwijs mini (11 ploegen)

1 plaats voor de school van de uittredende kampioen

1 aangeduid door de organiserende school

minimaal 4 ploegen aangeduid door de VSF/FEFB

minimaal 1 ploeg aangeduid door de SVDB

A2.lager onderwijs (16 ploegen)

1 plaats voor de school van de uittredende kampioen

1 aangeduid door de organiserende school

minimaal 6 ploegen aangeduid door de VSF/FEFB

minimaal 2 ploegen aangeduid door de SVDB

B. middelbaar onderwijs (25 ploegen)

1 plaats voor de school van de uittredende kampioen

1 aangeduid door de organiserende school

minimaal 10 ploegen aangeduid door de VSF/FEFB

minimaal 3 ploegen aangeduid door de SVDB

Artikel 81

Elke ploeg bestaat uit vier leerlingen van :

  1. het middelbaar onderwijs van dezelfde Belgische school. Een leerling uit het lager onderwijs kan deelnemen aan het schoolschaakkampioenschap voor middelbaar onderwijs, wanneer die lagere school verbonden is aan de middelbare school.
  2. het lager onderwijs van dezelfde Belgische school. Een kleuter die in dezelfde school is ingeschreven mag deelnemen aan het schoolschaakkampioenschap voor lager onderwijs.

Bij de aanmelding op het toernooi dienen de ploegkapiteins een officieel schoolattest voor te leggen (met de naam en de handtekening van de directeur/directrice), waaruit blijkt dat alle deelnemers ingeschreven zijn als leerlingen van één en dezelfde school.

c.  de ploegen worden opgesteld volgens de meest recente Belgische Elo-lijsten. Hierbij kan aan een niet geklasseerde speler tot 1300 elo toegekend worden.

d. vanaf het interscholenkampioenschap 2019 : in iedere ploeg uit de reeks lager onderwijs mini wordt minstens één meisje opgesteld.

Artikel 82

Wedstrijdsysteem: negen ronden Zwitsers

Artikel 83

Het FIDE-reglement voor Rapidschaak is van toepassing met dien verstande dat de totale speeltijd 15 minuten per speler is.

Artikel 84

Na de aanmelding mag de rangorde van de spelers niet meer veranderd worden.

Bij onregelmatige opstelling verliest elke onregelmatig opgestelde speler de partij met forfaitcijfer. Bij de uitwerking hiervan zal de toernooileider er evenwel voor zorgen dat de ploeg zo weinig mogelijk benadeeld wordt.

Artikel 85

Elke ploegkapitein meldt per ronde het volledig ploegresultaat van zijn ploeg (bord per bord) bij de wedstrijdleiding.

Artikel 85 bis Scheidingssysteem

a.     matchpunten

b.     bordpunten (1, 0,5 of 0 punten per bord)

c.     onderlinge uitslag

d.     ingeval er nog gelijkheid is, dient een testmatch gespeeld te worden, volgens het snelschaakreglement, zo de titel op het spel staat (lottrekking van kleur).

e.     bij nieuwe gelijkheid zal het Sonneborn-Berger-systeem worden toegepast op de matchpunten

f.     en vervolgens op de bordpunten

Artikel 86

Indien nodig kunnen de spelers steeds de wedstrijdleiding raadplegen.

Artikel 87

De wedstrijdleiding beslist in alle onvoorziene gevallen.

Artikel 88

De Nationale Jeugdleider is belast met de uitvoering en handhaving van dit reglement en het beslissen in alle geschillen en onvoorziene gevallen welke zich ter zake mochten voordoen.

Artikel 89

De ploeg die de finale wint verkrijgt de titel: “Belgisch kampioen schoolschaak (LO of MO) + jaartal”.

De eerste volledige meisjesploeg verkrijgt de titel: “Beste Belgische meisjesploeg schoolschaak (LO of MO) + jaartal”.

Een trofee wordt uitgereikt aan het best scorende speler per bord voor elke categorie (scheiding : ranking ploeg), “beste bord nr in categorie + jaartal”

Vanaf 2019 : De ploeg die de finale wint in de reeks LO-mini verkrijgt de titel “Belgisch kampioen schoolschaak LO-mini + jaartal”.

Vanaf 2019 : het best scorende meisje in de reeks LO-mini verkrijgt een trofee “beste meisje schoolschaak LO-mini” (scheiding : aantal punten/bordnummer/ ploegenrangschikking)

Hoofdstuk 6 : Nationale jeugdinterclub[421]

Artikel 90

Dit reglement geldt voor de jaarlijks te organiseren jeugdinterclubkampioenschappen van België, de KBSB-jeugdinterclubcompetitie, tussen de jeugd­ploegen van schaakverenigingen in de leeftijdscategorieën tot minder dan 16 jaar (B) en tot minder dan 20 jaar (A).

De KBSB-wedstrijdreglementen zijn van toepassing, behalve voor de artikelen hierna vermeld.

Artikel 91

Aan de wedstrijden nemen in elke categorie maximaal zestien ploegen deel.

Artikel 92

De ploegen dienen samengesteld te zijn uit spelers, welke lid zijn van de betrokken club die lid is van KBSB.

1.     Elke ploeg bestaat uit 4 spelers die de leeftijd van 16 jaar (categorie B) en van 20 jaar (categorie A) niet bereikt hebben op 1 januari van het lopende kalenderjaar.

2.     De deelnemende clubs dienen aan de nationale jeugdleider, binnen de door hem bepaalde termijn, een lijst in dubbel over te maken, met zijn spelers en reserves gerangschikt volgens sterkte, met opgave van stamnummer, geboortedatum en clubnummer. Alle daarna nog op te geven extra reserves, worden onderaan deze lijst toegevoegd.

3.     De volgorde van speelsterkte mag voor de aanvang van de halve finalegroepen en voor de aanvang van de finalegroep worden gewijzigd. Wijzigingen dienen opgegeven te worden bij de nationale jeugdleider, binnen een door hem bepaalde termijn.

4.     De spelers en reserves mogen slechts in de aangegeven volgorde van speelsterkte in de ploeg opgesteld worden. Dat wil zeggen dat een reserve altijd op het vierde bord moet worden opgesteld. Verder mag een speler nooit te laag opgesteld worden.

5.     Extra reserves mogen pas worden opgesteld nadat de clubverantwoordelijke van de nationale jeugdleider bericht heeft ontvangen dat de opgegeven extra reserves speelgerechtigd zijn. Elke inbreuk op deze regel houdt het verlies van de partij van de betrokken speler in.

Artikel 93

Bij overtreding van bepalingen van punten 3 en/of 4 van artikel 84 verklaart de competitieleider de gespeelde partijen steeds verloren voor de speler die ten onrechte aan de wedstrijd heeft deelgenomen of ten onrechte aan een lager bord heeft gespeeld dan volgens de volgorde van speelsterkte was bepaald.

Artikel 94

De ploegen worden bij elke categorie ingedeeld in groepen van 4 ploegen door de nationale jeugdleider, in overleg met de competitieleider. Per groep wordt een enkelvoudige competitie gespeeld. De nummers een en twee van elke groep gaan naar de halve finale.

Artikel 95

De geplaatste teams in de halve finale-groepen worden ingedeeld in 2 groepen van ieder 4 ploegen, waarbij vermeden wordt dat een ploeg wordt ingedeeld bij een ploeg die al in de voorronde werd ontmoet.

Per groep wordt een enkelvoudige competitie gespeeld. De nummers een en twee van de halve finale-groepen gaan over naar de finale.

Artikel 96

In de finale-groep wordt terug een enkelvoudige competitie gespeeld.

Artikel 97

De competitie wordt geleid door een wedstrijdleider, de KBSB-jeugdcompetitieleider, die door het bestuursorgaan aangesteld wordt. De KBSB-jeugdcompetitieleider is belast met de uitvoering en handhaving van dit reglement en het beslissen in alle geschillen en onvoorziene gevallen welke zich ter zake mochten voordoen.

Artikel 98

De ploeg die de finale-groep wint verkrijgt de titel Jeugdinterclubkampioen van België, met toevoeging van het betreffende jaar en de categorie die van kracht is.

HOOFDSTUK 7 : Structuur talentschakers[422]

Inleiding

De KBSB wil jeugdschakers met talent ondersteunen in hun ontwikkeling door deze op een objectieve wijze te identificeren en in groepen onder te brengen. Aan deze groepen kunnen naargelang het beschikbare budget voordelen toegekend worden.

Artikel 99 : Indeling groepen

Er worden drie groepen bepaald :

  1. een internationale groep (A)
  2. een nationale groep (B)
  3. een beloften groep (C)

Identificatie gebeurt ieder jaar door een rating benchmark te hanteren per gender en leeftijd gebaseerd op de Fide wereldranglijst beschikbaar per 1 september. Deze rating benchmark treedt daarna in werking vanaf 1 september van het daaropvolgend kalenderjaar.

Indien deze nieuwe rating benchmark minder dan 5 elo afwijkt van de vorige wordt de oude benchmark behouden.

De elo van de jeugdspeler die gebruikt wordt om te verifiëren ten opzichte van de benchmark is de hoogste gepubliceerde elo (Fide, KBSB) bereikt in het voorbije seizoen (periode sept – aug voorafgaand aan de 1ste september).

De benchmark wordt ieder jaar in september gepubliceerd op de website van de KBSB.[423]

De jeugdcommissie zal de betrokken jeugdspelers informeren indien ze aan de voorwaarden van de indeling en bijkomende criteria voldoen (artikel 101). Spelers die aan alle van deze criteria voldoen op eender welk tijdstip kunnen ook de nationaal jeugdleider hiervan informeren.

Artikel 100 : toekenning van voordelen

Aan de groepen wordt een financieel voordeel toegekend naargelang het beschikbare budget.

A.internationale groepTraining (T x 2,5)Equivalent gemiddelde kost van een gratis verblijf EK/WK.
B.nationale groepTraining (T x 2,5)
C.beloften groepTraining (T)

Indien er geen of onvoldoende budget door de Algemene vergadering werd voorzien, zal de jeugdcommissie de toekenning van de voordelen bijsturen en/of herleiden tot nul voor één of meerdere groepen.

Indien een jeugdspeler de toegekende voordelen niet wenst op te nemen zal de jeugdcommissie deze overdragen naar het budget van het daaropvolgende seizoen.

Artikel 101 : bijkomende criteria

Een aantal bijkomende criteria worden gehanteerd :

De jeugdspeler

  1. wordt door de Fide als Belg beschouwd
  2. neemt deel aan het Nationaal jeugdkampioenschap (hoofdstuk 2)
  3. heeft in het voorbije schaakseizoen minstens 30 Fide partijen gespeeld
  4. bewijst de gemaakte onkosten voor training. (document aan de nationale jeugdleider)[424]

Het niet voldoen aan de bijkomende criteria na het ontvangen van de steun zal leiden tot het schrappen van de voordelen gespecificeerd in artikel 100 bij een eerstvolgende positieve indeling in de groepen zoals omschreven in artikel 99.

Belgische Kampioenen

Jaar         Plaats                     Kampioen                Dameskampioen 

1901        Brussel                   Eugène Pécher                      

1905        Brussel                   E. E. Middleton                     

1906        Brussel                   E. E. Middleton                     

1913        Brussel                   (F-H. Königs)                        

1921        Brussel                   Nicholas Borochovitz             

1922        Antwerpen              Edgard Colle                         

1923        Gent                       George Koltanowski              

1924        Brussel                   Edgard Colle                         

1925        Gent/Brussel           Edgard Colle                         

1926        Brussel                   Edgard Colle                         

1927        Gent                       (George Koltanowski)           

1928        Gent                       Edgard Colle                         

1929        Antwerpen-Brussel  Edgard Colle                        

1930        Verviers                  George Koltanowski              

1931        Brussel                   Marcel Barzin                        

1932        Brussel                   J. Kornreich                          

1933        Brussel                   Paul Devos                           

1934        Liège                      –                                           

1935        Antwerpen              Arthur Dunkelblum               

1936        Gent                       George Koltanowski
*             Brussel                   Albéric O’Kelly de Galway     

1937        Brussel                   Albéric O’Kelly de Galway
                                             Paul Devos                           

1938        Namur                    Albéric O’Kelly de Galway      Marianne Stoffels[425]

1939                                      –                                            Marianne Stoffels

1940        Gent                       Paul Devos                            Marianne Stoffels

1941        Brussel                   Paul Devos                            Elisabeth Cuypers

1942        Brussel                   Albéric O’Kelly de Galway      Marianne Stoffels

1943        Brussel                   Albéric O’Kelly de Galway      Elisabeth Cuypers

1944        Brussel                   Albéric O’Kelly de Galway      Marianne Stoffels

1945        Gent                       Paul Devos                            Elisabeth Cuypers

1946        Antwerpen              Albéric O’Kelly de Galway      –

1947        Oostende                Albéric O’Kelly de Galway      Spoormans

1948        Brugge                   Paul Devos                            Simone Bussers

1949        Brugge                   Arthur Dunkelblum                Simone Bussers

1950        Gent                       Robert Lemaire                     Simone Bussers

1951        Verviers                  Albéric O’Kelly de Galway      Simone Bussers

1952        Gent                       Albéric O’Kelly de Galway      Simone Bussers

1953        Eupen                     Albéric O’Kelly de Galway      Simone Bussers

1954        Brugge                   Jos Gobert                             Louise Loeffler

1955        Merksem                Jos Gobert                             Louisa Ceulemans

1956        Blankenberge         Albéric O’Kelly de Galway      Louisa Ceulemans

1957        Blankenberge         Albéric O’Kelly de Galway      Louisa Ceulemans

1958        Blankenberge         Alfons Franck                         Louise Loeffler

1959        Blankenberge         Albéric O’Kelly de Galway      Louise Loeffler
                                             Jozef Boey                            

1960        Gent                       Robert Willaert                      Louise Loeffler
                                             Robert Lemaire

1961        Heist                      Paul Limbos                           Louise Loeffler

1962        Brussel                   Robert Willaert                      –

1963        Gent                       Paul Limbos                           –

1964        Mechelen                Jozef Boey                             E Lancel

1965        Antwerpen              Jozef Boey                             –

1966        Brussel                   François Cornelis                   –

1967        Oostende                Jan Rooze                              Louise Loeffler

1968        Brussel                   Robert Willaert                      Elisabeth Cuypers
                                             Albert Vandezande                

1969        Spa                        Helmut Schumacher              –

1970        Gent                       Karl Van Schoor                     Caroline Vanderbeken

1971        Bredene                  Jozef Boey                             –
                                             Roeland Verstraeten             

1972        Hasselt                   Friedhelm Freise                    –

1973        Oostende                Robert Willaert                      –

1974        Hasselt                   Jean Moeyersons                   –

1975        Gent                       Johan Goormachigh               Brenda Decorte
                                             José Tonoli, Henri Winants    

1976        Oostende                Gunter Deleyn                       –

1977        Oostende                Ronald Weemaes                   –

1978        Eupen                     Richard Meulders                   –

1979        Gent                       Gunter Deleyn                       –

1980        Sint-Niklaas            Alain Defize                           Simonne Peeters

1981        Sint-Niklaas            Richard Meulders                   Simonne Peeters
                                             Ronny Weemaes                   

1982        Zwijnaarde             Johan Goormachtigh              Brenda Decorte
                                             Thierry Penson                     

1983        Veurne                   Richard Meulders                   Simonne Peeters
                                             Alain Defize                          

1984        Huy                        Michel Jadoul                         Simonne Peeters

1985        Gent                       Richard Meulders                   Chantal Vandevoort

1986        Anderlecht              Luc Winants                           Viviane Caels

1987        Oostende                Robert Schuermans               Viviane Caels

1988        Huy                        Michel Jadoul                         Chantal Vandevoort
                                             Richard Meulders                  

1989        Gent                       Richard Meulders                   Gina Finegold-Linn

1990        Brasschaat              Michel Jadoul                         Martine Vanhecke

1991        Geraardsbergen      Richard Meulders                   Anne-Marie Maeckelbergh

1992        Morlanwelz             Michel Jadoul                         Martina Sproten

1993        Visé                        Gorik Cools                            Greta Foulon

1994        Charleroi                Ekrem Cekro                         Greta Foulon

1995        Geel                       Ekrem Cekro                         Greta Foulon

1996        Geel                       Marc Dutreeuw                      Snezana Micic

1997        Gent                       Juri Vetemaa                         Snezana Micic
                                             Ekrem Cekro                        

1998        Liège                      Ekrem Cekro                         Chantal Vandevoort

1999        Geel                       Pieter Claesen                       Iris Neels
                                             Serge Vanderwaeren            

2000        Gent                       Vladimir Chuchelov                Irina Gorshkova

2001        Charleroi                Mikhail Gurevich                    Irina Gorshkova

2002        Borgerhout             Alexandre Dgebuadze            Sophie Brion

2003        Eupen                     Geert Van der Stricht             Irina Gorshkova

2004        Westerlo                 Bart Michiels                          Heidi Vints

2005        Aalst                       Alexandre Dgebuadze            Elena Van Hoecke

2006        Namur                    Shahin Mohandesi                  Marigje Degrande

2007        Namur                    Alexandre Dgebuadze            Marigje Degrande

2008        Eupen                     Bruno Laurent                       Marigje Degrande
                                                                                          Wiebke Barbier[426]

2009        Namur                    Mher Hohvannisyan               Hanne Goosens

2010        Westerlo                 Mher Hohvannisyan               Wiebke Barbier

2011        Berchem                 Bart Michiels                          Anna Zozulia

2012        Lommel                  Tanguy Ringoir                      Wiebke Barbier

2013        Antwerpen              Tanguy Ringoir                      Irina Gorshkova

2014        Charleroi                Geert Van der Stricht             Astrid Barbier

2015        Mortsel                   Mher Hohvannisyan               Hanne Goossens

2016        Wirtzfeld                 Tanguy Ringoir                      Hanne Goossens

2017        Niel                        Mher Hohvannisyan               Wiebke Barbier

2018        Roux                      Mher Hohvannisyan               Hanne Goossens

2019        Roux                      Daniel Dardha                       Sarah Dierckens

2020        Brugge                   Alexandre Dgebuadze            Wiebke Barbier

2021        Brugge                   Daniel Dardha                       Hanne Goossens

Belgische Jeugdkampioenen[427]

Jaar         Plaats                     Kampioen                Meisjeskampioen 

1951        Antwerpen              Billy Coosemans

1952        Geeraardsbergen    Billy Coosemans

1953        Antwerpen              Jozef Boey

1955       Antwerpen              Gustave Somers

1956        Gent                       Gustave Somers

1957        Brussel                   Grosemans, Van Wambeke

1958        Antwerpen              Bernard De Bruycker

1959       Brugge                   B De Bruycker, R Wostijn

1960        Gent                       Rik Wostyn

1961        Eupen                     Bernard De Bruycker

1962       Antwerpen              Mark Bratzlavsky

1963        Antwerpen              Mark Bonne

1964        Gent                       Roeland Verstraeten

1965        Mortsel                   A Willems, J Rooze

1966       Brussel                   Jan Rooze

1967       Nassogne                Eric Everaert

1968       Eupen                     Richard Meulders

1969       Bredene                  Richard Meulders

1970        Zoersel                   Marcel Roofthoofd

1971        Sint Niklaas            Bruno De Jonghe

1972       Menen                    J Goormachtigh, A Defize, R Weemaes

1973       Brugge                   Ronny Weemaes

1974       Eeklo                      Bruno De Jonghe

1975        Gent                       Chris Ghysels                         S Peeters, B De Corte

1976        Assenede-Eeklo      Walter Tonoli                         Brenda De Corte

1977        Oostende                Chris Ghysels                         Anita Winters

1978        Hoboken                 Norbert Bergmans                  Simonne Peeters

1979        Sint-Niklaas            Gorik Cools

1980      Liège (jongens) –Bassevelde (meisjes)

Junioren                                Danilo Canda                         Griet Vereecke

Scholieren                             Alain Minnebo                       

Kadetten                               Robert Morschels                   

Miniemen                               Roland Mau                           

Pionnen                                 Marc Gillet                            

1981      Liège (jongens) – Eynatten (meisjes)

Junioren                                Gorik Cools                            Alice Loo

Scholieren                             Dirk Welvaert                         Chantal Vandevoort

Kadetten                               Tjacco Van Der Meer              Viviane Caels

Miniemen                               Igor De kegel                         Martina Sproten

Pionnen                                 Pieter Claesen                        Nadine Kalpers

1982      Oostende

Junioren                                Luc Winants                           Ilona Maseyczik

Scholieren                             Tjacco Van Der Meer              Chantal Vandevoort

Kadetten                               David Legly                            Nadia Kever

Miniemen                               Pieter Claesen                        Nathalie Kalpers

Pionnen                                 Martin Ahn                             Daniela Bergmans

1983      Arlon

Junioren                                Tjacco Van Der Meer              Chantal Vandevoort

Scholieren                             Serge Costa                           V Caels, Ch Vandersteegen

Kadetten                               Pieter Claesen                        Martinea Sproten

Miniemen                               Martin Ahn                             Nadine Kalpers

Pionnen                                 P Hoskens                              C Colette

1984      x

Junioren                                Bruno Lacroix                         Sabine Ghesquière

Kadetten                               Geert Van Wonterghem          x

Miniemen                               x                                            x

1985      Nassogne

Junioren                                Marc Foguenne                       Nadia Kever

Kadetten                               Pascal Vandevoort                  Martina Sproten

Miniemen                               Jeroen Claesen                       Claude André

1986      St Nicolas

Junioren                                Geert Wets                            Nadia Kever

Kadetten                               Pascal Vandevoort                  Kristien Van Vooren

Miniemen                               Mark De Smedt                      Diana Boons

1987      Liège

Junioren                                Peter Petri                              Viviane Caels

Kadetten                               Johan Kocur                           Christine Pierre

Miniemen                               Dimitri Lefever                       Laurence Psonka

1988      Oostmalle

Junioren                                Pieter Claesen                        K Van Den Berghe

Kadetten                               Jeroen Claesen                       Aurore Gillet

Miniemen                               Ytamar Faybish                      Severine Thermol

1989      Oostmalle

Junioren                                Geert De Meyer                     Martine Van Hecke

Kadetten                               Stefan Docx                           Laurence Psonka

Miniemen                               Severine Thermol                   Severine Thermol

1990      Visé

Junioren                                Kim le Quang                         Martine Van Hecke

Kadetten                               Nicolas Gillain                        Laurence Psonka

Miniemen                               Patrick Windels                      x

1991      Deinze

Junioren Gesloten                  Eddy Van Beers en Kim Le Quang

Junioren                                Steven Soetewey                   Petra Verstappen

Kadetten                               Itamar Faybish                       Maureen Verstappen

Miniemen                               Tom Piceu                             

1992      Virton

Junioren Gesloten[428]              Martin Ahn

Junioren Open                       Wim Maes                              Aurore Gillet

Kadetten                               Frederic Verduyn                    x

Miniemen                               Mathias De Wachter               Iris Neels

Pionnen                                 S Michel                                 x

1993      De Haan

Junioren Gesloten                  Steven Soetewey

Junioren Open                       Edo Beukenhorst                    Wietske Hoogewerf

Scholieren                             Patrick Windels                      Stien Storme

Kadetten                               Felix Beeckmans                    Valerie Wijnants

Miniemen                               Linton Donovan                      Lieselot Deleersnijder

Pionnen                                 Christophe Gregoir                 Sophie Brion

1994      Mol

Junioren Gesloten                  Jeroen Claesen

Junioren Open                       Joachim Demoulin                  Stien Storme

Junioren +18                         Dimitri Lefever                       Gersende Heremans

Scholieren                             Mathias De Wachter               Bea Breugelmans

Kadetten                               Cemil Gulbas                          Nathalie Stevens

Miniemen                               Philippe Verrduyn                   Iris Van Steenwinckel

Pionnen                                 Christophe Gregoir                 Sophie Brion

1995[429]  Brussel

Junioren Gesloten                  Maarten Praet

Junioren -18 gesloten            Andy Maréchal

Junioren Open                       S De Vreese                           Karen Serlet

Scholieren                             Christophe Schreiber              Iris Neels

Kadetten                               Linton Donovan                      Nathalie Stevens

Miniemen                               Birger Schrevens                   x

Pionnen                                 Bram Vermeulen                    Sophie Brion

1996      Malmedy

Junioren Gesloten                  Maarten Praet

Junioren Open                       Chr Schreiber, A Maréchal      Stien Storme

Scholieren                             Linton Donovan                      Florence Vermeulen

Kadetten[430]                           Ph Verduyn, B Schrevens       Emilie Vermeulen
                                             Ugo Colesanti                         Eileen De Vlieger

Miniemen                               Steven Geirnaert                    x

Pionnen                                 Bart Michiels                          Saroya Jacobs

1997      Vielsalm

Junioren Gesloten                  Mathias De Wachter

Jun -18 Gesloten                   Nouri Zouaghi                        Iris Neels

Junioren Open                       Steff Helsen                           Florence Vermeulen

Scholieren                             Jean-Philippe Ernst                 Iris Van Steenwinckel

Kadetten                               Bram Vermeulen                    Emilie Vermeulen

Miniemen                               Bart Michiels                          Sophie Brion

Pionnen                                 Sebastien Lentz                     Marie Mentes

1998      Oostende

Elite (Leuven)[431]                    Mathias De Wachter

Junioren Gesloten                  Tom Piceu

Junioren Open                       Nouri Zouaghi                        Florence Vermeulen

Scholieren                             Mehdi Raoui                           Emilie Vermeulen

Kadetten                               Christophe Gregoir                 Cecile Fontaine

Miniemen                               Bart Michiels                          Saroya Jacobs

Pionnen                                 Florian Pierard                       Vicky De Gueldre

1999      Vielsalm

Elite (Mechelen)                     Nouri Zouaghi

Junioren                                Jean-Philippe Ernst                 Florence Vermeulen

Junioren -20                          Nouri Zoughi                          =

Junioren -18                          =                                           Iris Van Steenwinckel

Scholieren                             Steven Geirnaert                    Emilie Vermeulen

Kadetten                               Bart Michiels                          Sophie Brion

Miniemen                               Sebastien Lentz                     Roxanne Solyomvari

Pionnen                                 Hendrik Ponnet                      Sofie Goormachtigh

2000      De Haan

Elite (Kortrijk)                       Piet Devos

Junioren -20                          Nouri Zouaghi                        Iris Van Steenwinckel

Junioren -18                          Xavier Meeuwissen                 Greet Van Laecke

Scholieren                             Lorin D’Costa                         Sophie Brion

Kadetten                               Bart Michiels                          Sylvie De Gueldre

Miniemen                               Th Maenhout, Ph Cornelissen Vicky De Gueldre

Pionnen                                 Florian Pierard                       Marigje Degrande

2001      Eupen

Elite                                      Steven Geirnaert

Junioren                                Jeroen Delaere                       Isabelle Ludwig

Scholieren                             Ruben Akhayan                      Sophie Brion

Kadetten                               Yannick Dufait                        Charlotte Maggen

Miniemen                               Nicolas Vanderhallen              Sofie Goormachtigh

Pionnen                                 Reinald Van Praet                  Evelien Moernaut

2002      Brugge

Elite                                      Steven Geirnaert

Junioren                                David Houdart                        Cécile Fontaine

Scholieren                             Kevin Noiroux                        Sylvie De Gueldre

Kadetten                               Amarjargal Djorbajar             Vicky De Gueldre

Miniemen                               Sven Forster                          Deborah Ongenaert

Pionnen                                 Bajsangur Gelagaev               Marigje Degrande

2003      La Louvière

Elite                                      Steven Geirnaert[432]

Junioren                                Benjamin Tonoli                     Sylvie De Gueldre

Scholieren                             Sebastien Lentz                     Vicky De Gueldre

Kadetten                               Florian Pierard                       Estelle Wirickx

Miniemen                               Stief Gijsen                            Evelien Moernaut

Pionnen                                 Nils Nijs                                 Michelle Gijsen

2004      Worricken

Elite                                      Thibaut Maenhout

Junioren                                Sylvie De Gueldre                  Sylvie De Gueldre

Scholieren                             Jo Devriendt                          Vicky De Gueldre

Kadetten                               Mouloud Doudou                    Evelien Moernaut

Miniemen                               Yasseen Chaudhary                Hanne Goossens

Pionnen                                 Pieter Saligo                           Helene Maenhout

2005      Eupen

Elite                                      Thibaut Maenhout

Junioren                                Galeh Khonghaloos                 Sarah Dierckens

Junioren -20                          Semen Minyeyevtsev             Barbara Coddens

Scholieren                             Wouter Gryson                       Ava Vandekerckhove

Kadetten                               Reinald Van Praet                  Evelien Moernaut

Miniemen                               Nils Nijs                                 Soraya Van De Moortel

Pionnen                                 Stefan Beukema                    Eva Baekelant

2006      Oostende

Elite                                      Thibaut Maenhout

Junioren                                Thibaut Vandenbussche          Sarah Dierckens

Scholieren                             Robin Leenaerts                     Evelien Moernaut

Kadetten                               Stef Soors                              Hanne Goossens

Miniemen                               Pieter Saligo                           Eva Baekelant

Pionnen                                 Lisa Lagaert[433]                       Lisa Lagaert

2007      Oostende

Elite                                      Thibaut Vandenbussche

Junioren                                Lennart De Bock                    Elena Van Hoecke

Junioren -18                          Robin Leenaerts                     Eva Baekelant

Scholieren                             Stief Gijsen                            Hanne Goossens

Kadetten                               Pieter Reyniers                       Soraya Van De Moortel

Miniemen                               Jason Vandenberghe              Laura Saligo

Pionnen                                 Nathan Gullentops                  Clara Wertz

Pionnen –8 jaar                     Hendrik Decrop                      Iris Verstraeten

2008      Oostende

Elite                                      Nils Nijs

Junioren                                Arno Bomans                         Evy De Weird

Junioren -20                          Dimitri Allaert                        Marijke Mensch

Scholieren                             Glen De Schampheleire          Hanne Goossens

Kadetten                               Tanguy Ringoir                       Eva Baekelant

Miniemen                               Stefan Beukema                    Lisa Lagaert

Pionnen                                 Lennert Lenaerts                    Emma Tomme

Pionnen -8 jaar                     Rupert Hoop                          Kristina Gombosuren

2009      Houffalize

Elite                                      Thibaut Maenhout[434]

Junioren                                Maarten Larmuseau               Hanne Goossens

Junioren -20                          Arvid Viaene                          Evy De Weird

Scholieren                             Y Schaeken, P Reyniers          Michelle Gijsen

Kadetten                               Thibault Réal                         Eva Baekelant

Miniemen                               Nathan Gullentops                  Maxime Faymonville

Pionnen                                 Nicolas Capone                      Iris Verstaeten

Pionnen -8 jaar                     Jasper Beulema                     Kristina Gombosuren

2010      Houffalize

Elite                                      Maarten Larmuseau

Junioren -20                          Stefan Beukema                    Nele Vanhuyse

Junioren -18                          Mark Poskic                            Charlotte Schroer

Scholieren                             Pieter Saligo                           Eva Baekelant

Kadetten                               Nathan Gullentops                  Lisa Lagaert

Miniemen                               Nicola Capone                        Yvonne Esser

Pionnen                                 Laurent Marchal                     Kristina Gombosuren

Pionnen -8 jaar                     Daniil Bogdanov                     Clara Godart

2011      Houffalize

Elite                                      Stefan Beukema

Junioren -20                          Willem Van Melkebeke           Marigje Degrande

Junioren -18                          François Godart                     Michelle Gijsen

Scholieren                             Rein Verstraeten                    Natacha Mabille

Kadetten                               Lennert Lenaerts                    Maxime Faymonville

Miniemen                               Nicola Capone                        Iris Verstraeten

Pionnen                                 Nathan Pirard                        Kristina Gombosuren

Pionnen -8 jaar                     Nathaniel Faybish                   Ines Dellaert

2012      Brugge

Elite                                      Stefan Beukema

Junioren -20                          Sander Vandevenne               Michelle Gijsen

Junioren -18                          Joris Verhelst                         Annelies Cuvelier

Scholieren                             Quentin Fontaine                    Astrid Barbier

Kadetten                               Ben Tuerlinckx                       Iros Verstraeten

Miniemen                               Samuel Vandeputte                Elsa Blond Hanten

Pionnen                                 Laurent Huynh                       Clara Godart

Pionnen -8 jaar                     Anthony Mitran                      Ines Dellaert

2013      Blankenberge

Elite                                      Rein Verstraeten

Junioren                                Quentin Fontaine                    Natacha Mabille

Scholieren                             Ben Tuerlinckx                       Clara Wertz

Kadetten                               Vadim Jamar                          Sofie Huettl

Miniemen                               Jasper Beukema                    Fleur Swennen

Pionnen                                 Anthony Mitran                      Marie Dgebuadze

Pionnen -8 jaar                     Joppe Raats                           Louise Vanderstappen

2014      Blankenberge

Elite                                      Nathan De Strycker

Junioren -20                          Emiel Vandewiele                   Annelies Cuvelier

Junioren -18                          Miguel Van De Vaerd              Astrid Barbier

Scholieren                             Ulvi Sadikov                           Sarah Massay

Kadetten                               Jasper Beukema                    Fleur Swennen

Miniemen                               Natan Pirard                          Alicia Katranova

Pionnen                                 Anthony Mitran                      Ines Dellaert

Pionnen -8 jaar                     Mikhail Katranov                    Karen Deleu

2015      Blankenberge

Elite                                      Stefan Beukema

Junioren -20                          Mathias Lootens                     Natasha Mabille

Junioren -18                          Yodi De Block                         Clara Wertz

Scholieren                             Arno Sterck                            Sara Temmerman

Kadetten                               Jasper Beukema                    Fleur Swennen

Miniemen                               Lev Akulov                             Daria Vanduyfhuys

Pionnen                                 Daniel Dardha                        Luoise Vanderstappen

Pionnen -8 jaar                     Amir Zouaghi                         Hoara Roose

2016      Blankenberge

Junioren -20                          Stefan Beukema                    Astrid Barbier

Junioren -18                          Nicola Capone                        Sara Temmerman

Scholieren                             Thijs De Bock                         Sofie Huettl

Kadetten                               Dries Van Malder                    Daria Vanduyfhuys

Miniemen                               Anthony Mitran                      Marie Dgebuadze

Pionnen                                 Mikhail Akulov                        Karen Deleu

Pionnen -8 jaar                     Hovannes Ettibaryan              Anastasia Ahn

2017      Blankenberge

Junioren -20                          Maarten De Vleeschauwer      Daria Vanduyfhuys

Junioren -18                          Arno Sterck                            Sara Temmerman

Scholieren                             Warre De Waele                     Fleur Swennen

Kadetten                               Rune Liveyns                         Juliette Sleurs

Miniemen                               Daniel Dardha                        Karina Gulieva

Pionnen                                 Pjotr Cappan                          Diana Musabayeva

Pionnen -8 jaar                     Hugo Froeyman                     Eloise Jortay

2018      Blankenberge

Junioren -20                          Deon Lee                               Daria Vanduyfhuys

Junioren -18                          Jasper Beukema                    Sofie Huettl

Scholieren                             Warre De Waele                     Alicia Akulova

Kadetten                               Daniel Dardha                        Tyani De Rycke

Miniemen                               Mikhail Akulov                        Karina Gulieva

Pionnen                                 Hugo Froeyman                     Maya Burssens

Pionnen -8 jaar                     Yaroslav Akulov                     Lotus Decraene

2019      Blankenberge

Elite                                       Rein Verstraeten & Daniel Dardha

Junioren -20                          Arno Sterck                            Sara Temmerman

Junioren -18                          Jasper Beukema                    Fleur Swennen

Scholieren                             Lev Akulov                             Daria Vanduyfhuys

Kadetten                               Nils Heldenberg                      Tyani De Rycke

Miniemen                               Pjotr Cappon                          Diana Musabayeva

Pionnen                                 Mateo Plomp                          Lotus Decraene

Pionnen -8 jaar                     Jens Cuyvers                         Khahn Pham Kieu

2020      online wegens Corona

-20                                        William Boudry

Junioren -18                          Laurent Huynh                       Daria Vanduyfhuys

Scholieren                             Merlijn Van Volsem                Tyani De Rycke

Kadetten                               Arne Nemegeer                      Diana Musabayeva

Miniemen                               Maxime Hauchamps               Maya Burssens

Pionnen                                 Elias Ruzhansky                     Lotus Decraene

Pionnen -8 jaar                     Arne Stroobant                       Ameli Pribylla

2021      Blankenberge (november)

-20                                        Sim Maerevoet                       Fleur Swennen

Junioren -18                          Benjamin Faybish                   Ines Dellaert

Scholieren                             Joppe Raets                           Tyani De Rycke

Kadetten                               Jacob Dreelinck                      Diana Musabayeva

Miniemen                               Filippos Raptis                        Lotus Decraene

Pionnen                                 Elias Ruzhansky                     Khanh Pham Kieu

Pionnen -8 jaar                     Hillel Toledo                           Anna Dardha

Kampioen Interclubs KBSB

1923                Maccabi Antwerpen

1924                Philidor Brussel

1925                Maccabi Antwerpen

1926                Koninklijke Antwerpse

1927                Koninklijke Antwerpse

1928                Koninklijke Antwerpse

1929                Koninklijke Antwerpse

1930                Koninklijke Antwerpse

1934                Philidor Brussel

1936                Koninklijke Antwerpse

1937                Koninklijke Antwerpse

1938                Koninklijke Antwerpse

1939                Koninklijke Antwerpse

1947                Koninklijke Brusselse

1948                Echiquier Liègeois

1949                Koninklijke Antwerpse

1950                Koninklijke Antwerpse

1951                Colle Brussel

1952                Koninklijke Brusselse

1953                Colle Brussel

1954                Colle Brussel

1955                Koninklijke Antwerpse

1956                Koninklijke Brusselse

1957                Koninklijke Antwerpse

1958                Colle Brussel

1959                Koninklijke Antwerpse

1960                Koninklijke Antwerpse

1961                Koninklijke Antwerpse

1962                Thibaut Brussel

1963                Thibaut Brussel

1964                Koninklijke Antwerpse

1965                Colle Brussel

1966                Colle Brussel

1967                Koninklijke Antwerpse

1968                Koninklijke Antwerpse

1969                Koninklijke Antwerpse

1970                Koninklijke Antwerpse

1971                Jean Jaurès Gent

1972                Koninklijke Mechelse

1973                Jean Jaurès Gent

1974                Eupen 47

1975                Koninklijke Antwerpse

1976                Koninklijke Antwerpse

1977                Anderlecht

1978                Koninklijke Gentse

1979                Koninklijke Gentse

1980                Koninklijke Gentse

1981                Koninklijke Gentse

1982                Koninklijke Gentse

1983                Anderlecht

1984                Koninklijke Gentse

1985                Anderlecht

1986                Koninklijke Gentse

1987                Anderlecht

1988                Anderlecht

1989                Anderlecht

1990                CREB Brussel

1991                Anderlecht

1992                Koninklijke Antwerpse

1993                Anderlecht

1994                Rochade Eupen

1995                Rochade Eupen

1996                Rochade Eupen

1997                Rochade Eupen

1998                Rochade Eupen

1999                Rochade Eupen

2000                Rochade Eupen

2001                Rochade Eupen

2002                CRELEL Liège

2003                Eynatten

2004                Eynatten

2005                KSK47 – Eynatten

2006                KSK47 – Eynatten

2007                CRELEL Liège

2008                Bredene

2009                Wirtzfeld

2010                KSK47 – Eynatten

2011                KSK47 – Eynatten

2012                CRE Charleroi

2013                Wirtzfeld

2014                KSK47 – Eynatten

2015                Amay

2016                Koninklijke Gentse

2017                KSK47 – Eynatten

2018                Wirtzfeld

2019                Fontaine

2020(21)[435]      Wirtzfeld

2022

Het ELO-systeem

Teneinde de krachtverhoudingen tussen schakers weer te geven werd een waarderingsysteem ontworpen dat een getalsmatige indicatie voor de speelsterkte van schakers op grond van hun recente verleden berekende. In het verleden waren reeds verschillende waarderingssystemen uitgeprobeerd om hierop een antwoord te kunnen geven. Eind de jaren zestig had één systeem zijn waarde bewezen, het “ELO-SYSTEEM”. Het ELO-systeem werd ontwikkeld door de Hongaarse Dokter Fysicus Arpad Emrick ELO (°1903 – + 1992), Professor Fysica aan de Marquette University in Milwaukee (USA). In 1950 ontwierp ELO voor de Verenigde Staten een classificatiesysteem, waarin de schakers in verhouding tot de sterkte van hun tegenstander werden ingedeeld. Het zou hem bijna twintig jaar kosten om het systeem te verfijnen tot het systeem in 1968 door de Wereldschaakbond FIDE (Fédération Internationale des Echecs) werd ingevoerd en overgenomen werd door de meeste Nationale schaakbonden.

Het basisprincipe van het ELO-systeem berust op de eenvoudige veronderstelling dat men een waardeschaal kan opbouwen, waarop de verschillende prestaties van een speler normaal zullen verspreid liggen. Deze veronderstelling is in algemene overeenstemming met de ondervinding opgedaan in de competitiesport. De sterkere verslaat niet altijd de zwakkere : een speler heeft goede en slechte dagen en zijn prestaties zijn verdeeld rond een gemiddeld peil.

Het systeem herkent tevens veranderingen in prestaties te wijten aan de ontwikkeling of de achteruitgang van de mogelijkheden van een speler. 

Uitgaande van de waarschijnlijkheidsleer heeft men de verhouding kunnen vastleggen die bestaat tussen de waarschijnlijkheid van winst van een speler en het verschil in klassement. Deze verhouding kan niet uitgedrukt worden bij middel van een eenvoudige algebraïsche formule, maar wordt uitgedrukt bij middel van de onderstaande Gauss-curve, die een adequate weergave is van zo een verhouding.

De normale functie van waarschijnlijkheid stelt de waarschijnlijkheid van winst voor ttz. het %-winstkansen in functie van het verschil in klassementsindexen der tegenstrevers. De verschillen tussen de indexen worden uitgedrukt in de eenheden van een normale veranderlijkheid, voorgesteld door de Griekse letter sigma “s”, waarmee de breedte van de Gauss-curve gekarakteriseerd wordt. Twee derde van de waarden valt binnen een interval “s” langs beide kanten van het gemiddelde, 95% van de waarden valt binnen een interval 2 x “s” langs beide kanten van het gemiddelde.

Deze waarschijnlijkheidscurve verschaft de hoofdzaak voor de geschikte opstelling van het verhoopte percentage en het peil van de kompetitie.

Het verschil in speelsterkte tussen twee spelers zal een resultaat geven voor de verwachte uitslag van hun match. Vertrekkende van de Gauss-curve komt de statistiek daarvoor tot de Gauss-fout-functie. Deze functie wordt hier vertaald in de onderstaande grafiek.

Met een formule gebaseerd op de Gauss-fout-functie is het mogelijk van de prestatie van de speler te bepalen uitgaande van de sterkte van de kompetitie waaraan hij deelnam en zijn resultaat daarin. Daarnaast gebruikt het ELO-systeem een tweede formule om de evolutie van de speelsterkte doorheen de tijd op te volgen. In die tweede formule zit één parameter, die bepaalt welk belang recente resultaten hebben ten opzichte van vroegere.

Dit systeem is aldus gebaseerd op één functie, één methode, twee formules met daarin één parameter en de keuze van de schaal.

Het ELO-systeem geeft een betrouwbaarheid van 75% wanneer ze gebaseerd is op resultaten tegen 10 gekende spelers, en van 95% gebaseerd op resultaten tegen 30 gekende spelers.

Vier maal per jaar (ieder kwartaal) publiceert de FIDE een nieuwe ELO-lijst op basis van de oude ranglijst en de verwerkte toernooiresultaten.

Het systeem en haar toepassing bij de KBSB[436]

Het basisprincipe van het ELO-systeem berust op de eenvoudige veronderstelling dat men een waardeschaal kan opbouwen, waarop de verschillende prestaties van een speler normaal zullen verspreid liggen. Deze veronderstelling is in de algemene overeenstemming met de ondervinding opgedaan in de competitiesport. De sterkere verslaat niet altijd de zwakkere : een speler heeft goede en slechte dagen en zijn prestaties zijn verdeeld rond een gemiddeld peil.

Het systeem herkent tevens veranderingen in prestaties te wijten aan de ontwikkeling of de achteruitgang van de mogelijkheden van een speler. Uitgaande van de waarschijnlijkheidsleer heeft men de verhouding kunnen vastleggen die bestaat tussen de waarschijnlijkheid van winst van een speler en het verschil in klassement. Deze verhouding kan niet uitgedrukt worden bij middel van een eenvoudige algebraïsche formule, maar wordt uitgedrukt bij middel van bovenstaande grafiek.

De normale functie van waarschijnlijkheid stelt de waarschijnlijkheid van winst voor, ofwel het % winstkansen in functie van het verschil in klassementindexen der tegenstanders.

De verschillen tussen de indexen worden uitgedrukt in de eenheden van een normale veranderlijkheid voorgesteld door de Griekse letter sigma (s)

Deze waarschijnlijkheidscurve verschaft de hoofdzaak voor de geschikte opstelling van het verhoopte percentage en het peil van de competitie.

Formule van het prestatiecijfer

Een prestatie wordt uitgedrukt bij middel van volgende formule I :

R = Rc + D(P)

Waarin         R = de waarde van de prestatie

                    Rc = de gemiddelde waarde van het toernooi of de match

D(P) = het waardeverschil afgeleid uit Tabel I voor de behaalde score, uitgedrukt in %

Dit waardecijfer is toepasselijk zolang een speler geen 20 partijen betwist heeft, terwijl een speler voorlopig gerangschikt wordt na 10 partijen.

Tabel I : verschillen in klassementsindex

PD(P)PD(P)PD(P)PD(P)PD(P)
1.008000.792300.58570.37-950.16-284
0.996770.782200.57500.36-1020.15-296
0.985890.772110.56430.35-1100.14-309
0.975380.762020.55360.34-1170.13-322
0.965010.751930.54290.33-1250.12-336
0.954700.741840.53210.32-1330.11-351
0.944440.731750.52140.31-1410.10-366
0.934220.721660.5170.30-1490.09-383
0.924010.711580.5000.29-1580.08-401
0.913830.701490.49-70.28-1660.07-422
0.903660.691410.48-140.27-1750.06-444
0.893510.681330.47-210.26-1840.05-470
0.883360.671250.46-290.25-1930.04-501
0.873220.661170.45-360.24-2020.03-538
0.863090.651100.44-430.23-2110.02-589
0.852960.641020.43-500.22-2200.01-677
0.842840.63950.42-570.21-2300.00-800
0.832730.62870.41-650.20-240  
0.822620.61800.40-720.19-251  
0.812510.60720.39-800.18-262  
0.802400.59650.38-870.17-273  

Waarin         P = % der gewonnen punten

D(P) = indexverschil tussen een speler en het gemiddelde van zijn tegenstanders

Een voorbeeld ter verduidelijking : Speler X heeft 12 partijen betwist met tegenstanders waarvan de som van de waardecijfers 24018 is, dus een gemiddelde van 2004. Hij heeft 4 punten op 12 gehaald wat overeenkomt met 33 %. De tabel geeft ons voor 33 % een indexverschil tussen de speler en zijn tegenstanders van -125, dus het waardecijfer van de speler is 2004 – 125 = 1879 voor deze 12 partijen.

Vervolgens speelt hij tegen 8 tegenstanders met een totaal waardecijfer van 14324 en behaalt hij 5 op 8. Het nieuwe waardecijfer wordt dan berekend op de 20 partijen. De som van de waardcijfers van de tegenstanders is 38342, gemiddeld 1917; de score is 9 op 20, ofwel 45% en dus een indexverschil van -36 volgens tabel I. Het waardecijfer van de speler is

R : Rc + D(P) = 1917 – 36 = 1881 punten

Gewone quotering van een speler

Formule II : Rn = Ro + K x ( W – We )

Waarin         Rn = te bepalen quotering van de speler

                    Ro = vorige quotering

                    W = behaalde score

We = te behalen score tegen de gespeelde tegenstanders afgeleid uit tabel II, op basis van de vorige quotering

K = de coëfficiënt van ontwikkeling van de speler zoals verder bepaald

Tabel II Winstkansen

DIFHLDIFHLDIFHL
0-30.500.50122-1290.67033279-2900.840.16
4-100.510.49130-1370.680.32291-3020.850.15
11-170.520.48138-1450.690.31303-3150.860.14
18-250.530.47146-1530.700.30316-3280.870.13
26-320.540.46154-1620.710.29329-3440.880.12
33-390.550.45163-1700.720.28345-3570.890.11
40-460.560.44171-1790.730.27358-3740.900.10
47-530.570.43180-1880.740.26375-3910.910.09
54-610.580.42189-1970.750.25392-4110.920.08
62-680.590.41198-2060.760.24412-4320.930.07
69-760.600.40207-2150.770.23433-4560.940.06
77-830.610.39216-2250.780.22457-4840.950.05
84-910.620.38226-2350.790.21485-5170.960.04
92-980.630.37236-2450.800.20518-5590.970.03
99-1060.640.36246-2560.810.19560-6190.980.02
107-1130.650.35257-2670.820.18620-7350.990.01
114-1210.660.34268-2780.830.17+ 7351.000.00

DIF = indexverschil tussen het gemiddelde van de tegenstanders en de vorige quotering van de speler

H = % winstkansen indien de speler een hogere index heeft

L = % winstkansen indien de tegenstand een hogere index heeft

Deze formule drukt de doorlopende methode van schatting uit waar de waardecijfers aangepast worden na iedere oogst van uitslagen. De recente prestaties worden afgewogen ten opzichte van vroegere resultaten.

De coëfficiënt K drukt de wisselende snelheid uit in de veranderingen van de sterkte van een speler en in zijn uitslagen. In het begin kunnen snelle veranderingen optreden, K zal dan hoog liggen om geleidelijk af te nemen tijdens de loopbaan van een speler. Een hoge K geeft meer gewicht aan de jongste prestaties, een legere K geeft meer gewicht aan vroeger behaalde resultaten. De waarden toegekend aan K werden afgeleid uit een wiskundige studie van het probleem en zijn veranderlijk naargelang het klassement jaarlijks is of in kortere tijdspannes. In geval van 2 klassementen per jaar beveelt men de volgende waarden aan voor K :

32                voor de eerste 100 partijen

24                voor de partijen 101 tot 300

16                vervolgens, indien het waardecijfer beneden 2000 ligt

12                vervolgens, indien het waardecijfer boven 2000 is

10                in alle gevallen, indien het waardecijfer 2200 of meer is

Een voorbeeld : een speler heeft een quotering van 1760 en speelt een toernooi over 7 ronden met volgende resultaten en heeft reeds 120 partijen gespeeld vroeger

TegenstreverWaardeVerschilKans (We)Uitslag (W)
A16451150.661
B1680800.610.5
C1920-1600.290
D1720400.561
E1980-2200.220.5
F1905-1450.311
G2010-2500.190

In dit voorbeeld is W de som van alle resultaten = 4

En We is de som van alle Kansen = 2.84

De toepassing van formule II levert

Rn = Ro + K x ( W – We) = 1760 + 24 x ( 4.0 – 2.84 ) = 1788

Een verbeteringssysteem voor nieuwe spelers die talrijke partijen betwisten werd uitgewerkt. Indien de verandering van quotering hoger ligt dan 150 punten, wat overeenkomt met ¾ van sigma en indien de speler meer dan 25 partijen heeft betwist, zal de weerhouden quotering deze zijn die berekend is volgens formule I op basis van de partijen betwist sinds het vorige klassement.

Voorbeeld : een speler heeft een quotering van 1420 en 24 partijen. Voor het volgende klassement betwist hij 32 partijen en behaalt 24 punten, terwijl de winstkansen (We) 12.10 waren.

Met toepassing van formule II is de nieuwe quotering :

1420 + 32 x (24 – 12.1) = 1801, namelijk een winst van 381 punten.

Formule I geeft, rekening houdend met het gemiddelde cijfer van de tegenstanders, zijnde 1510, en de behaalde score van 24/32

R = Rc + D(P) = 1510 + 193 = 1703

Het is deze quotering van 1703 die weerhouden wordt.

Door deze verbetering zullen de quoteringen van nieuwe spelers niet op overdreven manier verhogen of verlagen. Het niet toepassen van deze verbetering heeft voordien de quoteringen van nieuwe spelers rara sprongen doen maken volgens een jojo-beweging

FIDE Rating Regels

0. Inleiding

Elke partij die gespeeld wordt in een FIDE geregistreerd toernooi zal verwerkt worden voor FIDE ELO voor zover volgende voorwaarden zijn voldaan.

0.2 Het toernooi moet geregistreerd zijn door de federatie die de resultaten zal doorzenden en die de “rating fee” betaalt. Het toernooi en de speelkalender moeten minstens een week voor de aanvang van het toernooi geregistreerd zijn. Toernooien waarin gespeeld kan worden voor een norm moeten 30 dagen op voorhand geregistreerd zijn.

0.3 Alle arbiters van een FIDE geregistreerd toernooi moeten een FIDE licentie hebben, zoniet geldt het toernooi niet voor FIDE ELO.

0.5 FIDE kan beslissen een bepaald toernooi niet te laten meetellen voor FIDE ELO. De organisator kan in dit geval beroep aantekenen bij de Kwalificatie Commissie binnen de zeven dagen na de bekendmaking van de beslissing van FIDE.

1. Speeltempo

1.1 Een partij kan verwerkt worden voor FIDE ELO, indien elke speler minstens over volgende tijd beschikt voor de zetten uit te voeren (in de veronderstelling dat de partij 60 zetten heeft).
Indien minstens één speler in het toernooi 2200 of meer ELO heeft, moet elke speler over minstens 120 minuten beschikken.
Indien minstens één speler in het toernooi 1600 of meer ELO heeft, moet elke speler over minstens 90 minuten beschikken.
Indien geen enkele speler meer dan 1600ELO heeft, moet elke speler over minstens 60 minuten beschikken.

1.2 Indien een aantal zetten gespecifieerd wordt voor een tijdscontrole moet dit 40 zetten bedragen.

1.3 Om mee te tellen voor de Rapid rating moet elke speler meer dan 10 en minder dan 60 minuten hebben

1.3 Om mee te tellen voor de Blitz rating moet elke speler minstens vijf en maximaal 10 minuten hebben

2. Te volgen regels

2.1 De partij moet gespeeld worden volgens de FIDE regels voor het Schaakspel.

3. Speeltijd per dag

3.1 Er mag niet meer dan 12 uur per dag gespeeld worden. Dit is berekend op basis van partijen van 60 zetten, wetende dat partijen met tijdsincrement langer kunnen duren.

4. Looptijd van het toernooi

4.1 Enkel toernooien met maximum 90 dagen komen in aanmerking, behalve:

4.11 Interclubliga’s mogen langer dan 90 dagen duren.

4.12 De Kwalificatiecommissie kan toernooien aanvaarden die langer dan 90 dagen duren.

4.13 Voor toernooien die meer dan 90 dagen duren, moet er maandelijks een verslag worden ingediend.

5. Niet gespeelde partijen

5.1 Ongeacht of deze het gevolg zijn van een forfait of enige andere reden, worden deze niet in rekening gebracht. Elke partij waarbij minstens één zet werd uitgevoerd door beide spelers zal meetellen.

6. Samenstelling van het toernooi

6.1 Als een niet geklasseerde speler nul punten haalt in zijn eerste toernooi, zal zijn resultaat en dat van zijn tegenstanders niet meegeteld worden. In alle andere gevallen zullen alle resultaten van een niet geklasseerde speler in partijen die tellen voor ELO meegeteld worden voor de berekening van de ELO-punten.

6.2 In een gesloten (round-robin) toernooi moeten minstens één derde van de spelers reeds ELO-punten hebben. Onder deze voorwaarde:

6.21 Als het toernooi minder dan 10 deelnemers heeft, moeten er minstens 4 ELO-punten hebben.

6.22 In een dubbelrondig toernooi met niet geklasseerde spelers moeten er minstens 6 deelnemers zijn, waarvan minstens 4 ELO-punten hebben.

6.23 Gesloten nationale kampioenschappen worden meegeteld indien minstens 3 deelnemers (of minstens 2 voor kampioenschappen exclusief voor vrouwen) officiële FIDE ELO hebben voor de aanvang van het kampioenschap.

6.3 In een Zwitsers systeem toernooi of Ploegentoernooi:

6.31 Het resultaat van een niet-geklasseerde speler wordt enkel in rekening gebracht als hij minstens 1/2 punt behaalt.

6.32 Voor geklasseerde spelers worden enkel partijen tegen andere geklasseerde spelers meegeteld.

6.4 Indien in een gesloten toernooi (round-robin) één of meerdere partijen niet werden gespeeld, moet het resultaat van het toernooi gemeld worden voor ELO-punten zoals voor een Zwitsers systeem toernooi.

6.5 Indien een match gespeeld worden over een specifiek aantal partijen, worden de partijen die gespeeld worden nadat één der spelers de match heeft gewonnen niet meer meegeteld.

6.6 Matches waarbij één der spelers (of beide) niet geklasseerd is, worden niet meegeteld.

7. Officiële FIDE ELO lijst

7.1 Op de eerste dag van elke maand, zal de Kwalificatiecommissie een lijst samenstellen waarin alle gespeelde partijen sinds de laatste publicatie verwerkt zijn.

7.12 Volgende gegevens worden bewaard per speler met minstens 1000 ELO-punten: FIDE titel, Federatie, Huidige ELO-punten, FIDE ID Nummer, Aantal gespeelde partijen sinds de vorige lijst, Geboortedatum, Geslacht en de huidige K-factor.

7.13 De afsluitdatum voor toernooien om verwerkt te worden voor een lijst is drie dagen voor de publicatiedatum van de lijst. Officiële FIDE evenementen kunnen nog verwerkt worden tot de laatste dag voor publicatie.

7.14 Een nieuwe speler op de lijst zal ELO-punten krijgen indien volgende voorwaarden voldaan zijn:

7.14a Voor resultaten op basis van 6.2, moeten minstens 5 partijen verwerkt zijn.

7.14b Voor resultaten op basis van 6.3, moeten minstens 5 partijen gespeeld zijn tegen geklasseerde spelers.

7.14c De voorwaarde van 5 partijen mag gespreid zijn over verschillende toernooien. Resultaten van toernooien kunnen samengeteld worden over maximaal 26 maanden voor de bepaling van de eerste ELO-punten.

7.14d Het aantal punten is minimaal 1000.

7.14e De ELO-punten worden berekend alsof alle partijen gespeeld werden in één toernooi.

7.2 Spelers die niet zijn opgenomen in de lijst:

7.21 Spelers wiens ELO-punten lager zakken dan 1000 punten worden gemeld als ‘delisted’. Vervolgens worden ze verwerkt zoals niet-geklasseerde spelers.

7.23 Inactieve spelers worden steeds geschouwd als geklasseerd volgens hun meest recente ELO-punten, voor verwerking voor ELO-punten en normen.

7.23a Een speler wordt beschouwd als “inactief” als hij minstens één jaar geen partijen heeft verwerkt.

7.23b Een speler wordt opnieuw actief vanaf de eerste verwerkte partij en opnieuw opgenomen op de eerstvolgende lijst.

8. Werking van het FIDE ELO-Systeem

Het FIDE ELO-systeem is een numeriek systeem waarin fracties van resultaten omgezet worden in verschillen in ELO-punten en omgekeerd.

8.1 De gebruikte schaal is arbitrair met een klasse-interval van 200 punten. De volgende tabel toont de omzetting van een fractioneel resultaat ‘p’ in een ELO-verschil ‘dp’. Een resultaat 0 of 1 geeft een onbepaalde waarde, maar is voorgesteld als 800.

De tweede tabel toont de omzetting van een ELO-verschil ‘D’ naar een waarschijnlijk resultaat ‘PD’ voor de hogere ‘H’ en lagere ‘L’ geklasseerde speler. Beide tabellen zijn een spiegelbeeld van elkaar.

8.1a De tabel die het fractioneel resultaat, p, omzet in ELO-verschil, dp

pdppdppdppdppdppdp
1.0800.83273.66117.49-7.32-133.15-296
.99677.82262.65110.48-14.31-141.14-309
.98589.81251.64102.47-21.30-149.13-322
.97538.80240.6395.46-29.29-158.12-336
.96501.79230.6287.45-36.28-166.11-351
.95470.78220.6180.44-43.27-175.10-366
.94444.77211.6072.43-50.26-184.09-383
.93422.76202.5965.42-57.25-193.08-401
.92401.75193.5857.41-65.24-202.07-422
.91383.74184.5750.40-72.23-211.06-444
.90366.73175.5643.39-80.22-220.05-470
.89351.72166.5536.38-87.21-230.04-501
.88336.71158.5429.37-95.20-240.03-538
.87322.70149.5321.36-102.19-251.02-589
.86309.69141.5214.35-110.18-262.01-677
.85296.68133.517.34-117.17-273.00-800
.84284.67125.500.33-125.16-284

8.1b De tabel die het ELO-verschil, D, omzet in een waarschijnlijk resultaat PD, voor respectievelijk de hogere, H, en lagere, L, geklasseerde speler.

DPDDPDDPDDPD
ELO +/-HLELO +/-HLELO +/-HLELO +/-HL
0-3.50.5092-98.63.37198-206.76.24345-357.89.11
4-10.51.4999-106.64.36207-215.77.23358-374.90.10
11-17.52.48107-113.65.35216-225.78.22375-391.91.09
18-25.53.47114-121.66.34226-235.79.21392-411.92.08
26-32.54.46122-129.67.33236-245.80.20412-432.93.07
33-39.55.45130-137.68.32246-256.81.19433-456.94.06
40-46.56.44138-145.69.31257-267.82.18457-484.95.05
47-53.57.43146-153.70.30268-278.83.17485-517.96.04
54-61.58.42154-162.71.29279-290.84.16518-559.97.03
62-68.59.41163-170.72.28291-302.85.15560-619.98.02
69-76.60.40171-179.73.27303-315.86.14620-735.99.01
77-83.61.39180-188.74.26316-328.87.13> 7351.0.00
84-91.62.38189-197.75.25329-344.88.12

8.2 Bepaling van de ELO-punten ‘Ru’ in een bepaald toernooi voor een niet-geklasseerd speler.

8.21 Indien de niet-geklasseerde speler 0 punten behaalt in zijn eerste toernooi, wordt dit resultaat niet verwerkt. Zoniet:
Eerst wordt de gemiddelde waarde van de tegenstanders bepaald ‘Rc’.
(a) In een Zwitsers systeem of Ploegen-toernooi is dit de gemiddelde ELO-punten van de tegenstanders.
(b) De resultaten tegen zowel geklasseerde als niet-geklasseerde spelers in een gesloten toernooi worden in rekening gebracht. Voor de niet-geklasseerde spelers, wordt de gemiddelde ELO van de competitie ‘Rc’ (dit is ook het toernooigemiddelde ‘Ra’) bepaald als volgt:

(i) Bepaal de gemiddelde ELO van de geklasseerde spelers ‘Rar’.
(ii) Bepaal de ”p” waarde van elke geklasseerde speler tegen alle tegenstanders.
Bepaal de “dp” voor deze spelers. 
Het gemiddelde van deze “dp” waarden is ‘dpa’.
(iii) ‘n’ is het aantal tegenstanders.
Ra = Rar – dpa x n/(n+1)

8.22 Indien hij 50% behaalt, is Ru = Ra

8.23 Indien hij meer dan 50% haalt, is Ru = Ra + 20 voor elk half punt behaald boven 50%

8.24 Indien hij minder dan 50% haalt in een Zwitsers systeem of ploegen-toernooi is:  Ru = Rc + dp

8.25 Indien hij minder dan 50% haalt in een gesloten toernooi is: Ru = Ra + dp x n/(n+1).

8.3 De ELO-punten Rn die gepubliceerd worden voor een voorheen niet-geklasseerde speler wordt bepaald alsof alle partijen gespeeld werden in één toernooi. De eerste ELO-punten worden berekend met de totale score tegen alle tegenstanders. Deze score in % wordt afgerond naar het dichtstbijzijnde geheel getal.

8.4 Indien een speler eerste ELO-punten ontvangt voordat een bepaald toernooi waarin hij als niet-geklasseerde speler speelde verwerkt wordt, dan zal zijn resultaat verwerkt worden alsof hij reeds geklasseerd was, terwijl hij voor de tegenstanders beschouwd zal worden als niet-geklasseerd.

8.5 Bepaling van de ELO-punten van een geklasseerde speler

8.51 Voor elke partij gespeeld tegen een geklasseerde tegenstander, bepaal het verschil in ELO-punten, D.

8.52 Indien de tegenstander niet-geklasseerd is, wordt de berekening uitgevoerd aan het einde van het toernooi. Dit geldt enkel voor gesloten toernooien (round-robin). Voor andere toernooien wordt de partij tegen de niet-geklasseerde niet in rekening gebracht voor de geklasseerde speler.

8.53 De voorlopige ELO-punten van niet-geklasseerde spelers uit eerdere toernooien wordt niet gebruikt.

8.54 Een verschil in ELO-punten boven 400 zal verwerkt worden alsof het een verschil gelijk aan 400 is.

8.55

(a) Gebruik tabel 8.1(b) voor de bepaling van het waarschijnlijk resultaat PD
(b) ΔR = resultaat – PD. Voor elke partij is het resultaat 1, 0.5 of 0.
(c) ΣΔR x K = de wijziging in ELO-punten voor een gegeven toernooi of ELO-lijst.

8.56 K is the ontwikkelingscoefficient.
K = 40 voor een nieuwe speler op de lijst totdat er minstens 30 partijen verwerkt zijn
K = 20 zolang de ELO-punten van de speler lager zijn dan 2400.
K = 10 voor een speler wiens gepubliceerde ELO hoger is dan of gelijk aan 2400 en vervolgens blijft deze factor behouden zelfs indien de ELO daalt onder 2400.
K = 40 voor alle spelers tot hun 18de verjaardag voor zover ze minder dan 2300 ELO-punten hebben.

Als het aantal partijen “n” van een speler te verwerken voor één lijst, vermenigvuldigd met K groter is dan 700, wordt K verlaagd tot het grootste geheel getal waarvoor K x n kleiner is dan 700

8.57 De wijziging in ELO-punten wordt afgerond naar het dichtstbijzijnde geheel getal (0.5 wordt naar boven afgerond).

8.58 Bepalen van ELO-punten in een gesloten (round-robin) toernooi. 
Indien niet-geklasseerde spelers deelnemen wordt hun ELO bepaald via iteraties (herhaling). Elke nieuw bepaalde ELO voor de niet-geklasseerd wordt gebruikt om de wijziging in ELO-punten van de geklasseerde spelers te bepalen

Vervolgens wordt de ΔR voor iedere geklasseerde speler voor elke partij bepaald gebruik makend van Ru(new) alsof dit een werkelijke ELO is.

9. Procedure voor Rapportering

9.1 De Hoofdarbiter van een FIDE geregistreerd toernooi moet het Toernooirapport (TRF bestand) binnen 7 dagen na de afloop van het toernooi overmaken aan de ELO verantwoordelijke van de federatie waar het toernooi plaatsvindt. De ELO verantwoordelijke zal dit rapport “uploaden” naar de FIDE Rating Server ten laatste 30 dagen na de afloop van het toernooi.

9.2 Alle resultaten van internationale toernooien moeten verwerkt worden voor FIDE ELO tenzij op voorhand expliciet duidelijk werd gemaakt dat het toernooi niet verwerkt wordt voor FIDE ELO. De Hoofdarbiter moet dit ook voor de aanvang van het toernooi aankondigen aan de spelers.

9.3 Elke nationale federatie duidt een officiële vertegenwoordiger aan die de verzending verzorgt van alle documenten in verband met ELO rating. Zijn naam en gegevens worden meegedeeld aan het FIDE Secretariaat

13. Opname in de FIDE ELO lijst

13.1 Op opgenomen te worden in de FIDE ELO lijst of de Rapid of Snelschaak ELO lijsten moet een speler aangesloten en geregistreerd zijn via een nationale federatie.

13.3 Elke speler die niet opgenomen wordt omdat hij geen lidmaatschap bij een nationale federatie kan bekomen, kan FIDE een speciale uitzondering vragen om toch opgenomen te worden in de FIDE ELO lijst.

WERKING VAN DE NATIONALE ELO-VERWERKING.

Het nationaal ELO-klassement wordt vier keer per jaar gepubliceerd. De uiterste datum van ontvangst van de uitslagen is dus respectievelijk 28/12, 28/03, 27/06 en 27/09[437]. Deze data  zijn tevens gepubliceerd op de website van KBSB. Een tweede voorwaarde is dat de resultaten binnen de 30 dagen na het einde van een toernooi moeten ingestuurd worden.

De lijst van de ontvangen toernooien is gepubliceerd op de website van KBSB, en laat de clubs toe vast te stellen of hun uitslagen wel degelijk ontvangen werden. Deze lijst dient ook als ‘ ontvangstbewijs ‘ .

De bestanden met de uitslagen worden dan nagezien. De eventueel vastgestelde fouten dienen rechtgezet vooraleer zij opgenomen worden in een bestand met naam “ChckListNew.dbf“. Dit bestand bevat, van elke speler, de individuele partijen die in aanmerking komen voor de volgende ELO-berekening. Die lijst wordt regelmatig bijgewerkt en gepubliceerd op de Website. Ik raad elke betrokken speler dan ook aan deze lijst regelmatig te controleren en mij elke afwijking te signaleren via de clubverantwoordelijke.

Nadat de uitslagen zijn verzameld, en ook de buitenlandse prestaties van onze spelers uit het FIDE klassement werden gehaald, genereert een speciaal programma, CalcELO, een nieuw bestand Player.dbf met het geactualiseerd klassement. Dit bestand wordt doorlopend bijgewerkt bij nieuwe aansluitingen, transfers, correcties van gegevens, ingeval een speler sterft, enz…

Na de berekeningen door CalcELO , wordt een nieuw belangrijk bestand aangemaakt . Dit bestand bevat de individuele steekkaarten van elke speler , hierop worden de individuele partijen getoond . Bovendien wordt een inzicht geboden in de verwerkte elementen voor het nieuwe ELO-cijfer. Deze individuele fiches staan dan ook ter inzage op de Website.

Vervolgens wordt artikel 10 i van het TOERNOOIREGLEMENT VAN DE KBSB toegepast

Chess Manager laat bovendien toe de gegevens bevat in Player.dbf : te sorteren, te filteren , uit te drukken , eveneens het opstellen van de lijst van sterkte , het beheer van toernooien , van de nationale interclubs, enz…)

Verwerking resultaten

Verzending van resultaten:

De verantwoordelijke voor de verzending is de organisator van het toernooi. Voor de clubtoernooien is dit de club, voor de ligatoernooien, de liga en voor toernooien met verschillende clubs is dit de verantwoordelijke van het initiatief.

Elke verzending, of elke aanvraag tot verbetering kan pas verwerkt worden mits akkoord van de genoemde verantwoordelijke.

De resultaten moeten, om geldig verwerkt te kunnen worden in het klassement, ten laatste 30 dagen na het einde van het toernooi aankomen bij de verantwoordelijke klassement van KBSB, e-mail adres ratings@frbe-kbsb.be. Dit geldt voor ALLE resultaten! Open toernooien, gesloten toernooien, enkele of dubbele ronden, individuele partijen, resultaten van nationale interclubs, etc,… ENIGE uitzondering : resultaten van partijen gespeeld in het buitenland[438]. Het is aangeraden om op de KBSB site, pagina « tournois » onder « ELO-klassement » na te gaan of uw ingezonden toernooi daadwerkelijk is opgenomen in het klassement. De sluitingsdata voor het verzenden van resultaten voor een klassement zijn 28 December, 28 Maart, 27 Juni en 27 September. De klassementsverantwoordelijke zal resultaten die met meer dan zes maanden vertraging toekomen niet verwerken in het klassement. Voor wat betreft de clubs van VSF is het verplicht om de resultaten te versturen via de liga-ELO-verantwoordelijke[439] (zie verder voor de liga besturen).

Gegevens van het toernooi: verplicht te vermelden zijn de naam van het toernooi, de begin- en einddatum, de naam van de (verantwoordelijke) arbiter, het gebruikte tempo en de data van de verschillende ronden.

Gegevens van de spelers: verplicht te vermelden zijn het stamnummer van de spelers samen met de andere gebruikelijke informatie zoals naam, voornaam, club, behaalde resultaten, etc… Indien de resultaten eveneens bestemd zijn voor het FIDE klassement moet ook het FIDE-Id van de spelers vermeld worden.

Alle spelers die deelnemen aan een toernooi moeten een stamnummer hebben en de spelers moeten aangesloten zijn op het moment van deelname aan het toernooi (het volstaat dus niet om aanwezig te zijn in PLAYER.DBF)[440]. Voor elke overtreding hierop zal de KBSB een bijkomende (dubbele) aansluiting aanrekenen voor de niet-aangesloten spelers aan de club (of liga) die de resultaten heeft verzonden[441].

Klachten

Moeten zo snel mogelijk ingediend worden bij de klassementsverantwoordelijke KBSB (Daniel Halleux) met duidelijke vermelding van de betwiste resultaten, en een bevestiging van de fout door de verantwoordelijke van het toernooi. Elke klacht in verband met resultaten uit een vorig gepubliceerd klassement (dus eerder dan de laatste publicatie) kunnen geweigerd worden.

Software

De bestanden met resultaten kunnen aangemaakt worden met volgende programma’s : Chess Manager, PairTwo, Swiss-Chess, Papi en ChessEvent (voor Macintosh of Apple computers). De programma’s die eigendom zijn van KBSB zijn te vinden op de website. In geval van problemen bij het gebruik van de programma’s is het aangewezen de documentatie of « help » te raadplegen. Op aanvraag kunnen Chess Manager en PairTwo ook geleverd worden op een CD ROM tegen een onkostenvergoeding voor verzending van 5 euro’s.

Het gebruik van de programma’s is de verantwoordelijkheid van de toernooileider van de club of liga of enige andere organisator.

De structuur van de gegevens in het bestand moet volledig in overeenstemming zijn met de standaard die hieronder beschreven is hieronder.

Deze bestanden mogen op geen enkele wijze manueel gewijzigd worden.

De bestanden met resultaten worden nagekeken op juistheid en eventuele fouten worden verbeterd voor de verwerking in het klassement.

Uitleg over de structuur van het te verzenden bestand

De naam van het bestand

Op basis van de einddatum van het toernooi, wordt de maand hexadecimaal aangegeven (1 = jan, 2, 3, …, 9 = sep, A = oct, B = nov, C = dec) in de eerste letter van de naam, de dag wordt numeriek aangeven in de tweede en derde letter van de naam (01 … 31):

  • Identificatie van het toernooi (letters 4, 5 en 6) aangemaakt door het programma. Volgende identificaties zijn voorzien : INT (nationale interclubs), 24L (24 lijnen), ELO (gereserveerd), OPE (default identificatie voor een open toernooi, vanuit Pairtwo bijvoorbeeld), GRI (identificatie voor alle gesloten toernooien).
  • Letters 7 en 8: noodzakelijk om een unieke naam te kunnen geven aan het bestand. Als er verschillende toernooien van eenzelfde type en dezelfde organisatie eindigen op dezelfde dag zijn alle andere elementen van de naam identiek. In dit geval kan letter 7 bijvoorbeeld een afdeling aanduiden en letter 8 een reeks. Deze letters zijn vrij te kiezen en moeten veranderd worden als er meerdere toernooien zijn zoals hier aangegeven, bijvoorbeeld « 625OPE1a.618 » en « 625OPE2a.618 » of « 625OPE1b.618 »
  • scheiding tussen naam en extensie « .»
  • Clubnummer van de verzender (001 … 999). In PairTwo zal dit nummer gevraagd worden door een dialogbox die verschijnt alvorens het bestand wordt aangemaakt.

Deze beperkingen zijn enkel van toepassing in PairTwo[442]; Chess Manager laat toe om het even welke naam te geven aan het bestand tot 32 letters. Het is echter aangewezen de regels hierboven te volgen tenzij dit zou leiden tot onduidelijkheid.

Inhoud van het bestand

Tournoi : Cht FEFB ELITE

Nombre de participants : 16 ; 7 rondes

Envoyé par : Halleux Daniel, rue Morade, 7, 4540 Ampsin, 085/31.43.03

Date fin de tournoi : 12-06-2000

Tempo : 40C 2H + 1H KO

00 16 72000060120000612

  Nom                Matr. Clb Nat ELO  000601 000603 000605 000607 000609 000611 000613

1 Mohandesi Shahin   83607 209 BEL 2334  8 N 5  2 B 5 12 N 1  4 B 5  5 N 5  7 N 1  9 B 5

2 Wantiez Fabrice    70823 506 BEL 2315  9 B 0  1 N 5 11 B 1  8 N 5 13 B 1  4 B 1  3 N 5

3 Laurent Bruno      88617 501 BEL 2300 10 N 1  6 B 5 16 N 5  5 B 1  4 N 5  9 B 1  2 B 5

4 Van Houtte Thierry 64491 201 BEL 2267 12 B 1  7 N 5  9 B 1  1 N 5  3 B 5  2 N 0 16 B 1

5 Duric Slavko       57916 640 BEL 2232 13 N 1 16 B 5  6 N 5  3 N 0  1 B 5  8 B 5 14 N 1

6 Uhoda Philippe     63011 952 BEL 2185 14 B 1  3 N 5  5 B 5  7 N 0 11 B 1 16 N 0  0 – –

7 Piacentini Claudio 54810 501 BEL 2184 15 N 1  4 B 5 10 N 1  6 B 1  9 N 0  1 B 0  8 N 0

8 Marechal Andy      50211 906 BEL 2171  1 B 5  9 N 0 14 B 1  2 B 5 16 N 5  5 N 5  7 B 1

9 Fontaine Pierre    91219 622 BEL 2159  2 N 1  8 B 1  4 N 0 16 B 1  7 B 1  3 N 0  1 N 5

10 Lanneau Bertrand  60712 501 BEL 2142  3 B 0 14 N 1  7 B 0 13 N 0  0 – – 12 N 0 11 B 5

11 Verspecht Thierry 84255 910 BEL 2136  0 – – 13 B 1  2 N 0 12 B 1  6 N 0  0 – – 10 N 5

12 Timmermans Daniel 37176 601 BEL 2093  4 N 0  0 – –  1 B 0 11 N 0 14 N 0 10 B 1 13 B 1

13 Werner Yvan       50474 901 BEL 2078  5 B 0 11 N 0  0 – – 10 B 1  2 N 0 14 B 0 12 N 0

14 Lombart Philippe  41831 290 BEL 2016  6 N 0 10 B 0  8 N 0  0 – – 12 B 1 13 N 1  5 B 0

15 Parys Pierre      74993 521 BEL 2015  7 B 0  0 – –  0 – –  0 – –  0 – –  0 – –  0 – –

16 Porteman Eric     28291 640 BEL 1932  0 – –  5 N 5  3 B 5  9 N 0  8 B 5  6 B 1  4 N 0

Bijkomende informatie in verband met toernooien waarin (nog) niet geklasseerde spelers deelnemen

Indien een gesloten groep niet geklasseerde spelers bevat, zal voor hen een fictieve ELO worden bepaald op basis van de resultaten die ze behaald hebben tegen geklasseerde tegenstanders op voorwaarde dat er minstens 2 resultaten zijn. (gemiddelde ELO van de tegenstanders aangepast met een factor op basis van het behaalde resultaat). Dit systeem laat toe om sneller een klassement toe te kennen aan niet geklasseerde spelers.

Dit mechanisme is efficiënt vanaf dat er minstens twee niet geklasseerde spelers in één groep aantreden. Chess Manager past dit principe toe en plaatst de fictieve ELO in het aangemaakte bestand in de kolom « ELO » en vermeldt de code « *** » in de kolom « Nat » wat toelaat vast te stellen dat het om een fictieve ELO gaat.

Er zijn twee soorten berekeningen, de ene voor gesloten en de andere voor open toernooien.

Hierbij de uitleg voor een gesloten toernooi

Toewijzing van een GLOBALE performantie van de NG (niet geklasseerden) tegen de geklasseerde spelers en toewijzing van deze fictieve ELO aan de NG met de indicatie “***” in de kolom “Nat”

Voorwaarde van toepassing: minimum 2 NG EN 2 geklasseerden

Definitie van een NG : aantal partijen in PLAYER < 20 ; Stamnummer >0

Voorbeeld:

Club: 618 CNTE – Centrale Nucléaire Tihange Echecs
Rue Velbruck, 22, 4540 AMAY, tél.: 085/31.23.56
DT : HLX, tél.: 0477/56.00.73

TEST (00TST1B) – du 01/10/2000 au 18/11/2000
Tournoi complet – Simple rondes – 8 joueurs – Timing: 40c/2h, 1h KO
11 8 72000100120001118
N° Nom                 Matr. Clb Nat ELO  991230 991230 991230 991230 991230 991230 991230
1 ROMBOUTS ANDRE       66052 618     1150  8 N 0  2 N 1  3 B 0  4 N 0  5 B 5  6 N 0  7 B 1
2 MAZZOCCATO DOMINIQUE 57754 618 *** 1222  7 N –  1 B 0  8 N 5  3 N 1  4 B 5  5 N 0  6 B 0
3 MAZZOCCATO ALLISON   85740 618     1150  6 N 1  7 B 0  1 N 1  2 B 0  8 N 0  4 N –  5 B 0
4 MEMETI MEMET         90131 618     1150  5 N 1  6 B 5  7 N 0  1 B 1  2 N 5  3 B –  8 N 1
5 LEPERSONNE DIDIER    86967 618     1374  4 B 0  8 B 5  6 N 5  7 B 1  1 N 5  2 B 1  3 N 1
6 MEMETI KUSHTRIM      67041 618     1150  3 B 0  4 N 5  5 B 5  8 B 1  7 N –  1 B 1  2 N 1
7 HALIN THIBAULT       55654 618 *** 1222  2 B –  3 N 1  4 B 1  5 N 0  6 B –  8 B 1  1 N 0
8 ORBAN FRANCOIS       78042 810     1519  1 B 1  5 N 5  2 B 5  6 N 0  3 B 1  7 N 0  4 B 0

In dit voorbeeld hebben de geklasseerde spelers een score van 6/11 ofwel 55% behaald tegen de NG. Het gemiddelde van de ELO van de tegenstanders voor deze 11 partijen is 1258 punten. De score van de NG is 45% en dus moet dit gemiddelde verminderd worden met 36 punten wat een GLOBALE performantie geeft van 1222 punten. Het zijn deze 1222 die vermeld moeten worden in het bestand met de indicatie « *** » in de kolom « Nat ».

En de uitleg voor een open toernooi

Voorbeeld :

Club: 618 CNTE – Centrale Nucléaire Tihange Echecs
Rue Velbruck, 22, 4540 AMAY, tél.: 085/31.23.56
DT : HLX, tél.: 0477/56.00.73

TEST (00OPE$$) – du 11/11/2000 au 19/11/2000
Tournoi OPEN – 8 joueurs – Timing: 40c/2h, 1h KO
11 8 72000100120001118
N° Nom                 Matr. Clb Nat ELO  991230 991230 991230 991230 991230 991230 991230
1 ROMBOUTS ANDRE       66052 618     1150  8 N 0  2 N 1  3 B 0  4 N 0  5 B 5  6 N 0  7 B 1
2 MAZZOCCATO DOMINIQUE 57754 618 *** 1200  7 N 1  1 B 0  8 N 5  3 N 1  4 B 5  5 N 0  6 B 0
3 MAZZOCCATO ALLISON   85740 618     1150  6 N 1  7 B 0  1 N 1  2 B 0  8 N 0  4 N –  5 B 0
4 MEMETI MEMET         90131 618     1150  5 N 1  6 B 5  7 N 0  1 B 1  2 N 5  3 B –  8 N 1
5 LEPERSONNE DIDIER    86967 618     1374  4 B 0  8 B 5  6 N 5  7 B 1  1 N 5  2 B 1  3 N 1
6 MEMETI KUSHTRIM      67041 618     1150  3 B 0  4 N 5  5 B 5  8 B 1  7 N –  1 B 1  2 N 1
7 HALIN THIBAULT       55654 618 *** 1257  2 B 0  3 N 1  4 B 1  5 N 0  6 B –  8 B 1  1 N 0
8 ORBAN FRANCOIS       78042 810     1519  1 B 1  5 N 5  2 B 5  6 N 0  3 B 1  7 N 0  4 B 0

Voor een open toernooi is het iets ingewikkelder. Voor elke NG die andere NG’s heeft ontmoet wordt eerst de performantie van deze NG’s tegen de geklasseerde spelers berekend. Speler nr 2 heeft een score van 2/6 ofwel 33%. De gemiddelde ELO van zijn tegenstanders is 1249 waarvan 125 punten afgehaald worden overeenkomstig zijn resultaat van 33% wat leidt tot een performantiescore van 1124 ELO.

Speler nr 7 heeft een resultaat van 3/5 tegen een gemiddelde van 1269 en dus een performantie van 1341 ELO.

Vervolgens worden beide ELO’s geïnjecteerd in de tabel en wordt de performantie van beide spelers herberekend, ook rekening houdend met deze ELO’s van de NGs. Dit wordt herhaald totdat de performantie van beide spelers niet meer verandert.

In het voorbeeld hierboven leidt dit uiteindelijk tot een performantie voor speler 2 van 1200 ELO en voor speler 7 van 1257 ELO (na 5 herberekeningen)

ELO & Buitenlandse toernooien

Verwerking van resultaten van toernooien die in het buitenland gespeeld zijn

Enkel de door de FIDE opgenomen resultaten eveneens in aanmerking komen voor verwerking in de Belgische ELO-klassering, op voorwaarde dat zij elektronisch invoerbaar zijn. Hieruit volgt ook dat het niet langer nodig is om voor de aanvang van het buitenlandse toernooi een aanvraag in te dienen voor de verwerking van de resultaten voor de Belgische ELO.

10. Klassering van de speler

i. Beheer van de resultaten uit toernooien gespeeld in het buitenland (Foreign tournaments)

  • Spelers die volgens de FIDE aangesloten zijn bij de KBSB en die in België verblijven: al hun resultaten die voor de FIDE-berekening verwerkt werden worden ook verwerkt voor het Belgische klassement op voorwaarde dat de automatische verzameling van deze gegevens mogelijk is.
  • Spelers die volgens de FIDE niet aangesloten zijn bij de KBSB of spelers die volgens de FIDE aangesloten zijn bij de KBSB maar niet in België verblijven: in tegenstelling met wat vermeld staat in de punten a tot h van het huidig artikel, wordt hun Belgische ELO-quotering gelijkgesteld aan hun FIDE-quotering (1).

Uitzonderingen : Echter de ELO-quotering van betrokken spelers zal dezelfde blijven als de Belgische ELO-quotering als, na een gemotiveerde aanvraag door de betrokken speler of zijn club, de nationale klassementsleider van oordeel is dat de Belgische ELO-quotering representatiever is wat de sterkte van de speler betreft als de FIDE-quotering. (2)

(1) In de klasseringlijst PLAYER.DBF wordt bij deze spelers het veld “ADVERSAIRE” (vertaald tegenstander) leeggelaten en in het veld “PERFORMANCE” (vertaald prestatie) wordt de correctie ten opzichte van de initieel berekende Belgische ELO-quotering geplaatst en het veld “=” bevat de waarde 9.

(2) In de klasseringlijst PLAYER.DBF wordt de nationaliteit van de speler gevolgd door een “+” en het veld “=” bevat de waarde 5.

Toegestane tempo’s

Om in aanmerking te komen voor ELO-verwerking moet het tempo van de partijen beantwoorden aan volgende minimale periodes. Deze minima zijn opgemaakt in de veronderstelling dat een partij 60 zetten duurt, en moeten dus voldaan zijn voor een partij van 60 zetten.

  • Indien minstens één van de deelnemers een rating heeft van 2200 ELO of meer, dient elke speler minstens 120 minuten te hebben voor de partij.
  • Indien ten minste één deelnemer een rating heeft van 1600 ELO of meer, dient elke speler te beschikken over minstens 90 minuten voor de partij.
  • Indien alle spelers een rating hebben onder 1600 ELO, moet elke speler minstens 60 minuten hebben voor de partij.

Voorbeelden van toegestane tempo’s:

  • Alle zetten in 2 uur.
  • 40 zetten in 75 minuten, gevolgd door alle zetten in 15 minuten, met toevoeging van 30 seconden na elke zet.
  • 40 zetten in 90 minuten, gevolgd door alle zetten in 30 minuten.

Partijen die gespeeld zijn met een tempo dat kleiner is dan de hierboven vermelde minima komen niet in aanmerking voor verwerking.

Het is aangewezen dat de eerste tijdscontrole steeds over 40 zetten wordt gespeeld. Deze uniformisatie komt de spelers ten goede.

Er mogen niet meer dan 3 ronden per dag gespeeld worden, en de totale speeltijd mag niet hoger zijn dan 12 uur per dag.

Om in aanmerking te komen voor titel normen moet het toernooi gespeeld worden met in acht name van het volgende

Er mogen niet meer dan 12 uur spel per dag zijn. Dit wordt gerekend op basis van partijen die 60 zetten duren (langere partijen met incrementele tijd mogen dus langer duren)

Er mogen niet meer dan twee ronden per dag gespeeld worden.

De minimum tijd voor een partij bedraagt, zonder incrementen, 2 uur voor 40 zetten gevolgd door 30 minuten voor de rest van de partij. Met increment is de minimum tijdsduur 90 minuten voor de partij met een minimale increment van 30 seconden per zet.

Verwerking van toernooiresultaten voor FIDE ELO

Homologatie

Ten minste één maand voor aanvang van het toernooi moet de organisator van het toernooi een aanvraag indienen. Deze aanvraag moet verstuurd worden aan de FIDE Verantwoordelijke Luc Cornet EN aan de klassements-verantwoordelijke Daniel Halleux en moet de volgende toernooigegevens bevatten: naam van het toernooi; naam, adres, email en telefoonnummer van de organisator; naam van de scheidsrechter(s); speeltempo; datum en uur van de ronden; speellokaal. Nadat het toernooi aanvaard werd voor homologatie zal dit gepubliceerd worden op de KBSB-website in de lijst van toernooien die in aanmerking komen voor één van de eerstvolgende FIDE ELO-lijsten. Een bevestigingsemail zal aan de organisator gezonden worden. Het homologatieformulier kan op de website van de FIDE gevonden worden.

FIDE Registratie van Internationale Toernooien

De FIDE voorziet een overkoepelende organisatie van belangrijke diensten zoals het categoriseren van toernooien en het toewijzen van titels en normen. FIDE behoort voor deze diensten vergoed te worden. Bij registratie zal FIDE de kalender van belangrijke toernooien zorgvuldig in de gaten houden om eventuele conflicten te vermijden.

Registratie bestaat uit:

(a)   Certificatie van de nationale federatie die het toernooi goedkeurt.

(b)   Het rapport van de Arbiter dat niet later dan twee weken na het einde van het toernooi wordt verzonden, met daarin details van de resultaten, de categorie van het toernooi, de behaalde normen, de ratings van de spelers, eventuele protesten en andere belangrijke incidenten.

(c)   De nationale federaties binnen wiens territoria internationale competities worden georganiseerd, dienen deze te registreren bij het FIDE Secretariaat; een lijst met geregistreerde toernooien zal regelmatig worden gepubliceerd; de federaties zullen éénmaal per jaar een factuur krijgen voor alle registraties gebaseerd op volgende indeling:

(d)   De registratiebijdrage is bepaald volgens:

Toernooien met gemiddelde rating tot 2300 : 50 euro

Toernooien met gemiddelde rating tot 2400 : 100 euro

Toernooien met gemiddelde rating tot 2500 : 150 euro

Toernooien met gemiddelde rating tot 2600 : 200 euro

Toernooien met gemiddelde rating boven 2600 : 300 euro

Zwitserse toernooien : Aantal spelers vermenigvuldigd met 1 euro.

Ploegentoernooien en “Scheveningen” toernooi : 1 euro per speler, geen maximum.

Matches : volgens de gemiddelde rating hierboven.

(e)   De maximale factuur voor elke federatie bedraagt 15 000 euro per jaar

(f)    Voor dames toernooien wordt geen registratiebijdrage geïnd. Registratie bij de FIDE is echter wel vereist.

(g)   Kleine toernooien zoals lokale Zwitserse toernooien zijn vrijgesteld van registratiebijdragen

(h)   Het Secretariaat zal de registratiebijdrage kwijtschelden voor een toernooi waarin minder dan 5 resultaten voor rating zijn gerapporteerd

(i)    Aankondigingen voor open toernooien dienen per e-mail verzonden te worden (in ASCII tekst) naar de FIDE voor publicatie op de FIDE website

Report Form for the Registration of International Competitions
Federation: 
Organizer: 
Tournament Name: 
City: 
Start Date:End Date: 
Projected number of players:Number of rounds: 
Time Limits:              moves in              hours; then                 moves in              hour 
Level/Type of tournament:Projected Category: 
GMIMRatingSwiss systemTeam Tmnt. 
ScehveningenIndividual MatchTeam Match 
Manner of choice of participants
InvitationOpen to allQualification 
RepresentativesOther:  
Chief Arbiter:  
Organizer:
Address:

Phone :Email:GSM:
Place


DateSignature/Seal of Federation
 

Na afloop van het toernooi

De hierna vermelde data moeten in elektronisch formaat binnen de 14 dagen na het einde van het toernooi aan de klassementsverantwoordelijke Daniel Halleux worden verstuurd, die ze na controle doorstuurt aan de FIDE Verantwoordelijke Luc Cornet. Een boete van 70 € zal verrekend worden aan de organisator die deze periode niet respecteert.

De data die per email moeten verzonden worden, zijn:

  • De PairTwo SWS file na de laatste ronde; de toernooigegevens moeten met de grootste nauwkeurigheid vervolledigd worden (naam van het toernooi, toernooisysteem, scheidingssysteem, speeltempo, begin- en einddatum van het toernooi, datum van elke ronde, naam van de scheidsrechter(s), FIDE-stamnummers, naam van de spelers, enz., …). De verbetering van eventuele ontbrekende gegevens moet verplicht binnen de 14 dagen na het einde van het toernooi worden uitgevoerd. Indien dit niet het geval is, zal de boete van 70 € worden opgelegd.
  • Een PGN-file die alle partijen van het toernooi bevat: verplicht een file in ZIP- of RAR-formaat met de foto’s van alle deelnemers; elke foto moet van het JPEG- of GIF-type zijn met 160×200 px verticale
  • In het geval er normen worden behaald in een toernooi, dan dient de speler de hoofdwedstrijdleider of de toernooileider te contacteren. Deze dient dan een FIDE-certificaat samen te stellen en ondertekend te bezorgen aan de FIDE Verantwoordelijke Luc Cornet.

Geschiedenis van de VSF

Eind jaren 70 werd België gefederaliseerd. Ook de schaakwereld volgde voornamelijk met als doel subsidies te verkrijgen van de Vlaamse Gemeenschap. Op die manier ontstond de VSF.

De vereniging werd op 17 september 1977 door onderstaande stichters opgericht.

Adams Marcel, Ellebroecken 13, Mortsel

Coppens Johan, F. Van Torrestraat 37, Heist

Peleman Tony, Eikelstraat 38, Berchem

Van Acker Noel, Stoktmolenstraat 9, Tielt

Van Damme Paul, Breestraat 107, Dendermonde.

Van Den Berghe Roger, Beukenstraat 16 Evergem

Van Soom Herman, R. Verhulstlaan 40 Wommelgem

Verkouille Richard, Van Biesbroeckstraat 80, Gentbrugge

Wauters Guy, Rozenbroekstraat 51, St. Amandsberg

Niet lang daarna (in 1980) nam de vereniging de organisatie “Vlaamse jeugdschaak” over die reeds eerder opgericht was en met als voorzitter op dat moment Guy Wauters.

Voorzitters

1979 – 1982                Marcel Adams

1982 – 1995                Jean Janssens

1995 – 1997                Johan Verbeke

1997 – 1999                Jan Gooris

1999 – 2002                Simonne Soetewey (ad interim)

2003                            Bernard Malfliet

2004                            Johan Verbeke

2005 – 2006                Bernard Malfliet

2006 – 2009                Chris Ghysels

2009 – 2011                Tom Piceu

2011 – 2014                Jean-Pierre Haverbeke

2015 – 2019                Bart Van Tichelen

2019 – 2022                Bernard Malfliet

2022 – heden               Arno Sterck

De eerste jaren van VSF (tekst Marcel Adams)[443]

Naar aanleiding van het 20-jarig bestaan van V.S.F. heeft voorzitter Jan Gooris mij gevraagd, als medestichter en eerste voorzitter, naar een historisch overzicht. Ik heb dit gedeeltelijk aanvaard, namelijk voor de periode waarin ik het voorzitterschap heb waargenomen, en in de mate waarin archieven nog beschikbaar zijn en mijn geheugen betrouwbaar.

Hierna gaat dan een overzicht van de in mijn ogen voornaamste feiten en gebeurtenissen uit de aanvangsjaren, zo mogelijk aangevuld met commentaar. Mijn dank gaat hierbij naar de heren Van Acker en Verbeke voor het beschikbaar stellen van documentatie terzake in hun bezit. Voor mogelijke aanvullingen en/of rechtzettingen, sta ik steeds open.

Wat vooraf ging

Reeds voor de regionalisering van de nationale bond was, op initiatief van R. Van den Berghe, in 1976 de V.Z.W. Vlaamse Jeugdschaak opgericht. De statuten vermeldden vijftien stichters en werden goedgekeurd in november 1977, maar verschenen pas in het Belgisch Staatsblad van 7 September 1978 (!)

Anderzijds werd, eveneens in 1976, op K.B.S.B. niveau een commissie ingesteld om een mogelij.ke regionalisering van de nationale bond te onderzoeken. Deze commissie bestond uit toenmalig bondsvoorzitter P.Mauquoy en verder, in alfabetische orde, A.Breda, J.Conings, M.Goormachtigh, H.Hernalsteen, R.Hubert, J.Janssens, J.Marquet, A.Schepkens, J.Tonoli, N.Van Acker, P.Van Damme en ik zelf, door de voorzitter als verslaggever aangezocht.

Die commissie vergaderde op 16 oktober, 6 november en 18 december 1976. Onderzocht werd vooral in welke mate en in welke zin de statuten van de nationale bond dienden aangepast te worden. Het ging duidelijk niet om een communautaire aangelegenheid, maar in de eerste plaats om ruimere financiële mogelijkheden voor het schaken. Tijdens de vergadering van 18 december werd afgesproken dat de voorzitter een ontwerp van regionalisering zou uitwerken, na een onderhoud met de heer Van Ael (toen minister van Franse Cultuur) en Van den Bossche (B.L.O.S.O.). De commissie is dan een stille dood gestorven, nadat voorlopig van verdere vergaderingen werd afgezien, in afwachting van het in uitzicht gestelde decreet inzake erkenning en subsidiering van de landelijk georganiseerde sportverenigingen.

Begin 1977 was er dan, op initiatief van L.Watteeuw, voorzitter van liga Oost Vlaanderen, een contact met de Vlaamse ligavoorzitters over een mogelijke regionalisatie.

Op 2 maart 1977 werd het verwachte decreet goedgekeurd, om in werking te treden op 1 januari 1978.

Een aantal mensen waren toen van oordeel dat zo spoedig mogelijk het nodige moest gedaan worden om mee van deze nieuwe bron van financiering te kunnen genieten, en dat de eerste noodzakelijke stap daartoe de regionalisering van de nationale bond was. Na publicatie van het decreet in het Belgisch Staatsblad van 10 mei 1977 werden langs Vlaamse kant dan ook de koppen bijeen gestoken en, op initiatief van J.Janssens, besloten tot een vergadering voor alle Vlaamse kringen op 12 juli te Hoboken.

De opkomst was eerder aan de magere kant : er waren vertegenwoordigers van de kringen Mat of Pat, Oude God, Moretus, Merksem, Borgerhout, Deurne, Beveren, Kessel Lo, Dendermonde, en de al vroeger opgerichte Vlaamse Jeugdschaak.

Ik gaf er een overzicht van de bij decreet voorziene voorwaarden tot erkenning en subsidiering van de erkende verenigingen :

– basistoelage van 50 000 tot 100 000 BEF

– 75% van alle werkingskosten : tijdschrift, drukwerk, verplaatsingen, (verplichte) verzekering …

– 90 tot 50% van de personeelskosten (afnemend met het aantal betrokkenen)

Hoewel, gezien de relatief geringe opkomst, niet iedereen hiermee akkoord ging, werd toch besloten verder te werken aan een Vlaamse Schaakfederatie. Er was immers noch vooraf, noch tijdens de vergadering, enig mondeling of schriftelijk bezwaar geuit.

Er werd een commissie verkozen, bestaande uit vijf personen : P.Van Damme, T.Peleman, R.Van den Berghe, H.Van Soom (secretaris) en ik zelf (voorzitter)

In een drietal avondlijke besprekingen met H.Van Soom, G.Wauters en ik zelf werd een ontwerp van statuten uitgewerkt , om voorgelegd te worden aan een volgende algemene vergadering. Die werd gepland te Sint Niklaas, op 17 September.

Definitieve oprichting

Deze nieuwe vergadering werd beroepen voor de definitieve oprichting van de federatie en goedkeuring van de statuten. Er waren nu 43 aanwezigen, die 35 kringen vertegenwoordigden.

Na een nieuwe uiteenzetting over de draagwijdte van het decreet van 2 maart 1977, stemde de vergadering in :

– met de oprichting van de Vlaamse SchaakFederatie

– met het voorgelegde ontwerp van statuten

– met de oprichting van een commissie die als voorlopige beheerraad zou fungeren (zie de eerste vergadering van 12 juli)

De oprichtingsakte verscheen in het Belgisch Staatsblad van 16 februari 1978 en vermeldt als stichters (in deze orde) : M.Adams, T.Peleman, P.Van Damme, G.Wauters, R.Verkouille, R.Van den Berghe, H.Van Soom, J.Coppens, N.Van Acker,

De eerste stap op weg naar de regionalisatie van de nationale bond was gezet.

Regionalisering van de K.B.S.B.

Tijdens de statutaire jaarvergadering van de nationale bond op 2 oktober 1977 werd beslist over de regionalisatie, die als punt 9 voorkwam op de dagorde.

Voorzitter P.Mauquoy gaf vooreerst een overzicht   van de werkzaamheden van de vroeger opgerichte commissie, In afwachting van het in uitzicht gestelde decreet heeft deze commissie haar werkzaamheden niet verder                                    gezet.

Wanneer het decreet dan in mei 1977 verscheen, werd gezegd dat het niet van toepassing zou zijn op de denksporten, waarvoor een tweede decreet in uitzicht werd gesteld. De voorzitter achtte het weinig waarschijnlijk dat schaken gesubsidieerd zou worden en stelde derhalve voor het verschijnen van dit decreet af te wachten alvorens verder te handelen.

Ik heb dan herinnerd aan het tot stand komen van V.S.F. en aan de formele beloften van subsidiëring vanwege B.L.O.S.O. vertegenwoordigers, ook bij mogelijk negatief advies van de Hoge Raad voor de Sport.

Met medewerking van o.m. toenmalig nationaal jeugdleider R.Van den Berghe werd namens V.S.F. een motie ingediend, strekkend tot :

– erkenning van V.S.F. als vertegenwoordiger bij de bond van de kringen uit het Nederlandstalig landsgedeelte;

– aanstelling van een commissie met zowel Nederlands- als Franstaligen tot herziening der structuur en statuten van de K.B.S.B.

– het toestaan van een stichtingssubsidie aan V.S.F.

Hierop volgden verschillende heftige tussenkomsten pro en contra, waarbij het betoog van een bezadigde R.Beyen vermoedelijk heeft bijgedragen tot de uitslag van de stemming over de V.S.F. motie die, luidens het verslag van de vergadering, “bij meerderheid tegen minderheid” werd aangenomen en die, bij uitbreiding, ook gold voor de Frans- en Duitstaligen.

Na nog talrijke tussenkomsten werd uiteindelijk aan V.S.F. toegezegd :

– een subsidie tot dekking der kosten van publicatie der V.S.F. statuten in het Staatsblad;

– een lening van maximum 30 000 BEF

In zijn openingsrede had voorzitter Mauquoy al benadrukt dat zijn – al langer aangekondigd – ontslag als nationaal voorzitter vooral was ingegeven door beroepsredenen, maar door de omstandigheden verhaast werd …

Als mogelijke opvolgers waren er de kandidaturen van de Heren J.Bossuyt, A.Vermandel en G.Heynen. Zij behaalden respectievelijk 56, 55 en 7 stemmen, bij 2 onthoudingen. Vermits geen kandidaat een absolute meerderheid had behaald, moest tot een nieuwe stemming worden overgegaan, maar A.Vemandel verklaarde dan zijn kandidatuur in te trekken, Waarna J.Bossuyt tot nieuwe voorzitter geproclameerd werd.

Een commissie werd opgericht om voorstellen uit te werken tot aanpassing der K.B.S.B. statuten. Maakten er deel van uit : de Franstaligen A.Breda, H.Douha en R.Willaert, en als Nederlandstaligen : G.Wauters, H.Van Soom en ikzelf. Deze commissie vergaderde drie maal : de eerste twee keren met A.Breda, H.Van Soom en ik, een derde maal met de voornoemden + H.Douha.

Een consensus werd bereikt over een ontwerp tekst die werd voorgelegd aan een buitengewone algemene vergadering van de K.B.S.B. op 17 juni 1978 en door haar aanvaard. De regionalisering van de bond was een feit.

Eerste stappen

Op 9 november 1977 hadden G.Wauters en ik een ontmoeting met Dr Van den Bossche van B.L.O.S.O. Hier bleek al dat er weinig kans was op de erkenning van schaken als sport, maar dat een afzonderlijk decreet voor de denksporten (bridge, dammen, schaken…) tot de mogelijkheden behoorde.

Mijn daaropvolgend verzoek om een onderhoud met minister De Backer – Van Ocken (Nederlandse Cultuur) werd door deze laatste doorverwezen naar haar kabinetsattache De Donder ; het leidde tot geen resultaat.

In een brief van voornoemde minister d.d. 25 april 1978 vernamen we dan officieel dat we, ingevolge ongunstig advies van de Hoge Raad voor de Lichamelijke Opvoeding, de Sport en het Openluchtleven, niet erkend werden, maar wel een toelage van 100 000 BEF kregen toegewezen voor werkingskosten, voorbereiding topspelers, deelname aan internationale wedstrijden, organisatie van wedstrijden. De Vlaamse Jeugdschaak kreeg 50 000 BEF.

Tijdens de beheerraadsvergadering van 10 december 1977 waren volgende functies verdeeld : voorzitter M.Adams, tweede ondervoorzitter N.Van Acker, secretaris H.Van Soom, wedstrijdleider R.Verkouille, tijdschrift T.Peleman, public relations J.Coppens.

In februari 1978 werd de eerste statutaire jaarvergadering gehouden te Knokke-Heist. Naast bevestiging der leden van de beheerraad, aangewezen tijdens de stichtingsvergadering, werden ook J.Lingier, B.Vandermeulen en F.Vlaeminck opgenomen in de beheerraad.

In april 1978 werd besloten tot het opstellen van een intern reglement, dat er pas in 1982 kwam. Nog in 1978 konden we uitpatken met een eigen logo ontworpen door de heer Rodriguez. En V.S.F. kreeg een plaats in het tijdschrift van de Vlaamse Jeugdschaak.

Verdere Evolutie

Nu volgt een zo getrouw mogelijk chronologisch overzicht van latere feiten en gebeurtenissen, op een uitzondering na zonder verder commentaar.

1979

We tellen ongeveer 2 200 aangeslotenen. J.Lingier wordt penningmeester. Ontslag van secretaris H.Van Soom – N.Van Acker volgt hem op en gelast zich met briefwisseling en verslagen, ik neem de ledenadministratie waar

1980

Eerste inrichting van een eigen bekercompetitie voor ploegen. Statutaire jaarvergadering te Hasselt – ontslag van G.Wauters als eerste ondervoorzitter – het bestuur bestaat uit : voorzitter M.Adams, ondervoorzitters J.Janssens en M.Aerssens, secretaris N.Van Acker, penningmeester J.Lingier, wedstrijdleider R.Van Nevele, adjunct R.Verkouille, Jeugdleider G.Wauters, Jeugdsecretaris L.Verstappen, public relations J.Coppens.

Uit een brief van minister De Backer – Van Ocken ( april 1980) betreffende het decreet voor de denksporten : ” …kan ik U melden dat dit nog steeds in het stadium van voorbereidende besprekingen is, samen met de instellingen voor vormingswerk inzake sportaangelegenheden …”

Ontbinding van Vlaamse Jeugdschaak met uitwerking op 31 december 1980, ge-stemd door een buitengewone algemene vergadering van 8 november, nadat een eerste vergadering op 4 oktober niet de wettelijk vereiste aanwezigheid kende.

1981

Samenstelling van het bestuur na de statutaire jaarvergadering : voorzitter M. Adams, ondervoorzitter J.Janssens, secretaris N.Van Acker, penningmeester J.Lingier, toernooileider R.Van Nevele, adjunct R.Verkouille , tijdschrift F.De Simpelaere, jeugdleider G.Wauters, jeugdsecretaris L.Verstappen

Een eigen V.S.F. Info ziet het licht onder leiding van F.De Simpelaere. Ontslag van de bestuursleden J.Coppens en J.Lingier – laatstgenoemde wordt opgevolgd door G.Wauters.

Deelname aan het Sportsalon op de Heizel te Brussel : via een uitnodiging aan de K.B.S.B. die er geen brood in zag, werd besloten deel te nemen aan het jaarlijks Sport- en Vakantiesalon te Brussel. We hadden er een stand , in samenwerking met de heer Schols, vader van de jeugdige Anderlechtbelofte Joel Schols en die pas een schaakwinkel had opgestart. Samen met voornoemde waren van V.S.F. zijde om beurten N.Van Acker, J.Janssens, J.Lingier en ikzelf aanwezig van 21 tot 29 maart. De oogst was uiterst gering : slechts een geinteresseerde, wonend in Lier en die aansloot bij S.K.Oude God om na een twee/drietal jaren met stille trom terug te vertrekken. Het experiment bleek, gezien de financiele implicaties, niet voor herhaling vatbaar. We ontvingen overigens de volgende jaren ook geen uitnodiging meer. De inrichters hadden blijkbaar een voorkeur voor nationale bonden …

Eerste cursus wedstrijdleider met 30 deelnemers. De door V.S.F. benoemde wedstrijdleiders worden erkend door de K.B.S.B. Subsidie van Nederlandse Cultuur : 150 000 BEF. Voor het eerst wordt het idee van een beschermde kalender gelanceerd. Er komt een commissie voor het ontwerpen van een intern reglement en maken er o.m. deel van uit : N.Van Acker, J.Van Emmelo, Dewel, M.Adams. Medewerking aan schaaklessen op de Nederlandse radio en televisie. Door een buitengewone algemene vergadering op 25 april werden de eigen statuten grondig gewijzigd.

1982

We tellen 2593 leden. Samenstelling van het bestuur : voorzitter M. Adams, tweede ondervoorzitter J.Janssens, secretaris N.Van Acker, penningmeester G.Wauters, toernooileider R.Van Nevele, tijdschrift F.De Simpelaere, Jeugdleider D.De Ridder, jeugdsecretaris E.Danneels, kadervorming R.Verkouille. Ontslag L.Verstappen als jeugdsecretaris en M.Aerssens als ondervoorzitter. Bij de K.B.S.B. wordt de afschaffing gevraagd van het bondsblad – info aan de kringen moet door de federaties verstrekt worden. G.Lamote neemt de ledenadministratie over. Het ontwerp reglement van inwendige orde is (eindelijk !) klaar

In Antwerpen wordt een Vlaamse SportFederatie opgericht. Na een eerste vergadering en verklaring van toetreding van onzentwege , wordt er niets meer over vernomen…

Einde 1982 neemt de heer Adams na een dispuut over het elo-dossier ontslag en wordt Jean Janssens de nieuwe voorzitter

Statuten van de VSF[444]

Hoofdstuk 1: Naam, zetel, doel en duur

Art. 1  De naam van de vereniging luidt “Vlaamse Schaakfederatie” afgekort “VSF”. 

De VSF is een vereniging zonder winstoogmerk (vzw).

Ze heeft het ondernemingsnummer 0417.959.043

Art. 2

De maatschappelijke zetel van de vereniging is gevestigd op het adres van een bestuurder van de vereniging dat in het Vlaamse Gewest gelegen is.

Art. 3

De Vlaamse Schaakfederatie vzw heeft tot belangeloos doel de schaaksport in het Vlaamse Gewest en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in al haar facetten te bevorderen.

Om dit belangeloos doel te realiseren, kan de Vlaamse Schaakfederatie onder meer volgende kernactiviteiten ontwikkelen:

–    Het inrichten van tornooien (Vlaamse kampioenschappen);

–    Het organiseren van opleidingen (zowel voor schakers, bestuurders, schaaktrainers als wedstrijdleiders).

Het uitkeren van vermogensvoordelen aan bestuurders, (effectieve) leden en andere personen is verboden, behalve wanneer deze rechtstreeks verband houden met het belangeloos doel.

Art. 4 De vereniging is opgericht voor onbepaalde duur.

Art. 5  De vereniging telt minimaal drie effectieve leden.

De vereniging bestaat heden uit volgende effectieve leden:

–    Schaakliga Antwerpen vzw, met ondernemingsnummer 0463.707.807

–    Schaakliga Limburg vzw, met ondernemingsnummer 0473.264.087

–    Liga Oost-Vlaanderen VSF vzw, met ondernemingsnummer 0424.499.615

–    West-Vlaamse Schaakliga vzw, met ondernemingsnummer 0835.195.140

–    Schaakverbond Vlaams Brabant en Brussel, feitelijke vereniging.

Een feitelijke vereniging kan enkel lid zijn van de Vlaamse Schaakfederatie vzw bij persoonlijke vertegenwoordiging van één of meer van haar leden die ten persoonlijken titel lid is (zijn) van de vzw. In dit geval zijn de Liga’s die geen rechtsbekwaamheid bezitten lid in hoofde van hun voorzitter en zijn de bestuurders van betreffende Liga samen met hem solidair en ondeelbaar verantwoordelijk voor de engagementen door deze genomen voor zijn Liga.

Naast de hoger vernoemde effectieve leden, heeft de Vlaamse Schaakfederatie vzw nog volgende aangesloten leden:

–    Alle schaakkringen die aangesloten zijn bij één van de hoger vermelde effectieve leden en die voorkomen op de ledenlijst van de Koninklijke Belgische Schaakbond;

–    Alle schakers die via een hoger vermelde kring aangesloten zijn bij de liga en die een lidnummer hebben bij de Koninklijke Belgische Schaakbond;

–    De ereleden van de Vlaamse Schaakfederatie vzw.

Het bestuursorgaan kan nog andere aangesloten leden aanvaarden (zie hoofdstuk 8 van de statuten), voor zover ze deze nieuwe aangesloten leden formeel laat goedkeuren op de eerstvolgende algemene vergadering.

Hoofdstuk 2: De effectieve leden van de vereniging

Art. 6

Kandidaat effectieve leden dienen hun aanvraag tot lidmaatschap schriftelijk in te dienen op de maatschappelijke zetel van de vereniging. Het bestuursorgaan zal op basis van de ingediende aanvraag en beschikbare gegevens beslissen over de toetreding.  Het bestuursorgaan kan tussen twee algemene vergaderingen maximaal drie nieuwe effectieve leden laten toetreden. De eerstvolgende algemene vergadering dient de toelating te bevestigen.

Art. 6Bis

Effectieve leden die wensen uit te treden dienen dit schriftelijk mede te delen op de maatschappelijke zetel van de vereniging.

Art. 6Ter

De uitsluiting van een effectief lid kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken onder volgende cumulatieve voorwaarden:

–    de uitsluiting maakt deel uit van de agenda van de algemene vergadering;

–    ten minste 2/3 van het aantal stemmen is vertegenwoordigd op de algemene vergadering;

–    de uitsluiting wordt beslist met een meerderheid van twee derde van de uitgebrachte vertegenwoordigde stemmen;

–    de stemming is geheim.

Indien niet voldaan wordt aan het aanwezigheidsquorum, dient een nieuwe algemene vergadering bijeen geroepen te worden.  De vergadering mag niet plaats vinden binnen de 15 kalenderdagen volgend op de eerste vergadering en beslist op geldige wijze ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden, mits volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan:

–    de uitsluiting maakt deel uit van de (ongewijzigde) agenda van de algemene vergadering;

–    de uitsluiting wordt beslist met een meerderheid van twee derde van de uitgebrachte vertegenwoordigde stemmen;

–    de stemming is geheim.

Art. 7

Effectieve leden die niet tijdig – dit is binnen de 30 dagen na ontvangst van de door de vereniging regelmatig opgestelde factuur – hun lidmaatschapsbijdrage betalen, worden geacht uit de vereniging te treden.

Art. 8

Een effectief lid dat ontslag neemt of wordt uitgesloten, kan geen aanspraak maken op het patrimonium van de vereniging en kan betaalde bijdragen niet terugvorderen.

Art. 9

De algemene vergadering wordt bijeengeroepen in de maand september of oktober.

Een algemene vergadering wordt eveneens bijeengeroepen indien dit door een belanghebbende, die ten minste één vijfde van de totale stemmen vertegenwoordigd, gevraagd wordt. In dit geval gaat het om een Buitengewone Algemene Vergadering (B.A.V.). De buitengewone algemene vergadering dient uiterlijk 6 weken na de geldige aanvraag door het bestuursorgaan belegd te worden.

Om rechtsgeldig te kunnen vergaderen, dient minstens de helft van het totaal aantal stemmen aanwezig of vertegenwoordigd te zijn.

Art. 10

Tenminste vier weken voor de algemene vergadering wordt de uitnodiging met de vermelding van de voorlopige dagorde verzonden naar de effectieve leden, ereleden en bestuurders.

Tenminste 15 kalenderdagen voor de vergadering wordt de definitieve dagorde met inbegrip van de verslagen van de bestuurders, eventueel van het dagelijks bestuur evenals de adviezen van het bestuursorgaan en desgevallend het verslag van de commissarissen of rekeningtoezichters en de verlies- en winstrekening naar de effectieve leden, ereleden en bestuurders verzonden inclusief de agendapunten/ amendementen die zijn toegevoegd door de effectieve leden. De ontwerpbegroting wordt minstens vier weken voor de vergadering naar de effectieve leden, ereleden en bestuurders verzonden.

Hoofdstuk 3: De algemene vergadering

Art. 11

Effectieve leden die een punt op de agenda wensen te plaatsen dienen dit uiterlijk 18 kalenderdagen voor de vergadering schriftelijk kenbaar te maken bij de voorzitter en de secretaris van de vereniging.

Art. 12

De effectieve leden kunnen zich op de algemene vergadering laten vertegenwoordigen door een ander effectief lid of aangesloten lid van de vereniging. De volmachtdrager kan evenwel slechts één ander effectief lid vertegenwoordigen. Daarenboven mag dit niet tot gevolg hebben dat één lid de meerderheid van de aanwezige stemmen zou bekomen op de algemene vergadering.

Art. 13

Aan elk effectief lid wordt op de (buitengewone) algemene vergadering 1 stem per 50 sportbeoefenaars (aangesloten leden) of breuk ervan die zij vertegenwoordigen toegekend[445].

De basis voor het bepalen van het aantal stemmen wordt gevormd door het aantal betaalde aansluitingen van het vorige boekjaar.

Art. 14

Een besluit van de algemene vergadering is vereist voor:

1°de wijziging van de statuten;

2°de benoeming en de afzetting van de bestuurders en de bepaling van hun bezoldiging ingeval een bezoldiging wordt toegekend;

3°de benoeming en de afzetting van de commissarissen of rekeningtoezichters belast met de controle op de jaarboekhouding en het bepalen van hun bezoldiging ingeval een bezoldiging wordt toegekend;

4°de kwijting aan de bestuurders en de commissarissen of rekeningtoezichters, alsook, in voorkomend geval, het instellen van de verenigingsvordering tegen de bestuurders en de commissarissen of rekeningtoezichters;

5°de goedkeuring van de jaarrekening en van de begroting en het bepalen van de door de leden te betalen lidmaatschapsbijdrage voor het volgend boekjaar ;

6°de ontbinding van de vereniging;

7°de uitsluiting van een lid;

8°de uitsluiting van een aangesloten lid;

9°de omzetting van de vereniging in een ivzw, een coöperatieve vennootschap erkend als sociale onderneming of in een erkende coöperatieve  vennootschap sociale onderneming;

10°de aanduiding van twee stemopnemers voor de algemene vergadering;

11°een inbreng om niet van een algemeenheid te doen of te aanvaarden;

12°aanduiding van de leden van de sport- en beroepscommissie;

13°verlenen en afnemen van de titel van erelid;

14° alle andere gevallen waarin de wet of de statuten dat vereisen.

De bevoegdheden die wettelijk toekomen aan de algemene vergadering kunnen niet overgedragen worden aan een derde.

Art. 15

Bij het nemen van besluiten mag niet afgeweken worden van de verdeelde dagorde, tenzij met unanieme aanvaarding van de aanwezige of vertegenwoordigde leden.

Over een statutenwijziging kan de algemene vergadering alleen op geldige wijze beraadslagen en besluiten wanneer de wijzigingen uitdrukkelijk zijn vermeld in de oproeping en wanneer ten minste twee derde van het totale aantal stemmen op de vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Een wijziging kan alleen worden aangenomen met een meerderheid van twee derde van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden.

Wanneer de wijziging evenwel betrekking heeft op het doel of de doeleinden waarvoor de vereniging is opgericht, kan zij alleen worden aangenomen met een meerderheid van vier vijfde van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden.

Ingeval op de eerste vergadering minder dan twee derde van het totaal aantal stemmen aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kan een tweede vergadering worden bijeengeroepen, die geldig kan beraadslagen en besluiten alsook de wijzigingen aannemen met de meerderheden bedoeld in het tweede of het derde lid ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden. De tweede vergadering mag niet binnen de vijftien dagen volgend op de eerste vergadering worden gehouden.

Art. 16

De verslagen van de algemene vergadering waarin haar beslissingen worden geacteerd, worden binnen de dertig kalenderdagen verzonden naar de effectieve leden, ereleden en bestuurders.

Hoofdstuk 4: Het bestuursorgaan

Art. 17

Het bestuursorgaan bestaat uit minimaal drie personen[446]. Het bestuursorgaan is bevoegd om alle handelingen te verrichten die nodig of dienstig zijn tot verwezenlijking van het voorwerp van de vereniging, met uitzondering van die waarvoor volgens de wet de algemene vergadering bevoegd is.

Het bestuursorgaan is tevens bevoegd om met alle middelen te waken over het welzijn van de vereniging.  Zij kan effectieve leden en aangesloten leden schorsen mits naleving van de volgende cumulatieve voorwaarden:

–    het gedrag of de activiteiten die het effectief lid of aangesloten lid uitgevoerd heeft, brengt ernstige schade toe aan de vereniging;

–    de betrokkene wordt uiterlijk 8 kalenderdagen voor de zitting van het bestuursorgaan opgeroepen om gehoord te worden;

–    de schorsing die het bestuursorgaan oplegt zal niet langer zijn dan 6 maanden;

–    de schorsing dient bekrachtigd te worden door de algemene vergadering, met inbegrip van de duurtijd er van.

Art. 18

De omvang van de bevoegdheden voor elke bestuurder wordt door het bestuursorgaan in gezamenlijk overleg vastgelegd, met dien verstande dat de voorzitter van het bestuursorgaan rechtstreeks door de algemene vergadering wordt gekozen.

Art. 19

Het bestuursorgaan werkt collegiaal. Dit betekent dat de besluiten genomen worden met gewone meerderheid van de aanwezige bestuurders, met uitsluiting van de afwezigen, van de nietige stemmen en van de onthoudingen.

Bij staking van de stemmen, is de stem van de voorzitter van het bestuursorgaan beslissend.

Art. 20

Het bestuursorgaan vergadert minstens één keer per kwartaal. De uitnodiging en agenda voor de vergadering wordt minstens 8 kalenderdagen voor de zitting verzonden aan de bestuurders en ter kennisgeving aan de effectieve leden en de ereleden (die de vergaderingen als waarnemer en met raadgevende stem mogen bijwonen).

Het bestuursorgaan kan evenwel autonoom beslissen om bepaalde agendapunten achter gesloten deuren te behandelen (dus zonder aanwezigheid van de effectieve leden en/of ereleden) indien dit in het belang is van de vereniging.

Het bestuursorgaan kan rechtsgeldig beslissingen nemen indien minstens de helft der bestuurders aanwezig is.

Een bestuurder kan zich op een vergadering van het bestuursorgaan laten vertegenwoordigen door een andere bestuurder. Hij dient hiervoor uiterlijk bij de aanvang van de vergadering via eender welk schriftelijk kanaal (e-mail, brief, fax, …) de nodige initiatieven te nemen. Een bestuurder kan maximaal één andere bestuurder vertegenwoordigen.

Art. 21

De verslagen van de vergaderingen van het bestuursorgaan worden op de eerstvolgende vergadering van het bestuursorgaan ter goedkeuring voorgelegd.

Art. 22

De Vlaamse Schaakfederatie vzw wordt ten aanzien van derden geldig vertegenwoordigd door haar voorzitter (alleen optredend) OF door het gezamenlijk optreden van twee bestuurders.

Art. 23

Kandidaat bestuurders, evenals bestuurders wiens mandaat zal eindigen en zich opnieuw kandidaat wensen te stellen, dienen uiterlijk 18 kalenderdagen voor de algemene vergadering een schriftelijke kandidatuur in te dienen bij de voorzitter en de secretaris van de vereniging.

De kandidaturen worden vermeld op de definitieve uitnodiging voor de algemene vergadering.

De algemene vergadering beslist over de kandidatuur in een geheime stemming. De kandidaat wordt verkozen indien deze meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen behaalt en voor zover er voldoende beschikbare plaatsen zijn. In geval er meer kandidaten zijn dan beschikbare plaatsen, wordt de kandidaat die de meeste stemmen haalt verkozen.

Art. 24

Tenzij uitdrukkelijk anders beslist door de algemene vergadering, wordt elke bestuurder benoemd voor een beperkte duur die eindigt op het einde van de algemene vergadering van het derde jaar volgend op het jaar van de benoeming.

Art. 25

Het staat een bestuurder vrij om op elk moment zijn mandaat neer te leggen door dit schriftelijk te melden op de maatschappelijke zetel van de vereniging. Indien door de ambtsbeëindiging van een bestuurder het aantal bestuurders kleiner wordt dan het door de wet of statutair voorgeschreven minimum aantal, zal het bestuursorgaan binnen de zes weken een algemene vergadering beleggen om een nieuwe bestuurder te benoemen.

Art. 26

De afzetting van een bestuurder kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken indien dit punt deel uitmaakt van de agenda.

De beslissing over de afzetting van een bestuurder wordt genomen in een geheime stemming. De afzetting gebeurt indien meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen het voorstel tot afzetting steunen.

Hoofdstuk 5: Gemachtigde personen

Art. 27

Het staat het bestuursorgaan vrij om, binnen haar bevoegdheden, personen met een specifieke machtiging te benoemen.  Hiervoor zal het bestuursorgaan op voorhand de volgende punten vastleggen:

– 1°een eenduidige omschrijving van de machtiging en de mate waarin deze personen de vereniging kunnen vertegenwoordigen;

– 2°in voorkomend geval de daaraan verbonden taakomschrijving;

– 3°voor zover het gaat om meerdere personen, aangeven of deze alleen, gezamenlijk of als college dienen te handelen;

– 4°de duur van de machtiging die niet meer dan drie jaar mag bedragen zonder een expliciete herbevestiging door het bestuursorgaan.

Personen die machtiging van de vereniging gekregen hebben, dienen bij elk contact met derden melding te maken van de specifieke machtiging.

Het bestuursorgaan kan op elk moment een gegeven machtiging terug intrekken. Het volstaat om deze intrekking per brief of e-mail te bezorgen aan de gemachtigde persoon.

Hoofdstuk 6: Het dagelijks bestuur

Art. 28

Het staat het bestuursorgaan vrij om, binnen haar bevoegdheden, personen voor het vormen van een dagelijks bestuur te benoemen.  Hiervoor zal het bestuursorgaan op voorhand de volgende punten vastleggen:

– 1°een eenduidige omschrijving van de machtiging en de mate waarin deze personen de vereniging kunnen vertegenwoordigen;

– 2°in voorkomend geval de daaraan verbonden taakomschrijving;

– 3°voor zover het gaat om meerdere personen, aangeven of deze alleen, gezamenlijk of als college dienen te handelen;

– 4°de duur van het mandaat die niet meer dan drie jaar mag bedragen zonder een expliciete herbevestiging door het bestuursorgaan;

Personen die het dagelijks bestuur vormen, dienen bij elk contact met derden melding te maken van hun specifieke mandaat van dagelijks bestuurder.

Het bestuursorgaan kan op elk moment een gegeven mandaat terug intrekken. Het volstaat om deze intrekking per brief of e-mail te bezorgen aan de betreffende persoon.

In het kader van het dagelijks bestuur, zijn de voorzitter, de secretaris en de penningmeester, elk apart, bevoegd om in naam en voor rekening van de vereniging alle briefwisseling gericht aan de maatschappelijke zetel van de vereniging te ontvangen (aangetekende zendingen, telegrammen, pakjes, gerechtelijke stukken, enz.).

Hoofdstuk 7: De rekeningtoezichters

Art. 29

De algemene vergadering benoemt één of meer rekeningtoezichters voor de duur van het lopende boekjaar.

Hoofdstuk 8: De aangesloten leden

Art. 30

Aangesloten leden zijn leden die geen stemrecht hebben op de algemene vergadering. Ze zijn enkel “aangesloten” om te genieten van de activiteiten en voordelen die de vereniging organiseert of kan aanbieden.

De vereniging kan volgende aangesloten leden hebben:

– 1°lokale verenigingen die de lokale belangen van de sportbeoefenaars behartigen en zich op een reglementaire wijze aansluiten bij de Koninklijke Belgische Schaakbond vzw (ook schaakkringen genoemd);

– 2°sportbeoefenaars die zich via een lokale vereniging op een reglementaire manier aansluiten bij die vereniging en die een lidnummer hebben bij de Koninklijke Belgische Schaakbond vzw (ook schakers genoemd);

– 3° verenigingen of instanties die zich inzetten om het schaken te promoten en waarvan hun belangrijkste vestigingen of activiteiten zich op het grondgebied van de Vlaamse Gewest of Brussels Hoofdstedelijk Gewest bevinden, voor zover ze niet vallen onder 1°;

– 4° sportbeoefenaars die zich via een vereniging zoals vermeld in 3° hebben aangesloten, voor zover deze vereniging haar ledenlijst neerlegt bij de Vlaamse Schaakfederatie vzw.

Art. 31

Een lokale vereniging wordt automatisch aangesloten lid van de Vlaamse Schaakfederatie vzw wanneer ze zich op een reglementaire wijze aansluit via een effectief lid van de Vlaamse Schaakfederatie vzw bij de Koninklijke Belgische Schaakbond vzw.

Een vereniging of instantie die zich inzet om het schaken te promoten (art. 30 3°) dient een verzoek tot aansluiting te zenden aan het bestuursorgaan. Het bestuursorgaan beslist autonoom over aanvaarding van de het lidmaatschap, met dien verstande dat zij de lijst met aanvaarde aangesloten leden onverwijld laat goedkeuren op de eerstvolgende algemene vergadering.

Art. 31Bis

Een (lokale) vereniging of instantie die wenst uit te treden uit de Vlaamse Schaakfederatie vzw dient dit schriftelijk te melden op de maatschappelijke zetel van de vereniging. Elke lokale vereniging die bij het begin van het boekjaar niet aan alle administratieve verplichtingen jegens de Koninklijke Belgische Schaakbond vzw of de Vlaamse Schaakfederatie vzw heeft voldaan of geen enkele sportbeoefenaar heeft ingeschreven bij de Koninklijke Belgische Schaakbond vzw wordt geacht uit de vereniging te treden.

Art. 31Ter

De uitsluiting van een (lokale) vereniging of instantie kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken indien dit punt deel uitmaakt van de agenda. De beslissing over de uitsluiting wordt genomen in een geheime stemming op basis van een gemotiveerd advies dat door de aanvrager voor uitsluiting dient opgesteld te worden. De uitsluiting gebeurt indien meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen het voorstel tot uitsluiting steunen.

Art. 32

Sportbeoefenaars worden automatisch aangesloten lid als zij zich op een reglementaire wijze aansluiten bij een erkende lokale vereniging en voldoen aan alle administratieve verplichtingen van de Vlaamse Schaakfederatie vzw en de Koninklijke Belgische Schaakbond vzw.

Sportbeoefenaars die als toegetreden lid van een vereniging of instantie zoals vermeld in artikel 30 3° wensen deel uit te maken van de Vlaamse Schaakfederatie,  dienen door hun vereniging of instantie nominatief te worden opgegeven aan het bestuursorgaan.

Art. 32Bis

Sportbeoefenaars die wensen uit te treden uit de Vlaamse Schaakfederatie vzw dienen dit schriftelijk te melden op de maatschappelijke zetel van de vereniging.

Sportbeoefenaars die niet tijdig hun lidmaatschapsbijdrage betalen of bij het begin van het boekjaar niet voldoen aan alle administratieve verplichtingen worden geacht ontslag te hebben gegeven.

Sportbeoefenaars zoals vermeld in artikel 30 4° van de statuten en die niet meer voorkomen op de door hun vereniging of instantie ingediende ledenlijst, worden ook geacht ontslag te hebben gegeven.

Art. 32Ter

De uitsluiting van een sportbeoefenaar kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken indien dit punt deel uitmaakt van de agenda.

De beslissing over de uitsluiting wordt genomen in een geheime stemming op basis van een gemotiveerd advies dat door de aanvrager voor uitsluiting dient opgesteld te worden. De uitsluiting gebeurt indien meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen het voorstel tot uitsluiting steunen.

Hoofdstuk 9a: Rechtsmiddelen – Sportcommissie

Art. 33

De sportcommissie is bevoegd voor volgende zaken:

– behandeling van klachten tegen beslissingen van een bestuurder of het bestuursorgaan van de vereniging

– behandeling van klachten tegen beslissingen die genomen zijn tijdens een competitie georganiseerd door de vereniging of in opdracht van de vereniging

– behandeling van geschillen aangaande te toepassing van de reglementen en het intern reglement van de vereniging.

Art. 34

De sportcommissie bestaat uit evenveel leden als er effectieve leden zijn. Elk effectief lid zal één persoon afvaardigen die jaarlijks door de algemene vergadering bekrachtigd dient te worden.

Indien één of meer commissieleden betrokken zijn bij een geschil, worden zij door het effectief lid vervangen door een ander niet betrokken aangesloten lid van hetzelfde effectief lid.

De leden van de sportcommissie mogen geen lid zijn van het bestuursorgaan of van de beroepscommissie.

Art. 35

De sportcommissie werkt volgens een door opgesteld reglement van inwendige orde, dat deel uitmaakt van het intern reglement.

De besprekingen en beraadslagingen over de haar voorgelegde klacht(en) zijn geheim. De betrokken partijen moeten opgeroepen worden om gehoord te worden, maar zij mogen hun standpunt ook schriftelijk mededelen.

Wanneer de commissie het nodig oordeelt, kan zij om advies van derden verzoeken.

Art. 36

Voor de behandeling van een geschil is een waarborg verschuldigd, die jaarlijks door het bestuursorgaan wordt vastgesteld op de eerste zitting na de jaarlijkse algemene vergadering. Het bedrag van deze waarborg kan niet hoger zijn dan 250 euro.

Deze waarborg moet door de eisende partij gestort worden op de rekening van de vereniging alvorens het geschil in behandeling kan genomen worden.

De sportcommissie beslist over de eventuele volledige of gedeeltelijke terugbetaling van de waarborgsom als volgt:

–    Indien de eisende partij in het ongelijk wordt gesteld, wordt de waarborg verminderd met de procedurekosten

–    Indien de eisende partij in het gelijk wordt gesteld wordt de waarborg integraal terugbetaald.

De sportcommissie beslist ten laatste 60 dagen na de ontvangst van de klacht. Indien geen beslissing kan worden getroffen of indien de sportcommissie zich onbevoegd verklaart, wordt het dossier ter beslissing aan de beroepscommissie voorgelegd, in dat geval geldt de waarborg die werd betaald tevens als waarborg voor de beroepscommissie.

Art. 37

De beslissingen van de sportcommissie worden binnen de vijf dagen na de vergadering schriftelijk aan de voorzitter van het bestuursorgaan en per aangetekend schrijven of per elektronische briefwisseling met vraag om ontvangstbevestiging aan de betrokken partijen medegedeeld.

Zie artikel 35.

Art. 38

Er kan beroep tegen de beslissing van de sportcommissie aangetekend worden bij de voorzitter van het bestuursorgaan en dit binnen de veertien kalenderdagen na het ontvangen van de beslissing.

De voorzitter van het bestuursorgaan zal het beroep binnen een termijn van 5 kalenderdagen na ontvangst overmaken aan de beroepscommissie.

Hoofdstuk 9b: Rechtsmiddelen – beroepscommissie

Art. 39

De beroepscommissie behandelt klachten tegen de beslissing van de sportcommissie of klachten die door de sportcommissie aan haar toegewezen worden.

Art. 40

De beroepscommissie bestaat uit evenveel leden als er effectieve leden zijn. Elk effectief lid zal één persoon afvaardigen die jaarlijks door de algemene vergadering bekrachtigd dient te worden.

Indien één of meer commissieleden betrokken zijn bij een geschil, worden zij door het effectief lid vervangen door een ander niet betrokken aangesloten lid van hetzelfde effectief lid.

De leden van de beroepscommissie mogen geen lid zijn van het bestuursorgaan of van de sportcommissie.

Art. 41

De beroepscommissie werkt volgens een door opgesteld reglement van inwendige orde, dat deel uitmaakt van het intern reglement.

De besprekingen en beraadslagingen over de haar voorgelegde klacht(en) zijn geheim. De betrokken partijen moeten opgeroepen worden om gehoord te worden, maar zij mogen hun standpunt ook schriftelijk mededelen. Wanneer de commissie het nodig oordeelt, kan zij om advies van derden verzoeken.

Art. 42

Voor de behandeling van een geschil is een waarborg verschuldigd, die jaarlijks door het bestuursorgaan wordt vastgesteld op de eerste Zitting na de jaarlijkse algemene vergadering.

Het bedrag van deze waarborg kan niet hoger zijn dan 500 euro.

Deze waarborg moet door de eisende partij gestort worden op de rekening van de vereniging alvorens het geschil in behandeling kan genomen worden.

De beroepscommissie beslist over de eventuele volledige of gedeeltelijke terugbetaling van de waarborgsom als volgt:

–    Indien de eisende partij in het ongelijk wordt gesteld, wordt de waarborg verminderd met de procedurekosten;

–    Indien de eisende partij in het gelijk wordt gesteld wordt de waarborg integraal terugbetaald.

De beroepscommissie beslist ten laatste 60 dagen na de ontvangst van de klacht.

Art. 43

De beslissingen van de beroepscommissie worden binnen de vijf dagen na de vergadering schriftelijk aan de voorzitter van het bestuursorgaan en per aangetekend schrijven of per elektronische briefwisseling met vraag om ontvangstbevestiging aan de betrokken partijen medegedeeld.

Art. 44

Tegen de beslissing van de beroepscommissie is geen beroep mogelijk binnen de Vlaamse Schaakfederatie vzw.

Hoofdstuk 10: Algemeen

Art. 45

De effectieve leden betalen een jaarlijkse bijdrage die evenredig is met het aantal aangesloten leden van het effectief lid. Als basis wordt het aantal aangesloten spelers bij de KBSB beschouwd.  Het bedrag van deze bijdrage wordt jaarlijks vastgelegd door de algemene vergadering met een maximum van 100 euro per aangesloten speler.

Daarnaast kunnen bepaalde aangesloten leden ook verplicht worden om een jaarlijkse bijdrage te betalen. Het bedrag van voornoemde bijdrage kan voor elk aangesloten en lid verschillend zijn en wordt op voorstel van het bestuursorgaan jaarlijks vastgesteld door de Algemene Vergadering.

Zowel effectieve als aangesloten leden leven de statuten en het intern reglement van de vereniging na.

Art. 46

Elk jaar worden de rekeningen van het boekjaar per 31 augustus afgesloten. Ten laatste binnen zes maanden na de afsluitingsdatum van het boekjaar, legt het bestuursorgaan de jaarrekening van het voorbije boekjaar, alsook de begroting van het volgende boekjaar, ter goedkeuring voor aan de algemene vergadering. Het maatschappelijk jaar (boekjaar) loopt van 1 september tot 31 augustus daar op volgend.

Art. 47

Het bestuursorgaan kan een intern reglement uitvaardigen waarin de werking van de organisatie wordt toegelicht. Dit reglement kan geen bepalingen bevatten die:

–    strijdig zijn met dwingende wetsbepalingen of de statuten;

–    die raken aan de rechten van de leden, de bevoegdheid van de organen of de organisatie en de werkwijze van de algemene vergadering.

Het bestuursorgaan is tevens bevoegd om wedstrijdreglementen uit te schrijven.

Deze wedstrijdreglementen bepalen het basiskader voor de organisatie van de eigen tornooien.

Art. 48

Op gemotiveerde voordracht van een effectief lid of het bestuursorgaan, kan een aangesloten lid dat zich uitzonderlijk verdienstelijk en langdurig ingezet heeft voor de Schaaksport in het algemeen en voor de Vlaamse Schaakfederatie vzw in het bijzonder, door de algemene vergadering benoemd worden tot erelid van de Vlaamse Schaakfederatie vzw.

Elke erelid wordt beschouwd als aangesloten lid van de Vlaamse Schaakfederatie vzw

De titel van erelid is definitief verworven, tenzij de algemene vergadering daar – wegens ernstige redenen – anders over beslist en de toegewezen titel intrekt.

Hoofdstuk 10: Ontbinding van de vereniging

Art. 49

Ingeval van vrijwillige ontbinding van de vereniging benoemt de algemene vergadering die de ontbinding heeft uitgesproken een aantal vereffenaars, bepaalt hun bevoegdheden en beslist over de aanwending van het patrimonium en de waarden van de vereniging na aanzuivering van het passief. Bij voorkeur wordt het restvermogen van de vzw bestemd aan een organisatie die het schaken in het algemeen bevordert en in tweede orde naar een  organisatie die het school- of jeugdschaak bevordert.

Intern reglement VSF

Artikel 1 : leden van het bestuursorgaan

1.1. De voorzitter heeft als voornaamste plicht de statuten, het intern reglement en de andere reglementen te doen eerbiedigen. Hij waakt altijd en met alle middelen over het welzijn van de Vlaamse Schaakfederatie. Hij zit alle vergaderingen voor en leidt de algemene vergadering. Hij stelt zo nodig aan het bestuursorgaan voor om een buitengewone algemene vergadering bijeen te roepen. De voorzitter vertegenwoordigt de VSF overal waar die wordt uitgenodigd en vertegenwoordigd wenst te zijn. Hij kan iemand opdragen hem in een bepaald geval te vervangen. Alleen de aangewezen vervanger kan dan in naam van de VSF spreken.

1.2. De ondervoorzitter vervangt de voorzitter automatisch bij afwezigheid of onbeschikbaarheid, met alle taken en machten verbonden aan het voorzitterschap.

1.3. De secretaris stelt de verslagen op van de algemene vergadering en van de vergaderingen van het bestuursorgaan. Deze verslagen moeten voorgelegd worden aan het bestuursorgaan voor goedkeuring waarna hij zorgt voor de versturing ervan. De secretaris staat in voor het neerleggen van alle door de wet vereiste documenten bij de Rechtbank van Koophandel. Hij bewaart tevens de archieven van de vereniging.

1.4. De penningmeester int de bijdragen, verschuldigd voor het lidmaatschap, ontvangt alle gelden en is gelast met alle betalingen binnen grenzen van de begroting of opgedragen door het bestuursorgaan.

1.5. De verantwoordelijke toernooien is verantwoordelijk voor alle VSF-organisaties.  Hij oefent toezicht uit op de aansluiting van elke speler ingeschreven voor een VSF-wedstrijd. Hij brengt hierover verslag uit bij het bestuursorgaan en de algemene vergadering. Hij wijst tevens de spelers aan voor alle VSF-ploegen, evenals de VSF- vertegenwoordigers voor KBSB-organisaties.

1.6. De verantwoordelijke kadervorming staat in voor de opleiding van wedstrijdleiders, het afnemen en verbeteren van de examens. Hij zorgt tevens voor het ter beschikking zijn van de nodige reglementen en cursusteksten. Voor al deze punten zal hij te werk gaan overeenkomstig de in dit reglement vermelde bepalingen en zich laten leiden door de voorschriften van de overkoepelende organisaties.

1.7. Alle overige taken worden in consensus verdeeld onder de bestuursleden.

Artikel 2 : ontslag uit het bestuursorgaan

2.1. Wordt als ontslagnemend beschouwd de bestuurder die meer dan de helft van de vergaderingen van het bestuursorgaan niet heeft bijgewoond en zich niet schriftelijk heeft verontschuldigd met redenen die het bestuursorgaan als voldoende ernstig beschouwt.

2.2. Bij ontslag van een lid van het bestuursorgaan in de loop van een dienstjaar, treft het bestuursorgaan schikkingen voor een tijdelijke vervanging tot de eerstvolgende algemene vergadering en duidt zo mogelijk een medewerker aan.

Artikel 3 : Commissies

Het bestuursorgaan kan commissies oprichten die, op een bepaald gebied, de raad van bestuur advies geven over het uitvoeren van bepaalde taken. Elke commissie wordt voorgezeten door een lid van het bestuursorgaan of een medewerker. Voor het eindrapport van een commissie opgesteld wordt, neemt het de meningen van de liga’s mee in acht. Deze commissies vergaderen op uitnodiging van hun voorzitter, wanneer het bestuursorgaan dit vraagt.

Artikel 4 : Financiën

4.1. Voor de aanvang van het nieuwe dienstjaar of kalenderjaar stelt de penningmeester een ontwerp van begroting op, dat na goedkeuring en gebeurlijke wijzigingen door het bestuursorgaan, aan de algemene vergadering zal voorgelegd worden, alsook de balans van het voorbije jaar.

4.2. Zijn boekhouding zal klaar en duidelijk opgesteld worden, geventileerd per rubriek in de begroting.

4.3. Op vraag van het bestuursorgaan is hij verplicht verslag uit te brengen over de kastoestand en de boekhouding bij te hebben.

4.4. Alle rekeningen zijn toegankelijk voor de penningmeester en de voorzitter en elke andere bestuurder die hierom verzoekt

4.5. Voor de uitvoering van verhandelingen via bestaande of nog te openen rekeningen bij financiële instellingen, zullen steeds twee handtekeningen vereist zijn voor bedragen boven een door het bestuursorgaan bepaalde limiet.

Artikel 5 : Liga’s

5.1. Zoals bepaald in artikel 5 van de statuten telt de vereniging een aantal liga’s. Hun gebied valt samen met de administratieve omschrijving van de provincie of de agglomeratie waarvan zij de naam dragen. Bestaande afwijkingen inzake aansluitingen bij een andere liga worden hierbij bevestigd als historisch gegroeid.

5.2. Wanneer het bestuur van een kring, die geniet van dergelijke uitzondering verzoekt om opheffing daarvan en aansluiting vraagt bij de liga waartoe hij geografisch behoort, dan moet dit verzoek ingewilligd worden indien beide liga’s hiermee instemmen. Een dergelijke aanvraag is eenmalig en onomkeerbaar.

5.3. Wanneer een nieuw opgerichte kring wenst aan te sluiten bij een andere liga dan diegene waartoe hij volgens voorgaande omschrijving behoort, dan moet daarvoor de instemming bekomen worden van zowel de liga van zijn gebied als die waar hij wenst toe te treden.

5.4. Elke liga beschikt over de grootst mogelijke zelfstandigheid om in haar gebied administratief en organisatorisch een zo bloeiend mogelijke schaakactiviteit te bevorderen.

Artikel 6 : Categorieën wedstrijdleiders

a.       Toernooileider

(1)     Aangesloten zijn bij de VSF

(2)     Geslaagd zijn in het examen toernooileider

De toernooileider is opgeleid voor de puur technische werkzaamheden tijdens een schaaktoernooi. Zijn taken behelzen.

Þ         De registratie en controle van de administratieve gegevens van de deelnemers.

Þ         De informatisering van de gegevens.

Þ         De automatisatie van de ronde-indelingen voor een toernooi volgens een Zwitsers systeem erkend door de FIDE.

Þ         Het opstellen van de eindrangschikking.

Þ         Hij is verantwoordelijk voor de noodzakelijke verdere behandeling van de resultaten en de ELO-gegevens.

Þ         Zonder het C-statuut kan hij niet optreden als wedstrijdleider.

b.       Ligawedstrijdleider (categorie C)

(1)     Aangesloten zijn bij de VSF

(2)     Geslaagd zijn in het examen C-wedstrijdleider

c.       Federaal wedstrijdleider (categorie B)

(1)    Zowel de cursus ligawedstrijdleider als toernooileider met vrucht gevolgd hebben.

(2)    Als ligawedstrijdleider gefungeerd hebben in tenminste vier representatieve toernooien waarvan minstens eenmaal als hoofdtoernooileider.
Representatief toernooi : elk door de VSF gehomologeerd toernooi, elk toernooi dat geldt voor nationale of internationale ELO.
De leiding van tenminste vijf ontmoetingen in de nationale interclubs staat gelijk aan de leiding van een representatief toernooi.

(3)    Voorgesteld zijn door de liga.

(4)    Benoemd zijn door het bestuursorgaan van VSF

(5)     De aanvraag dient gedaan te worden op basis van een dossier met per toernooi een resultatentabel met vermelden van het speeltempo.

Bestuursorgaan VSF

Voorzitter : Bernard Malfliet, Kattenbroekstraat 1, 9310 Moorsel, 0471 983 387, bernard_malfliet@hotmail.com

Ondervoorzitter en Financien : Ludo Martens, 089 659 215, 0476 353 570, ludo.martens@scarlet.be

Jeugdleider : Ben Dardha, Turnhoutsebaan 140, 2100 Deurne, Telefoon: 0472 920 882, ben.dardha@telenet.be

Kadervorming : Ben Vandeputte, Brusselsesteenweg 485, 9050 Gentbrugge, 0497 455 785, benvandeputte@gmail.com

Ereleden

Simonne Dorval

Maurice Engelbosch (+)

Remi Limbourg

Louis Corbeel

Sportcommissie VSF

Afgev. Antwerpen: Tobias Verhulst

Afgev. Vlaams Brabant: Bart Persoons

Afgev. West-Vlaanderen: Bart Meyfroidt

Afgev. Oost-Vlaanderen: David Roos

Afgev. Limburg: Pavel Englicky

Beroepscommissie VSF

Afgev. Antwerpen: Patrick Van De Perre

Afgev. Vlaams-Brabant: Robert Huysman

Afgev. West-Vlaanderen: Tom Piceu

Afgev. Oost-Vlaanderen: Hans Temmerman

Afgev. Limburg: Marc Bils

Reglementen Toernooien VSF

REGLEMENT VSF-KAMPIOENSCHAP

1. Organisatie

1.1. Jaarlijks richt de VSF het individueel kampioenschap van Vlaanderen in, bij voorkeur tijdens de lentemaanden, bestaande uit één gesloten hoofdgroep en één open toernooi. De inrichting van dit kampioenschap kan worden toegewezen door het bestuursorgaan van VSF aan een organisator of een kring op basis van de ontvangen kandidaturen.

1.2. Het kampioenschap omvat in principe zeven partijen, gespreid over minstens vier dagen.

1.3. De modaliteiten van de organisatie (plaats, data…) worden tijdig vooraf bekend gemaakt.

2. Deelnemers.

2.1. De gesloten groep bestaat uit 18 (achttien) deelnemers samengesteld als volgt :

a.       Drie deelnemers aangeduid per liga door de twee liga’s met het hoogste aantal leden.

b.       Twee deelnemers aangeduid per liga door de drie overige liga’s.

c.        De winnaar van de gesloten reeks van het voorgaande jaar.

d.       De winnaar van de open reeks van het voorgaande jaar.

e.       Twee deelnemers op basis van de -20 reeks van de Vlaamse jeugdkampioenschappen.

f.        Twee of meer ingeschreven deelnemers met de hoogste Belgische ELO volgens de laatst gepubliceerde ELO-lijst om het totaal van 18 deelnemers rond te krijgen.

2.2.  Ten minste één maand voor de start van het VSF kampioenschap nodigt de VSF de liga’s uit om hun rechthebbende spelers voor de gesloten groep aan te melden. Indien de liga één week voor de aanvang van het toernooi geen of onvoldoende spelers heeft aangemeld komen deze plaatsen vrij. De toewijzing van de vrijgekomen plaatsen gebeurt op basis van artikel 2.1 alinea g. De liga’s zijn vrij in het kiezen van hun selectiemethode.

2.3.  Het maximaal aantal deelnemers voor de open groep wordt bepaald door de organisator. De inschrijving valt ten laste van de organisatoren.

2.4. De afgevaardigde spelers dienen aangesloten te zijn aan de liga die hen afvaardigt.

2.5. De deelname aan het kampioenschap, gesloten groep, is gratis. Het inschrijvingsrecht voor de open reeks wordt vastgesteld door de organiserende kring.

3.   Toernooireglement.

3.1. Beide reeksen spelen zeven partijen volgens een versie van het Zwitsers systeem erkend door de FIDE, met als bijzonderheid: spelers met gelijke ELO-rating en titel worden willekeurig (random) gerangschikt

3.2. Volgende scheidingssystemen zijn van toepassing:

Om de eindrangschikking te bepalen in geval van gelijkheid van punten, worden de door de F.I.D.E. voorziene scheidingssystemen toegepast. De gebruikte systemen moeten voor aanvang van het toernooi aan de deelnemers worden meegedeeld.

3.3. De winnaar van de gesloten groep mag zich gedurende één jaar kampioen van Vlaanderen noemen. De winnaar in de open groep is “open” kampioen van Vlaanderen.

3.4. De 2 eerst geplaatsten van de gesloten groep worden aangeduid als vertegenwoordiger van de VSF op het Belgische kampioenschap experten, tenzij ze reeds gerechtigd zijn als deelnemer, of niet wensen deel te nemen. In dat geval wordt de eerstvolgende in de rangschikking aangeduid. De volgenden in de uitslag zijn reserven.

3.5. De partijen worden verwerkt in het nationaal ELO-klassement en indien mogelijk het FIDE-klassement.

3.6. Een speler die minder dan de helft van het vooropgesteld aantal partijen speelt wordt niet in de einduitslag opgenomen.

4.   Wedstrijdreglement.

4.1. De FIDE-regels zijn zonder uitzondering van toepassing in hun laatst verspreide versie.

4.2. Het tempo van de partijen is in principe 2 uur voor 40 zetten, gevolgd door 1 uur Quick-Play Finish. De organisator kan hiervan afwijken mits goedkeuring door het bestuursorgaan van VSF, en voor zover het voorgestelde tempo beantwoordt aan de minimale vereisten om in aanmerking te komen voor ELO-verwerking.

4.3. De organisator duidt een wedstrijdleider en eventueel hulpwedstrijdleiders aan, erkend door de VSF, die de leiding tijdens de partijen zal/zullen uitoefenen. De organisator duidt ook een toernooileider aan die de leiding van het toernooi zal waarnemen. Deze twee functies mogen door dezelfde persoon worden uitgeoefend.

5.   Prijzengeld en premies.

5.1. De organisator ontvangt van VSF een subsidie voor gestaafde uitgaven die verbonden zijn aan de toernooiorganisatie. De subsidie is beperkt tot het vastgestelde budget .

6.   Diversen.

6.1. Deelname aan het toernooi impliceert aanvaarding van dit reglement.

6.2. Dit reglement wordt voor particuliere omstandigheden jaarlijks eventueel aangevuld met een lokaal supplement.

6.3. In alle onvoorziene omstandigheden beslist de toernooileider of de wedstrijdleider naargelang de bevoegdheid.

6.4.  De organisator zal voor de aanvang van het toernooi een beroepscommissie samenstellen bestaande uit 5 personen (4 deelnemers en 1 persoon uit de organisatie). Klachten tegen een beslissing van toernooileiding, wedstrijdleiding of organisatie worden ingediend bij deze beroepscommissie uiterlijk 30 minuten na de feiten. De beroepscommissie beslist zo snel mogelijk en haar besluit is definitief.

REGLEMENT VSF – JEUGDKAMPIOENSCHAP

Waar hij (of een mannelijk woord) staat, dient ook zij (of de vrouwelijke variant van dat woord) verstaan te worden.

REGLEMENT VSF-JEUGDKAMPIOENSCHAP

22-6-93, BM, gewijzigd door de vergadering van jeugdleiders van 13-2-93, BAV VSF 16/03/96, AV VSF 01/02/97, AV VSF 30/01/99, AV VSF 19/01/02, AV VSF 26/01/03, AV VSF 16/06/2008, gewijzigd door de vergadering van jeugdleiders van 23/10/2010 en bevestigd door BAV VSF van 06/11/2010. Aangepast door de A.V. van 06/10/2012 en door de B.A.V. van 19/01/2013. Aangepast door de A.V. van 18/10/2014 en door de A.V. van 31/10/2015. Aangepast door de BV VSF van 03/12/2016 en door de B.A.V. van 23 maart 2017. Gewijzigd door de vergadering van jeugdleiders van 18/05/2020 en bevestigd door de AV VSF van 17/10/2020. Aangepast door de AV VSF van 16/10/2021.

1.Organisatie.

1.1. Jaarlijks richt de VSF het individueel jeugdkampioenschap van Vlaanderen in, bij voorkeur buiten de krokusvakantie, gedurende twee weekends, bestaande uit zes gesloten hoofdgroepen voor de zes erkende leeftijdscategorieën.De inrichting van dit kampioenschap kan worden toegewezen aan een club of Liga op basis van de ontvangen kandidaturen.

1.2. De bepaling van de leeftijdscategorieën gebeurt op basis van de leeftijd bij het begin van het lopende jaar:

·        -20 jaar (junioren)

·        -16 jaar (scholieren)

·        -14 jaar (cadetten)

·        -12 jaar (miniemen)

·        -10 jaar (pionnen)

·        -8 jaar (pupillen)

In een hogere leeftijdscategorie spelen is toegestaan.

1.3. Het kampioenschap omvat bij de -12 tot -20 jaar negen partijen, gespreid over drie dagen met 3 partijen per dag van ongeveer 2 uur per partij.

Aanmelden (enkel op de eerste dag) tussen 09 uur en 09 uur 45.

1ste ronde start om 10 uur tot 12 uur.

Middagmaal van 12 uur tot 13 uur.

2de ronde van 13 uur tot 15 uur.

3de ronde van 15 uur 30 tot 17 uur 30.

1.4.De -8 en -10 spelen op de laatste van die 3 dagen 7 ronden als volgt:

Aanmelden van 08 uur 30 tot 09 uur 15.

1ste ronde start om 09 uur 30 tot 10 uur 30.

2de ronde start om 10 uur 40 tot 11 uur 40.

3de ronde start om 11 uur 50 tot 12 uur 50.

Middagmaal van 12 uur 50 tot 13 uur 20.

4de ronde start om 13 uur 20 tot 14 uur 20.

5de ronde start om 14 uur 30 tot 15 uur 30.

6de ronde start om 15 uur 40 tot 16 uur 40.

7de ronde start om 16 uur 50 tot 17 uur 50.

1.5. De modaliteiten van de organisatie (plaats, data, …) worden minstens zes maanden vooraf bekend gemaakt.

1.6. De deelname aan het kampioenschap is gratis.

2.Deelnemers.

2.1. Elke liga vaardigt per leeftijdscategorie 1 jongen en 1 meisje aangevuld met 6 afgevaardigden af. Enkel in de leeftijdscategorie -20 kan elke liga 2 jongens en 2 meisjes afvaardigen aangevuld met 6 afgevaardigden. Echter van die twee dient er altijd 1 -20 jaar en 1-18 jaar op leeftijd te zijn[447]

De Liga-jeugdleider of zijn plaatsvervanger, geeft de namen van alle geselecteerden voor zijn Liga per e-mail door ten laatste twee weken voor de aanvang van het toernooi, waarna het bestuur van de VSF het nodige doet om de volledige lijst op de website VSF of die van de organisatie te publiceren.

2.2. Alle spelers dienen FIDE Belg[448] te zijn en hun eerste aansluiting te hebben in de Vlaamse Liga die hun afvaardigt.

2.3. De Vlaamse kampioen van elke leeftijdscategorie per geslacht en elke provinciale laureaat uit het vorige kampioenschap zijn gerechtigd deel te nemen in hun huidige of hogere leeftijdscategorie, voor zover zij nog deelnamegerechtigd zijn[449].

2.4. De organiserende club mag één speler (FIDE-Belg en lid van VSF) toevoegen aan het kampioenschap aan elke reeks die bij aanvang van het toernooi een oneven aantal deelnemers zou tellen.

2.5. Indien een jeugdspeler tijdens de selectiewedstrijden van zijn Liga door de KBSB uitgezonden werd naar een internationaal toernooi, krijgt deze speler een vrijplaats voor deelname aan het jeugdkampioenschap van Vlaanderen.

2.6. In de leeftijdscategorieën –20, -16, –14 en –12 zijn de zeven hoogst geklasseerden van de ELO-lijst van één januari van hetzelfde jaar als het kampioenschap automatisch startgerechtigd. De hoogste ELO van KBSB of standaard FIDE zal hiervoor in aanmerking worden genomen. Bedoelde lijst dient voor de planning van het kampioenschap ter beschikking te zijn uiterlijk vier dagen later, op vijf januari dus. Indien op de laatste plaats(en) een gelijkheid zou bestaan over meerdere jeugdspelers, zijn deze allen startgerechtigd.

2.7. LAUREAAT VAN DE PROVINCIE: Beste procentueel resultaat per provincie (Liga) over alle reeksen. Bij gelijkheid wint de speler die in de hoogste reeks uitkomt. Bij gelijkheid in dezelfde reeks gelden de scheidingssystemen van 3.5.

LAUREAAT (LAUREATE) VAN VLAANDEREN: Beste procentueel resultaat over alle reeksen. Bij gelijkheid wint de speler die in de hoogste reeks uitkomt. Bij gelijkheid in dezelfde reeks gelden de scheidingssystemen van 3.5.

2.8. De spelers die een vrijplaats gekregen hebben zoals vermeld in 2.3, 2.5 en 2.6, dienen via hun liga hun bevestiging van deelname kenbaar gemaakt te hebben eveneens als beschreven in 2.1 twee weken voor de aanvang van het toernooi.

3.Toernooireglement.

3.1. Alle leeftijdscategorieën spelen volgens de geldende versie van het Zwitsers systeem[450].

3.2. In de leeftijdscategorieën van de -12 tot de -20 worden op het einde van de dag ook voorlopige paringen gemaakt en gepubliceerd voor de eerstvolgende ronde van de volgende dag. Deelnemers die onvoorzien belet zijn, dienen hun afwezigheid zo snel mogelijk door te geven aan de hoofdwedstrijdleider of de organisator. De definitieve paringen worden een half uur voor start van die ronde gemaakt en gepubliceerd.[451]

3.3. De ranking van de spelers binnen een leeftijdscategorie wordt bepaald door de hoogste ELO van KBSB of standaard FIDE[452] uit het allerlaatste klassement.[453] Bij een gelijke elo wordt een random volgorde gekozen.[454]

3.4. De default time (de tijd dat men te laat mag komen aan het bord) is de volledige basistijd zoals beschreven in de Wedstrijdreglementen van de KBSB art. 2.g).[455]

3.4. De titel van kampioen wordt als volgt bepaald:

·        Deze is voor de speler met het hoogst aantal behaalde punten, indien ongedeeld.

·        Bij een gelijkheid van punten tussen 2 of meer spelers, wordt de titel toegekend aan de winnaar van een dubbelrondige tweekamp tussen maximaal twee spelers volgens het snelschaakreglement met als speeltempo 3’ + 2” increment. In geval van meer dan 2 spelers worden deze 2 spelers bepaald door de scheidingssystemen in art. 3.5.

De speler met de beste scheidingspunten in het reguliere toernooi mag kiezen met welke kleur hij begint. Bij gelijkheid van punten na afloop van deze tweekamp beslissen de scheidingspunten uit het reguliere toernooi voor de titel.[456] Als na de heenronde van de testtweekamp er al zekerheid is omtrent de titel, wordt de terugronde niet meer gespeeld.

3.5. De volgende scheidingssystemen zijn van toepassing bij gelijkheid van punten: zie de door de FIDE voorgestelde scheidingssystemen in hoofdstuk C.02 art. 13.16.4 (Zwitserse toernooien waar niet alle ratings consistent zijn)[457]. Deze dienen vermeld te worden bij de uitnodigingen en gepubliceerd te worden op de website en ad valvas uitgehangen te worden tijdens het kampioenschap.

3.6. De winnaar in elke leeftijdscategorie is kampioen van Vlaanderen voor die leeftijdscategorie tot het volgend kampioenschap. De beste jongen / het beste meisje in elke leeftijdscategorie is voor één jaar respectievelijk jongenskampioen / meisjeskampioene van Vlaanderen voor die leeftijdscategorie tot het volgend kampioenschap.

3.7. De beste 2 in de einduitslag van het kampioenschap in de reeks junioren worden door de VSF afgevaardigd naar de gesloten groep van het VSF-kampioenschap. De volgenden in de uitslag zijn reserves.

3.8 De resultaten van de partijen worden niet doorgestuurd voor ELO-verwerking noch nationaal noch FIDE.

4.Wedstrijdreglement.

4.1. De FIDE-regels zijn van toepassing in hun laatst verspreide versie.

4.2. Het speeltempo voor de leeftijdscategorieën -12 tot -20 jaar bedraagt 50 minuten + 10 seconden increment per zet vanaf zet 1. Elke speler van deze leeftijdscategorieën is verplicht om de zetten te noteren totdat hij eenmaal minder dan 5 minuten over heeft op zijn klok.

4.3. Het speeltempo voor de leeftijdscategorieën –8 en-10 jaar bedraagt 30 minuten per partij rapid. Hierbij is art. 2.e) van de Wedstrijdreglementen van de KBSB van toepassing.[458] De spelers in deze leeftijdscategorieën behoeven hun zetten niet op te schrijven. De VSF vraagt evenwel dat ze in de mate van het mogelijke de zetten zouden noteren.

4.4. De organisator duidt een toernooileider aan die de leiding van het toernooi zal waarnemen en een hoofdwedstrijdleider. Deze twee functies mogen door dezelfde persoon worden uitgeoefend. De hoofdwedstrijdleider duidt hulpwedstrijdleiders aan (minstens één per zaal en één voor het maken van de paringen). Toernooileider en wedstrijdleiders dienen erkend te zijn door de VSF.

4.5. Beroepscommissie

Voor de aanvang van het toernooi stelt de hoofdwedstrijdleider de beroepscommissie samen[459] betreffende de behandeling van mogelijke klachten tegen de toernooileiding, wedstrijdleiding of organisatie.

De beroepscommissie bestaat uit de organisator of zijn vertegenwoordiger, één of twee spelers uit de hoogste leeftijdscategorie en bij voorkeur een aantal niet van dienst zijnde wedstrijdleiders die als begeleider, ouder of toeschouwer aanwezig zijn.

Klachten tegen de toernooileiding, wedstrijdleiding, of organisatie worden tot uiterlijk 15 minuten na het einde van de partij waarin het voorval zich voordeed, schriftelijk ingediend bij de hoofdwedstrijdleider. Er dient tevens aan hem 50 EUR waarborg gegeven te worden. De hoofdwedstrijdleider roept 5 niet betrokken personen uit de aangestelde beroepscommissie samen welke terzake een beslissing neemt. Tegen de beslissing van die beroepscommissie is geen beroep mogelijk. Indien die beslissing gedeeltelijk of geheel in het voordeel van de klager valt, krijgt deze zijn waarborg terug. In het andere geval is de waarborg voor de VSF.

4.6. Toeschouwers kunnen enkel toegang krijgen tot het spelersgebied gedurende de eerste 10 minuten, tenzij het spelersgebied zodanig is ingericht dat toeschouwers geen rechtstreekse toegang hebben tot de borden. Uitzonderingen in alle gevallen kan enkel door de hoofdwedstrijdleider beslist worden zoals bijv. een volledig verbod wegens geen of te weinig ruimte, toestemming voor de ganse partij voor een begeleider in geval van een gehandicapte speler, of toestemming op een bepaald moment voor een fotograaf of reporter, …

4.7. De richtlijnen voor een mobiele telefoon of ander elektronisch communicatiemiddel zoals beschreven in de Wedstrijdreglementen van de KBSB art. 2.d) zijn van toepassing.[460]

5. Prijzengeld en premies.

5.1. Jaarlijks legt de VSF het maximumbudget en de aanwending (zoals prijzengeld–arbitrage–onkostenorganisatie) hiervan vast die VSF verleent aan de organisator.

5.2. De organisator bepaalt de omzetting van het prijzengeld en de beschikbare fondsen in prijzen in natura. In de leeftijdscategorieën -20, -16 en -14 zijn er 3 geldprijzen voorzien.[461]

5.3. Bij gelijkheid van punten en in geval van geldprijzen worden geldprijzen gedeeld, met dien verstande dat er nooit meer spelers geldprijzen kunnen krijgen dan dat het aantal voorziene geldprijzen (3).[462]

6. Diversen.

6.1. Dit reglement wordt voor particuliere omstandigheden jaarlijks eventueel aangevuld met een lokaal supplement.

6.2. Aanspraak op prijs.

Om aanspraak te kunnen maken op zijn prijs moet de speler persoonlijk aanwezig zijn tijdens de uitreiking en moet hij die persoonlijk gaan afhalen.

6.3. In alle onvoorziene omstandigheden beslist de toernooileider of de wedstrijdleider naar gelang de bevoegdheid.

6.4.De Liga’s zijn vrij in het kiezen van hun selectiemethode.

REGLEMENT VSF-SCHOOLSCHAAKKAMPIOENSCHAP / MIDDELBAAR ONDERWIJS

Artikel 1 Deelname

Elke Vlaamse en Brusselse Nederlandstalige school is gerechtigd om één of meerdere ploegen in te schrijven voor dit kampioenschap.

De organisator kan bij de uitnodiging een maximum aantal ploegen vermelden.

De deelname aan het kampioenschap impliceert dat dit reglement aanvaard wordt.

Artikel 2 Samenstelling ploegen

Elke ploeg bestaat uit vier leerlingen van het middelbaar onderwijs van dezelfde Vlaamse of Brusselse Nederlandstalige school. Leerlingen uit de lagere afdeling van deze school worden ook tot de ploeg van het middelbaar onderwijs toegelaten.

Bij de aanmelding bij de hoofdwedstrijdleider dienen de ploegen een officieel schoolattest voor te leggen, met de naam en handtekening van de directeur/directrice, waaruit blijkt dat alle leerlingen zijn ingeschreven als leerlingen van één en dezelfde school*! (*een middelbare of lagere school met één adres)

Artikel 3 Wedstrijdsysteem

Het wedstrijdsysteem : ploeg tegen ploeg, 9 ronden Zwitsers, tempo = 15 minuten QPF.

Artikel 4

Het FIDE reglement voor rapid is van toepassing.

Hierbij enkele aanvullende artikelen:

·        Iedere speler dient al zijn zetten uit te voeren binnen de 15 minuten op zijn klok.      

·        Een onregelmatige zet dient onmiddellijk hersteld te worden op de tijd van de speler die de foutieve zet deed. Spelers die opzettelijk misbruik maken van deze regel worden gesanctioneerd: 2 minuten straftijd voor de tegenstander bij en verlies van de partij bij de derde maal.

·        Wanneer een speler minder dan 2 minuten meer over heeft op zijn klok, en er is een duidelijke remisestelling of zijn tegenstander is er uitsluitend op uit om een voordeel in tijd uit te buiten zonder dat dit gerechtvaardigd wordt door de stelling op het bord, kan hij de klokken stil zetten en aan de wedstrijdleider verzoeken om de partij remise te verklaren.

o   Indien de wedstrijdleider remise toestaat, is de partij beëindigd.

o   Indien de wedstrijdleider het verzoek uitstelt, dan krijgt de tegenstander 2 minuten bij en gaat de partij verder, indien mogelijk, in bijzijn van de wedstrijdleider. De wedstrijdleider kan echter later in de partij of zelfs als één van de vlaggen gevallen is, de remise toekennen.

o   de wedstrijdleider kan het verzoek afwijzen, indien hij van mening is dat het verzoek niet gerechtvaardigd is. In dat geval krijgt de tegenstander 2 minuten bij.

Artikel 5 Aanmelding en rangorde

Na de aanmelding mag de rangorde van de spelers niet meer veranderd worden. Bij onregelmatige opstelling verliest elke onregelmatig opgestelde speler de partij met forfaitcijfer. Bij de uitwerking hiervan zal de toernooileider er evenwel voor zorgen dat de ploeg zo weinig mogelijk benadeeld wordt.

Indien een ploeg niet over 4 spelers beschikt bij aanmelding, dan mag de ploeg zelf kiezen op wel bord er forfait wordt gegeven.

Elke ploeg kan 1 reservespeler opstellen. De reservespelers mag in elke ronde een vaste speler vervangen. De reservespeler speelt dan op het bord van de speler die hij/zij vervangt.

Artikel 6 Ploegkapitein

Elke ploegkapitein meldt per ronde het volledig ploegresultaat van zijn ploeg (bord per bord) bij de wedstrijdleiding.

Artikel 7 Scheidingssysteem

a.       totaal van de matchpunten

b.       totaal van de bordpunten (1, ½ of 0 punten per bord)

c.       onderlinge uitslag (enkel indien alle desbetreffende ploegen onderling tegen mekaar gespeeld hebben)

d.       bij nieuwe gelijkheid zal het SB systeem worden toegepast op de matchpunten

e.       en vervolgens op de bordpunten.

Artikel 8 Wedstrijdleiding

Indien nodig kunnen de spelers steeds de wedstrijdleiding raadplegen.

Artikel 9 Onvoorziene gevallen

De wedstrijdleiding beslist in alle onvoorziene gevallen.

Artikel 10 Titel

De eerste drie ploegen ontvangen een beker  “EERSTE (TWEEDE of DERDE) PLAATS VLAAMS SCHOOLSCHAAK MO + jaartal” en de bijhorende individuele medailles.

De eerste meisjesploeg ontvangt een beker “EERSTE PLAATS MEISJES VLAAMS SCHOOLSCHAAK MO + jaartal” en de bijhorende individuele medailles.

De organisator beslist hoeveel bekers er verder nog uitgereikt worden.

De organisator beslist of er verder nog individuele medailles uitgereikt worden.

Artikel 11 Geplaatste ploegen

Voor aanvang van het Vlaams Schoolschaakkampioenschap wordt aan de deelnemende ploegen bekend gemaakt hoeveel ploegen en hoeveel volledige meisjesploegen geselecteerd worden om deel te nemen aan de nationale finale van het schoolschaakkampioenschap.

Wanneer de beste meisjesploeg(en) bij de beste geklasseerde ploegen eindigt (eindigen), wordt (worden) de volgende ploeg(en) geselecteerd om deel te nemen aan de nationale finale van het schoolschaakkampioenschap.

Indien er niet voldoende meisjesploegen deelnemen, wordt (worden) de volgende ploeg(en) geselecteerd.

REGLEMENT VSF-SCHOOLSCHAAKKAMPIOENSCHAP / LAGER ONDERWIJS

Artikel 1 Deelname

Elke Vlaamse en Brusselse Nederlandstalige school is gerechtigd om één of meerdere ploegen in te schrijven voor dit kampioenschap.

De organisator kan bij de uitnodiging een maximum aantal ploegen vermelden.

De deelname aan het kampioenschap impliceert dat dit reglement aanvaard wordt.

Artikel 2 Samenstelling ploegen

Elke ploeg bestaat uit vier leerlingen van het lager onderwijs van dezelfde Vlaamse of Brusselse Nederlandstalige school. Leerlingen uit de kleuterafdeling van deze school worden ook tot de ploeg van het lager onderwijs toegelaten.

De reeks “Mini’s” is voorbehouden aan ploegen met leerlingen die maximaal in het derde leerjaar zitten. In deze ploegen moet telkens minstens 1 meisje meespelen.           

Bij de aanmelding bij de hoofdwedstrijdleider dienen de ploegen een officieel schoolattest voor te leggen, met de naam en handtekening van de directeur/directrice, waaruit blijkt dat alle leerlingen zijn ingeschreven als leerlingen van één en dezelfde school*! (*een lagere school of kleuterschool met één adres)

Artikel 3 Wedstrijdsysteem

Het wedstrijdsysteem : ploeg tegen ploeg, 9 ronden Zwitsers, tempo = 15 minuten QPF.

Voor de Mini’s is het aantal ronden beperkt tot 7.

De organisator dient in te staan voor de nodige opvang en animatie in de tussenpauzes.

Artikel 4

Het FIDE reglement voor rapid is van toepassing.

Hierbij enkele aanvullende artikelen:

·        Iedere speler dient al zijn zetten uit te voeren binnen de 15 minuten op zijn klok.      

·        Een onregelmatige zet dient onmiddellijk hersteld te worden op de tijd van de speler die de foutieve zet deed. Spelers die opzettelijk misbruik maken van deze regel worden gesanctioneerd: 2 minuten straftijd voor de tegenstander bij en verlies van de partij bij de derde maal.

·        Wanneer een speler minder dan 2 minuten meer over heeft op zijn klok, en er is een duidelijke remisestelling of zijn tegenstander is er uitsluitend op uit om een voordeel in tijd uit te buiten zonder dat dit gerechtvaardigd wordt door de stelling op het bord, kan hij de klokken stil zetten en aan de wedstrijdleider verzoeken om de partij remise te verklaren.

indien de wedstrijdleider remise toestaat, is de partij beëindigd.

indien de wedstrijdleider het verzoek uitstelt, dan krijgt de tegenstander 2 minuten bij en gaat de partij verder, indien mogelijk, in bijzijn van de wedstrijdleider. De wedstrijdleider kan echter later in de partij of zelfs als één van de vlaggen gevallen is, de remise toekennen.

de wedstrijdleider kan het verzoek afwijzen, indien hij van mening is dat het verzoek niet gerechtvaardigd is. In dat geval krijgt de tegenstander 2 minuten bij.

Artikel 5 Aanmelding en rangorde

Na de aanmelding mag de rangorde van de spelers niet meer veranderd worden. Bij onregelmatige opstelling verliest elke onregelmatig opgestelde speler de partij met forfaitcijfer. Bij de uitwerking hiervan zal de toernooileider er evenwel voor zorgen dat de ploeg zo weinig mogelijk benadeeld wordt.

Indien een ploeg niet over 4 spelers beschikt bij aanmelding, dan mag de ploeg zelf kiezen op wel bord er forfait wordt gegeven.

Elke ploeg kan 1 reservespeler opstellen. De reservespelers mag in elke ronde een vaste speler vervangen. De reservespeler speelt dan op het bord van de speler die hij/zij vervangt.

Artikel 6 Ploegkapitein

Elke ploegkapitein meldt per ronde het volledig ploegresultaat van zijn ploeg (bord per bord) bij de wedstrijdleiding.

Artikel 7 Scheidingssysteem:

a.       totaal van de matchpunten

b.       totaal van de bordpunten (1, ½ of 0 punten per bord)

c.       onderlinge uitslag (enkel indien alle desbetreffende ploegen onderling tegen mekaar gespeeld hebben)

d.       bij nieuwe gelijkheid zal het SB systeem worden toegepast op de matchpunten

e.       en vervolgens op de bordpunten.

Artikel 8 Wedstrijdleiding

Indien nodig kunnen de spelers steeds de wedstrijdleiding raadplegen.

Artikel 9 Onvoorziene gevallen

De wedstrijdleiding beslist in alle onvoorziene gevallen.

Artikel 10 Titel

De eerste drie ploegen van het lager onderwijs ontvangen een beker  “EERSTE (TWEEDE of DERDE) PLAATS VLAAMS SCHOOLSCHAAK LO + jaartal” en de bijhorende individuele medailles.

De eerste meisjesploeg ontvangt een beker “EERSTE PLAATS MEISJES VLAAMS SCHOOLSCHAAK LO + jaartal” en de bijhorende individuele medailles.

De eerste drie ploegen bij de mini’s ontvangen een beker  “EERSTE (TWEEDE of DERDE) PLAATS VLAAMS SCHOOLSCHAAK MINI’S + jaartal” en de bijhorende individuele medailles

De organisator beslist hoeveel bekers er verder nog uitgereikt worden.

De organisator beslist of er verder nog individuele medailles uitgereikt worden.

Artikel 11 Geplaatste ploegen

Voor aanvang van het Vlaams Schoolschaakkampioenschap wordt aan de deelnemende ploegen bekend gemaakt hoeveel ploegen en hoeveel volledige meisjesploegen geselecteerd worden om deel te nemen aan de nationale finale van het schoolschaakkampioenschap.

Wanneer de beste meisjesploeg(en) bij de beste geklasseerde ploegen eindigt (eindigen), wordt (worden) de volgende ploeg(en) geselecteerd om deel te nemen aan de nationale finale van het schoolschaakkampioenschap.

Indien er niet voldoende meisjesploegen deelnemen, wordt (worden) de volgende ploeg(en) geselecteerd.

Draaiboeken schoolschaak

Vlaamse Schoolschaakkampioenschappen Secundair Onderwijs

Concept

De Vlaamse schoolschaakkampioenschappen voor het Secundair Onderwijs is een toernooi waar elke Vlaamse schaakliga (= schaakbond op provinciaal niveau) 7 ploegen van 4 spelers naar toe mag sturen. Elke liga mag vrij de 7 afgevaardigde ploegen kiezen. In de praktijk komt het er meestal op naar dat die ploegen zich moeten plaatsen via de provinciale schoolschaakkampioenschappen.

Er zijn momenteel 6 liga’s die ploegen mogen afvaardigen naar de Vlaamse Schoolschaakkampioenschappen Secundair Onderwijs: Antwerpen, Limburg, Oost-Vlaanderen, Vlaams-Brabant, West-Vlaanderen en Brussel.

De Vlaamse Schaak Federatie voorziet een budget van 750 euro voor de schoolschaakkampioenschappen.

De Vlaamse Schaakfederatie ziet dit toernooi als een promotie voor het schaken waarbij beginnende schakers voor het eerst in contact komen met de schaakcompetitie en de schaakfederatie.

Inkomsten van verkoop van broodjes en drank zijn voor de organisator.

Aangezien dit een gesloten toernooi is, mag er GEEN inschrijvingsgeld gevraagd worden van de deelnemers.

De eerste ploegen krijgen een trofee. Alle deelnemers krijgen normaal een prijsje.

De uitnodiging wordt ten laatste 3 maanden voor het toernooi verspreid door de Vlaamse Schaakfederatie, via de provinciale schaakliga’s..

Een mogelijk uurrooster voor de dag zelf:

Aanmelden9u.15 tot 9u.45
Ronde 110u.15
Ronde 211u.
Ronde 311u.45
MiddagpauzeBelegde broodjes zullen te koop zijn in de toernooizaal
Ronde 413u.
Ronde 513u.45
Ronde 614u.30
Ronde 715u.15
Ronde 816u.
Ronde 916u.45
Prijsuitreiking17u.45

De organisator dient te zorgen voor:

  • De speelruimte: moet plaats kunnen bieden aan 120 schakers. (minstens 250 m²)
  • Er moeten uiteraard voldoende stoelen (120) en tafels aanwezig zijn.
  • Er moet een plaats in de speelzaal voorzien zijn waar de tussenstanden en paringen kunnen opgehangen worden.
  • De organisator dient een bar te voorzien waar drank en belegde broodjes te verkrijgen zijn.
  • Geluidsinstallatie voor de mededelingen van de toernooileider en de prijsuitreiking.
  • Op de dag van het toernooi dienen minstens twee medewerkers van de organisator aanwezig te zijn: iemand voor de bar en iemand die kan helpen bij de praktische problemen tijdens het toernooi.
  • 70 schaaksets (borden, stukken en klok – evt. met hulp van de V.S.F.)
  • de prijzen voor de deelnemers

Andere zaken die vooraf moeten geregeld worden (door de V.S.F., in overleg met de organisator):

  • 1 toernooileider en 1 scheidsrechter
  • de uitnodiging en het inschrijvingsformulier

Tijdschema

3 maanden voor het toernooi

  • De uitnodiging en het inschrijvingsformulier (V.S.F.)
  • De toernooileider en de scheidsrechters moeten aangeduid worden (V.S.F.)
  • De 70 schaaksets moeten gereserveerd worden. (organisator/V.S.F.)
  • Het bestellen van de trofeeën  (organisator)
  • Storten voorschot op de rekening van de organisator (V.S.F.)

1 week voor het toernooi

  • De prijzentafel moet vervolledigd worden (organisator)
  • Alle ingeschreven ploegen worden doorgegeven aan de toernooileider

1 dag voor het toernooi

  • Klaarzetten van de tafels en stoelen in de toernooizaal (organisator)
  • Klaarzetten borden of beamers en PC voor communicatie van de tussenstanden en de paringen (organisator)

Dag van het toernooi

8u.30Openen speelzaal
 klaarzetten van de borden, stukken en klokken
9u.15begin van de aanmeldingen
 openen bar
10u.Einde van de aanmeldingen, begin toernooi onder leiding van de toernooileider

Het ploegentoernooi en het individueel toernooi hebben elk een scheidsrechter. De scheidsrechter (en ev. extra medewerkers) verzamelen de uitslagen en geven die aan de toernooileider. De toernooileider maakt de nieuwe paringen en zorgt er voor dat de tussenstanden uitgehangen worden.

17u.opzetten prijzentafel
17u.45prijsuitreiking
18u.15einde prijsuitreiking
 begin opkuis

Dag na het toernooi

  • Publicatie van de eindstanden op de website van de V.S.F. (V.S.F.)
  • Opmaken van de afrekening (organisator)

Budget

Drie maanden voor de kampioenschappen wordt de helft van de voorziene V.S.F.-bijdrage gestort op de rekening van de organisator.

Na het toernooi dient de organisator een balans op te maken met daarop de volgende posten:

InkomstenUitgaven
375 €voorschot V.S.F. (3,75 € per deelnemer)Aankoop trofeeën
 Aankoop prijzen
 Vergoeding toernooileider en scheidsrechters
 Huur zaal
 Huur of aankoop materiaal (papier, computer, toner voor printer, …)
Totaal balans

Uiteraard dienen alle bewijsstukken van de uitgaven bij deze balans te zitten.

(De toernooileider en de scheidsrechters hebben recht op een forfaitaire vergoeding van 25 euro, gelieve hen een papier te laten ondertekenen dat ze dit ontvangen hebben!)

Dit budget wordt via de contactpersoon bij de V.S.F. aan de penningmeester van de V.S.F. bezorgd, die er voor zorgt dat het tekort op de balans op de rekening van de organisator wordt gestort. De V.S.F. dekt een tekort tot 375 euro.

Vlaamse Schoolschaakkampioenschappen Lager Onderwijs

Toernooiformule

De Vlaamse schoolschaakkampioenschappen voor het Lager Onderwijs is een open ploegentoernooi voor teams van 4 spelers.

Alle Vlaamse scholen mogen deelnemen en hoeven zich niet te plaatsen via provinciale kampioenschappen.

Spelers van eenzelfde ploeg moeten in dezelfde school naar school gaan.

Minimumvereisten

RUIMTE

  • Een speelzaal om een schaaktoernooi voor 500 deelnemers te organiseren. (Een minimum van 1000 m2 aan beschikbare ruimte is daar voor nodig.)
  • Een ruimte van 20m2 waar de toernooileiders terecht kunnen voor het leiden van het schaaktoernooi, liefst zo dicht mogelijk bij de locatie waar het toernooi plaats vindt.
  • De kinderen moeten na hun partijen terecht kunnen in een aparte ruimte om te spelen.
  • Een cafetaria of aparte ruimte waar 250 ouders en begeleiders terecht kunnen.

MATERIAAL

  • In de speelzaal:
    • Voldoende tafels om 250 schaakborden met een schaakklok er naast te kunnen plaatsen. (Tafels van 70cm.x90cm. zijn groot genoeg om 1 bord en 1 klok op te plaatsen.)
    • 500 stoelen
    • Schaaksets:
      • 250 schaak borden
      • 250 sets schaakstukken
      • 250 schaakklokken
    • Borden of beamer en PC’s om de tussenstanden en paringen te kunnen tonen
  • In de ruimte voor de toernooileiding:
    • Eén of meerdere tafels waar minstens 16 personen kunnen aan zitten. (Om laptops, printers en ander werkmateriaal op te plaatsen.)
    • 4 stoelen
  • In de cafetaria of aparte ruimte voor de begeleiders en toeschouwers:
    • 250 stoelen
    • Tafels voor 250 mensen.

Geïnteresseerde kandidaat-organisatoren die niet over schaakmateriaal beschikken, raden we aan om contact op te nemen met een naburige club.

MEDEWERKERS

  • Een organisatieverantwoordelijke
  • Schaaktoernooi:
    • 2 toernooileiders (kan geregeld worden via de VSF): minstens 1 met ervaring met het organiseren van een schoolschaaktoernooi
    • 2 scheidsrechters (kan geregeld worden via de VSF)
    • 16 medewerkers voor het werk in de zaal: kinderen naar hun plaats begeleiden, uitleg geven, resultaatkaarten invullen en afgeven aan de toernooileiders. Deze mensen dienen de regels van het schaakspel te kennen om de kinderen te kunnen helpen tijdens de partijen. (Eenvoudige kennis is voldoende, bij moeilijkere discussies kan een scheidsrechter er bij gehaald worden.)

Bijkomend

We gaan er van uit dat het schaaktoernooi op zich goed georganiseerd wordt met ervaren mensen uit de schaakwereld..

Voor de VSF zijn de volgende punten van groot belang en ze vormen dus de belangrijkste beoordelingscriteria voor de kandidaturen:

  • De mogelijkheid om zoveel mogelijk deelnemers op een comfortabele manier te ontvangen. 500 is het minimum.
  • Veel  jonge kinderen, dat is iets waar de pers naar komt kijken. Dit is het VSF-toernooi waarmee we de meeste publiciteit kunnen genereren binnen en buiten de schaakwereld. Een plan van aanpak in de richting van de pers is een pluspunt.
  • Het toernooi laat kinderen kennis maken met de competitieve schaakwereld. Het moet een leuke dag worden voor alle deelnemers. Leuke en originele prijzen, en veel nevenactiviteiten tussen de ronden door, kunnen helpen.

Daarnaast worden ook de evidente organisatiecriteria bekeken: kwaliteit van de zalen, bereikbaarheid enz.

De Vlaamse Schaak Federatie voorziet een budget voor de schoolschaakkampioenschappen.

De Vlaamse Schaakfederatie ziet dit toernooi als een promotie voor het schaken waarbij beginnende schakers voor het eerst in contact komen met de schaakcompetitie en de schaakfederatie.

Inkomsten van verkoop van broodjes en drank zijn voor de organisator.

Om het budget rond te krijgen is het toegelaten om een kleine bijdrage te vragen per deelnemer.

Bij de ploegenkampioenschappen krijgen de eerste ploegen een trofee, ook de spelers die de hoogste score op hun bord haalden krijgen nog een aparte prijs. Alle deelnemers krijgen normaal een prijsje.

Bij het individueel toernooi worden er trofeeën voorzien voor de beste prestatie per leerjaar. Alle deelnemers krijgen een prijs.

De uitnodiging wordt ten laatste 6 maanden voor het toernooi verspreid door de Vlaamse Schaakfederatie. De V.S.F. beschikt over een contactlijst met de scholen die de laatste jaren hebben deelgenomen.

Een mogelijk uurrooster voor de dag zelf om op de uitnodiging te plaatsen:

Aanmelden9u.15 tot 9u.45
Ronde 110u.15
Ronde 211u.
Ronde 311u.45
MiddagpauzeBelegde broodjes zijn te koop in de toernooizaal
Ronde 413u.
Ronde 513u.45
Ronde 614u.30
Ronde 715u.15
Ronde 816u.
Ronde 916u.45
Prijsuitreiking17u.45

Tijdschema

6 maanden voor het toernooi

  • De uitnodiging en het inschrijvingsformulier op de website schakenopschool (V.S.F.)
  • De toernooileider en de scheidsrechters moeten aangeduid worden (organisator, in overleg met V.S.F.)
  • De 250 schaaksets moeten gereserveerd worden. (organisator, evt. met hulp van V.S.F.)
  • Het bestellen van de trofeeën  (organisator)

1 week voor het toernooi

  • De prijzentafel moet vervolledigd worden (organisator)
  • Alle ingeschreven ploegen en deelnemers aan het individuele toernooi doorgeven aan de toernooileider. (De inschrijvingen moeten bij de toernooileider gebeuren.)

1 dag voor het toernooi

  • Klaarzetten van de tafels en stoelen in de toernooizaal (organisator)
  • Klaar maken communicatiesysteem voor het meedelen van de tussenstanden en de paringen: beamers, naambordjes, prikborden, …

Dag van het toernooi

8u.30Openen speelzaal
 klaarzetten van de borden, stukken en klokken
9u.15begin van de aanmeldingen
 openen bar
9u.30Briefing zaalmedewerkers door de hoofdscheidsrechter
9u.45Einde van de aanmeldingen, begin toernooi onder leiding van de toernooileider

De scheidsrechters en zaalmedewerkers verzamelen de uitslagen en geven die aan de toernooileider. De toernooileider maakt de nieuwe paringen en zorgt er voor dat de tussenstanden uitgehangen worden.

17u.opzetten prijzentafel
17u.45prijsuitreiking
18u.15einde prijsuitreiking
 begin opkuis

Dag na het toernooi

·                 Publicatie van de eindstanden op de website van de V.S.F. (V.S.F.)

·                 Opmaken van de afrekening (organisator)

Ledenadministratie

28 oktober 2009, Halleux Daniel, Vertaling NL: Cornet Luc

Wat is PlayersManager ?

PlayersManager is een Internetprogramma waarmee verantwoordelijken van clubs – liga’s – federaties – nationale bond alle taken rond het beheer van de leden kunnen doen.

Welke taken kan men hiermee doen?

–        Wijzigingen aanbrengen aan (adres)gegevens van aangesloten spelers

–        Nieuwe spelers aansluiten

–        Aangesloten spelers heraansluiten

–        Transfers aanvragen

–        Markeren wanneer een speler overleden is

–        Allerhande lijsten afdrukken

        . Ledenlijst

        . Transferlijst

        . Arbiterlijst

        . Lijst met onbekende adressen

–        Afdrukken ledenkaarten

Waarom PlayersManager

Hét voordeel dat PlayersManager biedt is dat er één en slechts één gegevensdatabase is voor alle lagen binnen de KBSB. Destijds hadden alle federaties hun eigen database (en nog erger hun eigen databasestructuur) waardoor er nooit sprake is van één geïntegreerd systeem. Nu wordt door middel van beveiligingen bij het aanloggen ervoor gezorgd dat elke verantwoordelijke enkel die gegevens te zien krijgt waarvoor hij/zij bevoegd is.

Daarnaast is dit een module dat parallel langs ClubsManager en InterclubsManager staat, waarbij men na het inloggen van de éne module naar de andere kan gaan zonder opnieuw te moeten inloggen (met andere woorden een onderdeel van een totaalpakket).

Daarnaast biedt één gecentraliseerd systeem meer mogelijkheden op vlak van interfaces naar bijv. ChessManager en het ELO-bestand PLAYER.dbf.

Een ander groot voordeel is dat nu simultaan elk niveau op de hoogte gebracht wordt via een mail:

–        Verantwoordelijke ledenadministratie KBSB (Daniel Halleux)

–        Verantwoordelijke ledenadministratie VSF (Jan Gooris)

–        Verantwoordelijke ledenadministratie desbetreffende liga

–        Verantwoordelijke ledenadministratie desbetreffende club

Waar en hoe aanloggen?

http://www.frbe-kbsb.be/

(Link naar de hoofdpagina, klikken op het logo van de KBSB, klikken op CLUBS – PLAYERS MANAGER)

http://www.frbe-kbsb.be/GestionCOMMON/GestionLogin.php

(Rechtstreekse link)

Om aan te loggen dient men een login en een paswoord te hebben. Een login kan men enkel krijgen als men als verantwoordelijke van een club op de clubfiche staat “email luc.cornet@telenet.be”. Dan pas kan men een login beginnen aan te maken. Voor clubverantwoordelijken is de loginnaam zijn/haar stamnummer. Liga-, federatie- en bondverantwoordelijken krijgen – enkel op eigen aanvraag – een speciale loginnaam van Daniel Halleux.

Aan de hand van de login weet het programma wat de bevoegdheid van de gebruiker is en zal zijn/haar toegang beperkt worden tot zijn/haar verantwoordelijkheden.

Bijv. een verantwoordelijke van een club kan enkel gegevens van zijn club wijzigen/raadplegen, terwijl een verantwoordelijke van een liga dit kan met de leden van zijn liga enz

De rubrieken van de ledenadministratie

  1. Wijziging van gegevens
  2. Hernieuwing van het lidmaatschap
  3. Transfer
  4. Aansluiting van een nieuw lid
  5. Wat te doen bij een sterfgeval?
  6. Ledenlijsten

Wijziging van gegevens

•        Aanloggen

•        In geval de gebruiker geen verantwoordelijke van een club is, dient hij eerst te filteren op het clubnummer.

•        In de ledenlijst kan men nu klikken op het stamnummer. van de bewuste speler

•        In de bewuste tabs kan men de gewenste gegevens wijzigen (opgepast: de velden in het wit, grijs en rood kunnen niet gewijzigd worden)

•        Tijdens het transfer van alle gegevens uit de verschillende bronbestanden van de verschillende federaties is gebleken dat niet alle gegevens correct zijn (vb. in het veld straat steekt straat + huisnummer en bij huisnummer staat niets; er ontbreken een aantal cijfers bij de telefoon-, fax- en GSM-nummers van buitenlanders; de nationaliteiten van de spelers zijn soms half ingebouwd). Daniel Halleux vraagt zeer vriendelijk om jullie medewerking om deze gegevens éénmalig zeer grondig te controleren en zo nodig ook aan te passen zoals het hoort. Hij dankt u hiervoor alvast bij voorbaat.

Hernieuwing van het lidmaatschap

•        Aanloggen

•        Dit dient te gebeuren door de verantwoordelijke van elke club, dus niet door de liga- of federatieverantwoordelijke

•        Klikken op Verlenging aansluitingen

•        OPGEPAST: EENMAAL AANGEVINKT, NIET MEER AF TE VINKEN à concreet houdt dit in dat de interne procedure binnen de club in orde moet zijn: eerst geld ontvangen (= dit is meestal zekerheid van aansluiting), dan pas aanvinken

Transfer

•        Aanloggen

•        Dit dient te gebeuren door de verantwoordelijke van elke club, dus niet door de liga- of federatieverantwoordelijke

•        Klikken op Lidmaatschap van de leden

•        Men dient de speler op te zoeken. Hiervoor heeft men 3 zoekvelden: op stamnummer, op clubnummer, op naam (dit is wel fonetisch). Geef een zoekwaarde in en zoek op en klik vervolgens op het stamnummer van de speler in kwestie.

•        Vanaf dit moment zal deze speler te zien zijn in de transferlijst.

•        De eigenlijke transferperiode is van 1 juni tot 30 juni. Echter als een speler op het einde van het jaar zich uitschrijft bij één club en zich vervolgens inschrijft bij een andere club voordat het jaar voorbij is, dan is dit ook een transfer.

•        Een club kan protest indienen tegen een transfer. Echter dit moet hij – via een gemotiveerd schrijven – doen bij Daniel Halleux met Sergio Zamparo en zijn ligaverantwoordelijke in CC.

Aansluiting van een nieuw lid

•        Aanloggen

•        Dit dient te gebeuren door de verantwoordelijke van elke club, dus niet door de liga- of federatieverantwoordelijke

•        Klikken op Lidmaatschap van de leden

•        Er zijn twee gevallen: een speler is nog nooit aangesloten geweest bij de KBSB en een speler was vroeger wel aangesloten geweest bij de KBSB.

•        Daarom maak ALTIJD de gewoonte om een speler op te zoeken. Hiervoor heeft men 3 zoekvelden: op stamnummer, op clubnummer, op naam (dit is wel fonetisch). Geef een zoekwaarde in en zoek op en klik vervolgens op het stamnummer van de speler in kwestie.

•        Indien de speler gevonden wordt, open dan zijn fiche en verbeter of vul zijn gegevens aan.

•        Indien de speler niet gevonden wordt, klik dan op nieuw en vul zijn gegevens aan (merk op dat er onmiddellijk een stamnummer aangeboden wordt).

Wat te doen bij een sterfgeval?

•        Het aantal leden waarvoor de VSF bijdrage moet betalen aan de KBSB, wordt jaarlijks bepaald op 1 oktober.

•        Indien voor deze datum wordt doorgegeven dat een speler gestorven is, dan zal de KBSB deze persoon ook niet opnemen in zijn jaarlijkse factuur.

•        Het doorgeven dat een speler gestorven is, gebeurt door een maaltje te sturen naar Daniel Halleux met Jan Gooris en de ligaverantwoordelijke in CC.

Ledenlijsten

•        Aanloggen

•        Klikken op Lijst van de ‘signaletique’ in CSV (Signaletique is de naam van het bestand waarin alle gegevens van de spelers insteken)

•        Men kan kiezen voor een GZ-formaat (te lezen via winzip) of voor een CSV-formaat (te lezen via Excel)

Financiële aspecten

•        Vroeger gebeurde de administratieve en financiële inschrijving door de club bij zijn liga. Als de club het lidgeld van deze speler niet betaalde, dan was deze speler én niet speelgerechtigd én niet verzekerd.

•        Nu gebeurt de administratieve inschrijving rechtstreeks bij de KBSB. Wat nu met de financiële inschrijving en vooral wat met de speelgerechtigdheid en de verzekering van deze speler?

•        Een speler is speelgerechtigd van zodra hij een stamnummer heeft gekregen (ofwel zijn vorig, ofwel een nieuw gegenereerde).

•        Omtrent de verzekering heeft de VSF beslist dat van zodra de speler is ingeschreven, dat deze verzekerd is.

•        De financiële procedure zal als volgt zijn: de KBSB geeft aan de VSF midden/eind januari het juiste aantal leden door in de diverse categorieën. Deze zal dan aan de Liga’s een voorschotfactuur toesturen. De liga’s dienen dit aan hun clubs over te maken en dan pas te betalen. Op 1 oktober maakt de KBSB haar definitieve factuur en stuurt deze naar de VSF. Op haar beurt maakt de VSF een bijkomende factuur per liga, rekening houdend met het betaalde voorschot in het begin van het jaar. Dit zelfde dient te gebeuren door de liga’s naar hun clubs toe.

•        Concreet: een liga of een club moet enkel betalen als ze via een factuur hierom gevraagd wordt, dus niet meer uit eigen beweging !!!

Q&A Infosessie November 2008

1.   Tot wanneer kan men spelers toevoegen aan de spelerslijst van de NIC? Op de website van de KBSB pagina NIC staat “± 26/12/08”

2.   Kunnen er bij transferaanvragen mails verstuurd worden naar de clubbestuurders van de club die de speler verlaat? Op dit moment is dit niet voorzien. Anderzijds ziet men in het scherm van zijn leden dat er bij een speler een transferaanvraag lopende is en kan men in de transferlijst alle lopende transferaanvragen bekijken.

3.   Kan men de datum van de transferaanvraag toevoegen in de transferlijst? Dit is een goed idee en Daniel Halleux zal bekijken of dit gedaan kan worden.

4.   Er was een probleem bij de transfer bij een speler X van club 143 naar club 174. Waarom? Het probleem was dat bij het wegschrijven het systeem meldde dat het huisnummer een verplicht veld was en dat dit eerst moest ingevuld worden. Na verbetering hiervan lukt het wel.

5.   Waar kan men de FIDE-ID ingeven? Bij het ingeven van nieuwe spelers die nog nooit eerder zijn aangesloten bij de KBSB, maar die wel in het buitenland zijn aangesloten (dus ze hebben een FIDE-ID, FIDE ELO, nationaal ID of nationaal ELO), mag men deze gegevens niet invullen. Dit kan enkel Daniel Halleux. Daarom dient men dit in te geven in het veld Nota wat op het tabblad Admin staat.

6.   Bij het aanpassen of invullen van een spelersfiche dient men niet bij elk tabblad op ok te klikken, maar pas als alle tabbladen zijn ingevuld. De reden hiervoor is dat dit per keer (op voorwaarde dat alle belangrijke velden zouden zijn ingevuld) een mail verstuurt naar alle betrokkenen. Kunnen mails dan niet gegroepeerd worden, bijv. per week? Neen, dit is niet mogelijk.

7.   Zijn de papieren aansluitingsformulieren (met handtekening) niet meer nodig? Neen, deze zijn niet meer nodig. Echter een raad: laat die wel nog invullen door het nieuw lid (zeker jeugdlid) en bewaar die in de club

Schaakleraars[463]

Schaakleraar

De Bruycker              Bernard           15/06/1941        M        ALL

Schaakinstructeur stap 1 tot 4

Baecke                      Mieke              22/02/1962        V        12

Callens                      Johan              23/09/1955        M        12

Cillen                        Jeroen                                                12

Corbeel                     Louis               12/04/1957        M        12

Cornet                      Luc                                                     12

Coudron                    Paul                21/05/1963        M        12

Dayer                       Glenn              12/11/1963        M        12

De Bie                       Herman          05/10/1941        M        12

De Vlieger                 Dirk                13/12/1957        M        12

Decrop                      Ruben             21/04/1965        M        12

Deleersnyder            Lieselot           29/01/1982        V        12

Dermul                     Luc                  02/05/1968        M        12

Desserano                 Gertjan                                              12

Englicky                    Kevin                                                 12

Englicky                    Pavel                                                 12

Essers                       Karel                                                  12

Garez                        Dirk                06/04/1960        M        12

Geerts                       Luc                                                     12

Hamblok                   Roel                                                   12

Huysman                  Robert            27/06/1946        M        12

Kerckhove                 Giovani                                              12

Kocur                        Marc               23/02/1965        M        12

Lagrain                     Jan                                           M       12

Lemmens                  Philip               13/11/1965        M        12

Malfliet                      Bernard           25/08/1965        M        12

Meekers                    Geert                                                 12

Moors                        Dries                                                  12

Peeren                      Yen                 29/03/1976        M        12

Piceu                         Tom                20/10/1978        M        12

Pletinckx                   Eddy               03/02/1959        M        12

Sarrau                      Jelle                                                   12

Schoemans               Roy                                                    12

Segers                      Jan                  27/02/1952        M        12

Seynaeve                  Kevan             04/09/1958        M        12

Snijders                    Lambert                                   M        12

Steen                        Pieter              16/03/1980        M        12

Tonoli                        Walter             25/04/1958        M        12

Ulenaers                   Marc                                                  12

Van Bunderen           Gert                26/01/1967        M        12

Van Dyck                  Marc                                                  12

Van Hoecke              Luc                  26/12/1957        M        12

Van Speybroeck        Philippe           10/02/1963        M        12

Van Steenwinckel      Hugo               14/04/1956        M        12

Vanroose                   Christiaan       01/05/1968        M        12

Schaakinstructeur stappen 1 en 2

Baekelandt                Els                                           V        1

Beuselinck                 Steven            05/06/1971        M        1

Cocquyt                    Tijs                 06/12/1978        M        1

De Billoez                  Yves                16/08/1967        M        1

De Roo                     Luc                  08/08/1966        M        1

Debast                      Patrick            24/05/1956        M        1

Delaet                       Philippe                                              1

Devreese                  Gert                02/04/1962        M        1

D’hondt                     Peter                                        M        1

Driessens                  Dirk                                                   1

Driessens                  Patrick            20/03/1974        M        1

Gooris                       Jan                  14/05/1954        M        1

Hugaert                    Daan                                        M        1

Karpez                      Dani                                                   1

Klijsen                       Yvonne                                     V        1

Kosatka                    Edward           05/05/1951        M        1

Kox                           Vincent                                               1

Lagrain                     Martin                                                1

Leclercq                    Didier                                       M        1

Maeckelbergh            Anne-Marie     19/02/1965        V        1

Minnoye                    Filip                                                    1

Peschl                       Hans                                                  1

Petit                          Emilien            28/11/1938        M        1

Polat                         Yasin                                                  1

Pools                         Robert                                               1

Reynaert                   Igor                12/07/1977        M        1

Roels                        Louis               05/12/1921        M        1

Rogiers                     Jonny              08/08/1955        M        1

Seghers                    Nico                02/12/1971        M        1

Van Camp                 Albert              02/02/1950        M        1

Van Coppenolle         Kurt                30/04/1978        M        1

Van de Vyver            Odile                                        M        1

Van Rillaer                Dirk                24/03/1946        M        1

Van Vlaenderen         Koen               26/04/1960        M        1

Van Wassenhove       Marc                                        M        1

Vande Kerckhove      Jose                04/05/1950        M        1

Vandergoten             Theo                                        M        1

Vandierendonck         Hans                                        M        1

Vanhove                    Edward                                    M        1

Vansichen                  Kenneth                                             1

Vercauteren              Daniël                                                1

Verstappen                Stefan                                      M        1

Wagemans                Paul                                         M        1

Schaakinstructeur stappen 3 en 4

Krekels                     Ignace            10/02/1965        M        2

Van Vooren               Kristien           08/10/1970        V        2

Verstraeten               Jan                  17/05/1973        M        2

FIDE Trainers

1. Titels

1.1FIDE & TRG erkennen de volgende titels (in dalende volgorde van expertise):

1.1.1. FIDE Senior Trainer (FST)

1.1.2. FIDE Trainer (FT)

1.1.3. FIDE Instructeur (FI)

1.1.4. Nationaal Instructeur (NI)

1.1.5. Ontwikkelingsinstructeur (DI)

1.2Titel Beschrijvingen – Vereisten  Toekenning:

1.2.1FIDE Senior Trainer (FST)

1.2.1.1. Scope – Missie:

a. Lezingen in Seminaries als Docent of Seminarie Leider (indien goedgekeurd).

b. Τraining van de trainers, ontwikkeling van de toekomst van de schaaktraining, inspireren, aanmoedigen en innoveren.

c. Het trainen van spelers vooral met ELO boven 2450.

1.2.1.2. Kwalificatie – Vereisten naar Professionele Vaardigheden:

a. Voorstel of bevestiging van zijn nationale federatie.

b. FIDE Trainer of minimaal 10 jaar ervaring als trainer in het algemeen.

c. Houder van de titel GM, IM of FM.

d. Heeft in zijn carrière een FIDE ELO van 2450 behaald.

e. Kennis, naast zijn moedertaal, van ten minste één FIDE erkende taal: Arabisch, Engels, Frans, Duits, Portugees, Russisch en Spaans.

f. Gepubliceerd materiaal, zoals handleidingen, boeken of een serie van artikels.

g. Bewijs van Internationale successen, zoals:

g1. Trainer van een team dat de Olympische medaille won.

g2. Trainer van een wereldkampioen

g3. Trainer van een Uitdager voor het WK (finale).

g4. Trainer van de gouden medaille winnaar van het Continentale team kamp.

g5. Trainer van de Continentale individuele kampioen.

g6. Trainer van meer dan 3 wereldkampioenen in Jeugd en Junior categorieën.

g7. Trainer – Oprichter van schaakscholen, die een minimum van 3 IGM of 6 titelhouders (GM, IM of WGM) hebben ontwikkeld.

g8. Trainer, die onderwijssystemen en / of programma’s opstelde en ontwikkelde.

1.2.1.3.Toekenning van de Titel:

a. De aanvraag moet worden verzonden via de nationale federatie (verplicht).

b. De nadruk wordt gelegd op de belangrijkste criteria van een FST titel. Verplichte vereisten zijn f. (Gepubliceerd materiaal) en g. (Internationale successen) en TRG zal zich vooral richten op deze gebieden. Alle andere vereisten worden behandeld als niet-verplicht.

c. Voor de toekenning van de titel zal een stemming onder de vijf leden van de TRG raad plaatsvinden en een resultaat van 70% is vereist (Ja = 20%; Onthouding = 10%; Nee = 0%). Indien de aanvraag geweigerd wordt, kan de titel FIDE Trainer worden toegekend. De aanvrager is verplicht om deze procedure te aanvaarden inclusief de nodige betalingen.

d. TRG behoudt zich het recht voor om elke verklaring van de aanvrager te onderzoeken en te accepteren of te weigeren, zonder enige verdere uitleg

1.2.2. FIDE Trainer (FT)

1.2.2.1. Scope – Missie:

a. Introductie van de spelers inzake de belangrijke aspecten van het schaken, zoals het concept van en de voorbereiding op competitief succes. Dit is noodzakelijk voor spelers die een hoog schaakniveau wilen bereiken of die competitief succes willen bereiken in welke vorm dan ook.

1.2.2.2. Kwalificatie – Vereisten naar Professionele Vaardigheden:

a. Volgens de relatieve evaluatietabellen.

1.2.2.3. Toekenning van de Titel:

a. Door een succesvolle deelname aan een TRG Seminarie.

b. Afgewezen aanvragers van de FST titel, maar die de nodige kwalificaties voor deze titel bezitten.

1.2.3. FIDE Instructor (FI)

1.2.3.1. Scope – Missie:

a. Leert de speler de theorie van het middenspel en het eindspel. Hij zal nauw samenwerken met de speler teneide een gepersonaliseerd openingsrepertoire te make, die hij ook zal helpen verrijken met nieuwe ideeën.

b. Verhoogt het competitief niveau van nationale jeugdspelers naar een internationaal niveau.

1.2.3.2. Kwalificatie – Vereisten naar Professionele Vaardigheden:

a. Volgens de relatieve evaluatietabellen.

1.2.3.3. Toekenning van de Titel:

a. Door een succesvolle deelname aan een TRG Seminarie.

1.2.4. Nationaal Instructeur (NI)

1.2.4.1. Scope – Missie:

  1. Verhogen van het niveau van de competitieve spelers tot een nationale standaard.
  2. Trainings van spelers met ELO tot 1700.
  3. Leraar op School.

1.2.4.2. Kwalificatie – Vereisten naar Professionele Vaardigheden:

  1. Volgens de relatieve evaluatietabellen.

1.2.4.3. Toekenning van de Titel:

  1. Door een succesvolle deelname aan een TRG Seminarie.

1.2.5. Ontwikkelingsinstructeur (DI)

1.2.5.1. Scope – Missie:

  1. Verspreidt de liefde voor het schaakspel bij kinderen en brengt hen met een bepaalde methode tot een competitief niveau.
  2. Instructeur voor beginnelingen, en spelers van een elementair of recreationeel niveau.
  3. Leraar op school.

1.2.5.2. Kwalificatie – Vereisten naar Professionele Vaardigheden:

  1. Volgens de relatieve evaluatietabellen.

1.2.5.3. Toekenning van de Titel:

  1. Door een succesvolle deelname aan een TRG Seminarie.

1.2.6. Evaluatietabellen

1.2.6.1. Hoogste behaalde FIDE of nationale ELO. Telt voor 20% in de score:

ELOScore
0-11000 x 20 =     0
1101-12501 x 20 =   20
1251-14002 x 20 =   40
1401-15503 x 20 =   60
1551-17004 x 20 =   80
1701-18505 x 20 = 100
1851-20006 x 20 = 120
2001-21507 x 20 = 140
2151-23008 x 20 = 160
2301-24509 x 20 = 180
2451-290010 x 20 = 200

1.2.6.2. FIDE titels. Evaluatie volgens de docent[464]. Telt voor 10% in de score:

SchaalScore
00 x 10 =     0
11 x 10 =   10
22 x 10 =   20
33 x 10 =   30
44 x 10 =   40
55 x 10 =   50
66 x 10 =   60
77 x 10 =   70
88 x 10 =   80
99 x 10 =   90
1010 x 10 = 100

1.2.6.3. Aanwezigheid. Evaluatie volgens de docent. Telt voor 10% in de score:

SchaalScore
00 x 10 =     0
11 x 10 =   10
22 x 10 =   20
33 x 10 =   30
44 x 10 =   40
55 x 10 =   50
66 x 10 =   60
77 x 10 =   70
88 x 10 =   80
99 x 10 =   90
1010 x 10 = 100

1.2.6.4. Bibliografie – Gepubliceerd Materiaal. Evaluatie volgens de docent. Telt voor 10% in de score:

SchaalScore
00 x 10 =     0
11 x 10 =   10
22 x 10 =   20
33 x 10 =   30
44 x 10 =   40
55 x 10 =   50
66 x 10 =   60
77 x 10 =   70
88 x 10 =   80
99 x 10 =   90
1010 x 10 = 100

1.2.6.5. Ervaring zoals vermeld in de CV. Telt voor 20% in de score:

JarenScore
10 x 20 =     0
21 x 20 =   20
32 x 20 =   40
43 x 20 =   60
54 x 20 =   80
65 x 20 = 100
76 x 20 = 120
87 x 20 = 140
98 x 20 = 160
109 x 20 = 180
+1010 x 20 = 200

1.2.6.6. Schriftelijk Examen. Telt voor 30% in de score. Voor een examen met 30 vragen wordt het eindresultaat gedeeld door 3 en dan vermenigvuldigd met 30. Voor een examen met 15 vragen wordt het eindresultaat gedeeld door 1,5 en dan vermenigvuldigd met 30[465]. De cijfers worden afgerond.

1.2.6.7. Volgens het totaal resultaat op basis van de voorgaande evaluatietabllen wordt de titel toegekend als volgt:

Totale scoreTitel
1000-800FT
  799-600FI
  599-400NI
  399-200DI
        199-0Geen titel

1.3. Procedure – Financieel

a.  Na het succesvol afstuderen van het seminarie zal elke deelnemer een certificaat ontvangen, getekend door de docenten / Seminarieleiders.

b.  Na de indiening van een gedetailleerd rapport door de Docenten / Seminarieleiders bij TRG, zal deze laatste de titelaanvraag voorleggen bij FIDE voor goedkeuring door een officiële instantie (PB, EB of GA).

c. Na goedkeuring zal de trainer het officiële certificaat en de badge (die de foto van de trainer en de geldigheid van het bewijs bevat) van de FIDE te ontvangen, indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:

c1. Vereisten (Kwalificatie) voor elke titel zoals hierboven beschreven.

c2. Diploma van de succesvolle deelname aan het FIDE Trainer Seminarie (behalve voor FST).

c3. Schriftelijke examens (behalve voor FST).

c4. Betalingen van de FIDE vergoedingen (deelname en titel), volgens de volgende tabel:

TitelVoor de titel (eenmalig)Licentie (4 jaar geldig)
FIDE Senior Trainer300 Euros180 Euros
FIDE Trainer200 Euros120 Euros
FIDE Instructeur100 Euros60 Euros
Nationaal Instructeur50 Euros30 Euros
Ontwikkelingsinstructeur50 Euros30 Euros

d. De FIDE bijdrage voor een deelnemer aan een TRG seminarie is 100 euro en moet worden betaald aan de federatie of instelling die mede-organisator is van het seminarie. De federatie of instelling die medeorganisator is zal van FIDE een rekening ontvangen voor het totale bedrag van de bijdragen van de deelnemers. Merk op dat het seminarievergoeding, onder bijpaalde omstandigheden kan varieren van 0 tot 100 euro.

e. Het is toegestaan voor een deelnemer om de bijdrage voor zijn titel te betalen vooraf aan de federatie of instelling die medeorganisator is of dadelijk bij de FIDE. In dit geval moet hij FIDE schriftelijk op de hoogte stellen van deze actie. In het geval dat zijn titel door de FIDE niet wordt goedgekeurd, wordt deze bijdrage niet terugbetaald.

f. Een trainer met een titel zal een Licentie bijdrage betalen nadat twee kalenderjaren zijn verstreken sinds de titel werd toegekend. Elke licentie is geldig voor vier (4) jaar. (Voormalig) wereldkampioenen en de FST die in 2004 rechtstreeks goedgekeurd werden (als oprichters) zijn vrijgesteld van dit licentie-reglement. Indien de verplichtingen van de licentie niet worden vervuld, zal dit leiden tot een schorsing van lijst van trainers met titels.

g. Engels is de officiële taal tussen TRG, federaties en trainers.

h. GMs en IMs moeten geen seminarie bijwonen, maar ontvangen de laagste titel samen met alle TRG literatuur (optioneel).

i. Voor de titel van schoolinstructeur zie bijlage 9 van de FIDE regels inzake

2. TRG Seminaries

2.1. Procedure

2.1.1. Aanvraag door de mede-organisator bij TRG.

2.1.2. Goedkeuring door de federatie en de Continentale President.

2.1.3. Goedkeuring van de Docenten / Seminarieleiders, van het programma en de lessen.

2.1.4. Aankondiging op FIDE en TRG web-sites door het invullen van de nodige formulieren.

2.1.5. Doorgeven van de resultaten door de Docent bij TRG ter goedkeuring.

2.1.6. Indiening door TRG van de voorgestelde resultaten bij PB/GA en betaling bij FIDE.

2.2. Docenten – Seminarieleiders

2.2.1. Alle TRG seminaries worden geleid door Docenten / Seminarieleiders (met een FST titel). Docenten / Seminarieleiders zijn zeer ervaren professionals, elk met vele jaren ervaring in schaaktraining. Ze combineren de ervaring van een professionele trainer, een deskundige in de praktijk en ervaring met TRG seminaries, in het leveren van bewezen koennis van lesgeven en faciliteren, die een actieve en participatieve leerervaring garandeert.

2.2.2. Alle Docenten / Seminarieleiders worden benoemd door de TRG eenmaal per jaar en een aanvraag (en goedkeuring) is nodig om een nieuwe FST aan de lijst toe te voegen.

2.2.3. In elk seminarie van 30 uur zullen twee Docenten / Seminarieleiders verantwoordelijk zijn. Uitzonderingen zijn toegestaan, mits vooraf goedgekeurd door TRG. Voor een 15 uur durend seminarie is één Docent toegestaan.

2.2.4. Assistenten (andere getitelde trainers, psychologen, etc.) zijn toegestaan.

2.2.5. De Syllabus zal worden gebruikt in TRG seminaries. Een kopie moet worden verdeeld (gratis of betalend) aan alle deelnemers voor de schriftelijke examens.

2.2.6. Bij het organiseren van seminaries voor titels van Nationaal Instructeur en Ontwikkelingsinstructeur, is het toegestaan dat ze geleid worden door de FIDE Trainer of FIDE Instructeur. Maar dit moet vooraf worden goedgekeurd door TRG.

2.2.7. Een aanbevolen geschatte kost voor de docenten-vergoeding voor TRG seminaries is € 3500 voor een 30 uur durend seminarie en € 1750 voor een 15 uur durend seminarie. Dat bedrag omvat geen reis- of verblijfskosten. Diverse andere kosten (auditorium, bulletin, koffiepauzes) vallen onder de verantwoordelijkheid van de mede-organisator.

2.2.8. Een mede-organisator heeft het recht voor iedere deelnemer een deelnamekost tot maximaal 450 euro aan te rekenen. Een dergelijke deelnamekost wordt geacht de FIDE vergoeding van 100 euro (voor de deelname) te bevatten.

2.2.9. In het programma van elk seminarie moet het volgende voorzien zijn:

2.2.9.1. Data.

2.2.9.2. Plaats.

2.2.9.3. Analyse van de titels

2.2.9.4. Dagorde en lesplan.

2.2.9.5. Diverse kosten en betalingen.

2.2.9.6. Docenten.

2.2.9.7. Diverse andere informatie.

2.2.10. Alle deelnemers moeten hun persoonlijke ID-kaart invullen en terugsturen in elektronische vorm naar de organisatie.

2.2.11. Elke deelnemer aan het seminarie is verplicht om dit reglement met zijn schriftelijke inschrijving volledig te accepteren. Beroep tegen de beslissing van de docent zijn toegestaan binnen 30 dagen en alleen via de nationale federatie. De beslissing van TRG is finaal.

2.2.12. Seminaries mogen gehouden worden via internet, maar alleen na goedkeuring van elk specifiek geval door TRG.

3. Richtlijnen voor FIDE Academies

3.1. Procedures.

3.1.1. De aanvraag voor een FIDE Academie moet worden ondersteund en verzonden door de Nationale Federatie (die moet lid zijn van de FIDE), waar de Academie wordt geregistreerd.

3.1.2. De aanvrager dient een officiële aanvraag in te dienen bij zijn Nationale Federatie, met een kopie aan TRG.

3.1.3. De Nationale Federatie is verantwoordelijk om officieel TRG te informeren, binnen 90 dagen over haar beslissing. In geval van afwijzing van de organisatie, moet een geldige reden, volgens de FIDE / TRG regels, worden meegedeeld.

3.1.4. De aanvrager heeft het recht om in beroep te gaan tegen een afwijzing. De beslissing van TRG is finaal na goedkeuring door de presidentiële raad of de Algemene Vergadering van FIDE.

3.2. Verplichtingen.

3.2.1. Een goedgekeurd en bekrachtigd FIDE Academie zal haar activiteiten uitvoeren in overeenstemming met de vereisten, verplichtingen en rechten die door de FIDE, TRG, en alle officiële overeenkomsten tussen de FIDE Academie en de Nationale Federatie.

3.2.2. Moet op al haar officiële documenten de FIDE titel en het FIDE-logo vermelden.

3.2.3. Zal de FIDE en TRG regels en richtlijnen opvolgen.

3.2.4. Zal de FIDE Trainers Commissie Syllabus en de FIDE en TRG Officiële Boeken volgen.

3.2.5. Betaalt het registratierecht (200 euro) en de jaarlijkse vergoeding (300 EUR per jaar) aan FIDE. Deze kosten zijn niet van toepassing op de drie oprichtende FIDE Academies: ASEAN Schaak Academie (Singapore), FIDE Trainer Academie (Berlijn), en de Amerikaanse Schaak Universiteit (New Jersey).

3.2.6. Werkt samen met de door TRG goedgekeurde FIDE Docenten / Seminarieleiders.

3.2.7. Werkt samen met trainers met een FIDE licentie.

3.2.8. Verstrekt, met regelmatige updates, alle gevraagde en noodzakelijke informatie voor de archieven en micro-site van TRG.

3.2.9. Werken harmonieus samen met iedereen.

3.3. Rechten.

3.3.1. Kan zij interne toernooien rechtstreeks indienen voor FIDE ELO berekening.

3.3.2. Kan FIDE Trainingskampen organiseren.

3.3.3. Kan FIDE Aanwezigheidscertificaten afleveren.

3.3.4. Kan zich aanmelden (via de federatie) bij TRG om FIDE Trainers Seminaries voor FIDE Trainers titels te organiseren.

3.3.5. Kan zijn leerlingen sturen (maximaal één speler per categorie – wild cards) naar Wereld & Continentale Jeugd- en School-kampioenschapen. In dit geval moet de registratie worden verzonden via de Nationale Federatie. Een vergoeding voor elke speler van de FIDE Academy tot €100 kan worden opgelegd door de Nationale Federatie (administratiekosten). In geval van onenigheid over het bedrag, kan de FIDE Academie beroep aantekenen bij TRG, die een finale beslissing neemt.

4. Gelicentieerde Trainers

4.1. Geen enkele trainer zal gratis verblijf aangeboden worden bij officiële FIDE evenementen zoals Olympiades, Wereld, Europees, Continentaal, Pan-Amerikaanse of Aziatische Ploegenkampioenschappen en Wereld of Continentale Individuele Jeugdkampioenschappen, indien hij geen officiële FIDE / TRG titel bezit.

4.2. Geen enkele trainer zal toegang krijgen tot de officele speelruimte van officiele FIDE evenementen zoals Olympiades, Wereld, Continentaal, Europees, Pan-Amerikaanse of Aziatische Ploegenkampioenschappen en Wereld of Continentale Individuele Jeugdkampioenschappen, als hij geen officiële FIDE / TRG titel bezit.

4.3. Elke nationale federatie benoemt een ‘Officiele Contactpersoon’ met de TRG.

Belgische FIDE trainers

Chuchelov Vladimir                   201260         FIDE Senior Trainer   2010    

Gurevich Mikhail                       200930         FIDE Senior Trainer   2006    

Ahn Martin                                200972         FIDE Trainer              2017

Beujema Stefan                        1024523       FIDE Trainer              2017

Cornet Luc                                205494         FIDE Trainer              2017

Dardha Arben                           4700482       FIDE Trainer              2017    

De Jonghe Bruno                      202037         FIDE Trainer              2017    

Decrop Ruben                           201308         FIDE Trainer              2017    

Godart François                        208078         FIDE Trainer              2017    

Hamblok Roel                           209317         FIDE Trainer              2016    

Hovhannisyan Mher                  13300865     FIDE Trainer              2016    

Le Quang Kim                          200700         FIDE Trainer              2017    

Meessen Rudolf                        202029         FIDE Trainer              2016    

Morozova Iulia                          14104946     FIDE Trainer              2017    

Piceu Tom                                21952           FIDE Trainer              2017    

Vukojevic Philippe                     264059         FIDE Trainer              2017    

Breuer, Ralph                           256030        FIDE Instructor          2017

Cuvelier, Annelies                     213950        FIDE Instructor          2017

Dayer, Glenn                            214094        FIDE Instructor          2017

De Block, Fabio                        226181        FIDE Instructor          2017

De Block, Yordi                         214175        FIDE Instructor          2017

De Strycker, Nathan                 226343        FIDE Instructor          2017

De Vet, Sylvin                          214787        FIDE Instructor          2017

De Vogelaere, Bart                   214850        FIDE Instructor          2017

Dierckens Sarah Linda              205745         FIDE Instructor          2016    

Englicky, Pavel                         211044        FIDE Instructor          2017

Escribano Illan, Juan Carlos      249734        FIDE Instructor          2017

Jacobs, Oliver                           217450        FIDE Instructor          2017

Kocur, Marc                              205036        FIDE Instructor          2017

Logie, Dimitri                           231207        FIDE Instructor          2017

Loo, Bernd                                263303        FIDE Instructor          2017

Soors Stef                                209511         FIDE Instructor          2016

Van de Wynkele, Herman         207144        FIDE Instructor          2017

Van Peer, Cedric-Johan             205877        FIDE Instructor          2017

Weiss, Philippe                         250350        FIDE Instructor          2017

Bailleul Geert                           225185         National Instructor     2016    

Barbier Astrid                           200395         National Instructor     2016    

Breuer Max                               237590         National Instructor     2017

Dorr Yannick                             205389         National Instructor     2017

Fryns Patrick                            206237         National Instructor     2017

Scheen Pascal                          220590         National Instructor     2017

Ligabesturen

1. Schaakverbond Vlaams-Brabant en Vlaams-Brussel

Statuten

Artikel 1: Oprichting ‑ Benaming ‑ Zetel.

In het kader van de Vlaamse Schaakfederatie is door de schaakverenigingen van Vlaams‑Brabant en Brussel overgegaan tot de oprichting van het ‘Schaakverbond Vlaams‑Brabant en Vlaams-Brussel’, afgekort tot S.V.B. De zetel is gevestigd ten huize van de Secretaris of zijn plaatsvervanger.

Artikel 2: Doel ‑ Duur.

Het S.V.B. stelt zich tot doel in het raam van de Vlaamse Schaakfederatie (VSF) en de Koninklijke Belgische Schaakbond (KBSB) in Vlaams‑Brabant en Brussel het schaakspel in al zijn aspecten te bevorderen en te propageren. Het verte­genwoordigt zijn leden bij de VSF. Het S.V.B. is als feitelijke vereniging opgericht zonder beperking van duur en het maatschappelijk jaar loopt van 1 januari tot 31 december.

Artikel 3: Leden.

Alle schaakverenigingen gevestigd in Vlaams‑Brabant en Brussel kunnen aansluiten bij het S.V.B. Zij dienen hun aanvraag daartoe schriftelijk te richten aan het Uitvoerend Bestuur. Het bestuur kan hen voorlopig aanvaarden tot de eerst­volgende Algemene Vergadering.

Artikel 4: Organen.

De organen van het S.V.B. zijn de Algemene Vergadering (AV) en het Uitvoe­rend Bestuur (UB).

Artikel 5: De Algemene Vergadering.

§1. Samenstelling:

Alle spelers van de aangesloten verenigingen hebben toe­gang tot de Algemene Vergadering. De voorzitters van de aangesloten vereni­gingen vertegen-woordigen hun vereniging. Zij kunnen zich laten vervangen door een lid van hun vereniging, mits voorafgaand de Secretaris van het S.V.B. te verwittigen.

§2. Bevoegdheid:

De AV heeft als uitsluitende bevoegdheid:

a)  de wijziging van de statuten,

b)  de benoeming van de leden van het UB,

c)   de afzetting van leden van het UB,

d)  de goedkeuring van de rekeningen, op basis van het verslag van twee door haar aangestelde commissarissen,

e)  vaststelling van de bijdrage voor het volgend maatschappelijk jaar,

f)   de definitieve aanvaarding, de schorsing en de uitsluiting van leden of spelers,

g)  de ontbinding van het S.V.B.,

h)  de goedkeuring van de begroting.

§3. Bijeenkomst:

a)  De AV komt jaarlijks bijeen in de loop van de maand januari

b)  Een buitengewone AV kan worden samengeroepen door het UB of op verzoek van ten minste 1/5 van de leden. Dit verzoek dient schriftelijk gericht te worden aan de Voorzitter en de Secretaris bij een door alle verzoekers ondertekende brief, die tevens de punten vermeldt die moeten besproken worden. De vergadering heeft plaats binnen de maand na ontvangst van be­doeld schrijven.

c)   De Secretaris richt minstens 20 dagen op voorhand een uitnodiging aan de voorzitter en de secretaris van elke aangesloten vereniging. Deze uitnodi­ging vermeldt datum, uur, plaats en agenda van de vergadering.

d)  Elke vereniging kan tot 1 december een punt op de agenda laten plaatsen.

§4. Quorum:

De Algemene Vergadering beslist geldig welk ook het aantal vertegenwoordig­de leden is, behalve over punten a)c) en g) van art5.§2, waarvoor ten minste de helft van de leden vertegenwoordigd moet zijn. Indien dit quorum niet bereikt wordt, kan de AV een nieuwe vergadering bijeen laten roepen, die geldig beslist ongeacht het aantal vertegenwoordigde leden.

§5. Stemming:

a)  stemverdeling: elke vertegenwoordigde vereniging beschikt over 1 stem per 15 of fractie van 15 bij het S.V.B. aangesloten spelers, met een maxi­mum van 1/3 van de uit te brengen stemmen.

b)  de AV beslist bij gewone meerderheid, met uitzondering van de punten a) en g) van art5.§2, waarvoor 2/3 meerderheid vereist is. Onthoudingen worden niet geteld bij de uitgebrachte stemmen. Bij staking van stemmen is het voorstel verworpen.

c)   Bij punten b)c)d) en f) van art5.§2 nemen de betrokkenen niet deel aan de stemming. De door het UB voorlopig aanvaarde verenigingen hebben stemrecht.

Artikel 6: Het Uitvoerend Bestuur.

§1. Samenstelling:

Het Uitvoerend Bestuur bestaat uit de Voorzitter, de Secretaris, de Penningmeester, de Toernooileider, de Liga‑commissaris en de andere door de AV verkozen bestuursleden.

Elk lid dat minstens 1/5 van de spelers in de liga vertegenwoordigd, zal ten minste 1 bestuurslid aanduiden.

Alle spelers van de aangesloten verenigingen kunnen de bestuursvergaderingen als waarnemer bijwonen.

§2. Verkiezing:

De leden van het UB worden door de AV verkozen voor 2 jaar.

§3. Bevoegdheid:

a)  het UB neemt de dagelijkse leiding van het S.V.B. waar.

b)  het UB voert de beslissingen van de AV uit.

c)   het UB neemt elke beslissing, niet voorbehouden aan de AV.

Artikel 7: Uitsluiting ‑ Schorsing.

De AV kan een vereniging of een lid van een vereniging schorsen of uitsluiten wegens:

a)  wanbetaling na 2 schriftelijke aanmaningen vanwege de Penningmeester,

b)  activiteiten die rechtstreeks indruisen tegen de geest of de werking van het S.V.B.,

c)   klaarblijkelijke, georganiseerde of herhaalde onsportiviteit.

De aangeklaagde partij moet de kans krijgen om door de AV gehoord te worden.

Artikel 8: Ontbinding.

Een beslissing tot ontbinding van het S.V.B. dient genomen te worden door een AV die speciaal daartoe werd samengeroepen. De AV die de ontbinding uitspreekt, duidt een vereffenaar aan die het patrimonium van het S V B. verdeelt onder de aangesloten verenigingen naar verhouding van hun aantal bij het S V.B. aangesloten spelers.

Artikel 9: Intern reglement.

Een intern reglement omschrijft de be­voegdheid en de taak van ieder bestuurslid. Het UB regelt zijn werking in een intern reglement.

goedgekeurd door de Algemene Vergadering van 12 januari 1991 te Humbeek. Aangepast januari 2008

Intern reglement

Art 1. Het Uitvoerend Bestuur vergadert op uitnodiging van de voorzitter

Art 2a. De notulen moeten door de secretaris naar de leden van het U.B. verstuurd worden ten minste tien dagen voor de datum van de volgende vergadering.

Art 2b. Nadat ze door het U.B. zijn goedgekeurd worden de notulen door de secretaris naar de voorzitters van de aangesloten verenigingen gestuurd.

Art 3. De agenda zal volgende punten bevatten

1.     Inleiding door de voorzitter

2.     Goedkeuring van de notulen van de vorige vergadering

3.     Financiële toestand

4.     Briefwisseling

5.     Verslag vergaderingen

6.     Activiteiten van S.V.B.

7.     Reglementen

8.     Interne werking

9.     Allerlei

10.  Datum en plaats van de volgende vergadering

Art 4. Het U.B. vergadert geldig ongeacht het aantal aanwezige leden. Het beslist slechts geldig indien ten minste de helft van de leden aanwezig is. Leden van aangesloten verenigingen die geen lid zijn van het U.B. mogen de vergadering bijwonen  met een raadgevende stem.

Art 5. De voorzitter kan een zaak ter stemming voorleggen, de stemming is niet geheim. Bij staking van stemmen is het voorstel verworpen.

Art 6. Het U.B. kan werkgroepen oprichten. Het U.B. duidt een lid van het bestuur aan als verslaggever van de werkgroep. De werkgroep kan beroep doen op de medewerking van leden van de aangesloten kringen; andere personen kunnen gehoord worden met een raadgevende stem.

Art 7. Taken en bevoegdheden van de leden van het U.B.

De VOORZITTER vertegenwoordigt het S.V.B. waar dit nodig of gewenst is. Hij zit de vergaderingen van het Uitvoerend bestuur en van de Algemene Vergadering voor en staat in voor de tucht en de eerbiediging van de statuten. In alle gevallen waar het hem onmogelijk is het U.B. bijeen te roepen, neemt hij beslissingen in eer en geweten en deelt dit mee op de eerstvolgende vergadering van het U.B.

De ONDERVOORZITTERS. De eerste ondervoorzitter of, bij diens afwezigheid, de tweede ondervoorzitter, vervangt de voorzitter, indien deze afwezig is op de vergadering van het U.B. of op de Algemene Vergadering.

De SECRETARIS voert de briefwisseling, houdt de archieven, verzendt ten gepaste tijd alle uitnodigingen, beheert de administratie van het verbond en stelt de notulen op van de Algemene Vergadering en van de vergaderingen van het Uitvoerend Bestuur. Na de goedkeuring van de notulen bewaart hij ze in het daartoe voorziene archief dat op aanvraag kan ingezien worden.Onmiddellijk na de Algemene Vergadering deelt de secretaris de samenstelling van het Uitvoerend Bestuur mee aan de V.S.F.

De PENNINGMEESTER staat in voor de financiën van het S.V.B. en houdt de boekhouding volgens de door de A.V. goedgekeurde begroting waarvan hij het ontwerp opstelt en aan het U.B. voorlegt. Hij int de bijdragen verschuldigd voor het lidmaatschap en de inschrijvingsgelden en de waarborgen in verband met de S.V.B. toernooien. Hij doet de gerechtvaardigde betalingen. Hij heeft beheer van de rekening van het S.V.B. Hij stelt de winst- en verliesrekening op en zendt een dubbel daarvan aan de Secretaris, die het in het archief opneemt. Op elke vergadering van het U.B. legt hij de boekhouding ter inzage voor. Hij verzorgt de ledenadministratie van het S.V.B.

De TOERNOOILEIDER beheert de speltechnische activiteiten van het S.V.B., richt toernooien en kampioenschappen van het S.V.B. in met uitzondering van deze voor de jeugd en zorgt voor het doorzenden van de uitslagen hiervan. Hij stelt de vertegenwoordigende ploegen samen.

De COMMISARIS BIJ DE VLAAMSE SCHAAKFEDERATIE vertegenwoordigt het S.V.B. in de schoot ven de V.S.F. en behartigt er zijn belangen, volgens de richtlijnen van de A.V. en van het U.B. Hij brengt verslag uit bij het U.B. over de werkzaamheden van de V.S.F.

De JEUGDLEIDER stimuleert de jeugdwerking in de verenigingen, en richt de jeugdtoernooien en S.V.B. jeugdkampioenschappen in. Hij zorgt voor het doorsturen van de uitslagen van die activiteiten.

De SCHOOLSCHAAKLEIDER coördineert de basisopleiding in de scholen en organiseert het schoolschaakkampioenschap van het S.V.B.

Art 8. Het U.B. stelt het intern reglement op, dat ter inzage is van de leden van de Algemene Vergadering. Het U.B. kan van een advies van de Algemene Vergadering inzake het intern reglement enkel afwijken bij unanimiteit.

Bestuur

Voorzitter, Penningmeester ai

Malfliet Bernard, 0471/98.33.87, bernard_malfliet@hotmail.com

Ondervoorzitter, Toernooileider ai

Ida Vandermeulen, 0486/71.51.13, Ida.vandermeulen@gmail.com

Secretaris

Huysman Robert, 02/305.41.28, robert.huysman@pandora.be

Jeugdleider,Schoolschaak,

Johan Verstraeten, 0475/488214, johan.verstraeten@dolletoren.be

2. Liga Antwerpen

Statuten

TITEL I: NAAM, ZETEL, DOEL, DUUR

ARTIKEL 1:

Tussen ondergetekenden wordt een vereniging zonder winstoogmerk opgericht ter voortzetting van de feitelijke Liga Schaakliga Antwerpen, opgericht in 1947.

De vzw wordt genoemd Schaakliga Antwerpen vzw, hierna verder genoemd onder de naam “Liga” in Statuten en Intern Reglement.

ARTIKEL 2:

Haar Maatschappelijke zetel is gevestigd in het Huis van de Sport,  Boomgaardstraat 22, bus 40, 2600 Antwerpen.

De Liga ressorteert onder het gerechtelijk arrondissement Antwerpen.

ARTIKEL 3:

De Liga heeft tot doel het promoten van de sport in de breedst mogelijke zin van het woord en de schaaksport in het bijzonder.

De Liga tracht dit omschreven doel onder meer te bereiken door het inrichten van toernooien, cursussen, clinics, ondersteuning van de bij hen aangesloten wettelijke leden, stimuleren van de jeugd voor de sport enzovoort.

De Liga kan meer in het algemeen alle middelen aanwenden die tot de verwezenlijking van het doel rechtstreeks of onrechtstreekse bijdragen. De Liga kan ter uitvoering van wat hierboven bepaald is, onder meer alle eigendommen en zakelijke rechten verwerven, in huur nemen, verhuren, personeel aanwerven, rechtsgeldige overeenkomsten afsluiten, fondsen verzamelen, kortom alle activiteiten uitoefenen of laten uitoefenen die haar doel rechtvaardigen.

In het kader van de verwezenlijking van haar doel kan de Liga zelfs daden van koophandel stellen.

ARTIKEL 4:

De Liga wordt opgericht voor onbepaalde duur.

TITEL II: LEDEN

ARTIKEL 5:

De Liga telt wettelijke leden en toegetreden leden.

De wettelijke leden zijn kringen zoals beschreven in het Intern Reglement. Deze kringen worden vertegenwoordigd door hun organen of aangestelde, feitelijke verenigingen (kringen) worden vertegenwoordigd door hun voorzitter.

De volheid van lidmaatschap, met inbegrip van het stemrecht op de Algemene Vergadering, komt uitsluitend toe aan de wettelijke leden.

De toegetreden leden zoals beschreven in het Intern Reglement hebben enkel die rechten en plichten die ze hebben op basis van de wet of van de besluiten, genomen in uitvoering van de wet, of het Intern Reglement.

De Liga telt minstens drie wettelijke leden.

Waar de notitie “leden, lid” vermeld staat in deze Statuten of het Intern Reglement, worden de wettelijke leden bedoeld.

ARTIKEL 6:

Een wettelijk lid kan tot de Liga toetreden, ieder rechtspersoon of natuurlijke persoon die door het bestuursorgaan als zodanig wordt aanvaard. Het bestuursorgaan zal zich bij het opnemen van haar beslissingen houden aan de voorschriften, zoals desgevallend opgenomen in het Intern Reglement.

Het bestuursorgaan kan inhoudelijke of formele voorwaarden bepalen onder de welke natuurlijke of rechtspersonen als toegetreden leden kunnen worden aangenomen. Deze voorwaarden worden opgenomen in het Intern reglement.

ARTIKEL 7:

Het jaarlijks lidgeld is vastgesteld op maximum 25 000€. De Algemene Vergadering bepaalt jaarlijks en op voorstel van het bestuursorgaan het verschuldigde lidgeld voor de leden evenals voor de toegetreden leden.

ARTIKEL 8:

De leden van de Liga zijn verplicht

– De Statuten en het Intern reglement van de Liga alsook de besluiten van haar organen na te leven.

– De belangen van de Liga of één van haar organen niet te schaden.

ARTIKEL 9:

Elk lid kan te allen tijde ontslag nemen uit de Liga mits het opsturen van een aangetekend schrijven aan het bestuursorgaan.

– Een lid (of toegetreden lid) kan slects uit de Liga worden uitgesloten door de Algemene Vergadering met meerderheid van twee derden van de vertegenwoordigde stemmen.

– In afwachting van de beslissing betreffende de uitsluiting van een lid kan het bestuursorgaan het lidmaatschap schoren van het lid (of toegetreden lid) volgens de bepalingen, opgenomen in het Intern reglement.

– Besluit de Algemene Vergadering om niet tot uitsluiting over te gaan, dan vervalt van rechtswege de schorsing van het lid (of toegetreden lid) en wordt deze geacht nooit te hebben plaatsgehad.

– Het lidmaatschap eindigt automatisch ingeval het lid een rechtspersoon is, door haar ontbinding, fusie of splitsing Als het lid geen rechtspersoon is, zal het lidmaatschap automatisch eindigen, wanneer er binnen de maand na et overlijden van het lid geen vervangend lid werd aangeduid.

– Ontslagnemende of uitgesloten leden hebben geen recht op een deel in het vermogen van de Liga en kunnen nooit teruggave of vergoeding vorderen van gestorte bijdragen of gedane inbrengen.

TITEL III: BESTUURSORGAAN

ARTIKEL 10:

De Liga wordt bestuurd door een Bestuursorgaan van minimum 3 bestuurders, aangesloten bij één van de leden van de Liga. De bestuurders handelen als een college. Zij worden benoemd door de Algemene Vergadering en zijn te allen tijden door deze afzetbaar. De Algemene Vergadering bepaalt de vergoeding van de bestuurders. Onkosten, gemaakt in functie van het uitoefenen van hun mandaat, worden vergoed na overlegging van een verantwoordingsstuk of factuur.

ARTIKEL 11:

De bestuurders worden rechtstreeks in hun mandaat benoemd voor een termijn van twee jaar, zoals bepaald in het Intern reglement, en zijn herkiesbaar. Zo door vrijwillig ontslag, verstrijken van termijn of afzetting het aantal bestuurders is teruggevallen tot onder het wettelijk minimum, dan blijven de bestuurders in functie, totdat in hun vervanging is voorzien.

ARTIKEL 12:

– De voorzitter of de secretaris roept de Raad bijeen. De voorzitter zit de vergadering voor. Bij afwezigheid wordt hij vervangen door de ondervoorzitter, bij diens afwezigheid door de oudst aanwezige bestuurder.

– Iedere bestuurder kan op schriftelijke wijze volmacht geven aan een andere bestuurder om hem op een vergadering van het bestuursorgaan te vertegenwoordigen

– De Raad kan slechts geldig beslissen, wanneer tenminste de helft van de bestuurders aanwezig is Indien dit quorum niet bereikt is, moet een nieuwe Bestuursorgaan worden bijeengeroepen

– De beslissingen worden genomen met gewone meerderheid van stemmen.

– Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter of van diegene die hem vervangt, doorslaggevend.

– Het bestuursorgaan kan ook vergaderen per telefoon- of videoconferentie. De algemene principes van beraadslagen blijven van kracht.

ARTIKEL 13:

a) Het bestuursorgaan leidt de zaken van de Liga en vertegenwoordigt deze in en buiten rechte Hij is bevoegd voor alle aangelegenheden, met uitzondering van deze die door de wet uitdrukkelijk aan de Algemene Vergadering zijn voorbehouden De raad kan zelfs daden van beschikking stellen met inbegrip van ondermeer, het verwerven van roerende en onroerende goederen, het hypothekeren, het lenen en uitlenen, alle handels- en bankverrichtingen, het lichten van hypotheken, enz

b) Ten aanzien van derden is de Liga slechts geldig verbonden door de gezamenlijke handtekening van twee bestuurders. Bestuurders die namens het bestuursorgaan optreden moeten ten aanzien van derden niet doen blijken van enig besluit of enige machtiging

c) Het bestuursorgaan kan voor bepaalde handelingen en taken, en voor daden van van dagelijks bestuur zijn bevoegdheid overdragen aan een dagelijks bestuur, aan één of meer bestuurders, of zelfs aan een andere persoon, al dan niet lid van de Liga De duur waarvoor deze bevoegdheidsdelegatie plaatsgrijpt, wordt bepaald door het bestuursorgaan en kan niet langer zijn dan tien jaar En het mandaat kan te allen tijde met onmiddellijke ingang worden ingetrokken door het bestuursorgaan Wanneer meer dan één persoon met het dagelijks bestuur wordt belast, wordt de Liga in al haar handelingen van het dagelijks bestuur rechtsgeldig vertegenwoordigd door één persoon belast met het dagelijks bestuur, die geen bewijs van een voorafgaand besluit onder hen moet leveren

d) De bevoegdheid om de Liga in en buiten rechte te vertegenwoordigen kan door het bestuursorgaan bij eenvoudig besluit worden opgedragen aan één of meer personen, al dan niet bestuurder.

De bevoegdheid van bovengenoemde personen wordt precies afgebakend door het bestuursorgaan, die eveneens de duur van het mandaat bepaald. Het mandaat kan te allen tijde met onmiddellijke ingang door het bestuursorgaan worden ingetrokken.

e) De Algemene Vergadering beslist over het door het bestuursorgaan voorgesteld Intern Reglement Wijzigingen aan het Intern Reglement kunnen worden opgesteld door het bestuursorgaan, doch dienen ter bekrachtiging worden voorgelegd aan de Algemene Vergadering In dit Intern Reglement mogen, zonder strijdig te zijn met de bindende voorschriften van de wet of van de Statuten, alle maatregelen getroffen worden in verband met de toepassing van de Statuten en de regeling van maatschappelijke zaken in het algemeen

Tevens kan aan de leden of hun rechtverkrijgende alles worden opgelegd wat in het belang van de Liga wordt geacht

f) Het bestuursorgaan kan, zoals bepaald in het Intern Reglement, sancties opleggen aan een lid of toegetreden lid

TITEL IV: ALGEMENE VERGADERING

ARTIKEL 14:

De Algemene Vergadering is samengesteld uit alle wettelijke leden.

De Algemene Vergadering wordt voorgezeten door de voorzitter van het bestuursorgaan of door de oudst aanwezige ondervoorzitter, of bij afwezigheid door de oudst aanwezige bestuurder.

Elk wettelijk lid beschikt over één stem op de Algemene Vergadering Een wettelijk lid dat 15 of minder toegetreden leden vertegenwoordigt, heeft enkel recht op deze ene stem Een wettelijk lid krijgt een extra stem per bijkomende fractie van 15 toegetreden leden, dit echter met een maximum van 4 stemmen per wettelijk lid Een wettelijk lid beschikt dus over maximum 5 stemmen.

Een lid kan zich bij volmacht laten vertegenwoordigen door een fysiek persoon naar keuze. Bij de aanvang van de vergadering dient deze persoon zich kenbaar te maken en de nodige stavingstukken aan de voorzitter van de vergadering voor te leggen. Een fysiek persoon kan meerdere leden vertegenwoordigen, met dien verstande dat hij/zij nooit meer dan 10 stemmen kan uitbrengen.

ARTIKEL 15:

De Algemene Vergadering is uitsluitend bevoegd voor de volgende onderwerpen:

a) Het wijzigen van de Statuten en het Intern Reglement

b) De benoeming en het afzetten van de bestuurders

c) De benoeming en afzetting van de rekeningtoezichters

d) De benoeming van ereleden

e) De kwijting van de bestuurders en de rekeningtoezichters

f) Het goedkeuren van de begrotingen en jaarrekening

g) Het vrijwillig ontbinden van de Liga

h) Het uitsluiten van een lid en/of toegetreden lid

i) Alle gevallen waarin onderhavige Statuten dit vereisen

ARTIKEL 16:

a) Het bestuursorgaan roept de Algemene Vergadering bijeen, telkens als het doel of het belang van de Liga dit vereist De vergadering moet worden samengeroepen, telkens wanneer minstens 3 leden dit verzoeken Zij moet minstens éénmaal per jaar bijeenkomen voor het goedkeuren van de jaarrekening van het afgelopen jaar en de begroting. Het bestuursorgaan bepaalt plaats en datum. Deze vergadering moet plaatsvinden vóór 30 juni.

b) Alle leden worden bij gewone brief of per e-mail uitgenodigd minstens veertien dagen voor de Algemene Vergadering De uitnodiging wordt ondertekend door de voorzitter of de secretaris Ze vermeldt dag, uur en plaats van de Algemene Vergadering.

c) De oproep bevat de agenda, die wordt vastgelegd door het bestuursorgaan De Algemene Vergadering kan op geldige wijze een beslissing nemen over de punten die niet op de agenda vermeld staan op voorwaarde dat alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

ARTIKEL 17:

a) Bij een gewone Algemene Vergadering en bij een buitengewone Algemene Vergadering dient de helft van de leden vertegenwoordigd te zijn om geldig te beraadslagen Indien dit quorum niet bereikt is, kan minstens veertien dagen later een nieuwe buitengewone Algemene Vergadering gehouden worden Deze kan geldig beraadslagen ongeacht het quorum.

b) In gewone gevallen worden de besluiten genomen bij eenvoudige meerderheid van de vertegenwoordigde leden. Bij staking van stemmen wordt één stem aan de voorzitter toegekend, deze stem is doorslaggevend. In geval van uitsluiting van een lid of toegetreden lid, van wijziging van Statuten of wijziging van doel of van ontbinding van de Liga zal de in de wet voorgeschreven procedure worden nageleefd Bij stemming betreffende wijziging van Statuten of Intern Reglement of ontbindingen worden onthoudingen geteld als tegenstem.

TITEL V:INZAGERECHT LEDEN

ARTIKEL 18:

Van elke vergadering worden notulen opgemaakt, die ondertekend worden door de secretaris of een bestuurder en die in een bijzonder register worden opgenomen Uitreksels daarvan worden ondertekend door de secretaris of een bestuurder.

ARTIKEL 19:

Alle leden kunnen op de zetel van de Liga het register van de leden raadplegen, evenals alle notulen en beslissingen van de Algemene Vergadering, van het bestuursorgaan en van de personen al dan niet met een bestuursfunctie, die bij de Liga of voor rekening ervan een mandaat bekleden, evenals alle boekhoudkundige stukken van de Liga.

TITEL VI: BEGROTINGEN – REKENINGEN – CONTROLE

ARTIKEL 20:

a) Het boekjaar loopt van 1 september tot en met 31 augustus.

b) Het bestuursorgaan bereidt de rekeningen en begrotingen voor en legt ze ter goedkeuring voor aan de Algemene Vergadering. Na goedkeuring van de jaarrekening en begroting spreekt de Algemene Vergadering zich, in afzonderlijke stemming, uit over de kwijting aan de bestuurders en desgevallend aan de rekeningtoezichters.

c) Het bestuursorgaan draagt er zorg voor dat de jaarrekening en de overige in de wet vermelde stukken binnen de voorgeschreven wettelijke termijn worden neergelegd ter griffie van de rechtbank van koophandel te Antwerpen.

ARTIKEL 21:

a) De Algemene Vergadering stelt twee rekeningtoezichters aan die voor de Algemene Vergadering waarop de jaarrekening ter goedkeuring worden voorgelegd, de boekhouding nakijken.

b) Deze rekeningtoezichters hebben gezamenlijk een onbeperkt recht van controle over alle verrichtingen van de Liga. Zij mogen ter plaatse inzage nemen van de boeken, de briefwisseling, de notulen en in het algemeen alle geschriften van de Liga.

TITEL VII:ONTBINDING – VEREFFENING

ARTIKEL 22:

In geval van vrijwillige ontbinding benoemt de Algemene Vergadering, of bij gebreke daarvan de rechtbank, één of meer vereffenaars Zij bepaalt tevens hun bevoegdheid, evenals de vereffeningvoorwaarden.

ARTIKEL 23:

In geval van ontbinding worden de activa, na aanzuivering van de schulden, overgedragen aan een vereniging binnen hetzelfde werkingsgebied die een gelijkaardig doel nastreeft De Algemene Vergadering die tot de ontbinding besluit, zal aanduiden aan welke vereniging het vereffeningsaldo wordt overgedragen.

ARTIKEL 24:

Voor alles wat in deze Statuten niet uitdrukkelijk is geregeld, zijn de wet van 2 mei 2002 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de internationale verenigingen zonder winstoogmerk en de stichtingen en het Intern Reglement van toepassing, alsook de algemene wettelijke bepalingen.

Intern reglement

Hoofdstuk I: DE LEDEN

Art. 1: De SchaakLiga Antwerpen v.z.w. (hierna de Liga genoemd) bestaat uit wettelijke leden (hierna kringen genoemd) en toegetreden leden (hierna schakers genoemd).

Art. 2: Ereleden, d.w.z. toegetreden leden benoemd door het bestuursorgaan, kunnen de vergaderingen van het bestuursorgaan bijwonen met raadgevende stem.

Art. 3: Een kandidaat kring dient te worden voorgedragen door het bestuursorgaan of door één of meer kringen.

Art. 4: Een kring kan ontslag nemen uit de SchaakLiga Antwerpen door een aangetekend schrijven te richten aan het bestuursorgaan met de vraag tot ontslag.

Art. 5: De aangesloten kringen van de Liga betalen na ontvangst van de factuur in januari een bijdrage per lid van de betrokken kring waarvan het bedrag wordt vastgelegd door de Algemene Vergadering. De betaling van de bijdrage gebeurt op rekening van de Liga en is te storten samen met deze verschuldigd aan Vlaamse Schaak Federatie v.z.w. (hierna afgekort V.S.F.). Voor bijkomende aansluitingen in de loop van het jaar ontvangen de kringen een afzonderlijke factuur.

Bij het niet nakomen van hun verplichtingen kan aan de in gebreke gebleven kringen een sanctie worden opgelegd, zoals bepaald in hoofdstuk VII, Strafbepalingen. Deelname aan schaakactiviteiten, ingericht door de Liga, wordt voor de leden van in gebreke gebleven kring(en) opgeschort, totdat de kring haar verplichtingen terug is nagekomen.

Art. 6: Alle officiële briefwisseling tussen de Liga en de kringen, of tussen de kringen van de Liga onderling, dient gericht te worden aan de correspondentie adressen. De briefwisseling kan gebeuren per normale post, fax of e-mail. Communicatie via e-mail geniet de voorkeur.

Art. 7: De bij de Liga aangesloten kringen dienen bij het bestuursorgaan jaarlijks, de juiste samenstelling mee te delen van hun bestuur voor het lopend dienstjaar (functie, naam, voornaam, adres, telefoon, fax en e-mail).

Zij zijn tevens verplicht elke wijziging in de samenstelling van hun bestuur binnen de veertien dagen aan het bestuursorgaan te melden, via de secretarisdoor middel van de nodige documenten die door laatstgenoemde ter beschikking worden gesteld..

Door de Liga kan enkel die persoon in zijn bestuursfunctie erkend worden welke zij of hij uitoefent in zijn/haar kring.

Hoofdstuk II: ALGEMENE VERGADERING

Art. 9: De jaarlijkse Algemene Vergadering van de Liga wordt gehouden zoals beschreven in artikel 16 van de statuten.

Indien de dagorde te uitgebreid is, wordt een tweede Algemene Vergadering gehouden. De jaarlijkse verkiezing van de bestuurders en de goedkeuring van de jaarrekening van het voorbije boekjaar alsmede de begroting van het volgende boekjaar dienen echter in op de dagorde van de jaarlijkse Algemene Vergadering te staan.

De Algemene Vergadering wordt gehouden op de maatschappelijke zetel van de Liga.

Art. 10: De uitnodiging voor de Algemene Vergadering bevat minimaal de volgende gegevens:

– de eventuele voorstellen tot wijziging van de Statuten, het Intern Reglement of elk ander voorstel dat tot de uitsluitende bevoegdheid van de Algemene Vergadering behoort;

– oproep tot kandidaten voor een bestuursfunctie.

Art. 11: Kandidaturen voor een bestuursfunctie dienen voorafgaand aan de Algemene Vergadering bij de voorzitter schriftelijk toe te komen.

Art. 12: De dagorde van de jaarlijkse Algemene Vergadering bevat noodzakelijkerwijze:

– controle van de volmachten;

– de goed- of afkeuring van het verslag van de vorige Algemene Vergadering;

– de goed- of afkeuring van het verslag van eventuele bijzondere of bijkomende Algemene Vergaderingen, gehouden sinds de vorige Algemene Vergadering;

– het verslag van de aangestelde bestuurders;

– de verlies- en winstrekening en de balans van het afgelopen boekjaar;

– de begroting voor het volgende boekjaar;

– eventuele voordracht van nieuwe kringen;

– de verkiezing van het bestuursorgaan;

– verkiezing van de voorzitter van de Tucht- en Beroepscommissie en zijn plaatsvervanger;

– eventuele verkiezing van ereleden;

– schriftelijke voorstellen van de kringen;

– rondvraag.

Art. 13: De kringen worden op de Algemene Vergadering van de Liga rechtstreeks vertegenwoordigd door hun voorzitter of door één of meer daartoe gemandateerde personen, mits zij dit schriftelijk staven, ten laatste voor aanvang van de vergadering.

Art. 14: Bij aanvang van de Algemene Vergadering worden twee stemopnemers en twee rekeningtoezichters aangeduid.

Art. 15: Stemmingen over kringen of personen dienen steeds geheim te geschieden.

Art. 16: Het verslag van de Algemene Vergadering wordt binnen de twee maanden aan alle kringen bekendgemaakt.

Art. 17: Een bijzondere Algemene Vergadering kan door het bestuursorgaan samengeroepen worden telkens zij dit nodig acht.

Hoofdstuk III: BESTUURSORGAAN

Art. 18: Het bestuursorgaan vergadert minstens vier keer per jaar.

Art. 19: De leden worden voor de vergaderingen van het bestuursorgaan door de secretaris minstens acht dagen op voorhand schriftelijk uitgenodigd. De uitnodiging vermeldt de dagorde, plaats en tijdstip van de vergadering.

Art. 20: Het verslag van een vergadering van het bestuursorgaan wordt binnen de veertien dagen aan de leden van het bestuursorgaan bekendgemaakt.

Art. 21: De verslagen van het bestuursorgaan dienen door de secretaris binnen de veertien dagen na hun goedkeuring verzonden aan de Informatieverantwoordelijke en bij ontbreken hiervan aan de correspondent(en) van de kringen. Het verslag van de secretaris geldt als kennisgeving voor alle besluiten van het bestuursorgaan.

Het archief van de goedgekeurde verslagen wordt bewaard op de maatschappelijke zetel.

Art. 22: De bij het bestuursorgaan aanhangig gemaakte geschillen tussen:

a) kringen en het bestuursorgaan
b) schakers en het bestuursorgaan

worden beslecht door de Tucht/Beroepscommissie. Haar samenstelling, bevoegdheden en werkingsmodaliteiten worden omschreven in de artikels 51 tot 69 van het Intern Reglement.

c) kringen van de Liga onderling
d) kringen en schakers van de Liga
e) schakers van de SchaakLiga Antwerpen onderling

worden beslecht door het bestuursorgaan, dat het geschil na beraadslaging kan doorverwijzen naar de Tucht/Beroepscommissie.

Art. 23: In geval de omstandigheden dit rechtvaardigen, kan door het bestuursorgaan een strafbepaling worden uitgesproken tegen kringen en schakers volgens de bepalingen opgenomen in de artikels 70 tot 75 van het Intern Reglement.

Hoofdstuk IV: SAMENSTELLING VAN HET BESTUURSORGAAN

Art. 24: De functies van voorzitter, penningmeester, secretaris, toernooileider en jeugdleider niet cumuleerbaar. Naast voormelde functies kan de Algemene Vergadering bijkomende bestuurders benoemen al dan niet met een specifieke taak.

Art. 25: De bestuurders zijn na hun bestuursperiode herkiesbaar. De mandaten hierna beschreven in een even artikel vervallen in de even jaren, die in een oneven artikel in de oneven jaren.

Art. 26: Een lid van het bestuursorgaan kan ontslag nemen als bestuurder ia communicatie te richten aan de voorzitter en/of secretaris met de vraag tot ontslag.

Art. 27: Een bestuurder kan een volmacht geven aan een andere bestuurder. Een bestuurder kan echter slechts volmachtdrager zijn van maximum één volmacht.

Art. 28: De Voorzitter:

Zijn voornaamste rol bestaat er in de stipte naleving van de Statuten en het Intern Reglement te handhaven en op de goede werking van de Liga. Hij is voorzitter van alle vergaderingen van de Liga.

Art. 29: De Ondervoorzitter:

Vervangt automatisch de voorzitter bij diens afwezigheid, met alle bevoegdheden en machten aan het voorzitterschap verbonden.

Bij beslissing van het bestuursorgaan kunnen bepaalde taken aan hem worden toegewezen.

Art. 30: De Penningmeester:

Ontvangt de bijdragen en is belast met de betaling der uitgaven in overeenstemming met de begroting, goedgekeurd door de Algemene Vergadering.

Ter voorbereiding van het nieuw maatschappelijk jaar stelt hij een ontwerp van begroting op, dat na voorafgaandelijk goedkeuring door het bestuursorgaan aan de Algemene Vergadering ter goedkeuring wordt voorgelegd.

Op het einde van elk boekjaar maakt hij de rekeningen op en onderwerpt ze ter goedkeuring aan het bestuursorgaan, de rekeningtoezichters, en daarna aan de Algemene Vergadering.

Op elke vergadering van het bestuursorgaan is hij gehouden verslag uit te brengen over de kastoestand van de Liga.

Art. 31: De Secretaris:

Is gelast met de algemene briefwisseling van de Liga en het bewaren van de archieven. Hij stelt de verslagen op van de vergaderingen van de Liga. Hij schrijft en verzendt in samenspraak met de voorzitter de oproepingen tot deze vergaderingen, alsmede de dagorde.

Van elke vergadering van het bestuursorgaan, van het Dagelijks Bestuur of van de Algemene Vergadering wordt door de secretaris een verslag opgemaakt Dit verslag dient op de eerstvolgende vergadering van het desbetreffende orgaan te worden voorgelegd ter goedkeuring. Het wordt bewaard in een speciaal daartoe bestemd register en vormt samen met de andere documenten het archief van de Liga.

Art. 32: De Toernooileider:

Dient steeds een wedstrijdleider te zijn, aangesloten bij een kring van de Liga.

Is gelast met de leiding en de controle van de Ligatoernooien en -wedstrijden. Hij boekt de uitslagen. Hij zorgt voor de stipte uitvoering van de toernooi- en wedstrijdvoorschriften. Hij beslecht in eerste instantie alle geschillen welke tijdens een wedstrijd in welke vorm ook zouden voorkomen en brengt hierover schriftelijk verslag uit op de eerstvolgende vergadering van het bestuursorgaan. Hij controleert de aansluiting van alle spelers, ingeschreven voor een wedstrijd of toernooi, ingericht door de Liga, en past de desbetreffende voorschriften toe.

Eventueel kan hij één of meer van voormelde taken overdragen aan een actieve wedstrijdleider.

Hij zetelt  in de Toernooi Advies Commissie (hierna T.A.C. genoemd) en zal hiertoe steeds uitgenodigd worden.

De beslissingen van de toernooileider zijn onmiddellijk uitvoerbaar. Hiertegen kan schriftelijk beroep worden aangetekend uiterlijk tot de achtste dag na die beslissing. Om ontvankelijk te zijn, dient elk beroep te worden gericht tot de Liga voorzitter, de secretaris en de toernooileider.

Art. 33: De Jeugdleider:

Heeft tot taak de schaakactiviteiten van de jeugdspelers der Liga te stimuleren en speciaal daartoe bestemde wedstrijden of toernooien in te richten. Hij voert alle acties uit welke door het bestuursorgaan worden goedgekeurd ten einde het schaken onder de jeugd te verbreiden. Hij doet hiertoe de nodige voorstellen aan het bestuursorgaan en neemt de gepaste initiatieven . Hij onderhoudt de nodige correspondentie met de jeugdleiding van V.S.F. v.z.w. en K.B.S.B. v.z.w. en zorgt voor de nodige informatie aan de aangesloten kringen van de Liga betreffende alle schaakactiviteiten in binnen- en buitenland waarvoor jeugdspelers in aanmerking komen.

Art. 34: De Verantwoordelijke Kadervorming:

Dient steeds een wedstrijdleider te zijn, aangesloten bij een kring van de Liga. Hij zal minstens categorie B bezitten, en als wedstrijdleider actief zijn.

Is voorzitter van alle vergaderingen van de T.A.C. (zie hoofdstuk V), roept deze samen zoals bepaald in hun reglement van inwendige orde, en brengt hierover verslag uit bij het bestuursorgaan op haar eerstvolgende vergadering.

Hij is verantwoordelijk voor alle voorgestelde aanpassingen van de wedstrijdreglementen en houdt deze actueel bij.

Hij zorgt tevens dat alle bij de T.A.C. aangesloten wedstrijdleiders tijdig op de hoogte gebracht worden van aanpassingen en eventuele nieuwe reglementen uitgegeven door FIDE en K.B.S.B./V.S.F. en de Liga.

Hij houdt contact met de V.S.F. kadervorming en richt in samenwerking met deze laatste cursussen en/of informatiesessies in voor wedstrijdleiders in de Liga.

Hij kan zich indien nodig laten vertegenwoordigen door de Ligatoernooileider, en zal met deze steeds nauw samenwerken.

Hij dient de aanvragen voor een categorieverhoging van wedstrijdleider, na gunstig advies van de T.A.C. en na goedkeuring hiervan door het bestuursorgaan, in bij de V.S.F. Hij helpt nieuwe arbiters die dit wensen met het bekomen van een F.I.D.E.-licentie.

Hoofdstuk V: TOERNOOI ADVIES COMMISSIE

ALGEMENE BEPALINGEN

Art. 41: De T.A.C. is een adviserend orgaan, bevoegd voor alle zaken welke haar door het bestuursorgaan toegewezen worden.

SAMENSTELLING

Art. 42: De T.A.C. staat onder het voorzitterschap van de verantwoordelijke kadervorming van de Liga. Hij zit de vergaderingen voor en is verantwoordelijk voor alle correspondentie.

Art. 43: De T.A.C. is verder samengesteld uit alle door Vlaamse Schaak Federatie v.z.w., Koninklijke Belgische SchaakBond v.z.w. of FIDE gediplomeerde wedstrijdleiders, welke lid zijn van de Liga.

Art. 44:A. Elk jaar dient de verantwoordelijke kadervorming in de loop van de maand november een bijeenkomst te houden van de wedstrijdleiders van de Liga.

B. Tijdens diezelfde bijeenkomst wordt een Dagelijks Bestuur T.A.C. samengesteld, bestaande uit de verantwoordelijke kadervorming en twee zich kandidaat stellende wedstrijdleiders van de Liga alsmede de Ligatoernooileider.

C. Tijdens deze bijeenkomst van de T.A.C. zullen de wedstrijdleiders op de hoogte gesteld worden van de wijzigingen en nieuwe reglementen die in voege treden. Wedstrijdleiders welke in twee jaar geen enkele bijeenkomst bijwonen zullen automatisch op non-actief gesteld worden. Zij kunnen terug als actief beschouwd worden volgens de modaliteiten vastgelegd door het bestuursorgaan.
D. Voor aanvragen van categorie verhoging dient een verslag binnen de 14 dagen na afloop van elke activiteit aan de voorzitter van de T.A.C. gestuurd te worden.

Art.45: De vergaderingen zijn besloten. De verantwoordelijke kadervorming kan echter steeds beslissen derden mee uit te nodigen.

BEVOEGDHEDEN

Art. 46: De Toernooi Advies Commissie geeft advies aangaande wedstrijdreglementen aan het bestuursorgaan of de Algemene vergadering.

Art. 47: Het Dagelijks Bestuur van de T.A.C. kan als beroepskamer zetelen voor betwistingen in alle Ligatoernooien.

Art. 48: Het Dagelijks Bestuur van de T.A.C. vergadert wanneer dit noodzakelijk is of op vraag van het bestuursorgaan en beslist over de samenroeping van alle wedstrijdleiders van de Liga, indien zij zulks nodig acht.

Art. 49: De T.A.C. beslist bij gewone meerderheid over haar interne werkingsregelen.

Art.50: De T.A.C. brengt een gunstig of ongunstig advies uit bij aanvragen voor benoemingen van wedstrijdleiders in een hogere categorie.

Hoofdstuk VI: TUCHT EN BEROEPSCOMMISSIE

ALGEMENE BEPALINGEN

Art.51: De Tucht- en Beroepscommissie is bevoegd voor alle zaken welke haar, overeenkomstig artikel 22 toegewezen worden.

Art. 52: Samen met het verzoek tot behandeling van de zaak, zal aan de voorzitter van de Tucht- en Beroepscommissie een zo volledig mogelijk dossier overgemaakt worden.

SAMENSTELLING

Art. 53: De Tucht- en Beroepscommissie staat onder voorzitterschap van een voorzitter of erevoorzitter van een kring die elk jaar tijdens de Algemene Vergadering van de Liga verkozen wordt. Bij dezelfde gelegenheid wordt ook een plaatsvervanger verkozen, die als voorzitter optreedt, wanneer de voorzitter zelf verhinderd is of betrokken partij in het geschil is.

Art. 54: De voorzitter of zijn vervanger stelt de Commissie samen en is voorzitter van de vergaderingen van de Tucht- en Beroepscommissie.

Art. 55: De Tucht- en Beroepscommissie wordt door de voorzitter samengesteld uit alle bij de Liga aangesloten voorzitters en ere-voorzitters die geen deel uitmaken van het bestuursorgaan, noch van de Toernooi Advies Commissie van de Liga.

Art. 56: De voorzitter kiest vier voorzitters of erevoorzitters uit vier verschillende kringen die niet betrokken zijn bij het hem voorgelegde geschil.

Art. 57: De Tucht- en Beroepscommissie dient te vergaderen binnen de drie weken na de datum waarop het verzoek tot behandeling van een geschil toegestuurd is aan de voorzitter van de Tucht- en Beroepscommissie.

Art. 58: De leden van de Tucht- en Beroepscommissie worden voorafgaandelijk door de voorzitter in bezit gesteld van het op dat ogenblik in zijn bezit zijnde dossier en/of andere gegevens met betrekking tot het geschil.

Art. 59: Ten laatste één week voor de eerste samenkomst van de Commissie dient de voorzitter de samenstelling ervan schriftelijk mee te delen aan de voorzitter van de Liga en de betrokken partijen.

Art. 60: De vergaderingen van de Tucht- en Beroepscommissie zijn besloten. De in het geschil betrokken partijen hebben het recht gehoord te worden door de Tucht- en Beroepscommissie. Zij mogen zich laten bijstaan door een raadsman.

BEVOEGDHEDEN

Art. 61: Behoudens de bepalingen in artikel 68 en 69 neemt de Tucht- en Beroepscommissie bindende beslissingen in alle haar toegewezen zaken. In al haar beslissingen dient de commissie rekening te houden met de Statuten, het Intern Reglement alsook de Wedstrijdreglementen van de Liga.

Art.62: Minstens drie van de vier gekozen leden (voorzitters) dienen op de vergadering van de Tucht- en Beroepscommissie aanwezig te zijn om het quorum te bereiken en rechtsgeldig te kunnen stemmen.

Art. 63: De stemmen kunnen alleen door ter plaatse aanwezige leden uitgebracht worden. Geen enkele schriftelijk stem kan voor de stemming in aanmerking komen.

Art. 64: Een lid welke de bijeenkomst voor het opnemen van de stemmen verlaat, kan geen voorafgaandelijk stem of volmacht hiertoe uitbrengen.

Art. 65: Wanneer het quorum van de vergadering van de commissie na het verlaten van een gekozen lid niet meer bereikt is, dient door de leden binnen vijf dagen een nieuwe bijeenkomst gehouden te worden, waarop de stemming kan geschieden.

Art. 66: De Tucht- en Beroepscommissie beslist bij gewone meerderheid; bij staking van de stemmen beslist de voorzitter.

Art. 67: De voorzitter van de Tucht- en Beroepscommissie brengt binnen de vijf dagen na de vergadering de partijen en de voorzitter van de Liga op de hoogte van de door de Commissie getroffen beslissingen.

Art. 68: Beroep tegen een beslissing van de Tucht- en Beroepscommissie is slechts mogelijk bij de Algemene Vergadering van de Liga, te contacteren via haar voorzitter binnen de maand na betekening van de uitspraak. Deze vergadering moet gehouden worden binnen de drie maand na de uitspraak van de commissie.

Art. 69: Elk beroep schort de beslissing en de eventuele sanctie van de Commissie op tot na de uitspraak in beroep.

Hoofdstuk VII: STRAFBEPALINGEN

ALGEMENE BEPALINGEN

Art. 70: Het bestuursorgaan van de Liga zal steeds trachten:

–        Alle geschillen onderling te regelen tot tevredenheid van elke partij, teneinde straf- en tuchtmaatregelen te vermijden;

–        Alleen dan straf- en tuchtmaatregelen uit te spreken, wanneer duidelijk blijkt dat er moedwil, weerspannigheid of onwil of wat hiermede gelijk staat, bestaat bij de betrokken partij(en) om zich neer te leggen bij een besluit of het aanvaarden van de Statuten en/of reglementen van de Liga.

Art. 71: De hoogste instantie in de Liga voor het aantekenen van beroep is de Algemene Vergadering.

Beroep kan ingediend worden aan de voorzitter en/of secretaris van de Liga.

In geval van beroep bij de Algemene Vergadering dient deze vergadering gehouden te worden binnen de drie maanden volgend op datum van het aangetekend schrijven.

Art. 72: Geen enkele strafmaatregel mag uitgesproken worden, indien deze maatregel een rechtstreekse inbreuk is op de Statuten van de Liga, de Vlaamse Schaak Federatie v.z.w. of de Koninklijke Belgische SchaakBond v.z.w.

SOORTEN STRAFMAATREGELEN

Art.73: Door het bestuursorgaan kunnen volgende maatregelen genomen worden:

A. Betreffende de kringen aangesloten bij de Liga:

–        Schorsing van een kring bij de Liga voor deelname aan een bepaalde of alle activiteiten van de Liga, zowel als kring of als ploeg;

–        Opleggen van een geldboete;

–        Boetes, schorsingen en forfaits zoals bepaald in de gangbare en de terzake geldende reglementering.

B. Betreffende schakers aangesloten door of bij een kring van de Liga:

–        Schorsing van een schaker voor deelname aan een bepaalde of alle activiteiten van de Liga, zowel individueel als in een ploeg;

–        Opleggen van een geldboete;

–        Boetes, schorsingen en forfaits zoals bepaald in de gangbare en de terzake geldende reglementering.

C. Betreffende verantwoordelijkheid van kringen en hun spelers aangesloten bij de Liga:

–        Elke kring ontvangt een factuur betreffende zijn financiële verplichtingen aan de Liga. Bij het niet tijdig voldoen van zijn financiële verplichtingen aan de Liga wordt er een verwittiging aan de kring toegestuurd en dient deze kring zijn verplichtingen onmiddellijk na te komen. Wanneer er meermaals een verwittiging aan een kring dient verstuurd te worden over dezelfde of een andere verplichting, dan kan het bestuursorgaan beslissen om die club voor onbepaalde duur te sanctioneren. Deze beslissing wordt vermeld in het verslag van het bestuursorgaan en de club wordt hiervan zowel per e-mail als per brief op de hoogte gebracht.
Deze sanctie bepaalt dat die club het recht verliest om te wachten tot ontvangst van de factuur. De club dient voortaan in orde te zijn met zijn financiële verplichtingen, voordat die club bijvoorbeeld kan deelnemen aan competities of voordat bijvoorbeeld de ledenaansluitingen in orde gebracht kunnen worden. Zij dient dus voortaan te betalen bij inschrijving aan competities of bij indienen van ledenaansluitingen. Wanneer dit niet gebeurt, kan dit dus voor die club en spelers als gevolg hebben dat de aansluiting niet in orde kan gebracht worden en zij aan geen enkele competitie kunnen deelnemen.

–        Bij het niet voldoen van zijn financiële en/of administratieve verplichtingen aan de Liga, wordt de kring een boete opgelegd welke gelijk is aan 50% van de Ligabijdrage, wordt de kring geschorst totdat hij zijn financiële en/of administratieve verplichtingen nagekomen is;

Ingeval een schorsing en/of boete uitgesproken wordt tegen een kring, dienen alle leden van de laatst gekende ledenlijst van die kring bij de Liga met een persoonlijk aan hen gericht schrijven in kennis gesteld van de genomen maatregel.

RECHTEN EN VERHAAL

Art. 74: Geen enkele straf kan uitgesproken worden zonder dat de betrokken perso(o)n(en) en/of kring daadwerkelijk en tijdig werd uitgenodigd voor een verhoor.

Elke betrokken persoon of afgevaardigde van een kring mag zich door een raadsman laten bijstaan.

Geen enkel minderjarig lid van een kring aangesloten bij de Liga, kan gehoord worden zonder dat ofwel zijn wettelijke vertegenwoordiger, ofwel een volwassen gemandateerde aanwezig is.

Elke kring of persoon heeft steeds recht op beroep.

Art. 75: Alle door het bestuursorgaan uitgesproken straffen, dienen binnen de veertien dagen gepubliceerd te worden in ofwel:

– op de website van de Liga;

– In een bestuurlijke mededeling welke gericht wordt aan de contactpersonen, bekend bij de verantwoordelijke ledenadministratie..

Hoofdstuk VIII: WEDSTRIJDREGLEMENTEN

Art. 76: Behoudens de spelregels en voorschriften van hogere instanties en de FIDE, worden de wedstrijden en toernooien, door de Liga ingericht, bestuurd door bijzondere reglementen, in opdracht van het bestuursorgaan uitgewerkt en bijgehouden door de T.A.C. Zij dienen minstens drie weken voor het afsluiten van de inschrijvingen voor wedstrijden of toernooien door de toernooileider bekend gemaakt te worden.

Hoofdstuk IX: ONTBINDING

Art. 77: Bij ontbinding van de Liga worden de bezittingen bij voorkeur overgedragen aan een vereniging met een gelijkaardig doel binnen hetzelfde werkingsgebied en dit volgens een beslissing van de Algemene Vergadering.

Bestuur

Voorzitter

Patrick Van De Perre, 0472/90 00 36, ondervoorzitter@schaakliga-antwerpen.infosecretaris@schaakliga-antwerpen.info

Secretaris

Van Tichelen Bart, 0499/80.24.87, voorzitter@schaakliga-antwerpen.info

Penningmeester

Steven Bogaert, 0473 45 34 92 – penningmeester@schaakliga-antwerpen.info

Toernooileider

Tobias Verhulst – GSM: +32 (0)484 65 30 91 – tornooileider@schaakliga-antwerpen.info

Jeugdleider

Ben Dardha, jeugdleider@schaakliga-antwerpen.be

Medewerkers

Materiaalmeester
Arthur Duré, 03 239 71 48 – materiaalmeester@schaakliga-antwerpen.info

Schoolschaak
Philippe Vukojevic, 082 664 517 – schoolschaak@schaakliga-antwerpen.info

Ereleden

Louis Corbeel

Peter Beeckmans

Robert Schuermans

vzw

Maatschappelijke Zetel: Huis van de Sport, Boomgaardstraat 22 bus 40, B-2600

Berchem – ondernemingsnummer 0463.707.807

IBAN: BE82 7330 1712 4368

BIC: KREDBEBB

3. Liga West-Vlaanderen vzw

Maatschappelijke zetel: St. Pieterszuidstraat 28,  8000 Brugge

Rekeningnummer: Op naam van Rudy Defour: 001-2353763-37

Statuten

Hoofdstuk 1: Naam, zetel, doel en duur

Art. 1 De naam van de vereniging luidt “West-Vlaamse Schaakliga”. afgekort “WVSL”

Art. 2 De maatschappelijke zetel van de verenlging is gevestigd in de provincie West-Vlaanderen.

Alleen de rechtbanken van het gerechtelijk arrondissement waarin de zetel van de vereniging gevestigd is, zijn bevoegd bij elke juridische procedure

Art. 3 De maatschappelijke zetel van de vereniging is gevestigd in de St, Pieterszuidstraat 28, 8000 Brugge die ressorteert onder het gerechtelijk arrondissement Brugge

Art. 4 De West-Vlaamse Schaakliga heeft tot doel de schaaksport in West-Vlaanderen in al haar facetten te bevorderen en kan hiervoor alle wettelijke daden stellen die zij nodig acht

De vzw maakt geen deel uit van organisaties van politieke, godsdienstige of filosofische aard, zij aanvaardt in haar de principes en de regels van de democratie en tevens de rechten van het kind en het Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden er van welke zij onderschrijft en uitdraagt

Art 5 De vereniging is opgericht voor onbepaalde duur

Hoofdstuk 2: De effectieve leden van de vereniging

Art. 6 De WVSL vzw werd op 05 maart 2011 ult de feitelijke vereniging Liga West-Vlaanderen opgericht in 1950. 0e VWSL vzw wordt door onderstaande stichters opgericht.

Vandamme François, Bauwensplein 10 bus 1, te 8400 Oostende

Clevers Marc, St Pieterszuidstraat 28 te 8003 Brugge

Denduyver Bart, Zevekoteheirweg 12 te 8470 Gistel.

Defour Rudy, Bosweg 8 bus 5 te 8400 Oostende

Eduard Vertenten, Stationstraat 56 te 8020 Oostkamp.

Art. 7 De vereniging telt minimaal drie effectieve leden (schaakclubs). hierna “lid” of “leden” genoemd De term “lid” of “leden’ slaat enkel op de effectieve leden van de vereniging.

Art. 8 Aansluiting van leden

Kandidaat leden, zijnde natuurlijke- of rechtspersonen, dienen hun kandidatuur tot hun toetreding schriftelijk of elektronisch via mail in te dienen op de maatschappelijke zetel van de vereniging. Als natuurlijke personen worden aanzien de leden van feitelijke verenigingen. Een feitelijke vereniging kan enkel lid zijn van de vzw bij persoonlijke vertegenwoordiging van één van haar leden en die ten persoonlijke titel lid is van de vzw. In dit geval zijn die schaakkringen die geen rechtsbekwaamheid bezitten lid in hoofde van hun voorzitter en zijn de bestuurders en leden van betreffende schaakkring samen met hem solidair en ondeelbaar verantwoordelijk voor de engagementen door deze genomen voor zijn schaakkring.

Het bestuursorgaan zal op basis van de ingediende aanvraag en beschikbare gegevens voorlopig beslissen over de toetreding. Het bestuursorgaan kan tussen twee algemene vergaderingen maximaal drie nieuwe effectieve leden laten toetreden. De eerstvolgende algemene vergadering dient de toelating te bevestigen.

Art. 8 Bis Uittreding van leden

Leden die wensen uit te treden dienen dit schriftelijk 0f elektronisch via mail mede te delen aan de maatschappelijke zetel van de vereniging ter attentie van het bestuursorgaan

Art. 8 Ter Uitsluiting van een lid.

De uitsluiting van een lid kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken indien dit punt deel uitmaakt van de agenda en tenminste een meerderheid heeft van twee derde van de aanwezige of vertegenwoordigde Stemmen,

Art 9 Leden die niet tijdig — dit is binnen de 30 dagen na ontvangst van de door de vereniging regelmatig opgestelde factuur — hun lidmaatschapsbijdrage betalen worden geacht uit de vereniging te treden Mogelijks kan de uitsluitingsprocedure zoals voorzien in art 20 (7°) in gang worden gesteld.

Art 10 Een lid dat ontslag neemt of wordt uitgesloten kan geen aanspraak maken op het patrimonium van de vereniging en kan betaalde bijdragen niet terugvorderen.

Hoofdstuk 3: De toegetreden leden

Art. 11 De verenlging telt als toegetreden leden (schaaksportbeoefenaars) alle sportbeoefenaars die zich via een lokale vereniging op een reglementaire manier aansluiten bij de vereniging. Toegetreden leden hebben geen stemrecht op de algemene vergadering. Ze zijn enkel aangesloten als “toegetreden” om te genieten van de activiteiten die de vereniging organiseert

Art. 12. Toetreding van een sportbeoefenaar

Sportbeoefenaars die als toegetreden lid wensen deel uit te maken van de vereniging dienen zich op een reglementaire wijze aan te sluiten bij een erkende lokale stemgerechtigde vereniging of in naam van een natuurlijke die lid is (feitelijke verenging) en te voldoen aan alle administratieve verplichtingen van de vereniging .

Art 12 Bis Uitsluiting van een sportbeoefenaar — Toegetreden lid.

De uitsluiting van een sportbeoefenaar kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken indien dit punt deel uitmaakt van de agenda. De beslissing over de uitsluiting wordt genomen in een geheime stemming op basis van een gemotiveerd advies dat door de aanvrager voor uitsluiting dient opgesteld te worden. De uitsluiting gebeurt indien meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen het voorstel tot uitsluiting steunen

Art. 13 Toegetreden leden kunnen gebruik maken van de aangeboden faciliteiten van de vereniging en deelnemen aan de activiteiten die voor hen worden ingericht door de vereniging of de overkoepelende organisaties.

Hoofdstuk 4: De algemene vergadering

Art 14 De algemene vergadering wordt bijeengeroepen in de maand september. oktober of november.

Een algemene vergadering wordt eveneens bijeengeroepen indien ten minste één vijfde van de leden of drie bestuurders dit vragen. Het is de expliciete taak van het bestuursorgaan die beslist over de bijeenroeping van de algemene vergadering. De jaarlijkse algemene vergadering zal steeds plaatsvinden binnen de drie maanden na afsluiting van het boekjaar die loopt van één september tot 31 augustus.

Art 15 Tenminste vier weken voor de algemene vergadering wordt de uitnodiging met de vermelding van de voorlopige dagorde via elektronische mail verzonden naar de leden. De definitieve dagorde wordt tenminste 8 kalenderdagen voor de vergadering, dit met inbegrip van de aangebrachte agendapunten door leden en BO met de nodige toelichting, inclusief de amendementen die zijn toegevoegd, de verslagen van de bestuurders. evenals de adviezen van het bestuursorgaan en desgevallend het verslag van de commissarissen of rekeningtoezichters. de verlies- en winstrekening en de begroting naar de leden via elektronische mail verzonden

Art. 16 Leden die een punt op de agenda wensen te plaatsen dienen dit met de nodige toelichting uiterlijk twee weken voor de vergadering hetzij schriftelijk hetzij vla elektronische weg kenbaar te maken op de maatschappelijke zetel van de vereniging. Eén twintigste van de effectieve leden kunnen een uitbreiding van de agenda vragen zonder dat zij hiervoor een toelichting of verantwoording moeten geven.

Art 17 De huidige voorzitter of secretaris worden aanzien als de geldige gemandateerden van een kring of feitelijke vereniging, Zij kunnen zich evenwel steeds laten vertegenwoordigen mits een volmacht van de voorzitter bij voorkeur of secretaris van de schaakkring of de voorzitter bij voorkeur of secretaris van de feitelijke vereniging.

Art 17 bis De leden kunnen zich op de algemene vergadering laten vertegenwoordigen door een ander lid of toegetreden lid van de vereniging. De volmachtdrager kan evenwel slechts twee andere leden vertegenwoordigen. Daarenboven mag dit niet tot gevolg hebben dat één lid de meerderheid zou bekomen op de algemene of buitengewone algemene vergadering

Art 18 Aan elke kring of vertegenwoordiger van een kring of vertegenwoordiger van een feitelijke vereniging wordt op de algemene vergadering 1 stem per 10 sportbeoefenaars of breuk ervan die zij vertegenwoordigen toegekend. Het aantal stemmen die iedere kring kan uitbrengen volgens zijn leden wordt genomen bij afsluiting van het vorig boekjaar vermeld in het intern reglement en is geldig voor de gehele loop van het daarop volgend jaar

Art. 19 Bij het nemen van besluiten mag niet afgeweken worden van de verdeelde dagorde, tenzij met unanieme aanvaarding van de aanwezige of vertegenwoordigde leden

Art 20 Een besluit van de algemene vergadering is vereist voor:

1° de wijziging van de Statuten en het intern reglement;

2° de benoeming en de afzetting van de bestuurders

3° de benoeming en de afzetting van de commissarissen of rekeningtoezichters en het bepalen van hun bezoldiging ingeval een bezoldiging wordt toegekend.

4° de kwijting aan de bestuurders en de commissarissen of rekeningtoezichters;

5° de goedkeuring van de balans en begroting van de rekening;

6° de ontbinding van de vereniging:

7″ de uitsluiting van een lid;

de uitsluiting van een toegetreden lid. in tegenstelling met een lid is hier een gewone meerderheid voldoende;

9° de vaststelling van de lidmaatschapsbijdrage die de effectieve leden dienen te betalen per schaakbeoefenaar die zij vertegenwoordigen;

10° de omzetting van de vereniging in een vennootschap met een sociaal oogmerk

11° de algemene vergadering is ook bevoegd voor alle gevallen waarin de statuten het vereisen

De bevoegdheden die wettelijk toekomen aan de algemene vergadering kunnen niet overgedragen worden aan een derde.

Art 21 De algemene vergadering is rechtsgeldig samengesteld welke ook het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden is De beslissingen worden genomen met een meerderheid van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden. Deze bepalingen gelden enkel onder voorbehoud van de gevallen voorzien in de wet en de statuten

Art. 21 Bis Over een statutenwijziging en uitsluiting van een lid, kan de algemene vergadering alleen op geldige wijze beraadslagen en besluiten wanneer de wijzigingen uitdrukkelijk zijn vermeld in de oproeping en wanneer ten minste de helft van de leden op de vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Een wijziging kan alleen worden aangenomen met een meerderheid van twee derde van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden, waarbij onthoudingen indien een quorum van twee derden of meer vereist is steeds als negatieve stemmen tellen. Wanneer de wijziging betrekking heeft op het doel of de doeleinden waarvoor de vereniging is opgericht, kan zij alleen worden aangenomen met een meerderheid van vier vijfde van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden. Ingeval op de eerste vergadering minder dan de helft van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kan een tweede vergadering worden bijeengeroepen, die geldig kan beraadslagen en besluiten alsook wijzigingen aannemen met twee derden of vier vijfden ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden. De tweede vergadering mag niet binnen dertig dagen volgend op de eerste vergadering worden gehouden.

Art 22 De goedgekeurde notulen van de algemene vergadering, waarin haar beslissingen worden geacteerd, worden bunnen de zestig dagen via elektronische weg naar de leden verzonden. Derden kunnen via elektronische briefwisseling en de website van de vereniging kennis nemen van de beslissingen van de algemene vergadering.

Hoofdstuk 5: Het bestuursorgaan

Art. 23 Het bestuursorgaan bestaat uit minimaal drie personen en maximaal uit het aantal leden effectieve en vertegenwoordigde leden – 1. Het bestuursorgaan bestuurt de vereniging en vertegenwoordigt haar in en buiten rechte. Alle bevoegdheden, die de wet of de statuten niet uitdrukkelijk toekennen aan de algemene vergadering, worden toegekend aan het bestuursorgaan. De bevoegdheden die wettelijk toekomen aan het bestuursorgaan kunnen niet overgedragen worden aan een derde.

Art 24 De omvang van de bevoegdheden voor elke bestuurder wordt door de raad van in gezamenlijk overleg vastgelegd met dien verstande dat de voorzitter van het bestuursorgaan rechtstreeks door de algemene vergadering wordt gekozen.

Art. 25 Tenzij uitdrukkelijk anders wordt vastgelegd bij de omschrijving van de omvang van de bevoegdheden van de bestuurders oefenen deze hun mandaat uit als college. Het mandaat van bestuurder is onbezoldigd.

Art. 26 Het bestuursorgaan kan rechtsgeldig beslissingen nemen met een gewone meerderheid van stemmen, indien meer dan de helft van de bestuurders aanwezig is.

Art 27 De notulen van de vergaderingen van het bestuursorgaan worden op de eerstvolgende vergadering van het bestuursorgaan ter goedkeuring voorgelegd

Art. 28 Alle akten die de vereniging binden worden ondertekend door de voorzitter, of bij diens ontstentenis de plaatsvervanger, en een bestuurder. Aan alle leden Raad van Beheer en aan ieder afzonderlijk werd volmacht gegeven om in naam van de Liga West-Vlaanderen, tot herroeping door de Algemene Vergadering, alle financiële verrichtingen te maken en uit te voeren die zij denken nodig te hebben om de goede werking van de West-Vlaamse Liga vzw te blijven behouden

Art 29 Kandidaat bestuurders, evenals bestuurders wiens mandaat zal eindigen en zich opnieuw kandidaat wensen te stellen, dienen uiterlijk twee weken voor de algemene vergadering hetzij schriftelijke per post hetzij elektronisch via mail hun kandidatuur in te dienen op de maatschappelijke zetel van de vereniging De kandidaturen worden vermeld op de uitnodiging voor de algemene vergadering. De algemene vergadering beslist over de kandidatuur in een geheime stemming. De kandidaat wordt verkozen indlen deze meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen behaalt

Art, 30 Tenzij uitdrukkelijk anders beslist door de algemene vergadering wordt elke bestuurder benoemd voor een beperkte duur die eindigt op het einde van de algemene statutaire vergadering van het derde jaar volgend op het jaar van de benoeming

Art, 31 Het staat een bestuurder vrij om op elk moment zijn mandaat neer te leggen door dit schriftelijk te melden op maatschappelijke zetel van de vereniging. Indien door de ambtsbeëindlging van een bestuurder het aantal bestuurders kleiner wordt dan het door de wet of statutair voorgeschreven minimum aantal zal het ontslag weerhouden worden tot het bestuursorgaan binnen de zes weken een algemene vergadering belegd om een nieuwe bestuurder te benoemen

Art, 32 De afzetting van een bestuurder kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken indien dit punt deel uitmaakt van de agenda. De beslissing over de afzetting van een bestuurder wordt genomen in een geheime stemming. De afzetting gebeurt indien meer dan de helft van de aanwezige Of vertegenwoordigde stemmen het voorstel tot afzetting steunen

Ary 32bis Afzetting en ambtsbeëindlging van een voorzitter kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken indien dit punt deel uitmaakt van de agenda. 0e beslissing over de afzetting van een voorzitter kan enkel worden genomen in een geheime stemming. De afzetting gebeurt indien meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen het voorstel tot afzetting steunen.

Hoofdstuk 6: Gemachtigde personen

Art. 33 Het staat het bestuursorgaan vrij, met inachtneming van artikel 24, personen met een specifieke machtiging te benoemen. Hiervoor zal het bestuursorgaan op voorhand volgende punten vastleggen

1° een eenduidige omschrijving van de machtiging en de mate waarin deze personen de vereniging kunnen vertegenwoordigen.

2° in voorkomend geval de daaraan verbonden taakomschrijving;

3° voor zover het gaat cm meerdere personen, aangeven of deze alleen, gezamenlijk of als college dienen te handelen;

4° de duur van de machtiging die niet meer dan drie jaar mag bedragen zonder een expliciete herbevestiging door het bestuursorgaan;

5° een procedure voor een vervroegde beëindiging van de machtiging.

6° de afzetting en ambtsbeëindiging van een gemachtigd persoon kan door het bestuursorgaan genomen worden in een geheime stemming. Op de eerstvolgende algemene vergadering wordt dit door de algemene vergadering bevestigd in een geheime stemming indien dit punt deel uitmaakt van de agenda. 0e afzetting is effectief indien meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen het voorstel tot afzetting steunen

Hoofdstuk 7: De commissarissen of rekeningtoezichters

Art. 34 De algemene vergadering benoemt twee commissarissen of rekeningtoezichters voor de duur van het lopende boekjaar. Bij ontstentenis van een voordracht door de algemene vergadering zal het bestuursorgaan kandidaten voordragen

Hoofdstuk 8: Algemeen

Art 35 De effectieve leden of de kring die de leden vertegenwoordigt betalen een jaarlijkse bijdrage die evenredig is met het aantal toegetreden leden van het lid, Het bedrag wordt jaarlijks vastgelegd door de algemene vergadering met een maximum van 50 euro per aangesloten speler

Art. 36 Zowel effectieve als toegetreden leden leven de statuten en het intern reglement van de vereniging na

Art 37 De vereniging is aansprakelijk voor de misgrepen die kunnen toegeschreven worden aan haar bestuurders, hetzij personen of organen waar haar wil wordt uitgeoefend. Door de bestuurders wordt geen persoonlijke verbintenis aangegaan betreffende de verbintenissen die de vereniging aangaat. De verantwoordelijkheid van de bestuurders is beperkt tot het uitvoeren van de hen toevertrouwde taken volgens de zorgen van een goede huisvader,

Art. 38 De akten betreffende de benoeming of de ambtsbeëindiging van de bestuurders en van de van de gemachtigde personen vermelden hun naam, voornamen, woonplaats geboorteplaats en geboortedatum indien het natuurlijke personen betreft. Ingeval het rechtspersonen betreft bijkomend, het adres van de maatschappelijke zetel van de vereniging en het ondernemingsnummer De akten van de gemachtigde personen vermelden bovendien de omvang van hun bevoegdheden en de wijze waarop zij die uitoefenen, ofwel alleen, ofwel gezamenlijk, ofwel als college.

Art. 39 Op de zetel van de vereniging wordt door de raad van een register van de leden gehouden Dit register vermeldt de naam, voornamen en woonplaats van de leden of,  ingeval het een rechtspersoon betreft, de naam, de rechtsvorm en het adres van de zetel. Bovendien moeten alle beslissingen betreffende de toetreding, uittreding of uitsluiting van leden door toedoen van het bestuursorgaan in dat register worden ingeschreven binnen acht dagen nadat hij van de beslissing in kennis is gesteld, Alle leden kunnen op de zetel van de vereniging het register van de leden raadplegen, alsmede alle notulen en beslissingen van de algemene vergadering en het bestuursorgaan. Ook alle boekhoudkundige stukken van de vereniging moeten er ter inzage liggen.

Art. 40 Alle akten, facturen, aankondigingen, bekendmakingen en andere stukken die uitgaan van de vereniging vermelden de naam van de vereniging, onmiddellijk voorafgegaan of gevolgd door de woorden “vereniging zonder winstoogmerk” of door de afkorting “vzw”, en het adres van de zetel van de vereniging. Eenieder die in naam van de vereniging meewerkt kan persoonlijk aansprakelijk worden gesteld indien bovenstaande niet werd aangebracht voor alle of voor een gedeelte van de verbintenissen die de vereniging krachtens dit stuk heeft aangegaan.

Afl. 41 Elk jaar worden de rekeningen van het boekjaar op de datum vermeld in het intern reglement afgesloten. Ten laatste binnen de drie maanden na de afsluitingsdatum van het boekjaar, legt het bestuursorgaan de jaarrekening van het voorbije boekjaar. de begroting van het volgende boekjaar, ter goedkeuring voor aan de algemene vergadering,

Art. 42 Indien volgens het bestuursorgaan noodzakelijk, kunnen natuurlijke personen die lid zijn van de vereniging. evenals één vertegenwoordiger van elke rechtspersoon die lid is van de vereniging, uitgenodigd worden om het bestuursorgaan bij te wonen.

Art. 43 De voorzitter. de secretaris en de penningmeester zijn elk apart bevoegd, om in naam en voor rekening van de vereniging alle briefwisseling gericht aan de maatschappelijke zetel van de vereniging te ontvangen (aangetekende zendingen, telegrammen, pakjes, gerechtelijke stukken. enz.).

Hoofdstuk 9: Ontbinding van de vereniging

Art, 44 Ingeval van vrijwillige ontbinding van de vereniging benoemt de bijzondere algemene vergadering die de ontbinding heeft uitgesproken een aantal vereffenaars, bepaalt hun bevoegdheden en beslist over de aanwending van het patrimonium en de waarden van de vereniging na aanzuivering van het passief. Bij voorkeur gaat dit naar een organisatie die het schaken in het algemeen en in tweede orde naar een organisatie die het school- of jeugdschaak bevordert.

Art 45 0e algemene vergadering kan de ontbinding van de vereniging alleen uitspreken indien twee derde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en met een meerderheid van vier vijfde van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen.

Intern reglement

Niet beschikbaar

Bestuur

Ondervoorzitter:

Rudy Defour – Rudy.oostende@yahoo.com – 059 807 551 – 0485 452 288

Secretaris:

Bart Denduyver – Bart.Denduyver@pandora.be – 0496 506 176 

Penningmeester:

Guido Podevijn – gpodevijn@gmail.com – 0477 754 190

Toernooileiding:

Tom Wuyts – wuyts.tom@telenet.be – 059 250 287 – 0496 870 917

Jeugdleiding:

Glenn Dayer – glenn.dayer@skynet.be – 0496 025 501

Webmaster:

Oswald De Winne – oswald.de.winne@telenet.be – 0486 180 845

Ere-voorzitter: John Verhulst

Ere-bestuurders:

Eduard Vertenten

Herman ottevaere

+ Albert van Camp

Kurt Vantomme

4. Liga Oost-Vlaanderen vzw

Vereniging zonder winstoogmerk

Zetel: Opbrakelsestraat 37, 9660 Brakel

Ondernemingsnummer 4244.99.615  

Statuten van de vzw Liga Oost-Vlaanderen V.S.F. (zoals goedgekeurd op de bijzondere algemene vergadering van 04 december 2017)

Hoofdstuk 1: rechtsvorm, naam, zetel, doel en duur

Art. 1: rechtsvorm, benaming

De vereniging is opgericht als vzw met de naam “Liga Oost-Vlaanderen V.S.F”.

Art. 2: zetel

De maatschappelijke zetel van de vereniging is gevestigd te 9660 Brakel, Opbrakelsestraat 37, in het gerechtelijk arrondissement Oudenaarde.

Art. 3: doel en activiteiten

De vereniging heeft tot doel de schaaksport in Oost-Vlaanderen in al haar facetten te bevorderen en kan hiervoor alle wettelijke daden stellen die zij nodig acht. Zij kan hiervoor alle mogelijke initiatieven ontwikkelen zoals het inrichten van toernooien, het organiseren van opleidingen voor schakers, bestuurders, schaaktrainers, wedstrijdleiders en dergelijke. Voor de uitwerking van projecten kan de vereniging in het kader van haar doelstellingen contacten leggen met andere organisaties die gelijkaardige doelstellingen nastreven, evenals met alle mogelijke overheden of overkoepelende organisaties. In het bijzonder zal de vereniging instaan voor het organiseren van de verschillende Oost-Vlaamse schaakkampioenschappen. De Liga kan meer in het algemeen alle middelen aanwenden die tot de verwezenlijking van het doel rechtstreeks of onrechtstreekse bijdragen.

Art. 4:duur

De vereniging is opgericht voor onbepaalde duur en kan op elk moment ontbonden worden.

Hoofdstuk 2: de leden van de vereniging

Art. 5: stichters

De vereniging werd gesticht op 04 april 1982.

De stichters van de vereniging waren:

– De Simpelaere Freddy, bediende, Belg

– Wauters Guy, bediende, Belg

– Van Emmelo John, bediende, Belg

– Maes Hendrik, bediende, Belg

– Van Theemsche Etienne, leraar, Belg

– Dondelinger Jean-Pierre, bediende, Belg

– Verkouillie Richard, bediende, Belg

– De Backere Jean-Pierre, bediende, Belg

Art. 6: leden

De vereniging bestaat uit effectieve leden (schaakclubs) en toegetreden leden (schaaksportbeoefenaars). Het aantal effectieve leden is onbeperkt, maar moet ten minste 3 bedragen. De volheid van het lidmaatschap, met inbegrip van het stemrecht op de algemene vergadering, komt enkel toe aan de effectieve leden. De effectieve leden van de vereniging (natuurlijke of rechtspersonen) zijn diegene die vermeld staan op de ledenlijst die wordt bijgehouden op de zetel van de vereniging. De rechten en de verplichtingen van de toegetreden leden worden ingeschreven in een intern reglement. Zijn effectief lid: alle schaakclubs gelegen in het werkgebied van de vzw en van wie de aansluiting is aanvaard door de algemene vergadering. De woorden “lid” en “leden” (zonder verdere specificatie) betreffen in de statuten alleen de effectieve leden. De toegetreden leden worden hierna omschreven als schaaksportbeoefenaars.

Art. 7: toetreding van een nieuw lid

Kandidaat leden, zijnde natuurlijke- of rechtspersonen, dienen hun kandidatuur tot toetreding schriftelijk in te dienen op de maatschappelijke zetel van de vereniging. Het bestuursorgaan beslist over de aanvraag. De eerstvolgende algemene vergadering dient de toetreding te bevestigen.

Art. 7 bis: uittreding van leden

Elk lid kan ten allen tijde uit de vereniging treden. Leden die wensen uit te treden dienen dit schriftelijk mede te delen op de maatschappelijke zetel van de vereniging.

Art. 7 ter: uitsluiting van een lid.

De uitsluiting van een lid kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken en enkel indien dit punt expliciet deel uitmaakt van de agenda en met een meerderheid van twee derden van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen wordt goedgekeurd.

Art. 8: niet-betaling lidmaatschapsbijdrage

Leden die niet tijdig hun lidmaatschapsbijdrage betalen worden geacht uit de vereniging te treden.

Art. 9: aanspraken ontslagnemende of uitgesloten leden

Een lid dat ontslag neemt of wordt uitgesloten kan geen aanspraak maken op het patrimonium van de vereniging en kan betaalde bijdragen niet terugvorderen.

Hoofdstuk 3: De algemene vergadering

Art. 10: samenstelling, bijeenroeping

De algemene vergadering is samengesteld uit de bestuursleden, alle effectieve leden van de vereniging of hun vertegenwoordigers, en de ereleden.

Zij wordt jaarlijks bijeengeroepen voor de 30ste november, de datum van de algemene vergadering wordt vastgelegd door het bestuursorgaan en vindt bij voorkeur plaats in de maand september of de eerste week van oktober.

Een algemene vergadering wordt eveneens bijeengeroepen indien ten minste één vijfde van de leden of indien ten minste drie bestuurders dit schriftelijk aanvragen bij de voorzitter en de secretaris van de Liga. Dit is dan een buitengewone algemene vergadering.

Art. 11: wijze van bekendmaking

Tenminste twee weken voor de algemene vergadering wordt de uitnodiging met de vermelding van de dagorde per e-mail of per post verzonden naar de leden.

Art. 12: aanvulling agenda

Leden die een punt op de agenda wensen toe te voegen dienen dit uiterlijk één week voor de vergadering schriftelijk kenbaar te maken op de maatschappelijke zetel van de vereniging.

Art. 13: vertegenwoordiging

De leden kunnen zich op de algemene vergadering laten vertegenwoordigen door een ander lid of toegetreden lid van de vereniging.

De gevolmachtigde kan evenwel slechts één ander lid vertegenwoordigen. Elke aangesloten sportbeoefenaar bij een van de effectieve leden handelend buiten elk mandaat of machtiging, heeft het recht de vergaderingen bij te wonen met raadgevende stem, op voorwaarde dat hij voluit 18 jaar is.

Art. 14: stemverdeling

Aan elk lid of vertegenwoordiger van een lid wordt op de algemene vergadering 1 stem per 10 sportbeoefenaars of breuk ervan die zij vertegenwoordigen, toegekend.

Art. 15: wijzigingen dagorde

Bij het nemen van besluiten mag niet afgeweken worden van de verdeelde dagorde, tenzij met aanvaarding van de meerderheid van de aanwezige of vertegenwoordigde leden.

Art. 16: bevoegdheden

De algemene vergadering is als enige bevoegd voor:

1.       de goedkeuring van de wijziging van de statuten;

2.       de benoeming en afzetting van de leden van het bestuursorgaan;

3.       het benoemen en het afzetten van de rekeningtoezichters;

4.       de benoeming van ereleden, op voorstel van het bestuursorgaan;

5.       het verlenen van de kwijting aan de bestuurders en de

          rekeningtoezichter(s);

6.       de goedkeuring van de rekeningen en van de begroting;

6.b.     eventueel de goedkeuring van de begroting van het tweede boekjaar hier op volgend;

          7.       de goedkeuring en de bekrachtiging van de wijziging van het intern  

                        reglement;

          8.       de aanduiding van een of twee stemopnemers voor de algemene

                    vergadering;

9.       de uitsluiting van een effectief lid;

10.     de vaststelling van de lidmaatschapsbijdrage voor het volgende boekjaar die

          de effectieve leden dienen te betalen per schaaksportbeoefenaar die zij

           vertegenwoordigen;

11.     het vaststellen van de waarborgen vereist om toegang te krijgen tot het

          Recht  (Geschillencommissie en Beroepscommissie);

12.     de omzetting van de vereniging in een vennootschap met een sociaal

          oogmerk;

13.     de ontbinding van de vereniging en de benoeming van de vereffenaars;

14.     alle gevallen waarin onderhavige statuten dit vereisen.

In geval van overmacht zal het bestuursorgaan handelen naar best vermogen, ten dienste van de vereniging, en zijn beslissing ter ratificatie voorleggen aan de eerstvolgende Algemene Vergadering.

Art. 17: quorum en stemming

Tenzij anders bepaald door de wetgever of anders vermeld in de statuten is de algemene vergadering rechtsgeldig samengesteld welke ook het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden is. De beslissingen worden genomen met een meerderheid van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden.

Onthoudingen, blanco en ongeldige stemmen worden niet beschouwd als stemmen van de leden, aanwezig of vertegenwoordigd, op het moment van de stemming.

Art. 17 bis: quorum en stemming wijziging statuten

Over een statutenwijziging kan de algemene vergadering alleen op geldige wijze beraadslagen en besluiten wanneer de wijzigingen uitdrukkelijk zijn vermeld in de oproeping en wanneer ten minste twee derde van de leden op de vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

De wijziging kan alleen worden aangenomen met een meerderheid van twee derde van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden.

Wanneer de wijziging evenwel betrekking heeft op het doel of op de doeleinden waarvoor de vereniging is opgericht, kan zij alleen worden aangenomen met een meerderheid van vier vijfden van de stemmen van de aanwezige of vertegenwoordigde leden.

Ingeval op de eerste vergadering minder dan twee derde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kan een tweede vergadering worden bijeengeroepen, die geldig kan beraadslagen en besluiten ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden. De tweede vergadering mag niet binnen de vijftien dagen volgend op de eerste vergadering worden gehouden.

Art. 18: inzagerecht

De besluiten van de algemene vergadering worden gebundeld en bewaard op de maatschappelijke zetel van de vereniging. Zij zijn voor de leden ter inzage beschikbaar. Derden kunnen op de maatschappelijke zetel kennis nemen van de beslissingen.

Hoofdstuk 4: Het bestuursorgaan

Art. 19: samenstelling en bevoegdheden

Het bestuursorgaan bestaat uit minimaal drie personen. Het bestuursorgaan bestuurt de vereniging en vertegenwoordigt haar in en buiten rechte. Alle bevoegdheden, die de wet of de statuten niet uitdrukkelijk voorbehouden aan de algemene vergadering, worden toegekend aan het bestuursorgaan.

Art. 20: benoeming, functieverdeling

De leden van het bestuursorgaan worden benoemd door de algemene vergadering en zijn te allen tijde door deze afzetbaar. De bestuurders worden benoemd voor een periode van 3 jaar, maar zijn opnieuw herkiesbaar. De omvang van de bevoegdheden voor elke bestuurder wordt door het bestuursorgaan in gezamenlijk overleg vastgelegd met dien verstande dat de voorzitter van het bestuursorgaan rechtstreeks door de algemene vergadering wordt gekozen. Het bestuursorgaan kiest verder onder zijn leden ten minste een secretaris en een penningmeester.

Art. 21:vertegenwoordiging

Tenzij uitdrukkelijk anders wordt vastgelegd bij de omschrijving van de omvang van de bevoegdheden van de bestuurders oefenen deze hun mandaat uit als college en worden beslissingen van het bestuursorgaan genomen bij meerderheid van de stemmen van de aanwezige bestuurders. Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.

Art. 21 bis:

Ten opzichte van derden wordt de vereniging rechtsgeldig gebonden door de gezamenlijke handtekening van de voorzitter enerzijds en de secretaris of één van de andere bestuurders anderzijds, zonder dat deze hun macht hoeven te bewijzen.

Art. 21 ter:

Voor het uitvoeren van betalingen en het ontvangen van inkomsten kan de penningmeester binnen het kader van de begroting autonoom handelen. In geval van tijdelijke onbeschikbaarheid van de penningmeester kan het bestuursorgaan deze taak onder dezelfde voorwaarden toevertrouwen aan een andere bestuurder totdat deze taak opnieuw kan uitgevoerd worden door de penningmeester.

Art. 21 quater:

De voorzitter, secretaris en penningmeester zijn, elk voor zich, bevoegd om de correspondentie gericht aan de maatschappelijke zetel in ontvangst te nemen.

Art. 22: bezoldiging

Het mandaat van bestuurder is onbezoldigd.

Art. 23: kandidaatstelling

Kandidaat bestuurders, evenals bestuurders wiens mandaat zal eindigen en die zich opnieuw kandidaat wensen te stellen, dienen uiterlijk 2 weken voor de algemene vergadering een schriftelijke kandidatuur in te dienen op de maatschappelijke zetel van de vereniging. De kandidaturen worden vermeld op de uitnodiging voor de algemene vergadering. De algemene vergadering beslist over de kandidatuur in een geheime stemming. De kandidaat wordt verkozen indien deze meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen behaalt.

Art. 24: duur mandaat, vervanging

Tenzij uitdrukkelijk anders beslist door de algemene vergadering, wordt elke bestuurder benoemd voor een beperkte duur die eindigt op het einde van de algemene statutaire vergadering van het derde jaar volgend op het jaar van de benoeming.

Bij ontslag, schorsing of overlijden van een bestuurder zal de eerstvolgende algemene vergadering in zijn vervanging voorzien. In de tussentijd kan het bestuursorgaan in zijn midden een bestuurder aanduiden die tijdelijk de opengevallen functie waarneemt.

Art. 25: ontslag

Het staat een bestuurder vrij om op elk moment zijn mandaat neer te leggen door dit schriftelijk te melden op de maatschappelijke zetel van de vereniging. Indien door de ambtsbeëindiging van een bestuurder het aantal bestuurders kleiner wordt dan het door de wet of statutair voorgeschreven minimum aantal zal het bestuursorgaan binnen de 6 weken een algemene vergadering beleggen om een nieuwe bestuurder te benoemen. Een bestuurder die 3 achtereenvolgende vergaderingen niet verontschuldigdafwezig is wordt geacht ontslag te hebben gegeven.

Art. 26: afzetting

De afzetting van een bestuurder kan enkel door de algemene vergadering worden uitgesproken indien dit punt deel uitmaakt van de agenda. De beslissing over de afzetting van een bestuurder wordt genomen in een geheime stemming. De afzetting gebeurt indien meer dan de helft van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen het voorstel tot afzetting steunen.

Art. 27: bekendmaking

De benoeming van de leden van het bestuursorgaan en hun ambtsbeëindiging wordt openbaar gemaakt door neerlegging in het verenigingsdossier ter griffie van de rechtbank van koophandel, en van een uittreksel daarvan, bestemd om in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad te worden opgenomen.

Hoofdstuk 5: De rekeningtoezichter(s)

Art 28

De algemene vergadering benoemt een of twee rekeningtoezichter(s) voor de duur van het lopende boekjaar. Een rekeningtoezichter kan worden vergoed voor zijn onkosten.

Hoofdstuk 6: De toegetreden leden

Art. 29: definitie

De vereniging telt toegetreden leden. Hiermee zijn bedoeld: de schaaksportbeoefenaars die reglementair zijn aangesloten bij een effectief lid (schaakclub).

Art. 30: rechten

Toegetreden leden kunnen gebruik maken van de aangeboden faciliteiten van de vereniging en deelnemen aan de activiteiten die voor hen worden ingericht door de vereniging of door de overkoepelende organisaties.

Hoofdstuk 7: Andere organen

Art. 31

De vereniging beschikt over twee interne juridische organen: de Commissie voor Geschillen en de Beroepscommissie. De voorzitter van de Geschillen- en Beroepscommissie wordt door de voorzitter van de Liga aangeduid uit alle bij de Liga aangesloten leden die geen deel uitmaken van het bestuursorgaan van de Liga; het staat hem tevens vrij een “gespecialiseerd” lid aan te duiden (bv. een jurist).

De Commissie voor Geschillen behandelt de klachten van de leden (clubs/sportbeoefenaars) tegen beslissingen van de (een lid/leden van) Bestuursorgaan; en nog de geschillen tussen twee clubs onderling, tussen de clubs en de sportbeoefenaars van de Liga, tussen de sportbeoefenaars van de Liga onderling.

De Beroepscommissie behandelt in beroep de beslissingen van de Commissie voor Geschillen.

De beslissingen van de Beroepscommissie zijn bindend: tegen die beslissingen is geen verder intern beroep mogelijk.

Beide juridische commissies zijn onafhankelijke organen, ze passen in het bijzonder de statuten van de Liga Oost-Vlaanderen, de wetten, de decreten en reglementen van de openbare overheden en de nationale en internationale overkoepelende schaakorganisaties toe.

Art. 32

De leden van de vereniging en de sportbeoefenaars die zij vertegenwoordigen verbinden er zich toe slechts in rechte op te treden tegen de vereniging dan na uitputting van de hun ter beschikking staande interne rechtsmiddelen.

Hoofdstuk 8: Algemene bepalingen

Art. 33: jaarlijkse bijdrage

De effectieve leden betalen een jaarlijkse bijdrage die evenredig is met het aantal toegetreden leden van het lid. Het bedrag wordt jaarlijks vastgelegd door de algemene statutaire vergadering met een maximum van 100 euro per toegetreden lid.

Art. 34: aansprakelijkheid

De vereniging is aansprakelijk voor de fouten die kunnen toegeschreven worden aan haar bestuurders, hetzij personen of organen, waardoor haar wil wordt uitgevoerd. Door de bestuurders wordt geen persoonlijke verbintenis aangegaan betreffende de verbintenissen die de vereniging aangaan. De verantwoordelijkheid van de bestuurders is beperkt tot het uitvoeren van de hun toevertrouwde taken, volgens de zorgen van een goede huisvader.

Art. 35: begroting en rekeningen

Het boekjaar loopt van 1 september tot 31 augustus daar opvolgend.

Het bestuursorgaan stelt jaarlijks de jaarrekening en begroting op.

Na goedkeuring van de jaarrekening en de begroting legt het bestuursorgaan verantwoording af voor het beleid in het voorgaande jaar en spreekt de algemene vergadering zich uit over de kwijting aan de bestuurders en de rekeningtoezichter(s).

Art. 36: Intern Reglement

Voor de praktische toepassing van de statuten is het Intern Reglement verder van toepassing.

Hoofdstuk 9: Ontbinding van de vereniging

Art. 37

Ingeval van vrijwillige ontbinding van de vereniging benoemt de bijzondere algemene vergadering die de ontbinding heeft uitgesproken een aantal vereffenaars, bepaalt hun bevoegdheden en beslist over de bestemming van het patrimonium en het actief van de vereniging na aanzuivering van het passief. Bij voorkeur gaat dit naar een organisatie die het schaken in het algemeen bevordert en in tweede orde naar een organisatie die het school- of jeugdschaak bevordert.

De algemene vergadering kan de ontbinding van de vereniging alleen uitspreken indien twee derden van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en met een meerderheid van vier vijfden van de aanwezige of vertegenwoordigde stemmen.

Hoofdstuk 10: Eindbeschikking

Art. 38

Voor alles wat in deze statuten niet uitdrukkelijk is geregeld, zijn de wet van 2 mei 2002  betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de internationale verenigingen  zonder winstoogmerk en de stichtingen en het Intern Reglement, waarvan sprake in artikel 36 van deze statuten, van toepassing,  alsook de algemene wettelijke bepalingen. Het Intern Reglement behandelt eveneens de richtlijnen i.v.m. de privacy-wetgeving.

Intern Reglement van de Liga Oost-Vlaanderen VSF, vzw zoals goedgekeurd door de Bijzondere Algemene Vergadering van vier december 2017

Hoofdstuk I : DE LEDEN   

Art. 1 : De Schaakliga Oost-Vlaanderen VSF vzw bestaat uit effectieve leden (ook kringen genoemd) en toegetreden leden (ook schakers of schaaksportbeoefenaars genoemd).

Art. 2 : Art. 7 van de statuten is van toepassing bij toetreding van een nieuw lid. Elk kandidaat lid heeft alle rechten van een volwaardig lid, tot zijn goedkeuring als volwaardig lid tijdens de eerstvolgende Algemene Vergadering. Art. 7bis van de statuten is van toepassing bij uittreding van een lid.

Art. 3 : Schakers behorende tot de aangesloten kringen van de Schaakliga Oost-Vlaanderen VSF vzw (hierna “de Liga” genoemd) worden van rechtswege beschouwd als toegetreden leden, op voorwaarde dat ze voldoen aan de ter zake geldende reglementen van de overkoepelende organen. Tevens kan men op elk moment slechts eenmaal toegetreden lid zijn.

Art. 4 : De effectieve leden betalen jaarlijks een bijdrage, afhankelijk van de leeftijd en proportioneel met het aantal van hun toegetreden leden. De lidgelden (per leeftijds-klasse) worden elk jaar tijdens de jaarlijkse Statutaire Algemene Vergadering (zie Hoofdstuk II) vastgelegd en zijn geldig vanaf het boekjaar  volgend op deze vergadering.  De verschuldigde bijdrage aan de Vlaamse Schaakfederatie en de Oost-Vlaamse schaakliga dient te worden gestort op de rekening van de Liga op hetzelfde moment.

Het niet nakomen van deze verplichtingen kan aanleiding geven tot schorsing van het effectieve lid, waarbij al haar toegetreden leden als niet

meer aangesloten bij de overkoepelende organen worden beschouwd. Alle clubs zijn verplicht een verantwoordelijke en correspondentieadres aan de Liga mee te delen.

 Art. 5 : Alle officiële briefwisseling tussen effectieve leden onderling, of tussen deze leden en de bestuursorganen (zie Hoofdstuk IV) van de Liga dient gericht te worden aan de respectievelijke correspondentieadressen, en kan geschieden per  brief, per fax of (en) per e-mail.

Art.6 : De bestuursleden van elk effectief lid dienen toegetreden leden te zijn. Alle kringen dienen bij het begin van elk boekjaar een volledige lijst van hun bestuursleden aan de Liga mee te delen. Elke daaropvolgende wijziging dient binnen de 30 dagen aan de Liga meegedeeld te worden, en te worden aangepast op de clubfiche op de officiële site van de KBSB.

Art. 7 : Alle effectieve leden dienen hun speellokaal te hebben op grondgebied van de Provincie Oost-Vlaanderen, tenzij de Algemene Vergadering er anders over beslist, en in zoverre dit niet in tegenspraak is met de statuten en interne reglementen van de overkoepelende organen.

Hoofdstuk II : DE JAARLIJKSE (STATUTAIRE) ALGEMENE VERGADERING

Art. 8: Elk effectief lid kan zijn kandidatuur stellen om deze vergadering te organiseren. Het bestuursorgaan beslist over de toekenning ervan.  Bij afwezigheid van zulke kandidatuur is het bestuursorgaan  verplicht deze vergadering zelf te organiseren.

Art. 9 : De uitnodigingen voor deze vergadering dienen de volledige dagorde te bevatten.

Art. 10 : De dagorde moet minimaal volgende punten bevatten :

–          Controle van stemgerechtigden en  volmachten

–          Goedkeuring van het verslag van de vorige Algemene Vergadering

–          Het verslag van alle leden van het bestuursorgaan. Indien niet aanwezig kan een bestuurder zich hiervoor laten vervangen, of een schriftelijk verslag bezorgen

–          De verlies- en winstrekening en de balans van het boekjaar dat de Statutaire Algemene Vergadering voorafgaat

–          Het budget voor het volgend boekjaar

–          Het vaststellen van de lidgelden

–          Het vaststellen of bekrachtigen van de waarborg Commissie Geschillen en Beroepscommissie

–          Aanduiding van een of twee rekeningtoezichter(s)

–          Voordracht van nieuwe effectieve leden

–          Verkiezing van de leden van het bestuursorgaan

–          Verkiezing van ereleden

–          Schriftelijke voorstellen van de kringen

–          Voorstellen van wijzigingen van de Statuten/Intern Reglement met daarbij behorende teksten

–    Verkiezing of aanduiding of bevestiging van de voorzitter van de

     Geschillencommissie en Beroepscommissie en hun eventuele plaatsvervanger. 

–          Rondvraag

Art. 11 : Elk effectief lid duidt één toegetreden lid van zijn kring aan als vertegenwoordiger op deze vergadering.  Andere  leden kunnen de vergadering bijwonen, echter zonder stemrecht.

Art. 12 Bij staking van stemmen is het voorstel verworpen. Onthoudingen worden  niet in aanmerking genomen voor de berekening van de quota.

Art. 13 : Het verslag van de Algemene Vergadering wordt aan alle effectieve leden bezorgd binnen een termijn van 30 dagen.

Hoofdstuk III : DE BUITENGEWONE ALGEMENE VERGADERING

Art. 14 : Bij toepassing van artikel 10 van de statuten kan een Buitengewone Algemene Vergadering bijeengeroepen worden. Het bestuursorgaan is verplicht binnen de dertig dagen zulk een vergadering te organiseren. Art. 9, 11, 12 en 13 van dit reglement zijn van toepassing.

Hoofdstuk IV : HET BESTUURSORGAAN 

Art. 15 : De vereniging wordt beheerd door een Bestuursorgaan van minstens drie leden, die respectievelijk de functies van voorzitter, secretaris en penningmeester uitoefenen. Deze drie leden maken het Dagelijks Bestuur uit.  Alle bestuursleden brengen jaarlijks verslag uitbetreffende hun activiteiten op de Algemene Vergadering.

Zij kunnen worden vergoed voor hun onkosten.

Art. 16 : Het bestuursorgaan komt minstens zes maal per jaar samen. De uitnodigingen hiervoor worden minstens acht dagen op voorhand per email door de secretaris verzonden.

Art. 17 : Van zodra aan de minimumvereisten van art. 15 niet voldaan wordt, is de Algemene Vergadering verplicht het bestuur van de vereniging op zich te nemen.

Art. 18 : Bestuursfuncties :

a)  De voorzitter heeft als voornaamste plicht de statuten en het intern reglement te doen eerbiedeigen. Hij zit alle vergaderingen voor en leidt de algemene vergadering. Hij roept een Buitengewone Algemene Vergadering bijeen wanneer dit volgens art.14 nodig is. Hij neemt de functie van ligacommissaris waar wanneer geen andere bestuurder dit expliciet doet. In deze functie vertegenwoordigt hij de vereniging tijdens vergaderingen van de overkoepelende organen waar onze vertegenwoordiging is vereist.

b)  De ondervoorzitter vervangt automatisch de voorzitter bij diens afwezigheid of verlet en heeft alle bevoegdheid. Het bestuur kan twee ondervoorzitters aanduiden. Als zowel de voorzitter als de ondervoorzitter afwezig of belet zijn worden zij automatisch vervangen door de secretaris.

c)  De secretaris is gelast met de briefwisseling van de vereniging. Hij stelt de verslagen op van de diverse vergaderingen en maakt deze bekend aan de effectieve leden. Na goedkeuring worden deze verslagen door hem verzameld en toegevoegd aan het archief van de vereniging.

d)  De penningmeester int de bijdragen, verschuldigd voor het lidmaatschap, en doet alle financiële verrichtingen zoals door het bestuursorgaan wordt bepaald.

e)  De wedstrijdleider/toernooileider houdt toezicht over en leidt de door de liga ingerichte toernooien. Gebeurlijk kan hij deze functie delegeren. Hij neemt tevens de functie van verantwoordelijke voor kadervorming op zich.

f)   De jeugdleider centraliseert en coördineert de jeugdactiviteiten in samenwerking met de jeugd –verantwoordelijken van de verschillende effectieve leden. Hij werkt samen met de jeugdverantwoordelijke.

g)  De schoolschaakverantwoordelijke is belast met de organisatie van en het toezicht van schoolschaakactiviteiten. Hij werkt samen met de jeugdleider.

h)  De klassementsleider verzamelt, controleert en verzendt de gegevens voor de nationale spelersklassering.

i)   De verantwoordelijke voor de ledenadministratie regelt de aansluitingen van de effectieve en toegetreden leden bij de overkoepelende organen.

j)   De verantwoordelijke “website” staat in voor het op punt houden van de website van de vereniging. Paswoorden, domeinnaam, eigendomsrechten blijven te allen tijde eigendom van de vereniging, zelfs indien bepaalde rechten door de verantwoordelijke van de website werden betaald. Bij het stoppen van zijn functie zal  hij alle zaken eigen aan de website onmiddellijk overdragen aan de voorzitter.

k)  De Liga-commissaris vertegenwoordigt de Liga bij de V.S.F. Hij zal er de standpunten van de Liga verklaren en verdedigen. Indien de functie van Liga-commissaris niet is ingevuld, wordt zijn taak voor één of meer vergaderingen automatisch overgenomen door een door het bestuursorgaan gedelegeerde.

Hoofdstuk V : WEDSTRIJDREGLEMENTEN

De reglementen van de wedstrijden die de Liga organiseert worden door het bestuur van de Liga bepaald.

Hoofdstuk VI : ANDERE ORGANEN: DE COMMISSIE VOOR GESCHILLEN EN DE BEROEPSCOMMISSIE

Beide juridische commissies zijn onafhankelijke organen. De Commissies nemen bindende beslissingen in alle haar toegewezen zaken. In al haar beslissingen dienen de Commissie rekening te houden met de Statuten, het Intern Reglement alsook met de wedstrijdreglementen van de Liga.

Art. 19 : GEMEENSCHAPPELIJKE REGELS EIGEN AAN ZOWEL DE COMMISSIE GESCHILLEN ALS DE BEROEPSCOMMISSIE (hierna telkens “de Commissie” genoemd)

a. De samenstelling, de bevoegdheid en de werking van de Commissie zijn vastgelegd door de statuten en onderhavig intern reglement.

b. De Commissie behandelt de zaken die haar zijn voorgelegd en die gedekt zijn overeenkomstig de bevoegdheden haar toegekend zoals bepaald in artikel 31 van de statuten. De vergaderingen van de Commissie zijn besloten.

c. De dienovereenkomstig aangeduide voorzitter van de Commissie kiest vier leden  uit zo mogelijk vier verschillende kringen aangesloten bij de Liga die niet betrokken zijn bij het hem voorgelegde geschil, als leden van de Commissie; i.e. drie vaste leden met inbegrip van de voorzitter en twee plaatsvervangende leden.

d. De Commissie dient te vergaderen binnen de drie weken na de datum waarop het verzoek tot behandeling van een geschil toegestuurd is aan de voorzitter van de Commissie.

e. De leden van de Commissie worden voorafgaandelijk door de voorzitter van de Commissie in bezit gesteld van het op dat ogenblik in zijn bezit zijnde dossier en/of andere gegevens met betrekking tot het geschil.

f. Ten laatste één week voor de eerste vergadering van de Commissie dient de voorzitter ervan de samenstelling van de Commissie schriftelijk mee te delen aan de voorzitter van de Liga en aan de betrokken partijen.

g. Minstens twee van de vier gekozen leden dienen, samen met de voorzitter van de Commissie, op de vergadering van de Commissie aanwezig te zijn om het quorum te bereiken en rechtsgeldig te kunnen besluiten.

De stemmen kunnen alleen door ter plaatse aanwezige leden uitgebracht worden. Geen enkele voorafgaande stem kan voor de stemming in aanmerking komen. Een lid welke de bijeenkomst voor het opnemen van de stemmen verlaat, kan geen voorafgaande stem of volmacht hiertoe uitbrengen.

Wanneer het quorum van de vergadering van de Commissie na het verlaten van een gekozen lid niet meer bereikt is, dient door de leden binnen zeven dagen een nieuwe vergadering gehouden te worden, waarop de stemming kan geschieden.

De Commissie beslist bij gewone meerderheid; bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend.

h.  Wanneer een lid van de Commissie deel uit maakt van een betrokken kring, zal hij worden vervangen door het lid dat al als vervanger is aangeduid door de voorzitter van de Commissie. Als het geval zich voordoet wanneer de voorzitter van de Commissie zou deel uitmaken van een betrokken kring zal de voorzitter van de Liga passende maatregelen treffen om hieraan te verhelpen.

i. De verantwoordelijke bestuurder of zijn vervanger, evenals de betrokken partijen zullen altijd uitgenodigd worden om gehoord te worden door de Commissie. Geen enkele straf kan uitgesproken worden zonder dat de betrokken perso(o)n(en) en/of kring daadwerkelijk en tijdig werd uitgenodigd voor een verhoor. Elke betrokken persoon of afgevaardigde van een kring mag zich door een raadsman laten bijstaan.

i.1. Geen enkel minderjarig lid van een kring, aangesloten bij de Liga, kan gehoord worden zonder dat ofwel zijn wettelijke vertegenwoordiger, ofwel een volwassen gemandateerde aanwezig is.

Alle door het bestuursorgaan uitgesproken straffen dienen binnen de veertien dagen gepubliceerd te worden hetzij:

– op de website van de Liga;

– in een bestuurlijke mededeling welke gericht wordt aan de contactpersonen, bekend bij de verantwoordelijke ledenadministratie.

j. Een waarborg, waarvan het bedrag elk jaar op voorhand wordt vastgelegd door de Algemene Vergadering, is over te schrijven op de rekening van de Liga. Deze waarborg wordt slechts terugbetaald wanneer de klacht geheel of gedeeltelijk ontvankelijk is.

k. Zodra zowel de klacht als de waarborg werden ontvangen zal de voorzitter of de ondervoorzitter de zaak voorleggen aan de voorzitter van de Commissie.

l. De Commissie vergadert op initiatief van hetzij zijn voorzitter, hetzij de voorzitter van de Liga, hetzij van de ondervoorzitter van de Liga wanneer de omstandigheden het vereisen.

m. De vergaderingen van de Commissie zijn besloten. De Commissie behandelt de zaken die haar zijn voorgelegd met spoed. Als ze geen beslissing kan nemen dan zal ze de secretaris verwittigen.

n. De Commissie dient een beslissing te nemen binnen de zes weken nadat ze de klacht ontvangen heeft van de Liga-verantwoordelijke. 

o. De voorzitter van de Commissie brengt binnen de vijf dagen na de vergadering de partijen en de voorzitter van de Liga op de hoogte van de door de Commissie getroffen beslissingen.

p. De voorzitter van de Commissie zal aan de gewone Algemene Vergadering een verslag voorleggen van de behandelde zaken.

Overgangsmaatregel: bij de eerste vergadering van de Commissie neemt het oudste lid het voorzitterschap waar, waarna de aanwezige leden hun voorzitter kiezen.

Art. 20 : DE COMMISSIE VOOR GESCHILLEN.

Elke klacht bij de Commissie voor Geschillen dient, binnen de 15 dagen volgend op het zich voordoen van de betwiste zaak of de notificatie of de publicatie van de betwiste beslissing, te worden ingediend bij de voorzitter van de Liga, met afschrift voor de ondervoorzitter van de Liga en zal een duidelijke en gedetailleerde weerlegging in houden van die betwiste beslissing.

Elk beroep tegen de uitspraak van de Commissie schort de beslissing en de eventuele sanctie van de Commissie op tot na de uitspraak in beroep.

Art. 21 : DE BEROEPSCOMMISSIE.

Elke klacht bij de Beroepscommissie dient, binnen de 15 dagen volgend op de notificatie of de publicatie van de betwiste beslissing van de Commissie Geschillen, te worden ingediend bij de voorzitter van de Liga, met afschrift voor de ondervoorzitter van de Liga en zal een duidelijke en gedetailleerde weerlegging inhouden van die betwiste beslissing.

Art. 22 : PRIVACY-WETGEVING.

De Liga zich schikt naar de wettelijke en reglementaire bepalingen in voege, incluis deze die door de overkoepelende vereniging KBSB (zullen) worden opgelegd. Inzonderheid wordt rekening gehouden met het door het Europees Parlement voorziene verordening van 27 april 2016 waarvan de overgangsmaatregelen ingaan op 25 mei 2018, datum waarop alle verenigingen zich dienen in regel te stellen met de Europese Verordening. 

Zo goedgekeurd door de Buitengewone Algemene Vergadering van de Liga Oost-Vlaanderen, Zottegem 4 december 2017.

Bestuur

rvb@schaakligaoostvlaanderen.be

Voorzitter, Penningmeester

Ward Van Eetvelde, 0472 080 886, ward.van.eetvelde@gmail.com

Secretaris 

Eddy De Gendt, 0476 992 575, eddydg@skynet.be

Kader & Materiaal

Ben Van De Putte, 0497 45 57 85, benvandeputte@gmail.com

Schoolschaakleider

Keano De Baets, 0472 698 663, debaets.keano1003@gmail.com

Medewerkers:

Ledenadministratie, Toernooileider

VanSon Marc, 09 227.73.70, marc.vanson@pandora.be

Webmaster

David Roos, 0498 64 75 04, david.d.roos@gmail.com

Ereleden :

Remi Limbourg

Hans Temmerman

5. Liga Limburg vzw

Maatschappelijke zetel: Nieuwstraat 23, 3665 As, 089/65.92.15

Rekeningnummer Schaakliga Limburg v.z.w.: 979-0700231-90

Statuten (09/09/2000)

De ondergetekenden:

Naam, voornamen, beroep, woonplaats

Claes Raf              Sales Manager           Leeuwerikenstraat 29       3001 Heverlee

Mondelaers Raf      Student                    St-Beggalaan 15              3400 Landen

Bils Marc               Kaderlid                    Naamsesteenweg 109      3001 Heverlee

Wolfs Jean            Geen                        Burchtstraat 1A               3770 Zichen-Zussen-Bolder

Kortzorg Philippe   Arbeider                   Canadastraat 78              3530 Houthalen-Helchteren

Cleuren Freddy      Bediende                  Henri Jonasstraat 14        NL-6137 CM Sittard

Kocur Johan          Analist-programmeur Geenhornstraat 12           3600 Genk

Peschl Hans           Projectleider              Kolibriestraat 4                3530 Houthalen-Helchteren

Peeters Raymond   Handelaar                 Luikersteenweg 42/b101  3800 Sint-Truiden

Vansichen Johny    Schrijnwerker            Haantjeslaan 2                3583 Paal

zijn overeengekomen een vereniging zonder winstoogmerk op te richten, waarvan zij de statuten als volgt samenstellen:

I Naam, zetel, doel

Art. 1 De vereniging wordt genoemd “Schaakliga Limburg vereniging zonder winstoogmerk”, evenwaardig afgekort tot: “Schaakliga Limburg v.z.w.”.

Art. 2 De maatschappelijke zetel van de vereniging is gevestigd te Tulpenlaan 15, 3583 Paal.

Art. 3 De vereniging heeft tot doel het schaken in al zijn aspecten te bevorderen in de regio Limburg. Zonder dat deze opsomming beperkend is neemt de vereniging hiertoe alle nodige of nuttige initiatieven zoals het organiseren van wedstrijden, het voeren van propaganda, het helpen oprichten van nieuwe schaakclubs en het steunen van clubs in hun werking.

De vereniging mag alle handelingen verrichten die rechtstreeks of onrechtstreeks met de verwezenlijking van haar doel te maken hebben.

II. Leden, bijdrage

Art. 4 De vereniging bestaat uit wettelijke en reglementaire leden. De volheid van het lidmaatschap, met inbegrip van het stemrecht op de Algemene Vergadering, komt uitsluitend toe aan de wettelijke leden. Het aantal wettelijke leden is onbepaald, doch mag niet minder bedragen dan drie. De stichters zijn de eerste wettelijke leden.

De reglementaire leden hebben de rechten en plichten hen toegekend door het intern reglement.

Art. 5 Als wettelijk lid kan tot de vereniging toetreden, ieder natuurlijk persoon of rechtspersoon, die door de Algemene Vergadering als zodanig wordt aanvaard. Als reglementair lid kan tot de vereniging toetreden, ieder natuurlijk persoon, die door de Raad van Beheer als zodanig wordt aanvaard. De beslissing dient niet gemotiveerd te worden.

Art. 6 De ontslagneming en uitsluiting van een wettelijk lid gebeurt op de wijze bepaald door de wet van 27 juni 1921. Ontslagnemende of uitgesloten leden en hun rechtsopvolgers hebben geen deel in het vermogen van de vereniging, en kunnen nooit teruggave of vergoeding vorderen van gestorte bijdragen of gedane inbrengsten.

Art. 7 Het jaarlijks lidgeld is vastgesteld op maximum 100 Euro per persoon. De bijdrage wordt door de Algemene Vergadering bepaald.

III. DE ALGEMENE VERGADERING

Art. 8 De Algemene Vergadering (A.V.) wordt samengesteld uit de wettelijke leden. Deze kunnen zich mits schriftelijke volmacht laten vertegenwoordigen door een ander wettelijk of reglementair lid. Een lid heeft stemrecht in functie van het aantal reglementaire leden dat hij vertegenwoordigt.

Art. 9 De wijze van beraadslagen en de bevoegdheden van de Algemene Vergadering zijn bepaald in de wet van 27 juni 1921.

Na de kenbaarmaking van de dagorde kunnen punten worden toegevoegd mits akkoordverklaring van de helft der aanwezigen.

Om geldig te kunnen beslissen dient steeds een meerderheid van de leden aanwezig en/of vertegenwoordigd te zijn, een bijzondere meerderheid is evenwel vereist in de gevallen voorzien door de wet en de statuten.

Aanwezigen die bij de beraadslaging over een punt een strijdig belang hebben dienen dit spontaan bekend te maken en niet deel te nemen aan de beraadslaging en stemming over betreffend punt.

Art. 10 De besluiten van de A.V. worden gebundeld en bewaard op de maatschappelijke zetel van de vereniging. Op aanvraag kunnen de leden alsook derden die een belang doen blijken een afschrift ontvangen.

Zowel de besluiten als de dagorde worden kenbaar gemaakt bij gewone brief of publicatie in het Limburgs Schaakblad.

Art. 11 Iedere wijziging in de statuten wordt binnen de maand ter publicatie doorgestuurd naar het Belgisch Staatsblad. Dit geldt eveneens voor de benoeming, het ontslag, de herroeping en de herverkiezing van de beheerders. Minimaal een maal per jaar zal de Raad van Beheer het bewijs leveren van het voldoen van de publicaties , de fiscale aangiften en de neerlegging van de ledenlijsten ter griffie.

IV DE RAAD VAN BEHEER

Art. 12 De vereniging wordt beheerd door een bestuursorgaan van tenminste drie personen, reglementaire leden van de vereniging. Zij worden benoemd door de Algemene Vergadering en zijn te allen tijde door deze afzetbaar.

Art. 13 De Raad van Beheer kan slechts geldig beslissen indien de meerderheid van de beheerders aanwezig is. De beslissingen worden genomen bij gewone meerderheid der stemmen. Bij staking van stemmen wordt een tweede stemming gehouden. Geeft deze geen uitsluitsel dan is de stem van de voorzitter doorslaggevend.

Art. 14 De beheerders worden benoemd voor een termijn van 3 jaar en zijn herkiesbaar.

Art. 15 Zo door vrijwillig ontslag, verstrijken van termijn of afzetting, het aantal beheerders is teruggevallen tot onder het wettelijk minimum, dan blijven de beheerders in functie totdat regelmatig in hun vervanging is voorzien.

Art. 16 De beheerders oefenen hun mandaat onbezoldigd uit.

Art. 17 De Raad van Beheer leidt de zaken van de vereniging en vertegenwoordigt deze in en buiten rechte. Hij is bevoegd voor alle aangelegenheden, met uitzondering van deze die door de wet uitdrukkelijk aan de Algemene Vergadering zijn voorbehouden.

Art. 18 De akten die de vereniging onderschrijft worden beschouwd als geldig, wanneer ze getekend worden door 1 van de beheerders, tenzij het om transacties gaat die de som van 1000 Euro overschrijden. In dat geval is de handtekening van minimum twee beheerders vereist.

V DIVERSE BEPALINGEN

Art. 19 Een intern reglement zal door de Raad van Beheer aan de Algemene Vergadering worden voorgelegd. Wijzigingen aan het intern reglement kunnen door de Algemene Vergadering worden aangebracht.

Art. 20 Lidmaatschap tot de vereniging sluit aanvaarding van statuten en intern reglement in.

Art. 21 Het dienstjaar begint 1 september en eindigt op 31 augustus van het volgende jaar.

Art. 22 De rekeningen van het afgelopen dienstjaar en de begroting van het volgende dienstjaar zullen ten laatste in de maand oktober onderworpen worden aan de goedkeuring van de Algemene Vergadering.

Art. 23 Bij ontbinding van de vereniging wijst de Algemene Vergadering 1 of meer vereffenaars aan, bepaalt hun machten, alsook de bestemming die aan het nettovermogen van het maatschappelijk bezit gegeven wordt.

De bestemming zal plaatsvinden ten voordele van een vereniging die gelijkaardige doeleinden nastreeft. Deze beslissingen zullen gepubliceerd worden in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad.

Art. 24 Voor alles wat hier niet uitdrukkelijk voorzien is blijft de wet van 27 juni 1921 toepasselijk.

Opgemaakt in zoveel exemplaren als er oprichters zijn, te Houthalen-Helchteren op 9 september 2000.

(handtekening van de stichters)

Intern reglement

Hoofdstuk 1:        Lidmaatschaps- en aansluitingsmodaliteiten

1.     Algemene bepalingen

Al wie deelneemt aan een schaakactiviteit die valt onder de bevoegdheid van de Schaakliga Limburg, moet bij de Vlaamse Schaakfederatie (VSF) aangesloten zijn. Een geldige VSF-aansluiting kan alleen gebeuren via een schaakclub die op haar beurt via één van de (provinciale) liga’s onder de VSF ressorteert. De spelers die aangesloten zijn bij de VSF zijn ook bij de Koninklijke Belgische Schaakbond (KBSB) aangesloten.

Voor sommige activiteiten (bv. het interscholenkampioenschap) kan een vrijstelling van de aansluitingsplicht gelden. Hiervoor raadplege men de reglementen betreffende de verschillende schaakactiviteiten (zie Deel 2).

–   De Koninklijke Belgische schaakbond (KBSB) is één van de vele nationale federaties aangesloten bij de wereldschaakbond FIDE.

–   De KBSB heeft als leden de clubs

–   De VSF heeft als leden de vijf Vlaamse provinciale liga’s en de Liga “Brussel Hoofdstad”, en als “medeleden” de aangesloten spelers.

–   De Schaakliga Limburg heeft als leden de aangesloten clubs en spelers.

Een speler kan slechts door één club bij de VSF worden aangesloten. Deze club wordt als hoofdclub beschouwd. Bij zijn eerste VSF-aansluiting krijgt elke speler een stamnummer toegewezen.

Wel is het toegestaan dat een speler bijkomende aansluitingen neemt bij andere federaties of liga’s, op voorwaarde dat al de betrokken instanties in de mogelijkheid tot bijkomende aansluiting voorzien (niet alle liga’s staan dit toe). De Schaakliga Limburg staat zowel toe dat spelers bij haar een bijkomende aansluiting nemen, als dat bij haar aangesloten spelers elders een bijkomende aansluiting nemen. De clubs van de Schaakliga Limburg mogen hun spelers niet weigeren bijkomende aansluitingen bij andere clubs te nemen.

Een aansluiting bij een andere nationale bond dan de Belgische wordt voor de inschrijvingen bij de VSF en de Liga niet in rekening gebracht. De eerste aansluiting bij de VSF wordt zonder meer als hoofdinschrijving beschouwd.

Wanneer een speler bij een andere Belgische federatie of liga aangesloten is, moet hij een bijkomende aansluiting bij de Schaakliga Limburg nemen wanneer hij zich inschrijft bij een club van de Schaakliga Limburg. Wanneer een speler reeds via een club van de Schaakliga Limburg een liga-aansluiting heeft (hoofdaansluiting of bijkomende aansluiting), kan hij zich bij andere clubs van de Liga aansluiten zonder een bijkomende liga-aansluiting te nemen.

De VSF-aansluitingen volgen het burgerlijk jaar. Het schaakseizoen loopt echter van 1 september tot 31 augustus van het volgende jaar. Door deze discrepantie is het vaak nodig dat men zich voor twee opeenvolgende jaren moet aansluiten om aan één volledige competitie te kunnen deelnemen. Dit is een spijtige toestand waarvoor de verantwoordelijkheid bij de VSF ligt. De deelnemers aan een competitie moeten alleszins bij de VSF aangesloten zijn op het ogenblik dat ze een partij spelen (met uitzondering van de competities waarvoor geen aansluiting vereist is, zoals het interscholenkampioenschap).

Om een club te kunnen vertegenwoordigen bij de Liga of bij de VSF, een bestuursfunctie te vervullen in een club of in de Liga, of om officieel op te treden als wedstrijdleider is een liga-aansluiting vereist. Men mag slechts in één club binnen de Liga bestuursfuncties uitoefenen.

2.     Bijkomende bepalingen

a.     Na 15 oktober worden geen aansluitingen van nieuwe leden meer aanvaard. Zij kunnen zich dus pas vanaf 1 januari van het volgende jaar aansluiten. Ook spelers die gedurende de vijf voorgaande jaren geen aansluiting hebben gehad, worden voor de inschrijving als nieuwe leden beschouwd. Spelers die op 1 januari afgevoerd worden, kunnen niet opnieuw aangesloten worden door een andere VSF-club vóór 1 mei van hetzelfde jaar.

b.     Elk lid kan vrij veranderen van hoofdclub. De uitvoeringsmodaliteiten worden door het bestuursorgaan van VSF bepaald en gepubliceerd in VSF-info. Zie hoofdstuk 2 voor de transferregeling.

c.      De spelers worden in volgende leeftijdscategorieën ingedeeld:

–       senioren:  +20 jaar op 1 januari van het lopende jaar

–       junioren:   -20 jaar op 1 januari van het lopende jaar

–       scholieren: -16 jaar op 1 januari van het lopende jaar

–       kadetten:  -14 jaar op 1 januari van het lopende jaar

–       miniemen: -12 jaar op 1 januari van het lopende jaar

–       pionnen:   -10 jaar op 1 januari van het lopende jaar

        Voor het bepalen van de lidmaatschapsbijdragen worden slechts volgende drie categorieën gehanteerd:

–       senioren:      (20-plussers)

–       junioren:       jeugd jonger dan 20 jaar

–       miniemen:    jeugd jonger dan 13 jaar

3.     Formulieren

a.     Een speler die zich wenst aan te sluiten, moet daarvoor een aanvraag indienen op het daartoe bestemde formulier “Aanvraag tot aansluiting als speler” (hoofdaansluiting). Hij moet dit formulier ondertekenen en het door zijn club aan de liga­secretaris laten bezorgen. Voor minderjarige spelers dient het aanvraagformulier medeondertekend te zijn door één van de ouders of de wettelijke voogd.

Naast het origineel moet de club vijf kopieën van dit formulier aan de ligasecretaris bezorgen.

b.     Spelers, met een hoofdaansluiting in een andere Liga, die wensen lid te worden bij de Schaakliga Limburg (bijkomende aansluiting) dienen het formulier “Aanvraag tot het bekomen van een bijkomende liga-aansluiting” te gebruiken. Voor het overige gelden dezelfde formaliteiten.

c.      Adreswijzigingen moeten in tweevoud door de clubsecretaris aan de ligasecretaris worden bezorgd. Hiervoor dient het formulier “Aanpassing persoonlijke gegevens van spelers” gebruikt te worden.

d.        Bestuurswijzigingen moeten in tweevoud door de clubsecretaris aan de ligasecretaris worden bezorgd. Hiervoor dient het formulier “ Clubfiche” gebruikt te worden.

e.     De jaarlijkse hernieuwing van de ledenbijdrage op 1 januari valt onder de verantwoordelijkheid van de clubsecretarissen. Zij ontvangen hiervoor volgende formulieren.

1.     een clubfiche voor het nieuwe jaar

2.     een formulier voor de ledenlijst (hoofdaansluitin­gen)

3.     een formulier voor aanpassing van persoonlijke gegevens van spelers

4.     een formulier voor aanvraag tot aansluiting als speler

5.     een formulier voor aanvraag tot wijziging van hoofdclub

6.     een formulier voor de ledenlijst bijkomende liga-aansluitingen

7.     een formulier voor aanvraag tot het bekomen van een bijkomende liga-aansluiting

8.     een financieel overzicht inschrijvingen van de club

Vóór 10 december, postdatum, moeten deze formulieren (behalve transferformulier zie pagina 3.2.1) in tweevoud naar de ligasecretaris worden gezonden. Van het aansluitingsformulier moeten naast het origineel formulier vijf kopieën opgestuurd worden.

4.     Lidgelden

De lidgelden worden door de clubs betaald aan de Liga. De clubs zijn verantwoordelijk voor de inning van de lidgelden bij hun leden.

Het lidgeld dat de Liga moet ontvangen voor een hoofdaansluiting, omvat naast het ligalidgeld een som die door de Liga aan de VSF wordt doorgestort. De VSF moet op haar beurt een deel van dit bedrag afstaan aan de KBSB. De VSF betaalt ook een verzekeringsbijdrage voor de aangesloten spelers.

Spelers die reeds bij een andere Belgische Liga zijn aangesloten kunnen een bijkomende aansluiting nemen (zie hoger).

–       Wanneer zij reeds een hoofdaansluiting bij een Limburgse club hebben (of een andere bijkomende aansluiting waarvoor zij reeds het ligalidgeld hebben betaald), moet voor hen geen extra ligabijdrage worden betaald.

–       Wanneer zij reeds een VSF-aansluiting hebben, maar geen aansluiting bij de Schaakliga Limburg, moet voor hen het bedrag voor een bijkomende liga-aansluiting worden betaald.

–       Wanneer zij geen VSF-aansluiting hebben (m.a.w. wanneer zij alleen bij een andere federatie zijn aangesloten), moet voor hen naast de bijkomende liga-aansluiting ook het bedrag voor de bijkomende VSF-aansluiting worden betaald.

Voor de bepaling van de hoogte van de ligabijdrage wordt verder rekening gehouden met de leeftijdscategorie waartoe de speler behoort (zie hoger: 2. bijkomende bepalingen).

Nieuwe leden (zonder stamnummer bij VSF) die aansluiten vanaf 1 juli betalen de helft van de ligalidmaatschapsbijdrage. Dit geldt ook voor spelers die niet aangesloten waren gedurende de vijf voorgaande jaren en die zich vanaf 1 juli opnieuw aansluiten.

De hoogte van de bedragen van de ligabijdrage per categorie wordt jaarlijks door de AV bepaald.

De penningmeester brengt de clubs op de hoogte van het bedrag van de lidmaatschapsbijdrage per categorie. Dit bedrag is dus de som van de jaarlijks vastgelegde ligabijdrage en het bedrag dat de Liga aan de VSF moet doorstorten (ook dit laatste is aan jaarlijkse wijzigingen onderhevig). De clubsecretarissen berekenen zelf de hoogte van het totaalbedrag dat zij voor het lidmaatschap van hun leden aan de Liga verschuldigd zijn. Met vragen om verduidelijking kunnen zij uiteraard steeds bij de ligapenningmeester terecht. Voor het verrichten van de betaling raadplege men de richtlijnen van hoofdstuk 3, “Financiële verrichtingen”.

Hoofdstuk 2:        Transfermodaliteiten

1.     Deze modaliteiten regelen de transfers van spelers tussen de clubs aangesloten bij de VSF. De transferperiode loopt van 1 juni tot 30 juni met uitwerking op 1 juli daaropvolgend.

2.     Spelers, aangesloten bij de VSF, die een transfer wensen naar een andere club van de VSF dienen een formulier “Aanvraag tot wijziging van club”, verder aanvraagformulier genoemd, volledig in te vullen en te ondertekenen.

3.     De beslissing dient aan de voorzitter of transferverantwoordelijke van de verlatende club medegedeeld tijdens de transferperiode, dit op straffe van nietigheid.
De mededeling kan gebeuren door de voorzitter of de transferverantwoordelijke van de verlatende club het aanvraagformulier te laten tekenen (binnen de transferperiode) of aangetekend een kopie van het aanvraagformulier (bij voorkeur zonder omslag) toe te zenden (datum poststempel is van toepassing). In dit laatste geval dient het bewijs van verzending bij het originele aanvraagformulier, bestemd voor de VSF, gevoegd te worden.

4.     De voorzitter of de transferverantwoordelijke van de nieuwe club dienen het aanvraagformulier eveneens te tekenen als bevestiging voor de inschrijving in de nieuwe club.

5.     De beslissing dient medegedeeld te worden aan de VSF tijdens de transferperiode (datum poststempel is van toepassing), dit op straffe van nietigheid. Het originele aanvraagformulier dient (indien van toepassing samen met het bewijs van aangetekende zending naar de verlatende club) naar het vast secretariaat van de VSF gezonden te worden.
De kennisgeving mag per gewone zending gebeuren. Indien een bewijs van verzending gewenst is, dient dit aangetekend te gebeuren.

6.     Interfederale transfers vallen onder de bevoegdheid van de K.B.S.B. Deze dienen in viervoud aangevraagd te worden bij de nationale toernooileider (art. 7 WR K.B.S.B.)
Spelers die naar de VSF transfereren dienen zich bovendien bij de VSF in te schrijven als nieuwe speler. 
De interfederale transfersperiodes lopen van 1 tot 31 december met ingang op 1 januari daaropvolgend en van 1 april tot 30 april met ingang op 1 juni daaropvolgend.

7.     Enkel om ernstige reden kan een club zich tegen een transfer van één van haar leden verzetten. Zij kan dit doen binnen de maand nadat de VSF de transfer gepubliceerd heeft. Wanneer de club zich verzet, oordeelt de VSF over de ernst van de ingeroepen reden. Wanneer clubs van verschillende federaties bij de betwisting betrokken zijn, zijn de nationale toernooileider en het nationaal Uitvoerend Bestuur bevoegd.

8.     Een getransfereerde speler mag verder deelnemen aan de lopende ligacompetities waarvoor hij reeds ingeschreven was vóór zijn transfer, ook wanneer hij naar een andere Liga getransfereerd is. Wanneer hij naar een andere Liga getransfereerd is en wil deelnemen aan ligacompetities die nog aanvangen na het ingaan van zijn transfer, moet hij een aanvraag tot het bekomen van een bijkomende aansluiting indienen bij de ligasecretaris. Deze bijkomende aansluiting is gratis voor het jaar waarin de transfer plaatsvindt (dit betekent dat de speler die op 1 juli transfereert een gratis bijkomende aansluiting tot 31 december van hetzelfde jaar kan krijgen).

Hoofdstuk 3: Financiële verrichtingen

Betalingen aan de Liga betreffen voornamelijk lidgelden, inschrijvingen voor kampioenschappen, diverse waarborgsommen en boetes.

De betaling van de inschrijvingen (lidmaatschap voor het volgende jaar, inschrijvingsgelden voor het individueel kampioenschap, de interclubcompetitie, het bekerkampioenschap) mag eventueel gelijktijdig gebeuren in één overschrijving op rekening van de Liga (zie formulier “Financieel overzicht van de club”).

Alle betalingen aan de Liga dienen te gebeuren door middel van een overschrijving van een clubrekeningnummer naar rekening 735-1091995-54 van de Schaakliga Limburg. In het vak “mededeling” van de overschrijving moeten de reden van de betaling en de samenstelling van het betalingsbedrag worden vermeld. Om de samenstelling duidelijk te omschrijven volstaat het de aantallen en de bedragen te vermelden, gescheiden door middel van een “x” of een “0” (bruikbaar bij telebanking).

Bijvoorbeeld 1x lidgeld senior + 2x lidgeld miniem + 3x bekerkampioenschap + 4x individueel kampioenschap kan als volgt omschreven worden:

  1x15002x5003x7904x800

of

  101500205003079040800

Een wijziging van het rekeningnummer van een club of een verandering van penningmeester moet onmiddellijk en schriftelijk aan de ligapenningmeester gemeld worden.

Bestuur

Voorzitter

Englicky Pavel, 011 646 049, 0473 908 900 pavel.englicky@schaakliga-limburg.be

Secretaris

Krista Dethier, 0479 246 833

Voorzitter Toernooicommissie, LIC toernooileider, LIK-verantwoordelijke, materiaalmeester

Cornet Luc, 0474 995 274, luc.cornet@schaakliga-limburg.be

Penningmeester, ledenadministratie, Ligacommissaris bij VSF

Martens Ludo, 089 659 215, 0476 353 570, ludo.martens@schaakliga-limburg.be

Verantwoordelijke jeugd

Hamblok Roel, 0496 937 584

Verantwoordelijke schoolschaak

Sarrau Jelle

ELO-verantwoordelijke, website

Moors Dries, 011 243 667, 0485 530 587, dries.moors@schaakliga-limburg.be

VADEMECUM


[1] Recente wijzigingen zijn aangegeven in rode tekst (op de website) en licht afwijkend van zwart voor de boekvorm

[2] De nota’s onderaan de pagina dienen enkel ter verduidelijking van de regels van het schaakspel, maar vervangen deze niet. Uiteindelijk gelden voor de arbiter enkel de Regels en het eigen oordeel.

[3] De titel van arbiter mag dus niet licht uitgedeeld worden. De bond moet overtuigd zijn van voornoemde kwaliteiten alvorens iemand tot arbiter te benoemen. Ook in gevallen die niet eenvoudig door de regels zijn beschreven zal de arbiter een goede beslissing moeten nemen.

[4] In het algemeen is een goede leidraad voor de arbiter dat hij enkel een beslissing neemt indien de beide spelers er niet zelf in slagen overeen te komen, en steeds beslist in het belang van de partij op het schaakbord (« wat is de beste beslissing in de aan gang zijnde partij »), niet in het belang van het toernooi, of van de spelers, of van de « regels ».

[5] Hier wordt dus specifiek verzocht om een eventueel beroep tegen een beslissing van een arbiter te beperken tot het eventueel overtreden van billijkheid of logica.

[6] FIDE secretariaat, Singrou Avenue 9, 11743 Athene, Griekenland, tel 00 30 210 921 2047, fax 00 30 210 921 2859, internet www.fide.com, e-mail office@fide.com

[7] In de vorige versie van het reglement stond ook dat een aangesloten schaakbond de vrijheid heeft om regels die meer gedetailleerd zijn, in te voeren onder voorwaarde dat:

a.        zij in geen enkel opzicht in strijd zijn met de officiële FIDE Regels voor het Schaakspel;

b.       zij beperkt zijn tot het gebied van de desbetreffende bond;

c.        zij niet gelden voor een FIDE-wedstrijd, -kampioenschap of –kwalificatietoernooi, of voor een FIDE-titel- of ratingtoernooi.

[8] Artikel 1 werd in 2017 hernummerd, het artikel 1.1 is nu opgesplitst in 3 artikels 1.1 tot 1.3

[9] Het is interessant dat de regel dat om beurten gespeeld wordt blijkbaar niet expliciet in de vorige versies van de regels stond. Het was wel onder verstaan door artikel 6.7 waarin de alternering van het tijdsgebruik wordt aangegeven. Het lijkt evident, maar toch goed om te vermelden in het begin van de regels.

[10] Een vuistregel zegt: “Alleen de speler die aan zet is mag iets doen.” Dit geldt voor het doen van een zet, voor het indienen van claims, etc.

[11] Mag je zetten voor de tegenstander zijn klok heeft ingedrukt? In principe mag dit niet, vandaar de verwijzing naar artikel 6.7. Toch zien we dat in snelle fases van het spel dit weleens voorkomt, en zeker als de tegenstander vergeet zijn klok stil te zetten. Het is niet aangewezen hier zeer strikt tussen te komen: spelen als de tegenstander zijn zet heeft “gedaan” op het bord (en het is een reglementaire zet) is niet redelijkerwijs strafbaar.

[12] Dit artikel leidt soms tot vrij exuberante interpretaties zoals: wie de koning slaat verliest de partij. Dit is onjuist, het is niet zo dat elke overtreding van de regels onmiddellijk leidt tot het verlies van een partij, maar wel een terechtwijzing verdient.

Ondanks dit is het aangeraden om in snelschaak de koning van de tegenstander die zijn koning in schaak laat staan niet te slaan, maar wel winst op te eisen door een onregelmatige zet. Het slaan van de koning zou immers door sommige arbiters geïnterpreteerd kunnen worden als een onregelmatige zet die opnieuw een winstclaim toelaat. Echter zolang de klok niet is ingedrukt is er niets aan de hand, want zelfs in snelschaak mag een onregelmatige zet worden teruggenomen zolang de klok niet is ingedrukt.

Let wel op: dit de opinie van de auteur en sommige andere arbiters hebben een andere mening over de gevolgen na het nemen van de koning.

[13] Meer over dergelijke stelling in artikel 5.2.2 en de nota’s hiervan

[14] Het is niet noodzakelijk dat de velden wit en zwart zijn, maar de kleur moet voldoende verschillend zijn zodat geen vergissing mogelijk is. Het is best dat het bord het licht niet weerkaatst omdat dit de spelers kan storen. De stukken moeten een omvang hebben zodat ze passen op de velden van het bord.

[15] In de volksmond moet het bord zodanig liggen dat beide Dames op een veld van hun kleur starten.

Indien het bord toch niet juist zou liggen is artikel 7.2.2 van toepassing.

[16] Het is belangrijk om voor de start de correcte opstelling van de stukken te controleren. Dit vermijdt veel problemen tijdens de partij.

De paarden mogen met hun snuit geplaatst worden zoals de speler het zelf verkiest.

[17] Dit artikel maakt duidelijk dat het niet noodzakelijk is dat een aangevallen stuk ook effectief kan geslagen worden, maar het blijft wel aangevallen staan. Dit is een belangrijk artikel omdat bijvoorbeeld een gepend stuk wel degelijk schaak kan geven, of in uitzonderlijk geval zelfs mat.

[18] Lopers staan op velden van verschillende kleur. Ieder heeft een “witte” loper en een “zwarte” loper. De “witte” loper kan enkel op witte velden staan. Indien een speler twee lopers op dezelfde kleur van veld heeft kan dit enkel het gevolg zijn van een promotie tot loper of een illegale zet.

[19] Deze uitleg blijft ontzettend cryptisch. Maar blijkbaar heeft niemand bij FIDE het gezond verstand om dit artikel te wijzigen. Gelukkig weten we allemaal hoe het paard gaat: Eén recht – één schuin (cursus Van Wijgerden) of zoals we vroeger leerden “twee vooruit en één opzij”.

De combinatie van artikel 3.5 en 3.6 maakt impliciet duidelijk dat het paard WEL over een ander stuk mag springen. Bij deze toch maar letterlijk zeggen.

[20] Dus elke pion vanuit haar beginpositie

[21] De pion mag dus niet springen over een ander stuk en mag niet rechtdoor slaan

[22] Indien en-passant de enige zet is in een stelling, dan MOET dit gespeeld worden. Het is bijvoorbeeld geen PAT indien er nog een en-passant zet mogelijk is.

[23] Of in normale mensentaal “de overkant”. Het veld van aankomst noemen we het “promotieveld”

[24] Het nieuwe stuk komt pas in spel van zodra het is losgelaten. Dit betekent dat zolang het nieuwe stuk niet is losgelaten op het promotieveld mag het nog vervangen worden door een ander stuk.

[25] Dit stond eerder niet in de regels, het stuk moet in de plaats komen van de pion op het promotieveld. Wellicht was dit beschouwd als evident.

[26] Dus er mogen verschillende Dames op het bord komen of meer dan twee lopers, paarden of torens.

[27] De arbiter moet erop toezien dat promotie correct wordt uitgevoerd. Dit houdt in dat het nieuwe stuk geplaatst moet worden alvorens de klok in te drukken, maar ook dat de tegenstander de beschikbaar van het te plaatsen stuk niet mag verhinderen (door het vast te houden of buiten bereik van de tegenstander te plaatsen). Eventueel mag de klok gestopt worden als het promotiestuk niet onmiddellijk ter beschikking is. Het is ook absoluut verboden om met de pion door te spelen alsof het een ander stuk zou zijn.

Bijzondere aandacht voor een promotie tot tweede Dame. Het is absoluut verboden exotische stukken zoals omgedraaide torens op het bord te plaatsen. Een omgekeerde toren is geen dame, maar gewoon een toren die slecht geplaatst is. De arbiter dient in dergelijke gevallen in te grijpen en de speler terecht te wijzen, hij kan ook een penaliteit toepassen volgens artikel 12.9. Bij promotie naar een tweede dame moet een Dame gevonden worden liefst op een ander bord waar de partij reeds gedaan is. Nog beter is dat een arbiter in de buurt een reservedame op zak heeft die hij onmiddellijk ter beschikking kan stellen.

[28] Wit mag dus niet kort rokeren als f1 aangevallen staat, of niet lang rokeren als d1 aangevallen staat. Wit mag wél lang rokeren als veld b1 aangevallen staat. Dat de toren al dan niet aangevallen staat doet niet terzake voor de rokade. Er is een anekdote dat een beroemde grootmeester ooit eens gevraagd heeft aan de arbiter of hij mocht rokeren als de toren aangevallen stond, met uiteraard een bevestigend antwoord.

[29] Het schaak zetten van de koning moet echter niet worden aangekondigd, maar het mag, zolang het de tegenstander niet hindert. Foutief aankondigen van schaak of mat kan aanleiding geven tot een sanctie (bijvoorbeeld 2 minuten extra voor de tegenstander) indien dit de tegenstander heeft gehinderd.

[30] Korte herhaling van artikel 3.1.3 voor degenen die het nog niet begrepen hadden, een gepend stuk kan schaak geven.

[31] Dus als een dergelijk stuk wordt aangeraakt hoeft men hiermee niet te spelen. De regels verbieden immers om het stuk te verplaatsen.

[32] Nieuw artikel in 2014. De notie van illegale of onreglementaire zetten werd voorheen uiteengezet in artikel 4.6 maar is dus nu verplaatst naar artikel 3.

[33] Een beroemd voorbeeld hiervan is het bekende schaakprobleem, het matzetten van een koning in het midden van het bord met twee torens en één paard. Een praktisch voorbeeld hiervan is een situatie die nog weleens voorkomt in snelschaak of schoolschaak waarbij beide koningen schaak staan (of zelfs waarbij een koning ontbreekt).

[34] In alle gevallen van artikel 4 is het de taak van de arbiter om tussenbeide te komen als hij een overtreding van de regels vaststelt. Hij moet dit dus niet overlaten aan een claim van de tegenstander. De arbiter zal elke illegale zet die hij vaststelt onmiddellijk laten corrigeren.

[35] Weinig gekend artikel, want veel spelers voeren de rokade uit met twee handen of slaan een vijandelijk stuk met twee handen (met de ene hand wordt het vijandelijk stuk verwijderd, en met de andere komt het eigen stuk in de plaats). Dit is dus allebei verboden volgens artikel 4.1. Bijkomend wil dit ook zeggen dat met dezelfde hand waarmee gespeeld wordt ook de klok moet worden stilgezet, maar dit is door de meeste spelers geweten. Let op want vanaf 2017 wordt dit streng bestraft, zie artikel 7.5

[36] Elke manier is goed om de tegenstander en vooral de arbiter te waarschuwen van dit voornemen, «  j’adoube » is enkel een voorbeeld.

[37] Het rechtzetten van stukken op de tijd van de tegenstander kan indien dit hinderlijk is voor de tegenstander, aanleiding geven tot een sanctie, bijvoorbeeld extra tijd voor de gehinderde speler.

[38] Nieuw artikel sinds 2017 dat mijns inziens niet echt veel toevoegt, aan wat reeds in artikel 4.3 begrepen is. In elk geval de regels zeggen nu expliciet dat er zoiets bestaat als “toevallig contact” en dat dit niet valt onder de “aangeraakt is spelen” regel. Zie ook onder de voetnoot bij volgend artikel: de intentie om te spelen.

[39] Dit artikel is dus niet van toepassing op de speler die niet aan zet is.

[40] « bedoeling te spelen » is hier een belangrijke notie. De « aangeraakt is spelen » regel is niet van toepassing op stukken die per ongeluk aangeraakt worden tijdens een onbehouwen manoeuvre. Het onopzettelijk aanraken van een stuk leidt NIET tot de verplichting om ermee te spelen, zelfs indien er geen « j’adoube » werd gezegd. De versie 2014 heeft dit nog meer verduidelijkt dan de vorige die enkel sprak van “opzettelijk”.

Meer nog, indien de speler zich vergist en per ongeluk een verkeerd stuk aanraakt dan het stuk dat hij van plan was om te spelen, kan dit ook beschouwd worden als niet aangeraakt met de bedoeling te spelen. De fout zal wel vrij flagrant moeten zijn alvorens de arbiter deze redenering volgt. Bijvoorbeeld staan twee lopers vlak naast elkaar en de speler raakt de verkeerde loper aan om eens tuk te nemen. Uit de intentie die er is om het vijandelijke stuk te slaan kan de arbiter opmaken dat de bedoeling van de speler was met d andere loper te spelen. Dit kan dus een aanvaardbare beslissing zijn om de speler toe te laten zijn bedoelde zet te spelen en niet te verplichten om met de verkeerde loper een zet te doen.

[41] In de praktijk blijkt het erg moeilijk om het aanraken van een stuk te bewijzen tenzij de arbiter ter plaatse was op het moment van het aanraken. Getuigenissen van toeschouwers worden in deze systematisch niet aanvaard, tenzij hun onpartijdigheid kan worden bewezen. Getuigenis van een official (een lid van de organisatie) wordt wel aanvaard. Wel kan de speler die het aanraken ontkent, een waarschuwing ontvangen dat bij een eventuele vaststelbare overtreding in het vervolg van de partij een sanctie kan volgen.

[42] Het is toegestaan het aangeraakte stuk gedurende een tijd vast te houden of zelfs terug te plaatsen op het oorspronkelijke veld om verder na te denken. Dit verandert echter niets aan het feit dat uiteindelijk met het aangeraakte stuk moet worden gespeeld.

[43] « opzettelijk » is alweer belangrijk. Zeker bij jongere spelers kan het misschien éénmaal dat de toren eerst wordt aangeraakt voor het uitvoeren van een rokade zonder goed te beseffen dat dit verkeerd is. Dit kan als onopzettelijk worden aanzien. Dus een rokade uitgevoerd door eerst de toren aan te raken en pas daarna de koning hoeft niet gesanctioneerd worden omwille van of dankzij het woord « onopzettelijk ». Let wel: Sommige arbiters zijn echter van oordeel dat het aanraken van de toren wel degelijk als opzettelijk moet beschouwd worden zelfs als de intentie was om te rokeren.

[44] Dus een zet met de toren is verplicht, indien dit kan, en geen rokade.

[45] Een rokade is in eerste instantie een speciale koningszet. Dit principe vereenvoudigt de problematiek van wat te doen als blijkt dat een gespeelde rokade niet toegelaten was. Een andere koningszet zal dan moeten gespeeld worden indien mogelijk.

[46] Een eventuele keuze naast het bord mag dus nog worden gewijzigd zolang het stuk het bord niet heeft aangeraakt. De reden is dat het stuk nog niet in het spel is zolang het niet op het bord staat. Let wel zodra het promotiestuk het bord heeft geraakt is de zet definitief, zelfs indien de pionzet nog niet uitgevoerd is, het plaatsen van een promotiestuk maakt de zet ondubbelzinnig. Let op want eerdere regels lieten wel toe om het stuk nog te wijzigen zolang het niet was losgelaten, nu is dus het aanraken van het bord beslissend.

[47] Zeker belangrijk (en soms vergeten) in snelschaak en rapidschaak. Een speler is niet verplicht een onreglementaire zet te doen. Als met het aangeraakte stuk geen geldige zet mogelijk is, mag met een ander stuk worden gespeeld.

[48] Dit nieuwe artikel (°2014) is een verduidelijking ten behoeve van de twijfelende schakers vermoed ik. Alles wat hierin staat is overbodig en gedekt door de overige regels.

[49] Kort samengevat: « aanraken is spelen » en « losgelaten is gespeeld ». Let op: onopzettelijk loslaten bestaat niet volgens de FIDE. Indien iemand per ongeluk het stuk loslaat tijdens de zet kan dit toch als de gespeelde zet beschouwd worden. Toch zou ik een lans willen breken voor een stuk dat uit de handen valt op een willekeurig veld; ik zou dit toch willen interpreteren als onopzettelijk en toelaten dat het stuk alsnog op het bedoelde veld wordt geplaatst.

[50] Als het stuk waarnaar de pion wil promoveren niet dadelijk voorhandig is mag de speler de klok een moment stilzetten om het gepaste stuk te zoeken of aan de arbiter te vragen.

[51] Beetje cryptische omschrijving van: je moet het aanraken en niet spelen van een stuk door de tegenstander claimen alvorens zelf een stuk aan te raken. Idem voor het loslaten, en hoewel dit reeds zo werd toegepast is dit pas toegevoegd in de versie 2009.

[52] In opdracht van de speler in kwestie. De assistent voort dus enkel uit wat de speler zegt.

[53] In toernooien met beginnende schakers (of kleine kinderen) valt het nogal eens voor dat onterecht mat wordt aangekondigd. Dat de tegenstander hiermee instemt hoeft niet noodzakelijk geïnterpreteerd te worden als een opgave, het is een natuurlijke reactie op een foutieve claim. In mijn opinie mag de arbiter ingrijpen en de partij laten verder spelen indien het geen mat was, tenzij de tegenstander in kwestie reeds vrij formeel heeft opgegeven. Meer nog, het onterecht aankondigen van mat kan beschouwd worden als hinderen van de tegenstander en aanleiding geven tot een sanctie.

[54] Dit gebeurt automatisch onafhankelijk van wanneer en door wie deze situatie is opgemerkt of “geclaimd”. De uitslag staat vast en het is te laat om te wijzen op een gevallen vlag, of op een eerder voorgevallen onreglementaire zet

Dit is één van de situaties waarin de arbiter regelmatig zelf kan ingrijpen zonder enig verzoek van de spelers. Zelfs een onopgemerkt mat beëindigt de partij onmiddellijk en doorspelen is dus nutteloos.

Indien het vallen van de vlag geclaimd wordt nadat de matzet is uitgevoerd is de mat toch geldig. In het hypothetisch geval dat het tegelijk gebeurt, zou de voorkeur moeten gegeven worden aan de matzet, omdat dit met de logica van de partij strookt.

In een toernooi in Liège vroeg een speler aan de arbiter of het eventueel toegestaan was om nog remise voor te stellen aan de tegenstander als je hem net had matgezet, waarop de arbiter de wijze woorden sprak « mat is de schoonste manier om een partij te beëindigen, zwijgen en tekenen »

[55] Deze laatste paragraaf werd recent toegevoegd, maar niet voordat een spitsvondige speler me eens probeerde mat te zetten terwijl hijzelf schaak stond. Hij merkte op: je staat mat en dit beëindigt de partij onmiddellijk, je kan dus mijn koning die schaak staat niet meer nemen…

[56] Een speler kan op verschillende al dan niet dubbelzinnige wijzen opgeven: de klok stilzetten, de koning omvergooien, de hand uitsteken, het notatieformulier ondertekenen, en zo verder. Deze wijzen zijn op zich niet voldoende, de opgave moet gemeld worden. Het is al voorgekomen dat een speler wou opgeven, zijn hand uitstak, en de tegenstander onmiddellijk vroeg « remise ? », waarop de verbouwereerde speler dan maar « akkoord » zei.

Merk op dat het onsportief beschouwd door gewoon weg te lopen als teken van opgave. Een dergelijk gedrag kan en mag bestraft worden

Er is een geval bekend waarin beide spelers op ongeveer hetzelfde moment opgaven. Zwart speelde g7-g5 waarop Wit dacht dat hij mat liep en opgaf. Zwart zag echter de weerlegging want na slaan en-passant ging hij mat, en hij gaf ook op. Als niet duidelijk kan uitgemaakt worden wie eerst was, primeert de opgave van de speler aan zet. Het is eerst aan deze speler om actie te nemen bijvoorbeeld opgeven.

In de wandelgangen wordt soms beweerd dat het stilzetten van de klok ook een teken is van opgave. Echter de reglementen laten reeds enkele jaren toe om in bepaalde gevallen, bijvoorbeeld om de arbiter naar het bord te halen, de klok mag stilgezet worden. Dus deze fabel mag geklasseerd worden.

[57] Dit is een uitvinding uit 1867, voor het eerst toegepast in een toernooi in Dundee. Tot daarvoor moest elke partij beslissend eindigen en zo nodig overgedaan worden totdat één der spelers won.

[58] Dit is één van de situaties waarin de arbiter regelmatig zelf kan ingrijpen zonder enig verzoek van de spelers. Zelfs een onopgemerkt pat beëindigt de partij onmiddellijk en doorspelen is dus nutteloos. Ook opgeven zal in deze situatie ongeldig zijn. In toernooien met kleinere kinderen of beginnende schakers gebeurt het wel eens dat je als arbiter in dergelijke gevallen de partij moet stilleggen.

[59] Voor arbiters die twijfelen het gaat hier enkel om stellingen met K tegen K, K+P, K+L en met K+L tegen K+L met de lopers van dezelfde kleur. Zolang er een pion, een toren, of een dame op het bord staat is er steeds een methode om te winnen tegen het slechtste spel. Uitzondering: Sommige zeer zeldzame stellingen met vastgelopen pionnen waar de koningen (en lopers) nooit meer langs kunnen.

Vele andere stellingen zoals K+P tegen K+P of K+T tegen K+T zijn niet meer onmiddellijk remise te verklaren tenzij dit zou vermeld worden in de toernooiregels.

Vroeger stond hier nog dat een geforceerde mat in één moest kunnen, nu echter niet meer. Dus ook stellingen met randpion zijn verder te spelen.

De zin « dit beëindigt de partij onmiddellijk » betekent dat, net zoals voor mat of pat, een remiseclaim niet nodig is: de partij is gedaan (remise) zodra de stelling ontstaat en dit kan zelfs post-mortem (zelfs na het vallen van een vlag) vastgesteld worden. Dit betekent ook dat de arbiter die een dergelijke stelling vaststelt de partij kan stilleggen

[60] De FIDE heeft wellicht mijn voetnoten in een vorige versie van het vademecum gelezen en artikel 9.7 dat exact hetzelfde zei, verwijderd.

[61] Nieuw sinds 2017, de voorwaarde dat elk minstens één zet heeft gespeeld. Beide spelers moeten, anders uitgedrukt, effectief gespeeld hebben. Wie geen enkele zet doet heeft geen recht op punten.

[62] In 1962 heeft FIDE geprobeerd een regel in te voeren die remiseafspraken verbood voor de 30ste zet maar liet dit idee varen twee jaar later. Recent onderneemt FIDE nieuwe pogingen om remises te ontmoedigen opnieuw op dezelfde manier (de zogenaamde “Sofia” regel). Sinds 2017 is de regel dus dat je minstens één zet moet spelen elk.

Volgens mij is de enige efficiënte wijze om remises tussen spelers te ontmoedigen, door minder punten toe te kennen aan remises door bijvoorbeeld een 3-1-0 zoals in de voetbal of een 4-2-1 systeem toe te passen voor winst/remise/verlies. Dit laatste systeem laat ovendien toe een forfait te bestraffen met een 0.

[63] En niet meer “uurwerken” (aangepast in 2017)

[64] Bij digitale klokken is dit vaak een merkteken zoals bijvoorbeeld een « – » die verschijnt op de klok van zodra de tijd verstreken is. De aanwezigheid van een minteken doet dienst voor een gevallen vlag voor toepassing van artikel 6.9

[65] Indien de zet de partij beëindigt, hoef je dus de klok niet in te drukken, en kan je bijgevolg ook niet door je vlag gaan.

[66] Een doordenkertje vanwege FIDE, je kan bijvoorbeeld vergeten je klok in te drukken, de tegenstander speelt en je bent opnieuw aan zet, dan is je vorige zet ook voltooid. Speciaal voor sommige arbiters die hieraan twijfelen; het kan dus dat de tegenstander speelt zonder dat je de klok hebt ingedrukt en dat je pas na de volgende zet de klok indrukt om de zet te voltooien.

[67] Na het uitvoeren van je zet mag je dus je klok stoppen, zelfs als de tegenstander reeds geantwoord heeft. Deze kan dan wel onmiddellijk terug zijn klok stoppen.

[68] Dank aan FIDE om hier expliciet te vermelden dat het dus wel degelijk kan da teen speller antwoordt op een zet alvorens de tegestander de klok had ingedrukt. Dit mg, maar weet weld at je tegenstander toch nog de klok mag indrukken, al was het maar om zijn tijdsincrement voor de gespeelde zet te ontvangen.

[69] Subtiele manier om te zeggen dat je dus toch door je vlag kan gaan nadat je de laatste zet hebt voltooid voor de tijdnood maar je je klok nog niet hebt stilgezet.

[70] Overtreding die vooral in snelschaak en tijdens tijdnoodfases wel eens durft voor te komen.

[71] Over het algemeen beginnend met een waarschuwing alvorens tot tijdstraffen over te gaan.

[72] Zie ook artikel 4.2. FIDE houft ervan om zaken tweemaal in de reglementen te zetten.

[73] Ik laat het aan de verbeelding van de lezer over om te begrijpen wat hiermee bedoeld wordt. Laten we aannemen dat hier bedoeld wordt dat als je assistent een sterke grootmeester is, dat de arbiter twijfels zal hebben over eventuele bijbedoelingen.

[74] Nieuw in 2017. Enkel de klok van de onbekwame speler kan worden bijgesteld, en enkel als het om een standaard klok gaat en niet om een speciale klok voor de speler.

[75] Met het zogenaamde Fischer tempo of andere tempo’s zoals het Bronstein tempo (waarbij je nooit meer tijd kan hebben na je zet dan voor je zet, dus geen extra tijd kan accumuleren). Hiervoor zijn speciale digitale klokken nodig die eventueel programmeerbaar zijn.

[76] Het gaat hier over de Bronstein-tijdsregistratie (zie hoofdstuk over « Tijdschema’s »), of de “time delay” mode, methodes die zeer weinig gebruikt worden.

[77] Als en wanneer er een vlag valt, vindt de tijdcontrole plaats. Een wijdverbreid misverstand zegt dat de tijdcontrole direct na de laatste zet van een periode (bijvoorbeeld de 40ste) plaatsvindt. Uitzondering: Bij Fischer-tempo in meerdere periodes is de tijdcontrole bij het vallen van de vlag meestal niet praktisch. In dat geval wordt de tijdcontrole verricht bij het bereiken van het vereiste aantal zetten.

[78] Zie artikel 6.8 voor de vaststelling hiervan

[79] De laatste zet voor de tijdscontrole moet uitgevoerd zijn en de klok ingedrukt alvorens de vlag valt, zoniet is de partij verloren.

[80] Het is gebruikelijk dat de klok geplaatst wordt aan de rechterzijde van de zwartspeler en zodanig dat een maximum aan klokken tegelijk kan geobserveerd worden door de arbiter vanuit de gang tussen de borden. In de praktijk is de plaats van de klok op de tafel dus bepaald door de arbiter, maar wordt het soms toegestaan dat de spelers in onderlinge overeenkomst of volgens de voorkeur van de zwartspeler de ligging van het bord (wit langs de ene of de andere zijde) zelf bepalen.

[81] In principe is dit het moment dat de arbiter of de toernooileider zegt dat de partijen mogen beginnen, of in diens afwezigheid het vooraf meegedeeld uur. Bijvoorbeeld in de nationale interclubs is dit om 14:00u. Het is gebruikelijk dat de arbiter de klokken start van de afwezige spelers.

[82] Bij voorkeur door de zwartspeler of in diens afwezigheid door de arbiter. Tijdens een toernooi is het belangrijk om alle klokken tijdig te starten teneinde te vermijden dat een lange partij het einde van de ronde zou vertragen en het tijdschema van het toernooi in gevaar zou brengen.

[83] Als de toernooiregels geen default time vermelden, moeten alle spelers bij het begin van de partij aanwezig zijn. Elke afwezige verliest onmiddellijk de partij.

[84] Te laat verschijnen verliest de partij. Vroeger was het zo dat méér dan 1 uur te laat verschijnen het verlies van de partij betekende. Nu moet dit indien nog van toepassing in de toernooiregels worden opgenomen. OPGELET 1: er staat niet dat er ook een zet moet zijn uitgevoerd binnen de toegestane tijd dat men te laat mag komen, de aanwezigheid in de toernooizaal volstaat om de partij niet te verliezen. OPGELET 2: de tijd dat men al dan niet te laat mag komen wordt gerekend ten opzichte van het voorziene aanvangsuur van de ronde, en niet ten opzichte van het starten van de klok van de speler

(Het zou bijvoorbeeld de zwartspeler kunnen zijn die 1u05 te laat komt, terwijl de witspeler ook 15’ te laat was, de zwartspeler heeft dan slechts 50’ op de klok maar verliest toch de partij door artikel 6.7, indien men maximum 1 uur te laat mocht komen)

[85] De deur wordt opengelaten voor bijzondere omstandigheden, de beslissing ligt bij de scheidsrechter.

[86] Ook dit is een expliciete rol voor de arbiter. De arbiter moet ALTIJD wijzen op het vallen van de vlag als hij aanwezig is (en het vallen vaststelt), dus ook in de versnelde fase (QPF). Sinds de revisie van 2017 is dit tevens het geval voorRapid-schaak en snelschaak. Vroeger mocht de arbiter in degelijke partijen niet ingrijpen, nu is deze uitzondering wijselijk verwijderd.

Een goede arbiter zal weten op welk moment de vlag valt. Als het vallen pas na een tijdje wordt gemerkt, dan wordt toch gedaan alsof de vlag net gevallen is. Wat omstanders (“getuigen”) gezien hebben telt niet mee.

[87] Wie mat geeft en vervolgens door de vlag gaat heeft dus toch gewonnen omdat mat de partij onmiddellijk beëindigt. Hetzelfde geldt voor pat, een dode stelling (zie nota’s bij artikel 5.2.2) en een remiseovereenkomst en een opgave door de tegenstander. Met andere woorden remise overeenkomen en dan pas zien dat de vlag gevallen is, blijft remise.

[88] Zelfs bij het slechtst mogelijke tegenspel, hoe absurd het ook moge zijn.

[89] Dit is niet de « dode stelling » waarvan eerder sprake. Hier gaat het om het matpotentieel van de speler die niet door de vlag is gegaan. In principe is dit artikel enkel van toepassing indien de speler niet meer beschikt over pion, toren of dame, en ook niet over twee lopers, of loper en paard. Ook in sommige stellingen met twee paarden is mat nog mogelijk, dus wees voorzichtig als arbiter alvorens dit reglement toe te passen, in tijdnoodsituaties is het beter te wachten op het vallen van de vlag om dit artikel toe te passen of nog beter, dat de spelers zelf remise overeenkomen.

[90] Het is aangewezen dat de arbiter tijdens een wedstrijd regelmatig de klokken controleert en een tijdschema hiervoor gebruikt.

[91] Dit is over het algemeen niet eenvoudig tenzij het kennelijk gebrek zich zeer duidelijk aan één zijde voordoet. In dit geval zal de arbiter alle tijd dat de klok heeft stilgestaan moeten bijtellen aan de zijde van het defect. Het blijft aangewezen, hoewel dit niet meer in de regels staat) om de speler toch een redelijke tijd te laten, bijvoorbeeld minstens één minuut per zet indien het niet om een versnelde fase gaat. De tijdsverdeling helemaal niet herstellen na een vaststelling van een defect is echter ook geen optie omdat dit opnieuw het tijdschema van het toernooi in gevaar kan brengen als de betreffende partij lang uitloopt.

[92] Indien van toepassing moet ook de zettenteller van de klok correct worden ingesteld, bijvoorbeeld bij Fischer-tempo.

[93] Tenzij onderling akkoord van spelers die het tijdsverbruik hebben opgevolgd tijdens de partij is enkel een gelijkmatige herverdeling van beide klokken mogelijk. Het kan ook zijn dat het tijdschema van het toernooi niet toelaat om de klokken terug te draaien. In dit geval is het aangewezen dit specifiek geval in de toernooireglementen op te nemen zodat het terugdraaien niet kan worden geëist door de spelers.

[94] Als de speler zich niet goed voelt of gestoord wordt door omstaanders zijn voorbeelden van geldige redenen. Naar het toilet moeten gaan is niet noodzakelijk een geldige redden, dit wordt overgelaten aan het oordeel van de arbiter die medische redenen zal onderzoeken.

[95] Het is niet omdat dit materiaal aanwezig is dat de speler zich op bijkomende info zal mogen beroepen bijvoorbeeld komende van omstanders. Ook elke foutieve indicatie op dit bijkomend materiaal kan niet als verdediging gebruikt worden bij bijvoorbeeld tijdsoverschrijding. Indien het toernooibord 40 zetten meldt terwijl er bij controle slechts 39 zetten blijken gespeeld te zijn zal een tijdsoverschrijding van toepassing blijven.

[96] Nieuw in 2017. De regels voorzien expliciet dat de arbiter kan beslissen dat het niet nodig is de tijd aan te passen.

[97] Als dit blijkt na de partij, blijft het resultaat van de partij gelden en wordt er niet opnieuw gespeeld

[98] Elke verkeerde stelling (koning en dame verkeerd, lopen er paard omgedraaid, etc…) geeft dus aanleiding tot het annuleren van de partij. Indien het toernooischema het niet toelaat met een volledig tempo te herbeginnen zal een partij met verminderde tijd op de klok moeten gespeeld worden. Dit geldt niet voor rapidschaak en snelschaak indien reeds 3 zetten zijn gespeeld (zie artikel A4)

[99] Een speler kan zich dus niet beroepen op het verkeerd liggen van het bord om een eventuele vergissing die hij hierdoor beging te laten rechtzetten. Let op dit geldt ook voor een bord dat 90° gedraaid is en waar de kleur van de velden dus verwisseld is (en de beginpositie correct was, dus met de dames niet op het veld van hun kleur)

[100] Nieuw sinds 2017. FIDE heeft mijn voetnoot dus in rekening gebracht die zei: ”Indien dit zeer snel wordt vastgesteld bijvoorbeeld tijdens de eerste vijf zetten kan alsnog beslist worden om de partij te herbeginnen met de juiste kleuren voor zover dit het tijdschema van het toernooi niet in gevaar brengt.”

[101] Het is wel gebruikelijk om hiermee rekening te houden bij de uitvoering van de paringen voor de volgende ronden. In Pairtwo kan je eenvoudig de kleur van beide spelers wisselen en het resultaat invoeren volgens de kleur waarmee effectief gespeeld werd.

[102] Indien het stilzetten van de klok noodzakelijk was, is een tijdstraf toch aangewezen.

[103] Onregelmatige zetten kunnen dus niet geclaimd worden zolang de klok niet werd ingedrukt, en kunnen nog hersteld worden door de speler.

[104] Dit is enkel van toepassing tijdens de partij. Er geldt dus dat klachten na de partij niet worden aanvaard.

[105] Inclusief het niet voldoen aan alle eisen van de promotie of het slaan van de koning van de tegenstander

[106] Tenzij de onregelmatigheid onmiddellijk wordt vastgesteld, zal dit in een gewone partij vaak op basis van de notatieformulieren zijn, tenzij de spelers zelf over een meer recente stelling akkoord geraken. Als er niet genoteerd is in een rapid-toernooi met beginnende schakers kan het gebeuren dat er geen enkele stelling tenzij de beginstelling gevonden wordt. In dit geval moet de partij opnieuw beginnen. In geen geval wordt er verder gespeeld in de laatste stelling, na de onregelmatigheid !

Op een jeugdtoernooi werd ik eens bij een partij geroepen waar bleek dat de twee spelers al geruime tijd aan het spelen waren met slechts 1 koning op het bord. De zwarte koning was reeds eerder geslagen maar ze wisten niet meer wanneer en uiteraard had geen van beide spelers genoteerd. In principe moest dus de partij herbegonnen worden.

Uitzondering: in snelschaak speelt men verder als de onregelmatigheid niet is geconstateerd.

Voor schoolschaak is er in dergelijke gevallen een meer pragmatische oplossing. Je telt het aantal punten van elke speler (pion=1, paard, loper=3 etc, koning=0) en de speler met de meeste punten wint. Beiden hebben een fout gemaakt en verderspelen heeft geen zijn, maar er is wel een winnaar.

Eenzelfde situatie in snelschaak zal door de creativiteit van de arbiter moeten opgelost worden. Je kan zeggen dat zwart verloren is omdat hij geen koning meer heeft, je kan ook zeggen dat zwart niet meer kan verliezen omdat wit hem niet meer mat kan zetten. Remise lijkt dan de meest aanvaardbare beslissing.

[107] Met andere woorden, de eerstvolgende zet moet met hetzelfde stuk worden gedaan als de onreglementaire zet.

[108] Nieuwe regel vanaf 2014. Nadat de klok is ingedrukt wordt de pion automatisch een dame, een andere keuze is niet meer toegestaan. FIDE is hier nog vriendelijk, de regelmaker had bijvoorbeeld kunnen kiezen voor een paard of loper als “straf”

[109] Was artikel 7.8 in de versie van 1 juli 2017

[110] De FIDE wil dit expliciet aanpakken, hoewel dit bij mijn weten weinig voorkomt

[111] Was artikel 7.7 in de versie van 1 juli 2017

[112] De FIDE wit dit expliciet aanpakken, vandaar de herhaling van artikel 4,1. Het gebruiken van twee handen moet vanaf 2017 bestraft worden door de arbiter. Correctie op 1 januari: de straf geldt enkel als de klok wordt ingedrukt, voordien kan de speler de fout nog herstellen, bijvoorbeeld door eerst beide handen te gebruiken dan plots in te zien dat dit niet mag en alsnog de zet correct uitvoeren. Let wel: de regel van het eerst aangeraakte stuk telt nog steeds.

[113] Opgelet, vanaf de tweede maal is het reeds verloren, vroeger was dit vanaf de derde inbreuk.

[114] Opgelet, vroeger verloor de onreglementaire zet in snelschaak onmiddellijk de partij, dit is niet meer het geval. Ook in snelschaak is dit nu pas vanaf de tweede inbreuk.

[115] Toevoeging in 2009 en nadien nog aangepast in 2017. De partij is remise bij de tweede onregelmatige zet van een speler als zijn tegenstander niet meer kan winnen.

[116] Idem als artikel 7.4 behalve dat er geen sprake is van een onreglementaire zet enkel van een stelling die verstoord is. Voetnoot bij artikel 7.4 kan hier dus ook toegepast worden.

[117] Ik ken een speler die wel eens durft 19 zetten noteren op de plaats van 20 door de zetten voldoende slordig meer en meer onder de voorziene lijn te schrijven. Het beoogde doel is om na 39 zetten de indruk te wekken dat er 40 gespeeld zijn (het notatieformulier is vol) en eventueel winst te claimen bij tijdsoverschrijding. Een arbiter mag deze werkwijze niet toelaten.

[118] Vele spelers en helaas vooral meesters zondigen tegen dit onderdeel van het reglement. Ik vermoed dat er een soort erecode bestaat tussen grootmeesters zoals ook bij dokters in de geneeskunde om zo onleesbaar mogelijk te schrijven. Helaas is dit bij het schaken verboden door het reglement. De onleesbaarheid kan dus in principe verboden worden maar ik moet nog de eerste arbiter ontmoeten die de moed heeft hiervoor op te treden tegen deze meesters.

[119] Spelers vragen soms om een eigen notitieboekje te mogen gebruiken. De arbiter moet een dergelijk verzoek steeds afwijzen, enerzijds in toepassing van dit artikel, maar vooral in toepassing van artikel 12.2.7. Het is namens waarschijnlijk dat er in dit notatieboekjes eerdere partijen staan met gelijkaardige openingen wat een ontoelaatbare bron van informatie zou kunnen zijn. In dezelfde zin zal de arbiter bij vaststelling dat een speler dergelijk boekje gebruikt in plaats van het notatieformulier moeten ingrijpen in de speler verplichten het officiële notatieformulier te gebruiken.

[120] Dit is een vaak voorkomende gewoonte die dus strikt verboden is volgens de regels. Over het algemeen wordt dit ten onrechte oogluikend toegestaan. De arbiter kan ook in dit geval de straffen voorzien in artikel 12.9 toepassen.

[121] Legt de vinger op een wonde in het reglement. De wijze van remise claimen volgens 9.2 en 9.3 is een erfenis uit het verleden en vraagt om te veel uitzonderingsmaatregelen.

[122] Het is aangewezen dat de arbiter dit artikel strikt doet toepassen zeker in fases waarin snel wordt gespeeld. Een speler MOET zijn vorige zet genoteerd hebben alvorens een volgende zet te doen, zoniet kan artikel 12.9 toegepast worden. « Ik speel nog rap een zet en zal daarna mijn notatie wel inhalen » is dus verboden. Voor een eerste inbreuk is een terechtwijzing of waarschuwing voldoende, bij herhaling kan dit beschouwd worden als hinderen van de tegenstander en zou er dus 2 minuten moeten bijgegeven worden aan de tegenstander. Dit laatste zal over het algemeen volstaan om de speler tot inzicht te brengen dat noteren verplicht is.

[123] Het mag niet gebruikt worden om analyses, varianten (alternatieve zetten) en dergelijke te noteren tijdens de partij, en ook geen ? of ! bij (vermeende) slechte of goede zetten.

[124] Dit teneinde het remisevoorstel duidelijk vast te stellen en het eventueel intrekken onmogelijk te maken.

[125] Het is dus verboden om het formulier te bedekken. Voortgaand op een nota bij vorig artikel is het tevens de gewoonte van spelers die hun zet op voorhand noteren om deze notatie vervolgens te bedekken met het schrijfgerief. Dit is verboden volgens artikel 8.2. De arbiter (en bijgevolg ook de tegenstander) moeten te allen tijde het notatieformulier kunnen zien.

[126] De notatiebiljetten worden gebruikt door de arbiters en toernooiorganisaties voor het bijhouden en publiceren van partijen. De spelers moeten het originele notatieformulier altijd afstaan als de organisatie daarom vraagt.

In de meeste toernooien stelt de organisator een dubbel formulier (met doorslag) ter beschikking zodat de speler een kopie van het formulier voor zichzelf kan houden. Soms zal je discussie hebben met een speler die het origineel wil houden. In dit geval is artikel 8.3 voldoende uitleg, het formulier is eigendom van de organisatie, de doorslag is voor de speler.

[127] Voor elke tijdslimiet, dus ook voor de Quick-Play-finish. Zelfs in de laatste tijdsperiode (gewoonlijk KO genoemd maar eigenlijk QPF) is het noteren verplicht tot de laatste 5 minuten. Zie eerdere nota’s bij artikel 8.1. Voor een gepaste aanpak door de arbiter bij overtreding.

[128] Fischer tempo bijvoorbeeld. In dit geval blijft noteren steeds verplicht.

[129] De arbiter is niet verplicht aanwezig te zijn, wat wel soms door spelers wordt verondersteld. Als de arbiter niet bij de partij kan zijn om te noteren kan hij zich eventueel laten assisteren, enkel voor het noteren van de zetten.

[130] Het gebeurt vaak dat spelers of toeschouwers trachten te achterhalen hoeveel zetten er gespeeld zijn zonder te noteren. De arbiter zal deze informatie niet geven en zal zeker geen indicatie geven wanneer volgens hem het aantal voorgeschreven zetten is uitgevoerd. Om eventuele toeschouwers te ontmoedigen vermeld ik nooit de zetnummers als ik noteer, enkel de zetten, dit maakt het vrij moeilijk om te zien hoeveel zetten er nog ontbreken tot de tijdscontrole.

[131] De arbiter mag zijn notatie niet ter beschikking stellen voordat een vlag is gevallen. Eventueel kan hierop een uitzondering gemaakt worden als beide spelers kenbaar maken dat ze akkoord zijn dat de nodige zetten voor de tijdslimiet zijn uitgevoerd (en de arbiter dit met zijn notatie ook heeft vastgesteld) maar dan wel zonder de klok stil te zetten. In een bepaald toernooi noteerde ik een vijftiental zetten in de tijdnoodfase maar kon mijn notitie niet ter beschikking stellen zolang er geen vlag viel. Tot mijn verwondering begon de ene speler rustig na te denken en de andere vulde de 15 ontbrekende zetten zonder enig probleem aan op zijn formulier zonder mijn notities te gebruiken. Hierna begreep ik dat het noteren in tijdnood bij partijen van meesters eigenlijk een oefening in futiliteit is. Spelers van dit niveau zijn perfect in staat zelf de gespeelde zetten te reproduceren.

[132] De klok wordt niet stilgezet in dit geval. Bij een overtreding hierop kan de arbiter best eerst een waarschuwing geven en pas daarna bij weigering een straf van twee minuten tijdsvermindering op de klok van de betreffende speler toepassen.

Vaak weigert een speler om dit te doen zeker als de partij toch bijna is afgelopen. Het is in principe aan de arbiter om de speler te wijzen op deze verplichting in artikel 8.4. In het slechtste geval zal de speler indien het een verloren stelling is, opgeven en dan sta je redelijk machteloos.

[133] Dit is de regel maar me dunkt dat indien beide spelers akkoord gaan dat er voldoende zetten gespeeld zijn end at de partij achteraf gereconstrueerd kan worden, het niet echt nodig is om deze regel toe te passen.

[134] Het is aangewezen om de reconstructie te doen zo dicht mogelijk bij het originele bord teneinde de vergelijking met de uiteindelijke stelling te vereenvoudigen. Een bijkomende reden is dat er een risico is dat een overijverige assistent het bord in kwestie vindt zonder spelers en met stilstaande kolk en begint op te ruimen. Dit is reeds gebeurd in het verleden en kan zeer gênant zijn voor de hoofdwedstrijdleider.

[135] Dit artikel geeft aan dat iemand die op tijd probeert te winnen er alle belang bij heeft om te blijven noteren. Als de partij niet kan worden gereconstrueerd is er geen verlies door tijdsoverschrijding mogelijk.

[136] Met andere woorden als een speler winst wenst te claimen door tijdsoverschrijding zal hij op ondubbelzinnige manier (eventueel met de hulp van de notatie van de arbiter) moeten kunnen aantonen dat er minder zetten gespeeld zijn. Stoppen met noteren is dus nooit een aangewezen tactiek om op tijd te winnen.

[137] Bijvoorbeeld kunnen de spelers niet 40 maar zelfs 42 zetten reconstrueren, maar het exacte aantal is niet gekend. In dit geval wordt de volgende zet beschouwd als de 43ste.

[138] De handtekening op het formulier bevestigt het resultaat. In principe zal een ondertekend formulier ook een belangrijk bewijsstuk zijn bij eventueel beroep tegen het resultaat. Een speler die niet akkoord gaat met de beslissing van een arbiter kan dus beter het formulier niet ondertekenen.

[139] De partij is dus eigenlijk pas gewonnen als het resultaat correct is doorgegeven aan de arbiter. De arbiter dient bij ontvangst van de formulieren na te kijken dat tweemaal hetzelfde resultaat werd ingevuld, zodoende kan hij onmiddellijk de spelers ondervragen als dit niet klopt.

[140] Uiteraard indien beide spelers akkoord gaan dat het resultaat verkeerd werd ingevuld, zal de arbiter de verbetering aanvaarden.

[141] Nieuw artikel sinds 2009. Remise kan dus verboden worden in de toernooiregels. Het aantal zetten waarbinnen een remise verboden is moet aangekondigd worden in de toernooireglementen voor de aanvang van het toernooi.

[142] Niet alle spelers hebben deze regel goed onder de knie. De juiste volgorde is: 1. Zet uitvoeren, 2. Remise aanbieden, 3. Klok indrukken. Als een speler remise voorstelt alvorens een zet te doen kan de tegenstander verzoeken om eerst de zet uit te voeren alvorens hij op het remisevoorstel antwoordt, het remisevoorstel kan niet meer worden ingetrokken. Als een speler remise voorstelt op de tijd van de tegenstander is dit in principe een hindering voor de tegenstander en kan artikel 12.9 toegepast worden. Na een waarschuwing is een toevoeging van 2 minuten bij de tegenstander aanbevolen. Toch zal het remiseaanbod gelden.

Uiteraard moet de speler niet wachten op een antwoord alvorens de klok in te drukken, de tegenstander heeft tijd tot hij op zijn beurt een zet uitvoert om het voorstel aan te nemen of te weigeren.

[143] Het remiseaanbod mag niet hinderlijk zijn voor de tegenstander.

[144] Bijvoorbeeld een remise voorstellen op voorwaarde dat op een ander bord ook remise wordt overeengekomen is strikt verboden volgens dit artikel. Verder gaand mag je dus stellen dat een afgesproken reeks remises tussen twee ploegen bijvoorbeeld in de nationale interclubs een overtreding is van artikel 9.1.

[145] Dit wordt vaak vergeten, toch is het nuttig om een remiseaanbod te noteren zodat het later niet ontkend kan worden door de aanbieder.

Dit artikel is dubbel gebruik met artikel 8.1.5, dus misschien verdwijnt het nog in een volgende versie van de regels (wie weet)

[146] Dus de tegenstander van een speler die remise claimt, kan dit remisevoorstel aanvaarden als hij het eens is dat de claim terecht is (dit vereenvoudigt het werk van de arbiter) of als hij eveneens tevreden is met remise. Hij kan dus ook remise aanvaarden als de claim onterecht is.

[147] Het is dus niet « herhaling van zetten » maar wel « herhaling van stelling ». De herhalingen hoeven niet op elkaar te volgen (het mag bijvoorbeeld na zet 44, 52 en 54 zijn) en de stelling hoeft niet telkens door dezelfde zet te ontstaan.

[148] Voor de slimmeriken, het mag dus ook na de vierde keer of vijfde keer etc…

[149] De regels zijn vrij duidelijk hierin: wie zelf een derde maal een stelling wil creëren mag de zet niet uitvoeren omdat de stelling nog tot stand moet komen. Eigenlijk maakt de FIDE het hier onnodig moeilijk omdat deze regels twee uitzonderingen vraagt ten opzichte van de rest van de regels: ten eerste mag er geclaimd worden zonder te spelen (in uitzondering op 9.1) en ten tweede mag er een zet genoteerd worden zonder te spelen (in uitzondering op 8.1). Maar de regels zijn zo en de arbiter kan dus enkel deze remiseclaim aanvaarden, voor zover ze terecht is natuurlijk, als de zet niet is uitgevoerd op het bord.

[150] Er is een anekdote van een speler wiens tegenstander niet meer noteerde en zelf zo overijverig noteerde dat er volgens zijn notatieformulier driemaal dezelfde stelling was ontstaan terwijl het in realiteit, volgens sommige bronnen, pas de tweede maal was. Ondanks het protest van de tegenstander, kon de arbiter niets anders doen dan de claim goedkeuren op basis van het enige notatieformulier dat « volledig » was. Dit weze een waarschuwing voor elkeen die niet meer noteert in tijdnood.

[151] Er is zoveel aandacht voor a. dat b. soms vergeten wordt: als de tegenstander net 3x dezelfde stelling heeft doen ontstaan kan een speler ook remise claimen (en uiteraard zonder een zet te doen)

[152] Dit wordt soms over het hoofd gezien, na een « driehoekje » zou het kunnen dat dezelfde stelling ontstaat, maar met de andere speler aan zet.

[153] « eeuwig schaak » is een situatie waarin een speler kan aantonen zijn tegenstander steeds schaak te kunnen geven zonder mat te zetten ongeacht hoe de partij verder gaat. FIDE erkent « eeuwig schaak » echter niet en de remise zal dus moeten geforceerd worden door herhaling van stelling voorzien in dit artikel.

[154] Dit was vroeger een « footnote », maar de FIDE heeft dit expliciet in de regels toegevoegd: dus de arbiters moeten inderdaad specifiek opletten voor rokade en en-passant, en daarnaast uiteraard ook voor het feit dat driemaal dezelfde speler aan zet moet zijn.

[155] (Ingevolge FEFB-kamp 2011) het is duidelijk dat dit op initiatief van de speler geschiedt en dat de arbiter enkel tussenkomt op vraag van de speler.

[156] Net zoals in 9.2 mag de zet niet worden uitgevoerd op het bord. Opnieuw vind ik dat de regels het hier nodeloos ingewikkeld maken. Zolang de klok niet is ingedrukt zou een claim nog steeds tot de mogelijkheden moeten behoren, misschien kan de spelregelcommissie hier nog eens over nadenken. Vandaag echter moet de arbiter de claim weigeren als de zet is uitgevoerd op het bord.

[157] Er zijn geen uitzonderingen (meer) op deze regel. Na 50 zetten kan remise geclaimd worden, zelfs indien de stelling theoretisch gewonnen is, zelfs als een speler onherroepelijk mat gaat, en zelfs indien de computer het onbetwistbaar winstplan kan geven tegen het beste tegenspel…

[158] Vroeger was dit een zet spelen. Vanaf 2009 is het aanraken van een stuk voldoende om het recht op een claim te verliezen.

[159] Korte herhaling van wat er reeds in 9.2 en 9.3 staat.

[160] Vervolgens kan de arbiter erbij geroepen worden. De speler hoeft dus niet te wachten op de arbiter om de klokken stil te zetten. Het stilzetten van de klok kan ook niet als verplichting gezien worden. Het zou al te gek zijn als een terechte remiseclaim onder 9.2 of 9.3 afgewezen wordt omdat de klok niet stilstaat.

[161] Er is een nieuwe variant uitgevonden door Leko waarbij je een onterechte claim indient gewoon om naar het toilet te kunnen gaan. Zeker goed tijdens de eindfase van de partij als je maar 30 seconden per zet meer hebt. De arbiter is verplicht de claim te controleren en je hebt tijd genoeg om even te pauzeren. Dat de tegenstander drie minuten cadeau krijgt neem je erbij

[162] Het toevoegen of aftrekken van tijd werd vroeger aan de discretie van de arbiter overgelaten, nu is dat in beton gegoten door het reglement. OPGELET: Er wordt geen tijd meer afgetrokken sinds 2009

[163] FIDE denkt hierbij aan een claim op basis van een illegale zet. Lijkt me nogal vergezocht, maar je weet maar nooit. De genoteerde zet moet dus enkel gespeeld worden als het een legale zet is, maar de regel aangeraakt is spelen is wel geldig. Er zal dus een andere zet met het genoemde stuk moeten uitgevoerd worden.

[164] Nieuwe regel ten einde duidelijke remises te vereenvoudigen. Er is dus geen specifieke claim of procedure nodig. De partij is de facto remise, en eveneens de arbiter kan en zal indien hij aanwezig is deze remise vaststellen en noteren.

[165] Zetherhaling of eeuwig schaak vallen hieronder. Vijfmaal een schaakpositie herhalen in eeuwig schaak is dus voldoende voor remise, dit is belangrijk voor snelschaak, waar een claim op basis van een notatieformulier niet kan. Dit is ook de wijze waarop de arbiter remise dient vast te stellen: vijmaal dezelfde stelling

[166] Opnieuw is dit voor snelle partijen zoals snelschaak of schoolschaak. De arbiter zal tot remise besluiten als hij tot 75 zetten kan tellen aan het bord. Dit vraagt wel om een arbiter met veel Geduld, zeker in schoolschaaktoernooien

[167] Sommige toernooien werken met de scores 3 – 1 – 0 of 3 – 2 – 1 of nog 4 – 2 – 1 om remises of forfaits te ontmoedigen

[168] De FIDE verstrengt met dit nieuwe reglement in 2017 dus nogmaals de individuele score van een partij. Eigenlijk betekent dit dat afwijkingen van 1 – 1/2 – 0 verboden zijn. Jammer want het leek me wel een leuk idee om afwijkende scores in te voeren. Bijvoorbeeld “ik vind dat je beter staat, akkoord met 40-60 ?”

[169] Tot en met artikel 10 beschrijven de regels de partij, vanaf artikel 11 gaat het erom wat er naast de partij gebeurt.

[170] In de praktijk wordt zelden voldoende hard opgetreden tegen handelingen die duidelijk niet thuishoren in een toernooi zoals vechten of spuwen. Arbiters dienen streng op te treden en dergelijke personen uitsluiten uit het toernooi. In het vervolg van deze gids is de ethische code van de FIDE opgenomen die een aantal maatregelen bevat tegen dergelijk gedrag. Het is normaal dat van de spelers een zekere mate van “sportiviteit” en “goed gedrag” wordt geëist.

Onder dit artikel vallen ook de mogelijke dopingcontroles.

[171] De FIDE maakt onderscheid tussen “restroom” en “toilet”, maar eigenlijk is dit hetzelfde.

[172] Die specifiek voorzien zijn voor de deelnemers aan het toernooi

[173] De toestemming van de arbiter zal afhankelijk van het type toernooi meer of minder strikt worden toegepast. Op gemoedelijker toernooien zal een arbiter hier over het algemeen niet streng op toezien, en het spelersgebied vrij ruim omschrijven. Uiteraard zal bijvoorbeeld gaan rondlopen in de stad of naar huis gaan televisie kijken beschouwd moeten worden als een overtreding van artikel 12.2.7 en bestraft met het verlies van de partij. Bij een open toernooi is het evident dat de spelers tijdens de partij niet in de analyseruimte mogen komen.

[174] Het is dus wel degelijk toegestaan het bord te verlaten terwijl je aan zet bent, zolang je in de speelruimte blijft. Tot recent werd er door de arbiters altijd van uit gegaan dat de speler aan zet aan het bord moet zitten maar dit staat niet in de regels.

[175] Bijvoorbeeld voor een dringende behoefte

[176] De FIDE stelt vanaf nu expliciet dat toeschouwers geen plaats hebben in de speelruimte (dus tussen de borden lopen)

[177] Nieuw in 2017, dus de speelruimte (binnen het spelersgebied) verlaten zou ook aan de arbiter gemeld moeten worden

[178] Hier is één uitzondering: de ploegkapitein. Voor de specifieke rol van de ploegkapitein en wat toegestaan is verwijs ik naar de toernooireglementen van FIDE en de specifieke in elk toernooi.

De beroepscommissie KBSB stelt in de zaak Oostende-Dendermonde, juni 2009 dat « een speler niet verantwoordelijk kan gesteld worden voor mogelijke ongevraagde interventie in zijn partij ». Daartegenover moet de persoon die de interventie deed zeker wel gestraft worden.

[179] Elke inbreuk op dit artikel kan in principe bestraft worden met het verlies van de partij zonder waarschuwing. Valsspelen is het ergste wat een speler kan doen en is niet verdedigbaar. Het praten over een partij met een clubgenoot, het geven van signalen aan een kind of clubgenoot zijn een paar voorbeelden die bij vaststelling door de arbiter onmiddellijk bestraft moeten worden.

Het praten tussen spelers wordt heel vaak als onvermijdelijk beschouwd. Nochtans is dit een belangrijke bron van overtredingen op dit artikel. In meer « vriendschappelijke » toernooien en bijvoorbeeld ook in de nationale interclubs is een verbod op praten niet realistisch vandaag. In grotere toernooien zoals de nationale kampioenschappen (volwassenen en jeugd) zou dit eigenlijk moeten. Zie ook artikel 12.7 dat dit verbod expliciteert.

[180] De regels zijn ietwat aangepast om noodzakelijke toestellen toch toe te laten. Dit moet wel eerst gemeld worden aan de arbiter die dit moet goedkeuren en erop kan toezien dat het toestel niet wordt misbruikt.

[181] Je mag dus je telefoon wel degelijk meebrengen, maar hij moet uit staan en afgeleverd worden op een plaats voorzien door de arbiter. Als arbiter heb je dan wel de verantwoordelijkheid om toezicht te voorzien om diefstal te voorkomen.

[182] Het blijft aanbevolen om iedereen voor de aanvang van het toernooi over dit reglement specifiek te verwittigen, het liefst als iedereen klaar zit om de eerste ronde aan te vatten. In de praktijk heb ik vastgesteld dat er weinig discussie is over deze regel. De speler zal meestal berusten in de fout; het reglement is immers ondubbelzinnig.

[183] Bijvoorbeeld kan een reglement voorzien dat indien een speler voor persoonlijke of professionele redenen bereikbaar moet zijn via GSM, dan zal hij de arbiter hiervan op de hoogte brengen, en zijn GSM overmaken aan de arbiter zodat een eventueel gesprek in dit verband kan verlopen zonder de schaakpartij te beïnvloeden.

De discussie rond dit reglement is op dit moment nog hevig aan de gang, ook bij FIDE. Er zullen dus zeker nog wijzigingen gebeuren aan dit artikel in de toekomst.

[184] Let wel, enkel indien dit toegestaan is door de lokale wetgeving. In België zou ik er toch niet vanuit gaan da teen speller gefouilleerd mag worden door de arbiter. Dit betekent dat het vaststellen enkel kan vanop afstand of indien de GSM afgaat.

[185] En moeten zich gedragen als toeschouwers, wat betekent dat ze in de meeste gevallen dus ook niet meer tussen de borden mogen lopen of zelfs niet meer welkom zijn in de speelruimte of spelersgebied.

[186] Hierover kan je een boek aan anekdotes schrijven. Er was bijvoorbeeld een speler die de gewoonte had om zijn (redelijk grote) hond mee te nemen in de toernooizaal, die dan ook vaak ging liggen bij de voeten van de speler in kwestie maar soms ook nogal in de weg van de tegenstander. Deze situatie stootte uiteindelijk op een arbiter die stelde dat de tegenstander kon eisen dat de hond niet in de toernooizaal mocht als hij dit hinderlijk vond, en leidde tot en beruchte uitspraak «  tu ne veux pas jouer, alors tu gagnes », omdat de speler in kwestie weigerde te spelen zolang de hond van zijn tegenstander nog aan het bord bleef.

In het algemeen wordt, naast de aanwezigheid van huisdieren, ook het eten aan het bord als hinderlijk beschouwd. Maar in principe kan elke vorm van geluid geproduceerd door een speler hinderen, het zal niet eenvoudig zijn als arbiter om te oordelen wanneer je moet optreden indien er een klacht komt.

In het verleden is er ook veel geschreven over het roken in de toernooizaal, maar vermits deze gewoonte nu verbannen is uit FIDE-competities is dit hoofdstuk gesloten.

De match Karpov-Korchnoi in de Filippijnen is een goed voorbeeld van artikel 11.5

[187] Bijvoorbeeld een MP3-speler

[188] “Straffen” door de arbiter komt bijna nooit voor. Als u als scheidsrechter een straf overweegt, bedenk dan eerst dat dit in vrijwel geen enkel toernooi nodig is. De aangehaalde artikelen hebben alle betrekking op een moedwillige en grove inbreuk op de regels. De speler die iets fout doet wegens gebrek aan kennis van de reglementen kan zonder verdere consequenties op zijn vergissing gewezen worden.

[189] Ik laat het aan ieders verbeelding over wat hieronder kan verstaan worden. In principe is elk onhandelbaar gedrag hier onder te brengen.

[190] Bijvoorbeeld als de tegenstander niet meer kon winnen, kan besloten worden tot ½ – 0.

[191] Bijvoorbeeld remise overeenkomen zonder aan het bord te verschijnen of een partij te spelen moet met dubbel forfait worden bestraft.

[192] Dit spreekt vanzelf, maar het is nu expliciet opgenomen in de regels

[193] De regels van het toernooi kunnen dus een beroepsmogelijkheid voorzien of verbieden.

[194] Nieuwe regel in 2017. Het is dus niet meer toegestaan om even iets te gaan drinken terwijl de arbiter controleert of de claim juist is.

[195] Nieuwe regel in 2017. De spelers zelf zullen de partij naspelen onder toezicht van de arbiter die zal controleren of de claim klopt.

[196] Meer bepaald zal de arbiter steeds aanwezig zijn en het correct verloop van de partijen controleren. Als hij een overtreding vaststelt dient hij tussenbeide te komen, hij hoeft niet te wachten op een claim. Bijvoorbeeld zal de arbiter de regel van het aangeraakte stuk doen toepassen zelfs als de tegenstander dit niet vraagt.

[197] Er wordt eigenlijk weinig aandacht geschonken aan arbiters die zelf de regels van het schaakspel overtreden. Tot nu toe zijn sancties uitgebleven, tenzij dat de arbiters in kwestie niet meer gevraagd worden door geïnformeerde organisatoren.

[198] Dit artikel vervangt sinds 2014 de tekst “De arbiter moet zodanig optreden dat de wedstrijd optimaal verloopt. Hij moet zorgen voor goede speelomstandigheden en dat de spelers niet worden gehinderd. Hij moet toezien op het verloop van de wedstrijd”

[199] En dus streng optreden tegen valsspelen

[200] Bijvoorbeeld het onder controle houden van de toeschouwers, ervoor zorgen dat er geen lawaai is in de speelruimte, en zo verder.

[201] Hieronder valt, zorgen voor voldoende licht, voldoende verwarming, voldoende ruimte om te spleen, en zo verder

[202] Een speler die met opzet een andere speler stoort, behoort een straf te krijgen zoals voorzien in art 12.9. Een toeschouwer die een speler stoort wordt in principe voor het verdere verloop van de ronde of dag de toegang tot de toernooizaal ontzegd.

Het is anderzijds gebruikelijk om het nemen van foto’s toe te laten gedurende de eerste vijf minuten van een speelronde.

[203] Bijvoorbeeld het faciliteren van de mogelijke assistentie door extra ruimte te voorzien. Het voorzien van een speciale plaats in de toernooizaal voor spelers die zich moeilijk verplaatsen,

[204] De arbiter kan overleggen met de spelers alvorens te beslissen bij een betwisting, maar de spelers zullen de beslissing niet aanvechten in de toernooizaal. Indien een speler niet akkoord is zal hij beroep moeten aantekenen bij de beroepscommissie. Redetwisten met de arbiter is niet toegestaan volgens artikel 12.7.

[205] Vrij gebruikelijke praktijk in grote toernooien is dat de arbiter een aantal spelers of toeschouwers vraagt om hem te assisteren bij het noteren in tijdnood. Het is aangewezen dat de arbiter hierbij duidelijke instructies geeft dat de assistent enkel mag noteren en niet mag tussenkomen in de partij.

[206] Of hij kan iedereen vragen de klokken te stoppen totdat een externe storing verwijderd is.

[207] Het is een boutade dat de beste arbiters deze zijn die niet gezien of gehoord worden door de spelers, tenzij absoluut noodzakelijk. In mijn opinie moet de arbiter enkel spontaan ingrijpen in twee situaties: om een partij die beëindigd is ook effectief te stoppen (na mat of pat bijvoorbeeld) of om het recht van de zwakkere te beschermen, die de regels nog niet goed kent en zich laat overbluffen door een meer ervaren tegenstander.

[208] Een buitenstaander mag niet ingrijpen in een partij, maar wel de arbiter verzoeken om in te grijpen. Vooral in jeugdtoernooien hebben ouders nogal de nijging te zondigen tegen dit artikel. De arbiter kan deze ouders vragen het spelersgebied te verlaten bij een dergelijke inbreuk.

[209] Dit is de regel die het meeste (en vaak oogluikend) overtreden wordt. Praten tijdens de partij is verboden. Een goede manier om praten tijdens een partij te straffen zou bijvoorbeeld zijn om de spelers in kwestie voor de rest van de partij te verplichten aan hun bord te blijven zitten op straffe van verlies van de partij.

[210] Toeschouwers die praten kunnen of moeten de toegang tot de zaal worden ontzegd. De enige manier om de zaal in een open toernooi stil te houden is hier streng en zonder uitzondering tegen op te treden.

[211] Deze overtreding wordt met het onmiddellijke verlies van de partij bestraft, of voor toeschouwers met het ontzeggen van de toegang tot de ruimtes in kwestie.

[212] Zie de diverse nota’s bij de verschillende artikels voor de gepaste straffen bij diverse overtredingen

[213] Zowel e) als f) komen uit de rijke imaginatie van de spelregelcommissie. Ik zie nog niet in hoe de arbiter dit zonder problemen in de praktijk zal brengen.

[214] In principe wint de tegenstander, maar bijvoorbeeld indien deze onvoldoende materiaal heeft om te winnen kan de arbiter beslissen deze speler een half punt te geven.

[215] Nieuw in 2017. Je kan ook iemand voor een ronde uitsluiten, en niet onmiddellijk forfait general geven.

[216] Ook van toepassing op snelschaak

[217] Bijvoorbeeld 30 minuten voor de partij plus 30 seconden per zet

[218] Niet te verwarren met de fase van versneld beëindigen in een officiële partij waarin men wel moet blijven noteren.

In toernooien met langere rapidpartijen (45 of 60 min) wordt vaak wel genoteerd. Als er niet wordt genoteerd, mag er weliswaar worden geclaimd wegens driemaal stellingherhaling of 50-zetten-regel, maar de bewijsvoering is heel moeilijk. De arbiter moet dit namelijk zelf waarnemen. Een arbiter met veel tijd kan bijvoorbeeld bij het bord blijven en tot 50 zetten tellen.

[219] Om met zekerheid te kunnen claimen voor de 50 zetten regel bijvoorbeeld is het dus aangewezen om alsnog te noteren.

[220] Een elektronisch schaakbord bijvoorbeeld

[221] Bijvoorbeeld als er te veel tijd op de klok voorzien is

[222] De omgekeerde korte of lange rokade zijn dus NIET toegestaan. Een koning die verkeerd staat zal niet rokeren.

[223] Artikel aangepast op 1 januari 2018 om meer conform te zijn met artikel 7.5 van de regels

[224] Zolang de klok niet is ingedrukt mag een onreglementaire zet nog hersteld worden. Meer nog, als met het aangeraakte stuk geen reglementaire zet mogelijk is mag een zet met een ander stuk uitgevoerd worden. Deze beide punten zijn niet steeds goed gekend bij spelers die nogal snel winst durven te claimen. De arbiter hoort hier niet op in te gaan.

[225] De speler is echter niet verplicht de onreglementaire zet te claimen. Als hij doorspeelt kan de onregelmatigheid niet meer worden teruggenomen. In de volgende partij rapidschaak 1 e4 e5 2 Pc3 d6 3 Lb5+ Pc6 4 Pd5 Pe7 5 Df3 Pc6-d4 kan wit na de onreglementaire zet Pd4 geen winst claimen zoals in snelschaak, en enkel laten terugnemen. Een andere optie toegestaan door de regels is echter geen onreglementaire zet claimen en gewoon doorspelen met Pd6 mat.

[226] Zeer belangrijk. Artikel 7.5. is van toepassing, dis de winst wordt niet steeds onmiddellijk uitgesproken, in tegenstelling met het verleden.

[227] Zonder tussenkomst betekent “achter de rug”. De arbiter moet immers de reglementen doen toepassen en mag dus niet toestaan dat een illegale zet achteraf wordt hersteld. Als je dit wil doen als speller ga je dit dus zeker niet vragen aan de arbiter.

[228] In het engels “may”, het is dus niet (meer) verplicht om de klok stil te zetten

[229] Veel spelers zijn er zich niet van bewust dat het claimen van winst door tijdsoverschrijding best gepaard gaan met het stilzetten van de klok. Immers, indien beide vlaggen gevallen zijn en het is niet mogelijk te achterhalen welke vlag eerst viel (door gebrek aan aanduiding of omdat de arbiter er niet bij stond) is het alsnog remise.

[230] Hier wordt aangegeven dat een aantal onregelmatigheden die niet hersteld kunnen worden leiden tot remise. Arbiters van schoolschaaktoernooien kunnen hier wellicht nog een hele reeks aan toevoegen. Bijvoorbeeld een bord waarop een koning ontbreekt maar geen van beide spelers weet wat er gebeurd is.

[231] Dit is niet echt nieuw, omdat de regels van het schaakspel dit voorzien en de bijlage dit niet tegensprak. Echter nu is duidelijk voor iedereen en moeten er dus niet meer geklaagd worden als de arbiter dit doet. Vanaf 1 januari 2018 is de arbiter zelfs verplicht om deze melding te doen (“mag” werd gewijzigd in “moet”)

[232] Echter en vermits A4 van toepassing is, is de arbiter misschien niet ter plekke. Het kan dus gebeuren dat beide vlaggen vallen zonder dat iemand dit ziet, zeker in snelschaak. De regels geven helaas geen uitsluitsel wat er dan moet gebeuren. Bij gebrek aan reglement stel ik voor om Guideline III.3.1 in verband met versneld beëindigen toe te passen. Hopelijk wordt dit in een volgende versie opgelost.

[233] Vele spelers die reeds lang actief zijn denken dat er nog steeds een apart snelschaakreglement bestaat. Dit heeft inderdaad bestaan maar nu zijn enkel nog de regels onder bijlagen A en B de uitzonderingen op de algemene regels. In de versie 2014 kunnen we stellen dat FIDE alle uitzonderingen voor snelschaak volledig heeft weggewerkt. Dus nog eens duidelijk: in snelschaak tellen dezelfde regels als in gewoon schaak!

[234] Minder, want 10 minuten valt nog onder B rapidschaak.

[235] Dus in de praktijk, voor ons ten minste, is B3 quasi nooit van toepassing

[236] Het is dus niet toegestaan om de poëtische Engelse notatie te gebruiken, hoewel dit zeer moeilijk kan liggen bij sommige Anglicaanse schakers. Het is aan de arbiter om te oordelen of hij wil ingrijpen of niet.

[237] Voor het gemak heb ik dit reeds aangepast in de vertaling van artikel C2

[238] Driemaal is scheepsrecht. Het staat al tweemaal in de regels en nu nog eens in de appendix. Als je het nu nog niet weet…

[239] Over het algemeen een metalen ronde tip bovenop het stuk.

[240] Men kan niet verwachten van ziende spelers die niet vertrouwd zijn met dit reglement dat ze deze conventie kennen. Ofwel, in de meeste gevallen, heeft de slechtziende speler geen probleem met het aankondigen van gewoon « a « , « b » etc… ofwel stelt de arbiter een lijst met de genoemde conventie ter beschikking van de ziende speler aan het bord.

[241] Er kan bijvoorbeeld afgesproken worden dat dit aangekondigd wordt in het Nederlands of een taal die beide spelers begrijpen. De arbiter moet in principe wel akkoord gaan met deze afspraak, maar dit moet beschouwd worden als een formaliteit.

[242] Indien beide spelers dezelfde taal spreken kunnen ze dit uiteraard ook in deze taal aankondigen. De conventie dient enkel voor spelers die elkaar anders niet zouden verstaan.

[243] springer = paard en bauer = pion, de andere zijn vrij eenvoudig voor Nederlandstaligen

[244] Opening = het gat in het schaakbord.

Deze regel is nodig omdat de blinde of slechtziende speler de plaats van de verschillende stukken op het bord moet kunnen voelen en dus regelmatig aanraken. Dit is niet in tegenspraak met artikel 4.3 omdat de speler de stukken niet aanraakt met de bedoeling om ermee te spelen en dus niet ook verplicht is om er een zet mee te spelen onder dit artikel.

[245] Hier wordt vaak verkeerdelijk aangenomen dat de visueel gehandicapte de ziende speler van een assistent moet voorzien. De regels geven elke speler het recht zich te laten assisteren, maar de assistent moet wel door de speler zelf voorzien worden. Het is wel zo dat de spelerslijsten van de nationale interclubs aangeven wie visueel gehandicapt is zodat andere ploeg zich soms op eventuele assistentie kan voorzien.

[246] Goed punt van FIDE om hieraan te denken. Het ware nog beter geweest indien FIDE zou aangegeven hebben wie voor de assistent moet zorgen. Bij gebreke hiervan komt dit dus op de schouders van de arbiter terecht die een assistent zal moeten zoeken.

[247] Voor de jongere lezers. Dit is een archaïsch systeem om een schaakpartij verder te zetten uit de tijd dat er nog geen sterke schaakcomputers waren die een stelling volledig konden uitanalyseren. Afbreken is vandaag een taboe geworden. De regels bestaan nog voor melancholische redenen, wellicht worden ze geschrapt in een volgende versie in 2019 ??

[248] Bij twijfel kan de speler de arbiter vragen of de zet leesbaar is.

[249] De speler heeft gewonnen omdat een matzet is afgegeven, of de speler heeft remise heeft gemaakt door een patzet af te geven of doordat een stelling beschreven in artikel 9.7 op het schaakbord is verschenen

[250] De afgegeven zet wordt beschouwd als zijnde gespeeld, en dus is de partij « onmiddellijk » beëindigd. Het getuigt wel van weinig sportiviteit zowel van de speler die afgeeft om de matzet niet op het bord uit te voeren en de hervatting van de partij te vermijden, als van de tegenstander om niet op te geven in een stelling die mat in één is. De arbiter kan beiden een waarschuwing geven hiervoor.

[251] FIDE Random Chess, een door FIDE erkende variant op het nobele schaakspel waarbij de stukken bij aanvang in een quasi willekeurige volgorde worden opgesteld op de onderste rij.

[252] Het ontgaat mij wat hier speciaal aan is ten opzichte van een torenzet

[253] Beter bekend als “Quick Play Finish”

[254] Vele toernooien in België zijn vandaag met « versneld beëindigen » of QPF, behalve deze die reeds met incrementele tijd per zet gespeeld worden. Hiervoor is een elektronische klok echter noodzakelijk

[255] Dit artikel was vroeger deel van de regels van het schaakspel, artikel 6.11. Dit is dus niet meer van toepassingen tenzij voor partijen zonder incremental tijd.

[256] « en het onmogelijk is vast te stellen » gaat vrij ver. Een typische digitale klok beschikt over een aanduiding welke vlag het eerste viel. Deze aanduiding mag dus gebruikt worden om te bepalen wie er verloren heeft.

[257] In sommige evidente remisestellingen als de tegenstander remise weigert kan een speler verleid worden om de klok te laten lopen totdat er nog twee minuten over zijn, en vervolgens de arbiter dit artikel te laten toepassen. Dit gedrag mag het oordeel van de arbiter niet beïnvloeden.

[258] Deze procedure geeft een speler die in duidelijk betere of totaal remisestelling door de vlag gejaagd dreigt te worden de kans om toch remise uit de brand te slepen.

Het is voor de arbiter meestal best om de beslissing uit te stellen (optie b). Het oordeel kan dan gebaseerd worden op het gedrag van de spelers en op de evolutie van de partij. Als de spelers zich beperken tot het op de klok timmeren, dan is de partij remise. Zolang echter de indruk bestaat dat er nog geschaakt wordt, en dat de stelling onduidelijk blijft, dient de claim te worden afgewezen.

[259] Het stilzetten van de klokken is een faciliteit voor de speler om de arbiter te roepen en de claim te kunnen indienen. Zie ook artikel 9.5. Vroeger was het stilzetten verboden wat het indienen van een claim in afwezigheid van de arbiter en met minder dan 2 minuten op de klok bijna onmogelijk maakt. Het stilzetten van de klok is dus geen verplichting, zeker als de arbiter toch aanwezig is of reeds erbij geroepen is.

[260] Typisch gedrag is het spelen op tijd (bijvoorbeeld niet meer noteren als er toch genoeg tijd voor is), het herhalen van zetten zonder een duidelijk doel, het doorspelen van een stelling die theoretisch niet te winnen is.

[261] Hieronder wordt verstaan stellingen zoals bijvoorbeeld (niet limitatief)

K+T tegen K+T,

K+D tegen K+D

elke stelling met K+gelijk materiaal zonder pion

K+L+randpion (met loper van verkeerde kleur) tegen K

een ineengeschoven pionnenstelling met lopers van verschillende kleur

K+T tegen K+L als de koning in de veilige hoek staat

[262] Het is aangewezen om in elke stelling die niet absoluut evident is, af te wachten en de beslissing uit te stellen teneinde vast te stellen of de partij inderdaad niet meer te winnen is of dat er geen poging meer gedaan wordt. Voor de speler is het dus aangeraden niet te wachten tot de laatste seconden alvorens een arbiter bij de stelling te roepen.

[263] Er staat dat er 2 minuten « kan » gegeven worden. In principe doet de arbiter dit enkel als hij van oordeel is dat de claim voorbarig was EN storend voor de tegenstander (bijvoorbeeld als de klok van de tegenstander liep).

[264] Als de arbiter zijn beslissing uitstelt is dus geen nieuwe claim nodig. De arbiter kan de partij op elk moment remise verklaren na een claim. Indien de speler de remise niet meer wenst moet zeer duidelijk naar de arbiter toe de claim worden ingetrokken.

[265] De koning die rondjes loopt op het bord zonder enig resultaat zou bijvoorbeeld kunnen gezien worden als een gebrek aan poging om te winnen. Toen 10.2.d nog niet bestond annuleerde een beroepscommissie ooit een beslissing van een arbiter die in dergelijk flagrant geval de partij remise had verklaard

[266] In principe is dit artikel van toepassing in de nationale interclubs voor de afdelingen 2 tot 5 waar geen arbiter aanwezig is. In de praktijk komt dit echter niet zo vaak voor en meestal zal de fair-play het halen van de ingewikkelde procedureslag.

[267] Het nummer in de tabel geeft aan in welk artikel het woord voor het eerst wordt gebruikt.

[268] Er bestaat geen officieel reglement voor doorgeefschaak. Dit reglement is vaak gebruikt in Vlaanderen en op Belgische jeugdkampioenschappen en heeft als charme dat het de meest agressieve versie van de verschillende reglementen in omloop. De versie die hier is weergegeven is een samenvoeging van verschillende versies in omloop die sterk gelijkend zijn.

Ten opzichte van de versie op de KNSB-site zie ik twee belangrijke verschillen: geen schaak mogen geven met een nieuw ingebracht stuk neemt veel van het plezier weg van het spel en de gepromoveerde pion als pion op het bord laten staan vind ik als arbiter gewoon onaanvaardbaar ofte belachelijk.

[269] Samenvattende vertaling van de FIDE-regels door de auteur van deze gids. Deze code is toegevoegd omdat ze een goede basis geeft aan arbiters die tijdens een toernooi moeten ingrijpen ten opzichte van onethisch gedrag.

[270] Typische voorbeelden uit de praktijk: een andere schaker aanvallen tijdens een toernooi, spuwen op een schaakspeler, …

[271] Voor degenen die graag verwijzen naar Nederland. Dit is wat KNSB meegeeft aan haar leden: “Wij verwijzen u graag naar het FIDE Handboek voor allerhande zaken die vallen onder

internationale regels van de wereldschaakbond. Daarbij moet u bijvoorbeeld denken

aan regels omtrent de FIDE-rating, titelresultaten, de globale planning van de

internationale kalender, regels omtrent internationale evenementen”

[272] Bij eventuele twijfel geldt dus dat deze toernooiregels ondergeschikt aan de « regels voor het schaakspel » die de hoogste prioriteit moeten hebben voor de arbiter.

[273] Dus alle toernooien die gehomologeerd zijn door FIDE moeten deze regels volgen, zoniet worden de ratings en de normen niet erkend.

[274] Deze regels maken dus integraal deel uit van de nodige kennis waarover een arbiter moet beschikken. Enkel de kennis van de regels voor het schaakspel is niet voldoende.

[275] Verondersteld van toepassing voor alle onderdelen waar de toernooiregels van een specifiek toernooi niet in voorzien. Deze regels zijn dus ondergeschikt aan de lokale toernooiregels met uitzondering van FIDE toernooien die volgens deze regels moeten gehouden worden.

[276] Chief Organiser

[277] Het is aangewezen dat de hoofdwedstrijdleider regelmatig overlegt met de organisator zeker bij het nemen van belangrijke beslissingen die het imago van het toernooi kunnen beïnvloeden. Dit betekent uiteraard niet dat de arbiter de regels moet opzij leggen, maar wel dat bijvoorbeeld eventuele disciplinaire maatregelen voorzien in de regels overlegd kunnen worden met de organisator.

[278] Chief Arbiter

[279] Meer bepaald voor de lichtinval en de ruimte achter het bord

[280] Het is dus niet langer verplicht om een rokerszone te voorzien

[281] Dus in de nationale kampioenschappen (ook jeugd) en in de nationale interclubs alsook in de meeste grote toernooien georganiseerd in België.

[282] Indien de eerste tijdscontrole 40 zetten in 2 uur is moeten beide klokken ingesteld worden op 4 uur.

[283] Dit dient om de computer die de partijen registreert niet te verwarren. Dus eerst een onregelmatige zet en dan pas de stukken naar de beginstelling brengen.

[284] Indien twee ploegen een gelijkspel afspreken in de nationale interclubs kan dit dus bestraft worden volgens dit artikel. Het is aan de aangestelde arbiter ter plaatste of de KBSB nationale toernooileider om de gepaste straf te bepalen.

[285] Dit is vooral belangrijk in gesloten toernooien waarbij iedereen tegen iedereen speelt. De rangnummers laten elke speler toe te weten wanneer hij tegen welke tegenstander speelt.

[286] Specifiek van toepassing voor gesloten toernooien, hoewel ook voor toernooien met Zwitsers systeem en vaste deelnemerslijst de rangnummers tijdig bekend kunnen gemaakt worden. De FIDE beschouwt 12 uur als de minimum tijd die moet gelaten worden om de partij van de eerste ronde voor te bereiden.

[287] In de praktijk in de meeste toernooien, zullen alle aangekondigde spelers in de loting van rangnummers worden opgenomen, of ze al dan niet reeds aanwezig zijn.

[288] De tegenstander van de afwezige speler wint dus in de eerste ronde met forfait.

[289] Bijvoorbeeld kunnen de tegenstanders van twee afwezige spelers tegen elkaar spelen, maar enkel indien deze beide spelers hiermee instemmen. Dit zal dis niet autoritair door de hoofdwedstrijdleider worden beslist.

[290] Dit is in principe ook va toepassing voor toernooien met Zwitsers systeem. De aangekondigde paringen worden niet meer gewijzigd, maar er kunnen paringen worden toegevoegd voor de bijkomende spelers die nog niet in de paringen waren opgenomen.

[291] Gesloten toernooi, iedereen tegen iedereen

[292] Zie verderop in deze gids

[293] De tweede ronde tegen dezelfde tegenstander is dan met de andere kleur. Dus de Berger tabellen worden opnieuw doorlopen, maar alle paringen worden omgedraaid.

[294] Dus ook de optie, die voorzien is in Pairtwo, waarbij je kan vermijden dat spelers van éénzelfde club tegen elkaar moeten uitkomen in een Zwitsers toernooi is dus niet verboden volgens de FIDE. Het moet wel vooraf worden aangekondigd.

[295] En volgens ik begrijp, zeker voor de aanvang van het toernooi.

[296] Een typisch voorbeeld zijn de nationale interclubs waarbij teams van éénzelfde club elkaar zo snel mogelijk moeten ontmoeten. Hiervoor zijn de Varma tabellen echter NIET van toepassing.

[297] Typisch van toepassing voor de beperking die gegeven was als voorbeeld onder (e)

[298] In België zal dit vaak het systeem C04.1 zijn, gebruikt door ondermeer PairTwo.

[299] A, B, C of D

[300] In principe gaat het hier over force majeure (heirkracht): de speler zal moeten aantonen dat hij om redenen buiten zijn wil niet in staat was tijdig aanwezig te zijn. Verslapen of een vergissing in tijdschema is zelden gezien als gerechtvaardigde afwezigheid.

[301] Dit lijkt me een contradictie: als de arbiter anders beslist is de afwezigheid gerechtvaardigd en is dit artikel niet van toepassing.

[302] Rekening houdende met de tijdsduur die nog beschikbaar is voor de partij

[303] Belangrijk detail. IM of GM die gratis mogen deelnemen kunnen dus geen gebruik maken van deze regel!

[304] Dit komt nog wel eens voor bij de KBSB toernooien. Tenzij de KBSB hier in de toekomst de regels toepast en meer bepaald dit artikel zal deze situatie van spelers die zich zonder reden terugtrekken nog vaak herhalen.

[305] Opmerkelijke regel die vroeger niet bestond. Het is dus niet toegestaan tijdens de nationale interclubs om achter de tegenpartij te gaan staan om naar de borden te kijken bijvoorbeeld.

[306] Dus niet de CA !

[307] Voor KBSB-toernooien is het bijgevolg aanbevolen dat de commissie 1 lid van elke federatie bevat. Voor andere toernooien is dit meestal beperkt tot geen 2 personen van éénzelfde club.

[308] Dit reglement wordt soms ten onrechte aangehaald om artikel 10.2.d te omzeilen. Echter de regels voor het schaakspel hebben voorrang: tegen een beslissing van een arbiter overeenkomstig dit artikel kan niet in beroep worden gegaan.

[309] Er is dus geen beroep mogelijk tegen een beslissing van de beroepscommissie van het toernooi bij bijvoorbeeld de sportcommissie van de KBSB. Er is echter wel beroep mogelijk tegen mogelijke procedurefouten.

[310] In principe zal de kapitein zijn advies enkel baseren op het klassement en het te bereiken ploegresultaat en niet op een beoordeling van de actuele positie op het bord. Hij zal dus niet eerst naar het bord gaan kijken en de stelling analyseren alvorens zijn antwoord te geven. Dit zou namelijk strijdig zijn met het artikel dat niet toelaat om informatie te verstrekken over de stelling.

[311] Goede leidraad voor info af te leveren voor om het even welk toernooi

[312] Volgens punt 21 van de uitnodiging beschreven in artikel 13.3

[313] Ik denk niet dat enig toernooi zich bewust is van dit artikel en dat tenzij een compensatie expliciet wordt uitgesloten in de aankondiging dit FIDE-reglement van toepassing hoort te zijn.

[314] Het ware misschien een goed idee hetzelfde te doen in de KBSB: de CA van het nationaal kampioenschap wordt benoemd door de voorzitter van KBSB (in overleg met de organisator)

[315] Vrij vertaald uit “The Chess competitor’s handbook” van B. Kazic, met toevoegingen van de KNSB.

[316] In een toernooi met kinderen kan een onverwachte dringende toilet-break beter niet verboden worden als men de kuisploeg niet aan het werk wil zetten

[317] Een gelijkspel in de nationale interclubs dat afgesproken is kan meestal moeilijk bewezen worden. Getuige het geval Mons-Fontaine van 2008.

[318] Informatie van de FEFB en de KNSB bijeengevoegd

[319] Zoals bijvoorbeeld het systeem vermeld op de volgende pagina’s en opgenomen door FIDE als systeem C.04.3

[320] Systems of Pairings and Programs Commission

[321] Omzetting van Duitse “Ingo” of Britse “BCF” kan via volgende formule: ELO = 2840 – 8 x INGO = 600 + 8 x BCF

[322] Aangewezen is om de niet geklasseerde spelers random te rangschikken, maar dit moet wel zo opgenomen worden in het toernooireglement.

[323] Het is dus uiterst belangrijk dat een controle van alle ratings geschiedt voor de derde ronde, zoniet kan niets meer aangepast worden in het paringsprogramma.

[324] Geen flauw idee waarom FIDE hiermee nu nog op de proppen komt. Afgebroken partijen bestaan niet meer.

[325] En dus ook niet voor het klassement

[326] In het Engels is dit veel ingewikkelder uitgelegd, maar het komt hierop neer

[327] PSD: Pairing Score Difference

[328] Dit artikel toont dat FIDE zich eens te meer vergrijpt aan programmeertaal in deze nieuwe regels in plaats van zich te beperken tot de wijze waarop een paring dient te gebeuren. De vertaling is mijn beste poging, voor wie dit niet verstaat, ben ik niet overtuigd dat het zal helpen om de originele Engelse versie te lezen…

[329] Dit is een vrije vertaling van de onwaarschijnlijk ingewikkelde Engelse tekst. Het komt erop neer dat als je in de laatste groep geen oplossing vindt, je de voorlaatste groep meeneemt en opnieuw tracht te paren alsof het één enkele groep is. Meestal lukt het dan wel. En indien niet, neem je nog een groep erbij tot het lukt. Dit proces is véél beter dan het vorige proces waarbij je twee neervlotters per twee neervlotters moest toevoegen tot het lukte.

[330] Vrij logisch vermits de neervlotters niet tegen elkaar kunnen spelen, zoniet waren ze niet naar beneden gevlot.

[331] Dit betekent kies zo weinig mogelijk neervlotters zodat de rest kan gepaard worden

[332] Dit betekent kies als neervlotters de spelers met het laagste puntentotaal

[333] Dus eerst het aantal neervlotters minimaliseren in de laatste ronde (C7), en dan pas naar de kleuren kijken (C8 en C9).

[334] Dit is ook het geval bij het aan schakers bekende systeem Sonneborn-Berger

[335] Nu geeft Keizer een uitgebreide uitleg van de kleurtoekenning. Het eenvoudigste is om hier hetzelfde toe te passen als voorzien in het Zwitsers systeem. Dit is ook als dusdanig uitgevoerd in Pairtwo.

[336] Dit is dan weer in tegenspraak met het Zwitsers systeem waar de hoogst gerangschikte kleuralternatie krijgt.

[337] Keizer doelt wellicht ofwel op ELO-punten (standaard voorzien in Pairtwo) ofwel op vorige resultaten in vorige toernooien.

[338] In sommige clubs geeft men 1/3 voor de eerste afwezigheid, vervolgens 1/4, 1/5, 1/6 enzovoort. Soms ook geeft men maximaal 3 keer 1/3 voor afwezigheden, of maximaal 4 keer 1/4…).

[339] Met de komst van computerprogramma’s zoals Pairtwo is dit vraagstuk rond administratie niet echt meer van toepassing. Ik laat de tekst echter in de bundel voor de volledigheid

[340] Dus als me verwacht maximaal 30 deelnemers te hebben is een goed waardecijfer voor rangnummer 1 gelijk aan 30 x 1 ½ = 45.

[341] Er volgt nu nog een lange uitleg over hoe om te gaan met speelavonden waarop ook interclubs plaatsvinden. Dit is typisch in Nederland, maar niet in België. Deze paragraaf heb ik laten staan om de tekst van Keizer getrouw weer te geven, maar is dus niet van toepassing voor ons.

[342] Dit laatste is niet meer van toepassing, de notie afgebroken partijen bestaat nu haast niet meer

[343] Tot zover de oorspronkelijke tekst van Keizer

[344] Kempens systeem (voorgesteld op de website van Geel)

[345] Tijdens een Belgisch Jeugdkampioenschap besloot ooit een arbiter om de scheidingssystemen aan te passen tijdens het toernooi. Uiteraard gingen verschillende gedupeerden hiertegen in beroep bij de sportcommissie van KBSB en werd de prijsuitreiking tijdens het toernooi hierdoor overschaduwd.

[346] zoals bijvoorbeeld het geval is voor het Vlaams Jeugdkampioenschap.

[347] FIDE geeft hier nog een voorbeeld zonder veel nut : niet vertaald.

[348] Tenzij de toernooiregels dit anders voorzien. De meeste toernooien vermelden expliciet dat ALLE gelijk geëindigde spelers de prijzen delen, dus ook bij vier gelijk geëindigde spelers, zoals in het voorbeeld, die de eerste tot vierde prijs gelijk verdelen.

[349] Dus na de eerste, de derde, de vijfde etc.. partij

[350] dit is meestal het beste scheidingssysteem omdat dit onafhankelijk is van de andere spelers en gespeelde partijen in het toernooi en dus eigenlijk een (impliciete) scheidingsmatch is, hoewel er een kleurvoordeel kon zijn voor één der spelers.

[351] de bedoeling is de score te benadrukken tegen de sterkste tegenstanders om zo een eventueel ongelukkig verlies of remise tegen een zwakke speler te compenseren.

[352] gespeeld wil zeggen exclusief forfait partijen (hierbij wordt eveneens de kleur geneutraliseerd voor volgende paringen)

[353] vermits niet gespeelde partijen beschouwd worden als remise tegen zichzelf wordt hier dus de helft van de eigen score gebruikt.

[354] deze systemen werden in het verleden zeer vaak gebruikt, maar zijn meer en meer in diskrediet gebracht sinds de computers hebben aangetoond dat de eerste plaats soms wordt toegekend op basis van een resultaat op bord 25 tussen twee « willekeurige » spelers in de laatste ronde.

[355] nationale of FIDE al naargelang wat gebruikt wordt in het toernooi.

[356] in deze volgorde tenzij een andere volgorde bepaald is door de toernooireglementen. Deze volgordes worden reeds jaren door ondergetekende aanbevolen zowel bij VSF als KBSB. De FIDE-spelcommissie (waarin ook België zetelt) heeft ons hierin dus gevolgd.

[357] Enkel de voor de lezer relevante delen van de regels zijn hier vermeld.

[358] Zie de FIDE-website voor meer details over deze kampioenschappen, Fide handboek, sectie B.01.1

[359] geen FIDE ELO

[360] voor het bepalen van het percentage

[361] Het honderdjarig bestaan komt eraan: December 2020

[362] de « Nationale Interclubs »

[363] bijvoorbeeld gedurende geruime tijd een bestuursfunctie in de KBSB hebben uitgeoefend of een bijzondere bijdrage geleverd hebben aan het voortbestaan van KBSB

[364] Dus tussen September en December, in principe midden November zodat het budget tijdig goedgekeurd kan worden, maar ook de jaarrekeningen afgesloten kunnen worden tegen het versturen van de uitnodiging.

[365] Maar moeten wel een kandidatuur indienen volgens artikel 27

[366] Het is volstrekt onduidelijk wat er gebeurt indien de AV de wijziging niet bekrachtigd, maar deze toch reeds werd toegepast in een kompetitie. De BO dient derhalve deze regel met de nodige voorzorg te hanteren.

[367] Dus in principe in Oktober de jaarrekening van het jaar dat voorbij is en de begroting van het jaar dat net begonnen is. Onder “volgende” dient men te verstaan “het jaar volgend op het vorige jaar” dus het huidige jaar

[368] het is evident dat in geval van tegenspraak tussen statuten en huishoudelijk reglement de statuten voorrang hebben.

[369] dit wordt vaak vergeten. Het bestuursorgaan heeft wel degelijk macht om in te grijpen als er iets fout loopt in de vereniging.

[370] Op dit moment bedraagt deze 250 €

[371] de waarborg wordt in principe terugbetaald als de klacht bij de commissie voldoende grond heeft (er waren redenen om te klagen) zelfs indien de vragende partij niet in gelijk wordt gesteld.

[372] het is merkwaardig dat KBSB geen enkele beperking oplegt op het procederen richting beroepscommissie. Dit maakt een beslissing van commissie van geschillen van zeer weinig waarde, terwijl deze van de beroepscommissie dan ineens « finaal » is. Op z’n minst zou een waarborg hier enkel terugbetaald moeten worden als de vragende partij in gelijk wordt gesteld (en niet « ontvankelijk »)

[373] Op dit moment bedraagt deze 500 €

[374] Jeugd = jonger dan 20 jaar bij de aanvang van het kalenderjaar (1 januari 00:00)

[375] Op datum van 26/07/2020 is het door het BO bepaalde formaat voor de foto in  breedte: 480 px – hoogte: 600 px.

[376] Conform artikel 11.3.2 van de FIDE-regels voor het Schaakspel mag een speler tijdens zijn partij geen mobiele telefoon of ander elektronisch communicatiemiddel hebben in het spelersgebied. Als vastgesteld wordt dat hij tijdens zijn partij toch zo’n toestel het spelersgebied heeft binnengebracht, dan verliest hij de partij en zijn tegenstander wint.

Niet voor alle Belgische toernooien en kampioenschappen is dit artikel toepasbaar. Daarom dat het volgende reglement van toepassing is voor alle Belgische kampioenschappen.

[377] Tegenwoordig worden de aansluitingen via de module PlayersManager behandeld die te vinden is op de website van de KBSB. Hierin is het mogelijk dat elke mandataris zelf op elk moment een benodigde lijst kan maken.

[378] Een transfer wordt gedaan in Players Manager. De nieuwe club dient het lid in te schrijven als nieuw lid (via methode opzoeken). Op het ledenoverzicht van de oude club zal bij dat lid de transferclub vermeld staan en als op de pagina van “Door te voeren transfers” http://www.frbe-kbsb.be/sites/manager/GestionJOUEURS/ListeTransferts.php?EN_COURS=yes

Op moment van de transferaanvraag zal ter kennisgeving een mail verstuurd worden naar de contactpersoon van de oude club, naar de contactpersoon van de club die de transfer heeft gedaan  (voor bevestiging), naar het e-mail adres van KBSB-FRBE-KSB: kbsb.frbe@gmail.com, naar Halleux.Daniel@gmail.com, naar de voorzitter van de oude club en naar zijn liga

[379] Op datum van 26/07/2020 is de link
https://www.frbe-kbsb.be/sites/manager/GestionJOUEURS/ListeTransferts.php?EN_COURS=yes

[380] Op datum van 26/07/2020 : FIDE-handboek. C. General Rules and Technical Recommendations for Tournaments > 02. Standards of Chess Equipment, venue for FIDE Tournaments, rate of play and tie-break regulations > Art. 13 Tie-break regulations > Point 16 Recommended Tie-Break Systems.

[381] Het gaat dus om :

nationale jeugdkampioenschappen,

nationale kampioenschappen,

andere toernooien die voor ELO-verwerking in aanmerking komen met deelname van meer dan 50 deelnemers,

andere toernooien die voor ELO-verwerking in aanmerking komen met deelname van tenminste 10 deelnemers met een gemiddelde FIDE-ELO van 2200 of meer,

internationale toernooien met meer dan 150 deelnemers,

nationale toernooien met meer dan 150 deelnemers,

de leiding van tenminste 6 ontmoetingen in de nationale interclubs

[382] Op datum van 26/07/2020 is de conversietabel van scoringspercentage naar ratingverschil te vinden in : FIDE-handboek. B. Permanent Commissions > 02. FIDE Rating Regulations (Qualification Commission) > FIDE Rating Regulations effective from 1 July 2017 > Tabel in Art. 8.1.a.

[383] Op datum van 26/07/2020 is de conversietabel van ratingverschil naar verwachte score te vinden in : FIDE-handboek. B. Permanent Commissions > 02. FIDE Rating Regulations (Qualification Commission) > FIDE Rating Regulations effective from 1 July 2017 > Tabel in Art. 8.1.b.

[384] De vorige toepassing voor K=10 was gebaseerd op het parallel trekken tussen de Belgische ELO en de FIDE-ELO toegepast op spelers met meer dan 2200 ELO (historische uitleg van Dr. Douha). Het vergroten van bandbreedte van de FIDE-ELO maakt deze nu verouderd. Meer nog, bijvoorbeeld een speler met minder dan 100 partijen waarvan zijn ELO schommelt ronde de 2200, ziet zijn K veranderen van 32 naar 10 en van 10 naar 32, wat dus tot instabiele ELO kan leiden.

[385] Op datum van 26/07/2020 : FIDE-handboek. B. Permanent Commissions > 02 FIDE Rating Regulations effective from 1 July 2017 > Art 3 Playing Time per Day

[386] Ingevoerd in Oktober 2016, dit betekent dat de resultaten niet meer op het nippertje de laatste dag verstuurd mogen worden !

[387] Goedgekeurd op het BO van 03/01/2022

[388] Op datum van de huidige editie worden de rapporten gegenereerd door PairTwo versie 5.67 of hoger, Papi, Swiss-Chess, Swiss-Manager en Vega toegelaten voor verzending van de resultaten. Voor de nationale interclubs moeten de resultaten online ingegeven worden op de website http://www.frbe-kbsb-ksb.be.

[389] Op datum van 26/07/2020 : FIDE-handboek, B. Permanent Commissions > 03 Regulations for Registration & Licensing of Players (effective from July 1, 2015) > Art 1 Registration.

[390] Te herzien sinds de toevoeging van art 39 aan het HR

[391] dit reglement bevat slechts een beperkt aantal specificaties. De lezer moet ervan uitgaan dat alle elementen die hier niet specifiek geregeld worden automatisch door de FIDE-toernooiregels geregeld zijn.

[392] Gewijzigd AV november 2021 (was 2150 voordien)

[393] Op datum van de huidige versie is dit inschrijvingsrecht gratis voor het experten kampioenschap en voor het dameskampioenschap; het is 30 € voor het open toernooi.

[394] Op datum van de huidige versie krijgt elke deelnemer van het experten kampioenschap voor zijn logement 200 €. Het totaalbedrag zit vervat in de subsidie van de KBSB die ter sprake komt in art. 23

[395] Zowel experten- als dameskampioenschap.

[396] Op datum van de huidige versie bedraagt de KBSB-subsidie 7550 € plus 1240 € wanneer het experten kampioenschap ook een normentoernooi is.

[397] Het klassieke tempo van 5 minuen per persoon is dus niet langer van toepassing. Het einde van een tijdperk…

[398] aangesloten bij een van de drie culturele federaties ; ofwel woonachtig in België mits een bijkomend inschrijvingsrecht van 12,50 € ten bate van de KBSB ; ofwel woonachtig in het buitenland, officieel uitgenodigd door KBSB, VSF, FEFB of VSF.

[399] Op datum van  26/07/2020 : FIDE-handboek, E. Miscellaneous > 01 FIDE Laws of Chess taking effect from 1 January 2018 > .Guidelines > II. Chess960 Rules.

[400] Aangepast op de AV van November 2019. 29e geldt vanaf nu enkel voor de eerste ploeg

[401] Eerste afdeling: 500, 300, 175, 100 €; Tweede afdeling: 300, 175, 100, 60 €; Derde afdeling: 175, 100, 60, 40 €; 4de afdeling: 100, 60, 40, 25 €; 5de afdeling: 60, 40, 25, 15 €, telkens voor plaatsten 1 tot en met 4 in elke reeks

[402] Of na ontvangst van de factuur

[403] Eerste afdeling : 305€ – tweede afdeling 80 € – derde afdeling 55€ – vierde en vijfde afdeling 30€

[404] Tegenwoordig worden het inschrijven van de ploegen, het maken van de spelerslijsten en het ingeven en tekenen van de uitslagenkaarten via de module InterclubsManager gedaan, die op de website van de KBSB te vinden is.

[405] Aangepast in 2020, geldig vanaf seizoen 2021-22. Vroeger was dit maximaal 50 punten

[406] sinds 2008 is het terug toegestaan om de niet-geklasseerde spelers tussen de andere spelers te plaatsen op de lijst, volgens hun vermoedelijke sterkte, evenwel met een maximum van 1600 ELO, omdat het onwaarschijnlijk is dat beginnende schakers sterker zouden zijn dan dit niveau.

[407] Aanpassing van toepassing vanaf 2017, spelers kunnen nu ook begin November toegevoegd worden (en begin Januari, maar dit was al zo)

[408] Het klassement dat geldig was bij de start blijft gelden tot het einde van de competitie voor deze regel. Let op dat het hier gaat om aangepaste ELO zoals aangegeven op de spelerslijst ingediend in september en niet om de werkelijke ELO van een speler.

[409] zeer tegen de verwachting in slaagden drie clubs erin om in het seizoen 2008-2009, dadelijk na de invoering van dit reglement, reeds bij de eerste ronde deze regel te overtreden. Door een verschil tussen Nederlandstalige en Franstalige versie werd de fout kwijtgescholden door het bestuursorgaan, helaas het onheil was geschied en één van de betrokken ploegen had intussen al forfait gegeven voor de competitie.

[410] De gemiddelde duur van een partij bedraagt hiermee ongeveer 5 uur, dus een uur minder dan voorheen, echter een zeer lange partij van 240 zetten zou kunnen uitlopen tot 22:00…

[411] Op datum van de huidige editie bedraagt het bedrag voor een aangekondigde forfait 125, 100, 80, 65, 50, 50, 50, 50 € volgens bord in eerste afdeling; 100, 80, 60, 40, 25, 25, 25, 25 € volgens bord in tweede afdeling; 25 € in derde afdeling en 12,50 € in vierde en vijfde afdeling. De club die speelt tegen een aangekondigde forfait, krijgt geen schadeloosstelling meer. Het bedrag voor een onaangekondigde forfait bedraagt 150, 125, 105, 90, 75, 75, 75, 75 € volgens bord in eerste afdeling; 125, 105, 85, 65, 50, 50, 50, 50 € volgens bord in tweede afdeling; 37,50 € in derde afdeling en 18,75 € in vierde en vijfde afdeling. De thuisclub die speelt tegen een onaangekondigde forfait gegeven door de club op verplaatsing, krijgt geen schadeloosstelling meer. Daarentegen de uitclub die speelt tegen een onaangekondigde forfait gegeven door de thuisclub, krijgt 50% van de boete als schadeloosstelling.

[412] Verduidelijking toegevoegd door het BO in 2018

[413] Praktisch gezien, per e-mail

[414] Artikel aangepast in 2018 door het BO om rekening te houden met de mogelijkheid dat meer dan twee ploegen gelijk eindigen

[415] Op de datum van de huidige editie zijn de datum en het aanvangsuur vastgelegd op zondag en 14u, behalve in geval van artikel 29.d ; sinds jaar en dag is het aanvangsuur 14 :00, maar voor een of andere duistere reden werd dit nooit in het reglement opgenomen.

[416] De ploegkapitein heeft dus slechts zeer beperkte invloed in de nationale interclubs. Het komt wel eens voor dat ploegkapiteins zich een grotere rol toemeten. Dit is dan in overtreding van dit reglement waartegen klacht kan worden neergelegd zoals voorzien in artikel 38bis.

[417] Officiële boodschap van de toernooileider : Het bestuur heeft zich een vraag gesteld over de rol van de ploegkapitein in de nationale interclubs (gezien de matchpunten moet deze rol nu belangrijker zijn). Mag een ploegkapitein spontaan aanraden aan een speler om remise te maken? Zie ook FIDE Tournament Rules, artikel 15

In de tekst van de FIDE mag een ploegkapitein een speler aanraden om remise te maken (of om op te geven, maar wat is het nut hiervan ?). De Belgische tekst verbiedt elke interventie, dus ook de interventie om remise voor te stellen. De ploegkapitein mag enkel (“ja; neen; zoals jij wil; ok, dat is een goed idee; neem aan; stel voor, …”) aanraden aan een speler als de speler hem aanspreekt en hem een specifieke vraag (“mag ik remise maken ?; wil jij dat ik remise maak?; men stelt mij remise voor, wat moet ik antwoorden?; …”) stelt.

[418] Op vraag van de arbiters zelf is dit sinds 2016 een uur op voorhand in plaats van een half uur op voorhand

[419] Dus in uitzondering tot de regels van het schaakspel, en omdat er geen arbiter aanwezig is, kunnen klachten na de partij alsnog behandeld worden. De partij is eigenlijk pas afgelopen als er geen klachten worden genoteerd of nadat de beslissing over de klacht is genomen.

[420] Aangepast op vraag van de beroepscommissie KBSB naar aanleiding van een niet selectie van één van de beste spelers van België ingevolge de vorige versie van dit artikel. Bedoeling is dat spelers die nooit actief zijn in België ook niet in de ploeg horen.

[421] Pro memorie, dit kampioenschap werd reeds jarenlang niet meer georganiseerd

[422] Ingevoerd door de nationale jeugdleider op de AV van 2018

[423] de benchmark wordt in september gepubliceerd en is zodoende voldoende vooraf gekend. Deze benchmark wordt (streng) toegepast zoals  gepubliceerd.

[424] met uitzondering van de toepassing van criteria 1,  wil de jeugdcommissie de redelijkheid hanteren. Ze wil aanmoedigen en niet bestraffen. Bijvoorbeeld (niet limitatief) : een speler krijgt training van een ouder die een veel hogere rating heeft. Het aantonen van een onkostennota wordt hier moeilijk. De jeugdcommissie kan hier bijvoorbeeld vragen om andere gemaakte kosten aan te tonen (deelname toernooien). Voorbeeld : tijdens het Nationaal jeugdkampioenschap wordt onder auspiciën van de KBSB een normentoernooi georganiseerd. De jeugdspeler kan vooraf aan de nationale jeugdleider een vrijstelling vragen op criteria 2.

[425] Was tweede, maar de winnares Mme Roos met 6/6 was geen Belg

[426] Na beslissing van de arbiter : Degrande; na uitspraak toernooi-beroepscommissie : Barbier; na uitspraak sportcommissie KBSB : Degrande; na uitspraak beroepscommissie KBSB : beiden kampioen

[427] Uit de eigen archieven zo goed mogelijk heropgesteld. Alle hulp is welkom om gaten op te vullen en fouten te herstellen. Met dank aan Luc Ossterlinck die vele gaten wist te vullen (zie ook de Wikipedia)

[428] Na lange discussies en felle standpunten komt er uiteindelijk een vergelijk tussen Vlamingen en Franstaligen om een gesloten toernooi te organiseren.

[429] Tot de verbijstering van heel sportief België slagen onze politiekers erin om de paasvakanties totaal niet te laten overlappen. Het jeugdkampioenschap wordt noodgedwongen op twee weekends gespeeld in Brussel

[430] Ik herinner me de discussies levendig over de titel. De arbiter van toen veranderde de scheidingssystemen in ronde 7 omdat zijn computer de juiste niet kon uitrekenen. Achteraf kwam de sportcommisie van KBSB met een nog meer bizar voorstel dat door iedereen verworpen werd. Zodat uiteindelijk het enige juiste is om de gelijk geëindigden allen als winnaar te vermelden

[431] Driemaal werd de gesloten groep apart georganiseerd in de krokusvakantie. Vanaf 2001 viel dit terug samen met de open groepen.

[432] Voor het eerst in de geschiedenis haalt een speler driemaal de titel binnen van Jeugdkampioen

[433] Nathan Gullentops kreeg de titel van jongenskampioen

[434] Vierde titel, een absoluut record

[435] Gestart in 2019, en beëindigd in september 2021 wegens Corona

[436] Basistekst zoals deze in de omloop was in de jaren 80 en 90

[437] Sinds 2016 is het verplicht om de resultaten ten laatste drie dagen voor de sluitingsdatum van het klassement op te sturen

[438] enkel die resultaten die ook verwerkt worden door FIDE zullen verwerkt worden in het nationaal klassement. Bovendien gebeurt dit automatisch, dus de speler behoeft niets meer te doen.

[439] in de praktijk zal Daniel Halleux een rechtstreeks verzonden resultaat niet weigeren, tenzij hij op vingers zou worden getikt door de betreffende liga.

[440] het is dus aangewezen om, alvorens de resultaten voor verwerking te versturen eerst alle spelers zonder stamnummer of die niet aangesloten zijn te verwijderen uit het bestand. Zie ook de tip in de volgende paragraaf.

[441] Spelers die niet of nooit zijn aangesloten mogen in het bestand enkel voorkomen als ze geen partij voor verwerking hebben gespeeld. Hiertoe volstaat het om al hun resultaten te verwijderen of te wijzigen in 0-0 FF alvorens het bestand voor ELO-verwerking aan te maken

[442] maar wel als dusdanig opgelegd door Daniel Halleux toen Pairtwo werd geprogrammeerd voor deze faciliteit

[443] Tot op heden een belangrijk document om te begrijpen hoe en waarom VSF ontstond.

[444] Gestemd op de algemene vergadering van October 2019

[445] Dus elke liga heeft één stem per 50 leden. 280 leden is 6 stemmen, 420 leden is 9 stemmen, etc…

[446] Het maximum aantal bestuurders werd geschrapt tijdens de AV van oktober 2021

[447] Sommige liga’s hebben nog leeftijdscategorieën -18 en -20. Op deze manier zijn de jongens- en meisjeskampioenen altijd geselecteerd. Dit houdt ook in dat als er geen speler van -20 jaar of -18 jaar bij de geselecteerden is, deze plaats niet ingenomen kan worden door respectievelijk een speler van -18 jaar of -20 jaar.

[448] Dit wil zeggen dat elke speler een Belgische FIDE-ID moet hebben. Als hij aangesloten is, kan hij dit aanvragen bij fide@frbe-kbsb-ksb.be of via zijn clubverantwoordelijke. Het bekomen van een Belgisch FIDE-ID is gratis.

[449] Dit wil zeggen dat hij nog aangesloten dient te zijn en dat hij de jeugd niet ontgroeid is.

[450] SWAR, het officiële paringsprogramma van de KBSB, gebruikt de JaVaFo-module van de FIDE wat de geldende versie van het Zwitsers systeem is.

[451] Via dit systeem wordt getracht om zoveel mogelijk forfaits te vermijden en aldus een eerlijker verloop te hebben.

[452] Hier schuilt een valkuil bij het invoeren van de spelers van de leeftijdscategorieën -8 en -10. Het speeltempo is rapid, maar de te nemen FIDE-elo bij het bepalen van de hoogste elo is standaard FIDE !!! Men dient dus eerst als speeltempo een standaard speeltempo te nemen, vervolgens de spelers in te voeren (waardoor ook hun standaard FIDE-elo wordt opgehaald) en pas hierna het speeltempo te wijzigen naar rapid.

[453] Veronderstel dat het kampioenschap in de leeftijdscategorieën van -12 tot -20 begint op 1 februari. Het allerlaatste KBSB-klassement is dan die van 1 januari en het allerlaatste FIDE-klassement is die van 1 februari. Mocht het kampioenschap in de leeftijdscategorieën van -8 tot -10 beginnen op 5 februari, dan is het allerlaatste KBSB-klassement die van 1 januari en het allerlaatste FIDE-klassement is die van 1 februari.

[454] Dit kan ingesteld worden in Swar.

[455] Dit is dus 50 minuten voor de leeftijdscategorieën -12 tot -20 en 30 minuten voor de leeftijdscategorieën -8 tot -10.

[456] De speler met de beste scheidingspunten heeft genoeg aan 1 op 2, terwijl zijn tegenstander minstens 1,5 op 2 moet halen.

[457] Op datum van 18/05/2020 hanteert de FIDE de volgende scheidingssystemen in het geciteerde hoofdstuk: 1. Buchholz Cut 1 (= Bucholz waarbij het laagste aangepast puntentotaal (maximaal één) wegvalt); 2. Buchholz; 3. Sonneborn-Berger; 4. Voortschrijding; 5. Onderling resultaat; 6. Groter aantal overwinningen (forfaits inbegrepen); 7. Groter aantal overwinningen met zwart (forfaits of byes zijn overwinningen met wit).

[458] Wanneer een speler minder dan 2 minuten heeft op de klok, kan hij remise claimen op basis dat zijn tegenstander niet kan winnen op een normale manier en/of dat zijn tegenstander geen pogingen onderneemt om op een normale manier te winnen.

[459] Hij doet dit door aan bepaalde mensen (begeleiders of ouders, deelnemende jeugdspelers) te vragen of dat ze in de beroepscommissie willen zetelen. Hij houdt hier zoveel mogelijk rekening mee dat elke liga een vertegenwoordiger heeft en dat ook de twee geslachten vertegenwoordigd zijn.

[460] Dit houdt in dat een mobiele telefoon uitgeschakeld naast het bord of in een zak of in een jas wat men tijdens de partij nooit opneemt of op zich draagt, mag bijhebben. De straf van het op zich dragen is verlies van de partij en de andere speler wint. De straf voor als een GSM aangeschakeld aangetroffen wordt op een geoorloofde plaats, is de eerste keer 10 minuten straftijd af en de tweede keer verlies van de partij. De arbiter bepaalt de uitslag van de andere speler.

[461] Bij -20: 1ste €100, 2de €60 en 3de €40; bij -16 en -14: 1ste €50, 2de €30 en 3de €20.

[462] Voorbeeld 1: drie spelers bij de -20 eindigen met gelijk aantal punten op de eerste plaats. Alle drie krijgen €67. Voorbeeld 2: drie spelers bij de -14 eindigen met gelijk aantal punten op plaatsen 2-4. Naast de kampioen in die leeftijdscategorie zijn er nog twee andere geldprijzen voorzien. De tweede en de derde krijgen ieder €25, terwijl de vierde een naturaprijs krijgt.

[463] Reeds enkele malen een actuele stand gevraagd aan VSF maar deze blijkt niet te bestaan. Iedereen die denkt op deze lijst te moeten staan maar er niet opstat, graag een mailtje naar bernard_malfliet@hotmail.com.

[464] De docent van het Seminarie dat gevolgd moet worden

[465] FIDE geeft hier de indruk te maken hebben met mensen zonder enig wiskundig inzicht, toch wel merkwaardig in de schaakwereld